meeuw
Meeuw bij morgendauw
groots en weids je vleugelslag
over het tuintje
Ingrid Lenaerts
meeuwMeeuw bij morgendauw
groots en weids je vleugelslag
over het tuintje
Ingrid Lenaerts

slapende reiziger
met gebroken vleugel.
korte stiltede appel viel al lang van de boom
hij werd wel honderd maal geschild
heel vakkundig gerokt in stroken
en nu was er niets wat gebeurde
het was afgrijselijk stil en afstandelijk
slechts een glas water om te drinken
woorden bleven onuitgesproken
het was een raden naar waarom
de appel is gebroken herinnering
bij dze korte stilte
Ingrid Lenaerts
de zang van de nachtegaal
ballenbadMet steeds grotere verwondering
ben ik van het aanzicht doordrongen
zo'n kleurenbolwerk haakt op het netvlies
het ballenbad is megakoel zoals men zegt
om zich te laten vallen
zoals een meteoriet uit de hemel
Je kan gooien en grijpen en knijpen
om de frustratie te onderkoelen
je kan relaxen op de vrijblijvende interpretatie
Ik stort me dit jaar in het ballenbad
zoals mijn kleinkinderen bandeloos
ontsnappen en ontspannen .
Ik woon voortaan op de herinnering
van een deugddoend ballenbad
Ingrid Lenaerts
vuurDoor een likkende vlammencirkel
springt hij als een Bengaalse tijger
bang van gelijknamig vuur
vlammen spuwt hij uit
een vuile mond die walmt van dampen
de jongleur loop op lichte voet
het publiek houdt de adem in
amuseert zich op de rand van doodsangst
die uitdagend aanwezig is
in het hart van de man
Ingrid Lenaerts
Winter draagt afwezigheidWinter draagt afwezigheid tusen de plooien
van zijn donkere en grillige kleren
Hij heeft het zonlicht op een min gezet
en laat het bij zijn gratie langzaam weerkeren
Winter spreekt harde en koude taal
waneer hij zijn onderdanen uitzendt over berg en dal
oostenwind laat hij bijten in onze huid
water laat hij bevriezen zonder pardon
de duisternis hanteert hij kwistig
tussen de kale bomen hangt Vriezemans 'adem
de ijsprinses schalt het uit met dunne lippen
haar bewondering voor doorzichtigheid
de winter draagt geen wanten of sjaal
mens en dier moeten zich verzettten
tegen zijn wil en wet die hij hanteert
ze verjagen hem bij de haard en het vuur
de vlam schenkt licht op de brandende kandelaar
Dan zit de winter op zijn honger
eenzaam in zijn eigen stijl en koppigheid
van winter te zijn.
Ingrid Lenaerts
nieuwjaarsnacht in de haven.De mist hangt te snijden bij de vaargeul
de oceaanreuzen liggen als zwanger
te wachten op hun bevalling
wanneer hun buik zich openen zal
Ze zijn verlicht met lampionnen
langs de masten schittert het licht
over het waterpaleis dat weerkaatst
in de diepte van het water
hier en daar hoor je zingen en dansmuziek
de winterse lach uit de tropen
de containers wachten in duisternis
bij middernacht als de jaarwisseling aanvalt
gaan alle schepenhoorns trompen
als een vloot die het anker licht.
Nieuwjaarsnacht in de haven
een feest met een bijzondere noot.
Ingrid Lenaerts

test
Nu oude jaar treurt
om de verloren dagen
begint een nieuw jaar
Ingrid Lenaerts
sneeuw en ijsMeestal zitten sneeuw en ijs bij elkaar
Ze jagen in hun jaargetijde over land en water
met kapriolen en onverbiddelijkheid
ze haken in elkaar als kwetterende mussen
ze zitten elkaar op de hielen
geven zich nooit gewonnen
zolang de nulwaarden regeren
van het potentieel gevaar
dat ze zelf in hun hoofd dragen
kennen ze geen kwaad
van het betoverende spel
met lucht en water
de schoonheid en weerspiegeling
die ze scheppen in een landschappen
hebben ze geen benul.
ze zijn er gewoonweg
als te aanschouwen fenomeen
Ingrid Lenaerts
sneeuw en ijsMeestal zitten sneeuw en ijs bij elkaar
Ze jagen in hun jaargetijde over land en water
met kapriolen en onverbiddelijkheid
ze haken in elkaar als kwetterende mussen
ze zitten elkaar op de hielen
geven zich nooit gewonnen
zolang de nulwaarden regeren
van het potentieel gevaar
dat ze zelf in hun hoofd dragen
kennen ze geen kwaad
van het betoverende spel
met lucht en water
de schoonheid en weerspiegeling
die ze scheppen in een landschappen
hebben ze geen benul.
ze zijn er gewoonweg
als te aanschouwen fenomeen
Ingrid Lenaerts
op sneeuw en ijs.Meestal zitten sneeuw en ijs bij elkaar
Ze jagen in hun jaargetijde over land en water
met kapriolen en onverbiddelijkheid
ze haken in elkaar als kwetterende mussen
ze zitten elkaar op de hielen
geven zich nooit gewonnen
zolang de nulwaarden regeren
van het potentieel gevaar
dat ze zelf in hun hoofd dragen
kennen ze geen kwaad
van het betoverende spel
met lucht en water
de schoonheid en weerspiegeling
die ze scheppen in een landschappen
hebben ze geen benul.
ze zijn er gewoonweg
als te aanschouwen fenomeen
Ingrid Lenaerts
Gelukkig Nieuwjaar
we wachtenWe wachten op het laatste uur
aansluitend op het eerste van een ander jaar
we vieren en we sieren
de dagen met goede voornemens
wensen van de beste soorten
als een voorbeeld van deugd
en puur verlangen.
Er wordt schuimwijn gekraakt
geklonken onde de klok van twaalf
gevierd tot de vroeg uurtjes
op weer een jaartje meer.
Ingrid Lenaerts
koopjesjachtIn drommen jagen horden
verdringen elkaar voor de deur
liefst zodicht mogelijk
op de gekste uren
om het eerst
te veroveren
zoals kapers op de kust
het begeerde ding
afgeprijsde begeerte.
In drommen jagen horden zichzelf voorbij
hun koopdrang
draagt grote ogen
heeft een grote mond
met de smaak van bezit
ontziet niet
maar eist alles op
tot oneindig.
Ingrid Lenaerts
