Naar de inhoud

BASKENLAND

Littekens op een stierenhuid
akke.beakke.be
Net zoals de Vlamingen streven de Basken naar onafhankelijkheid. Hier is een deel van hun verhaal.

Archief

Baskische familienamen

24 april 2008

 

Familienamen als die van burgemeester Beitialarrangoitia klinken ons erg vreemd in de oren. Baskische familienamen? Een hoofdstuk apart. Men moet geen Spanjaard zijn om te weten dat in het land van Juan Carlos de Borbón y Borbón zowat de helft van de bewoners García of González heet. Vandaar waarschijnlijk de gewoonte ook de familienaam langs moeders zijde te gebruiken om vergissingen te vermijden. Omdat Spanjaarden vaak een dubbele voornaam hebben, kan het behoorlijk indrukwekkend klinken: Maria del Puy González de la Cruz is misschien “gewoon” de bakkersvrouw van om de hoek, waar ze door de buren gewoon Puy Cruz genoemd wordt.

In Baskenland, met zijn twee beroemde Jezuïeten, heten de zonen ofwel Iñaki, Ignacio, Iñigo (naar Ignatius van Loyola) ofwel Xabier, Javier, Javi, Xabi (naar Franciscus Xaverius).

Drie dagen nadat Franco aan de macht kwam, werden Baskische voornamen bij decreet verboden. Een uitzondering werd gemaakt voor een paar “heilige maagden”. Aránzazu, Iciar of Begoña bleven gespaard; Irache, Idoya en Arrate werden gedoogd, hoewel. Door er María vóór te zetten, kon men de naam verspaansen. Na de dood van de caudillo viel alles weer heel langzaam in de plooi en na de ontkerstening, bij de radicale onafhankelijkheidsstrijders, kwamen er zelfs namen als Ibai (rivier) en Arkaitz (rots). Nu moet je niet meer schrikken van een voornaam als Iraultza, revolutie!

 

Familienamen kon men niet verbieden of “verspaansen”. Van de Baskische familienamen verwijst 90 % naar de plaats van herkomst. Omdat voor een Bask het geboortehuis (‘etxea’) heilig is, wijzen de meeste namen dan ook naar dat huis en/of naar de plaats waar het zich bevindt en dat is in dit Pyreneeënland nogal eens tegen een berg, in een valei, bij een rivier of een weiland. Veel namen beginnen dan ook met ‘etxe’ of eindigen op ‘txea’ of het verspaanste ‘chea’. Enkele voorbeelden:

Goikoetxea: (Van) het hoogste huis

Etxeberria of Echeverria: (Van) het nieuwe huis. Lag dat nieuwe huis op een berg (mendi) dan heette de bewoner al vlug Mendietxeberria.

In het groene Baskenland verwijzen ook veel namen naar bomen of planten. Een naam als Pagatzautunduagoienengoa staat dan wel in de “Nomenclatuur van Baskische namen” van de Koninklijke Academie voor de Baskische Taal vermeld, maar je zult hem tevergeefs in een telefoonboek vinden.

 

Opvallend is dat 55% van de bewoners van Euskal Herria geen enkele Baskische familienaam (noch langs vaderskant, noch langs moederskant) draagt, terwijl in Spanje op z’n minst 10 % van de bevolking één Baskische naam heeft, zelfs in de meest zuidelijke provincies.  

De naam Eznarri is ongetwijfeld zeer oud. De Basken wisten al melk te koken vooraleer het gebruik van ijzer of staal bestond. In een houten schaal vol melk werd een gloeiend hete steen gelegd. Eznarri komt van esne (melk) en (h)arri (steen).

 

Juan José Zearreta Urigoitialdekozea, directeur van de Koninklijke Academie voor de Baskische Taal, werd ooit ’s nachts staande gehouden door de driftkikkers van de Guardia Civil. Toen ze op hun lijst van verdachten zijn naam zochten, zuchtte de hoogste in bevel: “Welke originele familienamen hebt U! De eerste eindigt op ETA, om over de tweede nog maar te zwijgen.” Die kon hij niet eens uitspreken.

De familie van burgemeester Beitialarrangoitia van Hernani kwam hoogstwaarschijnlijk ooit uit Bizkaia. Daar is een naam vaak een samenvoeging van voorwerpen of kenmerken die bij het voorouderlijk huis hoorden. Hoewel je het nooit zeker weet toch een poging:

Beiti = plaveisel, grond. Lagen er rond de boerderij platte stenen (om de boel proper te houden bij regen)?

Larre = weidegrond

Goiti = zolder.

In de dorpen worden de mensen tot op heden niet met hun familienaam genoemd, maar met de naam van de boerderij waarin ze wonen.

Geschreven door Natxo om 00:00 Stuur door

Apartheid!

23 april 2007

 

De Europese Vereniging van Democratische Advocaten (met o.a. leden uit ons land) klaagt het bestaan aan van een lijst van 15.000 Basken die niet aan verkiezingen mogen deelnemen. Komen ze voor op een kieslijst dan vliegt de hele lijst de vuilnisbak in! Gaat het dan om leden van ETA? Helemaal niet!         
Contact onderhouden met politieke gevangenen is al voldoende om op de lijst terecht te komen! Op een verkiezingslijst gestaan hebben die eerder onwettig verklaard werd: idem! Het is niet nodig dat de mensen op deze lijst voordien een veroordeling opliepen. Werden ze gezien op een politieke manifestatie dan hebben ze prijs!

De Baskische advocatenvereniging, Eskubideak klaagt aan dat het onmogelijk is meer informatie te verkrijgen over deze lijst. Wat met de privacy? Wie stelde de lijst op? Hoogstwaarschijnlijk de "specialisten": de alomtegenwoordige Guardia Civil! 

Geschreven door Natxo om 00:00 Stuur door

Folteringen

22 april 2004

 

Op 16 oktober 2000 werd Harriet Iragi gearresteerd in Sevilla.

Hoewel hij een kogelwonde in de arm had, werd hij pas 8 uren na de arrestatie naar het ziekenhuis overgebracht voor een onderzoek. ("Vier uren", volgens de politie.) Daar moest hij een chirurgische ingreep ondergaan. Amper 35 uren na de operatie werd hij genezen verklaard en overgebracht naar het commissariaat voor een tweede "operatie". Bij het slaan werd de arm niet gespaard. Iragi kreeg ook een slag op het oog.

De aanklacht van foltering werd op 16 maart ll. geklasseerd en de advocaat van de verdediging besluit nu in beroep te gaan.

Geschreven door Natxo om 00:00 Stuur door

Even lezen!

21 april 2005

 

Karlos Apeztegia, Baskisch politiek gevangene uit Pamplona, zit gevangen in Huelva (in de zuidoosthoek van Spanje, aan de Golf van Cadíz en aan de Portugese grens), op 1.000 km afstand van zijn familie.

Op 30 december van het voorbije jaar belde hij naar huis en het gesprek gebeurde in de daartoe verplichte taal, die echter niet de moedertaal van Apeztegia is… Op het einde van de conversatie wisselde Apeztegia ook nog enkele woorden met zijn dochtertje van 3 jaar Dit gebeurde in de enige taal die het kind "beheerst", Baskisch. Op 3-jarige leeftijd zal het niet veel meer geweest zijn dan "Zer moduz" (Hoe is het) en “Musu bat" (een kusje). Maar hiermee overtrad Karlos Apeztegia de regels en hiervoor werd hij gestraft met 7 weekends in de isolatiecel. Als gevolg hiervan zal Apeztegia 7 weekends geen bezoek mogen ontvangen van vrienden en familieleden die tijdens de week niet kunnen komen omdat er dan hard moeten werken om af en toe de reis van 2 x 1000 km af te leggen en minstens één nacht verblijf in een hotel te betalen."

Wie hiertegen protesteert wordt terrorist genoemd door de democraten die dit soort straffen uitspreekt en zit te wachten tot Apeztegia zelfmoord pleegt… 

Geschreven door Natxo om 00:00 Stuur door

De legendarische "Eik van Gernika"

20 april 2004

 

De legendarische "Eik van Gernika" is dood. De extreme hitte van de voorbije zomer velde de 146-jarige, maar al geruime tijd, zieke boom die zelfs de bombardementen op het einde van de Burgeroorlog overleefde. Hij zal vervangen worden door één van de scheuten die 15 à 20 jaar oud zijn.

De tronk die ernaast staat, zou geleefd hebben tussen 1742 en 1892. Een derde boom, "de vader" genoemd, werd geplant in de 14de eeuw en zou 450 jaar geleefd hebben.

Het was onder deze boom dat de wijze mannen van Bizkaia samenkwamen om hun Volk te besturen. 

Geschreven door Natxo om 00:00 Stuur door

Een kogel in de rechterslaap

19 april 1973


Op 19 april 1973 Txikia krijgt Eustakio Mendizábal Benito “Txikia” een kogel in de rechterslaap. Hij verbleef van zijn 10de tot zijn 23ste levensjaar in het klooster van de Benedictijnen in Lazkao. Het klooster had faam omdat er in de jaren 60 een aantal samenkomsten van ETA plaatsvonden. Als seminarist leerde Txikia de Baskische taal onder de knie te krijgen, omdat hij er alles kon lezen wat er in Baskenland voor handen was. Maar hij leerde er ook de bergen kennen die hem later vaak het leven zouden redden bij achtervolgingen. Toen de tijd aanbrak om het priesterkleed aan te trekken (1966) vroeg hij een jaar uitstel. Hij bleef zijn studies voortzetten, maar ging tevens werken in een fabriek in Beasain. In die periode weigerde hij een boete te betalen die hij had opgelopen wegens deelname aan een manifestatie en kwam daarom enige tijd in de gevangenis terecht. Na de arrestaties van een aantal jongeren nam hij de benen. Eerst vond hij een veilig onderkomen in de abdij van Belloc, maar al spoedig dook hij onder in Baiona waar hij twee keer gearresteerd werd en ten slotte “binnenlands” verbannen naar Poitiers. Hij keerde echter meteen terug om in het zuiden “liberado” (vrijgestelde van ETA en bij politie bekend) te worden voor Gipuzkoa en Nafarroa. Txikia klom op tot verantwoordelijke van de militaire vleugel van ETA. Het aantal acties steeg in deze periode tot een ongekende hoogte. De eerste ETA-actie onder zijn leiding was de ontvoering van de Duitse ereconsul, Beihl, in Donostia. Vaak wist Txikia op spectaculaire wijze te ontkomen aan politieomsingelingen. Later werd de ondernemer Huarte ontvoerd. Hij werd vrijgelaten nadat hij de arbeidsvoorwaarden in zijn bedrijf verbeterde.  

Op 19 april 1973 (Witte donderdag) nam hij de trein Bilbao-Placensia, richting Algorta. Was de politie ingelicht? In elk station, hoe klein ook, stonden ze verdekt op wacht. Txikia had in het station van Algorta een afspraak met zijn strijdmakker, José Manuel Pagoaga, “Peixoto”. Meteen probeerden ze hun achtervolgers af te schudden. Hierop ontstond een vuurgevecht en omdat het paasvakantie is lopen er veel kinderen op straat. "Scheer je weg", roept Txikia, tussen de schoten door, “Ik word achtervolgd”. Het aantal politiemannen wordt steeds groter. Als Peixoto een andere richting kiest, laat de politie hem lopen. Na twee kilometer rennen, houdt Txikia een auto staande. Omdat de chauffeur slechts drie dagen een rijbewijs heeft (en wegens de schrik) krijgt hij zijn vehikel niet meer aan de praat. De eerste politieman die vóór de auto geraakt heeft geen munitie meer! Van de tweede krijgt Txikia een kogel in de rechterslaap. Zonder nog een woord te zeggen, zal hij in een ziekenhuis in Bilbao sterven, met een pistool in de hand, één in de zak van zijn regenjas en met een patronengordel rond zijn middel. 28 jaar oud, vader van 2 zonen betaalde hij zijn idealisme met zijn leven, zoals anderen het betaalden met de cel of met verbanning. In 1973, ETA zit zonder leider, maar een mythe is geboren. Op 21 april wordt hij in zijn geboortedorp, Itsasondo, begraven. Omdat de volgende dag Aberri Eguna (Dag van het Baskische Vaderland) gevierd zal worden en om manifestaties te vermijden wordt het overlijdensbericht niet uitgehangen. Daardoor zijn slechts 30 personen op de begrafenis aanwezig, politie en Guardia Civil inbegrepen! In het witte kerkje van Sokoa, in Noord-Baskenland, werd later een zieledienst gehouden. Piarres Lárzabal, “Zoro de Sokoa”, Pastoor van Sokoa en secretaris van Anai Artea (*) spreekt in zijn homilie vriendelijke woorden: “Eustakio was niet het model van een klassieke held. Hij was een poëet, een bertsolari (zanger van bertsos of geïmproviseerde verzen). De afwezigheid van persoonlijke ambitie, zijn eenvoud, zijn oprechte en totale toewijding bezorgde hem vele vrienden, onder hen niet weinig priesters. Maar … Mendizábal stierf met een pistool in de hand. Hij leidde aanslagen en ontvoeringen. Ze noemden hem een “Baskische Guerrillero”. We weten dat het christendom geweld veroordeelt. Maar laten we “geweld” niet verwarren met “antwoorden op geweld.”         

(*) Anai Artea (wij broeders) opgericht, een beweging die humanitaire steun verleende en nog steeds verleent aan Baskische politieke gevangenen en vluchtelingen.

Meteen na de dood van Txikia werd de vraag gesteld of er verraad in het spel kon zijn. Een ETA-woordvoerder in Noord-Baskenland ontkende dit ten stelligste: “We kunnen wel eens een geschil hebben, een onenigheid, maar ons geschil met de politie is groter dan alle oceanen samen.” Betaalde Txikia zijn treinticket met “vuil geld”, afkomstig van ETA-acties en werd dit zijn dood?

Eustakio Mendizábal was boven alles een Baskische nationalist, een plattelandsrevolutionair. In hem konden zich zowel de fabrieksarbeider als de boerenjeugd terugvinden. “Om revolutionair te zijn moet je poëet wezen”, was één van zijn stellingen. De Baskische taal was een obsessie voor hem.                      
De politie-inspecteur die Txikia Mendizabal een kogel door het hoofd schoot, José Ramón Morán, verloor twee jaar later het leven. In een ETA-actie in … Algorta!

Txikia was, na Etxeberriata, de tweede ETA-dode…

Geschreven door Natxo om 00:00 Stuur door

Korta overleed ter plekke

18 april 1976


Op 18 april 1976, de dag van de 
Aberri Eguna, was Manuel María Garmendia Zubiarrain “Korta”  behulpzaam om vier medestanders over de muga te brengen, in de streek rondom de berg Larrun (La Rhune). Ter hoogte van het kerkhof van Bera (Vera de Bidasoa) werden zij door de Guardia Civil ontdekt en beschoten. Korta, 31 jaar, overleed ter plekke.         
“Korta” werd in Legorreta geboren op 6 juni 1945. Op 18-jarige leeftijd werkte hij in een onderneming in Arrasate. Omstreeks die tijd trad hij toe tot ETA, eerst tot de culturele vleugel en later tot de militaire vleugel. In 1968 moest hij op de vlucht slaan. In 1969 bereikte hij Iparralde, nadat hij 9 maanden was ondergedoken. Hij werkte er in het slachthuis van Baiona en na een hongerstaking (1970) werd hij op straat gezet. Hij werd uitgewezen naar België. Helemaal op zichzelf aangewezen, zonder werk, kreeg hij van de organisatie de verantwoordelijkheid over de Goierri (streek in Gipuzkoa, waar hij
Txikia en Argala leerde kennen. Zwijgzaam, verantwoordelijk, zelfverzekerd en getuige van een grote fysieke kracht, ontpopte hij zich als een mugalari (van muga) van de eerste orde. Hij hielp er de commando’s en de vluchtelingen de grens oversteken. 

Geschreven door Natxo om 00:00 Stuur door

Balans van de repressie in Baskenland in 2004.

17 april 2005

 

Balans van de repressie in Baskenland in het voorbije jaar, 2004.

Tijdens het voorbije jaar 2004, verloren zeven mensen het leven. Angel Berrueta en Kontxi Sanchiz verloren het leven, als onrechtstreeks gevolg van de aanslag door Islamterroristen in Madrid, twee dagen eerder, op 11 maart, die door de PP-regering in de schoenen van ETA geschoven werd.  (Berrueta werd in zijn winkel door een Guardia Civil doodgeschoten en Sanchiz stierf na een charge van de "Baskische" politie in een protestbetoging tegen de moord in Pamplona).

De behandeling van Baskische, radicale gevangenen kostte 3 levens. Oihane Errazkin uit Donostia stierf van eenzaamheid in een Parijse cel waar ze zich verhing. Kepa Miner hield aan het jarenlange gevangenisleven een slepende ziekte over en Arantxa Otamendi stierf eveneens ver van huis in gelijkaardige omstandigheden. Karmele Solaguren verloor het leven in een verkeersongeval op weg naar haar gevangen zoon op 1.000 km afstand van huis. Leo Esteban overleed na jarenlang lijden.

Het voorbije jaar werden 135 personen opgepakt en hiervan kwam 97 % in isolatiedetentie terecht. 57 arrestanten verklaarden gefolterd te zijn. Op dit ogenblik zitten 700 radicale Basken achter de tralies.         
Parijs wees 2 Baskische burgers uit en droeg er 6 over aan de Spaanse justitie. Nederland leverde er één uit en in Mexico lopen zes burgers het risico uitgeleverd te worden.

Gevangenen die hun straf uitzaten, worden niet vrijgelaten terwijl men hiervoor intussen redenen zoekt (Iñaki de Juana en anderen.)

Sinds 1979, vijfentwintig jaar geleden, werden er 35.000 personen opgepakt. 5.000 ervan werden opgesloten. Er vielen 350 dodelijke slachtoffers.

Geschreven door Natxo om 00:00 Stuur door

Operatie tegen Egunkaria

16 april 2003

 

De linkse nationalisten maken zich bij monde van de advocate, Jone Goirzelaia en de woordvoerders van Batasuna, Joseba Permach en Arnaldo Otegi, ongerust over het feit dat één van de arrestanten in de operatie tegen Egunkaria, Xabier Alegria, nog steeds intens "ondervraagd" wordt in de Madrileense gevangenis van Soto del Real. Alegria was in zijn lange carrière lid van vele verenigingen en actiegroepen en kent vele mensen. De radicale nationalisten verwachten zich eerdaags dan ook aan een arrestatiegolf.

Geschreven door Natxo om 00:00 Stuur door

Herdenkingen, herdenkingen, herdenkingen

15 april 2007

 

Gisteren werden in IruñePamplona, de hoofdstad van Navarra de 3.200 personen herdacht die na de staatsgreep van 1936 door Franco en zijn trawanten werden geëxecuteerd. Van deze 3.200 vermoorde politieke tegenstanders werden er 298 in Pamplona tegen de muur gezet. Onder hen zeven raadsleden en één schepen. Bij de executiemuur, in het park van La Vuelta del Castillo in la Cuidadela, meer bepaald bij de Puerta del Socorro werd een gedenkplaat aangebracht met de tweetalige tekst: "Iruñean Errepublika defendatzeagatik fusilatutkoen oroimenez" (Ter herinnering aan de Gefusilleerden in Pamplona omdat ze de Republiek verdedigden).

Dit gebeurde in aanwezigheid van enkele honderden aanwezigen waaronder vele familieleden van de slachtoffers.

Opvallend is dat dit alles al 70 jaar geleden gebeurde en dat er pas de laatste jaren over gepraat wordt. De schrik, ten gevolge van het staatsterrorisme tijdens de dictatuur, zat dus erg diep. De verenigingen "Familieleden van Gefusilleerden" en de "Associatie Dorp van de Weduwen" uit Sartaguda hebben het met hun acties zó ver gekregen dat er in Sartaguda eerlang een Herinneringspark klaarkomt. Van de kostprijs van 460.000 euro moest nog 20% worden samengebracht maar van het ontbrekende bedrag werd via obligaties op erg korte tijd 6.000 euro bij elkaar gehaald. Er werd een toespraak gehouden door Roberto Rocafort, zoon van Javier Rocafort, die het leven verloor in Fort San Cristóbal, boven Pamplona. Er werd een brief voorgelezen die hij naar zijn vrouw schreef tussen juli 1936 en april 1937. Tot op heden weet de familie niet in welke kuil Javier Rocafort "begraven" werd!

Op de herdenking bleven de UPN (PP-Navarra) en de meeregerende CDN afwezig. Zij stonden indertijd dan ook aan de kant van de "Glorieuze Nationale Beweging" en die stonden aan de kant van de trekker! Verder waren hun geestesgenoten vaak de begunstigden van de onteigeningen terwijl de slachtoffers ten onder gingen aan beledigingen en aan hulpeloosheid.

Behalve in Pamplona waren er gelijkaardige herdenkingen in Tutera (Tudela), Corella, Altsasu, San Adrián, Alesbes, Faltzes en Kaseda.  

Geschreven door Natxo om 00:00 Stuur door

Meer van BASKENLAND

↑ Terug naar de berichten