De Nacht

De Nacht

De Nacht

Mooi

Nooit gedacht dat ik zou doen
wat ik toen deed en weer zal doen
Omdat je onweerstaanbaar bent
onweer
staanbaar
Mooi
Ik wou dat ik je lippen
niet alleen kon kussen
maar ook kon horen zeggen
dat je zielsveel van me houdt
Ik wou dat ik je haren
niet alleen kon strelen
wanneer ik zomaar voor je deur sta
maar omdat je altijd bij me bent
Ik wou dat ik je ogen
kon verdragen zonder te doen
wat ik niet zou willen doen
zo onweerstaanbaar Mooi
Flauwekul

Flauwekul
Weet ik het wel
of weet ik het niet
nee ik weet het niet
of soms wel
maar wil ik het
misschien niet weten
en het daarom
niet weet
weet jij het ?
vraag nu niet
wat moet ik weten
ook dat weet ik niet
weet je ?
nee ik ook niet
Verlangen

Verlangen
Ik verlang ernaar,
Dat jij me wilt.
Me koestert,
Mijn verlangen stilt,
Me voorzichtig aanraakt,
Langzaam
…Daar
Je zachtjes kroelt,
door mijn haar,
mijn lichaam,
met je vingers bespeelt,
plagend, tergend,
af en toe wild,
dat je woordjes fluistert
in mijn oor,
dat je zegt;
“oh schat, ga door
Verstrengeld door liefde,
Door hevige lust,
De wereld bestaat niet,
Als je me kust,
Met me vrijt,
Me stevig vasthoud,
Wij samen,
’t voelt zo vertrouwd,
Ik wil dat je me zoent,
Me likt, me streelt,
In m
’n hoofd
Zie ik steeds dat beeld,
Jij en ik versmelten,
Samen één,
Helaas blijft het bij dromen,
Ik ben voortaan alleen….
Zomer

Zomer
Zinderende hitte
Danst door de lucht
Alles houdt zijn adem in
De stilte in de natuur
Is hoorbaar
Alles past zich aan
Om pas ’s avonds verder te gaan
Straatje

je ligt er stil gehuld bij
nu je niet wordt overreden
met de dagelijkse lasten
die je hebt te dragen
je ziet zwart, soms pokdalig
voortgebracht door de snelheid
die rechtlijnig staat op
jouw in bochten gewrongen leven
je vraagt je ook nooit af
waar je naartoe gaat
wat nog voor je ligt
je straat kent geen einde
de vele kruispunten in jouw leven
wegwijzeren de landkaart
die je als niemand kent
maar iedereen verkent
In de greep van het beest

In de greep van het beest,
voelde het zo vertrouwd.
In zijn klauwen gevangen,
maar het voelde niet fout.
Mee gaan in het spel,
van de leeuw en het lam.
Draaide plots alle regels,
wist niet wat me overkwam.
Het zou mijn fout wel zijn,
zag jou kwaad hier niet in.
De spanning zo voelbaar,
ja dit was het begin.
Steeds dieper in jou klauwen,
zag ik geen terugweg meer.
Steeds bleef ik je opzoeken,
tot die ene keer.
Voel nog jou handen op mijn lichaam,
hoor je woorden in mijn hoofd.
En plots werd alles donker,
was het kind zijn weg geroofd.
De innerlijke zomer

Ik proef de volle zomervruchten
Zie de blauwe zinderende luchten
De zon is op zijn hoogste punt
Dat ons allen het licht nu gunt
Van donkerte lijkt nu niets te duchten
Het is de keizerlijke maand
Die voor ons de hemel baant
De stralen vallen in de warme aarde
die de oude krachten steeds bewaarde
zij houden zo ons leven gaand
Ik voel de kracht van binnen
Zoek de woorden en de zinnen
In de kern herken ik de pit
Waarin ons wezen verborgen zit
De ster van het beminnen
De handen, de ellebogen, de grote teen
De knieën, de dijen, het linkerbeen
Alles wat een mens toebehoort
En dat ook anderen bekoort
Zo blijf je in je denken nooit alleen
Het water golft, de bloemen bloeien
De struiken worden vol, de bomen groeien
Alles draait in zijn cirkel rond
Koestert zich in stevige grond
Laat ons mensen met onze riemen roeien.
Ieder gevecht

Ieder gevecht
Zo persoonlijk en zo zwaar
Zo eenzaam en verdrietig
Ieder gevecht
Kan een ieder sterker maken
Of verzwakken als een verwelkte roos
Ieder gevecht
Kan een mens ongelukkig maken
Zo plotseling als dat soms komt
Ieder gevecht
Altijd is er een oplossing
Ergens en ooit, nu of later
Maar ieder gevecht
Is zo ontzettend zwaar
Deze hoef je nooit alleen te dragen
Wolken

Het beloofde een wonderbaarlijke avond,
al zijn de sterren niet zichtbaar.
Tussen haar wimpers fantaseert zij
met moeite een dinosaurus in de wolken.
De wind laat de dino langzaam vervagen,
tijd raast in heftige stilte voorbij.
Ze neemt hem mee in haar onlogische
gedachten, hij liegt een lach op zijn gezicht.
Samen dralen en ze rekken de avond,
die liever, liever eindigde in vroeg gedag.