gedichten 7

gedichten 7
gedichten 6
Het werk van Allaah, Mina.
Vraag aan de dokter waar zijn genade is gebleven,
vraag aan de patiënt wie hem beter heeft gemaakt
na de dood van zijn hart,
Nadat de medische kant het had opgegeven.
Vraag aan de blinde wie hem begeleidt,
de drukte in, zonder te vallen.
Dat is allemaal het werk van Allaah, echt van Allaah.
Vraag aan de ziende waarom hij in een kuil viel?
Waarom hij de duivel volgde?
Wie heeft hem daar naartoe gebracht?
Vraag aan de zwakke foetus wie hem beschermde
tegen alle gevaren van besmettingen?
Hoe is het mogelijk dat hij in een kleine donkere ruimte
helemaal alleen woont, zonder angst?
Vraag aan een baby waarom die huilt bij zijn geboorte?
Waarom vloeien tranen als regen op zijn schone wangen?
Hij heeft het paradijs verlaten, de ultieme liefde van zijn moeder,
en de hel betreden; hij zal nooit één worden met iemand anders.
Vraag aan de slang hoe hij kan leven met gif in zijn mond?
Dat is het werk van Allaah, echt van Allaah.
Vraag aan de bijen hoe ze aan honing komen,
diep verborgen in hun magen.
Wie heeft dat gemaakt, wie heeft dat geschapen?
Vraag aan de koe hoe ze aan melk komt,
helemaal afgescheiden van afvalstoffen en bloed.
Wie is zo nauwkeurig en zo genadig?
Dat is het werk van Allaah, echt van Allaah.
Time is ticking very fast
Time is ticking very fast, I don’t care,
I know I’m gonna last,
My granddad first, my parents next,
I’ll be the last, you wanna bet?
There’s plenty of time for me to pray,
I'll do my sins, then wash them away.
Going to the mosque, now that’s a joke,
within that time, I could have a good smoke!
Huffing and puffing my ciggie away,
Religion is last on the agenda today.
A pain in my chest occurred one night,
I was so severe, it gave me a fright.
I’ll go to the doctor in the morning I said,
But then I didn’t get out of my bed!
‘Who is your Lord?’ a voice boomed down,
said a dark black face with a very big frown.
I stuttered and stumbled,
and managed to say: ‘Allaah is my Lord,
is that okay?’ ‘Who is your prophet?’
He began to ask I didn’t know the answer so I wanted to pass,
if only I went to my Islamic class.
The dark black figure then went away,
but in the distance I could hear it say:
’Now, that’s a muslim, a muslim by name,
not one thing in his favor for him to gain.
The bounties of paradise that Allaah has promised,
to all the muslims who have been honest!
I wanted to scream and shout and say;
‘O Allaah, forgive me, for I didn’t pray!’
But now it’s too late, my time is up,
you may think I’m being abrupt.
But people out here, please hear what I say:
’Remember your Lord, pray 5 times a day.’
It’s bonus for you, if you take this advise,
for then you won’t suffer in the afterlife!

Say there's a weak spot
Say there's a weak spot,
something you do not see
or that you do not want to see about your character.
The way to discover it is through others.
They are the mirrors that reflect your personality.
If something bothers you about someone,
you are recognizing an attitude that is actually within you.
When you feel it does not affect you and you can respond calmly,
it means that this weakness is no longer in you.

gedichten 5




gedichten 4



gedichten 3
Ramadaan
De maand van Ramadaan is voorbij,
waarin wij vastten, zowel ik als jij.
Hoe snel is die heilige maand afgelopen,
we kunnen slechts op de volgende hopen.
Nu gaan we weer door; van alles weer eten,
maar de bedoeling van vasten zijn we toch niet vergeten?
Blijven we een; met elkaar verbonden?
herinneren we al die gebeden waarin we naast elkaar stonden?
We huilden bij de du'aa's; voelden ons voldaan,
om iedere nacht naar de moskee te gaan!
Dat was onze voeding; meer nog dan eten.
we verlangden ernaar om "al-mutaquun" te heten.
We voelden een band met onze broers en zussen,
kwamen naar de jamaa'ah om onze zonden te blussen.
We probeerden de qur'aan te lezen en overdenken,
en onze harten eindelijk meer aandacht te schenken.
We merken meer dan ooit, dat we onze tijd hebben vergooid.
Onszelf tekort hebben gedaan; stil hebben gestaan.
Deze maand liet ons wakker worden; plotseling ontwaken,
en hielp ons om onze zonden te staken.
En nu is het tijd om eerlijk binnenin onszelf te kijken;
zal uit ons gedrag nu iemaan en taqwaa' blijken?
Blijven we nu met onze zusters verbonden?
Hebben we onze harten gereinigd: ook in diepere gronden?
Hebben we ruzies met vijanden bijgelegd,
onze handen in die van hun gelegd?
Hebben onze tranen ons innerlijk vuil eruit gehuild?
Hebben we onze maskers voor ware gezichten verruild?
Nu Ramadaan plots van ons is heen gegaan,
Zal gaan blijken wat we echt hebben gedaan.
Hebben we slechts honger en dorst geleden,
of ook tegen onze nafs gestreden?
Een heilige maand om aan onszelf te werken,
was pas het begin zullen we nu gaan merken.
Nu moeten we door met onszelf te trainen
en laten zien of we het wel echt serieus menen.
Ramadaan is here, Asma Sadia
One night I heard a knock on my door.
Who can it be, I wasn't quite sure.
I open the door and am filled with glee.
The visitor ahead is no stranger to me.
I welcome the guest with utmost delight.
For I know it has come to give me respite.
An air of happiness fills the space.
My home now seems, a better place!
Have you any clue who this visitor could be?
Yes! It’s Ramadaan, the month of mercy.
The pious and righteous can't await its arrival.
Others seem to greet it, with waves of denial.
For Allaah we fast from dawn to dusk.
For Him our breath is the fragrance of musk.
The muslims who pray and fast with zest.
Are aware of the rewards of this month manifest.
Throughout this month we weep and repent.
Now is the time to strongly lament.
And those who shun this sacred month.
on the Day of Reckoning will face the brunt.
In the last ten nights, hides the Night of Decree.
Allaah then awaits for his slaves to plea.
The angels descend with Gabriël in the lead.
To check on the steadfast and record every deed.
A feeling of grief now fills my heart.
As the month of Ramadaan will soon depart.
So lets make a start and worship Him alone.
Now that the worth of this month is known.
De gevangenis, Maimunah.
Mijn hart trilt van binnen,
wat moet ik beginnen?
Zelfs mijn handen beven,
Ik wil het geen aandacht geven.
Ik ga rennen; wil niet meer lopen,
omdat ik zes dagen op dit moment ging hopen
om jou mijn liefste weer te ontmoeten
met ‘salaam alaikum’ je te kunnen begroeten
op de plek waar je gevangen bent
alleen en eenzaam waar niemand je kent.
Ik ga op een stoel op jou zitten wachten
en zie je dan komen; verlies al mijn krachten.
Ik wil in je armen mezelf verliezen,
maar moet voor sterk zijn en moedig zijn kiezen.
Jouw handen en de mijne zoeken elkaar
en dan voel ik hoe ik langzaamaan bedaar
door je aanraking die ik maar al te goed ken
of omdat ik nu eindelijk dichtbij je ben.
Ik kan maar een uurtje per week bij je wezen
en probeer zoveel als ik kan in je ogen te lezen;
Zorgen en verdriet, angst en verlangen,
ik behoed je gevoelens en al je belangen.
Dan moet ik gaan, opeens ga je staan
iedereen in de rij; het is alweer voorbij.
De tranen in je ogen maken me zwak
waardoor ik nog even op de stoel neerzak.
Dan loop ik door de gangen naar de wereld daar buiten,
de ene deur gaat pas open als de ander gaat sluiten.
Over mijn wang rolt een traan
nu we opnieuw uit elkaar moeten gaan
en ik je achter moet laten;
wie heeft het in de gaten?
Onschuldig tussen mensen die moordden en verkrachtten,
ik kan het niet accepteren in mijn gedachten!
Wat kan ik nu doen behalve wachten?
Onmachtig ben ik, verloren in de tijd.
Kon ik maar iets doen; iets dat jou verblijdt.
Ik huil als ik kijk naar ons kleine kind;
hij die me zo diep met jou verbindt.
Hij zei laatst: "Ik hoef niet jij huilen."
Toen wou ik niets liever dan met jou ruilen;
ik op jouw plek en jij op die van mij.
In jouw armen werd hij vast weer blij.
Je bent meer dan wat ook in mijn gedachten,
het duurt alleen zo lang om op je te wachten.
Wanneer iemand neerknielt, Maimunah.
Wanneer iemand neerknielt om mij aan te kijken
en vervolgens zachtjes over mijn haar te strijken
waardoor ik mijn ogen stilletjes aan kan sluiten
en de diepere bronnen in mijn ziel voel ontspruiten
ik ben moe en heb pijn; verlang mezelf over te geven
een traan glijdt naar mijn haar ik veeg hem even
een andere volgt uit een heel diepe bron
ik weet niet waarom ik er lang niet bij kon
bijna niemand zag hem, zo snel als hij ging
maar het was zijn vinger die hem zachtjes opving
het was nodig dat hij stopte en naast me ging staan
ik dacht sterk te zijn, hield mezelf in die waan
als wij die zoveel dragen er zelf niet om vragen
komen we elkaar tegen om de balans te gaan wegen
Verdriet, Maryam.
Als je de tranen in je ogen voelt branden,
Maar je wilt niet dat ze voor de voeten van een ander belanden.
Je wilt niet dat ze het zien; de pijn en het verdriet.
Want je weet; troosten zullen ze je toch niet.
Ik hou me groot want niemand zegt dat 't oké is om klein te zijn.
Om het soms gewoon even bloot te geven al die pijn,
Gewoon even uit kunnen huilen,
Maar niemand geeft me een warm plekje om even in weg te
schuilen.
Niemand slaat ooit een arm om mij heen
En als ze het al doen verwijderen ze hem ook weer meteen.
Bovendien voel ik dat het zo nodig moet,
Niemand die het ooit eens uit liefde en genegenheid doet.
En als iemand het wel doet, dan doet het pijn,
Omdat het vreemd is dat er opeens mensen voor je zijn.
Dan kan je de woorden niet meer vinden en voel je je naar,
En die tranen achter je ogen blijven nog steeds daar.
Al die verborgen pijn die mij verscheurt,
Een schrijnend verdriet wat maar zeurt en zeurt,
Een plek kan ik het niet geven en erover praten al helemaal niet.
Niemand mag het zien, maar wanneer ik het wel wil, zien ze het
evengoed niet.
Ik voel me gewoon zo rot en alleen,
Nooit had ik mensen die er voor mij waren om mij heen.
En nog steeds zijn ze heel ver bij mij vandaan.
Leer ik ooit de pijn, het verdriet en de tranen te laten gaan?
Kan ik het ooit loslaten al deze pijn en dit verdriet?
Zal er ooit iemand zijn die het meteen aan me ziet?
Zal ik ooit leren om niet bang te zijn voor iemand die om me geeft?
En om te praten over alles en te genieten van alles wat leeft?
Kun je je voorstellen? Maimunah.
Kun je je voorstellen; jezelf inleven
hoe het voelt om jezelf over te geven
aan een ziekte door Allaah voor jou bepaald
waardoor je weet dat je volgend jaar niet meer haalt?
's nachts je hoofd op je kussen te leggen
met de angst nooit meer iemand gedag te zeggen
en de mensen waar je van houdt in hun ogen te kijken
en bij het omarmen door hun haren te strijken
met in je hart zo'n intense pijn
omdat het voor het aller laatst kan zijn.
Hoe het voelt om op Allaah’s genade te hopen
maar ook angst komt steeds weer binnen geslopen.
Of om je geliefden emotioneel te dragen,
langdurig te liegen wanneer ze blijven vragen,
alleen maar om hen het verdriet te besparen,
wat toch wel aanwezig is de komende jaren.
Om de weg naar Allaah te weten te vinden,
en je vanwege Hem aan anderen te binden.
Om steeds weer opnieuw in de moskee te ervaren
dat je verdriet en je angsten alleen daar bedaren,
om bewust, alleen jezelf terug te trekken
van al die druk bezochte plekken.
Om na te denken over je eigen leven,
naar berouw en vergeving te willen streven,
en toch nog steeds fouten te maken
omdat je niet iedere keer geconfronteerd wil raken.
Hoe het voelt niet te willen voelen of denken,
of alles op te geven en jezelf geen waarde te schenken?
Om Allaah toch weer om hulp te smeken,
omdat in het verleden vaak genoeg is gebleken
dat Hij meer nabij is dan iedereen denkt
en Hij Zijn enorme rahmah schenkt!
Van cocon naar een vlinder!
Ergens, achter in een donker woud,
heeft een rups een cocon om zich heen gebouwd.
Het eeuwige kruipen maakte haar vreselijk moe.
Ze sleepte zichzelf naar dit veilige plekje toe.
In haar cocon heeft ze kracht en warmte gekregen,
maar ze voelde zich ook eenzaam en kon zich niet bewegen.
In de cocon bleef ze klein, maar ze wou heel graag een vlinder zijn.
Ze is alleen bang voor de enorme verandering die ze zal ondergaan;
voor wat haar straks te wachten zal staan.
Dapper als ze was, besloot ze zich aan de natuur over te geven.
En te vechten voor een gelukkig leven.
Ze voerde in haar cocon een zware strijd en raakte de controle over
haar leven kwijt.
Op een dag scheen er een zonnestraal door haar cocon,
dat was voor haar het moment waarop haar nieuwe leven begon...
Ze ontpopte zich in de warmte van de zonnestralen.
Ze voelde dat dit de bron was waaruit ze echte liefde kon halen.
Haar kleurrijke vleugels spreidde ze uit in het licht, ze vloog over
zeeën, langs bergen en dalen.
Ze rustte op bloemen en durfde nectar te halen.
Ook hield ze van sterren en vloog graag bij nacht.
De aangename stilte heeft haar tot eindeloos dromen gebracht.
De wereld lag voor haar open; ze voelde zich vrij.
Diep in jouw hart zit deze vlinder...
Die vlinder; dat ben jij..
Je kinderen zijn je kinderen niet, Kahlil Gibran.
Je kinderen zijn je kinderen niet.
Zij zijn de zonen en dochters van 's levens hunkering
naar zichzelf.
Zij komen door je, maar zijn niet van je,
en hoewel ze bij je zijn, behoren ze je niet toe.
Je mag hen je liefde geven, maar niet je gedachten,
want zij hebben hun eigen gedachten.
Je mag hun lichamen huisvesten, maar niet hun zielen,
want hun zielen toeven in het huis van morgen,
dat je niet bezoeken kunt, zelfs niet in je dromen.
Je mag proberen gelijk hun te worden, maar tracht niet
hen aan jou gelijk te maken.
Want het leven gaat niet terug,
noch blijft het dralen bij gisteren.
Jullie zijn de bogen, waarmee je kinderen als levende pijlen
worden weggeschoten.
De boogschutter ziet het doel op de weg van het oneindige,
en hij buigt je met zijn kracht opdat zijn pijlen
snel en ver zullen gaan.
Laat het gebogen worden door de hand van de boogschutter
een vreugde voor je zijn:
want zoals hij de vliegende pijl liefheeft,
zo mint hij ook de boog die standvastig is.
gedichten 2



gedichtenCompassion
A beggar in the street I saw,
Who held a hand like withered claw,
As cold as clay;
But as I had no silver groat
To give, I buttoned up my coat
And turned away.
And then I watched a working wife
Who bore the bitter load of life
With lagging limb,
A penny from her purse she took,
And with sweet pity in her look
Gave it to him.
Anon I spied a shabby dame
Who fed six sparrows as they came
In famished flight;
She was so poor and frail and old,
Yet crumbs of her last crust she doled
With pure delight.
Then sudden in my heart was born
For my sleek self a savage scorn,
Urge to atone;
So when a starving cur I saw
I bandaged up its bleeding paw
And bought a bone.
For God knows it is good to give;
We may not have so long to live,
So if we can,
Let's do each day a kindly deed,
And stretch a hand to those in need,
Bird, beast or man.
Je zus in islaam, Maimunah
Dit is je zus; je zus in islaam,
je kent haar niet, niet eens haar naam.
Zie hoe onze blikken naar haar kijken,
of haar kleren wel islamitisch lijken.
Onze hoofden zijn vol met gedachten,
over wat wij van een moslima verwachten;
hoofddoek, jelleba, bescheiden gedrag,
geen geroddel, strakke kleren of luid gelach.
Geen gedrag waarmee zij mannen bekoort,
iedereen weet wel hoe het eigenlijk hoort.
Maar dat jouw zus; je zus in islaam,
die dat alles ver van zich af voelt staan,
geen hand naar zich krijgt toegereikt,
dat is toch iets waaruit geen zusterschap blijkt?
Waarom niet zeggen "Lieve zus, ik kan je begrijpen,
ik weet wel dat je stap voor stap zal rijpen.
Als je warmte en liefde met ons gaat delen,
zal de harde buitenwereld je minder schelen!
Als islaam ook jouw basis worden gaat,
dan loop je straks niet meer met jongens op straat.
Samen zullen we iets in islaam gaan bouwen,
zodat Allaah van ons zal houden."
Vergeving, geduld, liefde en kennis in praktijk,
maakt dat niet ieder van ons enorm rijk?
Denk na: wat maakt jou echt tevreden?
Een film? Een feest? Of meisjes helpen die ooit erg leden?
Alleen zijn is niet goed, dan sta je niet sterk
Samen in islaam, dat is ons werk!
Isn't the woman there my sister
Isn't the woman there my sister?
in Islaam, I mean to say.
For I just took my shahaadah
at the masjied here today.
Isn't the woman there my sister?
I openly ask without any qualms.
The one who just walked past me
without offering me her salaams.
Isn't the woman there my sister,
though she stands alone to pray.
Each time I move to touch her shoulder
she takes a step and pulls away.
Isn't the woman there my sister,
the lady that is not of my race.
For both of us are muslim women
with varied hues making up our face.
Isn't the woman there my sister,
who laughed and made fun of me.
And those other sisters of mine who listened,
doesn't their silence make them also guilty?
Isn't the woman there my sister,
who didn't call me when I was sick.
For she seems to only show concern
for those special sisters, in her own click.
Isn't the woman there my sister,
who I invited for iftar in my home.
But unfortunately she did not make it,
how I wish she had bothered to phone.
Isn't the woman there my sister,
don't we both love our religion; this Deen?
Then why am I sharing my lament
about her being uncaring, indifferent and mean?
Isn't the woman there my sister?
Won't she open up and try to treasure
the love I want and need to share with her
as we both seek Allaah’s Merciful Pleasure.
Mijn moeder kan beter dan ik dichten, Mina.
Mijn moeder kan beter dan ik dichten.
Dat heeft ze geleerd tijdens het hoeden
van de koeien en de schapen.
Dat heeft ze geleerd wanneer ze 'rha' moest draaien
voordat de zon opkwam.
Dat heeft ze geleerd bij het halen van water uit de put
kilometers verderop.
Mijn moeder kan beter dan ik dichten.
Dat heeft ze geleerd slapend op het open dak
kijkend naar duizend heldere sterren.
En tussen de doodse stilte van de graven,
luisterend naar de recitatie van de qur'aan.
Mijn moeder kan beter dan ik dichten.
Dat heeft ze geleerd tijdens het melken van de geiten
's morgens vroeg voor de hele familie.
En het bakken van een dozijn broden in de oven.
Dat heeft ze ook geleerd tijdens het dragen van tonnen water
op haar tere rug voor haar zieke kinderen.
Mijn moeder kan beter dan ik dichten.
Dat heeft ze geleerd bij het wassen van kleren in de stromende rivier
en het schilderen van hennah op handen van de bruiden.
Dat heeft ze geleerd door ritmisch met haar schouders te dansen
en met haar voeten te stampen.
Mijn moeder kan beter dan ik dichten.
Dat heeft ze geleerd toen ze haar geliefde dorp achter liet
en naar Tanger verhuisde voor een paar dirhams.
Mijn moeder kan beter dan ik dichten.
Dat heeft ze geleerd toen ze Marokko achterliet
en in Nederland kwam wonen voor een paar guldens.
En haar dierbare zoon daar alleen achterliet.
Mijn moeder kan beter dan ik dichten,
hoewel ze nooit een pen heeft vast gehad.

Ik groeide op tot een volwassen meid, Maimunah.
Ik groeide op tot een volwassen meid,
en besteedde aan mijn familie maar weinig tijd.
Ik voelde me van mijn ouders vervreemd
en van mijn cultuur, mijn wortels ontheemd.
Mijn moeder kwam nooit naar de ouderbezoeken,
mijn vader negeert me vanwege mijn broeken.
Mijn broer, met wie ik vaak goed kon praten,
heeft ons huis laatst plotseling verlaten.
Van kleins af aan had ik altijd een droom;
een gezellig huis, sfeervol, een home!
Maar we leven al jaren langs elkaar heen,
het voelt thuis zo koud, zo kil als een steen.
Ik draag sinds mijn dertiende al deze kleren,
zoek liefde van jongens, van mannen, van heren.
Ik hoopte altijd dat ik met mijn zichtbare string
op een dag de blik van een mooie jongen opving
en vervolgens in zijn armen alles zou gaan vergeten
wat ik in mijn bewustzijn niet langer wil weten.
Eindelijk voelen wat liefde, wat warmte is,
na al die jaren van vreselijk gemis.
Nadat ik mij aan hem had gegeven
wilde ik voor altijd met hem samen leven.
Het bleef maar spelen in mijn gedachten,
maar hij zei iedere keer dat ik nog moest wachten.
Ik ging van hem houden, me diep aan hem hechten,
wou voor een leven met hem samen vechten.
Ik raakte zwanger, het was niet zo bedoeld.
Ik was zo blij, had me nooit zo gevoeld!
Toen de vreugde opwelde en ik het hem vertelde
sloeg hij in mijn gezicht, ik verloor evenwicht,
viel op de grond, hoorde toen uit zijn mond:
"Ik zal wel betalen, maar je moet 't weghalen,
ik ben er niet klaar voor om me te binden,
ik denk dat je maar een andere jongen moet vinden."
Zo heb ik mijn liefste en mijn baby verloren
en kan geen een man mij ooit nog bekoren.
Ik besloot te gaan leren, heel hard te studeren,
mijn hoofd van mijn hart te laten gaan winnen,
een heel nieuw leven voor mijzelf te beginnen,
niemand te vertrouwen; ze zullen niet van me houwen...
Maar vandaag kwam ik mee naar deze moskee,
Ik wou niet gaan, ik had geen tijd.
Maar ik voel hier iets dat mijn hart verblijdt.
Ik wist niet dat hier meisjes kwamen zoals mij,
die zitten dicht naast je, voor je, zij aan zij.
Ik zie in hun ogen iets dat ik herken,
en merk dat ik niet langer de enige ben.
Ik durf niet te voelen, durf niet te kijken,
maar zie een hand naar m'n been uitreiken.
De hand is warm, van een zuster die lacht,
ik kijk in haar ogen, ik zie zoveel kracht!
Ze zegt: "Ik houd van jou vanwege islaam,
zul je altijd hier blijven komen gaan?"
Een traan uit mijn oog valt neer op mijn wang,
dit is heel wat anders dan eigenbelang.
Dit is wat ik miste in mijn eenzame leven,
dat mensen elkaar vanwege Allaah kunnen geven.
Ogen van een hart dat mij ziet hoe ik ben,
is een gevoel dat ik al lang niet meer ken.
Mijn hart was te lang niet met Allaah verbonden,
ondanks dat heeft Hij mij hierheen gezonden.
En kijk wat ik vind en wat ik hier tref:
wat een prachtig gevoel; wat een heerlijk besef!
Ik wil mij bekeren; over mijn roots gaan leren.
Ik heb nooit geweten, nooit eerder gedacht;
ik behoor tot een oud islamitisch geslacht!
Laat ik blij zijn, er trots op gaan wezen,
alles over islaam gaan leren en lezen.
Op een dag met een broeder gaan trouwen
die omwille van Allaah van mij zal houwen.
Zodat ik onze kinderen een bodem kan geven
voor een islamitisch, succesvol leven.
Ik hoop dat jullie er altijd zullen zijn,
voor ieder meisje met verdriet en pijn.
Zodat jullie haar alles leren,
en zij met zelfvertrouwen terug kan keren
naar de harde buitenwereld die op haar wacht,
geef elkaar die liefde, die warmte, die kracht!
Moeders en dochters
In een volksuniversiteit
verkocht een vrouw brochures en zei
ik ben de moeder van Frigga
die straks de lezing houdt
Op een vergadering van vrouwen voor vrede
smeerde een vrouw broodjes en zei
ik ben de moeder van Eva
die jullie allemaal kennen
Bij een demonstratie
droeg een vrouw het spandoek en zei
ik ben de moeder van Maria
dat had ze zo bedacht
Toen ik het voor de derde keer hoorde
moest ik huilen
omdat mijn moeder niet achter me staat
En ik die mooie woorden
alleen van anderen heb gehoord
die mij omhelsden en zeiden
ik zou je moeder kunnen zijn
je bent het heb ik eens gemompeld
ach het was niet waar
maar ze gaf mij een vest
omdat ze zag hoe koud ik het had

Even iets van God
Een arm om je heen
als je moe bent en koud.
Een mens die je troost
en die veel van je houdt.
Een hand in jouw hand
als je niet durft te gaan.
De stem die je roept
als je eenzaam blijft staan.
Soms zie je even in je leven
zomaar iets van God.
Een blik vol begrip
als je voelt het gaat mis.
Een mens die juist komt
als er niemand meer is.
Een woord dat je raakt
dat je moed geeft en kracht.
Een kans die je krijgt
die je nooit had verwacht.
Soms zie je even in je leven
zomaar iets van God.
Een mens die je zegt:
Toe, je kunt het, komaan!
Een droom die je helpt
om weer verder te gaan.
Een teken van leven
dat maakt je dag weer goed.
Als jij het niet kan
komt er iemand die het doet.
Soms zie je even in je leven
zomaar iets van God,
even iets, even iets van God.

She smliled...
She smiled at a sorrowful stranger.
The smile seemed to make him feel better.
He remembered past kindness of a friend
And wrote him a thank you letter.
The friend was so pleased with the thank you
That he left a large tip after lunch.
The waitress, surprised by the size of the tip,
Gave part to a man on the street.
The man on the street was grateful,
For two days he'd had nothing to eat.
After he finished his dinner,
He left for his small dingy room.
He didn't know at that moment
that he might be facing his doom.
On the way he picked up a shivering puppy
And took him home to get warm.
The puppy was very grateful
To be in out of the storm.
That night the house caught on fire.
The puppy barked the alarm.
He barked till he woke the whole household
And saved everybody from harm.
One of the boys that he rescued
Grew up to be president.
All this because of a simple smile
That hadn't cost a cent.
De gunsten van du'aa & dhikrullaah
Totdat jullie terugkeren naar het praktiseren van jullie deen
beproevingen van het leven
De gunst van du’aa en dhikrullaah
de discussie van de hoogste engelen
Factuur betaald, soubhana ALLAH !
de dood staat jou ook op te wachten dus maak jullie vast klaar
hij reciteerde de koran
bekeerlingen
zwarte punten op het hart
wees gelukkig
Wat is het standpunt van de Islam met betrekking tot terrorisme?
trots gebasseerd op arrogantie