Scheiding der machten?


Consejo General del Poder Judicial (CGPJ)
Algemene Raad van de Rechterlijke Macht
De scheiding van de machten - de uitvoerende, de wetgevende en de rechterlijke macht – is de spil waarop alle moderne democratieën gestoeld zijn. Dit principe is in de praktijk nochtans niet zo duidelijk.
In Spanje kiezen de burgers vertegenwoordigers voor de wetgevende macht. Die vertegenwoordigers kiezen naast de president van de regering, ook de leden van de Consejo General del Poder Judicial (CGPJ) of de Algemene Raad van de Rechterlijk Macht. Dit instituut blijft op die manier in feite afhankelijk van zowel de rechterlijke als van de politieke wereld.
De CGPJ is samengesteld uit 20 leden en een voorzitter. Op dit moment (eind 2007) ontbreken 3 leden. Het zijn: Enrique Míguez Alvarellos (gepensioneerd), Fernando Fernández Martín (overleden) en José Antonio Alonso (benoemd als minister Binnenlandse Zaken).
De grondwet (artikel 122) erkent de CGPJ als autonoom orgaan en plaatst de CGPJ op gelijke voet (pariteit) met de Regering, het Congres en het Grondwettelijke Hof. De Raad heeft als bevoegdheid: benoemingen van hoge rechtersambten, bevorderingen, inspecties in gerechtshoven en tribunalen en desbetreffende tuchtmaatregelen. De raad is belast met de verkiezing (3/5 van de stemmen vereist) van de president van het Hooggerechtshof, twee leden van het Grondwettelijke Hof, de presidenten en de magistraten van de Kamers bij het Hooggerechtshof en de presidenten van de Tribunales Superiores de Justicia de las Comunidades Autónomas (de hoogste gerechtsorganen in de Autonome Gemeenschappen). Aangezien de leden van CGPJ gekozen worden door de volksvertegenwoordigers, is de inbreng van een politieke meerderheidsideologie, in de hele structuur van het gerechtelijke apparaat, niet te onderschatten.
Samenstelling
De CGPJ is dus gevormd uit 20 leden en één president, die bovendien ook fungeert als president van het Tribunal Supremo (Hooggerechtshof). Van de 20 leden worden er 10 aangesteld door de Kamer van Volksvertegenwoordigers en 10 door de Senaat.
Iedere Kamer verkiest met een gekwalificeerde meerderheid van 3/5 tussen 36 kandidaten. Van de 10 uitverkorene per kamer moeten er 6 worden voorgesteld door magistraten en 4 moeten komen uit gerenommeerde advocaten- of juristenbureaus. De voorwaarde is 15 jaar ervaring in het beroep.
Het mandaat van de leden is vastgelegd op 5 jaar en eenmaal die termijn bereikt, moet de raad volledig hernieuwd worden. De uittredende leden kunnen niet opnieuw verkozen worden. Dit in tegenstelling tot de voorzitter die maximaal nog een tweede termijn mag uitzitten. De wet voorziet dat de uittredende leden in functie blijven tot de volledige nieuwe raad is geïnstalleerd, en er is hier geen maximum termijn van toepassing. De huidige raad bevindt zich in een soortgelijke situatie sinds november 2006 (17 leden i.p.v. 20).
Met de huidige verdeling van de kamerzetels in het parlement is de medewerking van de Partido Popular onmisbaar. Maar de grootste oppositiegroep weigert te onderhandelen over de invulling van de 3 ontbrekende leden, aanvoerende dat er een breuk is tussen de PSOE en henzelf wat betreft de consensus in die justitiële materie. Zij verwijten de regering de postjes onder de “vrienden” te willen verdelen, terwijl alle overige formaties de PP verwijten manoeuvres uit te voeren om de meerderheid in de CGPJ te herstellen of te behouden. In 2001 had de PP de absolute meerderheid in de Cortes, en ze hebben er op gerechterlijk vlak terdege gebruik van gemaakt.
De huidige CGPJ, sinds november 2006 in functie en met 3 vacatures, bestaat uit:
8 PP-strekking
6 PSOE-strekking
1 op voorstel van PSOE/PP samen (voorkeur van het lid is PSOE)
1 CiU
1 IU















































