Naar de inhoud

Geraardsbergen gaandeweg met Marleen De Smet

Geraardsbergse gedachten en gedichten
akke.beakke.be

Nieuwsflits


Nieuwsflits

 

 

Op zondag 9 oktober 2011 om 10.30 uur wordt in het Koetshuis van de Sint-Adriaanabdij
het Eremerk Graaf Boudewijn uitgereikt aan Albert Schrever, laureaat 2011.

Later meer…

Geschreven door Marleen De Smet om 23:22 Reageer op dit bericht
Reageer op dit bericht

Reageer op dit bericht

Een titel of je eigen website toevoegen

Bericht van Peter Motte, hoofdredactie van de voormalige Tijdlijn


Bericht van Peter Motte

 

 

Beste fantasy, sciencefiction en horrorliefhebber,

 

Vroeger gaf ik een tijdschrift uit dat zich in het begin sterk richtte op literatuur, maar gaandeweg altijd meer aandacht kreeg voor sciencefiction, fantasy en horror.

 

Het  blad heette De Tijdlijn, en ik heb eens gecontroleerd welke afleveringen er nog over zijn.

 

Ze hebben te veel werk gekost om ze zomaar in de vuilnisbak te kieperen, maar omdat ze toch plaats innemen, moeten ze weg.

Daarom verkoop ik de restanten aan 50% van de prijs aan wie meer dan één exemplaar neemt,

 

De linkerkolom vermeldt de aflevering, de middenkolom vermeldt hoeveel exemplaren er nog over zijn, en de rechterkolom vermeldt de prijs zonder verzendkosten.

 

 

Nr - aantal exemplaren - prijs in euro (verzendkosten niet inbegrepen) 20 - 25 - 5,00

29 - 01 - 5,00

30 - 05 - 5,00

35 - 02 - 5,00

36 - 03 - 5,00

37 - 04 - 5,00

38 - 01 - 5,00

39 - 13 - 5,00

41 - 02 - 5,00

44 - 01 - 5,00

45 - 06 - 6,00

48 - 06 - 10,00

49 - 22 - 8,00

50 - 01 - 15,00

51 - 25 - 10,00

52 - 29 - 10,00

 

In de bovenstaande lijst met beschikbare nummers is de vermelde prijs de oorspronkelijke prijs, dus nog zonder de korting van 50%.


Als u meer inlichtingen gewenst, mag u me altijd mailen via peter.motte@scarlet.be

 

 

Met vriendelijke groeten,

 

Peter Motte

hoofdredactie De voormalige Tijdlijn

Adijstraat 33

B-9500 Geraardsbergen

België

http://users.skynet.be/peter.motte/de.tijdlijn

 

Geschreven door Marleen De Smet om 00:00 1 reactie Reageer op dit bericht

Chauffeurke vecht met vuur voor de muur


1001681-562bd5100d008615b053e98d01940fb5.jpg  

(v.l.n.r. Chauffeurke en Chris De Nooze)

 

Vecht voor de muur

 

 

We zullen vechten

tot de laatste steen

voor onze Muur

die ooit de Ronde was

 

tot de zonsopgang

terug lacht

naar iedere kassei

die de kuiten bijt

 

schreeuwend

met groot verzet

recht op de pedalen

naar ’t  Hemelryk

 

naar de kapelmuur

tussen ’t Heilig Hart

en Onze Lieve Vrouw

voor ’t Vlaamse land

 


1001681-1963cc8c32d1e7f632bd1848269e0ad1.jpg


 
1001681-38f6a8a79f8f303c2667b22e5f07374c.jpg

 


Tranen van blauwe steen

 

 

’s Morgens liggen de kasseien er betraand bij

emotioneel stil

juist ontwakend uit een trieste droom

onder een deken van mos

 

denkend aan de band die er ooit was

sportief en fair

waar hij met ons speelde

in en ronde de Ronde

 

treurig speelt het Ave Maria

als het Heilig Hart de armen spreid

wanhopig naar Vlaamse hemel

waar de muur ons ooit droeg

 

chauffeurke

 
1001681-3e684dc8233bb95b0aa2d3a5305ba862.jpg

 

Geschreven door Marleen De Smet om 20:29 Reageer op dit bericht

De Muur mag niet meer meedoen

 

De Muur mag niet meer meedoen



1000942-042820f49587c3a1e22babfc19ce93da.jpg

Theo Maes (90), ere-leraar in het Geraardsbergs Koninklijk Atheneum,  schreef volgend veelzeggend gedicht:

 

 

Groeningeveld,

Waar zijn de dagen…?

 

Guido Gezelle

 


1000942-94b70aea72930c8a0db25c2496d3c882.JPG  

 

Muur gestolen

 

Grondeloze ontgoocheling in een rondeloze stad

                                                                                                                                    

Giezbaarg, o Giezbaarg,

waar zijn de dagen

toen op de kasseien

van die moordende Muur

onder luide kreten

van ontzag en blije,

haast sacrale admiratie,

wij wielergoden zagen,

getekend vaak door

zware alteratie,

krampachtig trek-

kend aan hun stuur,

doorheen regenvlagen,

tegenwind, fel en guur,

of, op hemelsblauwe dagen,

onder zalige zonneschijn.

 

O kleurrijke bende,

schijnbaar immuun voor pijn,

o jonge explosie van kracht,

gij wordt in Giezbaarg…

niet langer verwacht.

Begrijp me niet verkeerd

onz’ armen, en meer nog ons hart,

staan voor u immer open!

Maar door een smerige streek

kunnen of durven we

niet meer op een weerzien

hopen. Of toch? Misschien?

                       
Theo Maes

    

 

Het verdriet van België

 

1000942-a1cc31fdc41db4158098bb3fcb33cc19.JPG

 


Goede vrienden,

 

Recht uit het hart schreef ik onderstaande bedenkingen.

 

 

Het Verdriet van Geraardsbergen en van de -ooit zo- edele Wielersport

 


Hoewel ik nooit veel belangstelling voor welke sport ook heb gehad, meen ik me te herinneren dat de Ronde van Vlaanderen jaarlijks voorbijreed aan de voordeur van mijn geboortehuis dat ik al 65 jaar bewoon in het stadscentrum van Geraardsbergen.

 

Zowat tien jaar geleden leek de tv-reportage van de Ronde mijn echtgenote zodanig te fascineren en op te jagen dat ik mijn boeken neergooide om me van de ware toestand ter plekke te gaan vergewissen. Opgehitst door een massa enthousias­te wielerfans in de Grote- en de Brugstraat trok ik over de Markt en de Paardenmarkt naar de Vesten, de bloedige aanloop naar de Muur, de onverbiddelijke scherprechter. Nooit vergeet ik de laaiend enthousiaste menigte toen de eerste renners zichtbaar werden boven de Brugstraat en razendsnel de Paardenmarkt achter zich lieten en over de Vesten heen vlogen, richting Bosberg-Galmaarden en Meerbeke-Ninove.

 

Sinds die dag heb ik de Ronde door die "Hölle von Flandern" nooit meer gemist. En de fascinerende beelden van de joelende massa en de hijgende wielerhelden zijn me steeds bijgebleven.

 

Toen ik enkele jaren geleden hoorde dat ook de wielertoeristen de dag voor de wielerhoogdag het al dan niet ingekorte parcours van de Ronde konden afleggen besliste ik ook die “bedevaart op wielen” in mijn agenda op te nemen. Tussen de Kloosterstraat en de Kapelmuur heb ik sindsdien ieder jaar heroïsche uren van massa's pseudo-Flandriens mee beleefd. Iedere overwinning van de Muur, een profaan heiligdom en een gereputeerde kuitenbijter, riep ontroering op niet alleen bij de helden maar ook bij de haast dolle toeschouwers...

 

 

Arm Vlaanderen, verarmde wielersport, verweesde wielerliefhebbers

 

Dat de hoofdverantwoordelijken voor dit uniek sportgebeuren de Muur van Geraardsbergen en de Bosberg van Galmaarden uit het parcours van de Ronde van Vlaanderen gewetenloos amputeren vind ik beschamend, wraakroepend, hemeltergend en allesbehalve sportief.

 

Het Verdriet van Geraardsbergen roept bij mij dan ook afschuw op.

 

Maar eigenlijk heb ik ook medelijden met de huidige verantwoordelijken voor de edele Wielersport van weleer.

 

Blijkbaar hebben ze nu meer belangstelling voor de opbrengst dan voor de Sport:   Money makes the world go round!

 

Arm Vlaanderen, verarmde wielersport, verweesde sportliefhebbers!

 

Groeten uit het verweesde Geraardsbergen.

 


Albert Schrever

 

Geschreven door Marleen De Smet om 15:53 Reageer op dit bericht

Rik Van Damme over Majoor


Rik van Damme over Majoor “Mony” Van Lierde



1000836-47e46e4012ee9b4e309d93aa04e843f1.jpg 
 

 

Rik Van Damme schreef een gedicht bij het monument ter nagedachtenis van Remi “Mony” Van Lierde te Overboerlare (Geraardsbergen). Klik hier voor meer informatie.

 

Het monument staat op het kruispunt van de Gaverstraat en Majoor van Lierdelaan, op het zogenaamde kruispunt Tirol.

 


1000836-dee31147ad90d16de6078a532fab434a.jpg 
 

Voor Majoor Van Lierde

 

Bij het buigen van de dag,

dook je uit de wolken,

scheerdeje laag over de daken

die helse oorlog in;

de vele kogels om je heen,

konden je-God zij dank-

Niet raken……

Nu, zoveel jaren later,

lig je in Lessen achteraan,

als laatste van de rij

nog steeds onverslagen,

met die zilveren vleugels

op je vliegenierskledij…

 

© Rik van Damme

 

 

 

To Major Van Lierde

 

In de declining day

out of the clouds you dive,

skimming over the roofs,

into that war’s inferno;

yet bullets coming from all sides

could not-thank heaven- get you..

Now, after so many years,

in Lessines’burial ground you lie

last in the backmost row,

still undefeated,ready still

with those silver wings

on your blue pilot’s uniform

to take off to the sky.

 

Vertaling: Jules Brysens

 

 

 

Geschreven door Marleen De Smet om 12:07 Reageer op dit bericht

Gaby Desmyter is de eerste dorpsdichter van Lierde




998882-8f840aedd6486b9b7184a27437abb095.jpg



Gaby Desmyter is de eerste dorpsdichter van Lierde

 

 

 

Eindelijk gaat een wens in vervulling. Eindelijk beseft Lierde dat een dorpsdichter geen overbodige luxe is maar een verrijking voor de 4 dorpen Sint-Maria-Lierde, Sint-Martens-Lierde, Deftinge en Hemelveerdegem. Tijdens de opening van het ontmoetingscentrum “De Lier” op 2 september 2011 werd Gaby Desmyter terecht als eerste dorpsdichter voorgesteld aan de inwoners. Lees hieronder zijn gelegenheidsgedicht.

 

 

De Lier, die zingend ontmoeting schrijft

 

 

De Lier, die zingend ontmoeting schrijft:

we vissen liermuziek, quatre mains tegelijk,

in de vijvers van hoge lichtluchten

en schrijven hem in de altijd verse lierepartituren

van ons dagelijks wroeten en gelukzaligheden:

liermuziek ‘voor vier dorpen een groot orkest”.

 

Liermuziek,

voor de vier sintekerken, bas, bariton, tenor en sopraan,

voor de kapellen, wel 25 x 4, tot koorzangers aangesteld,

voor de vier gehuchten, de Lierenhoek als eerste viool,

voor de vier bergen, slagwerk en koperblazers tegelijk,

voor de vier beken, kabbelend op xylofoons, pianogewijs.

 

Liermuziek voor alle Lierdedenaren,

die elkander vinden in tabernakels van het samenhoren

die elkander ontmoeten in nesten van de vriendschap

tot aanwijsteken van het warme groeigloeien

in de broederschap van De Lier

in ons enig, uniek mooi Lierde.

 

© Gaby Desmyter 

Geschreven door Marleen De Smet om 00:00 Reageer op dit bericht

... blik verdiept in haar... (Johan Janssens)


970290-d26e210de2bcfdbb823ff864bbcb1d69.jpg



Mijn blik verdiept zich in haar oog

 

 

mijn blik verdiept zich in haar oog

en laat zich leiden door het vuur

dat hevig om haar woorden danst

 

haar lach spontaan zoals de zon

die gul met passie stralen strooit

in een rivier die sterren glanst

 

we nippen lustig aan ons glas

en klinken op de tijd die naakt;

het vocht dat onze lippen kust,

de ernst van onze geesten laakt

 

niets is wat is, of zo het lijkt,

de vreugde die naar adem hapt,

het praten naar een lege mond

perfide, puur, perfect doortrapt

 

dan rolt mijn hart over mijn wang

en scheurt het in een ademruk

de glimlach die ik net verdrong

 

mijn geest zo licht en ademloos

verspreidt zich in afwezigheid

en stilt de woorden op mijn tong

 

waar ga ik heen bij elke dood

die zich van mij weer meester maakt,

wie zal ik zijn wanneer het licht

de spiegels van mijn ogen raakt

 

Johan Janssens

Geschreven door Marleen De Smet om 00:00 Reageer op dit bericht

Felix Timmermans en "Juffrouw Symforosa" in Geraardsbergen

 


948404-db38c7ce097ba84bef9c72a4a2cec1dc.gif

 

In het programma "Vlaanderen feest" lezen Marleen De Smet en Martine De Reyst op zondag 10 juli om 15 uur aan de Denderkaai in het stadscentrum om beurten de hele tekst voor uit "De zeer schone uren van juffrouw Symforosa begijntjen", volgens een kenner "het zuiverste taalkunstwerk dat de Vlaamse literator Felix Timmermans heeft gemaakt..." Dit romantisch werkje (amper 57 pagina's) dat Timmermans (1886-1947) in het najaar 1917 schreef en van eigen tekeningen voorzag is werkelijk een pareltje. Beide dames lezen de hele tekst voor, van het begin tot het einde.




Felix Timmermans en "Juffrouw Symforosa" in Geraardsbergen

 


948404-280ff2a4c49e8fc41250bdbe4c927871.jpg 

 

 

Meer dan eens heeft professor Albert Westerlinck die roman­tische novelle grondig geanaly­seerd niet alleen in toe­spraken maar ook in diverse publicaties. We laten de Leuvense hoogle­raar zelf aan het woord: "In het kader van onze roman­tiek vind ik "Juf­frouw Symfo­rosa" van Timmermans het fijnste en volmaaktste prozage­dicht dat ooit in onze taal werd ge­schre­ven. Ik zie het, in de moderne tijd, op het niveau van de zuiver spiritue­le, poëti­sche en romanti­sche beleving van het bestaan, op dezelfde hoogte als de middel­eeuwse "Beat­rijs". In "Juf­frouw Symforosa" krijgen we een glan­zend en subtiel even­wicht tussen zinnelijk impressio­nisme en poëtisch myste­rie. De taalpoëzie van dit proza glanst van prachtige metafo­ren, zeer pure en broze stemmingsbeelden, een beheerste zo melodieuze taalmelo­die. Voor mij is dit het zuiverste taalkunst­werk dat Felix Timmermans heeft ge­maakt. En in de­zelfde sfeer kunnen we ook "Het kindeke Jezus in Vlaande­ren" en "Driekoningentryp­tiek" onderbrengen" aldus Wester­linck.

 


948404-72305d520aaee5575fed46b2343d380f.jpg


Juffrouw Symforosa verliefd

 

Voor wie het boekje nooit las geven we de korte inhoud: Martienus, een eenvoudige ziel, is de tuinier in het Lierse begijn­hof waar juffrouw Symforosa, een vroom begijntje, tot over haar oren en zonder dat ze het goed beseft op hem ver­liefd raakt: ze durft het hem echter niet zeggen. Groot is haar teleur­stelling wanneer Martienus het begijnhof verlaat en beslist als broeder in te treden in het klooster van de "Bruin Pater­kens". Wanneer ze echter hoort en ziet dat Martie­nus gelukkig is met zijn keuze vindt ook Symforosa troost in de vreugde over zijn geluk. Dat is de ware liefde: gelukkig zijn omdat de andere gelukkig is!

 

Een leuk waardeoordeel vinden we ook bij Gaston Durnez die verscheidene publicaties aan "de Fee" wijdde: "In "De zeer schone uren..." heeft Timmermans niet enkel een voor hem zo typische levensles meegegeven -de les van het geluk dat zijn voltooiing kan vinden in een ander mens- hij is er in dit verhaal ook weer in geslaagd een wereld te creeëren die zijn weerga niet heeft, een verchroomd en toch zo oud-Vlaams aan­doend reservaat van schoonheid..."

 


Timmermans ging leren Frans in Vloesberg

 

Felix Timmermans (°Lier 1886) was het dertiende kind van kanthandelaar Gomaar en Angelina van Nue­ten. Ondermeer wegens zijn zwakke gezondheid zei de vijftienja­rige Felix in 1901 vaarwel aan de school en moest hij zich voorbe­reiden om, zoals zijn vader, kanthandelaar te worden. Uit die periode stammen zijn eerste, schuchtere literaire werkjes die hem overtuigden van zijn literaire roeping. In die periode volgde hij ook avond- en zondag­onder­wijs in de Lierse Academie waar hij zilveren me­dailles haalde in Schil­deren, Tekenen en Modelle­ren. En samen met Flor van Reeth doorkruiste hij Vlaanderen, bezocht hij de Vlaamse begijnhoven, verbleef hij in de Achelse Kluis en verdiepte hij zich in het werk van Gezelle en Thomas a Kempis en in de binnen- en buitenlandse Mystiek...

 

Weinigen weten dat Timmermans in oktober 1907 voor drie maanden naar Flobecq trok waar hij, volgens zijn vader, de tweede landstaal moest leren. Het werd er in de eerste plaats echter een periode van bezin­ning over zijn toekomst en van wandelin­gen in de natuur waar hij ook een aantal landschappen tekende en schilderde. In november 1907 deelt hij vanuit Flobecq per brief zijn levens­keuze mee aan zijn ouders: "Ja ik wil me met lijf en ziel wijden aan de kunst, de wijs­heid en de weten­schap...".

 

Nadat hij in 1911 enige bekendheid had verworven met zijn "Schemerin­gen van de dood" brak hij in 1916 echt door met "Pallieter" waaruit de censuur enkele passages zou schrappen.

 


Timmermans blijkt ook banden te hebben gehad met onze stad...

 

Vriendschap met Peter Mertens uit Nieuwenhove

 

Na studies Germaanse filologie in Leuven vestigde Ge­raardsbergenaar Peter Mertens (1892-1955) uit Nieuwenhove zich, in 1920 in Leipzig waar hij bij de Insel Verlag zou instaan voor de vertaling in het Duits van een behoorlijk aantal werken van Vlaam­se auteurs in de eerste plaats van Timmermans maar in mindere mate ook van Claes en Streuvels. Met elk van die drie Vlaamse literatoren groeiden sterke vriendschapsbanden en kwam er een drukke corresponden­tie tot stand.

 

Volgens zijn neef Karel Mertens (1925-2010), zoon van Carolus (°1900), die de jongste broer was van Peter Mertens, bezat zijn nonkel Petrus een grote begaafdheid wat zijn talenkennis betreft en zou hij 17 talen hebben gekend en gesproken.

 

Met zekerheid weten we dat Mertens sinds 1927 minstens de volgende werken van Timmermans in het Duits vertaalde. "De pastoor uit de bloeyenden wyngaerdt" (1927), "Pieter Breug­hel, zoo heb ik u uit uwe werken geroken" (1928). Deze Duitse versie werd de voor­trekker in een lange rij buitenlandse edities die van "Pieter Breughel" de meest ver­taal­de roman van Timmermans maak­te. Mertens vertaal­de ook "Schoon Lier" (1929) in een eerste oplage van tien­duizend exemplaren en "De Harp van Sint-Franciscus" (1932). Binnen enkele maan­den haalde die vertaling twee druk­ken, elk van tienduizend exempla­ren. De Duitse verta­ling van "Pallie­ter" door Peter Mertens verscheen in 1936 en leidde in 1937 tot een Deense en in 1938 tot een Tsjechi­sche versie. We sluiten niet uit dat die lijst onvolle­dig is als we weten dat Georg Hermanowski, specialist inzake Duitse verta­lingen van Vlaams werk, in 1967 schreef: "Timmer­mans wordt in Duits­land niet meer vertaald, want er bestaat sinds ca. vijf­tien jaar geen werk meer van hem, dat niet in Duitse vertaling te ver­krijgen is... De totaaloplage van alle Timmer­mansboeken (in Duitsland) heeft intussen de twee-mil­joengrens overschre­den. Dat Timmermans nog steeds populair is in Duitsland moge blijken uit het feit dat de "Felix-Timmermans-Gesellschaft er sinds 1990 een Jahrbuch uitgeeft en regelmatig ook lijvige studies over Timmermans op de markt brengt zoals "Felix Timmerman Ein Dichter aus Flandern" (2000)van Ignaas Dom.

 


Terug in geboortestreek

 

In augustus 1937 bezocht Peter zijn ge­boortestreek en was hij met zijn gezin te gast bij zijn broer Carolus Mertens in de Molen van Viane. Caro­lus voerde zijn oudere broer Petrus toen per auto o.m. naar zijn literai­re vrienden: Claes, Tim­mermans en Streu­vels en naar zijn vriend, dokter Broe­ckaert in Geraards­ber­gen. Toen Peter in 1942 weer op bezoek kwam in Viane, verge­zelde Karel Mertens, zoon van Carolus en dus neef van Peter, zijn oom op zijn treinreis naar Ant­wer­pen voor een ontmoeting met Timmer­mans.

Volgens Gaston Durnez liet Timmermans zich voor de novel­le "Ik zag Cecilia komen" (1938) inspireren door een verhaal dat zijn vriend Peter Mertens tijdens een bezoek aan de Fee vertelde: een onmogelijke liefde die leidt tot zelfmoord van het teleurge­stelde meisje. Nadat Mer­tens een tijd later, op verzoek van Timmermans, het verhaal een tweede maal had ver­teld, zei de Fee hem "Ik ga er iets over schri­jven". Enkele weken later ontving Mertens het hand­schrift van "Ik zag Ceci­lia komen". De Duitse versie ver­scheen in 1938, nog vóór de oorspronke­lijke. Vooraan stond de opdracht: "Aan den goeden vriend Peter Mer­tens".

 


Vriendschap met Geraardsbergse jozefiet Camille Melloy

 

Tussen de twee wereldoorlogen groeiden ook vriendschaps­banden tussen Timmermans en de Geraardsbergse pater-jozefiet   Camille Melloy (1891-1941).

 

Camillus Josephus De Paepe (Melle °1891) trad, zoals zijn twee oudere broers, in 1906 in bij de paters jozefieten in Ge­raards­ber­gen onder de kloosternaam "Père Theodule". Hij gaf les in verscheidene jozefietenscholen, maakte enkele grote reizen en begon -vooral in het Frans-  te schrijven onder het pseudo­niem Camille Melloy (= van Melle).

 

Nadat hij in 1922 erkennig had gekregen met zijn Frans­ta­lig essay "Le beau Réveil", waarin hij de katho­lieke Franse lite­ratuur behandelt, koos Melloy voor het Frans en schreef hij verschei­dene poëzie­bun­dels waar­door hij ver­nieuwing bracht in de Franstalige christelijke poëzie. Hij werkte mee aan het katho­liek tijd­schrift "Les Lettres" en aan de "Revue générale". In die periode werd bij bevriend met Timmermans van wie hij Franse vertalingen maakte van o.a. "De harp van Sint-Fran­ciscus" en "Driekoningen­triptiek". Over zijn vriend Timmermans schreef Melloy: "Gij neemt eenvoudige mensen, en gij zoekt in hen, onder de ruwe schors, het goede en het sappige van een in den grond nog braaf gebleven hart en soms schone, zeer edele gevoelens. Die diepe goedheid van u, die vertedering voor al wat edel is en schoon, dat is evangelisch, christelijk. Zo verstaat gij beter den mens dan de snobs van vandaag"...

 


Fernand Toussaint van Boelaere valt Timmermans aan

 

Vrij bekend is de lange reeks verdachtmakende aanvallen van de Geraards­bergse literator Fernand Toussaint van Boelae­re (1875-1947) tegen Timmer­mans na de jongste wereldoorlog. Door tussen­komst van Maurice Gilli­ams veranderde Toussaint echter plots van mening. In 1947 verscheen zijn driede­lig "Litterair (sic) Scheepsjournaal" met onder meer de kritiek die hij op 2 juli 1936 had gepubliceerd over de roman "Jan Palfijn" van zijn stadsge­noot dokter Arthur Broeckaert. We citeren daaruit de slotpara­graaf: "Alles samen, is Jan Palfijn een roman vol kruim en vol betee­kenis. Al leest men hem niet zoo vlot als een roman van Tim­mermans of Claes, bij de lectuur doet hij aan als gekruide wijn van de beste kwali­teit..."

 

In 1924 hield voorzitter Karel Cock hier een toespraak over Timmer­mans bij het Ge­raardsbergse AKVS (Algemeen Katho­liek Vlaams Studentenverbond) en een jaar later kwam Tim­mer­mans hier bij de Breidelszo­nen en de Scouts spreken over zijn reis naar Rome.

 


Kantnijver­heid te Geraardsbergen

 

In 1931 publiceerde drukkerij Van Nieu­wenhove het boekje "Kant­werk­sters en Kantnijver­heid te Geeraardsbergen Folklore en Ge­schiedenis" van de plaatselijke volks­kundige Augusta De Clercq (1887-1944). In dit fraaie werk­je, rijkelijk geïllus­treerd met o.a. nostalgische etsen van Jan De Cooman, maken we kennis met de Geraards­bergse kant­werk­scholen, de liede­ren en de feestdag van de kantwerk­sters, de geschiedenis en het verval van de Ge­raards­bergse kant­nijverheid. Na lectuur van dit boekje was Tim­mer­mans uiterst opgeto­gen: "Ik vind het een lief en mooi verzorgd werkje". De Fee sprak ook zijn waarde­ring en bewonde­ring uit voor de "fijne penteekenin­gen" van kunst­schilder-etser Jan De Coom­an.

 

De Koninklijke Rederijkerskamer Sint-Pie­ter-Vreugd-en-Deugd voerde hier minstens twee stukken van Timmermans op: "Leontien­tje" in 1932 en tien jaar later ook het zeer populai­re stuk "En waar de sterre bleef stil­le­staan". We sluiten niet uit dat ook toneelgezelschappen uit de randgemeenten hier werken van Timmermans voor het voetlicht hebben gebracht.

 

Zoals blijkt was Timmermans gedurende vele jaren geen onbekende in Geraards­bergen. We hopen dat de lezing uit "Juf­frouw Symforosa" door Martine De Reyst en Marleen De Smet een herleving van de belangstelling voor Timmermans in de Ouden­bergstad zal teweegbrengen.

 

Albert Schrever

Geschreven door Marleen De Smet om 13:56 Reageer op dit bericht

De Beton- en ijzerlitanie van Johan Janssens

 

 945406-d26e210de2bcfdbb823ff864bbcb1d69.jpg 

 
Johan Janssens
 



Beton- en ijzerlitanie

 

 

Je leest de titel en je denkt: een man.

 

Johan Janssens is een tot vandaag ongekende Geraardsbergse dichter. Laten we hopen dat het morgen anders is. Wanneer valt iemand onder de categorie ‘dichters’? Goh, dat is moeilijk te beoordelen, het is heel persoonlijk. Als je het mij vraagt is Johan een aanstormende dichter, alles hangt af wat hij er in de toekomst mee doet. Maar het staat vast: Johan vult het rijtje woordkunstenaars aan die de stad rijk is. Beseft Geraardsbergen wat in zijn borstkast en buik leeft?

 

“Ik leg bondigheid aan de dag,” zegt Johan en daar slaagt hij ook in. Als ambtenaar bij de Rijksdienst voor Sociale Zekerheid (RSZ) neemt hij elke ochtend de trein richting hoofdstad. De trein brengt hem tot rust, vooral tijdens de terugreis naar de Geraardsbergse heuvel.

 

In zijn vrije tijd is hij gids. Bij de activiteitenorganisatie Op Tournee begeleidt hij, zowel in Geraardsbergen als in Ninove, regelmatig culinaire wandelingen. Ook is hij tijdens de Open Monumentendagen van de partij, want geschiedenis boeit hem. Niet alleen de grote gebeurtenissen, maar ook de kleine verhalen van mensen uit de straat maken het voor hem heel boeiend. Als Johan er zin in heeft, leest hij veel. Dus duikt hij regelmatig in archieven en bibliotheken waar hij geniet van de oude boeken- en de manuscriptengeur.

 

Tijdens zijn wandelingen en fietstochten in onze mooie streek staat hij bol van verwondering en de rust die hij zoekt. Tijdens zijn uitstapjes legt hij door middel van zijn digitaal fototoestelletje de wereld vast waarvan zo af en toe een foto aanleiding geeft tot het schrijven van een gedicht. Dat getuigt dat Johan met woorden zijn gevoelens kracht bijzet en bovendien bereid is zijn emoties te delen. Mooi is dat.

 

Johan is geen veelschrijver. Gedichten schrijven gebeurt meestal in een moment van extreme emotie of zoals hierboven aangehaald, als gevolg van een foto die hem inspireert. Het gedicht Beton- en ijzerlitanie is hiervan een sterk voorbeeld.

 

Ik hoop van ganser harte dat Johan alle kansen benut om zijn talent te laten groeien. Stiekem hoop ik in de toekomst meer van Johan te lezen of –wie weet- te horen.




945406-1ba8aceec37557e69e15a0c39336671b.jpg
 

 


Beton- en ijzerlitanie

 

 

De tijd gezeten op een stoel

weerspiegelt in het lege niets,

met poten door het leed verschroeid,

een stilte die het lot doorspiest.

De achtergrond zo koud en grijs

als barsten in de tand des spijts,

verdovend als een symfonie,

beton- en ijzerlitanie.

Het vlak bekleed met koude rug

en rimpels in het gave ‘zicht

verraadt de dagen zonder lucht

ontdaan van kleur, de ogen dicht.

Met spatten van verleden tijd

verwoordt het doek verlegenheid;

een schaamte die de nacht opzoekt,

in duisternis haar leven boekt

met inkt dat enkel hij kan zien

geschreven met een oude pen

en woorden die het licht ontzien

waarin hij dwaalt en niemand kent.

Een stoel geslepen door de tijd

met leegte als bijzonderheid

en in zijn rug een kille muur

getuige van het stille uur.

 

Johan Janssens

Geschreven door Marleen De Smet om 11:04 Reageer op dit bericht

Maurice Geeroms is een meester in aforismen


 

Maurice Geeroms, een meester in aforismen

 

 910709-bfc9fc0b0cd9142255cfb7c96cd59a56.JPG 
 

Aforismen

 

 

Galgenhumor.

Men zou er het hoofd

bij verliezen.

 

™

 

De meester

deed het leerrijk,

de leerling

meesterlijk.

 

™

 

In arme landen doen ze

aan voortplanting

in plaats van beplanting.

 

™

 

Mensen zien het groot

te groot

om het aan het kunnen.

 

 

© Maurice Geeroms

 

 

 

 

Geschreven door Marleen De Smet om 19:50 1 reactie Reageer op dit bericht

Twee dorpsdichters en een stadsdichter verzamelden bij Marnixring


903161-edc0f118982f62fa97973cc264d767bb.jpg

Afgelopen woensdag verzamelden niet minder dan drie stads- en dorpsdichters uit de regio in de Kalvaar in Voorde. Willie Verhegghe, de Ninoofse stadsdichter, Gaby Desmyter, de dorpsdichter uit Lierde en Marleen De Smet, de Zarlardingse die dorpsdichter is in Galmaarden lazen er voor uit eigen werk. Dat gebeurde tijdens een gezellige avond op uitnodiging van de Marnixring Ninove, de serviceclub die cultuur hoog in het vaandel draagt.

Foto en tekst: Marino Verbeken

 

Geschreven door Marleen De Smet om 13:57 Reageer op dit bericht

Albert Schrever laureaat Eremerk Graaf Boudewijn


897187-a1cc31fdc41db4158098bb3fcb33cc19.JPG


Albert Schrever laureaat Eremerk Graaf Boudewijn


 


Albert Schrever uit Geraardsbergen is genomineerd voor het Eremerk Graaf Boudewijn. Dat is een prijs die Gerardimontium jaarlijks uitreikt. De vereniging, die zich bezig houdt met lokale geschiedenis, reikt de prijs al voor de 5de maal uit. Graaf Boudewijn is de stichter van de stad Geraardsergen. De oorkonde wordt jaarlijks uitgereikt aan mensen of verenigingen die zich bijzonder verdienstelijk hebben gemaakt of maken door de verspreiding van de kennis van het lokaal verleden of voor het behoud van ons cultuurhistorisch erfgoed.

Albert Schrever levert sinds jaren een betekenisvolle bijdrage voor het behoud van het cultuurhistorisch erfgoed, onder meer door zijn talrijke publicatie over lokale geschiedenis en taalkunde. Zo maakte hij in 2004 een studie over Geraardsbergen, zijn taalgebruik & zijn taaleigen.

 

(Bron: Radio M.I.G.)

 

Geschreven door Marleen De Smet om 00:00 Reageer op dit bericht

De curieuzeneuzemosterpot van Albert Schrever



Tekst van Albert Schrever zoals die werd opgenomen in het Dialectenboek 11 verschenen naar aanleiding van de elfde Dialectendag dit eind vorige maand plaatsvond in het Nederlandse Delft.

 

 

Curieuzeneuzemosterpot: springlevend dialect

 

 

Wanneer kinderen al te nieuwsgierig zijn en vervelende vragen stellen krijgen ze vaak (een gedeelte van) de toenaam curieuze(neuze)(mosterpot), een dubbele samenstelling waarvan iedereen begrijpt wat ze betekent. Toch lijkt het ons de moeite even dieper in te gaan op die nogal lange samenstelling.

...

 

Lees meer via een klik op onderstaande link.

 

Bijlagen
Geschreven door Marleen De Smet om 17:41 Reageer op dit bericht

Meer van Geraardsbergen gaandeweg met Marleen De Smet

↑ Terug naar de berichten