
Hendrik Diddens overleed in 1973. Gazet van Mechelen publiceerde op 9 augustus 1986 :
Hendrik Diddens is niet meer
“Hendrik Diddens is overleden”. Het werd ons donderdagavond gemeld. We werden er stil van. De man die we van in onze jeugd zo goed kennen, de man die zoveel jaren later in 200 afleveringen het werkdocument “Woordenboek van het Mechels dialect” in deze kolommen publiceerde, de man die tijdens het 11 juli-feest j.l. de harten veroverde van alle aanwezigen toen hij in een vraaggesprek met presentator Francis Verdoodt enkele Fabels van de Voddemét debiteerde, die Hendrik Diddens is op 72-jarige leeftijd overleden.
Een
hartaanval werd hem fataal.
De rouw die zijn echtgenote en kinderen treft is groot.
Hendrik Diddens is een geliefd man, ook ver buiten zijn familiekring.
In
onze eigen Gazet van Mechelen is Hendrik Diddens een vertrouwde figuur.
Vooral in de periode dat zijn “Woordenboek” liep kwam hij regelmatig eens
poolshoogte nemen van wat er allemaal verkeerd liep, want het bleek dat de
fonetische weergave van “Mechelse klanken” niet zo’n logische zaak is voor een
computer uit de 20e eeuw.
Hendrik
Diddens bekeek het allemaal even nuchter, met een glimlach er bovenop. Dat z’n
woordenboek succes kende was voor hem geen verrassing.
Dankzij de reacties van de lezers, kon hij zijn fichebakken verder aanvullen en
verbeteren om daardoor met nog beter gedocumenteerde gegevens te werken aan de
uiteindelijke uitgave van “Het woordenboek van het Mechels dialect”.
De plannen bestonden (en bestaan nog) om tegen het eind van dit jaar dit Woordenboek op de markt te brengen. Hendrik Diddens zal het niet meer meemaken.
Diddens
was een trouwe klant van deze krant. We denken dan vooral ook aan “Mijn
kinderjaren in de Hanswijkenhoek” reeks die in 1959 ook in de Gazet van
Mechelen verscheen en die in 1960 door de uitgeverij De Vlijt werd uitgegeven.
Hierin beschrijft “den Didden” zoals in Mechelen dikwijls gezegd wordt, zijn
kinderjaren in Coloma. Dat is tegelijk ook een stevige portie geschiedenis van
die wijk die toen in volle opgang kwam.
Maar tussendoor klopte Hendrik ook bij ons aan met de vraag een artikel te
publiceren over dit en dat. Het samenstellen van het “geslacht Diddens” was ook
één van zijn realisaties waaraan hij met veel plezier en met evenveel stiptheid
gedurende jaren werkte.
Hendrik Diddens is niet meer. Wij zullen zijn telefoontjes aan onze redactie missen. Maar zijn echtgenote en kinderen en kleinkinderen missen een liefhebbende vader en grootvader. Aan hen onze kristelijke deelneming.
F. Teughels.”
En in De Band van september 1986 :
“In Memoriam Hendrik Diddens.
Als trouwe lezer van ‘de Band’ en af en toe medewerker, is te Mechelen de heer Hendrik Diddens in de Heer ontslapen.
Was Hendrik Diddens destijds te Leest geraakt om er de stamboom van de familie Diddens op te zoeken, is hij als geboren Mechelaar in zijn oprechte gehechtheid aan volk en taal van het dorpken zijner voorvaderen blijven houden.
Was Hendrik’s tong eerder karig, een beter toehoorder vond men niet. Genietend kon hij luisteren, liefst van al wanneer er gesproken werd in de eigen gewestspraak. Dan kwamen er soms glanskens in de ogen en zou hij nooit hebben onderbroken tenzij om af en toe een klein
boekje uit de zak te nemen en vlug een paar woordjes te noteren, of met een paar korte zinnetjes zijn eigen mening te vertellen.
De pen echter was zoveel vlotter, dat getuigen de menige verhalen en gedichtjes welke hij over volk en grond, waarvan hij zielsveel hield, gemaakt heeft, en waardoor hij terecht, als was het misschien niet de enige, dan toch als eerste mens het Ereburgerschap van onze gemeente heeft gekregen.
Als laatste van zijn werken vernoemen we nog ‘de Fabeltjes van de Voddemét’ en het verklarend woordenboek van het Mechels dialect dat eerlang verschijnen zal. Met Hendrik hebben we een goed kristen, edel Vlaming en groot kunstenaar verloren. God hebbe zijn ziel.”
In ’85 publiceerde Hendrik Diddens een studie over “de oude Diddens-stam te Leest”.
Enkele maanden na zijn dood verscheen Hendrik ‘s “Woordenboek van het Mechels dialect”. Bij de presentatie ervan in december was het voltallige Mechelse schepencollege aanwezig.
“Het werd velen kil aan het hart toen in het stadhuis het ‘Woordenboek van het Mechels dialect’ werd voorgesteld. Dat Hendrik Diddens dat niet meer heeft kunnen meemaken…
Mevrouw Diddens, de zus van Hendrik Diddens, de kinderen Guido, Frieda en Agnes, de kleinkinderen, de familie, de vele vrienden en kennissen waren in de kolommenzaal present om het levenswerk van Hendrik Diddens mee te beleven.
Het werd een stemmige bedoening bij de presentatie. Hilde Masui praatte de onderdelen van het programma aan mekaar en burgemeester Joris beet de spits af en zegde o.a. dat : ‘wil onze beschaafde omgangstaal een volwaardig medium zijn en blijven, dat zij het contact met het dialect niet mag verliezen.’ Marcel Kocken, hoofd van de dienst cultuur van de stad Mechelen stelde de figuur van Hendrik Diddens voor. Persoonlijke anecdoten, de urenlange gesprekken die hij met Hendrik Diddens voerde. Kocken had het speciaal op de inspanningen die de auteur gedurende drie maand leverde om in die tijdsspanne zijn volledig boek op electronische machine uit te tikken, de fonetische klanken aan te passen, bij te werken.
‘Toen de 432ste bladzijde en het boek klaar waren, ging Hendrik Diddens van ons heen. De uitgave van zijn monument heeft hij niet mogen meemaken.’
Hilde Masui en Francis Verdoodt citeerden authentieke fragmenten uit het Woordenboek, waarbij het er in de kolommenzaal zo vrolijk aan toe ging dat er zelfs…gezongen werd.
Jean
Binon gaf toelichting bij het gebruik en het concept van het woordenboek en
bloemen
voor de echtgenote van de auteur en zijn zus, een dankwoord aan het
adres van het stadsbestuur en een uitnodiging van burgemeester Joris om een
glas te heffen maakten de presentatie van ‘het Woordenboek van het Mechelse
dialect’ rond.” (GvM, 6 december
1986)
In ‘Deserteur onder Napoleon’ uitgegeven bij De Sikkel in 1974 vertelde de schrijver de onprettige belevenissen van zijn betovergrootvader Pieter-Jan Diddens, in zijn familie steevast ‘den deserteur’ genoemd, die als achttienjarige werd opgeroepen om dienst te doen in de legers van Napoleon en bij de eerste schermutselingen in Rusland deserteerde.
Datzelfde jaar werd Hendrik Diddens door het Leestse gemeentebestuur gehuldigd en tot ereburger van Leest gebombardeerd voor zijn werk en opzoekingen naar de geschiedenis van het dorp.
Zijn buur en vriend van de Mechelse Landbouwstraat Herman Schaltin klom enkele maanden na zijn overlijden in zijn pen :
“Als een boegbeeld der beschaving,
bij de groten in de gunst,
steeds was Mechelen brood en laving
voor
de scheppers van de kunst.
Muzen houden soms van streken
om een waaier van talent
in één enkel mens te steken,
zodat iedereen hem kent.
In de literaire middens
van ons Vlaamse vaderland
staat de naam van Hendrik DIDDENS
daarom met een bies omrand.
Schrijven doet hij lijk de beste,
door zijn speelsheid van de Fé
en zijn humor van de Neste
valt zijn oeuvre danig mee.
Hij schrijft ook in vreemde talen,
maakt sonnetten in het Spaans,
schrijft gedichtjes voor de Walen
en zelfs…in et Gregoriaans !
Lijk de bijbelse parabels,
zo met wijsheid ook doorspect
zijn z’n ‘La Fontaine’-fabels,
maar in ’t Mechels dialect.
Maar zijn faam gaat nog meer rijzen
door zijn Mechelse woordenboek
dat men overal hoort prijzen,
zelfs tot in Klein-Acherbroek.
Tot ver buiten Mech’lens muren
oogst hij lof en veel beziens,
prijkt dit boek nu naast Verschueren
bij Van Dale en Winkler Prins !”
Omdat haar echtgenoot Wilfried Spruyt, een afstammeling van ‘deserteur’ Petrus Joannes Diddens is, verzocht Lieve Huysmans een Kommandant van het Belgische leger om meer gegevens. Die antwoordde het volgende :
‘DIDDENS Pierre Jean, geboren te Leest op 6 mei 1794. Woonplaats : Leest. Beroep : dagloner.
Korps : 82 Regiment Intanterie de ligne. Graad : soldaat.
Heeft zes maand gediend en is na het staken van de vijandigheden in 1814 naar huis teruggkeerd.
Hij
is NOOIT in Rusland geweest. Behorende tot de klas 1814 werd hij vermoedelijk
pas in de tweede helft van
1813 opgeroepen en ingelijfd. Zijn regiment heeft nooit een voet in Rusland
gezet, de veldtocht in Rusland was reeds
lang ten einde voor de klas 1814 opgeroepen werd.
Het 82ste Regiment Infanterie
de ligne had in 1813 één bataljon in Duitsland, de rest van het regiment was in
Spanje en in het
regimentsdepot te LA ROCHELLE in Frankrijk.
Pieter Jan heeft zich te Antwerpen moeten aanbieden om naar het regimentsdepot te LA ROCHELLE te vertrekken en daar ingelijfd te worden. Ik weet niet wat er verder met hem gebeurd is. Ik denk niet dat men hem vanuit het regimentsdepot nog naar Spanje of Duitsland heeft gestuurd maar dat is natuurlijk niet onmogelijk. Hij kan eventueel nog deelgenomen hebben aan gevechten in Frankrijk in de eerste maanden van 1814 maar hiervoor beschik ik over geen enkel tastbaar bewijs.” (Kommandant b.d. de Lelys)
1973 – Zaterdag 1 december : “De Nieuwe Generatie” in het Parochiehuis
Deze Vlaamse “Up with people” groep bestond uit een veertigtal jongens en
meisjes waarvan er tien leden het orkest vormden.
Het optreden werd georganiseerd door het Davidsfonds.
1973 – Zaterdag 1 en zondag 2 december :
Sint Niklaas en de K.W.B. Leest
“Ieder jaar richt de KWB een Sinterklaas-tocht in voor al de kinderen van de
gemeente. Dit verloopt dan over twee dagen, de zaterdag en zondag voor 6
december.
Er worden dan zowat 120 huizen bezocht en ieder kind ontvangt een geschenk.
Ten gevolge van de autoloze zondagen werd het bestuur verplicht al de
huisgezinnen op één dag te bezoeken en alles verliep in de beste orde.
Van ’s morgens 10 uur tot ’s avonds 18 uur doorkruiste de goede kindervriend
met zijn Zwarte Piet al de straten van Leest en maakte vele kinderen gelukkig.
Het bestuur dankt al de bereidwillige medehelpers alsook de milde gevers
om de zware onkosten van het kinderspeelgoed te helpen dekken.
Hopelijk zullen de Arabieren de goede Sint niet meer hinderen, want 123
huizen op één zaterdag is wel wat te veel.” (De Volksmacht 9/12/73)
1973 – 22 december : 6de Groot KWB-Bal
Met Tiny Bell en Smack Orkest.
1973 – Op 31 december telde Leest 1981 inwoners.
Foto’s :
-Hendrik Diddens, bestendig in de weer aan zijn ‘Woordenboek van het Mechels dialect’, een levenswerk.
-Het plaatselijk zangeresje Tiny Bell. Ook zij had Leestse roots, haar grootvader Frans Beullens groeide op in het Hof ten Broecke.






































1 reactie op dit bericht
stamboom Diddens
Hij was de grote bezieler van het samenstellen van onze stamboom.
Aangezien u veel berichten publiceerde over Leest stel ik me de vraag of u misschien ook weet of er nog steeds familiebijeenkomsten zijn van de families Diddens? Heel vroeger ben ik daar nog naartoe geweest, maar nadat mijn vader overleed hebben we daar nooit nog iets over gehoord. Misschien dat zulke feesten niet meer doorgaan en het is ook moeilijk te achterhalen. Blijft me toch nog altijd fascineren.