
Dit is de andere kant van het huis "de gouden karpel', maar nu aan de Vismarkt. Hier is een viswinkel in gevestigd. Vroeger was het het café "In de Jacob", uitgebaat door de familie De Meulemeester. François De Meulemeester baatte ook de kleine vismarkt uit, de markt zelf, en om die markt schoon te maken werd door de stad Brugge omstreeks 1900 een waterpomp die er al stond sinds 1859 met iets nieuws uitgerust. In tegenstelling tot de andere Brugse pompen van die tijd die alleen zuigpompen waren kon deze pomp van dan af zowel zuigen als persen. Zo kon De Meulemeester de markt schoonspuiten.
In de daaropvolgende jaren was die pomp, die tegen de tweede wereldoorlog weggenomen werd, aanleiding tot heel wat discussie tussen de pachter van de vismarkt en de technische dienst van 't stad.
Er waren regelmatig gaten in de spuitslang die gestopt werden en later werd de slang vervangen. Of de zuigdarm was verstopt omdat de Reie te veel vervuild was. Daarna werd de reie gereinigd. François De Meulemeester werd verweten de pomp niet op de juiste manier te gebruiken, de spuitslang niet aan de voorziene haken te hangen maar op de grond te laten rondslingeren. Hijzelf beweerde dat ze niet hard genoeg spoot omdat hij niet eerst het grof vuil wegvegen wou maar meteen alles in de riool wegspuiten wilde. Hij beweerde ook dat de agent van dienst hier hem viseerde. Enzovoort, enzovoort, ... Vanaf 1913 werd er een nieuwe pachter aangesteld, een zekere Schaeverbeke, maar ook met deze nieuwe pachter bleven de problemen met de pomp aanslepen.
De pomp werd nog vervangen door het exemplaar van aan de Rozenhoedkaai maar tegen de tweede wereldoorlog stond ook die pomp er niet meer.