gent therapie zelfs al bij de mensen 1 vervolgt
Trillende ledematen, stroeve bewegingen, een voorovergebogen houding: ziedaar het typische patroon van een patiënt met de ziekte van Parkinson. Er is nu iets tegen die klachten te doen met gentherapie. Althans, bij apen, zo melden Frans-Britse wetenschappers deze week in het nieuwe medische vakblad Science Translational Medicine.
Het idee van gentherapie is dat er genezende genen in het lichaam worden ingespoten. In dit geval gaat het om drie genen die nodig zijn voor de productie van dopamine: een boodschapperstof in het brein. Parkinson-patiënten hebben een ernstig tekort aan die stof, waardoor zij hun bewegingen niet goed meer kunnen coördineren.
Zes zieke makaken kregen de bewuste genen in hun brein ingespoten. Al binnen een paar weken namen hun bewegingsstoornissen drastisch af. De onderzoekers zagen op videobeelden dat de dieren steeds normaler bewogen en enthousiaster rondliepen, terwijl hun dopaminegehalte opkrabbelde van 25 naar 50 procent van de gezonde waarde. Het effect van de eerste behandeling hield minstens een jaar aan. Eén aap had er zelfs na drieënhalf jaar nog profijt van.










