Naar de inhoud

rijschool

seniorennet.beseniorennet.be

 

                           Enkele belangrijke regels van de wegcode

 

1.   Verkeerstekens: een gele onderbroken streep

                    Langs deze gele streep is het parkeren op de rijbaan verboden

            Een gele onderbroken streep op de trottoirband of op de boorsteen van een
            verhoogde berm betekent: verboden langs de streep
                                                        op de rijbaan te parkeren
            Opm: -een stilstaand voertuig   : een voertuig dat niet langer stilstaat dan nodig
                       is voor het in of uit te stappen of het laden of lossen
                      -een geparkeerd voertuig:  een voertuig dat langer stilstaat dan nodig is
                        voor het in of uit te stappen of voor het laden of lossen

2.   Openbare weg: een woonerf (woonwijk)  
images?q=tbn:ANd9GcSexejX2EuAVeZd07zqxSd2QTxgMIqQlqkYex6vFZ0_4jAEYGdAFg
      
 
In een woonerf:
 - de snelheid is tot
20km/u
 beperkt
 - het parkeren is er verboden
behalve
:
               op de plaatsen  - waar een verkeersbord het toelaat
                                         - waar een wegmarkering met de letter P is aangebracht
 - de voetgangers mogen de ganse breedte van de openbare weg gebruiken
 - de bestuurders mogen de voetgangers niet hinderen of in gevaar brengen

 

3.   De pechstrook

 bevl_approach.jpg

  Het is verboden op de autosnelwegen stil te staan of parkeren :
                      - GSM gebruiken
                      - wegenkaart raadplegen……….
      Denk maar niet  te gauw dat de andere automobilisten U altijd ( tijdig ) zullen
      zien staan
      Pechstrook alleen gebruiken in uiterste nood (wagen verlaten !!)



Hoe vind je dit bericht?
Geschreven door leon om 15:57 Reageer op dit bericht
Reageer op dit bericht

Reageer op dit bericht

Een titel of je eigen website toevoegen

 

                       Beperkt eenrichtingsverkeer ( BEV )

   

                                    C1
                              M.3.                                                            F19
                                                                                                                M.5.


Verboden richting voor iedere          Eenrichtingsverkeer voor alle

          bestuurder , uitgezonderd voor     bestuurders maar tweerichtings

          fietsers en bromfietsers klasse A   verkeer voor fietsers en brom

                                                                fietsers klasse A
         C1+M3                                                  F19+M5       

1.   Sinds 01 Juli 2004 is het beperkt eenrichtingsverkeer (BEV) veralgemeend F19+M5:
op enkele uitzonderingen na ( om veiligheidsredenen of minimale
wegbreedte 3m en uitzonderlijk 2,6m)

2.   De eenrichtingsstraten worden opengesteld voor fietsers (eventu-
eel bromfietsers klasse A: 25Km/u) die tegen het andere verkeer
in rijden, voor zover er specifieke signalisatie is aangebracht
( foto C1). De autobestuurders en de fietsers of bromfietsers
ontmoeten elkaar.

3.   Fietsers (en bromfietsers klasse A) die uit een straat met beperkt
eenrichtingsverkeer (foto F19) komen aangereden hebben natuur-
lijk voorrang van rechts want zij komen niet uit een voor hen verbo-
den richting.

4.   Aanbevelingen:
   - als bestuurder:denk bij het inrijden van een eenrichtingsstraat
     steeds aan de fietsers of bromfietsers die er zouden kunnen
     uitkomen. Hou op een kruispunt rekening met de signalisatie
     en de voorrangregels.
   - als voetganger: als je wil oversteken, kijk dan in ieder geval
     naar links en naar rechts.
   - als fietser: respecteer de signalisatie en rij enkel in de tegen-
     richting waar dit toegestaan is. Let op voor geparkeerde wa-
     gens (die kunnen vertrekken) en wees voorzichtig op elk kruis-
     punt.
     
             d1b.gif (2418 bytes)

            

M.2.  M.3.
Eenrichtingsstraat waar fietsers en bromfietsers klasse A

in beide richtingen mogen rijden

Hoe vind je dit bericht?
Geschreven door leon om 00:00 Reageer op dit bericht

 

              KIJK UIT :            Fietsers, bromfietsers en fietspaden:

 F50                                                                                                                            gebodsborden 

 Fietsers en bromfietsers zijn erg kwetsbaar. 20% van de verkeersdoden en zwaargewon-
  den zijn fietsers en bromfietsers.
 Een bestuurder mag kwetsbaardere verkeersdeelnemers niet in gevaar  brengen, dus
  dubbel voorzichtig zijn bij hun aanwezigheid.
 Hij moet hoffelijk blijven en defensief  rijden.

 Houding  t.o.v  fietsers en bromfietsers

1.    Een bestuurder moet  bij het inhalen of kruisen  een zijdelingse afstand van ten
 minste 1 meter  tussen zijn voertuig en een fietser of bromfietser. Indien  onmo-
 gelijk  moet hij vertragen en zo nodig stoppen ( onvoorziene bewegingen maken
 van fietsers).

 

2.    Het is verboden het portier van een voertuig  te openen of open te laten, in en uit
 een voertuig te stappen zonder zich ervan vergewist  te hebben dat dit de andere
 weggebruikers ( op een fietspad ) niet in gevaar kan brengen of hinderen.

 

3.    Het is verboden stil te staan of parkeren:
      - op een fietspad of een oversteekplaats voor fietsers  want dan moeten ze de
           rijbaan gebruiken = risico’s nemen.
    

 

      - op de rijbaan en de berm:
              - op minder dan 5 m   van de plaats waar de tweewielers verplicht zijn :
                    - het fietspad  te verlaten om op de rijbaan te rijden
                                                    of
                    - de rijbaan te verlaten om op het fietspad  te rijden
    

 

      - op de rijbaan:
                - op minder dan 5 m  voor een oversteekplaats voor fietsers of brom-
                   fietsers.

4. Als een bestuurder  een fietspad  oversteekt  moet  hij voorrang verlenen aan de
  fietsers of bromfietsers die zowel van links als van rechts komen.

 

 

 

5  Een bestuurder mag een oversteekplaats voor fietsers en bromfietsers slechts met
matige snelheid  naderen. Hij mag de weggebruikers die zich erop bevinden niet  in
gevaar brengen of hen niet hinderen als zij de rijbaan oversteken. Indien nodig
stoppen om hen te laten doorrijden.

 

6. Een bestuurder mag een oversteekplaats niet oprijden als het verkeer  zodanig
belemmerd  dat hij er waarschijnlijk op moet stoppen.

 

7. Het is verboden een bestuurder in te halen die een oversteekplaats voor fietsers
en bromfietsers nadert of ervoor stopt op plaatsen waar het verkeer niet wordt
geregeld  door een bevoegde  persoon (agent)  of door verkeerslichten.

 

8. Op tweerichtingsfietspaden moet een bestuurder,op kruispunten,  rekening houden   met  de fietsers die uit twee richtingen kunnen komen. Fietsers behouden hun voor       rang. Haaientanden of stopstreep en verkeersborden met een onderbord  M9
duiden de verkeerssituatie aan.                               

onderborden


 

 9. De tweewielers die  op het einde van een fietspad  rechtdoor rijden op de rijbaan ,
  voeren geen maneuver uit. Ze moeten dus geen voorrang verlenen aan de andere
  weggebruikers op de rijbaan.

 

10. Elke bestuurder ( t.t.z fietser en bromfietser, motorfietser, auto, vrachtwagen, bus,
  ruiter, gespan)  moet  voorrang verlenen  aan de bestuurder die van rechts komt( ook uit een beperkte  eenrichtingsstraat) . De bestuurder, die voorrang heeft ,
  stopt en terug vertrekt, behoudt  zijn  voorrang.

 
 

11. Het is eveneens verboden  op een fietspad  te rijden om een bestuurder langs
  rechts voorbij  te rijden of in te halen  (ook op een pechstrook).

Hoe vind je dit bericht? 1 stem
Geschreven door leon om 16:09 Reageer op dit bericht

 

                   De afleiding ( onoplettendheid ) aan het stuur

5 procent van alle ongevallen wordt door concentratieproblemen veroorzaakt.
Word je door iets afgeleid, dan heb je niet meer je onverdeeld aandacht bij
de taak (bestuurder) die je aan het uitvoeren was.

 

 Wat zijn de grootste afleidingen tijdens het rijden? De bronnen van afleiding
tijdens het rijden zijn met de nieuwe technologieën talrijker geworden (ze
zijn bijna ontelbaar):

  a. in de wagen:

               - eten
               - mobiel telefoneren (GSM)
               - afstemmen van de radio, GPS,……..
               - luisteren naar de radio
               - een gesprek voeren met een passagier
               - de krant lezen
               - …………

  b. buiten de wagen
               - een opvallend persoon op het trottoir
               - een reclamebord
               - een winkelraam
               - een ongeval op de andere rijbaan
               - ………..

  c. na een ruzie rijdt men ongeconcentreerd

 

Mobiel bellen (GSM) is het gevaarlijkste: waarom?
       - de bestuurder wordt “fysiek” afgeleid doordat hij tegelijkertijd zowel de
         telefoon als het voertuig moet bedienen. Hij moet zijn aandacht verdelen
         over het telefoongesprek en het autorijden.

       - rijgedrag van bestuurders die rijden en bellen:
               - ze vertragen plots als zij een oproep ontvangen of zelf iemand opbellen
               - ze staren = strak naar een punt in de verte kijken waardoor de rest
                 weinig aandacht krijgt, bij voorbeeld:
                     - voetgangers die aan een zebrapad wachten om over te steken
                     - verkeersborden langs de weg
                     - in de spiegels kijken
                     - geen voorrang geven
                     - aarzelend of onaangepast rijgedrag:
                            - de auto wijkt van zijn traject af
                            - de reactietijd wordt langer
       - overtredingen van de tweede graad ( 100€ ):gebruik van een GSM in de
         hand behalve bij stilstaan of parkeren. Hij mag geen gebruik hiervoor van
         de pechstrook en niet bellen terwijl hij wacht voor het rode licht ,in de file
         staat.              

Hoe vind je dit bericht?
Geschreven door leon om 22:33 Reageer op dit bericht

 

                                            Wat is Eco-driving (vervolg)

9. Leg je motor stil als je langer dan 20 seconden moet wachten (bij een rood licht,
    bij een spoorweg, voor een open brug,……). Een wagen verbruikt veel brandstof
    bij een stationair toerental.

10.Controleer maandelijks de bandenspanning. Te weinig spanning zorgt ervoor dat
      je meer brandstof gaan verbruiken en de banden sneller gaan slijten.

11.Vermijd overbodig gewicht. Hou de koffer leeg en plaats fietsen bij voorkeur op
      op een rek achteraan het voertuig. Verwijder onmiddellijk na het gebruik de ski-
      box, het fiets of bagagerek.

12. Gebruik de auto niet voor korte ritten, vooral met koude motor.

13. Parkeer je wagen in de rijrichting waarin je de volgende keer zal wegrijden ten-
      einde onnodig manoeuvreren met een koude vervuilende motor te vermijden.

14. Veilig en zuinig rijden kan alleen met een goed onderhouden wagen.

15. Maak verstandig gebruik van boordapparatuur:
                - gebruik je toerenteller om tijdig te schakelen
                - cruise controle helpt je om gelijkmatig te rijden
                - schakel de airco alleen aan als het echt warm wordt in de auto of
                   wanneer je ramen beslaan.

16. Registreer je brandstofverbruik.

  Eco-rijden is een nieuwe rijstijl. Wie zo rijdt zal dit niet alleen in zijn portemonnee
  merken maar levert ook een belangrijke bijdrage tot het ontlasten van ons milieu:

-minder brandstofverbruik
-     “      schade en onderhoud
-meer comfort en veiligheid voor de bestuurder
-minder stresserend rijgedrag

             

                  De bedoeling van Eco-rijden is energieverbruik en schadelijke
                  uitstoot van gassen te verminderen.

Hoe vind je dit bericht?
Geschreven door leon om 08:38 Reageer op dit bericht

 

                                              Wat is Eco-driving ?(eerste deel)

 Eco-driving is de meest moderne manier van autorijden.
Op technisch gebied zijn de motoren enorm geëvolueerd waardoor er een groter
vermogen kan ontwikkeld worden bij lagere toerentallen.
Helaas rijden de meeste autobestuurders nog steeds zoals het hen jaren geleden
werden aangeleerd. Dit vereist dan een totale andere rijstijl: een energiebewuste
rijstijl die op een eenvoudige manier soms een brandstofbesparing tot 15 procent
levert met als gevolg minder uitstoot van vervuilende stoffen.
TIPS om eco-driving “zuinig” te rijden:

1.    Zorg ervoor dat je vooraf je weg uitstippelt zodat je geen nodeloze omwegen
moet rijden. Houd steeds rekening met de voorziene verkeersdrukte en de
spitsuren: vermijd bijvoorbeeld het centrum van drukke steden. Gebruik even-
tueel een navigatiesysteem.

2.    Vermijd onnodig versnellen en vertragen. Houd je voertuig in beweging.

3.    Schakel zo snel mogelijk naar een hogere versnelling. Schakel bij een toeren-
tal dat bij voorkeur lager is dan 2000 toeren.

4.    Vermijd hoge toerentallen die onnodig veel brandstof kost. Moderne motoren
leveren namelijk ook bij lagere toerentallen voldoende vermogen.

5.    Geef de juiste hoeveelheid gas. Houd de toerentallen relatief laag en rijd met
met zo constant mogelijke snelheid.

6.    Volg de verkeersstroom en anticipeer op wat voor je gebeurt. Hou voldoende
afstand ten opzichte van je voorligger. Zo vermijd je dat je voortdurend moet
afremmen en gas geven wat alleen maar veel brandstof verbruikt.

7.    Laat tijdig het gaspedaal los bij het vertragen wanneer je een kruispunt ,
verkeerslicht … nadert. Moderne motoren sluiten immers automatisch de
brandstoftoevoer af en het verbruik is 0,0 liter.

8.    Rem op de motor. Laat hierbij de motor zo lang mogelijk in dezelfde versnel-
ling zonder koppeling in te drukken. Zo laat je jouw auto bollen zonder te
ontkoppelen. Ontkoppelen verbruikt brandstof, uitrollen niet.

Hoe vind je dit bericht?
Geschreven door leon om 21:24 Reageer op dit bericht

 

                                     Anticiperen = defensief en preventief rijden
                                                                 situaties voorzien

1.    Wat is anticiperen ?
   betekent vooral zelf fouten vermijden en tijdig reageren op fouten van andere
    weggebruikers om zo ongevallen te voorkomen= vooruitlopen op mogelijke
    ontwikkelingen.

2.    Hoe kan men anticiperen ?

a.    Houd je blik ver gericht en laat je blik zoeken ; hou eveneens voldoende
 ruimte rondom je voertuig ( maar ook kijken in de achteruitkijkspiegels en
 over de schouders )
Factoren die het zicht kunnen beperken:
    -   Ruitenwissers: moeten aan de binnen- en buitenkant zuiver zijn
    -   Na het gebruik van alcohol,drugs of geneesmiddelen: merkt men
        zaken niet of te laat op. Zaken lijken verder op dan ze in de werkelijk-
        heid zijn. De rijvaardigheid is negatief beïnvloedt.
     -  De weersomstandigheden: beperken dikwijls het zicht (regen,mist,sneeuw,
        wanneer de zon erg laag staat, ook een tunnel inrijden:(lichten ontsteken)
     -  Een oogarts: kan nagaan of je voldoende goed ziet. Het dragen van een
        bril kan heel wat probleem oplossen.
     -  De vermoeidheid: dat de alertheid en concentratie afnemen , veroorzaakt
        een minder efficiënte informatieverwerking.
     -  Door afleiding: is men minder aandachtig. Kan het gevolg zijn van: de
        radio bedienen,telefoneren(GSM),…=verstrooidheid
     -  De snelheid: aan de omstandigheden aanpassen; geef je voldoende tijd
        om de risico’s tijdig te herkennen.
     -  Een slechte zit- en stuurhouding: achter het stuur.
     -  Gebrek aan zuurstof: en roken in het voertuig verminderen het gezicht-
        vermogen bij nacht.
     -  Slechte werking van de verlichting: van je wagen ( grote lichten van
        tegenliggers kunnen je ook verblinden)

b.     Houd voldoende veiligheidsafstand tussen je voertuig en de voorligger: dit
  laat je toe om ver te kunnen zien.
Rekening houden met:
     -  De snelheid: deel uw snelheid door 2
                             80km/u delen door 2= 40m als veilige afstand
     -  De zichtbaarheid: ( in het donker, mist, regen; rook) snelheid aanpassen.
     -  De remafstand: de stopafstand mag nooit groter zijn dan de zichtafstand
        ( zijn de remmen ,de verlichting,de banden, de vering,de schokdempers
        in goede staat. De lading(aanhangwagen) kan een grote hoeveelheid
        voortbeweging of kinetische energie ontwikkelen die soms moeilijk te
        stoppen is.
     -  De weersomstandigheden: op een glad wegdek wordt de remafstand          
       

 

        langer en de kans op slippen is groot.
     -  De signalisatie: borden die de snelheid beperken, een onoverzichtelijke
        bocht, een gevaarlijke plaatsgesteldheid, een afdaling aankondigen
     -  Een vluchtweg: inschatten in wisselende situaties.

c.        Aandachtig en alert blijven.
          
        - let op mogelijke rijbewegingen van andere weggebruikers ( zwakke)
                   - voet klaar boven het rempedaal houden zo is men klaar op tijdig te
                     remmen.

     

3.    Waarom altijd anticiperen? ( positieve gevolgen)
    om:- ongeval te voorkomen
          - brandstof te besparen(vermijd bruusk remmen en opnieuw optrekken)
          - ecologisch te rijden : er worden minder uitstoot van luchtverontreinigende
               stoffen en geluidsoverlast ( max 80dB)
          - slijtage van de remmen en de banden te beperken

4.    Hoffelijkheid
          - gun kinderen, fietsers, bromfietsers de nodige tijd
          - andere weggebruikers ook helpen
          - indien beperkt zicht: kunnen stoppen over een afstand die men nog kan
            overzien.

5.    Past tijdens het rijden de volgende verdedigingstechnieken toe:
          
      - wat kan er gebeuren? ( risico’s )
      - hoe kan ik gepast en tijdig reageren?
 

    en zelfs als men de goede kijktechniek toepast en alert is, kan er onverwachts
    een hindernis opduiken.
    Een te kort veiligheidsafstand belemmert het zicht.
           
        
  


       
         
       
            

Hoe vind je dit bericht?
Geschreven door leon om 20:21 Reageer op dit bericht

 

                                                       De dode hoek

1.    De dode hoek is de ruimte rond het voertuig (groter bij vrachtwagen)  die de
bestuurder niet kan zien waarin zich andere weggebruikers kunnen bevinden.
    - Vooral de dode hoek aan de rechterkant maakt het rechts afslaan bijzonder
       risicovol zelfs met goed afgesteld spiegels.

2.    Gevaarlijke dode hoeken rond de vrachtwagen
    - naast de rechtse portier
    - voor de neus van de vrachtwagen
    - achter het voertuig
    - een rijstrook links of rechts van het voertuig

3.    Het slechte zichtveld van de bestuurder is het resultaat van de typische bouw
(hoge positie en de grootte van het voertuig) van een vrachtauto waarbij de motor
zich vooraan onder de cabine bevindt.

4.    Om de dode hoek zo klein mogelijk te maken moeten de spiegels goed afgesteld
zijn.

5.    Rijgedrag: tijdens het rijden moet men bij het uitvoeren van een zijdelingse
verplaatsing(bv:bij file -of rijstrookverandering, links inhalen, links of rechts afslaan)
herhaaldelijk naar links of rechts over de schouder kijken om een duidelijk beeld te
hebben van de weggebruikers die zich in de onmiddellijke nabijheid van het voertuig
bevinden.

6.    Schets:De_Dode_Hoek-afbeelding.jpgplaat.php%3Ffileid%3D4930dode_hoek.jpeg

Hoe vind je dit bericht? 1 stem
Geschreven door leon om 20:31 Reageer op dit bericht

 

                    Achteruitkijkspiegels (1) “zijn de ogen rond je auto”

1.    Algemeenheden

- Goed ingestelde spiegels bieden een ruim zicht op het verkeer achter en
   langs de flanken van de auto
- In elke buitenspiegel zit er nochtans een grote dode hoek. Dode hoeken
  (blinde hoeken) zijn de ruimtes rond een voertuig die de chauffeur vanuit
  de bestuurdersplaats niet kan waarnemen.
  Ongelukken vermijden is een kwestie van uitkijken

2.    Hoe moet men de spiegels afstellen?
  - a. Beginnen: met een goede zit- en stuurhouding te nemen
    - .   - hoofd en romp recht: dit laat toe een beter gezichtveld links en rechts
                (ruimere hoofdbeweging naar links en rechts). Gebogen lichaam =
             smaller gezichtveld

                      -stuur: handen 10u10 of 9u15 stand : zonder dat de rug loskomt van de
                                 rugleuning
                      -de pedalen: helemaal kunnen induwen , benen licht gebogen
                      -de rugleuning: recht en schouders blijven in contact met de stoel
              - b. Afstellen:
                   (1) - Linkerbuitenspiegel:
                           -foto
                          

                           -de spiegel naar buiten draaien tot men :
                                 -de zijkant van de wagen langs de binnenkant van de spiegel
                                  ziet (evenwijdig)
                                 -de achterdeurklink zit in het midden van de binnenkant van de
                                   spiegel
                                 -de spiegel zit dan in de rechte stand
                           -Opm:men heeft dan een maximaal zicht linksachter de auto
                   (2)-Rechterbuitenspiegel:
                           -foto

 

                           -de spiegel naar buiten draaien tot men:
                                 -de rand van de wagen langs de binnenkant van de spiegel
                                   (evenwijdig) ziet
                                 -de linkse achterdeurklink in het midden van de binnenkant
                                   van de spiegel zien
                                 -de spiegel zit dan in de rechte stand

                   (3)-Binnenspiegel:
                           -foto
                        

                           -de linkerkant van de achterruit komt gelijk met de linkerkant van
                             van de binnenspiegel
                           -de onderkant van de achterruit valt met de onderkant van de
                             spiegel samen
                           - de binnenspiegel zit in de horizontale stand
         

                  (4)-Een klein bollend spiegeltje:
                             kan op de spiegels worden aangebracht dat een deel van de
                             dode hoek opvangt ( later in artikel 3 :dode hoek)             
     

           
            

 




Hoe vind je dit bericht? 4 stemmen
Geschreven door leon om 00:00 Reageer op dit bericht

 

                    Retro-reflecterend  veiligheidsvest

                                     medium.jpg

         Sinds 01-06-2009 dient de veiligheidsvest verplicht aan boord te zijn.
          Een enkele veiligheidsvest volstaat.

         Gedragsregel : zie artikel 20-02-09      

Hoe vind je dit bericht?
Geschreven door leon om 16:41 Reageer op dit bericht

 

                                   Anticiperend rijden  -techniek

1.    Definitie:
  -  kijken zover mogelijk vooruit (de heersende verkeerssituaties) om
              a. zoveel mogelijk van je snelheid te behouden, wat zuiniger dan acceleren
                  is
              b. tijdig op fouten van andere weggebruikers te reageren
   -  Vele automobilisten gedragen zich als voetgangers en kijken maar een paar meter vooruit ( op de neus van de wagen )

2.    Hoe kan men zover mogelijk kijken? Door:
a. een goede zithouding in de wagen aan te nemen
        -zo heeft men een goed zicht op de weg
        -niet:aan het stuur hangen
                tegen het portier leunen
                doorgezakt of voorover gebogen
                                   maar:
        - de rug moet over heel de lengte tegen de bijna verticaal geplaatste rugleuning
          steunen ( ± 7cm afstand houden tussen hoofd en hoofdsteun)

      b. het hoofd  - recht te houden
                        - gericht naar de horizon
                 hou je blik op de weg

     c. de voorruit van de wagen , de buiten en de binnenkant, moet proper zijn,
       vooral in de winter ( vrij van ijs )
 
d. niet te bellen tijdens het rijden ( GSM ), want dit vermindert de aandacht op
       het verkeer en leidt je af  en je fixeert je blik op één punt

       e. geen alcohol, drugs, sommige geneesmiddelen gebruiken  want       

       ze tasten het zicht aan :    

                      - verandering in visuele waarnemingen
                      - het gezichtsveld vernauwt
                      - aanpassingsproblemen bij duisternis
f.slaperigheid (vermoeidheid) achter het stuur
           - oozaken: -te lang achtereen doorrijden
                             -slecht of te kort slapen, stress, …..
           - gevolgen: leidt tot
                     - afname in alertheid
                     - minder efficiёnte informatieverwerking
            - te verwachten: verslechtering in de uitvoering van de rijtaak
                                                  dus ook in de
                                kijktechniek en anticipatie
g.. altijd voldoende afstand tot je voorligger te houden ( = goed gezichtsveld )
        de “ Tweesecondenregel “  toepassen “

h. de verlichting van de wagen : de koplampen moeten in goede staat zijn
        zodanig de verschillende gezichtsvelden,van dichtbij tot veraf, duidelijk en
        helder verlicht zijn
i. Goed zien: men moet beschikken over een goed zicht ( regelmatig door een
        oogarts gecontroleerd en eventueel een bril dragen )
j. zorgen dat  je niet verblind wordt door de laagstaande zon of door de
       lichten van een tegenligger

3.    Kijk ver vooruit. Je ziet wat er kan gebeuren.
Kijk waar je rijden wilt en niet alleen naar je voorligger.
Beweeg je ogen en je hoofd. Kijk voortdurend naar een ander punt,links,rechts,
 ver vooruit en dichterbij. Niet staren
Rijstijl aan de omstandigheden aanpassen
Denk altijd over wat zou kunnen gebeuren en mogelijke oplossingen zoeken

4.    Defensief rijden en bestendig alert zijn

Hoe vind je dit bericht? 1 stem
Geschreven door leon om 00:00 Reageer op dit bericht

 

                               Vermoeidheid (gevaarlijk tijdens het rijden)  

                           reis-wagen-ziek-moe.jpg                210_4044762_tcm117-9479.jpg

1.    Gevolgen
    Wie vermoeid is, neemt minder goed waar doordat zijn concentratie
    daalt.
    Hij zal dan ook later en soms te laat reageren (reactietijd verdubbeld)
    Afstanden en de snelheid van de anderen schatten wordt moeilijker.
    Wie vermoeid is, heeft de neiging sneller te gaan rijden.

2.    Vermoeidheidsverschijnselen : zijn duidelijk waarneembaar
   -prikkelende ogen
   -zwaar aanvoelende oogleden
   -geeuwen – spierpijn – spierstijfheid
   -slaperigheid

3.    Oorzaken
   -langdurige lichamelijke of geestelijke inspanning
   -lange werkdag
   -lange tijd in dezelfde houding aan ’t stuur blijven zitten
   -motor-en rijlawaai
   -de trillingen en de schokken
   -hitte, onvoldoende verluchting, verontreinigde lucht
   -geneesmiddelen tegen verkoudheid, hoest,,,,,,,,,
   -drugs, alkohol

Oplossingen

   - aan een lange tocht uitgerust beginnen
   - om de 2 uur stoppen (een pauze nemen)
   - veel water drinken, iets licht eten
   - tussen 13 en 15 uur en tussen 2 en 5 uur : is men minder alert en
     minder waakzaam (gevaar voor slaperigheid)

Opgelet
             Bij tekenen van verminderde waakzaamheid en
                                                            slaperigheid
                     moet men zo snel mogelijk stoppen.

    

Hoe vind je dit bericht? 2 stemmen
Geschreven door leon om 17:32 Reageer op dit bericht

 

                    Voorzichtigheid aan en op kruispunten

 

 De bestuurder die een kruispunt oprijdt moet dubbel voorzichtig zijn
ten einde alle ongevallen te voorkomen.
    Betekenis:
        - vertragen :geleidelijk (snelheid aanpassen) desnoods stoppen
        - anticiperen: -ver vooruit kijken ten einde de risicosituaties te
                                ontdekken en ingrijpen in geval van

1.    Het kruispunt naderen ( met beperkt zicht)
        - de voet gereed boven het rempedaal houden
               - dit laat toe sneller te reageren voor een plotse hindernis :          
                     - als u iemand die voorrang heeft te laat opmerkt
                                                     of
                     - als een van links komende bestuurder u niet opmerkt
                       heeft
        - kijktechniek: eerst naar achteren, dan naar links, dan naar rechts

-       eerst naar achteren: ( als je nog ver van het kruispunt bent)
   om te zien waar de achterliggers zich bevinden en hoe
   snel ze rijden

-       dan naar links :
   omdat vandaar het verkeer komt waarmee u het eerst in
   botsing kunt komen

-       dan vooruit :
    kan je veilig oversteken ?

-       dan naar rechts
    van waar het verkeer komt dat van u voorrang moet krijgen

3 Kruispunt vrij: dan alleen : aarzel niet
                       - versnellen
                                en
                       - het kruispunt oversteken en ontruimen

4 Past hetzelfde rijgedrag toe op een kruispunt met verkeerslichten ( in geval een
    bestuurder door rood zou rijden)                                          


Hoe vind je dit bericht? 2 stemmen
Geschreven door leon om 14:39 Reageer op dit bericht

 

                            Dubbel voorzichtig in het verkeer

               -voorzichtig: (anticiperen) rekening houdend met wat kan gebeuren;
                                    behoedzaam    
                - dubbel     : (extra,uiterst) boven het gewone

   De bestuurders moeten dubbel voorzichtig zijn teneinde elk ongeval te voorkomen:

      1.bij het naderen van:
                        -voetgangers (kinderen,ouderen,personen met een handicap
                        - fietsers en bromfietsers (kinderen,bejaarden)
                        - een voertuig voor schoolvervoer

                                                       kinderen.gif        
                         - een oversteekplaats voor voetgangers en fietsers

                                         kruiswet52.JPG                        strepenwet35.JPG       
                         - een spoorwegovergang

                                                      Spoorwegovergang.jpg                                                                                                                                                                                       
                         - een verhoogde inrichting

                                                           b306.GIF
      2.ten aanzien van:
                          - kinderen binnen de erven en woonerven

                                                                                  Woonerf.jpg
                          - kinderen in speelstraten

                                                        speelstr.jpg  
                          - kinderen op wegen voorbehouden voor voetgangers, fietsers en ruiters

                                                                                          bord.jpg

      3.bij het voorbijrijden van een oranjegeel knipperlicht  (het wijzigt de voorrangsrege-
                            ling niet)

      4.bij het oprijden van een kruispunt (ook voor de bestuurders die voorrang hebben)

      5.bij het inrijden van een wegversmalling                                   Kruispunt.jpg

                                              F97.jpg                                     21322085530-thumb1.jpg
      6.op bruggen, op-en afritten (autosnelwegen)

                                                                                autosnelwegbord.jpg                                                         
      7.op autowegen ( kruispunten en verkeerslichten)

                                                                       g03.gif
      8.op plaatsen met veel wind , schaduw (ingang tunnel)
         bij mistig weer                                                 img_0066.jpg

      9.op het ogenblik dat men ingehaald gaat worden indien men voor een hindernis
         moet uitwijken                        auto-s-gaan-met-elkaar-in-gesprek_5_460x0.jpg

     10.als een tegenligger halsstarrig weigert het grootlicht uit de schakelen

     11.bij in-en uitstappen van een voertuig

                                                        Uitstappen.jpg
                                   

     

Hoe vind je dit bericht? 2 stemmen
Geschreven door leon om 20:37 Reageer op dit bericht

  Om defensief  (preventief) te rijden, wat moet men zeker doen ? (4)

 

   1. Betekenis : een offensief tegen ongevallen
   2. Waarom  ?: om ,op een openbare weg, ongevallen te voorkomen
   3. Wanneer ?: zodra men een voertuig in beweging brengt en dit voortdurend
   4. Hoe ?        :
         a. door voldoende afstand te houden tot de voorligger, ook bij het voorbijrijden

             en inhalen.
         b. door de snelheid aan de omstandigheden , waarin men zich bevindt , aan te
             passen.
         c. door de foutieve gedragingen van de andere weggebruikers te zien en voorzien
             om tijdig te kunnen reageren.
         d. door te denken over wat zou kunnen gebeuren en mogelijke oplossingen te
             zoeken.
         e. door zover mogelijk vooruit te kijken , kan men vaak voorspellen wat men
             verderop in het verkeer kan verwachten. Zo kan men dan veelal rustig en veilig
             reageren zonder bruusk te moeten remmen.

   5. Een voertuig besturen is een full-time bezigheid die andere handelingen uitsluit
          zoals: GSM gebruiken, GPS regelen, documenten lezen, maaltijd gebruiken…..
         Die neven en bijkomende activiteiten zullen uw verkeerinzichtelijk handelen
         versnipperen.

    6.   De verkeersregels  respecteren zal de bestuurders voor ongevallen behoeden.

    7. Anticiperen en hoffelijk en verdraagzaam rijden.

    8. Wees altijd in staat te sturen.

   

 

 

Hoe vind je dit bericht? 1 stem
Geschreven door leon om 19:21 Reageer op dit bericht

                                                  Veiligheid

 

  1. Verkeersveiligheid = veilig verkeer = de anderen niet in gevaar  brengen

                                  Uitleg: bevordering van veiligheid van weggebruikers door
                                             een veilige omgeving, regelgeving gericht op veilig-
                                             heid en gedragregels in het verkeer.

      2.  Veiligheidsafstand  
                                                            foto%2520210.jpg
                                - afhankelijk van de snelheid moeten de bestuurders tussen
               hun voertuig en de voorligger een voldoende veilige afstand  houden
               zodat ze tijdig kunnen stoppen bij een bruuske vertraging
                                - aanbevolen vuistregel: de minimumafstand zou moeten
               gelijk zijn aan de helft van de snelheid
                        Vb: snelheid 50km/u : afstand : 25m
                                             90km/u :      “      : 45m
                        Opm: 45m = afstand tussen 2 verlichtingspalen op de autosnelweg

       3. Veiligheidsgordel

                                                             pictogram.bmp     
                                - de veiligheidsgordel en de bevestigingssystemen moeten op
               correcte wijze gedragen en gebruikt worden
                         - kinderen kleiner dan 1,35m moeten vervoerd worden in een
                           aangepast kinderbeveiligingssysteem
                         - vanaf 1,35m : moeten ze meereizen in een kinderbeveiligings-
                            systeem of de gordel dragen 

                         - aangepast systeem :
                                    - een babyzitje achterin ( tegen de rijrichting in) , een kinder-
                                      zitje of een verhogingskussen.

        4. Veiligheidsvest

                                                 medium.jpg                    
                                 op autosnelwegen en autowegen moet de bestuurder van een
                 pechvoertuig een retro-reflecterende veiligheidsvest dragen zodra hij
                 zijn voertuig verlaat.                   

Hoe vind je dit bericht? 2 stemmen
Geschreven door leon om 11:24 Reageer op dit bericht

                    Hoe moet de parkeerschijf gebruikt worden?

1. Wie?:
      De bestuurders van auto  (ook vrachtwagen, autobus)

2. Waar?:
    - In een zone met beperkte par180px-Nederlands_verkeersbord_E10.svg.pngkeertijd  ( blauwe zone)

                                   

    - Op plaatsen met borden E5,E7 of  E9a tot g aangevuld met een
      onderbord met een afgebeeld parkeerschijf

                                              parkerenwet84.GIF

 

3. Reglement:
     - Op een werkdag (zaterdag inbegrepen)

     - Van 0900 tot 1800 uur
     - Maximum parkeerduur: twee uur  (tenzij anders aangegeven)

 

4. Hoe?:
     - Op de binnenzijde van de vooruit plaatsen
     - De aanduiding van het uur of van het halfuur volgend op de
       aankomst doen verschijnen
          Opmerking: de bewonerskaart en de speciale kaart voor
           gehandicapten mogen de parkeerschijf vervangen.    

5. Opmerkingen/
     - Bij het verstrijken van de parkeerduur: parkeerplaats verlaten
     - Verboden onjuiste gegevens op de schijf  aan te brengen
     - Gegevens op de schijf: niet wijzigen voordat het voertuig de
       parkeerplaats heeft verlaten

6. Niet verplicht:
     - Voertuig geparkeerd voor de inrij van een eigendom
     - Aanhangwagen, oplegger, caravan.

 

Hoe vind je dit bericht? 1 stem
Geschreven door leon om 11:14 Reageer op dit bericht

                                   Weet u dat,

1. buiten de bebouwde kom een vrachtwagen van meer dan 3,5T op een openbare
    weg waarvan de rijbaan twee rijstroken in de gevolgde rijrichting omvat: een
    brommer, een bromfiets, een voertuig met meer dan 2 wielen of een gespan niet
    mag inhalen behalve tussen de borden F107 en 109.

 

                       F107

2. niettegenstaande alle spiegels die een vrachtwagen gebruikt: de blinde hoek aan
   de rechterzijde niet helemaal uitgeschakeld is. Zorg altijd dat u de vrachtwagen-
   bestuurder in zijn spiegel ziet. Dan kan de bestuurder U ook zien.

 

 DodeHoekFolder3.jpg

3. bij een richtingverandering de achterzijde van een vrachtwagen of een aanhang-
   wagen uitzwenkt. Ze kan een zijdelingse beweging van tenminste 1m maken.
  Wees dan aandachtig, houd de achterzijde van het voertuig in her oog en blijf op
  afstand.

 

4. buiten de bebouwde kom de voertuigen met meer dan 7,5T of langer dan 7m
   onderling een afstand van ten minste 50m moeten houden.

 

5. een bestuurder van 18 jaar, met een getuigschrift van vakbekwaamheid een
   vrachtwagen met meer dan 7,5T mag rijden.

 

6. de vrachtwagen met heringesneden of heropgegoten banden mag rijden. Dit
    is verboden voor personenwagens.

 

7.het blustoestel mag niet ouder zijn dan 6jaar .Het moet op een opvallende en
  gemakkelijk te bereiken plaats.

 

8. een snelheidsbegrenzer verplicht is op de vrachtwagens met meer dan 3,5T.
   Ze beperkt  hun snelheid tot 90km/u.

 

9. een vrachtwagen 3 à 4 remsystemen heeft:
            - bedrijfrem: luchtdruk
            - retarder:     hydraulisch of electrisch
            - lastafhankelijke remkrachtverdeler
            - ABS: antiblokkeringssysteem: verhindert de neiging tot blokkering
                        van de wielen zodat het voertuig zijn stabiliteit  behoudt en
                        controleerbaar.blijft.
            - antislipregeling: verhindert het doorslippen van de aangedreven
                                         wielen bij het optrekken en bij het rijden op een
                                         glad wegdek = betere stabiliteit

 

 

 

 

 

 

 

Hoe vind je dit bericht?
Geschreven door leon om 12:08 Reageer op dit bericht

                        Het dragen van de retro-reflecterende

                                     veiligheidsvest

 

  De bestuurder van een pechvoertuig (na een ongeval of bij
  defect) die stopt op een autoweg :

                             moet een retro-reflecterende veiligheidsvest
             dragen,

                             zodra hij zijn voertuig verlaat

 

       autosnelweg.jpg                             g3.jpg                                     RAL%2520Veiligheidsvest.jpg

   teneinde de nodige maatregelen te treffen om de veiligheid  van
   het wegverkeer te waarborgen (vier pinkerslichten en gevaar-
   driehoek)
                 Deze verplichting geldt alleen voor de bestuurder ,
                 zowel overdag als ’s nachts.

De passagiers nemen bij voorkeur plaats achter de vangrail en dragen
 zo mogelijk eveneens  een retro-reflecterende veiligheidsvest.

   - heldere gekleurde kleren      :      zichtbaar tot  50m
   - retro-reflecterende kleding   :             “         “   150m

    - stopafstand van een voertuig tegen 90km/u:
                      - op een droge weg;     70m
                      - op een natte weg :      88m

 

               Wie reflecteerd wordt tijdig gezien
                Wie tijdig wordt gezien, is veilig.

Hoe vind je dit bericht? 2 stemmen
Geschreven door leon om 11:04 Reageer op dit bericht

                         Starten met hulpaccu’s

 

1.Accu’s: - losse hulpaccu  of
                - met behulp van een ander voertuig met
                  draaiende motor( starten na aansluiting kabels)

2. Controle: - accu’s: dezelfde spanning  en
                                      “         capaciteit  hebben

                    - startkabels

3.Aansluiten: parallel

       a. de (+) pool van de slechte accu met de (+)
           pool van de hulpaccu
       b. de (-) pool van de hulpaccu aan het koetswerk
           van het voertuig met slechte accu
       c. start de motor van het voertuig met hulpaccu
       d. start vervolgens de motor van het voertuig met

           de lege accu

4. Opmerking: de pluspool (+) is dikker dan de minpool

Hoe vind je dit bericht? 1 stem
Geschreven door leon om 11:41 Reageer op dit bericht

Meer van rijschool

↑ Terug naar de berichten