
Hier is het om te doen
29 januari 2008
Op 29 januari 2008 werd door het Openbaar Ministerie officieel de vraag neergelegd om de politieke partij Partido Comunista de las Tierras Vascas (EHAK-PCTV) te laten verbieden, op basis van vermoedelijke banden met de verboden partij Batasuna. De vraag om EHAK te verbieden, gaat gepaard met de petitie van bewarende maatregelen. Dit betekent de schorsing van alle activiteiten van die partij.
Gelijktijdig wordt beslag gelegd op alle bankrekeningen (waar het geld ook moge vandaan komen) en zullen alle kantoren gesloten worden. De neerlegging van de vraag om ANV-Acción Nacionalista Vasca te verbieden, volgt in de komende dagen.
Dezelfde dag, 29 januari 2008, werd door de tripartiete (PNV-EA-EB) van de Baskische regering, samen met de politieke partij Aralar, een wetsvoorstel ingediend. Het voorstel houdt in dat het “Reglamento de la Cámara Vasca”, het Kamerreglement, bij hoogdringendheid wordt aangepast. Bij artikel 20, 2° moet het volgende worden toegevoegd: “De ontbinding, om welke reden dan ook, van een parlementaire groep moet voorafgegaan worden door het akkoord van de voltallige Baskische Kamer en van de absolute meerderheid van haar leden”.
Het wetsvoorstel komt er nadat het Hooggerechtshof, op 21 januari 2008, Juan María Atutxa, Gorka Knörr en Kontxi Bilbao veroordeelde wegens “delict van ongehoorzaamheid”, omdat zij na de illegalisering van Sozialista Abertzaleak in 2003 niet zijn opgetreden en de partij niet hebben uitgesloten (zie de “Zaak Atutxa”).
Het is geen toeval dat beide bijzondere gebeurtenissen op dezelfde dag plaatsvinden. De Baskische regering is nog niet bekomen van de uitspraak in de “Zaak Atutxa”, en probeert nu iets wettelijks achter de hand te houden.
Op 30 januari 2008 presenteerde advocaat-generaal van de Staat, Joaquín de Fuentes Bardají, voor het Hooggerechtshof de vraag tot illegalisering van ANV, en het embargo op alle bankrekeningen en op alle economisch-financiële activiteiten. Hij verzocht ook alle publieke financiering aan de partij stop te zetten en de schorsing van het recht om kandidaturen in te dienen voor de verkiezingen van 9 maart 2008. ANV beschouwt hij als een partij van Izquierda Abertzale (wat juist is) en deel uitmakend van het geheel van het verboden Batasuna (wat niet juist is), en dus volgens het idee-fixe van de Spaanse staat ook deel uitmakend van ETA.
Op 31 januari 2008 bestudeert de Kamer 61 van het Hooggerechtshof de aanklachten, en zal uitspraak doen over de bezwarende maatregelen die moeten worden opgelegd.
Op 1 februari 2008 gaat Kamer 61 van het Hooggerechtshof unaniem akkoord om op 8 februari 2008 vier voorafgaandelijk openbare zittingen (twee voor elke partij) te houden, alvorens over te gaan tot de toepassing van bezwarende maatregelen (verbod op deelname aan verkiezingen en opschorting van activiteiten) tegen ANV en EHAK. Op die zittingen zal het getuigenis van beide partijen gehoord worden. Dit is een doekje voor het bloeden en een voorwendsel dat alles democratisch zou verlopen. Ondertussen heeft de Openbare aanklager van de uitzonderingsrechtbank Audiencia Nacional de opdracht gegeven aan magistraat Baltasar Garzón om onverwijld de schorsing van de activiteiten van beide partijen te eisen, inbegrepen het recht om kandidaten voor te dragen en het recht om deel te nemen aan de verkiezingen.
Op 4 februari 2008 verschijnt EHAK omstreeks 10:00u op de Audiencia Nacional. De partij wordt aangevoerd door hun voorzitter, Juan Carlos Ramos, die vergezeld werd door advocate Jone Goirizelaia en vertegenwoordigers van de partij. Zij werden opgewacht door de gebruikelijke man en paardenkop van het ultrarechtse Alianza Nacional, die een paar kreten slaakten. De verdediging verwierp de aanklacht van “relatie tussen EHAK, Batasuna en ETA”. Immers, de bewijslast die voorgelegd werd, is dezelfde die gebruikt werd in 2005. Toen waren er geen motieven om de partij te schorsen. Vandaag kunnen er dus ook geen motieven zijn.
Op 5 februari 2008 was het dus de beurt aan ANV om voor Baltasar Garzón te verschijnen. De groep werd beschermd door agenten van de Policía Nacional, want de verzamelde meute van het ultrarechtse Alianza Nacional stond hen weer op te wachten. Het bleef bij war getier: “Lafaards, moordenaars”.
Op het einde van de verhoren, vond Garzón er niets beter op dan leiders van het ANV te beschuldigen van en aan te klagen voor “het ter beschikking stellen van fondsen voor Batasuna, en als gevolg hiervan terroristische activiteiten te hebben gefinancierd”. De drie beklaagden zijn: de voorzitter van het ANV, Kepa Bereziartua, en de leden Alazne Arozena en Antxon Gómez Lorente.
Op 6 februari 2008 herhaalde Garzón dezelfde beschuldigingen, maar nu voor drie leden van EHAK: voorzitter van EHAK, Juan Carlos Ramos, en de penningmeesters Jesús María Agirre en Sonia Jacinto.
De magistraat van de Audiencia Nacional, Baltasar Garzón, heeft op 8 februari 2008 de schorsing gedecreteerd, gedurende 3 jaar, van alle activiteiten van de nationalistische politieke partijen ANV en EHAK. Deze schorsing kan over drie jaar verlengd worden met nog eens 5 jaar. Bovenop dit decreet komt de sluiting gedurende 3 jaar alle mogelijke lokalen en centra die aan beide partijen toebehoren. Alle bankrekeningen worden afgesloten, alsook water, gas, elektriciteit, telefoon en webstek. Ook de toelage aan deze politieke partijen wordt opgeschort. Door dit vonnis kunnen beide partijen niet deelnemen aan de verkiezingen van 9 maart 2008. Daar was het om te doen. Enkel daarom!
Het vonnis heeft voorlopig geen effect op de verkozen afgevaardigden in het Baskische parlement en in de gemeenteraden.
Nadat de magistraat van de Audiencia Nacional, Baltasar Garzón, op 8 februari 2008 de schorsing decreteerde, gedurende 3 jaar, van alle activiteiten van de nationalistische politieke partijen ANV en EHAK, en een aanklacht indiende tegen 38 personen wegens vermeende integratie in een gewapende organisatie, had het Hooggerechtshof diezelfde dag 5 uur nodig om te delibereren over de eis tot opschorting (eigenlijk verbod) van beide partijen. Het Hooggerechtshof heeft het ANV verboden aan de verkiezingen deel te nemen en vraagt de stopzetting van alle publieke financiering. Garzón heeft dus beide politieke partijen verboden, maar daarna heeft het Hooggerechtshof enkel verboden om deel te nemen aan de verkiezingen. Komt er nu weer herrie tussen de twee rechtbanken? Of zit de schrik voor Straatsburg er nu definitief in?