Hortus conclusus
Ingrid Lenaerts
Hortus conclusus
wachten
Wachten op de grote zon
de belofte van vrijheid
die lonkt als een wilde deerne
je dromen uitholt
voor grijnzend kaarslicht
in een bietenkop
het toevluchtshuis
achter prikkeldraad
ik dacht het beeld weg
ver weg uit onze tijden
maar het duikt weer op
zolas een hersenschim
uit de beemden bij mist.
Ingrid Lenaerts
duisternis
ijschaatsenRijdend op de schaats
sierlijk als een hazenwind
zwanen op een meer
ze cirkelen er
draaien spiralen
een kaleidoscoop
Ingrid Lenaerts
wintersprokkel
wassen beeld
morgen
vissersEen ijzige kalmte in hun blik
eerder op oneindig over grenzen heen
het wateropppervlak borrelt bellen
kringen die traag uitdienen
voor de ogen van twee dromende vissers
tot de vis hen verschakt
Ingrid Lenaerts
gele blarenNatte bladeren
lijken vergeeld in sterven
kleven in plassen
doodse stilte prangt
de sfeer kil tot klein verdriet
het park treurt en weet
Ingrid Lenaerts
gele blarenNatte bladeren
lijken vergeeld in sterven
kleven in plassen
doodse stilte prangt
de sfeer kil tot klein verdriet
het park treurt en weet
Ingrid Lenaerts
anna
vervreemding
berkenBerken met hun witte stammen
die hun schors laten pellen
als een kinderspel in de wind
vergroeid met blauwe luchten
bos en hei eeuwig in hun buurt
ze groeien in scholen van drie of vier
naast het ven met zijn rietkragen
Berken roepen in mij de heimat op
stil en overtuigend in het landschap
dat purper bloeit in september
op de schrale gronden van zijn troost.
berken zijn als magiërs van romantiek
voor wie hen gelooft en belijdt
Ingrid Lenaerts

inspiratie
gedicht voor vrede.
hij zal
wondermooiHerfstlicht als wonder
bij zonsopgang boven zee
zij brandt de dag in.
Ingrid Lenaerts
en wat doe ik ?En wat doe ik met het noodlot
dat me regelmatig bezoekt
me uitdaagt me naroept ?
om mijn zwakheden te testen
dat joch met schijnbaar witte sokken
toen deze kleur nog deel uitmaakte van geluk.
dat luxepaard dat de betere renstal wou
met heel vers stro
en bakken wortelen
want de beste haver was voor anderen
en dat joch en deze vrouw
die de onrechtvaardigeheid nekte
maar bestraft werd zich in te laten
met grote alwetende sterren.
Het noodlot kan zich meten
met een god in gouden paleizen
ik moet het noodlot niet tarten
want schikgodinnen zijn vals
dragen nep
zo onbetrouwbaar als drijfzand
dat naar de dieperik sleurt
Ingrid Leanerts
beminde afgunstige