Het gebeurde in de wijk Morlans


Het volk zal dit nooit vergeven
+17 augustus 1991
Op 17 augustus 1991 beleefde Euskadi andermaal een zwarte dag. Na een nacht van tientallen arrestaties in Donostia, werd een huis omsingeld in de wijk Morlans, waar 3 Baskische nationalisten zich schuilhielden: Patxi Itziar Agirre, Jokin Leunda Mendizabal en Iñaki Ormaetxea Antepara. Terwijl in een rechtstaat verdachten (nog geen beschuldigingen, nog geen bewijzen) in voorlopige hechtenis worden geplaatst, oordeelde de Guardia Civil het nodig om meteen de wapens te hanteren en een salvo op het huis af te vuren. Dit duurde de hele morgen lang. Tegen de middag vielen zij het huis binnen na het eerst met traangas te hebben bewerkt.
Patxi Itziar lag dood op een kussen in de keuken met 1 schotwonde in de slaap. Jokin Leunda vertoonde 12 schotwonden in de rug (geen enkele dodelijk) en een schotwonde in het hart van op korte afstand afgevuurd. Iñaki Ormaetxea lag in het bad met 2 schotwonden in niet-vitale organen en een schotwonde in het hoofd, afgevuurd van op minder dan 25 cm. Waren de urenlange salvo’s een dekmantel, een strategie om latere “onfrisse praktijken” te verdoezelen? Ik weet het niet. Ik hoop alleen dat het gezegde “al moesten de kraaien het uitbrengen” een verhelderend licht op deze onfrisse zaak zal brengen.
Op 17 augustus 2006, zoals elk jaar, organiseerde Askatasuna (collectief voor hulp aan politieke gevangenen) ook dit jaar weer een herdenkingsplechtigheid in de wijk Morlans. De haatdragers van de Partido Popular, bij monde van Gabriel Elorriaga, waren er als de kippen bij om de herdenking te laten verbieden en om elke samenscholing te laten verhinderen. Gerecupereerde slachtoffers van aanslagen door ETA mogen herdacht worden, nationalisten moeten wegrotten. En inderdaad, de herdenking werd verboden. In een communiqué kondigde Askatasuna voor dezelfde week ook de “Amnistiaren Eguna” (dag van de amnestie) aan, in diverse plaatsen in Gipuzkoa waar momenteel feesten (bv.: Aste Nagusia-Semana Grande in Donostia) plaatsvinden.
Voor vandaag, 17 augustus 2007, heeft het Departement Binnenlandse Zaken van de Baskische regering een verbod tot hommage uitgevaardigd. De inrichters hebben al laten weten zich er niet aan te storen. Dat worden dus terug: “rellen”.
Het gebeurde zondag jl.
Aste Nagusia
12 augustus 2007
Op 12 augustus 2007 ging de Aste Nagusia (Feestweek van Donostia-San Sebastián) van start.
De feestweek van Donostia begint elk jaar met een betoging waarbij het dichterbij brengen van de Baskische politieke gevangenen wordt geëist. In Baskenland wordt trouwens op elke dorpskermis de slagzin “Wij zijn niet met zijn allen” gebruikt, doelend op de politieke gevangenen die afwezig zijn en ver van huis verblijven. In sommige gemeenten waar (Herri) Batasuna de meerderheid vormde (vóór ze illegaal werden verklaard) werd bij gelegenheden als deze door de gemeenteraad zelfs een feestpakket naar de gevangenis in het verre Zuiden gestuurd. Mogelijk gebeurde dit enkel bij gevangenen die solidair bleven met de Organisatie (wat vrijwel altijd het geval was). Net om deze solidariteit te doorbreken werd de gevangenenspreiding uitgetekend door de PSOE en … de PNV. Bracht een gevangene openlijk kritiek uit op ETA dan kreeg hij meteen een “gunsttarief” dat er meestal uit bestond dat hij dichter bij huis of in een minder zwaar regime terechtkwam. Hij kon de steun en de solidariteit dan wél vergeten.
Er kwam gisteren opnieuw opvallend veel volk opdagen voor de manifestatie. Er werd geen enkel incident verwacht en er was dit jaar zelfs geen sprake van een mogelijk verbod omdat de Mani niet werd ingericht door “een buiten de wet gestelde organisatie”. Toch bleef de helikopter van de “Baskische” politie gedurende de hele tocht en de daaropvolgende toespraak voor de oorlogssfeer zorgen, zoals in de “Vietnamfilms”. In één van de zijstraten stonden enkele “vermomde” Ertzainas met het geweer (met rubberkogels) in aanslag! Zij kregen lieve woordjes toegeworpen als “Zuek, Faxistak, zarete terroristak” (Jullie, fascisten, zijn de terroristen!)
Na afloop zorgde voormalig Batasuna-volksvertegenwoordiger Joseba Alvarez voor een gloedvolle rede. Hij sprak gedurende een klein half uur en daarvoor had hij in zijn rechterhand een spiekbriefje ter grote van een half pakje sigaretten. In tegenstelling tot de voorbije jaren was de toespraak enkel in het Baskisch. Josu Jon Imaz van de PNV kreeg het hard te verduren maar die man laat ook niets onverlet om zich gehaat te maken. Felipe González die het tijdens zijn bewind zó bont maakte met de organisatie van staatsterroristen (GAL) dat hij met de grootste moeite uit de gevangenis kon gehouden worden noemde Imaz enkele dagen geleden “het beste wat de PNV overkwam”. Alvarez zei hierover dat “verraders altijd met de vijand meeheulen”! Ook de Socialisten die bij de regeringsonderhandelingen in Navarra enkele dagen geleden het presidentschap zomaar ten geschenke gaven aan de PP kregen de volle laag. Verder betreurde Joseba het dat hij niet meer mocht spreken in naam van Batasuna “omdat in dit land van democratie geen sprake is indien er niet voor iedereen democratie is. Wij noemen dat ‘Demokrazia Zero’ “. “De PNV trekt zich nergens iets van aan. Noch van de 600 politieke gevangenen waarvan er een aantal hun straf achter de rug hebben. Anderen, zoals Gatza zitten al 27 jaar vast of zijn doodziek. Arnaldo Otegi zit vast omdat hij aan de vredesbesprekingen deelnam”. Het noemen van de naam Arnaldo Otegi zorgde voor een klaterend applaus. De slagzin van de PNV “Aurrera doan Herria” / “een land in opmars” kraakte hij af met het verwijt dat “het enige dat vooruit gaat de handelszaken van de PNV zijn!” “Aan de hand van de PNV gaan we er op achteruit.” “De PNV verloor bij de laatste verkiezingen 100.000 stemmen en in Donostia 11.000 maar ze blijven verder knoeien”. Ook de gebeurtenissen van de voorbije dagen werden aangeklaagd. In Zornotza werd een huldiging van de aan kanker overleden ETA-leider verboden. Het stadje werd ingenomen door de Ertzaina. In Etxarri had de Guardia Civil verzameling geblazen om een actie ten voordele van de gevangenen te beletten. “Tweemaal werd de gewapende macht uitgestuurd door diegenen die zeggen dat ze tegen geweld zijn.” (de PNV en de PSOE). Toch besloot Joseba in positieve zin: “Het onderhandelingsproces is dan wel stilgevallen maar wat niet stilvalt, is het bevrijdingsproces van Euskal Herria. Ondanks de criminalisering hebben we in het Zuiden bij de laatste verkiezingen ongeveer 900.000 stemmen gehaald. De dialoog en de onderhandelingen zijn het enige alternatief om tot onafhankelijkheid te komen”.
Na zijn toespraak was er naast de kiosk heel even contact tussen Joseba Alvarez en zijn vader, José Luis Alvarez “Txillardegi” die onlangs ontslag nam uit de partij Aralar.
Terwijl het “Eusko Gudariak Gara” (Het lied van de Baskische soldaat) de middag afsloot kwam uit de Calle Mayor de stoet al aangestapt die de feestweek “officieel” zou openen.
Toen ik hem na afloop een schouderklopje gaf en hem feliciteerde “omdat hij zo makkelijk sprak in een zo moeilijke taal”, begreep hij de grap meteen. Hij was duidelijk in zijn sas.
De manifestanten trokken dan naar de Plaza Sarriegi voor een heildronk op de politieke gevangenen uit de stad. “Txalaparta-muziek” zorgde voor de juiste sfeer en daarna werd onder een sonoor ritmisch handgeklap de lijst van alle gevangenen afgelezen én de stadswijk waaruit hij of zij vandaan komt. Aan een standje werden de typische Baskische wijnglazen verkocht met daarop de amnestieslagzin. Toen het ogenblik gekomen was knalden enkele champagnekurken. Anderen hadden uit bar “El Quinto Pino” gewoon bier in plastic bekertjes bijgehaald...
De herdenking in Morlans (zie bovenaan dit artikel), binnen enkele dagen zal van een ander kaliber zijn...
Opgestuurd door W. Hensgen, die ter plaatse was.




















