Naar de inhoud

Natuur

en natuurbeleven
akke.beakke.be

Berkenridderzwam

De "Berkenridderzwam" (Tricholoma fulvum) heeft een hoed die geelbruin tot donker roodbruin is (hier wel eerder donker roodbruin te noemen. Daarbij is hij ook wat vettig als men er over wrijft en nauwelijk geschubd. Men kan hem ook iets vezelig noemen, maar de vezels zijn wel ingegroeid. Zoals de naam het inhoud komt hij vooral bij berken voor. De geur is meelachtig en de smaak ook meelachtig zacht. Hij is dan ook eetbaar maar men moet hem wel eerst goed verhitten om bepaalde stoffen te neutraliseren, anders zou men er wel eens darmklachten kunnen aan overhouden.
Hoe vind je dit bericht? 1 stem
Geschreven door Cladonia om 17:12 Reageer op dit bericht
Reageer op dit bericht

Reageer op dit bericht

Een titel of je eigen website toevoegen

Abrikozenrussula

De "Abrikozenrussula" (Russula risigallina) heeft mooie kleuren op de hoed. Hij is perzikroze met abrikoosgeel centrum of vlekken. Daarbij is de geur vaak fruitig maar later ruikt hij naar verwelkte rozen. De plaatjes zijn daarbij ook nog safraangeel (zie in "bijlage" een foto van deze plaatjes). Wat moet je meer hebben om zulke naam te krijgen? Daarbij is hij zoals alle russula's een symbiont met allerlei loofbomen. Spijtig is dat men hem niet zo dikwijls tegenkomt.

Hoe vind je dit bericht?
Geschreven door Cladonia om 16:58 Reageer op dit bericht

Geelgeringde parelamaniet

Deze "Geelgeringde parelamaniet" is wel een speciale omdat hij geen witte maar een gele ring heeft. De wetenschappelijk benaming is dan ook een mondvol: Amanita rubescens forma annulosulphurea. Hier zien we zijn schotelvormig hoofd met nog wat witte velumresten op de hoed. U moet wel even naar de "bijlage" gaan kijken om de steel te zien met deze speciale "gele" ring. Deze variatie komt men dus ook niet zo veel tegen dan wel de "gewone" Parelamaniet met een witte ring.

Hoe vind je dit bericht? 1 stem
Geschreven door Cladonia om 10:41 Reageer op dit bericht

Donker hazenoor

Het "Donker hazenoor" (Otidea bufona) spreekt tot de verbeelding. Het is onregelmatig kom- tot oorvormig en aan één zijde gespleten. De binnenzijde is okerkleurig tot kaneelkleurig geelbruin en de buitenzijde glad tot rimpelig, ruw wrattig, okerkleurig bruin tot sepiakleurig grijsbruin. Het kan dus wel wat nuances van kleur in zich hebben. Men komt het tegen tussen wat strooisel op humeuze grond in lanen en bossen. Zo'n "oortje" kan wel een doorsnede van 8 cm bereiken en komt niet zo veel voor.
Hoe vind je dit bericht?
Geschreven door Cladonia om 10:26 Reageer op dit bericht

Vuurzwammetje

Het "Vuurzwammetje" (Hygrocybe miniata) is altijd een zeer fris rode verschijning tussen het groen. Het behoort bij de familie van de wasplaatachtigen. En inderdaad voelt het "was"-achtig aan. De plaatjes zijn breed aangehecht en lopen met een "tandje" af op de steel. We kunnen het hier nog juist wat zien. Het is geen groot paddestoeltje want de hoed wordt maximaal 5 cm in doorsnede en gewoonlijk is dat veel minder. In "bijlage nog een opname van dit mooie zwammetje!

Hoe vind je dit bericht?
Geschreven door Cladonia om 17:26 Reageer op dit bericht

Trichoderma viride

Dit is nog een imperfecte vorm van de "Rossige kussentjeszwam" (Hypocrea rufa). Men noemt dit imperfect omdat het geen vruchtlichaam is van een sexuele voortplanting tussen schimmels, het is dus een "klonenvormend" lichaam. Soms kan deze imperfecte vorm samengaan met de perfecte vorm de "Rossige kussentjeszwam". Aan voortplantingswijzen is er dus ook geen probleem bij de zwammen! De kleur is toch ook altijd opvallend als deze vooral op rottend hout te vinden is. Het is dus ook een saprofyt!
Hoe vind je dit bericht?
Geschreven door Cladonia om 17:10 Reageer op dit bericht

Oranje druppelzwam

De "Oranje druppelzwam" (Dacrimyces stillatus) is inderdaad gewoonlijk druppelvormig en maar een 2 tot 5 mm in doorsnede. Dus zeer klein. Hij is slijmerig, gelatineus, en geel tot oranjegeel. Als hij wat opdroogt wordt hij sterker oranje tot oranjerood. Een mooie kleur! Ze staan ook altijd in groepjes en nogal dicht opeen. Op sterk vermolmd naaldhout meestal maar ook zelfs op oude vensterbanken of ander bewerkt hout waar hij van leeft. Saprofyt dus!
Hoe vind je dit bericht? 1 stem
Geschreven door Cladonia om 17:25 Reageer op dit bericht

Poederige kussentjeszwam

Op oude, op de grond liggende, Berkenzwammen en dan op de buisjeslaag er van, kan men deze saprofyt vinden. De "Poederige kussentjeszwam (Hypocrea pulvinata) blijkt daar typisch op voor te komen. Een zwam die dus een andere verteert. Hij ziet er kussenvormig uit, rond tot onregelmatig ovaal en ze vergroeien onderling. De bovenzijde is ruw, mat okergeel tot bleek bruin. Hier is hij gedeeltelijk nog met een andere schimmellaag bedekt. In "bijlage" nog een tweede opname.

Hoe vind je dit bericht? 1 stem
Geschreven door Cladonia om 17:13 Reageer op dit bericht

Schorsbreker

De "Schorsbreker" (Vuilleminia comediens) doet zijn naam alle eer aan. Hij breekt door de schors en groeit verder aan terwijl de schors helemaal omkrult en hij deze afwerpt. Hij kan zo op een grote oppervlakte actief zijn. De bovenzijde is mat en glad, soms een beetje glanzend. De kleur kan wittig zijn tot bleek vleeeskleurig of wat grijs met lila tinten (zoals hier ongeveer). Het is een saprofyt hij leeft dus op dood hout dat soms nog aan de boom hangt of op afgevallen loofhouttakken en dan vooral op eik.
Hoe vind je dit bericht? 1 stem
Geschreven door Cladonia om 16:50 Reageer op dit bericht

Inktzwam

Deze "Inktzwam" (Coprinus) heeft wel prachtige kleuren. In het midden mooi bruin -rood en een mooi gestreept hoofdje. Als hij jong is zoals enkele exemplaren die uitkomen is hij rood -bruin te noemen. Het oudere exemplaar begint al wat te verslijmen aan de rand en wordt dan verder zwart zoals de sporen die ook helemaal zwart worden. Het is niet voor niets dat deze zwammmen gebruikt werden om inkt te maken. We konden hem verder niet op naam brengen. Hij stond ook duidelijk op snippers van hout. De familienaam "coprinus" duidt op het "op mest groeien". Houtsnippers zijn natuurlijk zeer voedselrijk...In "bijlage" nog een opname!

Hoe vind je dit bericht?
Geschreven door Cladonia om 11:18 Reageer op dit bericht

Gesteelde druppelzwam

Het steeltje van deze "Gesteelde druppelzwam" (Dacrimyces capitatus) is helemaal niet lang maar wel zeer kort en niet goed zichtbaar. Het vruchtlichaam zelf is ook niet groot , het is bol tot lensvormig en maar 1 tot 3 mm in doorsnede. Het zwammetje is een zwam levend van dood  hout, een saprofyt dus. Wel met een mooie oranje kleurtje. In "bijlage" nog een opname van dit zwammetje.

Hoe vind je dit bericht? 1 stem
Geschreven door Cladonia om 11:04 Reageer op dit bericht

Variabel kristalkopje

Een slijmzwammetje is toch steeds fascinerend! Het is een doorgaans klein organisme dat een dierlijk begin kent, als een amoebe (een ééncellig wezen). Het voedt zich vooral met algen en bacteriën die het opneemt en inwendig verteert. Daarna komt er een fase dat het stabiliseert en een "sporogoon" vormt , waar het een soort sporen ontwikkelt om zich voort te planten. Hier hebben we "sporogonen" van het "Variabel kristalkopje" (Didymium squamulosum). Meestal staan de sporogonen afzonderlijk maar bij deze soort kunnen er ook samengroeien. Onderaan zien we een klein vliezig vlakje waarop het zich verder ontwikkelde. Het steeltje is gegroefd en wit. Bovenaan zitten de bruine sporen in een omhulsel uit kristallen bestaand. Voor deze details moet u in "bijlage" gaan kijken waar we een vergroting van x 30 opnamen, de kleuren zijn dan wel niet zo echt meer, maar wat bruinig. Ook bij vorige gelegenheden hebben we over deze ééncelligen al iets meer verteld (zie bovenaan bij slijmzwammen).

Hoe vind je dit bericht? 1 stem
Geschreven door Cladonia om 16:21 Reageer op dit bericht

Gedraaid knikmos

Soms moet men niet ver gaan zoeken om mooie mosjes te vinden. Dit "Gedraaid knikmos" (Bryum capilare) staat gewoon in een voeg van ons terras. Zoals vele mossen draagt het vooral de naam van het kapsel en dat "knikt" hier perfect! Ze staan ook het meest in het oog als er een lage winterzon op schijnt. Het mosje zelf is zeer klein en valt zeker niet op. Als het erg droog is zijn de blaadjes wel sterk gedraaid en dit komt dan ook weer voor in de naamgeving!
Op vele plaatsen kan men dit mosje tegenkomen zoals op allerlei grond en steensoorten. Een van de beste kenmerken is ook dat een blad het breedste is in de bovenste helft, maar dan heeft men wel zeker een loep nodig. In "bijlage" nog een opname!

Hoe vind je dit bericht? 3 stemmen
Geschreven door Cladonia om 16:03 Reageer op dit bericht

Kleine wintervlinder

Hier hebben we wel het mannetje van de "Kleine wintervlinder" (Operopthera brumata) want het vrouwtje is vleugelloos! Het is het mannetje dat dus wel het vrouwtje moet vinden. Het is ook een nachtvlinder en verschijnt maar eerst na de eerste nachtvorst. Zeer merkwaardig toch? Zijn naam "Wintervlinder" is dus wel goed gekozen. Op een stuk stronk van een boom is het ook geen opvallende verschijning men moet er bij toeval op uit komen. Er vliegt één generatie van deze vlindertjes per jaar en de eieren overwinteren. Het schijnt ook dat de rupsen soms massaal voorkomen en veel schade kunnen aanrichten aan fruitbomen... 
Hoe vind je dit bericht?
Geschreven door Cladonia om 16:49 Reageer op dit bericht

Priembladmos

Dit "Priembladmos" (Dicranodontium denudatum) wordt als zeer zeldzaam aangeduid. De blaadjes staan wat sikkelvormig op de stengel en blijken gemakkelijk af te breken en zo zien we de stengel nog met sporen van oude blaadjes als een streepje op de stengel. De naamgeving van de wetenschappelijke naam duidt daar ook op: "denudatum" =ontbloot of naakt. De stengel wordt kaal daar waar vroeger blaadjes stonden. Hier ook te merken! Het is en bij uitstek mos dat zich vegetatief met stukjes van een blad of het gehele blad voortplant. Als men er met de hand overgaat kleven er heel veel stukjes van de blaadjes aan de vingers. Op die manier zal het gehele stroken op een liggende rottende boom kunnen inpalmen maar verspreidt het zich niet vlug op grotere afstand, tenzij de mens of een dier bij toeval een stukje van meeneemt en op een geschikte plaats deponeert bv. op zuur rottend hout of een scheve boomvoet. In "bijlage" nog een opname!

Hoe vind je dit bericht?
Geschreven door Cladonia om 16:26 Reageer op dit bericht

Gewoon sikkelsterretje

Het "Gewoon sikkelsterretje" (Diceanoweisia cirrata) Behoort tot de topkapselmossen en doet hier die naam echt alle eer aan. De kapsels staan hier in massa aan de top van het kleine mosje.
 Een puntig huikje staat nog boven op het sporendoosje (kapsel). Het mos is praktisch niet meer te zien. De blaadjes zijn lancetvormig en vormen een gootje en daarbij kronkelen ze ook nog. Als ze droog staan zijn ze echt kroezig in elkaar verweven. Ze staan vooral op boomvlakken in de regenbaan en kunnen er massaal bijeenstaan. Hier zien we de kapsels wel erg mooi bijna in 't gelid naast elkaar.
Hoe vind je dit bericht? 1 stem
Geschreven door Cladonia om 16:50 Reageer op dit bericht

Gewoon schijfjesmos

Het "Gewoon schijfjesmos" (Radula complanata) is een éénhuizig mos met bladeren die als schijfjes boven elkaar aan een stengel groeien. Aan de bladrandjes zien we vlakke, ronde broedlichaampjes die kunnen afbreken en in staat zijn om een nieuw mos te laten uitgroeien. Speciaal hier zien we boven links echter ook twee openspringende sporendoosjes (bruin) op een steel, die met vier kleppen open staan. De sporen zijn er ondertussen uit. Dit ziet men niet dikwijls want gewoonlijk zien we dit mos alleen met de broedkorrels langs de blaadjes. Een meevaller! In "bijlage" nog en opname .

Hoe vind je dit bericht?
Geschreven door Cladonia om 16:33 Reageer op dit bericht

Gewimperd veenmos

Veenmossen hadden en hebben een bijzondere betekenis voor de mens. "Veen" is het samengeperste veenmos van honderden jaren oud en werd in vele delen van Europa gewonnen en in gedroogde vorm (turf) onder meer als brandstof gebruikt. In het landschap zijn hier en daar nog van die sporen terug te vinden, waar de mens deze "turf" ontgonnen heeft. Een veel voorkomend veenmos hier bij ons is het "Gewimperd veenmos" (Sphagnum fimbriatum). Om het echt op naam te brengen is wel nodig dat men een "stamblaadje kan zien. Dit moet wat "uitgerafeld" of (gewimperd) zijn. De venmossen zijn ook erg mooi en blijven maar doorgroeien als ze de kans krijgen. Zo vormen zij dus ook die stapels die later het "veen"geven. Hier hebben we het mos dat kapselt. De kapsels staan bovenaan op een steeltje met een doosje. Hierin zitten de sporen. Hier zijn "sporedoosjes" te zien die nog gesloten zijn maar er zijn er ook al open om de sporen los te laten. In "Bijlage" nog een opname!

Hoe vind je dit bericht? 1 stem
Geschreven door Cladonia om 17:23 Reageer op dit bericht

Elzenmos

Het "Elzenmos" (Pallavicinia lyellii) behoort tot de "plakkaatmossen" zij hebben een vlak dat uitgroeid, deze "stroken" kunnen tot 4 cm worden. Van dit mosje zijn de randen gewoonlijk iets gegolfd. De nerf kan maar met een loep bekeken worden. Het is ook vrij zeldzaam en alleen maar in veenmosrietlanden en moerasbosen te vinden. Het ziet er wel bleekgroen uit een frisse aanblik!In "bijlage" nog een opname.

Hoe vind je dit bericht?
Geschreven door Cladonia om 17:03 Reageer op dit bericht

Gewoon knikkertjesmos

Het "Gewoon knikkertjesmos" (Physcomitrium pyriphormis) vind ik eigenlijk geen gewoon mosje. Het is een winterpionier die vanf het najaar tot ontwikkeling komt en voor de zomer reeds afsterft! De rozetvormige plantjes staan afzonderlijk of in groepjes bij elkaar. De bladen zijn eirond tot spatelvormig en in de bovenste bladhelft getand. Ze zijn echter zeer klein. Het is maar aan de sporenkapsels die we hier ook kunnen zien vooral in het voorjaar en die door hun lichtgroene kleur wel opvallen. De sporenkapsels steken er bovenuit en zien er echt als "knikkertjes" uit. Ze staan ook maar waar klei of leem aan de oppervlakte komt. Dus op zandgronden moet men ze helemaal niet verwachten!
Hoe vind je dit bericht?
Geschreven door Cladonia om 17:17 1 reactie Reageer op dit bericht

Meer van Natuur

↑ Terug naar de berichten