Vrijdag 7 april 2006
Poëzie

Geschreven door Bruggeblog om 16:44
Stuur door
Poëzie
Georges Rodenbach (6)
Het huis van Hugues Viaene uit de fictieve roman 'Bruges-la-morte" kan ook hier zijn, recht tegenover het vorige hoekhuis. Het staat op het einde van de Wollestraat en kijkt ook uit op de rei langs de Rozenhoedkaai. Het was ooit eigendom van de Spaanse magistraat Perez de Malvenda. Toen het in 1584 in Brugge een roerige tijd was verborg die man de loden kist met de Heilig Bloedrelikwie in zijn huis. In 'Bruges-la-morte' wordt verteld over het Heilig Bloed en de processie. Meer nog: in het jaar van verschijnen van het boek werd aan dit huis een inscriptie geplaatst, geschreven door Guido Gezelle. Is dit toeval of niet? Die inscriptie luidt als volgt:
Georges Rodenbach (5)
Het zogenaamde huis van Hugues Viaene uit "Bruges-la-morte" wordt nu gebruikt als een van de bijhuizen van 'Moeder Babelutte'. Het Mariabeeld zal Rodenbach niet gekend hebben, het is nog niet zo oud.
Georges Rodenbach (4)
Bovenaan het zogenaamde huis uit 'Bruges-la-morte' staan in de boogvelden van de vensters voorstellingen in reliëf van de zeven Werken van Barmhartigheid.
Georges Rodenbach (3)
Rodenbach\'s bekendste werk is \"Bruges-la-morte\" maar wie heeft het ooit gelezen? De hoofdpersonage van het boek, Hugues Viaene, maakt op een maandagavond 20 november een wandeling doorheen de stad. Hij trekt de deur van zijn huis op de hoek van de Rozenhoedkaai achter zich dicht. Algemeen wordt gedacht dat de schrijver daarbij dit hoekhuis op de hoek van de Rozenhoedkaai met de Eeckhoutstraat voor ogen had.
Georges Rodenbach (2)
Biskajerplein, huisnummer 6. Huis 'Den Struys' Nu doet het dienst als bank. Hier werd Georges Rodenbach zijn vader geboren.
Georges Rodenbach
Nu gaan we eens kijken wat er in Brugge nog verwijst naar de schrijver Georges Rodenbach, de man die ons dankzij \"Bruges-la-morte\" met een kanjer van een clichébeeld opgezadeld heeft. Onder de trap naar het huis \"de Rode Steen\", Jan Van Eyckplein 8, vindt u deze gedenkplaat.
Huis de 7 torens
Dit huis was vroeger een belangrijk gebouw. Het werd beschouwd als een van de zeven wonderen van Brugge en staat in die hoedanigheid ook op het schilderij van Pieter Claeissens de Oude dat te bezichtigen is in het museumpje van het Begijnhof. Het had 7 torens die in 1717 verdwenen. Ondertussen is nog meer verdwenen, zoals u op deze foto ziet. Dit is de achterkant van het huis. De voorgevel van dit pand, samen met het huis Casselberg ligt in de Hoogstraat. Eén stap verder en u bevindt zich op de Burg.
Ook dit is Brugge

We bevinden ons hier vlak bij het kloppend hart van onze stad. Het gebouw op de achtergrond is trouwens het voormalig landhuis van het Brugse Vrije waar o.a. de dienst Bevolking in ondergebracht is. Ook dàt is Brugge. Er waren plannen om hier een hotel van te maken. Maar ondertussen ligt alles stil.
Sint-Salvators
Geen toonbeeld van symmetrie en opperste schoonheid, als u het mij vraagt. Sporen van diverse veranderingen in de structuur van de toren van de Sint-Salvatorskathedraal hebben tot dit resultaat geleid.
Poortersloge
zonsondergang
tentoonstelling Rik Poot
Nog geen 4 jaar nadat het prestigieuze en geldverslindende Concertgebouw haar deuren opende is de zevende en hoogste verdieping ervan enkel nog betaalbaar te bereiken àls er een tentoonstelling plaatsvindt. (Bruggelingen mogen voor niks binnen, moeten wel hun identiteitskaart bijhebben). Van panoramakijken is zelfs dan weinig sprake want van ver voor de uitkijk is rondom een touw gespannen. Er is al eens iemand naar beneden gesprongen en dat koord moet toekomstige zelfmoordenaars tot inkeer brengen. Hadden ze natuurlijk bij het bouwen van het Concertgebouw over het hoofd gezien dat zo iets ging gebeuren.
Vismarkt (2)
De halletoren komt nog juist vantussen de huizen en de vismarkt piepen. Trouwens: ik zou dit geen vismarkt meer durven noemen. In deze hoek links kan je \'s morgens nog twee à drie visboeren aantreffen. De rest van de markt is een \'dure\' prullenmarkt geworden, bah! Als deze trend zich zo voortzet is het binnen tien jaar definitief gedaan met de benaming vismarkt.
Vismarkt
Brugge heeft op diverse plekken nog waterpompen die tegenwoordig niet meer gebruikt worden. Elke pomp heeft zijn geschiedenis. Hier staan we aan de Vismarkt. De waterpomp hier is verwerkt in een hoge zuil die, samen met de rest van de vismarkt zoals we het nu aantreffen dateert van 1820. Waar ik deze middag vertelde van een vismarkt, dan lag die toen, in den beginne, op wat nu de Markt is. Hier op die plaats was eerst een vleesmarkt, later een korenmarkt en pas in 1745 werd het een vismarkt. Dit is nog maar eens een staaltje van hoe Brugge door de eeuwen heen veranderd is.
Jan Van Eyckplein
Niet voor niets heeft Bruggeblog als ondertitel "een blik op het Brugge van nu". Zo ziet het Jan Van Eyckplein samen met de Academiestraat er nu uit. Als u binnenkort hier in de omtrek moet zijn, dan bent u gelijk gewaarschuwd. De definitieve afwerking van de straat zal nog niet voor morgen zijn, vrees ik.
Quizvraag no. 9
We beginnen opnieuw moeilijk. Een stukje van een huis midden in Brugge. Maar met enkele frappante gegevens. Moeilijk. Tot voor kort wandelde of fietste ik hier ook voorbij zonder naar boven te kijken. Moeilijk dus, tenzij u in deze straat woont of gewoond heeft, en dan nog.
\'t Zand
Nog een waterhuis
Wie denkt dat het waterhuis op de Boeverievest het enige was dat Brugge van water voorzag is mis. Aan de andere kant van de stad was er nog een die wel niet bewaard gebleven is. Op de kaart van Marcus Gerards uit 1562, die doorgaans als een uiterst betrouwbaar referentiepunt uit die tijd beschouwd wordt, staat er nog eentje getekend aan het einde van de Vuldersstraat. Ook van daar uit vertrokken moerbuizen de stad in naar openbare waterputten o.a aan de Vismarkt, maar ook naar enkele privé-huizen van gegoede burgers (bijvoorbeeld 't Bourgondisch Kruis in de Wollestraat).
Oud Waterhuis (2)
Dit is het oudste waterhuis, gezien vanaf de Hendrik Conciencelaan, die vroeger de lugubere naam \"Oude Galge Wegh\" had. Daarlangs werd in 1288 begonnen met het graven van een put met de bedoeling er een waterreservoir te hebben. Men noemde dat reservoir niet voor niets de \"stadsvivere\" (stadsvijver). Het was nogal logisch dat hier later, in 1394, een waterhuis gebouwd werd.