
de ochtend
zie me zitten
zwijgend
elke poging mislukt
al is het maar
goede morgen
soms kan ik het niet laten
het monoloog sterft uit
bedoelt als dialoog
heeft het geen schijn van een kans
maar toch af en toe
waag ik het er op
maar tevergeefs
de koffie
sterk genoeg gemaakt
komt er toch
na de derde of vierde kop
verstrooid en wel
een vorm van antwoord
wat verlang ik toch
op dat moment
naar jouw heldere lach
jouw klare taal
die vragen om tijd
weerstand biedend
aan mijn ongeduld.
dala
Dit gedicht heb ik deze morgen op het ontbijtplankje van Let gelegd om hulde te brengen aan haar legendarisch ochtendhumeur. Ik ben benieuwd wat haar reactie zal zijn. Ze leest het toch nooit vóór de vierde kop koffie.