Naar de inhoud

Angeltjes

247184344.jpg
seniorennet.beseniorennet.be

Wurlitzerdromen

Goedemorgen lieve mensen in Vlaanderland en in de wijde internetwereld,

Richard Wayne Penniman werd geboren als derde kind uit een gezin van zestien op 5 december 1932 in Macon, Georgia.  Vanaf 1945 stond hij als jonge tiener al op de scène en vanaf 1951 begon hij gospelgeïnspireerde plaatjes op te nemen die onopgemerkt bleven.  Zijn succes begon toen hij in 1955 overschakelde op zijn eigen versie van rock ’n roll, met een variatie van ritmes, geluiden, kreten en kreunen gesteund door boogiewoogie en rhythm ’n blues muziek.  Klinkt eerder afschuwelijk, nietwaar? 

En toch was Little Richard de inspiratiebron van bekende zangers zoals James Brown, Elvis Presley, Otis Redding, Bob Dylan, Michael Jackson enz.  Zijn Tutti Frutti, Long Tall Sally, Lucille en Good Golly Miss Molly waren allemaal goed voor een gouden plaat en hij drukte een stempel op de rock ’n roll door zijn opzwepende optredens en eigen(aardige) interpretatie.  Men noemde hem de man die de rock ’n roll emancipeerde… Ik heb er geen idee van wat we ons daarbij moeten voorstellen. 

Op het toppunt van zijn succes stopte Little Richard in 1957 abrupt met rock ’n roll en bekeerde zich tot het christendom.  Hij trok zich helemaal terug, volgde godsdienstlessen en meende zijn roeping als predikant en zendeling te moeten volgen.  Hij verklaarde dat de rock ’n roll, met zijn obscene en sexueel geladen teksten, inging tegen de wil van God en hij zou vervolgens nog slechts gospelliedjes zingen en opnemen.  Tijdens die periode ontmoette hij tijdens een evangelisch congres Ernestine Campbell, huwde haar in 1959 en liet zich twee jaar later al van haar scheiden.

Terwijl in het begin van de zestiger jaren de verkoop van rock ’n rollplaatjes in de VSA het slop zat, piekte de verkoop van zijn plaatjes in Groot-Brittanië.  Hij werd er uitgenodigd voor verschillende optredens met de Beatles in het voorprogramma.  Toen hij daar zijn gospelliedjes wou brengen, moest hij noodgedwongen toegeven aan de druk van het publiek dat een ticket gekocht had voor een rockconcert.  En waar hij ook kwam, was hij goed voor uitverkochte zalen met een uitzinnig enthousiast publiek.  De concertenreeks werd beëindigd met een televisieshow: de fans reageerden met meer dan 60.000 brieven.  En die show ging de wereld rond.

Little Richard nam weer seculiere plaatjes op en begon zwaar te drinken.  Hij verklaarde dat hij méér succes zou kunnen gehad hebben ware het niet dat zuiderse predikanten de R & B-radiozenders onder druk zetten om zijn populaire muziek niet te draaien.  En bovendien werd hij ook geboycot door zwarte platenruiters aan de Westkust, vooral in de streek rond Los Angeles, die hem op hun zwarte lijst zetten omdat zijn optredens zowel door blanken als zwarten bezocht werden.  Toen de Black Power-beweging in de late zestiger jaren opkwam, werd hij uitgenodigd op te treden voor een uitsluitend zwart publiek.  En hij weigerde want hij wou niemand uitsluiten.  
 Tijdens de volgende jaren bleef hij populair, een orgie- en partijbeest en gewillig gebruiker van allerlei drugs.  Na enkele wilde jaren keerde hij terug naar zijn predikantenmissie.  Maar de muziek zou nooit ver weg zijn.  Optredens, opnames, films en televisie kwamen regelmatig aan bod.  En hij nam zijn roeping absoluut ernstig: zo zegende hij huwelijken in van o.a. Bruce Willis en Demi Moore, van Bruce Springsteen en zelfs van 20 trouwlustige koppels tegelijkertijd.   

Toen hij de status van “Salonfähigkeit” bereikt had, werd hij zelfs uitgenodigd voor een viering van de nationale feestdag op het Witte Huis, stond bij diverse grote festiviteiten op de affiche en hielp waar hij kon om de kas van liefdadigheidsverenigingen te spijzen.  Hij heeft vrede gesloten met God, met zijn muziek, met zichzelf: “Alhoewel ik rock ’n roll zing, houdt God van mij.  Ik ben een rock ’n rollzanger, maar ik ben ook een christen.”

Hier volgt één van de bekendste nummers van Little Richard:  Lucille

Kusje van Lolita 

 

 

Stuur door

17 februai : de bergbeklimmer die niet terugkeerde

 

Het werd die zaterdag 17 februari in 1934 een dramatische dag hoewel het gebeuren pas een dag later, op zondag 18 februari, bekend werd: koning Albert I verongelukte op 17 februari, toen hij in Marche-les-Dames zijn geliefkoosde sport, alpinisme, beoefende. Er gebeurde in de geschiedenis meer op 17 februari.  

In 1817 werd de kleinzoon van koning Willem I in Brussel geboren. Het kind groeide op in Tervuren. Na de dood van zijn vader, Guillaume of Willem II, werd hij zelf koning van Nederland als Willem III, beter bekend als ‘koning Gorilla’ de meest gehate vorst die het land ooit kende.

Andere geboorten:

In 1909 wordt wielrenner Jef ‘Poeske’ Scherens geboren.
In 1949 geboorte van Peter Piot, aidspecialist die sinds kort aan het hoofd staat van de Koning Boudewijnstichting.
In 1935 werd Mik Babylon, een Roeselaarse politicus voor de Volksunie geboren. Mik Babylon stierf in 2006, hij werd 71.

Bij de sterfgevallen noteren we:
In 1851 de Gentse burgemeester Jean-Baptiste Minne-Barth, een overtuigde orangist.
In 1854 overleed de bedenker van de moderne statistieken, Adolphe Lambert Quettelet, ook de man die de nog steeds gebruikte BMI body mass index bedacht, de index waarmee gewichtsproblemen worden gemeten.
Op 17 februari 1998 overlijdt bokser Cyrille Dalaunoit.

In 1995 breekt het politiek Agusta-schandaal los, rond de betaling van steekpenningen bij de aankoop van helikopters.

Maar eerst het dramatische overlijden van een vorst, verhaal dat aanleiding gaf aan heel wat onopgeloste geruchten en vragen.  

Waar is de koning?

Op zaterdagavond 17 februari 1934 gaat wielerkampioen Poeske Scherens op de Brusselse wielerpiste een demonstratie rijden. Koning Albert, een bewonderaar van Jef Scherens wordt er om 18 uur verwacht. Maar de loge, die voorbehouden is aan de vorst, blijft die avond leeg.  

Zaterdagochtend heeft Albert nog een audiëntie met de directeur van de buurtspoorwegen. Volgens het relaas van zijn oppasser, kamerheer Théophile Van Dycke, verlaten ze het Paleis en rijden ze naar Laken waar de Koning beslist een namiddag te gaan klimmen in Marche-les-Dames. Die uitstap stond niet op het officiële programma. Omdat er niermand beschikbaar was om de vorst te vergezellen moet de uit Assebroek afkomstige kamerheer Van Dycke mee. De Koning neemt zelf het stuur in handen, Van Dycke kan niet rijden. Eigenlijk is dat tegen de regels want wie kan de wagen besturen indien er met de Koning iets gebeurt ?

Voor de rit naar Marche-les-Dames neemt Albert een splinternieuwe wagen, een Ford mee. Die moet nog worden ‘ingereden’ zoals dat destijds werd voorgeschreven. De snelheid diende beperkt te blijven. Er was toen geen autoweg richting Namen, men moest door alle dorpjes rijden. Ter plaatse werd de wagen geparkeerd. Eerst ging de koning wat oefenen en daarna beklom hij de berg. Théophile Van Dycke zou de koning rond vijf uur komen ophalen. Van Dycke bleef op de afgesproken tijd tevergeefs op zijn baas wachten. Pas een uur later gaat hij zoeken. En hulp halen in het nabijgelegen hotel. Van Dycke belt naar het paleis in Laken en daar wordt dan, volgens de officiële verslagen, meteen een hulpactie ingezet 

De avond van 17 februari 1934 valt en er worden twee wagens uit de garage gehaald om naar Marche-les-Dames te vertrekken. Een van de inzittenden is kolonel-geneesheer Pierre Nolf.  

Nolf is de arts die aan het IJzerfront koningin Elizabeth had geholpen in het door haar geleide soldatenhospitaal. Later werd hij ook nog minister van Kunsten en Wetenschappen en werd in 1940 genomineerd voor een Nobelprijs. Pierre Nolf was ook bekend van de zogeheten ‘Nolf-wet’ rond de vernederlandsing van de Gentse Universiteit, project dat door de Vlamingen werd afgewezen. De in Ieper geboren Pierre Nolf stond ook bekend als een van de intieme vrienden van koningin Elizabeth, de echtgenote van de verdwenen koning.

Dokter Nolf is een van de aanwezigen die avond in Marche-les-Dames waar gezocht wordt naar Albert. Er komen rijkswachters en houthakkers uit de buurt en een hele groep officieren die het terrein afzoeken. Pas laat, na middernacht, wordt ‘toevallig’ het stoffelijk overschot van Albert I gevonden. Zonder een onderzoek ter plaatse af te wachten wordt het lijk in een gewone auto naar Bussel teruggebracht. Het onderzoek? 

Nog voor de uitvaart van Albert voorbij is, gonst het al van geruchten. Koningin Elisabeth was zelf niet aanwezig op de begrafenis. Dat zij noch haar echtgenoot vies waren geweest van amoureuze ontmoetingen versterkten de geruchten. De val van de koning-bergbeklimmer van 17 februari 1934 zal nog lang blijven nazinderen.  

Was hier moord in het spel geweest? Moord gepleegd door een bedrogen echtgenoot? Moord door een jaloerse minnaar of minnares? Was de Franse geheime dienst in het spel? Albert had zich al enige tijd uitgelaten tegen de Franse acties tegen Duitsland. Was het de Britse geheime dienst geweest die Albert wilde verhinderen contact te onderhouden met Engelse fascisten die de kop opstaken. Waren het de Duitsers geweest? Over de Rijn was Hitler pas aan de macht!
Niemand heeft een antwoord kunnen vinden op een van deze vragen. Maar wat zeker is, is dat het onderzoek naar de dood door de Belgische justitie op een knullige wijze gebeurde. Verschillende onvolledige of tegenstrijdige verklaringen van onderzoekers werden nooit tegen elkaar gelegd. Een recente publicatie van journalist Jacques Noterman gepubliceerd onder de titel ‘De val van Albert I’ (uitgeverij Van Halewyck – Leuven) bezorgt de lezer uren spannende lectuur over dit onopgeloste drama, de dood van Albert.
 
www.6minutes.be

Stuur door

Achmed

 

Achmed wil niet zijn zoals de blanke man
die nooit bidt tot zijn God
Achmed zegt dat hij zo niet leven kan
zonder Allah zijn gebod

en Achmeds vrouw moet gesluierd zijn
men mag er niet naar loeren
ze moet kuis zijn en ook rein
niet gelijk die blanke hoeren

maar vandaag is Achmed heel tevree
hij krijgt immers weer zijn pree
van die racisten van het OCMW

https://blog.seniorennet.be/johan1944/

Stuur door

Figuren uit de mini & maxi Vlaamse Beweging : Lieven Gevaert

Herneming artikel

09-11-2009
Figuren uit de mini & maxi Vlaamse Beweging : Lieven Gevaert (1868 - 1935)

Klik hier om een link te hebben waarmee u dit artikel later terug kunt lezen.

 

 

Na slechts drie jaar middelbaar onderwijs studeert Gevaert op eigen houtje Frans, Duits en Engels. In 1889 richt hij met zijn moeder een fotostudio op. Spoedig neemt zijn bedrijf een hoge vlucht.

In de Nederduitsche Bond en De Vlaamsche Wacht leert Gevaert als jongeman Frans van Cauwelaert, de daensistische voormannen en de tenoren van de Meetingpartij kennen. Zijn inspiratiebronnen worden de encycliek Rerum Novarum (1891) en Lodewijk de Raet. Hij komt op voor: de vernederlandsing van de Gentse universiteit en het openbare leven, de splitsing van het leger in Vlaamse en Waalse regimenten, een degelijk Nederlandstalig onderwijs. Vooral voor dat laatste heeft Gevaert zich onafgebroken ingespannen. Gevaert werkt mee aan de oprichting van het Vlaamsch Handelsverbond, dat zich zou inzetten voor de vernederlandsing van het bedrijfsleven. In zijn eigen bedrijf laat hij reeds vanaf 1907 het Nederlands gebruiken in drukwerken, briefwisseling, boekhouding en de betrekkingen met de overheid.

Na de oorlog lenigt Gevaert, hoewel niet gewonnen voor het activisme, de nood van diegenen die naar zijn mening te goeder trouw en uit idealisme collaboreerden (bv. Lodewijk Dosfel). Hij spreekt zich, op een enkele uitzondering na, nooit meer in het openbaar uit over politieke vraagstukken. Levenslang zou het zijn grote bekommernis blijven boven alle partijpolitiek te staan. Nog na de oorlog is hij betrokken bij de oprichting van De Standaard en de IJzertoren. Gevaert speelt in 1926 een belangrijke (geldschietende) rol bij de oprichting van het Vlaams Economisch Verbond (VEV). Hij waakt erover dat de verschillende geledingen van de V.B. bij het bestuur betrokken worden. Bijzonder veel aandacht besteedt hij aan een goed Nederlandstalig onderwijs in het Limburgse kolenbekken. Dat moet vermijden dat de industrialisering leidt tot verfransing van de Limburgse arbeiders en de minorisering van Vlaamse kaderleden.

@ Nieuwe Encyclopedie Vlaamse Beweging

Stuur door

Wat gebeurde op een 16de februari ?

 

 

Jaar en dag: dit gebeurde op 16 februari

Tsjernobyl en de Belgische kernstrategie. De controversie voor of tegen kernergie neemt op deze 16e februari een nieuwe start.  

Dichter Hubert Van Herreweghe werd in 1920 op 16 februari geboren.

In 1978 wordt atlete Tia Hellebaut geboren.

De Vlaamse politcus en bankier Lode Claes overleed in 1997 in het Zeeuwse badplaatsje Cadzand.

In 1954 wordt Brussel wordt de eerste steen gelegd van de Koninklijke Bibliotheek, de Albertina.

De arbeidsters van de Luikse wapenfabriek FN staken in 1966. Zij eisen 5 frank opslag. Het conflict duurt 79 dagen.

In Doel wordt in 1975 de eerste kernreactor aangesloten op het elektriciteitsnet. 

 

Stuur door

Figuren uit de mini & maxi Vlaamse Beweging : Filip de Pillecyn

 

Figuren uit de mini & maxi Vlaamse Beweging : Filip de Pillecijn (1891 - 1962)

 

De Pillecijn in 1925 

De Pillecyn studeert in 1914 af in de Germaanse filologie aan de Leuvense universiteit. Bij het begin van de vijandelijkheden wijkt hij uit naar Nederland. In 1915 komt hij als oorlogsvrijwilliger aan het front terecht. Hij wordt secretaris van de Legervergadering van de Frontbeweging en plaatsvervanger van ‘ruwaard’ (leider) Adiel Debeuckelaere. Samen met Hendrik Borginon schrijft hij in 1917 het pamflet Vlaanderens dageraad aan den IJzer. Aan het front schrijft hij ook een twintigtal gedichten, die na de oorlog uitgegeven worden.

In 1919 wordt De Pillecyn redactiesecretaris van de krant De Standaard. Hij wordt een van de leiders van het VOS en neemt mede het initiatief tot de IJzerbedevaarten. In 1922 verlaat hij De Standaard omdat de krant te minimalistisch is in zijn ogen. In 1926 wordt hij leraar. Hij publiceert nu romans en novellen.

Na de Duitse inval in mei 1940 sluit de Pillecyn zich aan bij het VNV en de DeVlag. In augustus 1940 ondertekent hij de oproep van VNV-leider Staf de Clercq tot een brede Vlaamse volksbeweging. Op 13 oktober 1940 wordt hij benoemd tot lid van de Vlaamsche Cultuurraad, waarvan hij samen met DeVlag-leider Jef van de Wiele de facto de leiding heeft. In mei 1941 wordt hij benoemd tot directeur-generaal voor het middelbaar onderwijs.

In september 1944 wordt De Pillecyn afgezet als ambtenaar en in 1947 tot tien jaar hechtenis veroordeeld. Hij komt in juli 1949 vrij. Van 1957 tot 1960 is hij lid van het IJzerbedevaartcomité. Zowel tijdens als na zijn gevangenschap blijft hij een productief auteur, met onder meer romans als Mensen achter de dijk (1949) en De veerman en de jonkvrouw (1950).

@ Nieuwe Encyplopedie Vlaamse Beweging

Stuur door

Johan Hendrik van Dale

 

Het woordenboek dat we meestal ‘de Dikke van Dale’ noemen, danken we aan Johan Hendrik van Dale. Hij werd in Sluis, nu net over de grens, geboren op 15 februari 1828. Enkele dagen eerder was peperkoekbakker Van Dale weggevlucht uit Eeklo. Daar was een pokkenepidemie uitgebroken. En daartegen wilde vader zijn op komst zijnde zoontje behoeden.

De voorouders van bakker van Dale hadden altijd in Sluis gewoond. Ze verlieten Eeklo in het Meetjesland en vestigden zich in Sluis. Aan de pokken was hun zoontje niet echt ontsnapt. Integendeel. Het pokdaling gezicht van zoontje Johan zou steeds erger worden en uiteindelijk zou hij in 1872 overlijden aan de gevolgen van deze ziekte.
Zoon Johan zou in Sluis wel onderwijzer worden en zelfs hoofdonderwijzer (dat heette toen ‘bovenmeester’). Hij werd ook stadsarchivaris.
Maar echt bekend en beroemd werd hij als de opsteller van het woordenboek dat zijn naam kreeg. Johan van Dale schreef na zijn dagtaak als onderwijzer leerboeken over taalzuiverheid, spraakkunst en zinsontleding. Hij schreef ook geschiedkundige verhalen en brochures over zijn woonplaats Sluis. Hij richtte ook de oude rederijkerskamer 'De Oranjebloem' weer op.

In 1867 kreeg hij het verzoek om de eerste druk van het bestaande ‘Nieuw Woordenboek der Nederlandsche taal‘ uit 1864 te herzien. Hij werkte er vier jaar aan en verbeterde tal van vage, onjuiste en verouderde begrippen.
Wanneer de druk in 1872 klaar is, schrijft Van Dale in het woord vooraf: ‘Er is veel dat men heeft opgenomen of verbeterd, er is nog veel meer dat men is vergeten.’

Na zijn dood in 1872 wordt zijn werk voortgezet door zijn leerling Jan Manhave die hijzelf bij wijze van laatste wilsbeschikking had aangewezen. Jan Manhave schreef na de dood van zijn leermeester: ‘Als Van Dale niet door de gevolgen van de pokken tot “een hoogeren werkkring’”, in een andere wereld, was geroepen, dan had hij zich zonder twijfel doodgewerkt’.
In Sluis wordt de nagedachtenis van Van Dale geëerd met een borstbeeld, dat in 1924 werd onthuld, Er is op het kerkhof ook een herdenkingszuil, er is een Van Daleschool en een Van Dalestraat. Voor meer dan alleen maar geestelijke inspiratie is er een voormalig klooster, aan de rand van de stad, tegenwoordig het chique viersterrenhotel ‘De Dikke Van Dale.’
Stuur door

Figuren uit de mini- & maxi Vlaamse Beweging

 

Herneming van artikel

11-11-2009
Klik hier om een link te hebben waarmee u dit artikel later terug kunt lezen.Figuren uit de mini & maxi Vlaamse Beweging : Guido Gezelle (1830 - 1899)

 

 

Gezelle wordt geboren in een boerenfamilie in Wingene. In 1854 wordt hij priester en leraar aan het Klein Seminarie van Roeselare. Van meet af aan is Gezelle actief in de journalistiek, in letterkundige genootschappen en als gelegenheidsdichter. Hij maakt naam als literator vooral met zijn Vlaemsche dichtoefeningen (1858). Hij spoort de katholieke jeugd aan om mee te werken aan de restauratie van het christelijk geloof, de oude vaderlandse taal en de eigenheid van het Vlaamse volk. De Vlaming kan zijn eigenheid slechts bewaren door vast te houden aan de volkstaal en het protestantse ‘Hollands’ en het ‘goddeloze’ Frans te verwerpen.

In 1860 wordt Gezelle overgeplaatst naar Brugge. Hij ontplooit er een intense journalistieke bedrijvigheid als ultramontaan. Met de oprichting in 1865 van het weekblad Rond den Heerd verruilt hij het onderwijs voorgoed voor de journalistiek en de culturele en pastorale vorming. In 1872 wordt hij naar Kortrijk overgeplaatst. Daar manifesteert hij zich weer als taalkundige en als dichter met het lexicografische tijdschrift Loquela (1881-1895) en enkele bundels waaronder Tijdkrans (1893). In maart 1899 wordt Gezelle weer in Brugge benoemd, maar hij sterft in november. Een bundel Laatste verzen wordt in 1901 postuum uitgegeven.

Gezelle hoopte een "zuivere gesproken volkstaal" uit het West-Vlaams op te bouwen als basis voor een algemene Nederlandse cultuurtaal. Dit ‘particularistische’ standpunt leidt in de jaren 1870 tot felle polemieken met de ‘integrationisten’, die zich taalkundig op het Noorden richten. Gezelle veroordeelt elke vorm van politieke en sociale strijd ten voordele van het 'Vlaams'. Het volstaat de Vlaams-katholieke eigenheid na te streven. De enkele expliciet nationale verzen van Gezelle hebben echter een grote invloed uitgeoefend op de jongeren in de West-Vlaamse colleges en de latere generaties katholieke intellectuelen in Vlaanderen.

@ Nieuwe Encyclopedie Vlamse Beweging

Stuur door

Bij meneer doktoor : broeihaarden van bacteriën

 

De grootste broeihaard van bacteriën ? Automatisch denk je aan een toiletbril. Niets is minder waar. Hier vind je tien infectiehaarden die in werkelijkheid veel erger uitvallen.

1. Toetsenbord


De begraafplaats van allerhande etensresten of afgestorven huidcellen die hier eindeloos kunnen gisten. Een onderzoek van de University of Arizona onderstreepte in 2008 dat op en in een toetsenbord gemiddeld 400 keer méér bacteriën zitten dan op een toiletbril.


2. Tandborstel

Allerhande virussen en bacteriën kunnen hier gedijen omdat een tandborstel meestal in een warme omgeving (de badkamer) staat. Bovendien: onmiddellijk naast andere tandenborstel zodat kwalijke ‘kruisbestuivingen’ schering en inslag zijn.

3. Afwasmachine

Borden, tassen en bestek met etensresten blijven hier dagenlang staan. Uitstekende kweekgrond voor bacteriën en kiemen zoals salmonella.

4. Handdrogers

De warme lucht uit de machines is de perfecte verspreider voor bacteriën en virussen. Velen geloven dat de warme lucht kiemen juist doodt. Helaas, de lucht is daar niet warm genoeg voor.

5. Make-up spullen

Allerhande kiemen kunnen perfect overleven in bijvoorbeeld eyeliners. Vooral gevaarlijk omdat deze spullen in de meeste gevallen in rechtstreeks contact komen met het oog zelf.

6. Mobieltje

Broeihaard van bacteriën zoals stafylokokken. Besmetting wordt bevorderd omdat de gsm vaak in rechtstreeks contact komt met de mond.

7. Wasgoed

Wasgoed ligt meestal opeengepakt in een warmere omgeving. Vandaar. Minder geweten is dat bij het wassen darmvirussen die op één kledingstuk zitten, verder verspreid kunnen geraken. Daarom dat koude of lauwe was vanuit hygiënisch oogpunt niet zo’n goed idee is.

8. Beddengoed

Paradijs voor mijten, bacteriën en virussen allerhande. Kussenslopen, dekens of dekbedden moeten daarom regelmatig ververst worden. Maar… ook de matras en de kopkussens zelf zouden best met een zekere regelmaat (chemisch) behandeld worden.

9. Huisdieren

Lief zijn ze wel, maar helaas brengen ze allerhande bacteriën binnen om niet te spreken van luizen of teken.

10. Afstandsbediening

Onderzoek wees al uit dat dit toestel in hotels zowat de grootste bron is van allerhande infecties. Wordt zelden gereinigd en is bij wijze van spreken in hetzelfde bedje ziek als onze toetsenborden.

Bron : Gezondheidsnet

Stuur door

Italië wil stroom vluchtende Tunesiërs afstoppen

 

Italië wil agenten in Tunesië stationeren, die de massale uittocht van bootvluchtelingen richting Italië moeten tegenhouden. Dat heeft de Italiaanse minister van Binnenlandse Zaken Roberto Maroni zondag op televisie gezegd. Duizenden Tunesiërs die de wanorde in hun land willen ontvluchten, hebben de afgelopen dagen Zuid-Italië bereikt.

  Foto: EPA

De meeste immigranten, inmiddels al zo'n vijfduizend, strandden op het eilandje Lampedusa, waar zaterdag de noodtoestand werd uitgeroepen. Volgens de burgemeester van het eiland met ruim vijfduizend inwoners, Bernardino de Rubeis, is de situatie onhoudbaar. Hij heeft met de betrokken autoriteiten afgesproken dat zondag nog het gesloten opvangcentrum voor vluchtelingen moet worden heropend. Ongeveer 1400 immigranten brachten de nacht noodgedwongen in de openlucht door.

De regering in Rome heeft een luchtbrug ingesteld om de vluchtelingen op het 20 vierkante kilometer grote eiland naar andere plekken te vervoeren. Zondag staan drie vluchten gepland. Sinds de Tunesische president Zine al-Abidine Ben Ali op 14 januari het land uitvluchtte, is het onrustig in Tunesië.

Een Tunesische vluchteling die zaterdag op Lampedusa, dat ongeveer 110 kilometer uit de kust van Tunesië ligt, belandde, zei in Italiaanse media: „Het is voor ons onmogelijk geworden om er te wonen. Er is geweld, ontvoeringen en niemand begrijpt meer wie de baas is. Het land is in wanorde”, aldus de vrouw, die naar familie in Frankrijk wil. Volgens Maroni ontvluchtten de Tunesiërs massaal armoede, maar zouden er ook veroordeelde criminelen tussen de migranten zitten.

„Ik heb om snelle tussenkomst van de Europese Unie gevraagd omdat de Maghreb aan het ontploffen is”, zei Maroni. Maghreb is de regio in Noord-Afrika waarin ook Tunesië ligt. „Europa doet niks; zoals gewoonlijk staan we er weer alleen voor”, aldus de minister.

Minister Franco Frattini van Buitenlandse Zaken zei in de Italiaanse krant Corriere della Sera dat hij mediterrane landen wil mobiliseren om met boten, vliegtuigen en helikopters te surveilleren in de wateren bij Tunesië. Ook heeft hij hulp gevraagd aan het EU-agentschap Frontex, dat de controles aan de buitengrenzen van de Unie coördineert.

@ de Telegraaf

Stuur door

Graaien in het groot, jatten in het klein

 

In Caïro zijn tijdens de betogingen toch belangrijke kunstvoorwerpen uit het Egyptisch Museum gestolen. Eerder maakten de autoriteiten bekend dat een aantal plunderaars zeventig voorwerpen hadden beschadigd, maar dat er niets was meegenomen.

Volgens een Egyptische archeoloog zijn er acht stukken gestolen, waaronder een verguld beeld van farao Toetanchamon. Ook een ander beeldje van Toetanchamon met een harpoen is zoek.

Plunderaars braken op 28 januari in bij het wereldberoemde museum, nadat de politie zich had teruggetrokken uit de straten van Caïro.

Terwijl buiten de demonstranten bezig waren zijn troon te slopen, was binnen Hosni Mubarak met zijn getrouwen doende de miljarden te sluizen naar plaatsen waar ze er - na het onvermijdelijke - bij zouden kunnen.

De Sunday Telegraph reconstrueert op basis van Western intelligence sources de activiteiten die de Mubarakjes ondernamen om hun bezit, tientallen miljarden euri, buiten bereik van toekomstige onderzoekers en rechters te krijgen. Zwitserland is geen plaats meer waar het fortuin van ex-dictators goed onder dak is.  'We hebben vastgesteld hoe de financiële adviseurs de laatste weken zeer actief zijn geweest om geld te verplaatsen', citeert de Telegraph een inlichtingendienst. 

De bezittingen van de Mubaraks in Egypte moeten als verloren worden beschouwd. En dat gaat om heel veel geld: zaken doen in Egypte was feitelijk alleen mogelijk als je de clan rond de president liet meedelen. Maar buiten Egypte heeft Mubarak niet alleen bankrekeningen, maar ook veel onroerend goed in zowat alle uithoeken van de planeet.


 

Stuur door

Michelle is een zeikerdje

 

 

Trots kondigde Michelle Obama op de televisie aan dat Barack al een jaar langt niet had gerookt. In heel Amerika groot nieuws.  Logisch, want toen Michelle First Lady werd had ze het Volk al opgeroepen om haar te waarschuwen als iemand haar man zag roken.

Janet Street-Porter ziet de president al voor zich stiekem rokend in een kelder van het Witte Huis. En hij zou niet de enige man zijn die daartoe wordt gedwongen door een zeikerig vrouwtje dat de verantwoordelijkheid niet kan laten waar die ligt: bij de volwassene met wie ze zijn getrouwd.

De columniste ziet een lijn: Michelle is ook te pas en te onpas in de weer om er voor te zorgen dat haar volk meer fruit en groente gaat eten. Want het volk is te dik.

Haar volk is ook arm en werkeloos. En velen vinden dan nog enige afleiding in een big Mac. Of in een sigaret.

@ Welingelichte Kringen

 

Stuur door

Immigratie CH is ook groot succes

 

Zwitserland is een land van migratie: ca. 100.000 per jaar proberen zich in het Alpenland te vestigen.  Voor EU-burgers is er geen probleem: zij kunnen hun gezin laten overkomen. 

De FDP (liberale partij) heeft naar aanleiding van de laatste peiling van de kiesintenties – de SVP/CDU nadert 30% - tijdens een partijcongres verrassend nieuwe migratiestandpunten kenbaar gemaakt.  Inhoudelijk zijn de liberalen het erover eens dat men de toestroom van niet-EU-gelukzoekers wil afremmen – ook hun OCMW-kassen zijn leeg - door de voorwaarden voor gezinshereniging en vestiging moeilijker te maken.  Zo moeten ze een minimum inkomen en het bewijs van een woonst voorleggen en mogen er geen criminelen in hun familie voorkomen.

Zo politiek-incorrect als het maar kan, maar… men was het oneens over de juiste woordkeuze van dit congresbesluit.  Om dit enigszins af te zwakken werd de eis opgenomen dat de Zwitserse scholing en opleiding zodanig moest georganiseerd worden dat de tekorten op de arbeidsmarkt met de eigen bevolking ingevuld kunnen worden.  Blijkbaar vinden de Zwitserse liberalen nu ook dat de multicul mislukt is.

Bron: PI

 

Stuur door

Reactie van Frank Vanhecke

 

Wij ontvingen van Frank Vanhecke onderstaande reactie die wij graag in extenso in de vitrine plaatsen, niet om de polemiek in de hand te werken maar omdat wij van oordeel zijn dat zijn stem moet gehoord worden als hij daar zelf op aandringt. Wij hebben steeds vrijwillig onze kolommen open gehouden voor meningen en tussenkomsten van Frank en destijds van Marie-Rose zoals van andere mandatarissen.  De sneer dat wij via deze blog veel onzin verspreiden, is de persoonlijke interpretatie van Frank.

Er wordt - niet voor het eerst vrees ik - via deze blog verschrikkelijk veel onzin verspreid. Het stoffelijk overschot van Marie-Rose werd vandaag de kerk binnengedragen door vier VB-leden, waarover twee nationale mandatarissen. Tot de eregenodigden behoorden onder meer Mevrouw Karel Dillen. Mevrouw Marijke Dillen werd nooit de toegang tot de kathedraal ontzegd, er was voor haar (net zoals voor 2000 anderen) geen voorbehouden plaats, wat ze ontgetwijfeld zelf niet zou durven vragen. Ik heb inderdaad diskreet en zonder daarover énige publieke verklaring af te leggen aan de huidige VB-top gevraagd om diskreet weg te blijven. Ze hebben Marie-Rose Morel vakkundig en brutaal politiek afgeslacht en daarmee (in mijn ogen) onze zaak onherstelbare schade toegebracht. Dat is mijn mening, de andere meningen komen zoals U weet in deze blog onophoudelijk aan bod. Ze hebben bovendien de afgelopen 6 maanden toen Marie-Rose voor iedereen zichtbaar stervende was niet één keer een sein gegeven dat dit eigenlijk niet had mogen gebeuren. De strijd om haar uit te schakelen werd bovendien door sommigen bijzonder brutaal gevoerd, bij mijn weten ongezien in onze beweging. Wanneer ik de dag van het overlijden van Marie-Rose op alle TV-schermen en radio-zenders FDW zal verschijnen om de lof te zingen van "zijn ontdekking"  zeg ik dus inderdaad dat zulks voor de familie kwetsend was. Diskreet zwijgen had op zijn plaats geweest. Indien men dat wenst wil ik gerust eens een geschiedenis schrijven van de machtsgreep van de Antwerpse gemeenteraadsfractie, de middelen die daarbij gebruikt worden en vooral de verschrikkelijke gevolgen daarvan voor de slagkracht van de hele partij. Wanneer men mij ervan blijft beschuldigen mijn overstap naar een andere partij voor te bereiden zal ik dat inderdaad moeten doen. We zouden dus best deze domme polemiek stoppen. En gelieve te argumenten met een minimum aan dossierkennis.
Reactie op bericht "Laatste Wil + Aanpassing 18 uur" van vrijdag 11 februari 2011
Ingegeven op zondag 13 februari 2011 om 00:12:38, door Frank Vanhecke

Reacties op dit stuk worden niet opgenomen, om niet verwikkeld te geraken in een uitzichtloze discussie. Ik verwijs naar de laatste zin van ons redactioneel stuk hieronder : Nu gaan we ons terug  focussen op de politieke strijd en ons hoofddoel : de 180-jarige bezetting van Vlaanderen beëindigen.

Stuur door

Meer van Angeltjes

↑ Terug naar de berichten