wolkendans
De wind onvriendelijk zoals hij nu in mei nog jaagt
Laat de Zonnegod weerover de wolken heersen
Ingrid Lenaerts
wolkendans

mezelf buiten
zij zag zichzelfZij zag zichzelf in het doodskader gezet
een wereld warm en welkom werd een gat
donker als de nacht in het hol van de leeuw
toen de grond onder haar voeten vertrok
alsof de aarde openscheurde in eeuwig magma
vlammmen als torens smeltend metaal
Geen woord of gebaar bleef overeind
laat staan gedachten met een niets weggeflitst
Ingrid Lenaerts
bonenstaak
jij de bonenstaak
ik de slingerplant er rond
onkruid aan de voet
Ingrid Lenaerts
het jaar van de hondLaat me zwalpen door het jargon van de dierenriem
ik weet niet welk beest me te wachten staat
in de Chinese astrologie die mij uitdaagt
Weet ik inmiddels dat ik een varken ben
geen kat draak of aap in de genen van mijn bloed
Mij wacht niet de hond en zijn trouw
zijn onderwerping aan de mens en zijn wil
Ik pas niet in dit jaar dat de hond huldigt
maar wacht geduldig op het varkensgetijde
rap en rebels zoals ik ben.
Ingrid Lenaerts
op de fiets van C
huis en in binnenzak de tuin
satie
de jongens van de straat
globaliseren
grote woorden kleine dingen
BLAUWE GEDACHTEN
Je kan het niet kopen porties geluk
als fijnproevertjes bij het aperitief van het leven

Zomerbos
Het bos denkt met al zijn wortels dat
Het zweet als een zwoegend paard
Na het onweer. Zijn gedachten verdampen
Met veel geroffel nog in de verte te verdwijnen
Een dikke raaf stapt als een baron zomaar
Onder de bomen alsof hij alleenheerser is
Pikkend en pakkend wat hem te beurt valt
Fier en zonder schaamte de helling af.
Een verweesde wandelaar keert huiswaarts
Druilerig en nat als een vis op het droge
Lijkt afwezig gestraft door de regenbuien
Zoekt zijn troost in de monotone stap
Wij zien de lucht zijn kleuren wisselen
Het wordt weer helder in onze plannen
Opgeklaard de donderwolken, de bliksem
Het zomerbos wuift alweer zijn regelmaat
Ingrid Lenaerts
