noodweer
Donkere wolken drijven jachtig aan
de hemel schijnt op aarde te hangen
het rommelt en roffelt in de oranje mist
net een stel heksen opweg met bezems
naar de zwarte sabbat die dreigt te klauwen
bliksemschichten doorkruisen de lucht
net de gifpijlen van een driftige God
Het begint te regenen bij bakken
de wind jaagt het water overal tussen
zelfs onder de ramen door binnenshuis
de aarde lijkt te vergaan
in deze waterlellende
hulp we verzuipen
Keer dit weer naar af
Ingrid Lenaerts

