Donderdag 19 april 2007
Blue october: Hate me

Geschreven door Agaath om 14:09
Reageer op dit bericht
Blue october: Hate me
Geen ramen
Ik heb vandaag mijn kennissenkrijg weer uitgebreid, terwijl ik naar de supermarkt ging met de buurvrouw. Ik heb een hekel aan de wekelijkse straf van voedsel inslaan, kiezen, prijzen vergelijken en me afvragen wat ik nu weer moet bekokstoven om gezond door het leven te gaan. Maar tja, een mens moet nu eenmaal eten in dit tranenedal. Dus, elke week probeer ik weer opgewekt mijn boetedoening te volbrengen en daar was hij... mijn collega blinde. Ook met een begeleider, ook met tegenzin zijn karretje vullend. Nu wil het dat zijn begeleider een gezamenlijke kennis is. Ik hoor hem roepen: "Hey, Agaath! Hoe lang is dat wel niet geleden?"
Jeff Healy: Angel eyes
Geduld
Ik ben nu toch al even bezig met mijn blog. het wordt dus echt tijd om eens bij de buren gaan te kijken. Al een paar keer heb ik daartoe een poging ondernomen, maar vermits ik alleen pijltjestoetsen kende, was dat een onbegonnen zaak....
Liefde
Ze is een weduwe. Al een jaar of zeven is haar man overleden. Dat kan ze niet verwerken. ze wil verzorgen, mensen blij maken. Haar dochter is volwassen, de deur uit. Ze is zelfs al oma! Maar de dagen zijn lang, de nachten nog langer.


Vriendin
De kerk
Ik zal het al maar zeggen: ik ben niet gelovig. Ben ook niet gelovig opgevoed. Maar ik kreeg wel godsdienst in school. Gewoon, omdat al mijn vriendinnen ook godsdienst volgden. Dus ik ook... Ik ken de verhalen van de bijbel en ging in mijn jeugd biechten. Maar ik ga niet akkoord met de paus. Kan er niks aan doen, ik moet de mens en zijn beweringen niet. Ik heb nooit gehouden van mensen die mij proberen te verplichten, tot wat dan ook. Alle respect voor mensen die wel geloven, het is een mooi ding om zoveel vertrouwen te hebben. maar ik dus niet.
Verjaardagsfeestje
Ken je die mensen die alleen maar gelukkig zijn, als ze merken dat jij dat niet bent? Wel, ik heb net een hele middag doorgebracht in hun gezelschap ... heerlijk was dat ...
Ella Fitzgerald & Louis Armstrong: Summertime
Muziek
Elke week ga ik op bezoek bij mijn moeder. Ze is slecht te been, dus als Mohamed niet naar de berg kan komen ....
Robbie Williams: My way
Pierre
Het is heerlijk buiten. De zon schijnt, geen wolkje aan de lucht, alles blauw en groen. Ik sleur een tuinstoel uit de grage, zet me in het zonnetje en geniet. Die eerste stralen... onbetaalbaar. De vogels tsjierpen en fladderen al enkele weken langs mijn hoofd, ze hebben het druk. Iedere lente wordt hier grote schoonmaak gehouden bij de gevleugelde vrienden. Eksters zitten in mijn schoorsteen. Gooien alle rotzooi van het vorige jaar uit hun nest, dus in mijn tuin en herbeginnen dan vlijtig te bouwen. De duiven installeren zich op mijn wasdraad, kakken op plaatsen waar ik het niet leuk meer vind en lachen me uit als ik volle kracht mijn hand in hun hoopje kak duw. En dan die kleine, lieve pietevogels. Ik heb geen idee hoe je ze noemt, voor mij zijn het pietevogeltjes. Klein, met een rode borst en ergens nog iets blauw ook. Ze maken echt overal hun nestje. In mijn bruidssluier, mijn klimplanten tegen de gevel en een paar jaar geleden zelfs in mijn brievenbus. Toen had ik nog een brievenbus naast mijn voordeur. Je weet wel, een gleufje: een ingebouwde windzuiger. Maar elk jaar kwamen die piepevogels erin zitten, verbouwen en daarna gillen. Het moet een heel vruchtbare moeder geweest zijn, de kuikens bleven maar komen. En als er een kleintje niet sterk genoeg was, nou dan bleef dat gewoon in het nest tot het begon te stinken. Nu ben ik een heel proper meisje, dus de brievenbus werd toegemetseld en de pioepevogels moesten maar een ander onderkomen zoeken. En nu ... zitten ze dus verspreid. Mij niet gelaten hoor. Eigenlijk zijn ze best grappig...
Steppenwolf: Born to be Wild
Tragger Hippy
Weer vrij
Weer vrijdag. Afgelopen week ben ik naar Glin geweest, naar het opleidingscentrum voor geleidehonden. Er stond een bezoek bij de oogarts op het programma en een gesprek met de psychologe. Ja, een hond krijg je niet zomaar. Je moet kunnen bewijzen dat je blind of heel slechtziend bent en geestelijk in orde. Dat blind zijn was geen probleem, dat hadden ze snel door. Maar de psychotesten waren heel intens. Ze vroeg de stront uit mijn gat, zoals ze zeggen. Het duurde ook een tijdje, het werd al middag toen ik buitenkwam. De uitslag van de testen zou ik na het eten krijgen. En dat eten? In de eetzaal van het Home voor oude blinden. Want ja hoor, onze Belgische Staat heeft ook daaraan gedacht. Als je versleten, oud en blind bent mag je gaan vegeteren in Glin. God behoede me. Alhoewel ik er zeker van ben dat dat voor sommige mensen de ideale oplossing is. En het eten is er heerlijk, dat moet ik toegeven. Het interieur van de eetzaal is heel sober, geen kleuren, geen tierlatijntjes. Het eten dat je op je bord krijgt is heerlijk, maar er wordt geen aandacht besteed aan bordvulling. Als het er maar op ligt ... Waarom zouden ze ook? In ons geval wil het oog toch niks...
Panne
Ik heb een afspraak in Mons. In Glin om precies te zijn. Met de trein moet ik eerst naar Berchem, dan naar Brussel en dan weer overstappen naar Mons. Een hele onderneming. Dus beslissen mijn vriendin en ik om met de auto te gaan. We willen namelijk op tijd weer thuis zijn, voor het spitsuur als het kan. Die ochtend, om acht uur, stappen we in de auto, de Waalse gronden tegemoet. Het is lekker weer. Een beetje fris maaar zonnig en we zijn er helemaal klaar voor. Naar een uurtje rijden stoppen we we bij een wegrestaurant. We gaan aan de koffie. Dat hoort bij een uitstapje, vinden we. Het is er al druk, abnormaal druk zelfs. Mijn vriendin weet me te vertellen dat er een bus schoolkinderen is gestopt, die nu allemaal moeten gelaafd worden. We beslissen om maar verder te rijden, maar eerst even plassen. We lopen tussen de tafeltjes door, ik knots overal met mijn witte stok tegen. Kan me niks schelen, moeten ze maar uitkijken. Hoe dichter we bij de toiletten komen, hoe drukker het wordt. Hebben ze heir dan een bus vrolijke pissers binnengeduwd?
honden in Plopsaland?
Klein ventje
Ja, zo noem ik hem: mijn klein ventje. Zijn naam is Fluk, hij is acht jaar. Hij lijkt een beetje op Arnold Schwarzenegger, maar dan met meer haar. Hij maakt even veel lawaai... god, wat kan hij blaffen. Hij is ook een beetje krom. Want de spieren, hij is geweldig gespierd... Dat komt volgens mij van het constant in en uit de sofa springen. Een beetje te vergelijken met het hoogspringen van ons. Zijn bilspieren zijn dan ook geweldig ontwikkeld. Elke ochtend, na mijn ontbijt, ga ik de rolluiken in de woonkamer ophijsen. Hij ligt dan nog te slapen, veel te vroeg. Maar toch, één oog gaat open en als hij ziet dat ik het ben, doet hij zelfs de moeite om te bewegen. Dat wil zeggen: hij draait van van buiklig naar ruglig, een hele onderneming zo vroeg in de ochtend. Ik mag dan, en dat is een privelege, zijn buik en bilspieren masseren. Ik voel me net de masseur van Tom Boonen, voor een grote wedstrijd. Let wel: de massage moet vakkundig worden uitgevoerd anders gaan we terug naar de buiklig en wordt er voor de rest van de dag geen knuffel meer toegestaan. Als de spieren zijn opgewarmd, kan de dag beginnen. Hij verlaagd zich niet tot stressgevoelens. Gaat eerst uitgebreid ontbijten, daarna even een plasje doen. Dat is, als er geen jagers in de buurt zijn. Tijdens het jachtseizoen gaat hij namelijk niet plassen. Het geluid van geweerschoten in de verte herrinerd hem aan zijn voorvaderen en hoe hard die moesten lopen achter het opgejaagde wild. En dat is iets wat mijn ventje niet doet, hij rent niet. Hij struint, wandelt, kuiert door zijn tuin. Ook nooit daarbuiten. Nooit op straat. Zijn straat. Een auto die te dicht bij het huis komt? Zijn huis. Een fietser die passeert op straat? Zijn straat. En dat laat hij merken ook. Hij blaft, keft en gromt. Iedereen mag weten dat hij er is ... de hele buurt weet het dan ook. 
Sarah Mclachlan: In the arms of an angel
De engel
Gasthuisberg, vier jaar geleden. Het verdict is gevallen, de dag voor mijn verjaardag. Blind... niks meer aan te doen, ook geen operatie kan het nog veranderen. Ik lijk het allemaal niet te beseffen, moet zelfs lachen als mijn kinderen met cadeautjes komen en belletjes om aan mijn bed te hangen. Het valt allemaal best mee, troost ik mezelf., kon veel erger. Maar de volgende dag komen de muren op me af. Ik zie ze niet, maar voel hoe ze steeds dichter bij komen, me verstikken. Ik vertel de verpleegster dat ik weg moet, even een sigaretje roken of wat dan ook. Ze heeft geen tijd, veel te druk ... Ok, dan ga ik wel alleen ... Ze helpt me naar de lift, toont op welke knop ik moet drukken en daar ga ik. Beneden moet ik mijn plan trekken. Al ooit in Gasthuisberg geweest? Zelfs al ziende loop je verloren ... ik dus ook. Maar ik geef niet op, een paar keer per dag doe ik hetzelfde traject en ja hoor, ik leer het.