
1957 – 3 juli : Chirojongens vertrokken op bivak naar Houthalen.
1957 – Zaterdag 27 juli : KWB-Reis naar de Vallei van Ourthe en Ambleve.
Er waren maximum 35 plaatsen en het vertrek was om 4u30 in de ochtend.
Prijs : 180 frank.
1957 – Zondag 4 augustus : “Sensationele Voetbalmatch Boerenbond-B.J.B.
Ploeg Boerenbond:
De Prins Theophiel, Van der Hasselt Felix, Alewaeters Frans, Broothaers Jozef,
De Prins Frans, De Smet Jules, De Laet Frans, Selleslagh Egied, De Prins Jan,
Verhasselt Raymond en Rottiers Karel.
Resserven : De Prins Marcel en Goossens Edgard.
Ploeg B.J.B.:
Van Winghe Achiel, De Smet Jos, Vloeberghen Jozef, Diddens Marcel, Fierens
Karel, De Boeck Willy, De Prins Marcel, Keulemans Gaston, Verbruggen
Jerome, De Smet Cyriel, Emmeregs August.
Reserven : Verbruggen August, Van Winghe Désiré, Daelemans Florent,
Bernaerts René.
De match begon om 15 uur en werd gefloten door scheidsrechter Victor De Laet.
1957 – September : Ledenaantal Chiro
In september 1957 zag het ledenaantal van de jongenschiro er als volgt uit :
Burchtknapen : 36 jongens en 3 leiders : Eddy Beterams, Jos Verlinden en de
nieuwe aanwinst Guido Hellemans.
Knapen : 17 jongens en 3 leiders : Jan Vloebergh, Rik Van den Vondel en Jos
De Smet.
Kerels : 12 jongens en 3 leiders : Louis Vloebergh, Freddy Peirs en Ferdi Polfliet.
Samen : 65 jongens en 9 leiders, met als groepsleider Louis Vloebergh.
1957 – September : Schoolbevolking
De gemeentelijke jongensschool telde 84 leerlingen.
De gemeentelijke meisjesschool 107 en de aangenomen bewaarschool 81.
28 jongens en 12 meisjes van Leest liep school te Kapelle o/d Bos.
Te Hombeek en Tisselt waren respectievelijk 4 en 5 jongens van Leest
ingeschreven.
Het totaal aantal schoolplichtige kinderen voor het schooljaar 1957-58
bedroeg 154 jongens en 124 meisjes. (DB-oktober-1957)
1957 – 16 september : In “Ons Parochiehuis” werd de film “Jongensstad” gedraaid ten
voordele van de Chiro.
1957 – 19 september : oprichting Zangkoor St.-Cecilia
Het bestuur van de Koninklijke Fanfare Sint Cecilia ging over tot de oprichting
van een zangkoor Sinte Cecilia.
Stan Gobien in “Leest in Feest” :
“De stuwende kracht achter dit koor was Luc Beterams. Op het Palmzondagconcert van 1958 werd met de fanfare de Bergsuite van Jos Moerenhout uitgevoerd. Het zangkoor St.-Cecilia stond toen onder leiding van Leo Hellemans.
Het zangkoor kreeg een vlag van de familie Beterams (zie foto). Deze familie had ze zelf vervaardigd. In de hoeken van deze vlag staan het schild van de provincie Antwerpen, de Vlaamse Leeuw, de Leestse kerk en de eerste noten van de Bergsuite.
Dit vaandel werd in de vijftiger en zestiger jaren uitsluitend gebruikt door het zangkoor St.-Cecilia. Later, toen het zangkoor in feite ophield te bestaan, werd het gebruikt door de jeugdfanfare en door het trommelkorps. Dit vaandel werd ook nog gebruikt door de fanfare wanneer die wandelconcerten van lange afstand gaf, zoals bijvoorbeeld in de Bloemenstoet van de stad Mechelen.
Het zangkoor St.-Cecilia was min of meer een ‘onderafdeling’ van de fanfare, net als de toneelvereniging ‘De Moedige Vrienden’ en later ‘Voor Taal en Kunst’ dat waren.
Toen in februari 1959 burgemeester Emiel Verschueren werd ingehuldigd trok het zangkoor door de Leestse straten achter het vaandel.
Het zangkoor gaf dikwijls een optreden weg op het Palmzondagconcert van de fanfare.
Na de populaire Bergsuite die meer dan eens op het programma kwam, werden in 1960 ‘In ’t Witte Paard’ van Beznatzky, het ‘Zigeunerkoor’ van Verdi en ‘Op de Perzische markt’ van Ketelby uitgevoerd.
In 1962 had het zangkoor August Fierens (zie foto) als dirigent en werd er opgetreden met de ‘Vogelhandelaar’ van Zeller.
Theo Fierens had helemaal geen bezwaar tegen de samenwerking met het zangkoor. Op het programma van het Palmzondagconcert van 1973 stonden zelfs vier koorwerken met begeleiding van de fanfare : ‘Vader Abraham had zeven zonen’, van Pierre Kartner, de ‘Csardasvorstin’ van Kahlmann en twee composities van Jef Aerts, ‘Leest aan de Zenne’ en ‘Vlaamse volksliedjes’. Het fanfarekoor stond toen onder leiding van Rik Lauwens.
Voor een aantal muzikanten waren de repetities die aan een muziekconcert met het zangkoor voorafgingen een ware belevenis. De fanfare bestond toen uit vooral mannen.
Wanneer er dan ineens zoveel dames in het repetitielokaal aanwezig waren, gebeurde het wel eens dat ze de zaak uit de hand lieten lopen. Er waren mannen bij die het vrouwelijk gezelschap ten zeerste op prijs stelden en die alles in het werk stelden om de gezamenlijke repetitie zo lang mogelijk te laten duren. Alle middelen waren voor deze muzikanten goed : op een verkeerde tijd invallen, van de zenuwen een aantal bemols of kruisen vergeten, gezichten trekken, de medemuzikanten aan het lachen brengen…Het viel soms zo op dat de dirigent zich kwaad maakte en dreigde met een strafrepetitie zonder zangkoor.
Wanneer de zangstukjes werden gerepeteerd waarbij ook nog gedramatiseerd moest worden, overdreven de acteurs soms zo fel dat het onnatuurlijk werd. Sommige zangeressen vonden deze gang van zaken waarschijnlijk af en toe gênant, anderen zullen het daarentegen wel plezierig gevonden hebben…
Op de uiteindelijke uitvoering met publiek werden de fratsen gelukkig doorgaans achterwege gelaten…
Foto’s:
-De vlag van de familie Beterams.
-dirigent August Fierens.
-Eerste rij : Adrienne Pepermans, Josephine Polfliet en Jacqueline De Neys.
Tweede rij : Rosa Verlinden en Lisa Boey.
Derde rij : Maria Buggenhout en Agnes Piessens.
-Optreden met de fanfare.
















































