Wernher von Braun in 1959: 'We maken kennis met krachten die veel sterker zijn dan we vermoedden. We weten niet waar hun basis zich bevindt. Meer kan ik er nu niet over kwijt.'
Hermann Oberth in 1972: 'We mogen de vooruitgang in de technologie niet op ons conto schrijven. We werden namelijk geholpen door wezens die niet van deze planeet afkomstig waren.'
(De citaten zijn vrij vertaald maar de inhoud klopt.)
Net als Philip Corso deed Hermann Oberth zijn bekentenis op een leeftijd waarop men normaal gezien stilaan afscheid neemt van het leven en dus nog weinig te verliezen heeft. In 1972 was Oberth 76 jaar ...
Roswell: de lijst is (te) lang
Harde wetenschappers, politici en hooggeplaatste militairen bleken er in de jaren '50 en '60 van overtuigd dat de volgende oorlog zou worden gevoerd tegen een buitenaardse beschaving. Sommigen onder hen behoorden zonder meer tot de beste in hun soort. En u hoeft echt niet te twijfelen aan de mentale toestand van die heren. Ze waren stuk voor stuk kerngezond.
Zelfs Ronald Reagan was beducht voor een buitenaardse invasie. Reagan die - ondanks het feit dat men er al eens lacherig over doet - een wijs man was. (Toch moet gezegd dat een president net iets te veel in de kijker loopt en daardoor wellicht niet behoort tot het selecte groepje machthebbers die weten hoe de vork precies in de steel zit.)
Het is een publiek geheim dat Douglas Mac Arthur en George Marshall, twee van de grootste generaals die Amerika heeft gekend, betrokken waren bij de ‘Interplanetary Phenomena Research Unit’. Een duistere organisatie die op het einde van de oorlog werd opgericht en die onder meer het bergen van buitenaardse tuigen als taak zou hebben gehad. Mac Arthur heeft in het begin van de jaren vijftig uitspraken gedaan die nu nog tot de verbeelding spreken. Zo waarschuwde hij voor het gevaar dat er van een buitenaardse beschaving zou kunnen uitgaan. Hij heeft zich daarbij enigszins vergaloppeerd en heeft zijn woorden later genuanceerd door als het ware de filosofische toer op te gaan.
Het was een nuance die gezien de vele gelijkaardige getuigenissen van andere prominenten uit de jaren '50 en '60 niet erg geloofwaardig overkwam. Maar men kan natuurlijk niet verwachten dat generaals de echte machthebbers een duimbreed in de weg zouden leggen.
De lijst met opzienbarende getuigenissen over UFO's is zeer lang.
Vooral mensen die op één of andere manier bij de luchtvaart waren betrokken - waaronder vaak hogere officieren - deden uitspraken die men kort als volgt kan samenvatten: 'De rapporten zijn overweldigend: UFO's zijn een realiteit. Het zijn ongrijpbare lichtgevende tuigen. Hun bestaan boezemt ons angst in.'
Eén getuigenis om de die angst te onderstrepen.
Admiraal Roscoe Hillenkoetter had van 1947 tot 1950 de leiding over het 'Central Intelligence Agency' (CIA). Uit alles wat hij na de oorlog deed, zou ieder weldenkend mens bijna moeten besluiten dat hij afwist van het bestaan van buitenaardse tuigen. Ook was hij vanaf 1957 lid van het National Investigations Committee On Aerial Phenomena (NICAP). Een onafhankelijke organisatie die onderzocht of buitenaardse ruimtetuigen al dan niet de aarde bezochten.
In 1960 richtte Hillenkoetter zich zelfs rechtstreeks tot het Amerikaans Congres. Hij maakte zich - samen met een hele reeks hooggeplaatste personen - zorgen over het mogelijke gevaar dat er van UFO's zou kunnen uitgaan.
Zijn smeekbede voor meer openheid bleef echter zonder resultaat.
Een doordenker: Over veel mannen die nooit tot de enkels reikten van Roscoe Hillenkoetter vind je een massa officiële gegevens op het internet. Voor informatie over hem heb je echter een vergrootglas nodig.
Het is vandaag moeilijk om te geloven, maar al deze toplui hadden dus schrik voor een buitenaardse invasie.
En de gewone burger dan? Die haalde doorgaans de schouders op. Volgens Hillenkoetter - en volgens vele anderen - omdat de overheid niets deed om de ernst van de zaak te laten doordringen. In het bewuste verzoek tot het Congres beweerden de initiatiefnemers zelfs dat de overheid de burgers een rad voor de ogen draaide door de hele kwestie te bagatelliseren.
Sommige topfunctionarissen wisten veel. Ook dat er op aarde daadwerkelijk buitenaardse tuigen waren teruggevonden.
Toch was er iets wat ze niet wisten.
Namelijk, dat de angstwekkende luchtfenomenen in feite ongevaarlijk waren omdat ze van een heel andere aard waren dan de tuigen die men op aarde had teruggevonden.
Van die tuigen moet men hoe dan ook heel wat hebben opgestoken.
Het kan immers geen toeval zijn dat de groei van de ruimtevaart vanaf de jaren vijftig explosief de hoogte in schoot. Vanaf de jaren tachtig was de technologische boom zelfs zo fenomenaal dat elke andere periode in de wereldgeschiedenis erbij verbleekt. Het had veel tijd gevergd om de buitenaardse geheimen te ontrafelen maar eens het hek van de dam, was er blijkbaar geen houden meer aan.
In de veronderstelling dat de Dow Jones (Amerikaanse beursindex) al 5000 jaar zou bestaan dan zou de groei van de laatste vijfentwintig jaar enorm zijn geweest. Kredietcrisis of niet. En daarbij mag men gerust rekening houden met steen- ijzer- en andere tijdperken.






