Naar de inhoud

Levend_geloof

akke.beakke.be

16/10 Pr Ripperger - 2

16/10 Pr Ripperger - 2

Gebed om de machten van de lucht af te weren en om beschermd te worden

De Kerk kent een zeer krachtig en eeuwenoud lekengebed dat specifiek is bedoeld om de "machten van de lucht" af te weren en te smeken om gespaard te worden. Dit gebed is gebaseerd op het traditionele Romeins Rituaal en de traditie van de Heilige Antonius van Padua. Het erkent Gods soevereiniteit, maar vraagt expliciet om een beschermende perimeter rondom jou en je naasten.

Je kunt dit gebed met een gerust hart bidden wanneer er noodweer dreigt. Maak gerust een kruisteken bij de kruisjes (+).

1e gebed tegen stormen en natuurrampen

In de Naam van de Vader, + en van de Zoon, en van de Heilige Geest. Amen.

Heer Jezus Christus, Koning der Glorie, U bent gekomen in Vrede. U bent de Heer van hemel en aarde, en alle elementen van de natuur gehoorzamen Uw bevel. Wij erkennen Uw soevereiniteit en buigen ons diep voor Uw heilige voorzienigheid. Zelfs als U deze tuchtigingen toelaat over de wereld vanwege de zonden van de mensheid, smeken wij U op de knieën om barmhartigheid. Wees ons genadig en spaar ons.

Wij vragen U, in Uw Heilige Naam en door de kracht van Uw Kostbaar Bloed, om de boze geesten van de lucht — die deze stormen, blikseminslagen en natuurrampen aanwakkeren om verwoesting te zaaien — aan banden te leggen.

Heer Jezus, spreek over ons huis, onze gezinnen en onze omgeving hetzelfde woord dat U sprak over de stormachtige zee: "Zwijg, wees stil!" Wij smeken U, door de voorspraak van de Heilige Maagd Maria en de Heilige Aartsengelen Michaël en Rafaël, om de boze machten in de lucht te verpletteren met de rechterhand van Uw macht. Vlucht, vijandelijke geesten, want de Leeuw uit de stam van Juda, de Wortel van David, heeft overwonnen!

Plaats een ondoordringbare muur van Uw heilige engelen rondom ons. Laat het onheil aan ons voorbijgaan en schenk ons rustige winden en veiligheid.

Heilige God! +
Heilige Sterke God! +
Heilige Onsterfelijke God! +
Ontferm U over ons en bewaar ons.

Amen.

2e gebed tegen stormen en natuurrampen

Oratio ad repellendas tempestates

A domo tua, quaesumus, Domine, spiritales nequitias repelle:
et tempestatum depelle propitiatus iniuriam.

Ut terror elementorum in tuae laudis transeat praeconium:
et salubritas nobis praestetur indulgentiae tuae.

Per Dominum nostrum Iesum Christum, Filium tuum,
qui tecum vivit et regnat in unitate Spiritus Sancti, Deus,
per omnia saecula saeculorum.

Amen.

Nederlandse vertaling:

Wij smeken U, Heer, verdrijf de spirituele boosheid uit Uw huis en wend in Uw genade de schade van de stormen af.

Laat de schrik voor de elementen omslaan in de verkondiging van Uw lof, en schenk ons de heilzame werking van Uw goedertierenheid.

Door onze Heer Jezus Christus, Uw Zoon, die met U leeft en regeert in de eenheid van de Heilige Geest, God, door alle eeuwen der eeuwen. Amen.

Welke soorten straffen zijn er volgens Pr Ripperger

Pr Ripperger verdeelt de straffen die God toepast onder in drie hoofdgroepen, gebaseerd op de traditionele thomistische theologie. Hij maakt hierbij onderscheid tussen het doel van de straf en de manier waarop deze wordt voltrokken.

Hier is het complete overzicht van de straffen volgens zijn leringen:

1. Indeling naar het doel van de straf

God straft nooit uit blinde woede, maar altijd met een specifiek theogisch doel. Ripperger onderscheidt hierin drie vormen:

* Corrigerende straffen: Dit zijn tijdelijke straffen op aarde die bedoeld zijn om de zondaar te corrigeren. Het doel is de bekering en redding van de ziel. Het is als een bittere medicijn die de ziel reinigt van zonde en trots.

* Vindicatieve straffen: Deze straffen zijn bedoeld om de geschonden kosmische rechtvaardigheid te herstellen. Wanneer de morele orde door zonde is aangetast, eist de gerechtigheid dat dit wordt rechtgezet. Dit kan op aarde gebeuren, maar vindt zijn ultieme vorm in de hel.

* Exemplarische straffen: Straffen die God publiekelijk voltrekt aan een persoon of samenleving om als een angstaanjagend voorbeeld en waarschuwing te dienen voor anderen, zodat zij zich snel bekeren.

2. Indeling naar de wijze van voltrekking

Hier kijkt Ripperger naar hoe de straf zich manifesteert. Zoals we eerder bespraken, splitst hij dit op in de actieve en de passieve wil van God:

* Indirecte straffen: God grijpt niet actief in, maar trekt Zijn beschermende genade terug. De mens wordt gestraft door de natuurlijke, destructieve gevolgen van zijn eigen zonden te ondergaan (zoals morele blindheid, chaos in de maatschappij, of tirannieke leiders).

* Directe straffen: God grijpt actief in de fysieke realiteit in. Dit uit zich in tuchtigingen (chastisements) zoals natuurrampen, oorlogen, epidemieën, of persoonlijke fysieke beproevingen en ziektes om een grens te stellen aan het kwaad.

3. Indeling naar de plaats en tijd (Eeuwig vs. Tijdelijk)

Tot slot deelt Ripperger de straffen in op de spirituele tijdlijn van de ziel:

* Tijdelijke straffen op aarde: Alle fysieke, emotionele en materiële beproevingen die we tijdens ons sterfelijke leven ondergaan en die (mits goed gedragen) de ziel heiligen.

* Tijdelijke straffen in het Vagevuur: De louterende, pijnlijke zuivering die een ziel na de dood ondergaat om de nog openstaande zondeschuld en onvolmaaktheden weg te branden voordat zij de hemel kan betreden.

* Eeuwige straffen in de Hel: De definitieve, vindatieve straf voor de onberouwvolle ziel die in staat van doodzonde sterft. Dit omvat de poena damni (de verschrikkelijke spirituele pijn van het voor eeuwig gescheiden zijn van God) en de poena sensus (de actieve, fysieke pijn van het hellevuur).

Wat zijn de gevolgen van zonde volgens Pr Ripperger

Volgens Pr Ripperger heeft elke zonde — of het nu gaat om de erfzonde, een dagelijkse zonde of een doodzonde — directe en destructieve gevolgen op meerdere niveaus. Hij legt uit dat zonde de menselijke natuur beschadigt en spirituele wetmatigheden in werking stelt.

Ripperger deelt de gevolgen van zonde op in vier hoofdgebieden:

1. Gevolgen voor de ziel en de psychologische structuur

Zonde tast de innerlijke vermogens van de mens rechtstreeks aan. Dit heeft grote psychologische en spirituele gevolgen:

* Verduistering van het verstand: Hoe vaker een mens zondigt, hoe minder hij in staat is om de objectieve waarheid te zien. Er ontstaat spirituele blindheid.

* Verzwakking van de wil: Zonde ondermijnt de wilskracht. Het wordt steeds moeilijker om 'nee' te zeggen tegen verzoekingen en 'ja' tegen de deugd. Er ontstaan slechte gewoonten (ondeugden).

* Innerlijke chaos: De psychologische hiërarchie raakt verstoord. In plaats van dat het verstand en de wil de emoties sturen, gaan de lagere emoties (zoals angst, woede of lust) het verstand overheersen. Dit leidt tot een gebrek aan innerlijke vrede.

* Verlies van de heiligmakende genade: Bij een doodzonde sterft het bovennatuurlijke leven in de ziel direct. De ziel verliest haar vriendschap met God.

2. Het openen van de deur voor demonische invloed

Als exorcist benadrukt Ripperger dit gevolg heel sterk. Zonde is ten diepste een daad van ongehoorzaamheid aan God en daarmee een impliciete keuze voor de vijand.

* Verlies van de beschermende muur: Door te zondigen breek je zelf een stukje af van de beschermende muur die God om je heen heeft geplaatst.

* Rechten voor de duivel: Elke zonde geeft de duivel in zekere mate een "juridisch recht" of een claim om die persoon aan te vallen, te onderdrukken of te plagen. Bij hardnekkige, ongebicten zonden kan dit leiden till diabolische obsessie of onderdrukking.

3. De noodzaak van zondeschuld en straf

Ripperger legt aan de hand van Thomas van Aquino uit dat zonde altijd twee metafysische gevolgen heeft die moeten worden ingelost:

* Smet op de ziel: De spirituele vlek of schade die de ziel oploopt. Deze wordt uitgewist in de biecht.

* Strafschuld: De plicht om te boeten voor de verstoring van de rechtvaardigheid. Zelfs als een zonde in de biecht vergeven is en de schuld is weggewist, blijft er vaak een tijdelijke strafschuld openstaan. Die moet worden ingelost door gebed, offers en lijden op aarde, of later via de loutering in het vagevuur.

4. Gevolgen voor de gemeenschap en de natuur

Binnen de traditionele theologie is zonde nooit louter privé; het heeft altijd een kosmische uitwerking.

* Verzwakking van het Mystieke Lichaam: Omdat alle gelovigen met elkaar verbonden zijn, haalt de zonde van één individu het spirituele niveau van de hele Kerk naar beneden.

* Indirecte tuchtigingen voor de maatschappij: Wanneer zonde structureel en maatschappelijk geaccepteerd wordt (zoals in de moderne cultuur), trekt God Zijn beschermende genade terug van die samenleving. Dit resulteert in maatschappelijke chaos, politieke tirannie en morele blindheid, en kan uiteindelijk leiden tot directe fysieke tuchtigingen (natuurrampen of crises) om het kwaad te stoppen.

Waarom heeft God toegelaten dat het communisme over de hele wereld is verspreid

Volgens Pr Ripperger heeft God toegelaten dat het communisme zich over de hele wereld heeft verspreid als een grootschalige goddelijke tuchtiging (chastisement) en als een tastbare waarschuwing voor de mensheid.

Ripperger baseert zijn visie op de boodschappen van OLVrouw van Fátima en de traditionele theologie van de spirituele oorlogvoering. Hij legt de verspreiding van het communisme uit aan de hand van drie specifieke inzichten:

1. Weigering van een "vijf-minuten-gebed"

Ripperger verwijst rechtstreeks naar de verschijningen in Fátima, waar Maria vroeg om de toewijding van Rusland aan haar Onbevlekt Hart om de verspreiding van de dwalingen van Rusland (het communisme) te voorkomen.

Wat God hiermee laat zien: Ripperger legt uit dat God de enorme, wereldwijde ellende van het communisme toelaat om de mensheid te tonen hoe zwaar de spirituele gevolgen zijn van ongehoorzaamheid. Het laat de totale blindheid en nalatigheid van de mens zien. Ripperger citeert een andere priester die stelde: “God laat ons zien dat het slechts een gebed van vijf minuten door één enkele persoon [de Paus, in unie met de bisschoppen] had gekost om al deze wereldwijde ellende te voorkomen”. Omdat de mensheid en de kerkelijke hiërarchie destijds niet tijdig gehoorzaamden, liet God toe dat het communisme als tuchtiging de wereld overspoelde.

2. Tuchtiging door "de boosheid van revolutionaire mannen"

Ripperger haalt in zijn lezingen vaak de openbaringen aan van de 19e-eeuwse karmelietes zuster Marie de Saint-Pierre. Jezus openbaarde haar dat de zonden van de mensheid (met name godslastering en het ontheiligen van de zondag) de toorn van God opwekten.

* Instrument van straf: God gaf daarbij aan dat de straf die Hij over de wereld zou sturen niet primair via natuurrampen zou komen, maar via "de boosheid van revolutionaire mannen". Dit zijn volgens Ripperger de communisten. Het communisme is de ultieme fysieke en politieke tuchtiging waarin God de mensheid overlevert aan een totalitair systeem. Omdat het communisme altijd leidt tot massale sterfte en het wegnemen van religieuze vrijheid, is het een wekroep die de mens dwingt in te zien wat er gebeurt als God volledig uit de samenleving wordt verbannen.

3. Identieke psychologie van communisten en demonen

Als exorcist trekt Ripperger een directe parallel tussen de werkwijze van satan en die van het communisme. God laat het communisme toe als een kosmische test en spiegel van diabolische verleiding.

* Spirituele spiegel: Zowel demonen als communisten beloven een fantastische utopie en een "hemel op aarde" (nirwana, gratis zorg, totale gelijkheid). Ze verkopen de mens een prachtig schijnbeeld. Ripperger zegt: “Ze verkopen je een mooi praatje, ze zorgen dat je ervoor tekent, en vanaf dat moment breken ze je volledig af”. God laat deze misleiding wereldwijd toe, zodat de mensheid door schade en schande leert de deugd van geestelijke onderscheiding te oefenen en te ontdekken dat elke ideologie die God buitensluit, onherroepelijk uitloopt op de dood.

Voor Ripperger is het communisme dus de ultieme "zweep" waarmee God een goddeloze wereld straft en zuivert, in de hoop dat de mensheid zich in diepe nederigheid en door middel van eerherstel (reparatie) weer tot Hem keert.

Volgens Pr Ripperger is OLVrouw en haar Onbevlekt Hart het tegengif voor verraad

Volgens Pr Ripperger is de H. Maagd Maria, en specifiek haar Onbevlekt Hart, het ultieme en volmaakte spirituele tegengif voor elk soort verraad (of dat nu gaat om verraad in relaties, maatschappelijk verraad of het verraad van de zonde tegenover God).

Ripperger legt deze theologische wetmatigheid uit aan de hand van de volgende specifieke principes:

1. De metafysische wet van tegenovergestelde deugden

Binnen de thomistische filosofie die Ripperger hanteert, wordt een specifieke zonde of demonische aanval altijd overwonnen door de exact tegenovergestelde deugd te beoefenen.

* Aard van verraad: Verraad komt voort uit ontrouw, egoïsme, bedrog, hoogmoed en een gebrek aan liefde.

* Onbevlekt Hart als tegengif: Het Hart van Maria is de absolute antithese (tegenpool) van verraad. Omdat zij onbevlekt is conceptioneel vrijgesteld van elke zonde, bezit haar Hart de volmaakte trouw, absolute zuiverheid, totale onbaatzuchtigheid en perfecte onderworpenheid aan Gods wil. Waar verraad relaties en de kosmos kapotbreekt, herstelt de toewijding aan haar Onbevlekt Hart de spirituele orde en integriteit in de ziel.

2. Het blootleggen van verborgen verraad (OLVrouw van Smarten)

Als exorcist benadrukt Ripperger dat verraad vaak in het geheim opereert en gepaard gaat met spirituele blindheid of misleiding (de vijand die in het verborgene zaait).

Ripperger wijst vaak op de profetie van Simeon uit de Schrift: "En uw eigen ziel zal door een zwaard worden doorboord, opdat de gedachten van velen openbaar worden" (Lukas 2:35).

Door je toe te leggen op de devotie tot haar Onbevlekt Hart en haar Zeven Smarten, schenkt Maria de ziel een bovennatuurlijke gave van onderscheiding. Zij legt het verborgen verraad van de duivel of valse intenties van mensen om je heen bloot, zodat het kwaad zijn grip verliest.

3. De weigering om verbitterd te raken

Het gevaarlijkste gevolg van verraad is dat het slachtoffer verbitterd of wraakzuchtig raakt. Daarmee krijgt de duivel alsnog vat op de ziel via de zonde van wrok.

Ripperger legt uit dat Maria aan de voet van het kruis geconfronteerd werd met het ultieme menselijke verraad: de afwijzing en moord op haar onschuldige Zoon door de mensheid.

In plaats van te reageren met wrok of haat, reageerde haar Onbevlekt Hart met perpetuele opoffering, volmaakte vergeving en standvastige liefde. Door je ziel in haar Hart te verbergen, ontvang je de genade om het verraad te dragen zonder dat je eigen ziel door zonde of verbittering besmet raakt. Haar Hart zuivert de pijn en transformeert het in heiliging voor de eeuwigheid.

4. De spirituele veilige perimeter

Tot slot adviseert Ripperger om in tijden waarin je omringd wordt door spirituele strijd of maatschappelijke ontrouw, al je uiterlijke en innerlijke goederen toe te wijden aan de Gezegende Maagd Maria. Omdat zij de Koningin van de hemel is, heeft de duivel geen enkele juridische claim op haar. Alles wat in haar Onbevlekt Hart is geplaatst, is volledig beschermd tegen de vernietigende werking en de valstrikken van verraad en misleiding.

Wat bedoelt Pr Ripperger dat een vrije wil niet is te kunnen kiezen tussen goed en kwaad

Volgens Pr. Chad Ripperger hebben veel moderne mensen een fundamenteel verkeerd beeld van de vrije wil. In de hedendaagse cultuur wordt de vrije wil gezien als de totale autonomie om te kiezen tussen wat je maar wilt: tussen goed en kwaad.

Ripperger legt aan de hand van de traditionele theologie van de Heilige Thomas van Aquino uit dat de mogelijkheid om voor het kwaad (de zonde) te kiezen, géén onderdeel is van de essentie van de vrije wil, maar juist een defect (een gebrek) van de menselijke natuur.

Hij verklaart dit aan de hand van de volgende drie filosofische principes:

1. Het doel van de wil is het Goede

* De menselijke wil is door God geschapen met een ingebouwd mechanisme: het streeft van nature altijd naar het goede. Zelfs wanneer een mens zondigt, kiest hij dat niet omdat het slecht is, maar omdat hij denkt dat het hem op dat moment iets goeds oplevert (zoals comfort, genot of macht).

* Wat de vrije wil écht is: Vrije wil is het vermogen om zelfstandig en zonder dwang te kiezen hóé je het goede bereikt. Het is de vrijheid om te kiezen tussen verschillende goede zaken (bijvoorbeeld: kies ik voor een leven als priester of als echtgenoot? Beoefen ik vandaag de deugd van rechtvaardigheid of van barmhartigheid?).

2. Kiezen voor het kwaad is een spiritueel defect

Ripperger vergelijkt het vermogen om voor het kwaad te kiezen met een fysieke ziekte. Een gezond oog is gemaakt om perfect te kunnen zien. Als een oog wazig of blind wordt, zeggen we niet: "Kijk eens wat een fantastische extra functie dat oog heeft!" Nee, het oog is defect.

Op exact dezelfde manier is de wil gemaakt om het goede te kiezen. Wanneer de mens voor de zonde (het kwaad) kiest, faalt de wil in zijn werking. Het kiezen voor het kwaad is dus geen bewijs van een "sterke" vrije wil, maar een teken van zwakte en morele gebrekkigheid (veroorzaakt door de erfzonde).

3. De hoogste vrijheid kent geen keuze voor het kwaad

Als echte vrijheid zou betekenen dat je móét kunnen kiezen tussen goed en kwaad, dan zouden God, de heiligen in de hemel en de goede engelen niet vrij zijn. Zij bevinden zich in de Visio Beatifica (de rechtstreekse aanschouwing van God) en kunnen absoluut niet meer zondigen.

Ripperger benadrukt dat God en de heiligen in de hemel juist de meest volmaakte vrije wil bezitten. Omdat zij de volmaakte waarheid en het allerhoogste Goed zien, is hun wil perfect vrij van de misleiding van het kwaad. Zij kiezen in totale vrijheid, maar kiezen altijd het goede.

Conclusie van Ripperger

Vrije wil is niet de vrijheid om te rebelleren tegen God of om jezelf te vernietigen door zonde. Echte vrijheid is het vermogen om ongehinderd door je lagere passies, angsten of demonische verleidingen het goede te doen. Hoe minder je geneigd bent om naar het kwaad te grijpen, hoe vrijer je in werkelijkheid bent.

Over de heiligmakende genade

Volgens Pr. Ripperger is de heiligmakende genade de absolute sleutel tot het herstel van onze vrije wil en de totale genezing van de ziel. Hij omschrijft heiligmakende genade niet als een abstract concept, maar als een bovennatuurlijke realiteit die de menselijke natuur van binnenuit transformeert.

Binnen de thomistische theologie die Ripperger hanteert, werkt de heiligmakende genade op de volgende manieren in op onze vrije wil en ziel:

1. Deelname aan het Goddelijk Leven

Heiligmakende genade is de genade die we voor het eerst ontvangen bij de doop en die wordt hersteld in de biecht. Ripperger legt uit dat deze genade een daadwerkelijke deelname is aan de goddelijke natuur. Het is de aanwezigheid van God in de ziel. Zonder deze genade is de menselijke ziel spiritueel dood en mist zij het vermogen om bovennatuurlijke verdiensten op te bouwen voor de hemel.

2. Herstel van de spirituele radar

Sinds de zondeval is onze menselijke natuur gewond. Onze intellectuele vermogens zijn verduisterd en onze wil is verzwakt.

Het effect van de genade: Heiligmakende genade fungeert als een bovennatuurlijk licht. Het verlicht het verstand, waardoor we de leugens en misleidingen van het kwaad sneller doorzien. Hierdoor wordt onze vrije wil beschermd tegen de spirituele blindheid die ervoor zorgt dat we zonde ten onrechte aanzien voor "iets goeds".

3. Basis voor de "Ingestorte Deugden"

Ripperger benadrukt dat heiligmakende genade de substantie is waaruit de bovennatuurlijke deugden voortvloeien. Zodra je in staat van genade leeft, ontvangt je ziel direct:

* Goddelijke deugden: Geloof, Hoop en Liefde.

* Ingestorte morele deugden: Zoals bovennatuurlijke matigheid, rechtvaardigheid en standvastigheid.

Deze deugden versterken de vrije wil op een manier die de mens met louter natuurlijke discipline nooit zou kunnen bereiken. De wil krijgt de bovennatuurlijke kracht om 'nee' te zeggen tegen diepgewortelde ondeugden en 'ja' tegen de offers die God vraagt.

4. Vrijwording van slavernij van zonde

Ripperger herinnert zijn luisteraars vaak aan de woorden van Jezus: "Ieder die zonde doet, is slaaf van de zonde." Wanneer iemand in doodzonde leeft, is zijn vrije wil ernstig belemmerd en functioneert deze defect. De ziel wordt heen en weer geslingerd door angst, passies en demonische onderdrukking.

Heiligmakende genade breekt deze ketenen. Het herstelt de juiste hiërarchie: het verstand regeert weer over de emoties, en de wil wordt weer vrij om onbelemmerd het ware Goede te kiezen.

Hoe je deze genade beschermt en vergroot

Omdat heiligmakende genade zo kostbaar is, adviseert Ripperger om een absolute perimeter rond je spirituele leven te bouwen:

Vermijd de nabije gelegenheid tot zonde: Breng jezelf niet in situaties waarin je weet dat je wil zwak is.

* Maak gebruik van de sacramenten: De biecht en de Heilige Communie vergroten en verdiepen de heiligmakende genade in de ziel.

* Groei in overgave: Hoe meer je je eigen wil onderwerpt aan de goddelijke wil door het bidden van je Fiat, hoe groter de capaciteit van je ziel wordt om deze genade te dragen.

De H. Thomas van Aquino heeft het erover dat onze vrije wil bedoeld is om Gods wil te kiezen

De Heilige Thomas van Aquino legt uit dat de vrije wil niet is gegeven om zomaar alles te kunnen kiezen wat we willen, maar dat deze specifiek door God is ontworpen met het doel om Gods wil te kiezen.

Binnen zijn theologische en filosofische meesterwerk, de Summa Theologiae, onderbouwt hij dit met een aantal kraakheldere stappen:

1. De wil streeft altijd naar het Ultieme Geluk

Thomas van Aquino stelt dat de menselijke wil een ingebouwd, natuurlijk kompas heeft: het zoekt altijd naar het volmaakte geluk. Je kunt er als mens niet voor kiezen om niet gelukkig te willen zijn; dat verlangen zit vastgeroest in onze natuur.

2. God is het Allerhoogste Goed

Vervolgens stelt Thomas dat dit volmaakte geluk op aarde nergens te vinden is. Geld, macht, gezondheid of menselijke liefde zijn allemaal tijdelijke en onvolmaakte goederen. Het enige object dat de menselijke wil écht volledig kan verzadigen, is het Allerhoogste Goed, en dat is God Zelf.

3. De vrije wil als het instrument om God te bereiken

Omdat God het uiteindelijke doel van onze wil is, is de vrije wil het instrument dat we hebben gekregen om vrijwillig de stappen te kiezen die naar God toe leiden.

Thomas legt uit dat als we Gods wil kiezen (Zijn geboden onderhouden, de deugd beoefenen en liefhebben), we in feite kiezen voor onze eigen diepste vervulling.

Gods wil kiezen is dus geen inbreuk op je vrijheid, maar juist de enige manier waarop jouw vrije wil zijn uiteindelijke doel bereikt.

4. Waarom is kiezen tegen Gods wil géén echte vrijheid?

Wanneer een mens kiest voor de zonde (en dus tegen Gods wil ingaat), kiest hij volgens Thomas voor een "schijngoed": iets wat wel even goed lijkt (zoals een snelle winst of genot), maar wat de ziel uiteindelijk leeg en beschadigd achterlaat.

Thomas van Aquino concludeert dat het vermogen om tegen Gods wil te kiezen geen teken van pure vrijheid is, maar een gebrek aan inzicht en een zwakte van de wil. Het is het bewijs dat we ons hebben laten misleiden door een illusie.

De ultieme paradox

De hoogste staat van de vrije wil is volgens Thomas dan ook de situatie waarin de mens zó volmaakt van God houdt, dat hij er niet eens meer aan dénkt om tegen Gods wil te kiezen. Dat is de staat van de heiligen in de hemel. Zij zijn perfect vrij, juist omdat hun vrije wil onwankelbaar en in totale liefde is samengesmolten met de wil van God.

De H. Thomas van Aquino zegt dat zonde in de wil ligt

De Heilige Thomas van Aquino legt in zijn Summa Theologiae (Prima Secundae, Quaestio 74) heel scherp uit dat de zonde wezenlijk en primair in de wil ligt.

Hoewel ons verstand de zonde kan bedenken en onze zintuigen of ons lichaam de zonde kunnen uitvoeren, is een handeling pas écht een zonde als de wil ermee instemt.

Thomas onderbouwt dit aan de hand van de volgende cruciale theologische principes:

1. Zonde vereist vrijwilligheid

Thomas stelt dat een handeling alleen een morele daad (en dus een zonde of een goede daad) kan zijn als deze vrijwillig is. De wil is het enige vermogen van de mens dat de controle heeft over onze daden. Als je verstand weet dat iets slecht is, of als je emoties (zoals plotselinge woede of angst) opspringen, is er nog geen zonde gepleegd. Pas op het moment dat de wil zegt: "Ik ga hierin mee, ik kies hiervoor", wordt de daad als zonde aan de ziel toegerekend.

2. Het verstand adviseert, de wil beslist

In de psychologie van Thomas werkt de menselijke geest als een koninkrijk:

* Het verstand fungeert als de raadsheer: het onderzoekt een situatie en houdt de wil voor wat goed of slecht is.

* De wil is koning: hij heeft de soevereine macht om het advies van het verstand op te volgen óf te negeren.
Omdat de wil de baas is over de uiteindelijke beslissing, ligt de morele verantwoordelijkheid — en dus de zonde — bij de koning (de wil), en niet bij de raadsheer (het verstand).

3. De wil kiest een 'schijngoed' boven het 'ware goed'

Zoals we eerder zagen, kan de wil van nature alleen maar naar het goede streven. Hoe kan de zonde dan in de wil liggen? Thomas legt uit dat de wil zondigt wanneer hij op een ongeordende manier kiest. De wil keert zich af van het onveranderlijke, Allerhoogste Goed (God) en kiest in plaats daarvan krampachtig voor een tijdelijk, geschapen goed (zoals puur materieel gewin, egoïsme of zintuiglijk genot). De wil maakt van een lagere aardse zaak zijn hoogste doel. Dat is de essentie van de zonde.

4. De weerslag op de rest van de mens

Omdat de zonde in de wil ontstaat, raakt de wil gecorrumpeerd. Thomas legt uit dat als de wil eenmaal de verkeerde richting opgaat, hij de rest van de mens meetrekt: het verstand wordt verduisterd en de emoties raken ontregeld. De wil is de spirituele motor; als daar de zonde zit, raakt de hele machine defect.

De Heilige Thomas van Aquino vat het dus heel nuchtere samen: zonder de instemming van de wil is er geen zonde. Dit is voor gelovigen een heel troostrijke gedachte. Het betekent dat slechte gedachten die ongevraagd bij je binnenbinnenpoppen, of heftige emoties van angst en boosheid die je plotseling overvallen, géén zonden zijn, zolang jouw wil er 'nee' tegen blijft zeggen.

Hoe vind je dit bericht? 2 stemmen
Geschreven door claudia om 08:42 Reageer op dit bericht
Reageer op dit bericht

Reageer op dit bericht

Een titel of je eigen website toevoegen

16/10 Pr Ripperger: Waarom God kwaad, lijden en tuchtigingen toelaat - Sign of the Cross

16/10 Pr Ripperger: Waarom God kwaad, lijden en tuchtigingen toelaat - Sign of the Cross

De bekende traditionele katholieke priester, filosoof en exorcist Pr Chad Ripperger spreekt en schrijft zeer uitgebreid over het mysterie van het kwaad, lijden en tuchtigingen . Zijn visie is diep geworteld in de leer van de Heilige Thomas van Aquino en de traditionele katholieke theologie.

Ripperger legt uit dat God kwaad en lijden toelaat omdat Hij er altijd een groter goed uit voort laat komen. Hij deelt dit op in een aantal specifieke redenen:

1. Het stoppen en begrenzen van het kwaad

God laat tuchtigingen (zoals natuurrampen, ziektes of crises) toe als een rem op de zonde. Wanneer de mensheid of een individu moreel ontspoort, grijpt God in met lijden om te voorkomen dat men nog dieper in zonde valt. Ripperger stelt letterlijk: "God straft ons om een einde te maken aan het kwaad dat we doen." Het lijden zorgt ervoor dat we ophouden God te beledigen, wat ten diepste een daad van Gods barmhartigheid is om onze zielen te redden van de hel.

2. Zuivering en heiliging

Ripperger benadrukt dat niemand de hemel bereikt zonder te lijden. Lijden breekt onze gehechtheid aan aardse zaken en dwingt ons om onze blik op God te richten. Voor rechtvaardige mensen is lijden een test die de deugd van standvastigheid vergroot. Het zuivert de ziel van imperfecties. Hoe meer onvolmaaktheden we hebben, hoe meer loutering (spirituele "medicijn") er nodig is om ons heilig te maken.

3. Kosmische gerechtigheid (Het dwingen van de duivel)

Als exorcist heeft Pr. Ripperger een unieke kijk op demonen. Hij legt uit dat God toestaat dat de duivel ons verleidt of aanvalt (diabolische onderdrukking), maar dat God dit volledig controleert. Door stand te houden in dat lijden, worden wij een instrument van Gods gerechtigheid. De demonen worden door God gedwongen om, tegen hun wil in, mee te werken aan onze heiliging. De duivel verliest en de mens groeit in deugd.

4. Spirituele tuchtiging als waarschuwing

Ripperger waarschuwt dat er vóór een fysieke tuchtiging (zoals een oorlog of ramp) bijna altijd een spirituele tuchtiging plaatsvindt. De zwaarste straf die God aan een volk kan geven, is hen overleveren aan slechte leiders of spirituele blindheid, zodat ze de gevolgen van hun eigen keuzes dragen. Dit is bedoeld als een ultieme wekroep om tot inkeer en bekering te komen.

De juiste houding volgens Ripperger

Ripperger adviseert gelovigen om niet bitter te worden onder lijden, maar het te omarmen als een middel tot groei (mortificatie). Door je wil volledig te verenigen met de wil van God en je lijden aan Hem op te dragen, verliest het kwaad zijn grip en transformeer je de pijn in hemelse verdienste

Adam en Eva vs Jezus

Wat Jezus heeft verwezenlijkt, is oneindig veel groter en glorierijker dan wat Adam en Eva in het paradijs bezaten. Dit sluit aan bij de traditionele katholieke theologie en de specifieke uitleg van Pr Ripperger over de zondeval en de verlossing. [1]

Binnen de thomistische theologie (gebaseerd op Thomas van Aquino) wordt dit verschil via de volgende principes uitgelegd: 1. Het verschil in de staat van genade

Adam en Eva leefden in de staat van oorspronkelijke gerechtigheid. Zij bezaten bovennatuurlijke gaven en preternatuurlijke gaven, zoals de gift van integriteit. Dit betekende dat hun emoties en lagere driften perfect luisterden naar hun verstand; zij kenden geen innerlijke chaos of neiging tot het kwaad (concupiscence). Hun genade was echter kwetsbaar. Het was een gift die zij door één daad van hoogmoed en ongehoorzaamheid volledig konden verliezen—en dat deden ze ook.

Jezus Christus (de 'Nieuwe Adam') bracht een genade die niet slechts herstelt wat verloren ging, maar die de menselijke natuur naar een oneindig hoger niveau tilt. Jezus overwon de verzoeking in absolute volmaaktheid, zonder dat de duivel ook maar de minste grip op Zijn ziel kon krijgen. Waar Adam faalde onder lichte druk in een weelderige tuin, triomfeerde Jezus onder de zwaarste marteling aan het kruis.

2. Een glorierijk lichaam is groter dan een onschuldig lichaam

Adam en Eva hadden vóór de zondeval een lichaam dat weliswaar vrij was van ziekte en dood, maar het was nog altijd een natuurlijk, aards lichaam.

Door de verrijzenis van Jezus Christus heeft Hij de weg geopend naar een glorierijk, verheerlijkt lichaam (een spiritueel lichaam dat de wetten van de natuur overstijgt, zoals Jezus na Zijn opstanding toonde). De hemelse glorie die de verloste mens straks ontvangt, is vele malen schitterender dan de aardse harmonie die Adam en Eva in de Hof van Eden ervoeren.

3. De paradox van de "Gelukkige Schuld"

Pr. Ripperger en de traditionele theologie verwijzen hierbij vaak naar de beroemde hymne uit de Paaswake: "O felix culpa, quae talem ac tantum meruit habere Redemptorem" (O gelukkige schuld, die zo’n grote Verlosser heeft mogen verdienen).

God heeft de zondeval van Adam en Eva toegelaten omdat Hij wist dat Hij er iets nog mooiers uit zou laten voortkomen. De liefde en barmhartigheid die God toont door Zelf mens te worden, te lijden en te sterven voor Zijn schepping, openbaart een diepte van Gods karakter die in een zondeloos paradijs nooit zichtbaar had kunnen worden. De verlossing door Christus overtreft de schepping van Adam in overvloed en genade.

Kortom: Adam en Eva begonnen op de begane grond van een perfecte schepping. Maar Jezus Christus breekt door het plafond heen en trekt de mensheid mee omhoog naar de troon van God.

De H. Thomas van Aquino heeft het over de goederen die een mens kan bezitten

De Heilige Thomas van Aquino deelt de goederen die een mens kan bezitten of nastreven inderdaad op in drie specifieke categorieën. Hij ontleent deze klassieke driedeling aan de filosofie van Aristoteles en past deze toe binnen de katholieke theologie.

De drie goede zaken die Thomas van Aquino onderscheidt, zijn:

1. Goederen van de ziel

Dit zijn de allerhoogste en belangrijkste menselijke goederen, omdat de ziel het spirituele en onsterfelijke deel van de mens is.

* Wat valt hieronder? De deugden (zoals geloof, hoop, liefde, rechtvaardigheid en wijsheid), kennis van de waarheid, innerlijke vrede, en bovenal de heiligmakende genade.

* Doel: Deze goederen brengen de mens rechtstreeks in verbinding met God en vormen de basis voor het ware geluk.

2. Goederen van het lichaam

Dit zijn de goederen die te maken hebben met onze fysieke, biologische natuur. Ze zijn goed en noodzakelijk, maar staan in de rangorde onder de goederen van de ziel.

* Wat valt hieronder? Gezondheid, lichamelijke kracht, schoonheid, energie, en het vrij zijn van fysieke pijn of gebreken.

* Doel: Thomas legt uit dat goederen van het lichaam instrumenteel zijn: ze zijn bedoeld om de ziel te dienen, zodat de mens in staat is om deugzaam te leven en goede werken te doen.

3. Externe goederen

Dit zijn de goede zaken die zich buiten de mens zelf bevinden. Ze worden ook wel de goederen van fortuin of uiterlijke omstandigheden genoemd.

* Wat valt hieronder? Vrienden, familie, een goede naam (reputatie), materiële bezittingen, voedsel, onderdak en eer.

* Doel: Net als de lichamelijke goederen zijn externe goederen hulpmiddelen. Ze zijn nodig om ons aardse leven te ondersteunen en ons in staat te stellen om barmhartigheid en liefde aan onze naasten te tonen.

De juiste rangorde

Thomas van Aquino benadrukt dat zonde en ongeluk ontstaan wanneer de mens deze volgorde omdraait—bijvoorbeeld door externe goederen (zoals geld of eer) of lichamelijke goederen (zoals genot) belangrijker te maken dan de goederen van de ziel (deugd en genade). Het uiteindelijke doel van al deze goederen is om de mens te leiden naar het allerhoogste Goed, dat God Zelf is.

Pr Ripperger zegt dat het kwaad wordt toegelaten in het lichaam en externe goederen om het goede te brengen voor de ziel, dat in het hiernamaals telt

Exact. Dat is de kern van hoe Pr. Chad Ripperger het mysterie van het lijden verklaart. Hij bouwt hiermee rechtstreeks voort op de driedeling van Thomas van Aquino. Ripperger legt uit dat God het kwaad (zoals ziekte, verlies of onrecht) nooit toelaat in de ziel van een mens die in staat van genade leeft. Maar God staat wel toe dat het kwaad toeslaat in de twee lagere categorieën:

* Lichaam: (Ziekte, chronische pijn, ouderdom, fysieke gebreken)

* Externe goederen: (Financiële tegenspoed, verlies van bezit, een beschadigde reputatie, het wegvallen van dierbaren)

Waarom doet God dit?

Ripperger stelt dat God deze lagere goederen opoffert of laat beschadigen om het allerhoogste goed te redden: de ziel.

Het menselijk lichaam en alle uiterlijke zaken op deze aarde zijn tijdelijk; ze vergaan hoe dan ook. De ziel daarentegen is onsterfelijk. Als we het vleselijk en materieel heel comfortabel hebben, lopen we het risico om spiritueel lui te worden en God te vergeten.

Door toe te laten dat ons lichaam of onze uerlijke omstandigheden breken, worden we uit onze aardse comfortzone gehaald. Dit dwingt de ziel tot:

* Diepe loutering: Het breekt onze gehechtheid aan de wereld.

* Beoefening van deugden: Het dwingt ons tot heroïsch geduld, overgave, geloof en hoop in de duisternis.

* Eeuwige verdienste: Elke keer dat we pijn of verlies dragen zónder bitter te worden, groeit de capaciteit van onze ziel om Gods glorie te ontvangen in het hiernamaals.

Het perspectief van de eeuwigheid

Ripperger herinnert zijn luisteraars er altijd aan dat ons aardse leven, hoe zwaar ook, slechts een fractie van een seconde is in vergelijking met de eeuwigheid. In het hiernamaals zal niemand terugkijken en zeggen: "Ik had liever een gezonder lichaam of meer geld gehad op aarde." Men zal enkel kijken naar de staat van de ziel.

De schade aan het lichaam en de uiterlijke goederen is het instrument dat God gebruikt om de ziel te polijsten, zodat deze schittert wanneer zij de eeuwigheid binnentreedt.

Praktische adviezen om het lijden van waarde te doen zijn

Pr. Chad Ripperger geeft heel concrete, nuchtere en traditionele praktische adviezen om met lijden in het lichaam of in uiterlijke omstandigheden om te gaan. Zijn adviezen zijn erop gericht om te voorkomen dat de ziel verbitterd raakt, en om de pijn om te zetten in spirituele winst voor het hiernamaals.

Dit zijn zijn belangrijkste adviezen:

1. Beoefen "Heilige Onverschilligheid"

Ripperger adviseert om te trainen in de geestelijke houding van de Heilige Ignatius van Loyola. Dit betekent dat je leert om je emotioneel los te maken van het resultaat.

* Praktijk: Bid niet krampachtig: "God, U móét mij nu genezen," maar bid: "Heer, ik geef de voorkeur aan gezondheid, maar als U wilt dat ik nu ziek ben, dan aanvaard ik dat uit liefde voor U." Dit haalt de innerlijke onrust en het verzet direct weg.

2. Het opdragen van het lijden

Lijden dat niet wordt opgedragen, is volgens Ripperger "verspilde pijn".

* Praktijk: Maak er elke ochtend een gewoonte van om je dagelijkse kruisen (pijn, vermoeidheid, tegenwerking) bewust aan God aan te bieden. Zeg simpelweg: "Heer, ik bied U deze pijn vandaag aan voor de bekering van zondaars, voor de zielen in het vagevuur, of voor een specifieke intentie." Hierdoor krijgt de pijn direct een bovennatuurlijk doel en een enorme waarde.

3. Neem het "Medicijn" zonder morren aan

Ripperger vergelijkt het toelaten van lijden door God met een bittere medicijn die een arts aan een patiënt geeft.

* Praktijk: Stop met klagen en zelfmedelijden. Klagen voedt de demonen en verzwakt de ziel. Als je merkt dat je wilt gaan klagen over je lichaam of je situatie, zet daar dan direct een gebed van dankzegging tegenover: "Heer, dank U dat U mij dit kruis toevertrouwt om mijn ziel te zuiveren."

4. Focus op de deugd van het huidige moment

Mensen worden vaak overweldigd omdat ze denken aan alle pijn die nog gaat komen in de toekomst. Ripperger zegt dat God ons de genade geeft per moment, niet voor de hele komende week.

* Praktijk: Vraag jezelf bij elke tegenslag af: "Welke deugd vraagt God nu in dít specifieke kwartier van mij?" Is dat geduld? Is dat overgave? Is dat zachtmoedigheid? Richt je wil alleen op het beantwoorden van die specifieke vraag van dit moment.

5. Het "Fiat"-gebed van Maria

Het krachtigste wapen tegen de verzoeking van bitterheid is het woord Fiat ("Mij geschiede naar Uw woord").

* Praktijk: Buig je wil actief onder de wil van God. Zeg in de moeilijkste momenten heel bewust, desnoods met de tanden op elkaar: "Heer, Uw wil geschiede. Ik begrijp het niet, maar ik vertrouw U." Dit gebed breekt de spirituele trots en trekt de heiligmakende genade met stromen tegelijk je ziel binnen.

De verdienste van Zijn lijden en dood voor Jezus

Wat Jezus Christus door Zijn lijden en dood heeft verdiend, is de redding van de mensheid, maar voor Zichzelf heeft Hij er in strikt theologische zin slechts één ding mee verkregen: Zijn verheerlijkte, verrezen lichaam. Dit legt Pr Ripperger uit aan de hand van de traditionele leer van de Heilige Thomas van Aquino.

Binnen de thomistische theologie is de verklaring hiervoor als volgt opgebouwd:

1. Wat Jezus voor Zichzelf verdiende

Omdat Jezus Christus de Zoon van God is, was Zijn ziel vanaf het allereerste moment van Zijn conceptie al volmaakt. Hij bezat al alle heiligheid, glorie en de volheid van de goddelijke natuur. Hij kon voor Zijn eigen ziel dus niets meer "bijverdienen" aan genade of status, want Hij was al perfect.

Het enige wat Jezus door Zijn Lijden en kruisdood voor Zichzelf heeft verdiend, is de fysieke verheerlijking van Zijn menselijke natuur: het recht om op te staan uit de dood met een onsterfelijk, glorierijk lichaam dat niet langer onderworpen was aan menselijke zwakheid. Al het andere lijden droeg Hij puur als verdienste voor ons, om voor de mensheid de "eerste genade" (de verlossing uit de zonde) terug te kopen.

2. Wat dit Hem oplevert in het Laatste Oordeel

Dit brengt een fundamentele verschuiving teweeg tijdens het Algemeen Oordeel (het Laatste Oordeel aan het einde der tijden). Fr. Ripperger legt uit dat de kosmos en de geschiedenis op die dag in een perfecte, goddelijke balans worden gebracht. Dit levert Jezus het volgende op:

* Manifestatie van absolute rechtvaardigheid: Tijdens het Laatste Oordeel zal de hele mensheid en alle engelen (inclusief de demonen) de totale impact van Jezus' lijden inzien. Iedereen zal zien hoe de oneindige waarde van Zijn bloed elke gepleegde zonde in de geschiedenis rechtvaardig heeft afbetaald.

* Publieke triomf van Zijn Mensheid: Omdat Jezus Zichzelf tot het uiterste vernederde aan het kruis, eist de kosmische gerechtigheid dat Hij in exact diezelfde menselijke natuur publiekelijk wordt verheerlijkt voor het oog van de hele schepping. Zijn wonden zullen niet langer tekenen van zwakte zijn, maar stralen als de ultieme trofeeën van Zijn overwinning.

* Schaamte van de verdoemden en demonen: Voor degenen die Zijn genade hebben geweigerd, toont het Laatste Oordeel de absolute legitimiteit van hun vonnis. De aanwezigheid van de verrezen Christus bewijst dat God er alles aan heeft gedaan om hen te redden. Het lijden van Christus veroordeelt hen, omdat ze de oneindige liefde willens en wetens hebben vertrapt.

* Voltooiing van het Mystieke Lichaam: Wat het Hem concreet oplevert, is de definitieve transformatie van Zijn Kerk. Op die dag worden de levenden en de doden die in staat van genade zijn gestorven, definitief verenigd met hun eigen glorierijke lichamen. Zij treden toe tot de eeuwigheid als de levende vruchten van Zijn bittere lijden.

Jezus' lijden levert Hem bij het Laatste Oordeel dus de totale, publieke erkenning van Zijn Koningschap op, waarbij de kosmos getuige is dat Zijn kruisdood het kwaad definitief heeft vernietigd en de rechtvaardigheid heeft hersteld.

Waarom laat God zonde toe in ons leven

Pr. Ripperger legt uit dat God zonde in ons leven toelaat om twee fundamentele redenen: het respecteren van onze vrije wil en het feit dat Hij uit die zonde een nog groter spiritueel goed kan voortbrengen. Als traditionalist en exorcist benadrukt Ripperger dat God zonde nooit wil, maar het wel toestaat. Dit doet Hij vanwege de volgende theologische redenen:

1. Beschermen van de vrije wil

God heeft de mens geschapen met een vrije wil, omdat er zonder vrije wil geen sprake kan zijn van echte liefde of deugd. Als God ons fysiek zou dwingen om alleen maar het goede te doen, zouden we robots zijn. Ripperger legt uit dat de mogelijkheid om te zondigen de noodzakelijke schaduwzijde is van onze spirituele vrijheid.

2. Breken van onze trots (De deugd van nederigheid)

Dit is een van Rippergers meest specifieke inzichten over spirituele strijd. Hij stelt dat God soms toestaat dat we vallen in een bepaalde zonde (zelfs een zonde waar we al heel lang tegen vechten) om ons te genezen van geestelijke hoogmoed.

Wanneer we moreel vallen, worden we met de neus op de feiten gedrukt: we beseffen dat we uit onszelf niets kunnen en dat we volledig afhankelijk zijn van Gods genade. De zonde is verschrikkelijk, maar de nederigheid die ontstaat na het opstaan (en de gang naar de biechtstoel), is voor de ziel vele malen waardevoller dan een valse, hoogmoedige braafheid.

3. Noodzaak van spirituele strijd

Volgens Ripperger groeien deugden alleen onder druk. Zonder de aanwezigheid van zonde en verzoeking in ons leven, zouden we spiritueel lui en slap worden.

Door de strijd tegen de zonde aan te gaan — elke keer dat we 'nee' zeggen tegen een verzoeking of opstaan na een fout — traityen we onze ziel. Het overwinnen van zonde versterkt de deugden van standvastigheid, matigheid en liefde, wat ons karakter vormt voor het hiernamaals.

4. Openbaring van Gods Barmhartigheid

Als er geen zonde zou zijn, zouden we de diepste eigenschappen van God nooit leren kennen: Zijn oneindige barmhartigheid en vergevingsgezindheid. Het toelaten van de zonde geeft God de mogelijkheid om Zichzelf te tonen als de liefdevolle Vader die de verloren zoon opwacht. De vreugde van de verzoening in de ziel is een groter goed dan de oorspronkelijke staat waarin de zonde nooit had plaatsgevonden.

Net zoals bij de zondeval van Adam en Eva, laat God de zonde in jouw persoonlijke leven dus toe omdat Hij de absolute macht bezit om die zonde om te buigen tot een instrument dat jou uiteindelijk heiliger, nederiger en dichter bij Hem brengt.

Wat te doen als je hebt gezondigd

Volgens Pr. Ripperger moet je bij het begaan van een zonde (groot of klein) direct spirituele eerste hulp toepassen om te voorkomen dat de duivel misbruik maakt van de situatie. Zijn belangrijkste advies is: blijf kalm en herstel de relatie met God onmiddellijk.

Wanneer je zondigt, adviseert Ripperger om direct de volgende concrete stappen te zetten:

1. Wek direct een Akte van Volmaakt Berouw op

Wacht niet tot de volgende biecht om met God te praten. Zodra je beseft dat je hebt gezondigd, moet je je direct tot God wenden met een Akte van Volmaakt Berouw.

* Wat is dit? Dit is berouw dat niet voortkomt uit angst voor de hel (onvolmaakt berouw), maar puur uit liefde voor God, omdat je Zijn oneindige goedheid hebt gekwetst.

* Praktijk: Zeg direct in je hart: "Heer Jezus Christus, het spijt mij uit de grond van mijn hart dat ik heb gezondigd, omdat U zo goed bent en ik U liefheb boven alles. Ik neem mij vast voor, met de hulp van Uw genade, om niet meer te zondigen en zo snel mogelijk te gaan biechten."

2. Weiger te luisteren naar de "Beschuldiger" (Geen zelfverwijt)

Dit is een cruciaal inzicht van Ripperger als exorcist. Nadat je hebt gezondigd, probeert de duivel je twee dingen aan te praten: wanhoop ("Zie je wel, je bent waardeloos") of bitterheid.

* Praktijk: Kijk naar jezelf, wees nuchter, maar ga niet mee in zelfverwijt of krampachtige boosheid. Als je boos bent op jezelf omdat je bent gevallen, is dat vaak gekwetste trots (hoogmoed) omdat je van jezelf dacht dat je al heel heilig was. Accepteer nederig je zwakheid en vertrouw op Gods genade.

3. Ga zo snel mogelijk naar het Sacrament van de Biecht

Als het een zware (doodzonde) betreft, herstelt de Akte van Volmaakt Berouw weliswaar direct de genade in je ziel als je de oprechte intentie hebt om te gaan biechten, maar je mag nog niet communiceren in de Mis tot je daadwerkelijk de absolutie hebt ontvangen.

* Praktijk: Bezoek de biechtstoel. Ripperger benadrukt dat de biecht niet alleen je zonden wegwast, maar je ook specifieke sacramentele genade (kracht) geeft om exact diezelfde zonde de volgende keer wél te kunnen weerstaan.

4. Onderzoek de oorzaak (De psychologie achter de zonde)

Zodra de rust is teruggekeerd, adviseert Ripperger om heel nuchter te analyseren hoe de val tot stand kwam.

* Praktijk: Vraag jezelf af: Wat was de trigger? Was ik moe, eenzaam, hongerig of boos (de bekende spirituele HALT-valstrik: Hungry, Angry, Lonely, Tired)? Welke deugd had ik op dat moment tekort? Door de oorzaak te kennen, kun je de volgende keer de nabije gelegenheid tot zonde (omstandigheden waarin je snel valt) vermijden.

5. Zet er direct een goede daad tegenover

Volgens de thomistische theologie verdrijf je een slechte gewoonte (een ondeugd) alleen door het herhaaldelijk beoefenen van de tegenovergestelde goede gewoonte (een deugd).

* Praktijk: Heb je gezondigd door harde woorden te spreken (ongehoorzaamheid/onzuiverheid)? Doe direct daarna een daad van liefde, spreek een zacht woord, of doe een klein offer. Zo buig je de situatie direct om in spirituele winst en mislukt het plan van de vijand om je neer te halen.

Wat wil God bereiken door ons genezingsproces

Volgens Pr Ripperger wil God in ons spirituele en psychologische genezingsproces tegenover Hem vooral onze menselijke natuur herstellen en verheffen tot de staat van heelheid, zodat we in staat zijn om de volheid van Zijn bovennatuurlijke genade te ontvangen.

Ripperger legt uit dat de zonde — zowel onze persoonlijke zonden als de erfzonde — diepe wonden achterlaat in ons verstand, onze wil en onze emoties. In het genezingsproces wil God via de volgende stappen aan ons werken:

1. Herstel van de spirituele orde (De psychologische hiërarchie)

Ripperger benadrukt vaak dat door de zondeval onze menselijke vermogens op hun kop staan: onze lagere emoties en driften (zoals angst, woede of genotzucht) overheersen vaak ons verstand en onze wil.

* Wat God wil doen: God wil door middel van heling de juiste innerlijke orde herstellen. Hij wil je verstand verlichten met de waarheid en je wil versterken, zodat jouw emoties en passies weer gaan luisteren naar je verstand, en je verstand weer luistert naar God. Dit brengt diepe innerlijke rust.

2. Genezing van de emotionele wonden

Als exorcist weet Ripperger dat trauma's, kwetsuren uit het verleden en onverwerkt verdriet grote spirituele blokkades kunnen vormen.

* Wat God wil doen: God wil met Zijn genade doordringen tot in je diepste herinneringen en de emotionele lading van oude wonden wegnemen. God wist het verleden niet uit, maar Hij wil de wond transformeren in een "litteken van glorie", net zoals de wonden van de verrezen Jezus. De pijn verliest hierdoor haar vernietigende kracht.

3. Schenken van de deugden als "immuunsysteem"

Ripperger legt uit dat God ons niet zomaar op een magische wijze in één klap "vrij" maakt van alle psychologische of spirituele strijd.

* Wat God wil doen: God wil ons genezen door ons de deugden (zoals geduld, matigheid, rechtvaardigheid en geloof) te schenken en ons te helpen deze te trainen. Deugden zijn volgens de thomistische theologie de werkelijke gezondheid van de ziel. God wil je ziel een spiritueel immuunsysteem geven, zodat je immuun wordt voor de verleidingen van de vijand en de neiging tot bitterheid.

4. Wegnemen van spirituele blindheid

Wanneer we gewond zijn tegenover God (bijvoorbeeld door boosheid, teleurstelling of het gevoel dat Hij ons in de steek heeft gelaten), ontstaat er spirituele blindheid. We zien God dan als een harde rechter in plaats van een liefdevolle Vader.

* Wat God wil doen: God wil door het proces van bekering en loutering de sluier voor onze ogen weghalen. Hij wil dat je Zijn voorzienigheid leert herkennen, zodat je inziet dat zelfs de zwaarste beproevingen die Hij heeft toegelaten, achteraf gezien daden van diepe barmhartigheid waren om jouw ziel te redden.

5. Transformeren van de ziel voor de eeuwigheid

Het uiteindelijke doel van Gods genezingsproces is volgens Ripperger altijd eschatologisch (gericht op het hiernamaals). God is niet primair geïnteresseerd in een tijdelijk, oppervlakkig comfort op aarde.

* Wat God wil doen: Hij wil je ziel zo polijsten en uitzuiveren dat deze de capaciteit krijgt om in de hemel de Visio Beatifica (de rechtstreekse aanschouwing van God) te kunnen verdragen. Het aardse genezingsproces is de voorbereiding van de bruid op de bruidegom: het maakt de ziel passend voor de oneindige glorie van de eeuwigheid.

Hoe straft God ons direct en indirect

Pr Ripperger legt binnen de traditionele katholieke theologie uit dat God de mensheid of individuen op twee manieren straft: direct (positief/actief) en indirect (permissief/passief). Het belangrijkste uitgangspunt van Ripperger is dat Gods straffen op aarde nooit puur wraakzuchtig zijn. Ze zijn altijd medicinaal (bedoeld om te genezen) of vindicatief (om de kosmische rechtvaardigheid te herstellen).

1. Indirecte straf (Gods wil laat het toe)

Volgens Ripperger is dit de meest voorkomende vorm van straf in de huidige tijd. God straft hier niet door actief in te grijpen, maar juist door Zichzelf terug te trekken en de mens over te leveren aan de gevolgen van zijn eigen vrije keuzes.

* Intrekken van de beschermende genade: God haalt als het ware Zijn beschermende hand (the hedge of protection) weg rondom een persoon of een samenleving. Hierdoor krijgen demonen of vijanden vrij spel om chaos te veroorzaken.

* Spirituele blindheid: God laat toe dat het verstand van de mens verduisterd raakt. Omdat men de waarheid weigert, geeft God hen over op een dwaalspoor (morele achteruitgang). Ripperger wijst erop dat de morele verwarring in de moderne wereld een klassiek voorbeeld is van een indirecte straf.

* Slechte leiders: Een van Rippergers meest geciteerde stellingen is dat God een zondig volk straft door hen de leiders te geven die ze verdienen: tirannieke, incompetente of immorele leiders. De leiders zijn dan de gespeling van de zonde van het volk.

2. Directe straf (Actieve wil van God)

Hierbij grijpt God actief en rechtstreeks in de fysieke of uiterlijke werkelijkheid in om een grens te stellen aan het kwaad of om een ziel wakker te schudden.

* Fysieke tuchtigingen: Dit omvat natuurrampen, hongersnoden, oorlogen of epidemieën. God stuurt of activeert deze gebeurtenissen om een samenleving die Hem volledig de rug heeft toegekeerd, met de neus op de feiten te drukken. Het dient als een massale, harde wekroep tot bekering.

* Persoonlijk lijden en ziekte: Op individueel niveau kan God een fysieke ziekte, een ongeval of het plotselinge verlies van externe goederen (zoals bezit of status) rechtstreeks sturen of toelaten als een "rem" op de zonde. Als iemand bijvoorbeeld zijn lichaam misbruikt voor zonde, kan een directe fysieke beperking ervoor zorgen dat de ziel gered wordt omdat de persoon simpelweg de zonde niet meer kan uitvoeren.

* Rechtstreekse oordeel bij de dood: Dit is de ultieme directe straf. Direct na het sterven (het Bijzonder Oordeel) bepaalt God onherroepelijk de straf voor de onberouwvolle ziel in de hel, of de tijdelijke, louterende straf in het vagevuur.

Waarom het ten diepste barmhartigheid is

Ripperger benadrukt dat zowel directe als indirecte straffen op aarde voortkomen uit Gods liefde. Als God ons ongestoord onze gang zou laten gaan in de zonde, zouden we in een staat van totale morele verdorvenheid sterven en voor eeuwig verloren gaan. Door ons te straffen met tijdelijk lijden (in het lichaam of in uiterlijke goederen), dwingt God ons om stil te staan, onze trots te breken en om vergeving te vragen — zodat onze ziel voor de eeuwigheid gered kan worden.

 

Hoe vind je dit bericht? 1 stem
Geschreven door claudia om 08:21 Reageer op dit bericht

De H. Aartsengel Rafaël

De H. Aartsengel Rafaël

Zijn feestdag

De oorspronkelijke, eigen feestdag van de H. Aartsengel Rafaël was 24 oktober.

De verandering naar 29 september heeft de volgende redenen:

* De Liturgische Hervorming van 1969: Sinds de herziening van de liturgische kalender na het Tweede Vaticaans Concilie in 1969 besloot de Rooms-Katholieke Kerk om de drie aartsengelen die in de Bijbel bij naam worden genoemd (Michaël, Gabriël en Rafaël) samen op één dag te vieren.

* De historische betekenis van 29 september: Deze datum was al sinds de 5e eeuw gereserveerd voor de aartsengel Michaël. Op die dag werd destijds de wijding herdacht van de Sint-Michaelsbasiliek aan de Via Salaria buiten Rome. Omdat deze dag al diep geworteld was in de christelijke traditie (ook wel bekend als Michaelsfeest of Michaelmas), is ervoor gekozen om de feestdagen van Gabriël (voorheen 24 maart) en Rafaël (voorheen 24 oktober) hiernaar samen te voegen.

Tegenwoordig staat 29 september dan ook officieel bekend als het Feest van de Heilige Aartsengelen.

Olie van de H. Rafaël

Boodschap aan een ziener genaamd Herald op 24 juni 1993

* Het exacte aantal rozenblaadjes: Je gebruikt precies 30 losse rozenblaadjes plus 1 hele roos.

* Kleur: De kleur van de rozen maakt niet uit. Elke kleur is toegestaan, zolang aan de andere voorwaarden wordt voldaan.

* De extra voorwaarde: Volgens de traditie moeten de rozenblaadjes en de roos eerst 7 dagen vóór een afbeelding of beeld van de Maagd Maria Rosa Mystica (of de aartsengel zelf) hebben gelegen voordat ze met de olijfolie (ongeveer 250 ml) aan de kook worden gebracht. Zodra de olie met de 30 blaadjes en de hele roos het kookpunt bereikt, dient het vuur direct te worden uitgezet om de balsem te laten trekken.

Binnen de traditie van de openbaring aan de ziener Herald (24 juni 1993) zijn er twee specifieke gebeden gegeven. Het eerste gebed dient om tijdens de bereiding over de olie uit te spreken, en het tweede gebed is het genezingsgebed dat gebeden wordt wanneer de olie daadwerkelijk op een persoon wordt aangebracht.

1. Het gebed bij de bereiding (Zegensgebed)

Wanneer de olijfolie met de rozenblaadjes aan de kook is gebracht en van het vuur is gehaald, dient men de volgende vaste opeenvolging van gebeden te bidden om de bereiding spiritueel te voltooien:

* Apostolische Geloofsbelijdenis

* 3 x Weesgegroet (drie maal, ter ere van Maria Rosa Mystica)

* wijdingsgebed aan de aartsengel: O Heilige Aartsengel Rafaël, u bent de medicijnman van Gods liefde. Wij smeken u om deze olie te zegenen. Giet uw helende en genezende krachten in deze vloeistof uit, zodat iedereen die met deze olie wordt gezalfd, verlossing mag vinden van lichamelijk, mentaal en spiritueel lijden. Moge deze balsem de bescherming van de hemel dragen tegen alle listen van de vijand. Amen.

2. Het gebed bij het aanbrengen (Genezingsgebed)

Wanneer je de olie daadwerkelijk gebruikt bij jezelf of bij een zieke, maak je met een druppel olie een kruisteken (meestal op het voorhoofd of op de zere plek) en bid je het gebed dat Herald specifiek voor de ziekenzalving heeft ontvangen:

Heilige Aartsengel Rafaël, engel van de gezondheid en van de genezing. Raak mij (of: [Naam van de persoon]) aan met uw hemelse vleugels. Genees mij van deze ziekte en van al mijn kwalen, als dat de Heilige Wil van God is.

Verdrijf alle duisternis, angst en pijn uit mijn lichaam en mijn ziel. Breng mij de kracht en de vrede van de Allerhoogste, zodat ik God met heel mijn hart kan loven en prijzen. Sint Rafaël, pijl van Gods liefde, bid voor ons en genees ons. Amen. Onzevader - Weesgegroet - Glorie zij.

Litanie van de Heilige Aartsengel Rafaël

Heer, ontferm U over ons. Heer, ontferm U over ons.
Christus, ontferm U over ons. Christus, ontferm U over ons.
Heer, ontferm U over ons. Heer, ontferm U over ons.

Christus, hoor ons. Christus, verhoor ons.

God, hemelse Vader, ontferm U over ons.
God, Zoon, Verlosser van de wereld, ontferm U over ons.
God, Heilige Geest, ontferm U over ons.
Heilige Drievuldigheid, één God, ontferm U over ons.

Heilige Maria, Koningin van de Engelen, bid voor ons.
Heilige Aartsengel Rafaël, bid voor ons.
Heilige Rafaël, wiens naam betekent "God geneest", bid voor ons.
Heilige Rafaël, een van de zeven engelen die voor Gods troon staan, bid voor ons.
Heilige Rafaël, getrouwe gids van de jonge Tobias, bid voor ons.
Heilige Rafaël, beschermer van reizigers, bid voor ons.
Heilige Rafaël, redder in gevaar, bid voor ons.
Heilige Rafaël, verdrijver van boze geesten, bid voor ons.

Heilige Rafaël, die de blindheid van Tobit hebt genezen, bid voor ons.
Heilige Rafaël, helper in bittere nood, bid voor ons.
Heilige Rafaël, engel van de vreugde en de vrede, bid voor ons.
Heilige Rafaël, medicijn van Gods liefde, bid voor ons.
Heilige Rafaël, patroon van artsen en verpleegkundigen, bid voor ons.
Heilige Rafaël, beschermer van het christelijke gezin, bid voor ons.
Heilige Rafaël, die onze gebeden voor de troon van de Allerhoogste brengt, bid voor ons.

Lam Gods, dat de zonden van de wereld wegneemt, spaar ons, Heer.
Lam Gods, dat de zonden van de wereld wegneemt, verhoor ons, Heer.
Lam Gods, dat de zonden van de wereld wegneemt, ontferm U over ons.

Bid voor ons, heilige aartsengel Rafaël. Opdat wij de beloften van Christus waardig worden.

Laat ons bidden:
O God, U heeft in Uw onuitsprekelijke goedheid de Heilige Aartsengel Rafaël aan Uw gelovigen geschonken als gids en helper op hun levensweg. Wij smeken U nederig: geef dat wij altijd door zijn voorspraak mogen worden beschermd en door zijn hemelse balsem mogen worden genezen van alle kwalen van ziel en lichaam. Dit vragen wij U door Christus, onze Heer.

Amen.

Noveengebed tot de H. Rafaël

Noveengebed

O Glorrijke Aartsengel Sint Rafaël, medicijn van Gods liefde, kom mij te hulp en sta mij bij in al mijn noden en de beproevingen van dit aardse leven. U die de gids was van de jonge Tobias op zijn gevaarlijke reis en hem veilig en wel naar zijn ouders terugbracht, wees ook de gids en de beschermer van mijn levensreis.

Behoed mij voor alle gevaren van ziel en lichaam. Verdrijf de duisternis van de vijand en schenk mij de fysieke, mentale en spirituele gezondheid die ik zo hard nodig heb.

(Noem hier in stilte je persoonlijke intentie of de gunst die je vraagt)

Heilige Rafaël, pijl van Gods liefde en helper van de zieken, ik smeek u om mijn smeekbede voor de troon van de Allerhoogste te brengen. Als het Gods heilige wil is, verkrijg dan voor mij de genezing en de genade waar ik vurig om vraag. Leer mij te vertrouwen op Gods voorzienigheid en leid mij, samen met de Heilige Maagd Maria, veilig naar ons hemelse vaderland.

Amen. Onzevader - Weesgegroet - Glorie zij - Heilige Aartsengel Rafaël, engel van de genezing en van de liefde, bid voor ons!

Dagelijkse overweging bij de noveen

Dag 1: Gids op onze Levensweg

Overweging: Heilige Rafaël, u begeleidde Tobias op zijn reis door een onbekend land en beschermde hem tegen alle onverwachte gevaren. Mijn eigen leven is ook een reis vol onzekerheden. Vandaag vraag ik u: wees mijn gids. Richt mijn stappen op de weg van de vrede en de gerechtigheid, en laat mij niet verdwalen.

Gebed: Sint Rafaël, leid mij en bescherm mij op al mijn wegen.

Dag 2: Beschermer tegen het Kwaad

Overweging: Heilige Rafaël, u bond de boze geest Asmodeus vast en bevrijdde Sara uit de greep van de duisternis. De wereld om ons heen kent veel verleidingen en geestelijke strijd. Ik vlucht onder uw vleugels. Bescherm mij, mijn gezin en mijn huis tegen elke invloed van de vijand en tegen alle opgezette valstrikken.

Gebed: Sint Rafaël, verdrijf alle duisternis en angst uit mijn leven.

Dag 3: Engel van Genezing

Overweging: Heilige Rafaël, uw naam betekent letterlijk "God geneest". U herstelde het gezichtsvermogen van de oude Tobit. Vandaag breng ik al mijn fysieke pijn, mentale lasten en chronische ziekten bij u. Breng de helende balsem van Gods liefde naar mijn lichaam en ziel, zodat ik in kracht hersteld mag worden.

Gebed: Sint Rafaël, medicijn van God, genees mij.

Dag 4: Trooster van de Bedroefden

Overweging: Heilige Rafaël, u bracht vreugde en hoop terug in een familie die gebukt ging onder verdriet en wanhoop. Als ik mij eenzaam, neerslachtig of angstig voel, herinner mij er dan aan dat God mij niet heeft verlaten. Schenk mij de innerlijke vrede die alle verstand te boven gaat.

Gebed: Sint Rafaël, troost mij in al mijn beproevingen.

Dag 5: Helper in Materiële Nood

Overweging: Heilige Rafaël, u hielp Tobias om de rechtmatige schuld van zijn vader terug te vorderen, waardoor de materiële zorgen van het gezin verdwenen. U kent mijn dagelijkse zorgen over werk, financiën en het onderhoud van mijn naasten. Ik leg deze behoeften vol vertrouwen in uw handen.

Gebed: Sint Rafaël, voorzie in mijn noden volgens Gods wil.

Dag 6: Engel van Liefde en het Gezin

Overweging: Heilige Rafaël, u bracht Tobias en Sara samen in een heilig, gezegend huwelijk en beschermde hun liefde. Ik bid u vandaag voor alle gezinnen, voor echtgenoten en voor diegenen die op zoek zijn naar een levenspartner. Breng harmonie, trouw en zuivere liefde in onze harten en relaties.

Gebed: Sint Rafaël, bewaar en zegen onze gezinnen.

Dag 7: Engel van Barmhartigheid

Overweging: Heilige Rafaël, u prees Tobit om zijn goede werken en zijn barmhartigheid jegens de doden en de armen. Leer mij om net als hij om te zien naar mijn naasten. Maak mijn hart zacht voor de noden van anderen, zodat ik een instrument mag zijn van Gods tastbare liefde op aarde.

Gebed: Sint Rafaël, leer mij lief te hebben met een onbaatzuchtig hart.

Dag 8: Brenger van Gods Aanwezigheid

Overweging: Heilige Rafaël, u zei: "Ik ben een van de zeven engelen die altijd klaarstaan om de majesteit van de Heer te dienen." U leeft in het eeuwige licht van Gods troon. Help mij om ook in mijn dagelijks leven de aanwezigheid van God te ervaren en mijn gebeden met diepe eerbied op te dragen.

Gebed: Sint Rafaël, draag mijn gebeden voor het aanschijn van de Allerhoogste.

Dag 9: Dankzegging en Lofprijzing

Overweging: Heilige Rafaël, nadat uw missie was volbracht, riep u Tobit en Tobias op om God te loven en te danken voor al Zijn wonderen. Aan het einde van deze noveen dank ik u voor uw krachtige voorspraak. Ik vertrouw erop dat u mijn gebeden hebt gehoord en ik prijs God voor Zijn oneindige goedheid.

Gebed: Sint Rafaël, samen met u prijs ik de Heer, nu en in alle eeuwigheid. Amen.

De hulp van de Heilige Aartsengel Rafaël om de heiligheid te bereiken die nodig is om direct de hemel binnen te gaan.

Het vagevuur is immers geen straf die willekeurig kan worden kwijtgeschelden, maar een noodzakelijk proces van loutering (zuivering) voor zielen die wel in staat van genade sterven, maar nog onvolmaaktheden of ongeboete zondeschuld meedragen. De traditie leert dat de H. Rafaël op de volgende manieren een cruciale rol speelt in dit proces:

1. Voorspraak voor een heilige levenswandel

Om het vagevuur te vermijden, moet een ziel op aarde volledig gezuiverd worden door liefde en boetvaardigheid. Omdat Rafaël de engel van de genezing en de bekering is, helpt hij gelovigen bij het overwinnen van hardnekkige zonden, het verkrijgen van diepe innerlijke genezing en het opwekken van oprecht berouw in de biecht. Een ziel die door zijn hulp vurig en heilig leeft, verkleint de noodzaak tot loutering na de dood.

2. Gids in het stervensuur

De H. Rafaël wordt traditioneel, samen met de H. Jozef en de H. Michaël, aangeroepen voor een goede dood. Hij staat de ziel bij op het meest kwetsbare moment: de overgang van dit leven naar het hiernamaals. Zijn aanwezigheid helpt de stervende om te vertrouwen op Gods barmhartigheid en de laatste verleidingen van de duisternis te weerstaan.

3. Patronaat over de zielen in het vagevuur

Hoewel de Aartsengel Michaël in de liturgie specifiek wordt genoemd als de "drager van de zielen" naar het hemelse licht, heeft Rafaël als een van de zeven engelen die voor Gods troon staan de taak om gebeden op te dragen. In het Bijbelboek Tobit zegt Rafaël letterlijk dat hij de gebeden en goede werken van Tobit voor God bracht. Hij doet hetzelfde voor ons: hij brengt onze gebeden, offers en aflaten voor Gods troon, wat de louteringstijd in het vagevuur (voor onszelf of voor overleden dierbaren) kan verkorten of verzachten.

Gebed voor een Goede Dood en een Zalig Uur

O Heer Jezus Christus, God van erbarmen en Vader van alle troost, ik stel mij vandaag en voor het uur van mijn sterven onder de bescherming van Uw Goddelijk Hart.

Wanneer mijn ogen zich zullen sluiten voor dit aardse licht en mijn stem mij zal begeven, wees dan mijn redder. Heilige Maria, Moeder van God en mijn Moeder, wees mij nabij in mijn laatste strijd. Neem mij onder uw moederlijke mantel en bid voor mij, nu en in het uur van mijn dood.

Heilige Jozef, die in de armen van Jezus en Maria zacht bent ingeslapen, verkrijg voor mij de genade van een kalm en heilig sterven. Bescherm mij tegen de valstrikken van de vijand in mijn laatste momenten.

Heilige Aartsengel Michaël, verdedig mij in de strijd.
Heilige Aartsengel Rafaël, medicijn van God en gids op al onze wegen, leid mijn ziel veilig door de poort van de dood, behoed mij voor de loutering van het vagevuur en breng mij rechtstreeks voor de troon van de Allerhoogste.

Mijn Jezus, in Uw handen beveel ik mijn geest. Heer Jezus, neem mijn ziel op in Uw barmhartigheid.

Amen.

Een uniek geheim

Er is een fascinerend en uniek geheim rondom de Heilige Aartsengel Rafaël dat hem fundamenteel onderscheidt van de andere aartsengelen Michaël en Gabriël: hij is de enige engel in de gehele Bijbel die zich vermomde als mens, een valse naam aannam en wekenlang incognito op aarde leefde.

Dit bijzondere verhaal staat beschreven in het Bijbelboek Tobit en bevat een aantal prachtige details:

* Zijn menselijke alter ego: Toen de jonge Tobias een betrouwbare gids zocht voor een gevaarlijke reis, bood Rafaël zich aan. Hij zag eruit als een gewone jonge man en noemde zichzelf Azarias (wat betekent: "De Heer helpt"), zoon van de grote Ananias.

* Een engel die meereist: Wekenlang trok Rafaël met Tobias op. Ze wandelden samen, sliepen in de buitenlucht, kookten vis langs de rivier de Tigris en Rafaël hielp Tobias zelfs aan een vrouw (Sara). Tobias had al die tijd geen flauw idee dat zijn reisgenoot een machtig hemels wezen was.

* De grote onthulling: Pas aan het einde van de reis, nadat Rafaël alle problemen van het gezin had opgelost en de blinde vader Tobit had genezen, weigerde hij de hem aangeboden beloning. Hij onthulde zijn ware identiteit met de legendarische woorden: "Ik ben Rafaël, een van de zeven engelen die in de nabijheid van de troon van de Heer verkeren." De vader en zoon schrokken zo erg dat ze urenlang plat op de grond vielen van ontzag.

Waarom dit zo speciaal is

Terwijl Michaël verschijnt als een machtige krijger in visioenen en Gabriël als een hemelse boodschapper die angst inboezemt (zoals bij Maria), koos Rafaël ervoor om naast de mens te gaan staan als een vriend.

Binnen de katholieke traditie wordt hij daarom gezien als de meest "toegankelijke" engel. Het herinnert gelovigen eraan dat Gods hulp vaak niet met luid trompetgeschal komt, maar vermomd als een alledaagse helper, een vriendelijke vreemdeling of een onverwachte gids op je levensweg.

De vis

Het dier dat bijna altijd samen met de Heilige Aartsengel Rafaël wordt afgebeeld, is een vis.

Op schilderijen en standbeelden zie je Rafaël vaak afgebeeld als een reiziger die een jonge jongen (Tobias) begeleidt, terwijl een van hen een grote vis vasthoudt of meedraagt. Soms heeft Rafaël de vis zelf in zijn hand.

Dit symbool komt rechtstreeks uit het Bijbelboek Tobit en heeft een prachtig verhaal:

* Aanval in de rivier: Tijdens hun reis stopten Tobias en Rafaël bij de rivier de Tigris om te baden. Plotseling sprong er een enorme vis uit het water die de voet van Tobias probeerde af te bijten. Tobias schrok hevig, maar de aartsengel riep: "Grijp de vis en laat hem niet ontsnappen!"

* Hemelse apotheek: Rafaël droeg Tobias vervolgens op om de vis open te snijden en drie specifieke organen te bewaren: de gal, het hart en de lever. Rafaël legde uit dat deze delen als een soort hemels medicijn zouden dienen.

* Genezingen: Later in het verhaal bleek hoe krachtig dit medicijn was. Door de rook van de lever en het hart te verbranden, werd de boze geest Asmodeus bij Sara verdreven. En door aan het einde van de reis de gal van de vis op de blinde ogen van vader Tobit te smeren, kon hij direct weer zien.

Vanwege dit bijbelverhaal is de vis hét vaste kenmerk (attribuut) van de H. Rafaël geworden. Het symboliseert Gods kracht om via de natuur genezing en bevrijding te schenken aan de mens.

Gebedenbundel Heilige Aartsengel Rafaël

1. Het Noveengebed (Hoofdgebed)

O Glorrijke Aartsengel Sint Rafaël, medicijn van Gods liefde, kom mij te hulp en sta mij bij in al mijn noden en de beproevingen van dit aardse leven. U die de gids was van de jonge Tobias op zijn gevaarlijke reis en hem veilig en wel naar zijn ouders terugbracht, wees ook de gids en de beschermer van mijn levensreis.

Behoed mij voor alle gevaren van ziel en lichaam. Verdrijf de duisternis van de vijand en schenk mij de fysieke, mentale en spirituele gezondheid die ik zo hard nodig heb.

(Noem hier in stilte je persoonlijke intentie)

Heilige Rafaël, pijl van Gods liefde en helper van de zieken, ik smeek u om mijn smeekbede voor de troon van de Allerhoogste te brengen. Als het Gods heilige wil is, verkrijg dan voor mij de genezing en de genade waar ik vurig om vraag. Leer mij te vertrouwen op Gods voorzienigheid en leid mij, samen met de Heilige Maagd Maria, veilig naar ons hemelse vaderland. Amen.

Islam vs Christelijke traditie

Binnen de christelijke traditie is de H. Rafaël niet degene die de laatste trompet (of bazuin) blaast om de doden op te wekken. Het antwoord verschilt per religieuze traditie:

* In het christendom: De Bijbel noemt in 1 Tessalonicenzen 4:16 en 1 Korintiërs 15:52 wel "de laatste trompet" en "de stem van de aartsengel", maar noemt daarbij geen specifieke naam. In de eeuwenoude christelijke traditie en kunst wordt deze specifieke rol echter vrijwel altijd toebedeeld aan de Aartsengel Gabriël (als de ultieme heraut/boodschapper van God) of soms aan de Aartsengel Michaël (als leider van de hemelse legerscharen). Rafaël blijft in het christendom puur de engel van de genezing, gidsing en bescherming.

* In de islam (de uitzondering): Hier ligt het anders. Binnen de islamitische traditie gelooft men wél dat Rafaël — die daar Israfil wordt genoemd — de engel is die op de Dag des Oordeels op de bazuin zal blazen om het einde van de wereld en de daaropvolgende wederopstanding van de doden aan te kondigen.

Hoe vind je dit bericht? 1 stem
Geschreven door claudia om 06:04 Reageer op dit bericht

3/10 De driedaagse duisternis - John Martinez

3/10 De driedaagse duisternis - John Martinez

Joël 2:10-13: De aarde beeft, de hemel siddert, zon en maan worden duister, de sterren verliezen hun glans. De HEER verheft zijn stem voor zijn leger uit: zijn troepen zijn ontelbaar sterk, machtig zijn de uitvoerders van zijn bevel. Groot is de dag van de HEER, en angstaanjagend, wie kan die dag doorstaan? Maar roep nu de HEER aan – spreekt de HEER. Keer naar mij terug met heel je hart, door te vasten, te huilen en te rouwen. Scheur niet je kleren, maar je hart. Keer terug naar de HEER, jullie God, want hij is genadig en liefdevol, geduldig en trouw, en bereid het onheil te herroepen.

Joël 4:3-4: Ik zal tekenen geven aan de hemel en op aarde: bloed en vuur en rookzuilen. De zon verandert in duisternis en de maan in bloed, voor de dag van de HEER komt, die grote, ontzagwekkende dag.

2 Petrus 3:10: De dag van de Heer zal komen als een dief. De hemelsferen zullen die dag met luid gedreun vergaan, de elementen gaan in vlammen op, de aarde wordt blootgelegd en alles wat daarop gedaan is komt aan het licht. 

Matteüs 24:29: Meteen na de verschrikkingen van die dagen zal de zon verduisterd worden en de maan geen licht meer geven, de sterren zullen uit de hemel vallen en de hemelse machten zullen wankelen. 

God de Vader: Ik ben niet tevreden over de zondigheid en ongehoorzaamheid van Mijn schepping. Menselijke zonden, goddeloosheid, hoogmoed en opstand wekken Mijn toorn op. Mijn goddelijke rechtvaardigheid eist straf voor Mijn kinderen die het kwaad hebben omarmd, en voor goddeloze naties. Velen zullen zwaar lijden en beven door de gevolgen van hun zondige opstand.

Goddelijke rechtvaardigheid maakt deel uit van de door Mij geschapen orde en valt onder Mijn barmhartigheid en rechtvaardigheid. Ik bezit het volledige gezag om het licht te vormen en de duisternis te scheppen; Ik breng voorspoed en oefen rechtvaardigheid uit.

Ik breng duisternis met het oog op oordeel en openbaring, en om een ​​beslissend moment in Mijn verlossingsplan zichtbaar te maken. Het is een instrument dat Ik gebruik om Mijn wil te volbrengen. Het is niet Mijn verlangen om Mijn schepping te straffen of te tuchtigen. In de laatste dagen laat Ik beproevingen over de mensheid komen, voorafgaand aan de terugkeer van Mijn Zoon Jezus. De wereld zal in paniek raken wanneer de zon verduisterd wordt en de maan haar licht niet meer geeft.

 Direct na deze beproeving zullen de sterren vallen, en Ik zal hemelse tekenen zenden als aankondiging van Mijn oordeel en het einde van dit tijdperk. Duisternis zal de aarde bedekken, en Mijn heerlijkheid zal door al Mijn schepselen worden aanschouwd. De duisternis komt eerst, opdat Mijn heerlijkheid geopenbaard kan worden.

De voortdurende strijd tussen Mijn Koninkrijk van het Licht en het koninkrijk van de duisternis van Satan zal tot een einde komen. De duisternis die voorafgaat aan de wederkomst van Mijn Zoon zal leiden tot geestelijke blindheid, chaos en een opstand van de wereld onder invloed van Satan. Mijn heerlijkheid en de goddelijke aanwezigheid van Mijn genade zullen al het kwaad in de harten van Mijn kinderen verbreken. De mensheid zal getuige zijn van de boodschap van Mijn Zoon, en het Koninkrijk van het Licht zal zich uitbreiden tot aan Zijn terugkeer. Het koninkrijk van de duisternis zal worden vernietigd.

Dit is een tijd van beproeving. Ik vraag de uitverkorenen om standvastig te blijven in het licht van Jezus, terwijl de wereld zich in geestelijke duisternis bevindt. Wat Ik in deze dagen van schaduw zend, is geen straf, maar Mijn barmhartigheid die Ik in deze tijd toelaat. De duisternis die voorafgaat aan de komst van Mijn Zoon is niet toevallig. Het is een weloverwogen daad van Mijn liefde voor de gelovigen, met het oog op de vervulling van alle profetieën.

Ik openbaar het hemelse conflict en bereid de weg voor opdat Zijn glorie zal schijnen over Zijn volk wanneer Hij terugkeert. Wees alert en blijf wakker! Bereid jezelf voor op heiligheid. Ik ben bij je en Ik verlang naar jouw liefde en jouw omhelzing.

Wees niet bang!

Overweging:

De 'Drie Dagen van Duisternis' vormen een profetie uit een katholieke privé-openbaring. Deze beschrijft een periode van intense duisternis over de aarde, waarin de gelovigen worden opgeroepen tot gebed en geestelijke voorbereiding, terwijl de goddelozen worden geconfronteerd met een goddelijk oordeel.

De profetie, die vooral wordt toegeschreven aan de zalige Anna Maria Taigi (1768–1837), voorspelt dat de aarde gedurende drie dagen en nachten in volkomen duisternis zal worden gehuld. Gewone lichtbronnen zullen dan niet werken; alleen gewijde kaarsen zullen licht kunnen geven. Er wordt gezegd dat de lucht gevuld zal zijn met pestilentie en demonen in afschuwelijke gedaanten, en dat degenen die naar buiten gaan of door het raam kijken, zullen omkomen.

Gelovigen krijgen de instructie om binnenshuis te blijven, de rozenkrans te bidden en in deze tijd Gods barmhartigheid te zoeken. De vijanden van de Kerk zullen worden gestraft, met uitzondering van enkelen die door God tot bekering zullen worden gebracht.

Drie dagen van duisternis zullen de gehele wereld treffen. Het boek Openbaring vertelt ons dat deze deel uitmaken van een van de zeven schalen die door de engelen over de aarde worden uitgegoten: "En de vijfde goot zijn schaal uit over de troon van het Beest, en duisternis vulde zijn koninkrijk" (Openbaring 16:10). Vele mystici en zieners hebben bevestigd dat deze gebeurtenis zal plaatsvinden. De eerste in de geschiedenis die deze gebeurtenissen voorspelde, was de zalige Anna Maria Taigi – geboren Anna Maria Gianetti (1769-1837), een Italiaanse mystica en zieneres:

“Een ondoordringbare duisternis zal over de gehele wereld neerdalen, die drie dagen en drie nachten zal aanhouden. Niets zal zichtbaar zijn en de lucht zal besmet zijn met ziekten die vooral, maar niet uitsluitend, de vijanden van de religie zullen treffen. Tijdens deze duisternis zal geen enkel door de mens uitgevonden verlichtingsmiddel werken – alleen gewijde kaarsen zullen branden. Iedereen die uit nieuwsgierigheid een raam opent of zijn huis verlaat, zal ter plekke dood neervallen. Gedurende deze drie dagen dienen mensen in hun woning te blijven, de rozenkrans te bidden en God om barmhartigheid te smeken.

Alle vijanden van de Kerk, zowel de bekende als de onbekende, zullen tijdens deze universele duisternis omkomen, met uitzondering van een klein aantal dat God kort daarna tot bekering zal brengen. De lucht zal vol zijn van demonen die zich in uiteenlopende, afschuwelijke gedaanten zullen manifesteren.”

Mijn persoonlijke ervaring en visioen:

Begin jaren tachtig deden er veel geruchten de ronde over de 'Drie Dagen van Duisternis'. Er waren destijds nogal wat slecht geïnformeerde katholieken die lezingen gaven en dia's toonden over Padre Pio en de Drie Dagen van Duisternis; dit leidde tot veel angst en verwarring. Dit gebeurde in de beginfase van ons apostolaat. Mensen kwamen naar mij toe met vragen, maar ik had geen antwoorden, aangezien dit alles nieuw voor mij was. Velen geloofden erin en ondervonden de gevolgen van deze onjuiste opvattingen.

Ik bad en zocht naar onderscheidingsvermogen en leiding van God. Ik vroeg of deze gebeurtenissen werkelijk zouden plaatsvinden en of ze deel uitmaakten van Gods plan voor de eindtijd. Mensen kochten kaarsen, baden de rozenkrans, gingen naar de heilige mis, biechtten en ontvingen de sacramenten. Velen bedekten hun ramen met zwarte doeken, haalden wijwater en zout in huis, en verzamelden religieuze medailles en sacramentalia. Wat de mensen deden, leek op zichzelf goed (en was dat in feite ook), omdat het hen dichter bij God en de Kerk bracht.

Sommige goedbedoelende katholieken verkochten hun huis, gaven hun geld weg en spraken zelfs hun spaargeld aan. Na vijf jaar was er nog steeds niets gebeurd; sommigen raakten ontmoedigd en boos door wat zij beschouwden als een verkeerde koers. Sommigen verlieten de Katholieke Kerk en keerden zich van God af. Satan maakte gebruik van iets waarover door vele heiligen was geprofeteerd, en veranderde het in een afschuwelijke en misleidende gebeurtenis.

Vier jaar later:

Ik ontving een visioen in een droom.

In mijn visioen bevond ik me in mijn huis en hoorde ik buiten angstaanjagend geschreeuw. Alles in het huis trilde en schudde. Ik had een altaar voor gebed ingericht en mijn huis laten zegenen. We hadden verschillende bijenwas-kaarsen in huis staan ​​die gezegend waren en nu brandden. De aanwezigheid van Gods heilige engelen vulde ons huis, terwijl mijn hele gezin de rozenkrans bad. We hoorden gebonk op de deuren en ramen en roken buiten een nare geur van zwavel.

Ziekten en demonen verschenen in afschuwelijke gedaanten. We hoorden de stemmen van familieleden en bekenden – vrienden van ons – die vroegen of we de deuren wilden openen, maar wij wisten wel beter. Er heerste grote angst in ons huis, maar onze gebeden brachten vrede en harmonie. Het aanhoudende gehuil en de demonische kreten om hulp buiten hielden niet op. Het was angstaanjagend.

Het was erg lastig om te bepalen hoe laat het was of in welk jaargetijde we ons bevonden; het leek alsof de tijd had stilgestaan. Buiten vroor het extreem hard, en de kou drong door de ramen heen naar binnen. Iedereen in ons gezin zat onder dikke dekens, terwijl we bleven bidden en God prezen. Bijna niemand kon slapen. Ons geloof en ons vertrouwen waren volledig gericht op onze trouw aan God en ons vertrouwen in Hem. Na een lange tijd viel alles stil.

Nadat het buiten een paar uur lang vredig was gebleven, opende ik de voordeur en zag ik dat vrijwel elk huis in onze buurt was afgebrand en in as was veranderd. Ik was totaal verbijsterd toen ik aan de horizon een paar huizen zag staan ​​die nog volledig intact waren – onbeschadigd en onverwoest.

Toen ik naar buiten stapte, zag ik vlak voor onze deur een verbrande boomstam, die nog zo’n 60 centimeter boven de grond uitstak. Ik wist niet wat ik ervan moest denken. Maar toen overviel me een gevoel van kalmte: ik zag een klein, groen takje uit de boomstam tevoorschijn komen – een teken van leven. Ik keek omhoog en zag een hemelsblauwe lucht, met wolken in een stralend, hemels wit – alsof er een nieuwe schepping ontstond.

Terwijl ik naar boven bleef kijken, zag ik engelen die zaden van liefde over de aarde verspreidden. Zodra de zaden de grond raakten, begon de natuur te ontkiemen en ontstond er een prachtige, heilige omgeving: een nieuw paradijs. Ik riep mijn familie naar buiten om het geschenk te zien dat God ons schonk.

En toen werd ik wakker.

Vandaag geloof ik dat de 'Drie Dagen van Duisternis' een werkelijke gebeurtenis zijn die zal plaatsvinden na de grote verdrukking en vóór de wederkomst van Christus. Wanneer dit zal gebeuren? Dat weet ik niet.

Katholieke mystieke bronnen en heiligen

Andere mystici en heiligen hebben soortgelijke waarschuwingen geuit:

Marie-Julie Jahenny (1850–1941) benadrukte dat tijdens deze gebeurtenis uitsluitend kaarsen van 100% bijenwas zouden werken.

H. Maria van de Gekruisigde Jezus beschreef de gebeurtenis als een loutering die voorafgaat aan de triomf van het Onbevlekt Hart van Maria.

De profetieën van Garabandal maken eveneens melding van een "Grote Waarschuwing" die aan de duisternis voorafgaat en een laatste gelegenheid tot bekering biedt.

Perspectief van de Katholieke Kerk

De Katholieke Kerk erkent of bekrachtigt de "Drie Dagen van Duisternis" niet officieel als openbare openbaring. Het wordt beschouwd als een privéopenbaring; gelovigen mogen erover nadenken, maar zijn niet verplicht erin te geloven. De Kerk benadrukt het belang van onderscheidingsvermogen en gebed, en adviseert om privéopenbaringen te toetsen aan de Heilige Schrift. Dergelijke profetieën dienen veeleer aan te sporen tot geloof, bekering en morele waakzaamheid dan tot angst.

Richtlijnen voor voorbereiding Katholieken die de profetie serieus nemen, worden aangemoedigd om:

Gezegende kaarsen bij de hand te houden.

De rozenkrans en andere gebeden te bidden.

Hun woning te wijden met wijwater en sacramentalia.

Een leven van geloof, bekering en geestelijke paraatheid te leiden.

Bijbelse parallellen

Hoewel de Bijbel niet expliciet spreekt over drie dagen van duisternis als gebeurtenis in de eindtijd, worden er parallellen getrokken met: Exodus 10:21–23, waar Egypte tijdens de plagen drie dagen lang in duisternis gehuld was. Openbaring 6:12 en 16:10, waarin duisternis en het verduisterd raken van de zon worden beschreven, al wordt er niet specifiek gesproken over een tijdsduur van drie dagen. De profetie fungeert als een oproep om het geestelijk leven te verdiepen, met de nadruk op waakzaamheid, gebed en morele integriteit in afwachting van een goddelijke loutering en de uiteindelijke zege van het goede over het kwade.

Een van de bekendste uitspraken over deze gebeurtenis wordt toegeschreven aan de Italiaanse mystica zalige Anna Maria Taigi (1768–1837).  Er wordt gezegd dat zij het volgende heeft verklaard: “Over de gehele aarde zal een intense duisternis vallen die drie dagen en drie nachten zal duren. Niets zal zichtbaar zijn en de lucht zal bezwangerd zijn van een pestilentie die vooral – maar niet uitsluitend – de vijanden van de religie zal treffen. Tijdens deze duisternis zal het onmogelijk zijn om enig door mensen gemaakt licht te gebruiken, met uitzondering van gewijde kaarsen. Wie uit nieuwsgierigheid zijn raam opent om naar buiten te kijken, of zijn woning verlaat, zal ter plekke dood neervallen.

Gedurende deze drie dagen dienen mensen in hun woningen te blijven, de rozenkrans te bidden en God om barmhartigheid te smeken. Alle vijanden van de Kerk, of zij nu bekend zijn of onbekend, zullen tijdens deze universele duisternis over de gehele aarde omkomen, met uitzondering van enkelen die God spoedig tot bekering zal brengen. De lucht zal besmet zijn door demonen die in allerlei afschuwelijke gedaanten zullen verschijnen.”

Een andere mystica — Marie-Julie Jahenny (1850-1941) — zou hebben beweerd dat alleen kaarsen van 100 procent bijenwas effectief zijn. Dit heeft ertoe geleid dat er kaarsen van pure bijenwas worden verkocht aan katholieke huishoudens voor gebruik tijdens deze gebeurtenis.

Sommige katholieken maken zich grote zorgen over dit voorval; als het namelijk zou gebeuren zoals beschreven, zou dat angstaanjagend zijn.

Vervalsing rond Padre Pio: Eind jaren veertig werd de naam van de heilige Padre Pio (1887–1968) verbonden aan een brief waarin de 'Drie Dagen van Duisternis' werden ondersteund. De brief was echter in werkelijkheid geschreven door de 'Raad van Heroldsbach', een religieuze sekte in Duitsland die later door het Vaticaan werd verboden.[5] Sinds 1950 is deze vervalsing, die aan Padre Pio werd toegeschreven, herhaaldelijk aan de kaak gesteld door zowel de kapucijnerorde als het aartsbisdom Bamberg.

Pr Chris Alar: Wat gebeurt er werkelijk tijdens de Drie Dagen van Duisternis?

Opmerking: Ik raad u ten zeerste aan om te luisteren naar pater Chris Alar, die in de bovenstaande toespraak ingaat op de 'Drie Dagen van Duisternis'. In deze krachtige katholieke reflectie verkent hij de diepere betekenis van de Drie Dagen van Duisternis, aan de hand van inzichten die Pr Chris Alar vaker naar voren brengt. In plaats van zich te richten op angst of sensationele beweringen, nodigt deze video ons uit om naar de staat van onze ziel te kijken, het belang van bekering te overwegen en de levensveranderende kracht van Gods goddelijke barmhartigheid te ontdekken.

Ontdek hoe geestelijke duisternis ontstaat, waarom zoveel mensen onbewust van God afdwalen, en wat de Heilige Schrift en de katholieke leer zeggen over trouw blijven in tijden van verwarring. Leer waarom gebed, de heilige eucharistie, de biecht, de Heilige Schrift en vertrouwen in Jezus Christus de beste bescherming vormen tegen geestelijke duisternis.

Of u nu al eerder over de Drie Dagen van Duisternis hebt gehoord, of dat u zich voor het eerst in dit onderwerp verdiept: deze video zal u aanmoedigen om uw geloof te verdiepen, uw band met Christus te versterken en uw hart voor te bereiden — niet door angst, maar door hoop, heiligheid en een volledig vertrouwen in Gods barmhartigheid.

Wat zegt de Katholieke Kerk over de drie dagen van duisternis?

De 'drie dagen van duisternis' vormen een privéopenbaring die aan ons is doorgegeven via verschillende katholieke heiligen en mystici. Er wordt gezegd dat er een periode van drie dagen zal zijn waarin geen enkel licht schijnt en de hel op aarde zal losbreken. Of dit gebrek aan licht letterlijk of figuurlijk moet worden opgevat, is onderwerp van discussie. Ook wordt er gedebatteerd over de vraag of de drie dagen van duisternis zijn afgewend door oprecht berouw en boetedoening, dan wel of ze nog moeten komen.

Hoe dan ook, privéopenbaringen zijn niet bindend voor de gelovigen. Katholieken zijn vrij om van mening te verschillen over de vraag of de drie dagen van duisternis nog zullen plaatsvinden, of om ze als volledig symbolisch te beschouwen.

“Uiteindelijk zal mijn Onbevlekt Hart zegevieren”

Hoe vind je dit bericht? 2 stemmen
Geschreven door claudia om 05:42 Reageer op dit bericht

Geopolitieke situatie

10/10 Poetin reageert met "begrip" op voorstellen Trump om oorlog in Oekraïne te "de-escaleren"

Duitsland houdt vast aan sancties tegen Rusland na dieseldeal van Trump

Gemor in Amerikaanse politiek over dieseldeal Trump en Poetin

In de Verenigde Staten klinkt kritiek op het plan van president Trump om diesel uit Rusland te importeren. Dat kan Rusland geld opleveren om oorlog te voeren tegen Oekraïne, vinden critici.

Dieseldeal Trump brengt vrede "geen stap dichterbij", volgens Oekraïne: "Poetin ziet zwakte"

Trump: "Het is tijd dat Oekraïne een nieuwe president krijgt"

Trump wil dat Zelensky de aanvallen op Russische olieraffinaderijen een halt toeroept. Oekraïne valt die doelen aan om de inkomsten voor de Russische oorlogskas terug te dringen. "Hij kan maar beter stoppen, verdomme", zei Trump tegen verslaggevers in het Witte Huis. Zelensky heeft eerder gezegd daartoe bereid te zijn, maar alleen als Rusland in ruil zijn aanvallen op de Oekraïense energiesector staakt.

Britse premier verzekert Zelensky van "volledige solidariteit"

11/10 Na Amerikaanse dieseldeal: Rusland heft exportverbod gedeeltelijk op

Veiligheidsdiensten waarschuwen voor moorden op defensiebazen

Westerse inlichtingendiensten hebben kopstukken van de Europese defensiesector gewaarschuwd voor het toenemende risico op liquidatiepogingen door Rusland. 

Zelensky: "Zullen enkel stoppen met aanvallen op olie-raffinaderijen als Rusland geen energie-infrastructuur meer aanvalt"

Zelensky belooft verkiezingen te houden als Poetin instemt met een staakt-het-vuren van 60 dagen

Dronealarm leidt tot tijdelijke opschorting vliegverkeer op luchthavens in Moskou

12/10 VK en Canada steunen door Trump aangekondigd energiebestand

VS dreigen wapenleveringen aan Oekraïne te blokkeren als Kiev aanvallen op Russische raffinaderijen blijft uitvoeren

Duitse minister van Buitenlandse Zaken: “Rusland kan en zal de oorlog in Oekraïne niet winnen” Volgens de minister maken de Europese sancties het voor de Russische president Vladimir Poetin steeds moeilijker om de oorlog voort te zetten.

EU "bereid bestand rond aanvallen op energie-infrastructuur te steunen", maar twijfelt aan Rusland

Rusland zegt schip met militaire lading te hebben getroffen in Oekraïense havenstad Odessa

EU voegt 1.600 namen toe aan sanctielijst tegen Rusland: "Grootste uitbreiding sinds start van de oorlog"

Zelensky voorstander van aanvallen op Russisch datacenters: "Minder bots en meer ademruimte op sociale media"

Peskov verwerpt voorstel Zelensky: "We willen enkel langdurige vrede, geen staakt-het-vuren"

Zelensky verwacht geen prijsdaling door dieseldeal: "300.000 ton per maand, wat voor impact kan dat hebben?"

Kremlin biedt eendaags staakt-het-vuren aan voor Oekraïense verkiezingen

Litouwse premier wil meer Oekraïense aanvallen op Russische datacentra

13/10 Rusland en Oekraïne melden droneaanvallen op industriegebieden

Rusland blijft Oekraïense energie-infrastructuur aanvallen ondanks boodschap van Trump, meldt Zelensky

Nieuwe strijd om bevroren Russische miljarden op komst? Zelensky wil De Wever spreken in Brussel

14/10 Rusland meldt grootschalige aanval op Oekraïense energie- en communicatie-infrastructuur

Zelensky haalt uit na zware Russische aanvallen van vannacht: “Rusland heeft duidelijk gekozen om oorlog voort te zetten”

Kremlin beschuldigt Europa ervan oorlog in Oekraïne te willen voortzetten

NAVO-baas Rutte herhaalt booschap van generaal Grynkewich en waarschuwt Rusland: “Als ze zo dom zijn om ons aan te vallen, zullen ze wel zien wat we doen”

Oekraïne heeft datacenter van Russische staatsbank aangevallen

Dieseldeal tussen VS en Rusland kan deur openen naar verdere economische samenwerking, zegt Kremlin

15/10 Marine Le Pen wil na verkiezing financiële steun aan Oekraïne "na zes maanden" stopzetten

Musk wijst naar Amerikaanse overheid voor Starlink-beperkingen die Oekraïense drones treffen: “Amerikaanse leger en uiteindelijk president beslissen”

Waarom Kiev Russische raketten pas zag toen ze al vlakbij waren: “Dit kan Trump niet volhouden, of hij schiet zichzelf in de voet”

De oorzaak van die trage waarschuwing is schokkend: cruciale Amerikaanse inlichtingen bleven uit en het Starlink-netwerk werd met opzet vertraagd, waardoor Kiev koud werd gepakt.

Oekraïne gaat opnieuw Russische raffinaderijen aanvallen, zegt Zelensky: "We zijn er klaar mee"

Kremlin: "Russische diesel bereikt opnieuw wereldmarkt"

Zelensky in ons land aangekomen voor gesprekken met premier De Wever en koning Filip. Vrijdag maakt Zelensky zijn opwachting op de Europese top die momenteel in Brussel aan de gang is.

NAVO vergadert over droneaanvallen op Zwarte Zee

"Oekraïne-oorlog stopt niet zolang Poetin aan de macht is", denkt Kremlin-criticus Chodorkovski

Zelensky en Rutte spreken in Brussel over belang van energiebestand

16/10 "Witte Huis gaf bevel tot beperking Starshield voor Oekraïense drones"

De Wever: "Europa moet aan financiële noden Oekraïne voldoen"

Premier De Wever (N-VA) liet vannacht tijdens de persconferentie op de Eurotop weten dat hij met Zelensky gesproken heeft over de Belgische F-16's die ingezet worden in Oekraïne, maar ook over de financiële noden van Oekraïne.

Europese leiders verzekeren Zelensky van hun steun

Hoe vind je dit bericht? 1 stem
Geschreven door claudia om 13:07 Reageer op dit bericht

15/10 Waarom heeft Paus Leo XIV longkanker? - Pr James Manjackal MSFS

15/10 Waarom heeft Paus Leo XIV longkanker? - Pr James Manjackal MSFS

Jezus gaf mij de boodschap dat je door je lijden wordt gelouterd, en dat ook de gemeente – de leden van de gemeente – worden gelouterd. Daarom worden velen in deze tijd geroepen om te lijden.

Wat betekent het eigenlijk dat Jezus aan Zijn leden van Zijn mystiek lichaam vraagt om mede te lijden, want Zijn offer volstond ruimschoots.

Dit is een van de diepste mysteries uit de katholieke theologie. De kern van het antwoord is: Het medelijden van de gelovigen voegt niets toe aan de waarde van Christus' offer, maar is de manier waarop dat offer in de tijd vruchtbaar wordt gemaakt voor de wereld.

De apostel Paulus vat dit mysterie beroemd samen in de Bijbel: "Nu verblijd ik mij in het lijden dat ik voor u onderga, en wat nog ontbreekt aan de verdrukkingen van Christus, vul ik in mijn vlees aan ten behoeve van zijn lichaam, dat is de kerk." (Kolossenzen 1:24).

Dit betekent het concreet volgens de katholieke traditie:

1. Het offer van Christus is volmaakt en oneindig

Katholieken geloven onvoorwaardelijk dat het offer van Jezus aan het Kruis ruimschoots volstond om de hele mensheid te verlossen. Niets wat een mens doet, kan iets toevoegen aan de oneindige verdienste van Zijn bloed. Jezus behoeft onze hulp niet om te redden; Zijn genade is absoluut en volkomen.

2. Het Mystiek Lichaam is één organisme

Omdat de Kerk het Mystiek Lichaam van Christus is, is Jezus het Hoofd en zijn de gelovigen de ledematen. Wanneer het Hoofd lijdt, lijden de ledematen mee. Maar het omgekeerde geldt ook: wanneer een lidmaat lijdt in eenheid met Christus, krijgt dat lijden deel aan de bovennatuurlijke kracht van het Hoofd. Jezus kiest er in Zijn liefde voor om Zijn verlossingswerk niet buiten ons om te voltrekken, maar samen met ons.

3. De toepassing van de genade (Medeverlossing)

Er is een theologisch verschil tussen het verwerven van de verlossing en het toepassen ervan:

Verwerven: Dit deed Jezus alleen, eens en voor altijd op Golgotha.

Toepassen: Jezus nodigt Zijn Kerk uit om mee te werken aan de verspreiding van die genade. Door ons eigen dagelijks lijden – groot of klein – bewust te "offeren" en te verbinden met het Kruis, mag het dienen tot bekering van zondaars en de troost van anderen.

4. Lijden wordt omgevormd tot liefde

Vóór Christus was lijden louter een tragisch gevolg van de zondeval. Door Zelf te lijden, heeft Jezus het lijden van binnenuit omgevormd tot een instrument van de liefde. Als Hij ons vraagt mee te lijden, vraagt Hij ons eigenlijk om mee te herstellen en mee lief te hebben. Het is de ultieme uiting van intieme verbondenheid: Hij deelt Zijn zwaarste en meest heilige werk met degenen die Hij bemint.

 

Hoe vind je dit bericht? 3 stemmen
Geschreven door claudia om 12:20 Reageer op dit bericht

16/10 Scheuren in Europese eenheid - Niburu

16/10 Scheuren in Europese eenheid - Niburu

De Bulgaarse premier Rumen Radev neemt openlijk afstand van de Europese koers tegenover Rusland.
En dat is toch wel een behoorlijke dreun voor het oorlog zoekende EU kartel en Yesilgöz in het bijzonder.

Terwijl Brussel kritiek uit op een Amerikaans-Russische dieselovereenkomst, benadrukt Radev dat Europa vooral wordt getroffen door de hoge energieprijzen. Ook Oekraïense aanvallen op Russische raffinaderijen kunnen volgens hem averechts uitpakken.

Tijdens een tweedaagse EU-top in Brussel heeft de Bulgaarse premier Rumen Radev zich uitgesproken tegen de Europese kritiek op een onlangs aangekondigde dieselovereenkomst tussen de Verenigde Staten en Rusland. Daarmee kiest hij een andere koers dan veel van zijn Europese collega’s, die de overeenkomst zien als een voordeel voor de Russische president Vladimir Poetin.

‘Weten jullie wat op dit moment ons grootste probleem in Europa is? De hoge brandstofprijzen’, zei Radev tijdens de bijeenkomst.

De premier maakte duidelijk dat iedere stap die de brandstofprijzen kan verlagen en het Europese bedrijfsleven concurrerender kan maken, wat hem betreft welkom is. Daarmee verdedigde hij indirect de overeenkomst waarover in Europese politieke kringen de nodige onrust is ontstaan.

De uitspraken kwamen op een moment waarop Europese leiders worstelen met oplopende energiekosten, de concurrentiepositie van de Europese economie en de gevolgen van de groeiende Chinese export.

Voor Radev staat daarbij het economische belang voorop. Hoge brandstofprijzen raken niet alleen automobilisten, maar verhogen ook de kosten van transport, productie en landbouw. Uiteindelijk betalen consumenten een deel van die rekening via hogere prijzen voor goederen en diensten.

Zijn boodschap wijkt daarmee af van de benadering van Europese politici die vooral kijken naar de politieke gevolgen van afspraken met Moskou. Zij vrezen dat economische samenwerking Rusland helpt om de oorlog in Oekraïne voort te zetten.

De Europese buitenlandchef Kaja Kallas verwoordde die kritiek tijdens de top. Zij noemde de dieselovereenkomst een ‘geschenk’ aan Poetin en stelde dat Rusland daar weinig tegenover heeft gezet. Volgens Kallas gaan de Russische aanvallen op burgers en civiele infrastructuur gewoon door en functioneert het aangekondigde staakt-het-vuren niet zoals gehoopt.

Radev legt echter een ander accent: zolang de energieprijzen blijven stijgen, kan Europa zich volgens zijn benadering niet veroorloven economische belangen volledig ondergeschikt te maken aan geopolitieke standpunten.

De Bulgaarse premier nam ook afstand van Oekraïense aanvallen op Russische olieraffinaderijen en energiecentrales. Die aanvallen zijn volgens de EU bedoeld om de Russische energievoorziening en daarmee ook de financiering van de oorlog te verzwakken.

‘Ik steun aanvallen op geen enkele raffinaderij’, verklaarde Radev. Hij trok daarbij een vergelijking met Russische aanvallen op energiecentrales in Oekraïne.

Volgens de premier raken dergelijke aanvallen uiteindelijk ook de Europese landen zelf, onder meer doordat ze de energieprijzen verder kunnen opdrijven.

Daarmee sluit zijn standpunt gedeeltelijk aan bij de bezwaren van de Amerikaanse president Donald Trump, die Oekraïne onder druk heeft gezet om aanvallen op Russische energie-installaties te beperken.

De politieke koerswijziging in Bulgarije krijgt extra gewicht doordat Radev aan het hoofd staat van een nieuwe regering. Zijn partij, Progressief Bulgarije, won de verkiezingen in april.

Radev heeft duidelijk gemaakt dat hij een andere benadering van de oorlog in Oekraïne wil. Hij is kritisch over wapenleveringen en betwijfelt of het conflict kan worden opgelost door steeds meer zware wapens naar Oekraïne te sturen. In plaats daarvan wil zijn regering meer nadruk leggen op vrede en onderhandelingen.

Dat is een gevoelige koerswijziging binnen de NAVO. Bulgarije ligt aan de zuidoostelijke flank van het bondgenootschap en maakt deel uit van zowel de NAVO als de Europese Unie. Een regering die meer afstand neemt van de gebruikelijke Europese lijn tegenover Rusland, kan daardoor invloed uitoefenen op de onderlinge eensgezindheid.

Radev heeft zich bovendien herhaaldelijk kritisch uitgelaten over wat hij ziet als buitensporige Europese bemoeienis, klimaatmaatregelen en sancties tegen Rusland. Hij verwijt Europese leiders dat zij soms meer bezig zijn met politieke en morele standpunten dan met de praktische gevolgen van hun beleid.

 

Hoe vind je dit bericht? 1 stem
Geschreven door claudia om 11:59 Reageer op dit bericht

14/10 Leer opbouwen in plaats van afbreken - Christine

14/10 Leer opbouwen in plaats van afbreken - Christine

De Heer: Kinderen, jullie zullen deze pijnlijke tijden, die zijn voorzegd en die eraan komen, alleen kunnen doorstaan ​​als jullie Mijn wil doen en niet die van jezelf. Mijn wil is Licht; die van jullie is duisternis. Wandel met de herdersstaf die Ik jullie aanreik; breng Mijn geboden van liefde in de praktijk, en jullie zullen leven. De wereld stort zich in opstand en zal verloren gaan. Volg de wilde beesten niet, maar zoek de stilte op en geef jezelf, met een biddend hart, over aan Mijn allerheiligste wil; deze zal jullie bevrijden en redden.

Wat kan geweld anders voortbrengen dan chaos? Het is tijd om op te bouwen, niet om af te breken. Betreed niet de paden van de Boze; trap niet in zijn valstrikken, maar ga erlangs en kom naar Mijn voorhoven om raad en kracht te zoeken. Ik zeg jullie dit, en Ik zal het blijven herhalen: Ik wacht op jullie in Mijn voorhoven om het Dageraad in jullie harten te brengen en jullie te bevrijden uit de valstrikken van de Boze – namelijk geweld, vernietiging en opstand. Word bouwers en vormgevers, dan zal de Zon van Gerechtigheid in jullie huizen verblijven. Alles wat van beneden komt, is opstand; alles wat van Boven komt, draagt ​​het Zegel van het leven dat vrucht voortbrengt.

Ik kom, kinderen, om de Mijnen op te zoeken en hen te beschermen onder Mijn mantel. Ik kom om de schapen van de bokken te scheiden en de schapen naar het 'Melkwegpad' van Mijn hemelse heerlijkheid te leiden, hen te vervullen met Mijn Woord en hen te bevrijden van de leugenaars.

Mijn kinderen, alleen door gebed en overgave zullen jullie de weg vinden – de weg die in jullie harten de vrucht van het leven voortbrengt en leidt tot overgave aan Mijn goddelijke wil in jullie ziel.

Geweld – waar kan dat toe leiden? Denk na, Mijn kinderen; handel niet vanuit woede of door eisen te stellen. Leer opbouwen in plaats van afbreken; stop ermee de duisternis kracht te geven door jullie voortdurende opstandigheid. Ik dring er bij jullie op aan om te bidden, steeds opnieuw te bidden, en jullie leven over te geven aan Mijn goddelijke wil – een wil van liefde en vrede. Weten jullie dan nog niet dat geweld geweld oproept en dat haat haat aanwakkert? Word bouwers en werp alles ver van jullie af wat tot vernietiging leidt. Er zal een tijd van terreur aanbreken als jullie luisteren naar de stem van de Boze, die uit is op chaos.

Kom bidden in Mijn voorhoven en geef jullie over aan Mijn Goddelijke Wil. Ik wacht op jullie; Ik roep jullie. Ik draag het Zegel van Mijn Hart op jullie voorhoofd, en Ik roep jullie op om Mij te volgen. Jullie zullen alleen rust vinden als jullie Mijn weg volgen; maar als jullie in opstand komen, als jullie in de voetsporen treden van de Leugenaar, zullen jullie geen rust vinden en jezelf verliezen.

Kinderen, Ik heb jullie nodig – Ik heb jullie overgave aan Mijn Goddelijke Wil nodig – om de wereld te vernieuwen met het Vuur van de liefde.

Ik wacht op toekomstige discipelen en roep hen op om de kracht van het leven in hun hart te dragen. Mijn kinderen, het kwaad zal niet zegevieren, maar jullie moeten het wel bestrijden en vernietigen. Alleen zij die Mijn weg afwijzen, die Mijn geboden van liefde aan hun laars lappen en die de spot met Mij drijven door het kwaad, de vernietiging en het geweld te omarmen, zullen de dood ingaan. Ik ben gekomen om vrede naar de wereld te brengen, maar weinigen – zeer weinigen – hebben Mijn weg gevolgd, de weg van overgave aan Mijn Goddelijke Wil. Liefde roept liefde op; geweld roept geweld op en zaait geweld.

Word bouwers van kathedralen – en jullie zijn stuk voor stuk kleine kathedralen als jullie naar Mijn stem luisteren en Mijn weg volgen! Ik roep Mijn toekomstige discipelen op om hun eigen wil op te geven, Mijn weg te bewandelen, naar Mijn stem te luisteren en Mijn Wil te volbrengen.

Ik kom om de aarde en de hemel te verenigen en een Nieuwe Aarde voort te brengen – een Aarde van Vuur, een Aarde van het Verbond. Er zullen winden en getijden zijn; er zullen stormen zijn; er zullen cyclonen zijn – en dit alles zal komen om alles wat niet van Mij afkomstig is, weg te vagen en ver weg te voeren, diep de aarde in. Ik kom om vrede en het verbond naar de wereld te brengen; Ik kom om de zaaiers van tweedracht en de leugenaars te verdrijven. Ik kom om de aarde te tooien met Mijn geuren van liefde en om er duizenden uitbarstingen van liefde te laten opbloeien, opdat zij wordt verkwikt en wordt voorzien van het Zegel van Mijn liefde, het Zegel van Mijn tederheid en de goddelijke geur van de Waarheid die de Mijne is. Dan zal er grote vreugde op aarde zijn, en allen die chaos zaaien zullen vluchten; zij zullen verdwijnen, meegevoerd door de winden en de getijden, en elk spoor van hen zal uitgewist worden. Dan zal de Wind van de Liefde opsteken en zal een nieuwe Dageraad aanbreken, die een nieuwe aarde voortbrengt en een Vuur in de harten ontsteekt.

Kinderen, treed binnen in Mijn Goddelijke Wil, en gij zult het ware Leven leiden — het ware Leven dat de 'Ik Ben' is.

Kinderen, in het gebed zult gij de liefde ontdekken en in het gebed zult gij overgave leren; in het gebed zult gij op Mijn pad wandelen, en Ik zal uw stappen in de Mijne plaatsen, zodat gij Mijn weg kunt volgen en niet van het pad zult afdwalen.

Kinderen, Ik ben de Wachter, en Ik kom om uw zielen te wekken voor Mijn Goddelijke Wil. Luister naar Mijn stem en gij zult leven; treed in de voetsporen van Mijn stappen, en gij kunt niet dwalen. Waakt en bid te allen tijde, bidt en waakt!

Ik ben bij u voor de eeuwigheid. Mogen vrede en vreugde in uw woningen verblijven!

Hoe vind je dit bericht? 3 stemmen
Geschreven door claudia om 11:49 Reageer op dit bericht

9/10 Overweeg in je meest wanhopige momenten Psalm 23. – Chantal Magby

9/10 Overweeg in je meest wanhopige momenten Psalm 23. – Chantal Magby

Kom tot Mij, jullie wier rug gebogen gaat onder het gewicht van alle lasten die jullie dragen, en Ik zal jullie rust schenken. Word soldaten voor Mijn Moeder, en Ik zal zorgen voor rust voor jullie zielen.

Ik laat jullie vrede na; Ik geef jullie Mijn vrede. Laat je hart niet verontrust of bevreesd zijn door het gewicht van je zorgen. Maak je geen zorgen over de dag van morgen, want elke dag heeft genoeg aan zijn eigen zorgen.

Ik zie je tranen en Ik ken je lijden; leg je angsten in Mijn handen, zodat Mijn allerheiligste Moeder je namens Mij kan zegenen. Mijn liefde voor jou zal niet veranderen, wat je zonden ook mogen zijn; rust in Mij, want Ik loop altijd aan jouw zijde.

Overweeg in je meest wanhopige momenten Psalm 23. Dan zal Ik je horen en komen om je innerlijke vrede te schenken. Dank dat je er bent voor Mijn Moeder; dank dat je in haar gelooft als Maria, Moeder van de christelijke naastenliefde.

JULLIE HEER JEZUS CHRISTUS.

Psalm 23

De HEER is mijn herder, het ontbreekt mij aan niets. Hij laat mij rusten in groene weiden en voert mij naar vredig water, hij geeft mij nieuwe kracht en leidt mij langs veilige paden tot eer van zijn naam.

Al gaat mijn weg door een donker dal, ik vrees geen gevaar, want u bent bij mij, uw stok en uw staf, zij geven mij moed.

U nodigt mij aan tafel voor het oog van de vijand, u zalft mijn hoofd met olie, mijn beker vloeit over.

Geluk en genade volgen mij alle dagen van mijn leven, ik keer terug in het huis van de HEER tot in lengte van dagen.

 

Hoe vind je dit bericht? 4 stemmen
Geschreven door claudia om 11:43 Reageer op dit bericht

15/10 OLVrouw openbaart hoeveel engelen haar voortdurend beschermen - Uniquely Mystic

15/10 OLVrouw openbaart hoeveel engelen haar voortdurend beschermen - Uniquely Mystic

OLVrouw openbaart aan de eerbiedwaardige Maria van Ágreda hoeveel engelen zij tot haar beschikking had, die haar dienden en beschermden. Het getal is eigenlijk nogal schokkend; als je er echt bij stilstaat, zijn de implicaties voor ons zeer ingrijpend. Misschien verklaart dit wel waarom we zoveel problemen in ons leven ervaren, waarom we niet groeien in deugdzaamheid en gebed, en waarom we onszelf niet werkelijk OLVrouw zien navolgen, ook al zeggen we dat we van haar houden.

Luister maar: Bij dit voorstel van de Allerhoogste – waarbij de engelen vernamen welke taken hun werden toevertrouwd – wierpen alle H. engelen zich neer voor de koninklijke troon van de Allerheiligste Drie-eenheid. Zij betuigden hun bereidwilligheid en ijver om het goddelijk bevel op te volgen. In heilige wedijver verlangde ieder van hen ernaar om voor deze gezegende dienst te worden aangesteld, en zij boden zich er allen voor aan. Zij allen loofden de Almachtige en dankten Hem met nieuwe lofzangen, omdat het uur was aangebroken voor de vervulling van datgene waar zij gedurende vele eeuwen zo vurig om hadden gebeden.

Ik begreep bij die gelegenheid dat, vanaf het moment van de grote strijd van de H. Aartsengel Michaël tegen de draak en zijn trawanten – waarbij laatsten in de eeuwige duisternis werden gestort, terwijl de scharen van Michaël zegevierend en bevestigd in genade en glorie achterbleven – deze heilige geesten onmiddellijk begonnen te bidden voor de vervulling van de mysteriën van de menswording van het Woord, waarvan zij op dat moment kennis hadden gekregen. Zij bleven volharden in deze aanhoudende gebeden, tot het uur aanbrak waarop God hun de vervulling van hun verlangens en smeekbeden openbaarde.

 Daarop koos en benoemde de Allerhoogste, uit elk van de negen engelkoren, degenen die belast zouden worden met deze verheven taak: de hoede over Maria. Hij selecteerde er telkens honderd, wat in totaal op negenhonderd engelen neerkwam. Bovendien wees Hij 12 anderen aan die Maria op een bijzondere wijze in lichamelijke en zichtbare gedaante moesten bijstaan; zij droegen de emblemen of wapenschilden die symbool staan ​​voor de verlossing. Dit zijn de 12 engelen die in het 21e hoofdstuk van de Openbaring worden genoemd als bewakers van de poorten van de stad.

Daarnaast wees de Heer 18 andere engelen aan, gekozen uit de hoogste koren, die via de mystieke ladder van Jakob op en neer moesten gaan om boodschappen van de Koningin naar Zijne Majesteit te brengen, en boodschappen van de Heer naar haar over te brengen. Naast al deze H. engelen stelde de Almachtige 70 serafijnen aan — eveneens gekozen uit de hoogste rangen, die zich het dichtst bij de Godheid bevinden — opdat zij met deze Hemelse prinses zouden kunnen communiceren en spreken, op dezelfde wijze als zij onderling met elkaar omgaan en zoals hogere engelen met lagere communiceren.

Dit voorrecht werd aan de Moeder Gods verleend omdat zij op aarde als pelgrim zou verblijven; hoewel zij naar haar natuur lager was dan de serafijnen, overtrof zij hen in waardigheid en genade. Om dit onoverwinnelijke leger van strijders goed toe te rusten, werd de H. Aartsengel Michaël, de vorst van de Hemelse milities, aan hun hoofd gesteld. Hoewel hij niet voortdurend in het gezelschap van de Koningin verkeerde, bevond hij zich toch vaak in haar nabijheid en verscheen hij herhaaldelijk aan haar. De Almachtige bestemde hem tot een bijzondere gezant van Christus, onze Heer, en gaf hem de taak om bij bepaalde mysteriën op te treden als verdediger van Zijn H. Moeder.

Op vergelijkbare wijze werd de H. vorst Gabriël aangesteld als afgezant en dienaar van de eeuwige Vader in zaken die de Hemelse prinses betroffen. Zo droeg de allerheiligste Drie-eenheid zorg voor de bewaking en verdediging van de Moeder Gods. Terwijl ik dit las, kwam het volgende in mij op. Ik meen dat Padre Pio — of een andere heilige of mysticus — dit heeft gezegd. Er werd gezegd dat als we het aantal demonen zouden kunnen zien dat zich op enig moment om ons heen bevindt, dat aantal zo enorm zou zijn dat ze de zon volledig zouden bedekken. Ze zouden de hele hemel verduisteren. Zoveel zijn het er.

We worden constant aangevallen door kwaadwillende mensen die ervoor hebben gekozen om het kwaad te dienen, en daarnaast door demonen. Als we dat aantal zouden kennen – misschien wel duizenden – zouden we geen oog meer dichtdoen, zouden we kampen met angst en zouden we wensen dat we duizend engelen om ons heen hadden. En bedenk eens: als zij – die vol van genade was, vele gaven had ontvangen, uiterst heilig was, al duizend engelen nodig had, hoeveel hebben wij er dan wel niet nodig, wij die lang niet zo geweldig zijn? Hebben wij er misschien nog wel meer nodig, ook al verdienen we er eigenlijk minder?

De uitdaging is dus: hoe staat het met onze huidige toewijding aan de H. engelen? Wat die toewijding ook is, ze kan altijd beter; ze is in feite ontoereikend. Ik denk dat we – zonder enige twijfel – direct moeten beginnen met het verdiepen van onze toewijding aan onze beschermengel.

Daarnaast zouden we een of alle drie Aartsengelen wier namen we kennen, dagelijks moeten aanroepen – als een vast onderdeel van onze dagelijkse routine – en een vorm van verering voor de negen engelenkoren moeten ontwikkelen. We hebben hun hulp nodig. Zonder hun hulp kunnen we in dit leven niet overleven. Waarschijnlijk worden we al op verschillende manieren door hen geholpen, maar die hulp mag best toenemen. Misschien denk je, wanneer ik dit soort dingen zeg: O hemel, ik heb het al zo druk.

Maar het lijkt mij dat, als we deze engelen aanroepen om ons te beschermen en te helpen, ons werk juist gemakkelijker zal worden. Denk bijvoorbeeld aan de H. Isidorus de Landbouwer: wanneer hij stopte om het Angelus – het gebed van de engelen – te bidden, gebeurde het dat zijn beschermengelen, of andere engelen, zijn werk op het land voor hem deden. Mensen zagen dan hoe het gereedschap op onzichtbare wijze werd gehanteerd – maar door wie? Door engelen!

We moeten dus afstappen van de gedachte dat meer gebed automatisch een zwaardere last betekent. Integendeel, het verlicht juist onze lasten. Vrienden, we zouden eigenlijk versteld moeten staan ​​van de enorme hoeveelheid hulp die OLVrouw van engelen ontving. En we zouden onszelf moeten afvragen: wat doe ik eigenlijk? Ik moet hen vaker aanroepen. Ik moet leren wie ze zijn en wat ze doen; ze zijn immers allemaal heel verschillend. En hoe kan ik ervoor zorgen dat ik in mijn eigen leven nog meer van hun hulp mag ontvangen?

Vraag onze Vrouwe, de Koningin van de engelen, om je de Heilige Geest te schenken zodat je dit kunt begrijpen en profijt kunt hebben van hun hulp; zodat het leven mooier en vruchtbaarder kan worden – niet per se gemakkelijker maar wel zo dat we meer bescherming van hen mogen ontvangen.

Traditioneel gebedje tot onze beschermengel

Engel van God, die mijn bewaarder zijt, aan wie de goddelijke goedheid mij heeft toevertrouwd, verlicht, bewaar, geleid en bestuur mij. Amen.

Ángele Dei, qui custos es mei, me, tibi commíssum pietáte supérna, illúmina, custódi, rege et gubérna. Amen

Dankgebed tot de Heilige Beschermengel

Heilige Beschermengel, Hemelse vriend en trouwe gids, met een diep dankbaar hart keer ik mij tot u. Ik dank u voor uw onophoudelijke zorg en uw liefdevolle aanwezigheid in mijn leven. Dank u dat u mij altijd goede ingevingen geeft en mijn geest fluisterend naar het goede leidt, en dat u mijn gebeden trouw voor de troon van God brengt om ze met uw voorspraak te versterken.

Ik dank u dat u mij liefdevol bijstaat in al mijn pijn en lijden, dat u mij helpt om elke dag te groeien in heiligheid, en dat u mij met zachtmoedigheid en geduld bijstuurt waar ik struikel of dwaal. Dank u dat u onafgebroken over mij waakt wanneer ik slaap, dat u alle kwade krachten en verleidingen ver van mij houdt, en dat u mijn schild bent dat mij beschermt in elk gevaar naar ziel en lichaam.

Leid mij standvastig voort op de weg die ons brengt naar de Hemel. Schenk mij de genade om u daar eens van aangezicht tot aangezicht te zien en met u te praten, bevrijd van alle aardse zorgen. Laat die Hemelse ontmoeting het begin zijn van een eeuwigheid waarin wij samen God dank kunnen zeggen en Hem loven en prijzen voor Zijn oneindige goedheid.

Amen.

Hoe vind je dit bericht? 2 stemmen
Geschreven door claudia om 11:23 Reageer op dit bericht

14/10 De tijd is kort! - Unknown Prophet

14/10 De tijd is kort! - Unknown Prophet

Eric, de kleinzoon van Fred Watkins: Ik ontving dit woord op 5/10. Ik keek naar een video over een atheïst die christen was geworden en over zijn ervaring daarmee. Midden in die video werden mijn gedachten plotseling onderbroken.Het was alsof de gedachten die van de Heilige Geest kwamen, al mijn eigen gedachten overstemden; ik had er totaal geen controle over. Het gebeurde gewoon. Terwijl ik daar zat, hoorde ik: "De tijd is kort." Ik hoorde het zo abrupt, zo helder en zo dringend dat mijn lichaam er zelfs van ineenkromp. Ik voelde de kracht die erachter zat – de kracht achter die woorden.

Daarna ging ik douchen, en toen ik onder de douche vandaan kwam, hoorde ik het opnieuw: "De tijd is kort." Mijn eigen gedachten werden weer volledig onderbroken. Deze keer reageerde mijn lichaam niet fysiek, maar ik wist dat het belangrijk was. Uiteindelijk liep ik mijn kamer in, en binnen een minuut of twee nadat ik het voor de laatste keer had gehoord, hoorde ik Hem opnieuw zeggen: "De tijd is kort." Ik besefte dat het dringend was, omdat het bleef terugkeren en herhaald werd.

Ik geloof dat de Heer woorden en boodschappen die belangrijk voor je zijn, blijft herhalen totdat je er uiteindelijk op reageert. Ik denk niet dat het verkeerd is om de Heer om een ​​bevestiging te vragen als je het gevoel hebt dat Hij tot je spreekt. Ik wilde dus zeker weten of dit niet mijn eigen gedachten waren. Daarom zei ik tegen de Heer: "Vader, als dit van U komt – als dit werkelijk van U afkomstig is – wilt U het dan voor mij bevestigen, zoals U al zo vaak eerder hebt gedaan, door middel van een bijbelvers?"

Ik sloot mijn ogen, ging rustig zitten en richtte me op de Heer. Toen zag ik Zacharia 9. Nu ben ik niet zo heel erg bekend met het boek Zacharia; ik lees er wel eens uit, maar over Zacharia 9 wist ik eigenlijk niets. Ik zocht Zacharia 9 direct op in mijn bijbel-app, en dit is wat er in Zacharia 9:9 staat. Het kopje boven de tekst luidt: "De komst van de koning van Sion." Er staat: "Juich uitbundig, dochter van Sion! Juich, dochter van Jeruzalem! Zie, je koning komt naar je toe; hij is rechtvaardig en zegevierend, nederig, rijdend op een ezel, op een veulen, het jong van een ezelin."

Meteen maakte mijn hart een sprongetje – het sprong echt op van vreugde. Ik wist op dat moment dat dit een geweldige bevestiging van de Heer was, en ik was er zo dankbaar voor. En dus zei ik, zoals geschreven staat in 1 Samuël 3: "Spreek, Heer, want uw dienaar luistert." Eigenlijk zei ik: "O Vader, spreek, want uw dienaar luistert." Ik was zo ontzettend enthousiast! En de Heer begon onmiddellijk te spreken: "Mijn Zoon, jullie Koning, komt spoedig. Hij kwam naar jullie toe in een stal en werd in een kribbe gelegd.

Hij arriveerde in Jeruzalem op een veulen, zo nederig als een mens maar kan zijn, maar Zijn terugkeer zal schitterend zijn. Hij zal terugkeren als Koning van de hele aarde en alles wat daarop is. Want Hij – Mijn Zoon, in wie Ik altijd een welbehagen heb gehad – heeft elke kroon verdiend die op de hoofden van de koningen der aarde rust. Hij zal regeren in barmhartigheid en genade, precies zoals Hij op aarde leefde: vol barmhartigheid en genade. Hij zal komen bij het klinken van een bazuin, gevolgd door vurige wagens. Zijn terugkeer zal glorieus zijn, en die tijd is nabij.

Ik heb al eerder gezegd dat de tijd kort is, maar nu is het moment dat door Mij is voorbeschikt – en dat alleen bij Mij bekend is – werkelijk aangebroken. Ik heb velen van Mijn volk geroepen tot een nieuw doel en hun de tijd gegeven om degenen te bereiken die nog niet de kans hebben gehad om redding te ontvangen door Mijn Zoon, Jezus. Of zij naar Mijn stem luisterden of niet, lag bij henzelf; het was hun eigen keuze. Maar degenen die gehoor hebben gegeven aan Mijn roep, hebben een grote uitbreiding gezien en zullen Mijn voorspoed blijven ontvangen.

Ik heb behoefte aan mensen die gehoorzamen – mensen die luisteren naar Mijn instructies en Mijn geboden opvolgen. Zij zijn het die de grootste schatten uit de Hemel zullen ontvangen. Want zij zijn als de dienaar met de tien talenten. Verberg je talenten niet." (En even tussendoor: hoewel de Heer hier spreekt over de gelijkenis van de talenten, geloof ik dat Hij hiermee ook bedoelt: "Verberg in deze tijd je werkelijke talenten, je gaven en je zalvingen niet.") Terug naar het woord: "Nee, begraaf ze niet." Want Ik heb niets aan een talent dat geen vrucht voortbrengt. Ik heb niets aan een talent dat zich niet vermenigvuldigt.

Ik heb niets aan een dienaar die zo bang is om te falen, dat hij weigert te gehoorzamen. Ik houd van al Mijn kinderen, maar Ik zal degenen inzetten die bereid zijn om trouw te investeren in de uitbreiding van Mijn koninkrijk. Mijn volk moet dit horen. Zij moeten weten dat de tijd werkelijk is aangebroken. Zij moeten zoeken naar een visie. Zij moeten zoeken naar een doel. Zij moeten zoeken naar Mijn stem. De tijd is kort, en zelfs met deze wetenschap zullen niet allen gehoor geven aan deze woorden. Ik breng een grote overdracht van rijkdom teweeg voor degenen onder Mijn volk die deelnemen aan Mijn plannen.

 Nee, niet iedereen heeft hetzelfde vermogen, maar dit weet Ik: het gaat er niet om hoeveel je fysiek of mentaal kunt doen. Het gaat erom hoeveel invloed je geestelijk kunt uitoefenen. Keer terug naar Mij, o Mijn arbeiders, want dit is de tijd van de oogst. Bereid jezelf voor. De tijd is nabij. Roep tot Mij en Ik zal antwoorden. Schreeuw naar Mij en Ik zal horen. Verlang naar Mij en Mijn Geest zal je vervullen met een nieuw doel. Wacht niet langer, want de tijd is nabij. Hij komt, en het zal wonderbaarlijk zijn.

Maar het zal ook een dag zijn van groot beven en angst voor velen die de waarheid niet inzien. Elke knie zal zich buigen en elke tong zal belijden dat Jezus de Heer is. Mijn volk, hoor Mijn stem. Luister nu naar Mijn instructies. Roep tot Mij. Zoek Mijn aangezicht. Zoek Mijn Hart. En Ik zal je de instructies geven waar je zo naar verlangt. Dit is de tijd. Dat is het woord van de Heer. En de Heer zei: "Mijn volk moet dit horen." Ik denk dat je dit nog veel vaker zult horen: dat de tijd werkelijk nabij is. Ik geloof oprecht dat Jezus eerder zal terugkeren dan we waarschijnlijk denken.

Het enige wat ik wil vragen is dat jullie in eensgezindheid blijven bidden voor dit land, voor jullie eigen landen en voor jullie leiders – waar zij zich ook bevinden – opdat zij tot gerechtigheid mogen komen en met wijsheid gaan leiden.

 

 

Hoe vind je dit bericht? 1 stem
Geschreven door claudia om 10:57 Reageer op dit bericht

12/10 Pr Ripperger: Vasten - 3

Vragen: * Wat betreft de leeftijd waarop men moet beginnen met vasten – dan heb ik het over vasten, niet over onthouding? De leeftijd werd in ieder geval verlaagd naar 18 jaar. In het huidige kerkelijk wetboek is die leeftijd verlaagd naar 18. * Is het niet zo dat je nog steeds een volle aflaat kunt krijgen als je een mis bijwoont, mits je binnen een week hebt gebiecht, de heilige communie hebt ontvangen en daarnaast een vroom werk verricht, zoals het bidden van de rozenkrans of iets dergelijks? Ja, al moet de rozenkrans dan wel in gezinsverband worden gebeden. Maar inderdaad, je kunt die aflaat nog steeds verkrijgen. Elke dag.

Welke zijn de aflaten?

Volgens de richtlijnen van de katholieke omroep EWTN (gebaseerd op het officiële handboek van de Kerk, het Enchiridion Indulgentiarum), moet er altijd eerst aan een aantal vaste basisvoorwaarden worden voldaan voordat een volle aflaat verdiend kan worden. Pas als aan die voorwaarden is voldaan, activeert een van de specifieke aflaatwaardige werken de volledige kwijtschelding van de restschuld.

De 4 basisvoorwaarden

Om misverstanden te voorkomen benadrukt EWTN dat deze vier zaken voor iedere volle aflaat verplicht zijn:

* Volledige onthechting van zonde: De innerlijke gesteldheid dat je besloten hebt om zelfs geen enkele dagelijkse (kleine) zonde meer te willen doen.

* Sacramentele Biecht: Het ontvangen van de absolutie in de biechtstoel (dit mag tot ongeveer 20 dagen vóór of na het aflaatwaardige werk; één biecht volstaat voor meerdere aflaten).

* Eucharistische Communie: Het ontvangen van de communie (dit moet voor elke aflaat apart gebeuren, bij voorkeur op de dag zelf).

* Gebed voor de intenties van de Paus: Minimaal één Onzevader en één Weesgegroet bidden ter ondersteuning van de paus (eveneens apart te verrichten voor elke aflaat).

Let op: Per dag kan er in principe slechts één volle aflaat worden verdiend (behalve op het sterfbed).

De lijst van manieren volgens EWTN

EWTN verdeelt de specifieke daden die recht geven op een volle aflaat in dagelijkse handelingen, specifieke momenten in het jaar en bijzondere omstandigheden:

Vier dagelijkse handelingen (Het hele jaar door)

Deze vier daden kunnen elke dag opnieuw een volle aflaat opleveren:

* Aanbidding van het Allerheiligste: Minimaal 30 minuten devoot bidden voor het uitgestelde Sacrament (de Hostie in de monstrans) of voor het tabernakel.

* Lezen in de Heilige Schrift: Minimaal 30 minuten vroom lezen in de Bijbel, met de juiste spirituele intentie.

* De Kruisweg bidden: Het persoonlijk langsgaan van de 14 staties van de Kruisweg in een kerk of buiten (indien je fysiek verhinderd bent, volstaat 15 minuten meditatie over het lijden van Christus).

* De Rozenkrans bidden in gemeenschap: Het bidden van ten minste 5 tientjes (mysteries) van de Rozenkrans, mits dit gebeurt in een kerk, een openbare kapel, of samen in gezinsverband of een vereniging.

Specifieke momenten in het liturgisch jaar

Goede Week:

* Witte Donderdag: Het devoot zingen of geboden van het Tantum Ergo na de avondmis tijdens het overbrengen van het Sacrament.

* Goede Vrijdag: Deelnemen aan de plechtige Kruisverering tijdens de liturgie.

* Paaswake: Het bewust en gemeenschappelijk vernieuwen van de doopbeloften.

Pinksteren: Het publiekelijk uitgenodigd voor het zingen van de hymne Veni Creator Spiritus om de Heilige Geest af te smeken.

Zondag van de Goddelijke Barmhartigheid (Beloken Pasen): Deelnemen aan de specifieke devoties voor de Goddelijke Barmhartigheid in een kerk, of voor het Sacrament het Onzevader en de Geloofsbelijdenis geboden met de toevoeging van een vroom gebeden tot de Barmhartige Jezus.

Allerzielen (1 t/m 8 november): Devoot bezoeken van een begraafplaats tussen 1 en 8 november en daar in stilte geboden voor de overledenen (deze aflaat is enkel verspreid op de zielen in het vagevuur). Op 2 november gebeurde dit ook voor een vroom bezoek aan een kerk met het geboden van het Onzevader en de Geloofsbelijdenis.

Bijzondere levensgebeurtenissen

* Eerste Heilige Communie: Zowel voor de persoon die hem voor het eerst ontvangt, als voor de aanwezigen die de ceremonie devoot bijwonen.

* Eerste Mis van een priester: Aanwezig zijn bij de volledige plechtige Heilige Mis van een nieuwgewijde priester.

* Priesterjubilea: Bijwonen van de Mis waarin een priester zijn 25-, 50- of 60-jarige wijdingsjubileum viert.

* Deelname aan een Volksmissie: Het horen van de preken tijdens een parochiemissie en aanwezig zijn bij de plechtige sluiting ervan.

Locaties en Wijdingen

* Portiuncula-aflaat (2 augustus): Het bezoeken van een parochiekerk of franciscaanse kerk en daar het Onzevader en de Geloofsbelijdenis geboden.

* Feest van de Heilige Stichter: Het bezoeken van een kloosterkerk op de officiële feestdag van de heiligverklaarde stichting van die specifieke orde.

* Kerkwijding: Het bezoeken van een kerk of altaar op de verjaardag van de inwijding ervan.

Bijzondere situaties

* De Pauselijke Zegen (Urbi et Orbi): Het ontvangen van de zegen van de pauze, ook wanneer dit live gevolgd wordt via televisie, radio of internet.

* Sterfbed: Als er geen priester beschikbaar is om de Apostolische Zegen te geven, is de Kerk op het moment van sterven een volle aflaat aan iedere gelovige die tijdens het leven de gewoonte had om te geboden (de voorwaarde van biecht en communie vervalt hier logischerwijs door overmacht).

* Heilige Jaren (Jubeljaren): Specifieke pelgrimstochten naar aangewezen basilieken of het oorspronkelijke van specifieke werken van barmhartigheid en boete zoals door de paus.

Wat is een volksmissie

Een volksmissie (ook wel parochiemissie genoemd) is een historische, intensieve spirituele campagne binnen een katholieke parochie om het geloof van de lokale bevolking te vernieuwen en te verlevendigen. Je kunt het vergelijken met een grootschalige, religieuze 'opfriscursus' of herbronning voor een heel dorp of een complete stadswijk.

Het fenomeen beleefde zijn absolute hoogtepunt tussen de 17e eeuw en het midden van de 20e eeuw (de tijd van je grootmoeder).

Hoe verliep een volksmissie?

Een volksmissie werd niet geleid door de eigen, vertrouwde pastoor, maar door speciale gastpredikanten (vaak paters Redemptoristen, Jezuïeten, Franciscanen of Capucijnen). Zij stonden bekend om hun indrukwekkende en vurige preekstijl.

Het evenement duurde meestal één tot twee weken en legde het hele openbare leven in een dorp tijdelijk plat. Het programma was intensief:

* Elke dag preken: Er waren dagelijks meerdere sermoenen (preken), vaak opgesplitst voor specifieke doelgroepen (zoals aparte preken voor mannen, voor vrouwen, en voor de jeugd).

* Oproep tot bekering: De paters spraken vurig over zonde, de hel, het vagevuur, de dood en Gods barmhartigheid. Het doel was om de mensen diep te raken en aan te sporen tot bekering.

* Massa-biecht: De biechtstoelen zaten dagenlang propvol. Het was de bedoeling dat werkelijk iedereen in het dorp grondig ging biechten en de communie ontving.

* Gezamenlijke rituelen: Er werden grote processies gehouden, er werd samen gezongen, en aan het einde van de missie werd er vaak een groot missiekruis opgericht tegen de buitenmuur van de kerk of op het kerkplein als blijvende herinnering.

Waarom gaf dit een volle aflaat?

Omdat een volksmissie een periode was van radicale bekering en massale biecht, stimuleerde de Kerk dit initiatief enorm. De gelovigen die de preken trouw bijwoonden en deelnamen aan de plechtige sluitingsceremonie, konden (en kunnen nog steeds) onder de gebruikelijke voorwaarden (biecht, communie, gebed voor de paus) een volle aflaat verdienen om hun openstaande straffen kwijt te schelden.

Hoewel het in onze streken in de traditionele vorm bijna niet meer voorkomt, herinneren de grote houten kruisen aan veel oude Belgische en Nederlandse kerkmuren nog altijd aan de volksmissies van vroeger.

Zijn er dingen die je op je eentje kunt doen om aflaten te verdienen

Binnen het officiële Handboek der Aflaten (Enchiridion Indulgentiarum) zijn er tal van krachtige spirituele werken die je volledig op je eentje — thuis, in de natuur of in een stille kerk — kunt volbrengen om een aflaat te verdienen. Je bent hierbij dus niet afhankelijk van een gemeenschap, een priester of een specifieke groepsbijeenkomst (behalve voor de algemene voorwaarden zoals de biecht en communie).

De belangrijkste handelingen die je individueel kunt verrichten, worden onderverdeeld in volle en gedeeltelijke aflaten:

Individuele werken voor een Volle Aflaat

Dit zijn de vier krachtigste dagelijkse handelingen die je alleen kunt doen. Onthoud dat je deze moet combineren met de vier basisvoorwaarden (biecht, communie, gebed voor de paus en volledige onthechting van zonde):

* Een half uur Bijbellezen: Het op je eentje devoot lezen en overwegen van de Heilige Schrift gedurende minimaal 30 ononderbroken minuten. De Bijbeltekst moet wel officieel door de Kerk zijn goedgekeurd.

* Een half uur Aanbidding: In je eentje in een kerk of kapel gaan zitten en minimaal 30 minuten in stilte bidden of mediteren voor het Tabernakel (waarin Jezus aanwezig is) of voor de uitgestelde Hostie.

* De Kruisweg bidden: Het in je eentje langsgaan van de 14 staties in een kerk of op een kruiswegpark (bijvoorbeeld in een kloostertuin). Je moet hierbij fysiek van statie naar statie bewegen en devoot mediteren over het lijden van Christus.

Uitzondering bij ziekte: Ben je om gezondheidsredenen aan bed of huis gebonden? Dan volstaat het om 15 minuten devoot te mediteren over het lijden van Jezus terwijl je een kruisbeeld vasthoudt.

Individuele werken voor een Gedeeltelijke Aflaat

Voor een gedeeltelijke aflaat hoef je niet aan de strenge voorwaarde van "volledige onthechting van zonde" te voldoen. Telkens wanneer je een van deze handelingen op je eentje stelt met een vroom hart, schenkt de Kerk je een kwijtschelding van een deel van je tijdelijke straffen:

* De Rozenkrans bidden: Hoewel de volle aflaat voor de rozenkrans eist dat je hem in groep of in een kerk bidt, verdien je een gedeeltelijke aflaat wanneer je in je eentje op de bank, in de auto of tijdens een wandeling vijf tientjes (mysteries) van de rozenkrans bidt.

* Korte, vrome schietgebeden: Het gedurende de dag in stilte uitspreken van korte gebeden. Denk aan het aanroepen van de Heilige Namen ("Jezus, Maria, Jozef"), het bidden van het Angele Dei (gebed tot de Engelbewaarder), of de Akte van Geloof, Hoop en Liefde.

* Vroom gebruik van een sacramentale: Het maken van een kruisteken met wijwater, of het devoot dragen of kussen van een gezegend voorwerp zoals de Wonderdadige Medaille of het Bruine Scapulier.

* Het Angelus (De Engel des Heeren) bidden: Dit traditionele gebed in je eentje bidden, met name rond de klassieke tijden van 6:00 uur, 12:00 uur of 18:00 uur.

* Zelfgekozen daden van naastenliefde en opoffering: Wanneer je in het dagelijks leven op je eentje — gedreven door geloof — een offer brengt. Bijvoorbeeld: anoniem geld schenken aan een arme, vrijwillig een lekker hapje of drankje laten staan (onthouding), of een vervelend klusje opknappen zonder te klagen.

** De apostolische zegen (of het apostolisch pardon) is een volle aflaat die men ontvangt op het moment van overlijden. Wanneer de priester je de apostolische zegen geeft, geldt het volgende: als je vanaf het moment dat je deze ontvangt tot aan je dood geen enkele zonde meer begaat, dan wordt de volle aflaat toegekend op het moment van je overlijden. Hierdoor hoef je in feite niet naar het vagevuur, omdat de Kerk volledig in de nodige genoegdoening voorziet. Dit is een gebed dat de priester kan uitspreken.

De apostolische zegen bij het sterfbed

De apostolische zegen bij het sterfbed (ook wel het apostolisch pardon genoemd) is een specifieke zegen in de Katholieke Kerk die aan een stervende wordt gegeven en waaraan een volle aflaat is verbonden. Dit betekent dat niet alleen de zonden worden vergeven (zoals bij de biecht), maar dat ook alle tijdelijke straffen voor de zonden in het vagevuur volledig worden kwijtgescholden. Het doel is om de ziel rechtstreeks naar de hemel te laten gaan.

De zegen maakt traditioneel deel uit van de 'Laatste Sacramenten' (de ziekenzalving en het viaticum/de laatste communie). Hoe kun je het krijgen?

Je kunt deze zegen op twee manieren ontvangen:

* Via een priester (normale weg): Een priester bezit de gedelegeerde volmacht van de Apostolische Stoel om deze zegen aan het sterfbed te geven. De stervende moet (indien mogelijk) biechten, de communie ontvangen en oprecht berouw tonen. Als de stervende niet meer bij bewustzijn is, kan de priester de zegen alsnog geven als aangenomen mag worden dat de persoon dit gewenst zou hebben.

* Zonder priester (in noodsituaties): Als er in het stervensuur absoluut geen priester bereikbaar is, verleent de Kerk deze volle aflaat zelf aan de stervende. De voorwaarden zijn dan dat de persoon gedoopt is, in staat van genade verkeert (berouw heeft), en tijdens het leven de gewoonte had om te bidden. Het gebruik van een kruisbeeld of kruisje is hierbij aanbevolen.

Wat is de formule?

Volgens het officiële Kerkelijk Handboek (het Rituale Romanum) kan de priester kiezen uit twee Nederlandse formules (vaak ook in het Latijn uitgesproken). Dit zijn de twee officiële Nederlandse formules voor het apostolisch pardon, zoals de priester ze volgens het liturgisch handboek aan het sterfbed uitspreekt.

De priester mag kiezen welke van de twee hij gebruikt. Bij beide formules maakt hij bij het kruisteken (+) een kruisbeweging over de stervende.

Formule 1 (De nadruk op de verlossing)

Deze formule richt zich op de mysteries van Christus' verlossing en vraagt specifiek om de opening van de hemelpoort.

* Nederlandse tekst:"Moge de almachtige God zich ontfermen over u. Moge Hij u door de heilige geheimen van de verlossing van de mensheid bevrijden van alle straffen van dit leven en het toekomstige leven. Moge Hij de poorten van het paradijs voor u openen en u binnenleiden in de eeuwige vreugde. Amen."

* Latijnse tekst (ter vergelijking):"Per sacrosancta humanae reparationis mysteria, remittat tibi omnipotens Deus omnes praesentis et futurae vitae poenas, paradisi portas aperiat et ad gaudia te sempiterna perducat. Amen."

Formule 2 (De nadruk op de apostolische volmacht)

Deze formule sluit het dichtst aan bij de juridische en geestelijke taal van de biecht, waarin de priester expliciet zijn van de paus ontvangen volmacht gebruikt om de straffen kwijt te schelden.

* Nederlandse tekst:"Krachtens de volmacht die mij door de Apostolische Stoel is verleend, schenk ik u een volle aflaat en de vergeving van al uw zonden, in de naam van de Vader en de Zoon + en de Heilige Geest. Amen."

* Latijnse tekst (ter vergelijking):"Ego facultate mihi ab Apostolica Sede tributa, indulgentiam plenariam et remissionem omnium peccatorum tibi concedo, in nomine Patris, et Filii, + et Spiritus Sancti. Amen."

** Je moet de gewoonte van het vasten ontwikkelen. Wat ik meestal aanbeveel, hangt af van waar iemand staat. Sommige mensen kunnen direct beginnen met vasten – waarbij ze bijvoorbeeld het ontbijt en de lunch overslaan en pas bij het avondeten weer eten. Maar voor velen is dat te zwaar; zij moeten het langzaam opbouwen. Ik adviseer hen dan: "Houd de komende twee maanden de vastenregels van de Kerk aan – dat betekent op woensdag en vrijdag slechts één volledige maaltijd en twee kleinere maaltijden (die samen geen volledige maaltijd vormen). Doe dit in ieder geval op die dagen, misschien zelfs ook op zaterdag." Sommige tradities hanteren ook de maandag, maar laten we uitgaan van de woensdag en vrijdag. Zodra ze daar meer bedreven in zijn geworden, zeg ik: "Schrap nu een van die kleinere maaltijden." Zo werk je toe naar het punt waarop ze nog maar één maaltijd per dag nuttigen. Als ze dat eenmaal redelijk consistent volhouden – bijvoorbeeld vijf of zes dagen per week – kun je op een gegeven moment voorstellen om een ​​'zwart vasten' (een strikt vasten) van drie dagen te doen, waarbij men enkel brood en water, of zelfs alleen water, consumeert. Hierbij moet je natuurlijk wel goed op je elektrolytenbalans letten. Een vriend van mij besloot bijvoorbeeld dat hij het 'vasten van Christus' wilde volgen. Hij was nogal corpulent, dus ging hij eerst naar zijn arts. De arts zegt: "O ja, je kunt hier wel 40 dagen zonder eten. Dit is wat je moet doen om je elektrolyten in de gaten te houden. Let op dit en dat, enzovoort. Als je dit probleem krijgt, zorg dan dat je naar het ziekenhuis gaat, maar als je het zo aanpakt, komt het helemaal goed." Hij heeft 41 en een halve dag geen vast voedsel gegeten.

Het is dus mogelijk. Hij viel in die periode 25 kilo af. Maar het punt is dat we vaak denken dat er allerlei dingen zijn die we niet kunnen. Historisch gezien, in het Westen, gebeurde het wel eens dat mensen twee of drie dagen niets aten en daarna een grote maaltijd nuttigden – simpelweg omdat er geen eten beschikbaar was of omdat ze er niet aan konden komen. Vandaag de dag heerst het idee: als ik niet drie maaltijden per dag krijg, kom ik in de problemen. Maar dat is absoluut niet het geval. Er is ook een angst voor lijden. Het punt is dat mensen de gewoonte moeten ontwikkelen om te vasten. Ze moeten het langzaam opbouwen. Ik laat ze dus daarmee beginnen en bouw het vervolgens op tot een bepaald punt. Het belangrijkste is dat ze in het begin niet te hard van stapel lopen, omdat hun lichaam er nog niet aan gewend is; er geldt namelijk het principe dat het lichaam zich aanpast aan de werking van de ziel. Wanneer je vast, moet je lichaam zich aanpassen om dat te kunnen volhouden. Je kunt immers niet zomaar direct aan dergelijke extreme vormen beginnen; je moet het geleidelijk opbouwen.

Die persoon die 40 dagen vastte – die heeft dat waarschijnlijk opgebouwd door zo nu en dan periodes van drie of vijf dagen te vasten.

* Zijn er ook periodes in de liturgische kalender waarin juist niet gevast mag worden? Dat klopt. Bij sommige religieuze ordes geldt dat bijvoorbeeld voor de gehele kersttijd,

en bij andere ordes beperkt het zich tot het octaaf van Kerstmis, toch? 41:59

En dan heb je natuurlijk ook nog het octaaf van Pasen. Ja.

Zijn er nog andere momenten, zoals... het octaaf van Pinksteren? Oké. Het gaat dus om een ​​reeks dagen, toch?

Ja, dat klopt. Het punt is dat octaven van de eerste klasse doorgaans niet gepaard gingen met vasten of onthouding.

En wat betreft... ik zou moeten opzoeken hoe men daar in het verleden precies mee omging, maar...

...als bepaalde feesten van de eerste klasse op een vrijdag vielen, was je niet gebonden aan de vasten- of onthoudingsregels – anders dan nu het geval is. Soms kom je namelijk mensen tegen die denken dat ze heiliger zijn dan de rest en daarom toch blijven vasten.

Maar zo denkt de Kerk er niet over.

Wanneer niet mag gevast worden

Binnen de Katholieke Kerk zijn er duidelijke kerkelijke regels (vastgelegd in het Kerkelijk Wetboek of de Codex Iuris Canonici) over wanneer je niet mag vasten of wanneer je vrijgesteld bent van de vastenplicht.

De regels maken onderscheid tussen liturgische dagen waarop het verboden is, en persoonlijke omstandigheden waarin men dispensatie heeft.

1. Dagen waarop vasten liturgisch verboden of opgeheven is

Volgens de kerkelijke wetgeving is boetedoening (waar vasten onder valt) expliciet niet toegestaan op dagen van grote liturgische vreugde:

* Alle zondagen: De zondag is de wekelijkse herdenking van de Opstanding van Christus. Zelfs tijdens de 40-dagentijd (de vastenperiode voor Pasen) wordt er op de zes zondagen nooit gevast. De veertigdagentijd duurt in kalenderdagen eigenlijk 46 dagen, juist omdat de zondagen eruit worden gefilterd.

* Hoogfeesten (Solemnitates): Volgens Canon 1251 vervalt de verplichting tot onthouding of vasten wanneer een vrijdag samenvalt met een liturgisch hoogfeest. Voorbeelden hiervan zijn Kerstmis, Allerheiligen, of de aankondiging van de Heer (Maria Boodschap). Als zo'n feest op een vrijdag valt, mag en moet er gevierd worden in plaats van gevast.

* Paastijd en Kersttijd: Tijdens de liturgische seizoenen van pure vreugde (de vijftig dagen tussen Pasen en Pinksteren, en de Kerstperiode) kent de Kerk geen officiële vastenvoorschriften.

2. Personen die op basis van leeftijd zijn vrijgesteld

De Kerk legt de wet van het vasten (slechts één volledige maaltijd per dag) en de onthouding (geen vlees eten) niet aan iedereen op:

* Jongeren onder de 18 jaar: De strikte vastenwet geldt pas vanaf de meerderjarigheid. Wel geldt de wet van de onthouding (het laten staan van vlees of een andere luxe) al vanaf 14 jaar. Kinderen onder de 14 hoeven volgens de wet niet te vasten.

* Ouderen vanaf 60 jaar: Zodra iemand de leeftijd van 59 jaar heeft voltooid (en dus 60 wordt), vervalt de kerkelijke plicht om te vasten op Aswoensdag en Goede Vrijdag.

3. Medische en fysieke uitzonderingen (Dispensatie)

De kerkelijke wet stelt uitdrukkelijk dat de gezondheid en de plichten van iemands levensstaat altijd voorgaan. Men mag (en moet soms) het vasten breken of overslaan bij:

* Ziekte en kwetsbaarheid: Zieken, chronisch zieken, en mensen met een zwakke gezondheid zijn volledig vrijgesteld van de vasten- en onthoudingswetten. Vasten mag de gezondheid nooit in gevaar brengen.

* Zwangere vrouwen en moeders die borstvoeding geven: Vanwege de zorg voor het (ongeboren) kind is vasten voor hen niet toegestaan.

* Zware lichamelijke arbeid: Mensen die door hun beroep extreem zwaar fysiek werk moeten leveren en hun kracht niet kunnen missen, hoeven niet te vasten.

* Gasten en reizigers: In traditionele zin waren reizigers onderweg die afhankelijk waren van de gastvrijheid van anderen vrijgesteld, om te voorkomen dat zij aangeboden voedsel moesten weigeren.

Het eucharistisch vasten

Het eucharistisch vasten is de kerkelijke regel dat katholieken gedurende een bepaalde tijd vóór het ontvangen van de heilige communie niets eten of drinken. Dit gebruik is bedoeld als een daad van eerbied en om jezelf geestelijk en lichamelijk voor te bereiden op de ontmoeting met Christus.

Dit zijn de huidige officiële regels (volgens Canon 919 van het Kerkelijk Wetboek):

De huidige regels

* Tijdsduur: Je moet minstens één uur vóór de communie vasten.

Let op: Dit uur gaat in vanaf het moment dat je de communie daadwerkelijk ontvangt, dus niet vanaf het begin van de heilige mis. Omdat de communie meestal pas na zo'n 30 tot 45 minuten plaatsvindt, betekent dit in de praktijk dat je vaak tot vlak voor het begin van de mis nog iets mag eten.

* Water en medicijnen: Zuiver water en medicijnen breken het vasten nooit. Deze mag je dus altijd nemen, tot op het allerlaatste moment.

Uitzonderingen (Wie hoeft niet te vasten?)

De Kerk is hier heel mild in. De verplichting van het eucharistisch vasten vervalt volledig voor:

Ouderen van gevorderde leeftijd.

* Zieken en mensen die aan een zwakte lijden.

* Verzorgers die voor deze zieken of ouderen zorgen en daardoor niet aan het uur kunnen voldoen.

* Priesters die op dezelfde dag een tweede of derde mis moeten opdragen (zij hoeven alleen vóór hun eerste mis te vasten).

Historische achtergrond (Vroeger)

Vóór de vernieuwingen van het Tweede Vaticaans Concilie in de jaren 60 was deze regel veel strenger.

* Vanaf middernacht: Tot 1953 moest men vanaf middernacht volledig nuchter blijven (geen eten en zelfs geen water).

* Drie uur: Paus Pius XII bracht dit in 1957 terug naar een verplichte periode van drie uur voor vast voedsel en alcohol.

* Eén uur: Paus Paulus VI heeft de regel in 1964 uiteindelijk versoepeld naar het huidige ene uur, om het voor gelovigen makkelijker te maken vaker de communie te ontvangen.

Hoe vind je dit bericht? 3 stemmen
Geschreven door claudia om 01:19 Reageer op dit bericht

12/10 Pr Ripperger: Vasten - 2

Vasten en onthouding vormen een van de fundamenten van het geestelijk leven. Tegenwoordig denken mensen vaak dat ze heilig kunnen worden zonder daar echt serieus werk van te maken – maar dat zal simpelweg nooit gebeuren. Sterker nog: mensen die langdurig vasten, worden daar weliswaar zeer bedreven in, maar als dat te lang aanhoudt, kunnen ze merken dat hun innerlijk geestelijk leven juist verzwakt of verwatert. Er is nog één ander onderwerp dat ik in deze lezing wil bespreken en dat gaat over aflaten.

Ik zal me specifiek richten op de situatie zoals die was vóór de hervormingen door paus Paulus VI. Vóór die wijzigingen bestonden er verschillende soorten aflaten. Er was uiteraard het onderscheid met de 'volle' (plenaire) aflaat, wat inhoudt dat de tijdelijke straf die op een zonde staat, volledig wordt kwijtgescholden. 'Plenair' betekent dus 'volledig'; daarnaast bestonden er ook 'gedeeltelijke' aflaten.

Het aantal plenaire aflaten dat destijds beschikbaar was, lag overigens aanzienlijk hoger; er waren er destijds veel meer van. Vóórdat de zaken – eh, door politieke invloeden – veranderden, stonden de meeste aflaten opgetekend in wat men de Raccolta noemde. In dat boek kon je het merendeel van de gebeden vinden waaraan een aflaat verbonden was – al kwam je ze elders in de Kerk ook wel eens tegen. Er stonden zaken in de Raccolta die, mits uitgevoerd op bepaalde momenten, een volle (plenaire) aflaat konden opleveren.

Daarnaast kende men ook het zogenaamde toties quoties – een soort manier om een ​​volledige aflaat te verkrijgen. Men was niet per se beperkt tot slechts één volledige aflaat per dag. Bij het toties quoties-principe – bijvoorbeeld tijdens jubileumjaren, wanneer er een 'Heilige Deur' werd geopend – betekent de term letterlijk: "zo vaak als je het doet" (oftewel: telkens wanneer je de handeling verricht, ontvang je de aflaat). Wat dit in feite betekent, is dat je kunt biechten en de Heilige Communie kunt ontvangen. Vervolgens gingen mensen door de 'Heilige Deur' – een handeling die vereist was om een ​​volledige aflaat te verkrijgen.

Ze gingen de kerk binnen, baden voor de intenties van de Heilige Vader om zo een aflaat te verdienen, en gingen dan weer naar buiten om het proces te herhalen. Soms deden ze dit wel 10 of 20 keer. Deze aflaten waren uiteraard niet voor de persoon zelf bedoeld maar werden toegepast op de zielen in het vagevuur. Hierdoor konden zielen veel sneller – of in veel grotere getale – het vagevuur verlaten.

Het punt is dat er destijds veel meer mogelijkheden waren om een ​​volledige aflaat te verkrijgen. Gedeeltelijke aflaten werden onderverdeeld in jaren, maar er bestond ook zoiets als 'quarantines'. Deze 'quarantines' werden afgeschaft door Paulus VI. Het idee was – en dit kom je tegen in oudere boeken – dat bij een gedeeltelijke aflaat werd gesproken over bijvoorbeeld 100 jaar, 7 jaar of 300 dagen aan boetedoening. Het gaat hier dan om 300 dagen aan gedeeltelijke aflaat. Wat de meeste mensen niet beseffen, is dat ze denken dat dit neerkomt op 300 dagen in het vagevuur. Dat is niet wat het betekent.

Het betekent dat men in de vroege Kerk bepaalde vormen van boetedoening oplegde – specifieke openbare boetedoeningen die verricht moesten worden voor bepaalde zonden, en wel gedurende een vastgesteld aantal jaren. Als je bijvoorbeeld in de vroege Kerk overspel pleegde – als ik het me goed herinner – dan bestond de boetedoening uit zeven jaar openbare boete. Openbare boete, dus niet zomaar even een paar Weesgegroetjes bidden. Het ging om zeven jaar lang vasten, onthouding en allerlei andere verplichtingen. Het was een zeer serieuze aangelegenheid.

Toties quoties

De Latijnse juridische term toties quoties betekent letterlijk "zo vaak als" of "telkens wanneer".

* Betekenis bij aflaten: Het duidde een zeldzame, specifieke categorie van volle (plenaire) aflaten aan die een gelovige meerdere malen per dag kon verdienen.

* Hoe werkte het? Normaal gesproken kan een volle aflaat (die alle openstaande straffen in één keer kwijtscheldt) slechts één keer per dag worden verkregen. Bij een toties quoties-aflaat mocht de gelovige de voorgeschreven handeling — bijvoorbeeld het bezoeken van een specifieke kerk en daar bidden voor de paus — die dag herhalen. Telkens wanneer men de handeling opnieuw verrichtte, verdiende men wéér een volle aflaat (die men dan vaak opdroeg aan de zielen in het vagevuur).

* Huidige status: Sinds de vernieuwingen van de aflaatleer na het Tweede Vaticaans Concilie is dit principe afgeschaft. Een volle aflaat kan sindsdien nog maar strikt één keer per dag worden verdiend.

Quarantines (in de context van aflaten)

Hoewel het woord quarantaine tegenwoordig direct geassocieerd wordt met medische isolatie, had het meervoud quarantines in de traditionele aflaatleer een heel andere, kwantitatieve betekenis. Het woord stamt af van het Latijnse quadraginta, wat veertig betekent.

* Betekenis bij aflaten: Een 'quarantine' stond gelijk aan een kwijtschelding van een straf die overeenkwam met veertig dagen van zware, canonieke openbare boetedoening (zoals het strikte vasten in de middeleeuwen).

* Hoe werkte het? Tot 1967 werden gedeeltelijke aflaten uitgedrukt in dagen of jaren (bijvoorbeeld: "een aflaat van 7 jaar en 7 quarantines"). Dit betekende niet dat de ziel letterlijk 7 jaar en 280 dagen korter in het vagevuur hoefde te zitten. Het betekende dat de Kerk uit haar spirituele genadeschat een hoeveelheid straf kwijtscheldde die gelijkstond aan de spirituele waarde van 7 jaar en 7 periodes van 40 dagen aan traditionele, zware aardse boete.

* Huidige status: Omdat deze tijdsaanduidingen bij gelovigen tot grote verwarring leidden (men dacht dat men de tijd in het vagevuur met de kalender kon meten), heeft Paus Paulus VI in 1967 de term quarantines en alle specifieke dagentermijnen bij gedeeltelijke aflaten volledig afgeschaft.

Ik heb nog gehoord dat dit in voege was bij mijn grootmoeder, maar het was een toer rond de kerk maken en dan binnen nog iets. En er was ook iets als pesjonkelen.

Pesjonkelen (of pesjoenkelen) is de perfecte benaming voor de katholieke traditie die je omschrijft. Het is een van de meest karakteristieke en levendige volksgebruiken uit de tijd van het Rijke Roomse Leven (de vroege tot het midden van de 20e eeuw), dat jouw grootmoeder ongetwijfeld zo heeft meegemaakt.

Het ritueel draait volledig om de toties quoties-aflaat die we zojuist bespraken. Dit is de praktische uitwerking ervan:

Wat betekent het woord?

Het woord 'pesjonkelen' is een overduidelijke verbastering van het Latijnse/Italiaanse woord Portiuncula (wat 'klein perceeltje' of 'klein deeltje' betekent). Dit verwijst naar het piepkleine kapelletje in Assisi dat door Sint-Franciscus is opgeknapt. Omdat paus Honorius III specifiek aan dít kapelletje een onbeperkte aflaat koppelde, werd het herhaaldelijk 'verdiende' kerkbezoek later naar deze plek vernoemd.

Het ritueel: Hoe ging het in zijn werk?

De traditie vond hoofdzakelijk plaats op Allerzielen (2 november). Gelovigen (en vroeger vooral ook schoolkinderen die er een onderlinge wedstrijd van maakten) probeerden op die dag zoveel mogelijk zielen uit het vagevuur te 'redden'. Het stappenplan ging letterlijk als volgt:

* De kerk in: Je liep de parochiekerk binnen en nam plaats op een knielbank.

* Bidden: Je bad een vastgesteld aantal gebeden, meestal vijf Onzevaders, vijf Weesgegroeten en een Eer aan de Vader ter intentie van de paus. Hiermee had je exact één volle aflaat verdiend en was er symbolisch 'één zieltje verlost'.

* De kerk uit: Om nóg een ziel te redden, mocht je niet simpelweg blijven zitten blijven bidden. De regel van de kerkelijke wet stelde dat een aflaat gekoppeld was aan een nieuw kerkbezoek. Je moest de kerk dus fysiek verlaten.

* Het rondje om de kerk: Om de wet te respecteren, liepen de mensen de kerkdeur uit, maakten een blokje of een toertje rond het kerkgebouw (of liepen simpelweg de drempel over en draaiden zich direct om), om vervolgens weer naar binnen te gaan.

* Herhalen: Eenmaal weer binnen begon het riedeltje van de vijf Onzevaders en Weesgegroeten opnieuw voor de volgende ziel.

Een gezellige drukte

Dit zorgde op Allerzielen voor een uniek en bijna komisch straatbeeld: hele dorpsgemeenschappen liepen in een constante stroom de kerk in en uit en cirkelden rond het gebouw. In de volksmond werd dit fenomeen daarom ook wel spottend "in- en uitbidden" genoemd. In 1967 maakte Rome officieel een einde aan deze praktijk door te bepalen dat een volle aflaat nog slechts één keer per dag verdiend kon worden, waardoor het pesjonkelen definitief naar de geschiedenisboeken verdween.

Je kunt niet zeggen dat de penitentie in overeenstemming is met de begane zonden. Wat is dan de uitkomst?

Je raakt hier de exacte kern van een eeuwenoud theologische discussie en het fundamentele mysterie achter de katholieke sacramenten. Als de penitentie (de straf of boetedoening) die je van de priester krijgt in de biechtstoel inderdaad nooit in proportie of overeenstemming is met de ernst van de begane zonden – want hoe kunnen drie Onzevaders immers de schade van diefstal of bedrog compenseren? – wat is dan de uitkomst?

De katholieke theologie (waar ook Thomas van Aquino een grote rol in speelde) kent hierop een heel specifiek antwoord dat rust op drie opeenvolgende stappen:

1. De uitkomst voor de schuld: Volledige kwijtschelding

De eerste en belangrijkste uitkomst is dat de schuld (culpa) van de zonde direct en volledig wordt uitgewist. Dit gebeurt niet door jouw eigen prestatie of de zwaarte van je penitentie, maar door de absolute genade van Christus via de sacramentele absolutie. Op het moment dat de priester de absolutie uitspreekt, is de zonde voor God vergeven en is de toegang tot de hemel (de redding van de helse straf) hersteld.

2. De uitkomst voor de straf: Er blijft een 'restschuld' open

Hoewel de schuld weg is, gelooft de Kerk dat zonde ook een kosmische orde verstoort en schade toebrengt aan de ziel en de gemeenschap. Er blijft daarom een tijdelijke straf (poena temporalis) openstaan.

Omdat de opgelegde penitentie (het weinige dat je na de biecht doet) bijna nooit in overeenstemming is met die schade, is de uitkomst dat de restschuld niet volledig is afbetaald. Je bent weliswaar gered van de hel, maar de ziel is nog niet volledig gereinigd.

3. De uiteindelijke uitkomst: Het Vagevuur of Aflaten

Wanneer die penitentie niet in overeenstemming is met de begane zonden, wordt het tekort opgevuld via twee wegen:

* In het hiernamaals (Vagevuur): De resterende tijdelijke straffen die op aarde niet zijn goedgemaakt door voldoende boete of penitentie, moeten na de dood worden uitgeboet en gereinigd in het vagevuur voordat de ziel de hemel kan betreden.

* Tijdens het leven (Aflaten): Omdat de Kerk wist dat de menselijke penitentie bijna nooit in verhouding stond tot de zonden, opende zij de zogeheten 'schatkamer van de Kerk' (het overschot aan verdiensten van Christus en de heiligen). Door het verdienen van een aflaat kon die resterende restschuld alsnog hier op aarde worden kwijtgescholden.

Samengevat

Als de penitentie niet in overeenstemming is met de zonde, is de theologische uitkomst dat de menselijke tekortkoming wordt overbrugd door goddelijke barmhartigheid, maar dat de gelovige de resterende zuivering ofwel op aarde (via extra vroomheid en aflaten) ofwel na de dood (in het vagevuur) moet voltooien.

Wat kun je doen om het Vagevuur dan te omzeilen.

Binnen de katholieke theologie en spirituele traditie zijn er verschillende concrete manieren om de loutering in het vagevuur te verkorten of zelfs volledig te omzeilen. Omdat het vagevuur bedoeld is om de 'restschuld' van zonden (de tijdelijke straffen) weg te nemen en de ziel te zuiveren, moet men zorgen dat die zuivering en afbetaling al tijdens het aardse leven volledig plaatsvinden.

Dit zijn de belangrijkste manieren om dat te bereiken:

1. Het verdienen van Volle Aflaten

Een volle aflaat scheldt in één keer alle openstaande tijdelijke straffen voor zonden kwijt. Als je sterft vlak nadat je een volle aflaat hebt verdiend, ga je theoretisch rechtstreeks naar de hemel.

Hoe? Dit kan door het volbrengen van specifieke, door de Kerk aangewezen daden, zoals het bidden van de rozenkrans in groepsverband, een half uur aan Eucharistische aanbidding doen, of de kruisweg bidden.

Strikte voorwaarde: Voor een volle aflaat moet men ook biechten, de communie ontvangen, bidden voor de intenties van de paus én — dit is het moeilijkst — volledig vrij zijn van elke gehechtheid aan zonde, zelfs aan dagelijkse zonden.

2. De Apostolische Zegen op het sterfbed

De Kerk heeft een speciaal vangnet voor het moment van sterven: de Apostolische Zegen met aangehechte volle aflaat.

Wanneer een priester de laatste sacramenten (het Heilig Oliesel of de ziekenzalving) toedient, spreekt hij aan het einde deze specifieke zegen uit.

Door deze zegen worden alle resterende tijdelijke straffen van de stervende op het nippertje kwijtgescholden, mits de persoon de juiste innerlijke gesteldheid heeft.

3. Vrijwillige boetedoening en het 'Kruis' dragen

In plaats van een lichte penitentie in de biechtstoel te accepteren, kan men zelf actief boete doen om de weegschaal in evenwicht te brengen.

* Actieve boete: Vasten, onthouding, aalmoezen geven en materiële offers brengen.

* Passieve boete: Het geduldig, zonder morren en uit liefde tot God verdragen van het dagelijkse lijden, zoals ziektes, tegenslagen, verdriet en fysieke pijn. Thomas van Aquino stelde dat het vrijwillig en liefdevol dragen van aards lijden veel meer spirituele 'reinigingswaarde' heeft dan de loutering in het vagevuur.

4. De Heroïsche Akte van Liefde

Dit is een specifieke spirituele traditie waarbij een gelovige al zijn eigen verdiende 'voldoeningen' (de spirituele waarde van zijn goede daden en gebeden) en alle na zijn dood voor hem opgedragen missen, volledig wegschenkt aan de zielen in het vagevuur.

Je staat dus je eigen 'krediet' af om anderen te redden.

De theologische gedachte hierachter is dat God zo'n daad van pure, onbaatzuchtige naastenliefde zo hoog waardeert, dat Hij in Zijn barmhartigheid de gever bij diens overlijden vaak direct in de hemel opneemt.

5. Het Bruine Scapulier van de Karmel

Dit is een van de bekendste sacramentaliën (vrome gebruiken) binnen de katholieke kerk. Volgens een oude belofte van Onze Lieve Vrouw aan de heilige Simon Stock (het zogeheten Zaterdagprivilege), belooft Maria degenen die het bruine scapulier trouw en devoot dragen, de zaterdag na hun overlijden persoonlijk uit het vagevuur te bevrijden en naar de hemel te leiden.

6. Leven in de Goddelijke Wil

Moderne mystieke stromingen (zoals de spiritualiteit rond Luisa Piccarreta, die in conservatieve katholieke kringen veel gelezen wordt) leggen de nadruk op het volledig laten samensmelten van de eigen wil met de Goddelijke Wil. Wanneer een mens geen eigen egoïstische wil meer heeft, doet hij geen zonde meer en creëert hij ook geen nieuwe 'restschuld' die in het vagevuur uitgeboet moet worden.

Wat met de Mis bijwonen

Het bijwonen van de Heilige Mis is binnen de katholieke leer de allerhoogste en meest krachtige manier om het vagevuur te verkorten of te omzeilen. Thomas van Aquino en latere theologen leggen uit dat de Mis geen menselijk gebed is, maar de sacramentele tegenwoordigstelling van het offer van Christus op Golgotha. Omdat de waarde van Christus' offer oneindig is, is de spirituele kracht van de Mis om 'restschuld' af te betalen groter dan welke menselijke boetedoening ook.

Je kunt de Mis op twee manieren inzetten om het vagevuur te omzeilen:

1. Zelf de Mis bijwonen tijdens je leven (De meest effectieve manier)

Veel theologen en heiligen (zoals de heilige Anselmus) stellen dat het bijwonen van één Mis tijdens het leven meer vrucht draagt voor de eigen ziel dan vele Missen die na de dood voor jou worden opgedragen.

* Voldoening voor zonden: Telkens wanneer je devoot de Mis bijwoont, wordt een deel van je openstaande tijdelijke straffen rechtstreeks uitgewist door de verdiensten van Jezus.

* Volle aflaat: Aan het bijwonen van bepaalde Missen is een volle aflaat gekoppeld (bijvoorbeeld de Eerste Mis van een nieuwe priester, of de Mis op bepaalde hoogfeesten onder de gebruikelijke voorwaarden van biecht en communie).

2. Missen laten opdragen na je dood (De Gregoriaanse Missen)

Als je eenmaal bent overleden, kun je zelf niets meer verdienen. Je bent dan volledig afhankelijk van de levenden die Missen voor jouw zielenrust laten opdragen. Het absolute hoogtepunt hiervan is de traditie van de Gregoriaanse Missen.

* Wat is het? Dit is een reeks van dertig opeenvolgende Heilige Missen, die zonder onderbreking op dertig achtereenvolgende dagen voor één specifieke overledene worden opgedragen.

* oorsprong: Deze traditie stamt uit de 6e eeuw en is vernoemd naar Paus Gregorius de Grote. Hij liet dertig dagen lang missen lezen voor een overleden monnik genaamd Justus, die gezondigd had tegen de armoede. Op de dertigste dag verscheen Justus aan een medebroeder om te vertellen dat hij op dat exacte moment uit het vagevuur was bevrijd.

* uitkomst: De Kerk heeft deze traditie door de eeuwen heen officieel erkend en goedgekeurd als een vrome en zeer betrouwbare praktijk. Hoewel het geen 'automatische garantie' is (God blijft soeverein), vertrouwt de Kerk erop dat door de bijzondere voorspraak van de heilige Gregorius en de dertig offers van Christus, de ziel na dertig dagen uit het vagevuur wordt geleid. Veel katholieken laten daarom nu al in hun testament vastleggen dat er na hun overlijden een Gregoriaanse reeks voor hen moet worden besteld.

** Waarom deden ze dat in de vroege Kerk? Omdat men inzag dat de daad die je had begaan, vroeg om een ​​manier om het goed te maken. Je moest veel ondernemen om de tekortkoming jegens Gods glorie te herstellen, evenals de schade die je wellicht aan anderen had toegebracht. Bovendien moesten je eigen vermogens weer in de juiste orde worden gebracht. Men stelde deze maatregelen dus in om de tijdelijke straf die op een zonde staat, te adresseren. Hoe werkten aflaten nu precies? Het principe is dat je een specifieke handeling verricht – in het Latijn een opera genoemd – en die handeling bezit van nature een zekere hoeveelheid 'verdienste'.

 Stel bijvoorbeeld dat je een 'Weesgegroet' bidt; die handeling heeft dan een bepaalde waarde, namelijk de waarde van één 'Weesgegroet'. Maar stel nu dat je een gebed opzegt waaraan een aflaat van '100 jaar' is verbonden. Wat betekent die 100 jaar? Het zit zo: wanneer je op een bepaald moment of op een specifieke plek zo'n gebed uitspreekt, voegt de Kerk – vanuit haar 'geestelijke schatkamer' – daar een hoeveelheid verdienste aan toe die gelijkstaat aan 100 jaar boetedoening, zoals dat in de vroege Kerk gebruikelijk was.

Dat is de hoeveelheid verdienste die de Kerk uit die schatkamer putte. Dit was dus een serieuze zaak. Het ging hier niet om 100 jaar minder in het vagevuur, maar om een ​​verdienste die gelijkstond aan 100 jaar boetedoening. Vaak zag je aflaten voor zeven jaar, drie jaar, enzovoort. Dit is iets heel anders dan wat paus Paulus VI later instelde. Hij introduceerde de 'veertiendaagse' (quarantena), wat inhield dat een gebed gold alsof je 40 dagen boetedoening had verricht. Paulus VI heeft dit oude systeem echter volledig afgeschaft.

Hij bepaalde dat de verdienste – stel, je bidt een 'Weesgegroet' en draagt ​​dat op als een 'gedeeltelijke aflaat' – op een andere manier wordt beschouwd. Wat er gebeurt, is dat de Kerk niet langer extra verdiensten toekent aan bepaalde gebeden – gebeden die voorheen bijvoorbeeld een aflaat van 100 jaar opleverden. Dat bestaat niet meer. Het enige wat de Kerk nu nog doet, is de waarde verdubbelen; als je een gebed opzegt, voegt de Kerk daar slechts de verdienste van nog eens zo’n gebed aan toe.

Stel bijvoorbeeld dat je een gebed opzegt waar voorheen een aflaat van zeven jaar aan verbonden was – wat gelijkstond aan zeven jaar boetedoening. Als je dat gebed nu opzegt – het is slechts één alinea lang – dan verdubbelt de Kerk de waarde simpelweg, alsof je het twee keer hebt opgezegd. Dat is alles.

De oorspronkelijke kwijtschelding van zeven jaar boetedoening is verdwenen. In feite heeft men de gelovigen een enorme hoeveelheid aflaten ontnomen; het was in zekere zin een vernietiging van de kerkelijke traditie op dit gebied. Het resultaat is dat mensen nu langer in het vagevuur moeten verblijven – iets waar de demonen ongetwijfeld erg blij mee zullen zijn. Bovendien is het zo gekomen dat vrijwel niemand meer iets onderneemt op dit vlak. Ik merk wel dat sommige mensen nog proberen een volle aflaat (plenaire aflaat) te verkrijgen, maar bijna niemand neemt nog de moeite om zich in te spannen voor deze gedeeltelijke aflaten.

Een ander punt is dat je God kunt vragen – als onderdeel van de gebeden die je gedurende de dag opzegt – om je ook een (gedeeltelijke) aflaat te verlenen voor de intenties waarvoor je bidt. God zal je die aflaten dan inderdaad schenken. Als je bijvoorbeeld dagelijks naar de mis gaat, kun je daarnaast ook een aflaat verkrijgen door bijvoorbeeld 30 minuten in de Schrift te lezen – daar komen we zo nog op terug; het lezen van de Heilige Schrift gedurende 30 minuten is een van de manieren die in de huidige regeling voor aflaten worden genoemd. Ook 15 minuten doorbrengen voor het Allerheiligste Sacrament, of het bidden van de rozenkrans in gezinsverband of samen met anderen, kan een volle aflaat opleveren.

 Hoewel het aantal mogelijkheden is ingeperkt, zijn volle aflaten nog steeds te verkrijgen. Voorheen gold voor geestelijken dat zij – mits zij het getijdengebed (het officie) vroom en naar beste vermogen baden, de mis opdroegen, gebiecht hadden en gebeden hadden voor de Heilige Vader – dagelijks automatisch een volle aflaat ontvingen. Priesters konden dus elke dag een volle aflaat verkrijgen enkel en alleen door hun getijdengebed te bidden. Dat is inmiddels komen te vervallen. Maar, het nieuwe getijdengebed duurt – tenzij je het echt heel erg rekt – minder dan 30 minuten. Bij de oude vorm ben je echter al gauw een uur tot wel een uur en een kwartier kwijt. En als het het feest van Christus Koning is, dan ben je – zelfs als je er vlot doorheen gaat – al snel een uur en drie kwartier bezig.

 Maar het punt is: ook als je die 30 minuten overschrijdt, kun je nog steeds de aflaat verkrijgen. Je hoeft daarvoor alleen maar de juiste intentie te hebben. Maar veel priesters weten dat niet, of ze doen het simpelweg niet. De meeste priesters bidden bovendien niet het officie volgens de oude ritus, maar volgens de nieuwe ritus; daardoor kunnen zij op die manier geen volle aflaat meer verkrijgen. Het resultaat is dat alle genaden die mensen voorheen ontvingen door het proces van het verkrijgen van aflaten, grotendeels zijn weggevallen, simpelweg omdat mensen het niet meer zo vaak doen. Dit geldt niet alleen voor de vastenregels uit de vroege Kerk, maar ook voor de boetedoeningen die vroeger na de biecht werden opgelegd.

Als je kijkt naar wat men destijds deed, zouden wij dat nu als buitensporig beschouwen. Maar eerlijk gezegd is het in feite rechtvaardiger, of beter gezegd: meer in verhouding tot de daad. Als iemand bijvoorbeeld overspel heeft gepleegd, dan hoort daar een serieuze boetedoening bij – het is immers een ernstige zonde. Er bestonden destijds specifieke voorschriften voor dergelijke gevallen. Vandaag de dag gaan we er echter al te gemakkelijk vanuit dat Gods barmhartigheid alles wel zal dekken. Vorige week nog wees ik een groep geestelijken – in de context van de biecht – op het volgende: als je iemand een boetedoening oplegt die in geen verhouding staat tot de begane zonde, dan draagt ​​de priester zelf de verantwoordelijkheid voor het resterende deel van de boetedoening.

 Wanneer je dat tegen de meeste geestelijken zegt, kijken ze je verbaasd aan. Ze denken vaak dat ze zomaar een willekeurige boetedoening kunnen opgeven en dat het daarmee in orde is. Maar zo werkt het dus niet. Hoe dan ook, dit geeft een beeld van hoe we in de loop van de kerkgeschiedenis steeds meer hebben losgelaten wat voorheen discipline, vasten en dergelijke vereiste. En nu we in onze huidige tijd zijn beland, vragen we ons af waarom het zo’n puinhoop is.

Hoe vind je dit bericht?
Geschreven door claudia om 00:52 Reageer op dit bericht

12/10 Pr Ripperger: Vasten als je voorouders is mogelijk - Sign of the Cross

12/10 Pr Ripperger: Vasten als je voorouders is mogelijk - Sign of the Cross

Het eerste onderwerp betreft de vastenregels van de Kerk. We zullen bespreken wat de regels waren vlak voor het concilie, en vervolgens kijken naar de verschillen tussen de toenmalige voorschriften en de huidige situatie, zodat men een goed beeld krijgt van de veranderingen. In die context zal ik ook ingaan op het belang van bepaalde zaken. Om te beginnen stelt de heilige Thomas van Aquino dat de natuurwet alle deugden voorschrijft; vasten en onthouding zijn daar twee voorbeelden van.

Vanuit het perspectief van de natuurwet hebben we dus de verplichting om af en toe te vasten en ons van bepaalde zaken te onthouden – niet enkel voor onze gezondheid, maar ook voor de ontwikkeling van de deugd die daarbij vereist is.

De natuurwet houdt ook in dat we naar volmaaktheid moeten streven – een principe dat Christus bovendien als gebod heeft geformuleerd: "Weest volmaakt, zoals uw hemelse Vader volmaakt is." Zelfs op natuurlijk niveau dragen we een verlangen naar volmaaktheid in ons; we ervaren het immers als onprettig wanneer onze lagere vermogens uit de hand lopen of wanneer het innerlijk niet volledig in balans is.

Wat zei H. Thomas van Aquino over vasten en onthouding

In zijn hoofdwerk, de Summa Theologiae, wijdt Thomas van Aquino specifieke hoofdstukken aan vasten en onthouding. Hij benadert dit niet louter als biologische of wettelijke verplichtingen, maar als spirituele oefeningen die vallen onder de deugd van de gematigdheid.

Thomas maakt een duidelijk conceptueel onderscheid tussen beide begrippen en formuleert drie centrale redenen waarom een mens zou moeten vasten:

Verschil tussen onthouding en vasten

* Onthouding: Dit betreft de deugd die de juiste maat bewaart in de kwaliteit of het soort voedsel dat men tot zich neemt. Het gaat hierbij specifiek om het psychologisch reguleren van onze verlangens naar eten.

* Vasten: Dit is de daadwerkelijke, fysieke handeling waarbij men de kwantiteit van het voedsel en het aantal maaltijden beperkt (volgens de traditie destijds tot één maaltijd per dag). Vasten is een concrete uiting van de deugd van onthouding.

De drie doelen van het vasten

Volgens Thomas is vasten een deugdzame handeling omdat het direct gericht is op drie spirituele doelen:

* Beteugelen van de vleselijke lusten: Thomas stelt dat overmatig eten en drinken de biologische driften en passies aanwakkert. Vasten helpt om de rebellie van het lichaam te onderdrukken en de kuisheid te bewaren.

* Verheffen van de geest tot contemplatie: Door de geest te bevrijden van de zwaarte en de materiële beslommeringen van een volgelopen maag, kan het verstand zich helderder en vrijer richten op goddelijke waarheden en hogere zaken.

* Boetedoening voor zonden: Vasten dient als een vorm van genoegdoening (satisfactie). Door onszelf vrijwillig een fysiek genot te ontzeggen, straffen we onszelf op milde wijze voor de keren dat we door zondige keuzes onrechtmatig genot hebben nagejaagd.

Waarom specifiek vlees vermijden?

In zijn uitleg over de onthouding van vlees (met name tijdens de veertigdagentijd) beargumenteert Thomas dat vlees en dierlijke producten het meest voedzaam en smakelijk zijn voor het menselijk lichaam. Omdat ze het lichaam de meeste vitale energie geven, wekken ze volgens zijn psychologie ook de sterkste vleselijke verlangens en passies op. Het eten van vis was daarom wel toegestaan, omdat dit als minder 'verhittend' voor de driften werd beschouwd.

Gezond verstand en uitzonderingen

Als filosoof van de rede benadrukt Thomas dat vasten nooit mag doorslaan in zelfdestructie. Vasten verliest zijn status als deugd wanneer het de gezondheid permanent schaadt of iemand verhindert zijn plichten te vervullen. Daarom stelt hij dat bepaalde groepen automatisch zijn vrijgesteld van de plicht tot vasten:

Kinderen en ouderen (vanwege hun fysieke kwetsbaarheid of groei)

Arbeiders en pelgrims (die hun fysieke kracht nodig hebben voor zwaar werk of reizen)

Zieken en armen (die al aan fysieke tekorten blootstaan)

** Vaak focussen mensen zich te sterk op uiterlijke perfectie, terwijl de werkelijke aandacht uit zou moeten gaan naar het innerlijk. Die volmaaktheid vereist echter opbouw en een zekere mate van bekwaamheid. Als we kijken naar het ontstaan ​​in de vroege Kerk, zien we dat de regels aanvankelijk minder formeel waren, maar na verloop van tijd steeds strikter werden vastgelegd. In de loop van de kerkgeschiedenis is er vervolgens sprake geweest van een geleidelijke versoepeling; daar zullen we gaandeweg nog op terugkomen. Wat betreft de vastenregels in de vroege Kerk: het is belangrijk om te weten dat deze voortkomen uit de apostolische traditie. Het waren de apostelen die de vastentijd (de Veertigdagentijd) hebben ingesteld, waarvan vasten gedurende veertig dagen een essentieel onderdeel vormde.

Dus zij waren de eersten; de apostelen stelden, nog tijdens hun leven, de praktijk van de vastentijd in de vroege kerk in. Vasten – waarbij onthouding een onderdeel was – werd elke week op grote schaal nageleefd; in feite elke week op woensdagen en vrijdagen. Voor de vroege christenen duurde het vasten bovendien tot zonsondergang, in navolging van de eerdere Joodse traditie. In de geschriften van Dom Guéranger wordt bevestigd: "Het was bij de Joden onder de oude wet de gewoonte om de enige maaltijd die op vastendagen was toegestaan, pas na zonsondergang te nuttigen.". De christelijke Kerk nam deze gewoonte over en ze werd eeuwenlang uiterst nauwgezet nageleefd, ook in onze westerse landen.

Maar rond de 9e eeuw begon er enige versoepeling op te treden in de Latijnse kerk. Wat het vasten destijds inhield, lijkt enigszins op wat ik zelf doe: in weken waarin ik sessies geef, drink ik 's ochtends misschien een klein beetje koffie, maar daarna eet ik niets meer tot het avondeten. Het is niet precies tot zonsondergang, maar wel tot het avondeten; het gaat dus om slechts één maaltijd. Uiteraard is het niet de bedoeling dat je jezelf tijdens die ene maaltijd helemaal volpropt, maar het idee was dat je wachtte tot zonsondergang voordat je at. Overigens is dit de oorsprong van de praktijk bij moslims, die tot op de dag van vandaag nog steeds bestaat. Het begon dus bij de Joden, en de christenen namen het over als onderdeel daarvan. Vasten hield onder meer in dat men geen vlees, vis of andere dierlijke producten – zoals zuivel en eieren – consumeerde.

Dit was met name gebruikelijk in de vroege Kerk en wordt tot op de dag van vandaag in bepaalde oosterse riten nog steeds in acht genomen. Zo beginnen ze bijvoorbeeld met de 'Septuagesima'-periode, waarin men stopt met het eten van vlees; daarna volgt de vastentijd, waarin helemaal geen dierlijke producten meer worden gegeten. Tijdens de 'passietijd' wordt dit regime zelfs nog strenger. In de oosterse tradities is er dus niet zo veel veranderd. In de vroege Kerk hield vasten bovendien in dat men ook geen wijn dronk – een terugkeer naar het dieet dat de mensheid volgde vóórdat God Noach toestond om vlees te eten en wijn te drinken. Om die reden is wijn tijdens sommige vastenperioden, zelfs in de vroege Kerk, verboden. In de apostolische tijd bestond de hoofdmaaltijd doorgaans uit een kleine portie, voornamelijk bestaande uit brood en groenten. Het was een lichte maaltijd.

Interessant genoeg was het pas na de zondvloed dat God de mens toestemming gaf om vlees te eten, omdat er minder voedsel beschikbaar was. Voedsel was schaarser, en daarom verleende Hij die toestemming. De adventvastentijd werd rond de 4e eeuw ingevoerd. In de vroege Kerk kende men in die periode ook wat wel de 'apostelvasten' wordt genoemd. Dit vond zijn oorsprong in het vasten tijdens de 'vigilie' – de vooravond van grote feestdagen. Voor zover ik heb gelezen, begon dit specifiek in de aanloop naar het feest van de heiligen Petrus en Paulus, waarna de praktijk zich verder uitbreidde. Er kwamen dus verschillende vormen van vasten bij: eerst de vastentijd (de veertigdagentijd), daarna de adventstijd, en vervolgens deze vigilievasten.

Zo begon de algemene structuur die ik eerder noemde, langzaam vorm te krijgen in de Kerk: vasten beperkte zich niet langer tot alleen de veertigdagentijd, maar vond op verschillende momenten gedurende het hele jaar plaats. Bovendien werd er vanaf de 4e eeuw, en tot in de middeleeuwen, ook op woensdagen en vrijdagen gevast en onthouding in acht genomen. Pas in de 9e eeuw werden er minder strikte kerkelijke vastenregels ingevoerd. Laten we even teruggaan: in die eerste vier eeuwen begonnen veel gemeenschappen ook op zaterdagen te vasten. In de 4e eeuw werd er dus op woensdagen, vrijdagen en zaterdagen gevast.

Pas in de 9e eeuw werden de vastenregels minder rigide. In 1817 kregen monniken van de benedictijnerorde – die zwaar fysiek werk verrichtten op het land en de boerderij – toestemming om 's avonds een kleine hoeveelheid drinken en een stukje brood te nuttigen. Dit is dus het concept van vasten tot zonsondergang. Ruim voor zonsondergang nuttigde men dan een kleine maaltijd. Uiteindelijk breidde de Kerk deze nieuwe regels ook uit naar de leken. Tegen het einde van de middeleeuwen waren ze een algemeen gebruik geworden. Iedereen nam naast de hoofdmaaltijd ook een kleine avondmaaltijd tot zich. In die tijd verschoof het tijdstip van de maaltijden; de hoofdmaaltijd werd verplaatst naar het middaguur.

Zo ontstond het gebruik van een hoofdmaaltijd, gevolgd door een kleinere maaltijd. Reeds in het jaar 604 kondigde paus Gregorius de Grote, in een brief aan Augustinus van Canterbury, aan welke vorm van onthouding er op vastendagen moest worden gehanteerd. Deze vorm zou bijna duizend jaar lang standhouden. Hij stelde het als volgt: we onthouden ons van vlees en van alle producten die daarvan afkomstig zijn, zoals melk, kaas en eieren. Wanneer men vastte, werd tevens deze onthouding in acht genomen. In die periode werd het dus duidelijk dat men zich in feite niet alleen van vlees onthield, maar van alles wat daarvan afkomstig was. Het vasten tijdens de veertigdagentijd, zoals beschreven door de heilige Thomas van Aquino, hield het volgende in: van maandag tot en met zaterdag – uiteraard gedurende de veertigdagentijd – waren vastendagen.

De maaltijd werd 's middags genuttigd en 's avonds was een kleine versnapering toegestaan, behalve op dagen waarop sprake was van wat men het 'zwarte vasten' noemde. 'Zwart vasten' houdt in dat men enkel brood en water consumeert, of soms zelfs alleen water – afhankelijk van de specifieke invulling. Tijdens de vastentijd waren vlees en alle dierlijke producten verboden. Deze onthouding gold ook op de zondagen in de vastentijd. Zondagen waren dus niet – zoals we dat tegenwoordig soms ervaren – dagen waarop de regels versoepeld werden; de onthouding bleef ook dan van kracht. Er werd op zondagen echter niet gevast. De onthouding gold dus wel, maar het vasten zelf niet. Op Aswoensdag en Goede Vrijdag mocht er helemaal niets gegeten worden. Op die twee dagen was er dus sprake van het 'zwarte vasten': men at helemaal niets. De Goede Week was een periode van intensiever vasten, waarbij men uitsluitend brood, water, zout en kruiden mocht nuttigen. Volgens mij doen ze dat in de oosterse tradities ook zo; daar zijn bepaalde soorten brood en kruiden toegestaan ​​tijdens de Lijdensweek. Al zal er vast wel iemand uit de oosterse traditie via YouTube reageren om me te corrigeren als ik het mis heb.

Ook de 'rogatiedagen' werden in deze periode geïntroduceerd, evenals de 'emberdagen'. Naast de gebruiken uit de vroege Kerk werden er later ook 'rogatiedagen' (smeekdagen) ingevoerd – die twee keer per jaar plaatsvonden – en 'emberdagen' (quatertemperdagen), die vier keer per jaar werden gehouden; ook dit waren vastendagen. Daarnaast bleven de vastenperiodes tijdens de adventstijd bestaan. Kortom: tegen het einde van de middeleeuwen was er een structuur ontstaan ​​waarbij er gedurende het hele jaar op vaste momenten of met bepaalde tussenpozen werd gevast. Zo was er de veertigdagentijd (de vastentijd), die zes weken duurde. Men zegt wel eens: het kost drie weken om een ​​gewoonte af te leren en drie weken om een ​​nieuwe gewoonte aan te leren. Tegen de tijd dat de veertigdagentijd voorbij was, had men de gewoonte – en daarmee de deugd – van het vasten eigen gemaakt.

Rogatiedagen en emberdagen

Rogatiedagen en emberdagen zijn traditionele, eeuwenoude periodes van gebed, vasten en onthouding binnen de westerse christelijke traditie. Beide reeksen dagen zijn nauw verbonden met de wisseling van de seizoenen, de landbouw (het zaaien en oogsten) en het afsmeken van Gods bescherming over de natuur en de menselijke arbeid.

Hoewel ze na de liturgische vernieuwingen van het Tweede Vaticaans Concilies (1969) grotendeels van de officiële algemene kalender zijn verdwenen, worden ze lokaal en binnen traditionele gemeenschappen nog altijd onderhouden.

Rogatiedagen (Kruisdagen)

Het woord 'rogatie' stamt af van het Latijnse rogare, wat vragen of smeken betekent. In het Nederlands staan deze dagen vanouds bekend als de Kruisdagen. Ze werden in de 5e eeuw ingevoerd door bisschop Mamertus van Vienne na een reeks natuurrampen.

Wanneer vallen ze? Er zijn in totaal vier rogatiedagen. De belangrijkste (Major Rogation) valt vast op 25 april (de feestdag van de evangelist Marcus). De drie andere dagen (Minor Rogations) zijn variabel en vallen op de maandag, dinsdag en woensdag vlak voor Hemelvaartsdag.

Wat houdt het in? Tijdens deze dagen vraagt de kerkgemeenschap om een goede oogst, gunstig weer en bescherming tegen plagen en rampen. Traditioneel trokken gelovigen in processie (bidprocessies of kruisprocessies) door de velden onder het zingen van de Allerheiligenlitanie om Gods zegen over het zaaigoed en de akkers af te smeken.

Protestantse invloed: Na de Reformatie is dit gebruik in protestantse kerken getransformeerd tot de bekende Biddag voor Gewas en Arbeid.

Emberdagen (Quatertemperdagen)

'Emberdagen' is de Engelstalige term voor wat we in het Nederlands de Quatertemperdagen noemen. De naam is afgeleid van het Latijnse quattuor tempora, wat letterlijk 'vier seizoenen' of 'vier tijden' betekent. Dit gebruik stamt al uit de 4e eeuw in Rome en diende oorspronkelijk om heidense agrarische feesten te kerstenen.

Wanneer vallen ze? De Quatertemperdagen worden vier keer per jaar gehouden, telkens aan het begin van een nieuw seizoen. Het gaat telkens om een vaste driedaagse cyclus van woensdag, vrijdag en zaterdag in een specifieke week:

* Lente: In de eerste week van de veertigdagentijd (na de eerste zondag van de vasten).

* Zomer: In de week direct na Pinksteren.

* Herfst: In de week na het feest van Kruisverheffing (14 september).

* Winter: In de week na de derde zondag van de Advent.

Wat houdt het in? Het zijn dagen van boete, bezinning en matiging. Men gebruikt ze om God te danken voor de specifieke opbrengsten van dat seizoen (zoals graan, wijn en olijven) en om te bidden voor nieuwe priester- en geestelijke roepingen (traditioneel vonden priesterwijdingen vaak plaats op Quatertemper-zaterdag). Gelovigen hielden zich op deze dagen aan strikte regels voor vasten en onthouding

Wanneer wordt er dan gevast op deze Quatertemperdagen

Op de Quatertemperdagen (emberdagen) wordt er specifiek gevast op de woensdag, vrijdag en zaterdag van de vastgestelde weken. Hoewel de exacte data elk jaar verschuiven omdat ze gekoppeld zijn aan de kerkelijke kalender (zoals Pasen en Advent), vallen de vastendagen altijd in de volgende periodes van het jaar:

* In de lente (vastenweek): De woensdag, vrijdag en zaterdag direct na de eerste zondag van de veertigdagentijd (meestal in februari of begin maart).

* In de zomer (pinksterweek): De woensdag, vrijdag en zaterdag direct na Pinksteren (meestal in mei of juni).

* In de herfst (kruisweek): De woensdag, vrijdag en zaterdag direct na het feest van Kruisverheffing (14 september).

* In de winter (adventsweek): De woensdag, vrijdag en zaterdag direct na de derde zondag van de Advent (medio december).

De traditionele regels voor deze dagen

Tijdens deze specifieke woensdagen, vrijdagen en zaterdagen golden traditioneel twee strenge regels die de hele dag overlapten:

Strikt vasten: Men mocht slechts één volledige maaltijd per dag nuttigen (meestal rond het middaguur of 's avonds). Daarnaast waren twee zeer kleine, sobere versterkingen (collaties) toegestaan in de ochtend of avond om op de been te blijven.

Onthouding: Er mocht op deze dagen geen vlees of vleesjus worden gegeten.

Uitzondering: Op de woensdag en zaterdag stond de kerkelijke wetgeving soms toe dat er bij de hoofdmaaltijd wel wat vlees werd gegeten (afhankelijk van lokale dispensaties), maar de vrijdag bleef altijd een dag van absolute onthouding van vlees.

** Door het jaar heen werd er vervolgens bij gelegenheid opnieuw gevast. Dat gebeurde bijvoorbeeld tijdens de adventstijd – wellicht wat minder streng, maar toch werd er gevast. Daarnaast waren er de emberdagen en de periodes voorafgaand aan grote feesten; zo was er bijvoorbeeld een 'vigilie' (wake) voor het feest van de 'H. Petrusstoel'. Op die specifieke dagen moest men vasten. Tegen 1962 waren veel van deze gebruiken – puur liturgisch gezien, nog los van de vastenpraktijk zelf – alweer verdwenen. Er bleven nog maar één of twee vigilies over, waaronder die van de heilige Petrus en Paulus. Veel andere vigilies waren inmiddels geschrapt. Tegen 1962 werd er dus in hoog tempo afscheid genomen van al deze tradities.

Het punt is echter dat deze gebruiken hielpen om de deugd van het vasten te onderhouden. Wie de vastenregels van de Kerk volgde, ontwikkelde op die manier daadwerkelijk deze specifieke deugden. Vanaf de tijd van de protestantse Reformatie tot in recentere tijden bleven de regels grotendeels ongewijzigd, totdat de protestanten het boetedoen begonnen aan te vallen. Zij zetten dus hun vraagtekens bij deze boetepraktijken. Er lijkt sprake te zijn geweest van een zekere inperking van de momenten waarop men verplicht was te vasten. Toch probeerde de heilige Carolus Borromeüs de traditionele vastendagen te blijven bevorderen. Hij zette zich hiervoor in, maar het werd duidelijk dat er op verschillende plaatsen een versoepeling van de vastenregels begon op te treden. Dit speelde zich af vanaf de tijd van de protestantse Reformatie tot ongeveer de 18e eeuw.

In 1741 vaardigde paus Benedictus XIV een document uit waarin toestemming werd gegeven om vlees te eten op vastendagen. Tegelijkertijd werd het echter uitdrukkelijk verboden om tijdens een en dezelfde maaltijd op vastendagen zowel vis als vlees te nuttigen. Naast de zondagen in de vastentijd (de veertigdagentijd) golden de veertig dagen zelf als dagen van volledige onthouding van vlees; men mocht dus helemaal geen vlees eten. Maar men hoefde niet gedurende de gehele periode te vasten, zoals dat in het verleden wel het geval was. Het concept van gedeeltelijke onthouding ontstond, ook al zou de term pas opduiken in het Wetboek van Canoniek Recht van 1917. Hoewel Benedictus de gelovigen aanspoorde om terug te keren naar de vroomheid van de vroege eeuwen, vond deze verandering toch plaats. Dat is een patroon dat je vaker in de Kerk ziet.

Men versoepelt de regels, maar moedigt mensen tegelijkertijd aan om de oude gebruiken toch te volgen. Men denkt: "Mensen zullen de wet wel gewoon opvolgen." Maar dat doen ze niet. Misschien zijn er enkelen die naar volmaaktheid streven en de oude regels blijven volgen, maar over het algemeen gebeurt dat niet. Leo XIII begon de regels nog verder te versoepelen. Na zijn pontificaat – tegen de tijd dat we bij het Derde Concilie van Baltimore aankomen – staat er in het gebedenboek dat in opdracht van dat concilie werd uitgegeven: dat er slechts één volledige maaltijd is toegestaan, rond het middaguur of later. Naast die volledige maaltijd is een kleine versnapering (collatie) van 8 ounce (ongeveer 225 gram) toegestaan. Die limiet van 8 ounce bleef eigenlijk gehandhaafd tot vlak voor het Tweede Vaticaans Concilie.

Mijn moeder had zelfs een weegschaaltje dat specifiek bedoeld was om die hoeveelheid voedsel af te wegen, zodat je niet boven die 225 gr uitkwam. Als de volledige maaltijd rond het midden van de dag werd genuttigd, dan werd de kleine versnapering logischerwijs 's avonds gegeten. Als de volledige maaltijd laat op de dag werd genuttigd, mag de 'collatio' (een lichte maaltijd) 's middags worden gegeten. Met andere woorden: men laat de keuze aan jou. Naast de volledige maaltijd was het volgens het algemene gebruik toegestaan ​​om 's ochtends tot 2 ounce (ca. 57 gram) brood – zonder boter – en een kop warme drank, zoals koffie of thee, te nuttigen. Hier begint dus het concept te ontstaan ​​van één volledige maaltijd aangevuld met twee kleinere porties die samen geen volledige maaltijd vormen. Dit stamt uit de tijd van paus Leo XIII.

Het is belangrijk om op te merken dat hierdoor veel mensen in staat werden gesteld – en daarmee ook verplicht waren – om te vasten, terwijl zij dat anders niet hadden gekund. Het idee was dus om de regels te versoepelen, zodat meer mensen in staat zouden zijn om daadwerkelijk te vasten. In het nieuwe Wetboek van Canoniek Recht van 1917 werden de woensdagen en vrijdagen van de Advent geschrapt als vastendagen voor de gehele Kerk; die verplichting kwam dus te vervallen. In Amerika waren de woensdagen van de Advent al in 1837 als vastendagen afgeschaft. Ook de vrijdagen in de Advent waren niet langer verplichte vastendagen – niet alleen in Amerika, maar in de hele Kerk. Eveneens verdween de vigilie van de heiligen Petrus en Paulus van de universele kalender als vastendag. Bovendien werd het gebruik van eieren en melk overal toegestaan. Je ziet hier dus een duidelijke versoepeling.

Voordat we verdergaan: er is een consistent patroon zichtbaar. Ik zeg niet dat er sprake is van een absoluut causaal verband, maar telkens wanneer de Kerk haar vastenregels versoepelde, doken er andere problemen op. Er lijkt sprake te zijn van een soort 'terugtrekking van genade'. Misschien heb je wel eens gehoord dat er specifieke periodes zijn waarin een dergelijke terugtrekking van genade plaatsvindt; het einde van de 19e eeuw is daar een voorbeeld van. Wat betreft die terugtrekking van genade: die vindt eigenlijk plaats in de tweede helft van de 18e eeuw of in de 19e eeuw – de jaren 1800. Er is sprake van een terugtrekking van genade, omdat er zeer specifieke ontwikkelingen gaande zijn in het leven van de Kerk, waarop de Kerk probeert te reageren. En na 1917 zie je vervolgens opnieuw een soort terugtrekking van genade.

Er ontstaan ​​allerlei problemen – denk bijvoorbeeld aan de woelige 20ies – en er is bovendien sprake van oorlog. Maar naarmate we dichter bij het Tweede Vaticaans Concilie komen – we zullen dit nog zien – wordt het allemaal nog 'lichter'. Er is dus sprake van een terugtrekking van genade. Dit blijft zich voordoen, omdat we niet langer regelmatig vasten. Ik denk niet dat dit de enige reden is, maar wel een van de redenen. In 1941 stond paus Pius XII bisschoppen wereldwijd toe om volledig ontheffing te verlenen van de vasten- en onthoudingsplichten, met uitzondering van Aswoensdag en Goede Vrijdag. Wel bleef de verplichting bestaan ​​om elke vrijdag geen vlees te eten, en gold er een vasten- en onthoudingsplicht op die twee genoemde dagen, evenals op de vooravond van Maria-Tenhemelopneming en Kerstmis. Eieren en zuivelproducten waren toegestaan ​​bij het ontbijt en 's avonds. Zo zie je maar, het begint langzaam toe te groeien naar de situatie zoals die nu is.

Laten we kijken naar de periode vlak voor het concilie – we spreken hier over 1956. Dit waren de regels in 1956: iedereen ouder dan 7 jaar was verplicht zich aan de wet van onthouding te houden. Dat betekende dat je op bepaalde dagen geen vlees mocht eten. Volledige onthouding gold op vrijdagen, Aswoensdag, Stille Zaterdag, en de vooravonden van het feest van de Onbevlekte Ontvangenis en Kerstmis. Dus destijds waren de regels strenger dan nu, al waren er destijds al dagen met 'volledige onthouding'. Op die dagen mocht er in het geheel geen vlees, of soep of jus op basis van vlees, worden geconsumeerd. 'Gedeeltelijke onthouding' gold op de woensdagen en zaterdagen van de quatertemperdagen en op de vooravond van Pinksteren. Op dagen van gedeeltelijke onthouding mocht vlees – of soep of jus op basis van vlees – slechts één keer per dag worden gegeten, namelijk tijdens de hoofdmaaltijd. Je ziet hier dus een zekere versoepeling wat betreft vleesconsumptie.

En dan is er nog het vasten. We hebben het nog steeds over 1956. Iedereen ouder dan 21 en jonger dan 59 jaar was bovendien verplicht zich aan de vastenwet te houden. De vastendagen waren de doordeweekse dagen van de Veertigdagentijd. Je moest dus vasten tijdens de vastentijd, inclusief Stille Zaterdag, de quatertemperdagen en de vooravonden van Pinksteren, de Onbevlekte Ontvangenis en Kerstmis. Je moest dus in feite nog steeds vasten tijdens de doordeweekse dagen van de vastentijd, maar niet per se op zondag. We hebben het hier namelijk over de doordeweekse dagen. Op vastendagen is slechts één volledige maaltijd toegestaan. Daarnaast mogen er twee andere, vleesloze maaltijden worden genuttigd – voldoende om op krachten te blijven en naar eigen behoefte – maar samen mogen deze niet gelijkstaan ​​aan een volledige maaltijd. Dit was dus al vóór het concilie; je ziet dat de vastenvoorschriften toen al versoepeld waren.

Ik weet niet hoe je dit nog oprecht 'vasten' kunt noemen. Het komt er eigenlijk op neer dat je je maaltijden wat beperkt, maar je eet nog steeds drie keer per dag. Vlees mag worden gegeten tijdens de hoofdmaaltijd op een vastendag, behalve op vrijdagen, Aswoensdag en Stille Zaterdag. Eten tussen de maaltijden door is niet toegestaan, maar vloeistoffen – waaronder melk en vruchtensappen – zijn wel toegestaan. Wanneer de gezondheid of het vermogen om te werken ernstig in het gedrang zouden komen, geldt de verplichting niet. Als je bijvoorbeeld in de bouw werkt, werd er dus eigenlijk nauwelijks iets van je verlangd. Bij twijfel over het vasten kun je het beste overleggen met de pastoor of biechtvader. Er geldt geen verplichting tot vasten of onthouding op een verplichte feestdag, zelfs niet als deze op een vrijdag valt. In 1957 werden er vervolgens nog enkele wijzigingen doorgevoerd.

Je ziet hier een geleidelijke versoepeling – al vóór het concilie – tot het punt waarop er nauwelijks nog sprake is van echt vasten; het enige wat overbleef, was dat men tijdens de vastentijd op bepaalde dagen geen vlees mocht eten. Na het Tweede Vaticaans Concilie werden alle voorschriften bovendien aanzienlijk verder versoepeld. Volgens de huidige wetgeving is vasten alleen nog verplicht op Aswoensdag en Goede Vrijdag. Je kunt dus in feite één volledige maaltijd nuttigen, terwijl de twee andere maaltijden samen niet aan die eerste maaltijd gelijkstaan. Op die dagen mag je geen vlees eten; je moet op die twee dagen dus vasten en je onthouden van vlees. Maar ik vraag me af of twee kleine maaltijden en één volledige maaltijd nog wel echt als 'vasten' kunnen worden beschouwd. Maar goed, zo is de huidige regelgeving nu eenmaal. Daarnaast geldt er op alle vrijdagen van het jaar een onthoudingsplicht. Je wordt dus geacht om op elke vrijdag van het jaar geen vlees te eten.

Buiten de vastentijd is het echter toegestaan ​​om een ​​andere vorm van boetedoening te kiezen. Tijdens de vastentijd mag je op vrijdagen geen vlees (of andere zaken) eten, maar daarbuiten mag dat wel. De regels rond vasten en onthouding zijn niet langer toereikend om deugdzaamheid op te bouwen of te behouden. We zijn inmiddels op een punt beland waarop slechts twee keer per jaar vasten niet langer volstaat om deugdzaamheid te ontwikkelen of in stand te houden. Mensen moeten daarom zelf het initiatief nemen. En precies daarom is het belangrijk om mensen hierin aan te moedigen, begrijp je? Wat je dan zou kunnen doen, is kijken naar de vroegere vastenpraktijken die in de Kerk gebruikelijk waren, en proberen die te volgen – terugkeren naar de wijze waarop men in de beginperiode van de Kerk vastte, als dat voor jou haalbaar is.

Zelf doe ik dat in feite: hoewel het niet strikt bij zonsondergang is, eet ik doordeweeks slechts één maaltijd per dag. Ik volg dus grotendeels de oude vastenregels. Het interessante is dat, zodra je eenmaal in dat ritme zit, het juist moeilijker wordt om het vasten níét vol te houden. Je krijgt dan echt het gevoel: ik kan niet wachten om weer te gaan vasten. Dat laat zien dat mensen niet alleen verzuimen de betreffende deugd op te bouwen, maar ook de genaden mislopen die verbonden zijn aan het opvolgen van de kerkelijke voorschriften op dit gebied. Er gaat dus een schat aan genade verloren. Het toont ook aan dat men in de vroege Kerk heel goed begreep dat het noodzakelijk is om deze deugden te ontwikkelen – om zo de begeerte (concupiscentie) te overwinnen, de lagere vermogens te beheersen, discipline te bewaren en überhaupt enige vorm van deugdzaamheid te behouden.

Vasten en onthouding in de Middeleeuwen, in 1945, en 1962 en nu.

Middeleeuwen (Tijd van Thomas van Aquino)

* Algemene betekenis: Vasten ging om de hoeveelheid voedsel. Onthouding ging om het soort voedsel (de kwaliteit).

* Vastendagen (Hoeveelheid): Zeer streng. Men mocht slechts één maaltijd per dag nuttigen, traditioneel pas na de Vespers (einde van de middag). Pas later in de middeleeuwen werd een klein stukje brood in de ochtend of avond (een 'collatie') toegestaan.

* Onthoudingsdagen (Soort voedsel): Absolute onthouding van vlees, vetten en alle dierlijke producten (zoals eieren, melk, boter en kaas, ook wel lacticinia genoemd). Vis was wel toegestaan.

* Belangrijkste periodes: De gehele Veertigdagentijd (40 dagen voor Pasen, uitgezonderd de zondagen), de Quatertemperdagen (vier keer per jaar drie dagen), de Rogatiedagen en de avonden (vigilies) voor grote feestdagen. Ook elke vrijdag (en vaak zaterdag) was een onthoudingsdag.

Het jaar 1945 (Codex Iuris Canonici van 1917)

* Algemene betekenis: Vasten en onthouding waren strikt juridisch vastgelegd in het kerkelijk recht. De wet maakte een scherp onderscheid tussen de twee verplichtingen, die soms los van elkaar of tegelijk golden.

* Vastendagen: Maximaal één volledige maaltijd per dag. Daarnaast waren twee kleine, sobere versterkingen (zonder vlees) toegestaan om de krachten te behouden. De verplichting gold voor katholieken van 21 tot 59 jaar.

* Onthoudingsdagen (Soort voedsel): Verbod op het eten van vlees en vleessoep/jus. Producten zoals eieren, zuivel en dierlijke vetten (reuzel/boter) waren inmiddels wel gewoon toegestaan. De verplichting gold vanaf 7 jaar.

* Belangrijkste periodes:

Alleen onthouding: alle vrijdagen van het jaar.

Alleen vasten: de werkdagen van de Advent.

Vasten én onthouding samen: Aswoensdag, de vrijdagen en zaterdagen van de Veertigdagentijd, de Quatertemperdagen en enkele specifieke vigilie-avonden.

Het jaar 1962 (Tijdperk van Johannes XXIII / Vlak voor Vaticanum II)

* Algemene betekenis: De structuur van 1917 was nog steeds van kracht, maar er waren aanzienlijke lokale versoepelingen (dispensaties) ingevoerd om de regels aan te passen aan de moderne werkende mens.

* Vastendagen: Het basisprincipe bleef één volledige maaltijd met twee kleine collaties, maar de bisschoppen gaven veel vaker algemene dispensaties voor werkenden.

* Onthoudingsdagen (Soort voedsel): Geen vlees op de aangewezen dagen. Echter, op bepaalde zaterdagen of minder strenge vastendagen werd vlees bij de hoofdmaaltijd al vaker oogluikend toegestaan door bisschoppelijke verordeningen.

* Belangrijkste periodes: Aswoensdag en Goede Vrijdag bleven de absolute kerndagen voor de combinatie van vasten en onthouding. De Veertigdagentijd werd nog als vastenperiode beschouwd, maar de Quatertemperdagen verloren in de praktijk al veel van hun strikte naleving door de vele uitzonderingen.

De huidige tijd (Sinds de apostolische constitutie Paenitemini van 1966 en het Wetboek van 1983)

* Algemene betekenis: De nadruk is verschoven van extern juridische verplichtingen naar persoonlijke spirituele bekering, versobering en liefdadigheid.

* Vastendagen: Er zijn nog maar twee verplichte vastendagen per jaar: Aswoensdag en Goede Vrijdag. De regel is nog steeds maximaal één volledige maaltijd en twee kleinere beetjes, vanaf 18 tot 59 jaar.

* Onthoudingsdagen (Soort voedsel): In principe zijn alle vrijdagen van het jaar (tenzij het een hoogfeest is) dagen van onthouding van vlees voor iedereen vanaf 14 jaar.

* Belangrijkste periodes: De Veertigdagentijd is de algemene tijd van boetvaardigheid.

Belangrijke nuance voor Nederland en Vlaanderen: De bisschoppenconferenties hebben de verplichte onthouding van vlees op gewone vrijdagen omgezet in een vrije keuze. Gelovigen mogen het laten van vlees vervangen door een andere vorm van onthouding of een daad van naastenliefde (zoals vrijwilligerswerk, een gift of het laten van sociale media/alcohol). Enkel Aswoensdag en Goede Vrijdag blijven universeel verplicht voor vleesonthouding.

Vasten en onthouding volgens OLVrouw in Medjugorje gevraagd

In de verschijningen in Medjugorje (sinds 1981) is vasten een van de belangrijkste spirituele kernboodschappen. Het wordt door Onze Lieve Vrouw (de Koningin van de Vrede) genoemd als een van de "Vijf Stenen" waarmee gelovigen Satan en het kwaad kunnen overwinnen.

De specifieke richtlijnen en dagen die zij hiervoor heeft opgegeven zijn zeer concreet:

Specifieke vastendagen

De Maagd Maria vraagt in haar boodschappen nadrukkelijk om twee vaste dagen per week strikt te vasten:

Woensdag (traditioneel de dag waarop Judas Jezus verraadde)

Vrijdag (de dag van Jezus' kruisiging)

Dit vasten duurt de volledige dag, van middernacht tot middernacht (24 uur).

Wijze van vasten: Alleen brood en water

Volgens de boodschappen is dit geen kwestie van minder eten of het skippen van een maaltijd. De specifieke methode die zij vraagt is:

"Het beste vasten is op brood en water." (Boodschap van 21 juli 1982)

Men mag gedurende de dag wel voldoende brood eten om verzadigd te zijn (geen uithongering), maar er mag niets aan toegevoegd worden (geen boter, beleg of suiker). Er mag enkel plat water bij gedronken worden, dus geen koffie, thee, sappen of alcohol.

Spirituele betekenis en de kracht van het vasten

In haar boodschappen legt Onze Lieve Vrouw de nadruk op "vasten met het hart" (niet uit sleur of om op te scheppen). Zij schrijft hier buitengewone spirituele krachten aan toe:

* Oorlogen stoppen: "Alleen door gebed en vasten kunnen oorlogen worden gestopt." (Boodschap van 25 april 1992)

* Natuurwetten opschorten: Zij stelt dat oprecht vasten en bidden zelfs de wetten van de natuur kan opschorten en ziektes of rampen kan afwenden.

* Angst wegnemen: "Wie bidt is niet bang voor de toekomst, en wie vast is niet bang voor het kwaad." (Boodschap van 25 januari 2001)

Uitzonderingen en onthouding als alternatief

Maria benadrukt dat iedereen moet vasten, behalve de zieken. Voor mensen die om legitieme medische redenen (of fysieke kwetsbaarheid) niet op brood en water kunnen leven, geeft zij een alternatieve invulling van onthouding:

Zij vraagt hen om op die woensdagen en vrijdagen andere offers te brengen.

Dit kan bestaan uit het onthouden van een slechte eigenschap of zonde, of het opgeven van materiële zaken waar men aan gehecht is, zoals televisie, sociale media, koffie, alcohol of roken.

Hoe vind je dit bericht? 2 stemmen
Geschreven door claudia om 23:21 Reageer op dit bericht

Blauw boek 411 - OLVrouw aan Don Gobbi

15/9/1989 Feest van OLVrouw van Smarten - In Fatima:

Blauw boek 411 - OLVrouw aan Don Gobbi

Groot is mijn smart

Deel, geliefde zonen, in mijn smart. Ik ben jullie smartvolle Moeder. Mijn Onbevlekt Hart wordt door talloze en pijnlijke doornen doorboord. De heerschappij van mijn Tegenstander wordt met de dag groter, en zijn macht breidt zich uit in harten en zielen. Een diepe duisternis is nu over de wereld neergedaald. Het is de duisternis van de hardnekkige verwerping van God. Het is de duisternis van de zonde — zonden die worden begaan, gerechtvaardigd en niet langer beleden. Het is de duisternis van wellust en onzuiverheid. Het is de duisternis van ongebreideld egoïsme en haat, van verdeeldheid en oorlog.

Het is de duisternis van het verlies van het geloof en van afvalligheid. In de kelk van mijn Onbevlekt Hart verzamel ik, ook vandaag weer, al het lijden van mijn Zoon Jezus, die op mystieke wijze opnieuw de bloedige uren van zijn doodsstrijd doormaakt. Voor Jezus is het heden een nieuw Getsemane: Hij ziet zijn Kerk zo geschonden en verlaten, waarbij het merendeel van haar herders slaapt in onverschilligheid en lauwheid, terwijl anderen de daad van Judas herhalen en haar verraden uit dorst naar macht en geld. De Draak juicht om de omvang van zijn verovering — geholpen door het Zwarte Beest en het beest dat op een lam lijkt — in deze tijd waarin de duivel op jullie is losgelaten, in het besef dat hem nog maar weinig tijd rest. Daarom zijn ook de dagen van mijn grootste smart aangebroken.

Groot is mijn smart wanneer ik zie hoe mijn Zoon Jezus opnieuw wordt veracht en gegeseld in zijn woord; verworpen uit hoogmoed en verscheurd door menselijke en rationalistische interpretaties. Groot is mijn smart wanneer ik Jezus — die werkelijk aanwezig is in de Eucharistie — steeds meer vergeten, verlaten, beledigd en vertrapt zie worden. Groot is mijn smart wanneer ik mijn Kerk verdeeld, verraden, ontkleed en gekruisigd zie. Groot is mijn smart wanneer ik mijn Paus zie bezwijken onder het gewicht van een uiterst zwaar kruis, terwijl hij omringd wordt door volkomen onverschilligheid van de kant van bisschoppen, priesters en gelovigen.

Groot is mijn droefheid om een ​​steeds groter aantal van mijn arme kinderen, die voortsnellen op de weg van het kwaad en de zonde, van ondeugd en onzuiverheid, van egoïsme en haat, met het grote gevaar voor eeuwig verloren te gaan in de hel. Daarom vraag ik jullie vandaag, kinderen die aan mijn Onbevlekt Hart zijn toegewijd, hetzelfde als wat ik in mei 1917, op deze zelfde plek, vroeg aan mijn drie kleine kinderen – Lucia, Jacinta en Francisco – aan wie ik verscheen.

Willen ook jullie jezelf als offer aan de Heer aanbieden, op het altaar van mijn Onbevlekt Hart, voor het heil van al mijn arme, zondige kinderen? Als jullie op dit verzoek ingaan, moeten jullie doen wat ik nu van jullie vraag:

* Bid steeds meer, in het bijzonder de heilige rozenkrans.

* Besteed regelmatig tijd aan aanbidding en eerherstel voor het Allerheiligste Sacrament.

* Aanvaard met liefde al het lijden dat de Heer op jullie weg brengt.

* Verspreid zonder vrees de boodschap die ik jullie geef, als hemelse profetes voor deze laatste tijden.

Wisten jullie eens welke straf jullie te wachten staat als jullie de deur van jullie hart opnieuw sluiten voor de angstige stem van jullie hemelse Moeder! Want het goddelijk Hart van mijn Zoon Jezus heeft aan mijn Onbevlekt Hart de laatste en uiterste poging toevertrouwd om jullie allen naar het heil te leiden.

Hoe vind je dit bericht? 1 stem
Geschreven door claudia om 21:57 Reageer op dit bericht

De Mariaverschijning in Remagen - Duitsland

De Mariaverschijning in Remagen

Bij de Mariaverschijning in Remagen (Duitsland) verscheen de H. Maagd Maria volgens de overlevering op 18 december 1950 aan een kleuterleidster en twintig kinderen.

Zij zagen Maria samen met haar goddelijke Zoon Jezus, gehuld in een stralend licht. Achter hen was een gloeiend kruis op een gouden wolk zichtbaar. De Madonna droeg een buitengewoon helderwitte mantel en spoorde de aanwezigen met gevouwen handen aan om te bidden. Toen de verschijning vervaagde, was er het luiden van een klok te horen. Deze specifieke gebeurtenis is historisch gezien niet officieel erkend door het Vaticaan.

De "Zwarte Madonna" van Remagen

Wanneer men in Remagen spreekt over "Onze-Lieve-Vrouw", linkt men dit lokaal echter vrijwel altijd aan de Zwarte Madonna van de Vredeskapel Remagen. Dit is geen bovennatuurlijke verschijning, maar een historisch en religieus symbool uit de Tweede Wereldoorlog:

geschiedenis: In het voorjaar van 1945 lag in Remagen het beruchte Amerikaanse krijgsgevangenenkamp Goldene Meile.

beeldje: Een Duitse gevangene, de bekende beeldhouwer Adolf Wamper, boetseerde destijds uit de modder en klei van het kamp een klein beeldje van de Maagd Maria met het kind Jezus.

kapel: Dit beeldje overleefde de oorlog en staat sinds 1987 centraal in de speciaal daarvoor gebouwde Vredeskapel, die herinnert aan het leed van de duizenden gevangenen.

De kernboodschap

De kernboodschap van de Mariaverschijning in Remagen was een dringende oproep tot gebed.

Tijdens deze specifieke visioenen, waarbij Maria verscheen aan een kleuterleidster en twintig kinderen, gaf zij geen uitgebreide profetieën of ingewikkelde geheimen door. De overlevering benadrukt de volgende elementen van haar boodschap en verschijning:

* Oproep tot gebed: Maria verscheen met gevouwen handen en spoorde de aanwezigen nadrukkelijk aan om te bidden.

* Focus op Christus: De verschijning droeg een diepe christelijke symboliek met zich mee om het geloof van de gemeenschap te versterken. Maria verscheen samen met Jezus te midden van een fel licht en een gloeiend kruis.

* Tijdsgeest (Koude Oorlog en trauma): Hoewel er destijds geen lange teksten zijn gedocumenteerd, pasten de visioenen in Remagen binnen een grotere golf van Duitse "gebedsheiligdommen" net na de Tweede Wereldoorlog. De onofficiële boodschap achter dit soort verschijningen in de regio was destijds steevast gericht op boetedoening, vrede en bescherming tegen het communisme tijdens de opkomende Koude Oorlog.

Mariaverschijningen na de Tweede Wereldoorlog in Duitsland

In de periode direct na de Tweede Wereldoorlog (1945–1954) vond er in West-Duitsland een opmerkelijke golf van vermeende Mariaverschijningen en religieuze wonderen plaats. Dit was een grassroots-reactie op het oorlogstrauma en de angst voor de Koude Oorlog.

Pfaffenhofen / Marienfried

* Begindatum: 25 april 1946

* Verschijning: Maria presenteerde zich nadrukkelijk als de "Grote Middelares van Genade" en "Moeder van de Kerk". Ze verscheen later in visioenen vergezeld door engelen. Vanaf 1947 traden er ook stigmata (bloedwonden) op bij de zieneres.

* Ziener: Bärbel Rueß (een jonge vrouw).

* Boodschappen: Oproep tot actieve wereldwijde gebedsvernieuwing en de rozenkrans. Maria waarschuwde voor de vernietigende krachten van de duivel en riep op om de mensheid te wijden aan haar Onbevlekt Hart om vrede af te dwingen.

Heroldsbach

* Begindatum: 9 oktober 1949

* Verschijning: Begon als een visioen van een "witte zuster". Maria verscheen vaak met het kindje Jezus op haar arm. De kinderen mochten haar mantel en kroon aanraken en Jezus vasthouden. In december 1949 vond er een grootschalig "zonnewonder" plaats, vergelijkbaar met dat in Fatima. Er waren in totaal zo'n 3000 visioenen tot herfst 1952.

* Zieners: Een vaste groep van 7 jonge meisjes (tussen 10 en 11 jaar) en één 19-jarige vrouw (onder wie Maria Heilmann, Gretel Gügel en Antonie Saam).

* Boodschappen: Maria vroeg om intense boetedoening en gebed (vooral de rozenkrans) om de wereld te redden van naderend onheil. Ze uitte diepe zorgen over het morele verval van de mensheid en de dreiging van een nieuwe oorlog.

Rodalben

* Begindatum: Begin 1948 (bloedwonderen intensiveerden rond 1950-1952)

* Verschijning: Visioenen van de Maagd Maria en Christus, gekenmerkt door mystieke verschijnselen zoals bloedmirakelen (stigmata) en het uitscheiden van bloedvloeistof.

* Ziener: Anneliese Wafzig.

* Boodschappen: Sterke nadruk op het lijdenselement, boetedoening voor de zonden van de wereld (en specifiek het Duitse oorlogsverleden), en de noodzaak tot spirituele ommekeer om goddelijke straf te voorkomen.

Remagen

* Begindatum: 18 december 1950

* Verschijning: Maria gehuld in een helderwitte mantel, staand op een gouden wolk voor een gloeiend kruis, vergezeld door haar Zoon Jezus Christus.

* Zieners: Een lokale kleuterleidster samen met een groep van twintig jonge kinderen.

* Boodschappen: Een zeer directe, visuele oproep tot bidden. De verschijning hield haar handen gevouwen om het belang van het gebed te demonstreren. Het diende als lokale troost en spirituele versterking in een zwaar door de oorlog getraumatiseerde regio.

Hoe vind je dit bericht? 1 stem
Geschreven door claudia om 20:25 Reageer op dit bericht

12/10 Boete en gebed om de wereld te redden. - Marcos Tadeu Teixeira

12/10 Feestdag van OLVrouw van Aparecida - Boete en gebed om de wereld te redden. - Marcos Tadeu Teixeira

Maria: Lieve kinderen, Ik ben de Moeder en Koningin van Brazilië. Bid om Brazilië te redden. Doe boete en bidom de wereld te redden. Bekering is nodig om de goddelijke gave van vrede over de gehele wereld te doen neerdalen.

Alleen wanneer harten Mijn Liefdevlam bezitten en zich werkelijk tot de Heer wenden, zal de wereld vrede kennen. Harten zullen worden bevrijd van alle onrust en verwarring. En uiteindelijk zal deze rusteloze en verontruste wereld de ware vrede ervaren die uit de Hemel komt.

Alleen door de Rozenkrans kan de wereld worden gered; alleen dan kan vrede worden gewaarborgd.

Alleen door gebed kan de verspreiding van Mijn boodschappen worden verwezenlijkt. Vorm daarom de gebedsgroepen waar Ik om heb gevraagd, zodat elk obstakel dat Satan op het pad van Mijn boodschappen werpt, kan worden weggenomen, en Mijn boodschappen al Mijn kinderen kunnen bereiken die ze zo dringend nodig hebben om gered te worden.

Ik ben de Moeder en Koningin van Brazilië; Ik zal dit land redden. Niet omdat dit volk, dat ongehoorzaam is aan Mijn boodschappen, het verdient, maar vanwege de buitengewone inspanningen van Mijn zoon Marcos om Mij bekend en bemind te maken en om Mijn boodschappen over de gehele wereld te verspreiden.

Mijn zoon, Ik ben diep ontroerd door alles wat je aan Mijn kinderen hebt getoond, door alle boodschappen die je in deze films met hen hebt gedeeld tijdens de ‘Laatste Kansen’ van vandaag.

Deze ‘Laatste Kansen’ die je hebt gecreëerd, hebben Mijn Hart grote troost geschonken — in het bijzonder het gedeelte waarin je aan al Mijn kinderen Mijn verschijning in Remagen hebt getoond.

Velen die vandaag vanuit verre landen keken, hadden Remagen nog nooit gezien en hadden nog nooit gehoord van Mijn boodschappen uit Remagen. Nu zij Mijn boodschap kennen, zullen zij deze ook naleven, en zal Mijn Liefdevlam in staat zijn de plannen van Satan te doen instorten.

Meer zielen zullen zich bekeren en bidden, wat zal leiden tot nieuwe bekeringen, meer gebeden en voortdurende bekeringen, tot aan de Triomf van Mijn Onbevlekt Hart.

En dit alles dankzij jou, voor het zwaard van smart dat je vandaag uit Mijn Hart hebt weggenomen door dit te doen, en voor al het andere dat je aan Mijn kinderen hebt getoond — waarbij je niet alleen Mijn macht en Mijn glorie aan het begin van Mijn verschijningen hier hebt onthuld, maar ook Mijn immense liefde voor jou, voor de kinderen die Ik destijds uitkoos toen Ik hen riep, en de liefde die Ik koester voor al Mijn kinderen – want Ik bemin al Mijn kinderen, zonder uitzondering.

En Ik wil iedereen redden, net zoals Ik degenen wilde redden die Ik in het begin riep om jou te vergezellen. Jij hebt aan al Mijn kinderen de vasthoudendheid van een moederliefde getoond – waartoe een Moeder in staat is om haar kinderen te redden, om dicht bij hen te zijn, bij hen te blijven, hen te steunen, hen te redden en hen naar de Hemel te leiden.

Zij zullen begrijpen hoe vasthoudend Mijn liefde is, hoe groots Mijn liefde is, en waartoe Ik in staat ben wanneer Ik Mijn kinderen wil redden.

Zij hebben Mijn liefde nu gezien en gevoeld via de films die jij hebt gemaakt. Daarom moge jij vandaag, en voor de gehele eeuwigheid, duizendmaal gezegend zijn. Jij, die Mijn Hart zozeer hebt getroost en die de afgelopen dagen, door het maken van deze films, zoveel verdienstelijke kracht in Mijn handen hebt gelegd – Ik dank je en zeg: met deze verdienstelijke kracht, deze mystieke kracht die jij aan de Mijne hebt toegevoegd door Mij jouw persoonlijke verdiensten aan te bieden, zal Ik een deel van het plan van Satan ten val brengen. En dankzij dit alles zal Mijn Onbevlekt Hart de kracht van Mijn Liefdevlam loslaten over vele zielen en naties in de hele wereld.

Wees nogmaals duizendmaal gezegend, Mijn engel; jij op wie Ik altijd kan rekenen, op elk moment, elk uur, elke dag, 24 uur per dag. Mijn onophoudelijke Liefdevlam – jij die voor Mij hebt gekozen, die Mij meer hebt liefgehad dan wat dan ook of wie dan ook, die jezelf volledig aan Mij hebt gegeven; jij die Mij alles hebt geschonken. Daarom schenk ook Ik jou nu alles en geef Ik het aan jou.

Ik zegen je: vanuit Pontmain, vanuit Pellevoisin en vanuit Jacareí.

En ook aan alle anderen schenk Ik nu, met liefde, Mijn zegen.

Marcos Tadeu: Mijn Vrouwe, mijn Koningin, mijn enige en ware liefde, ik draag U hierbij plechtig al deze zes films op die ik heb gemaakt om U bekender en geliefder te maken, in het bijzonder Remagen. En ik vraag U om de verdienste van deze zes goede en heilige werken die ik heb vervaardigd, om te zetten in genaden van heil, in het bijzonder voor dit land, Brazilië.

Ik weet dat de mensen in dit land ongehoorzaam zijn aan Uw boodschappen; het ontbreekt hun aan geloof en zij volgen niet op wat U hier zegt. Ik weet dat zij het niet verdienen, maar ik vraag U: aanvaard dit nederige offer dat ik U breng. Red dit land, omwille van mij, omwille van de heiligen uit het verleden die U liefhadden, en omwille van degenen die vanaf het begin in Uw boodschappen geloofden – zij die inmiddels zijn heengegaan en zich nu in de Hemel bevinden, en die U zozeer hebben liefgehad.

Doe dit voor mij en voor deze plaats, opdat ik Uw woord van hieruit naar de gehele wereld kan blijven uitdragen. Moge het gebed hier altijd levend blijven; moge Uw Liefdevlam altijd blijven branden. En blijf vanuit dit oord Uw kinderen overal ter wereld redden van het kwaad en het gevaar dat hen thans bedreigt.

Ik draag U, o Koningin, deze zes heilige werken op. Laat ze veranderen in kracht, zodat zij – tezamen met de Liefdevlam uit Uw Hart – het land van Santa Cruz kunnen redden.

Hoe vind je dit bericht? 2 stemmen
Geschreven door claudia om 17:27 Reageer op dit bericht

13/10 De tijd is gekomen dat elke profetie in vervulling gaat! – Myriam Corsini

13/10 De tijd is gekomen dat elke profetie in vervulling gaat! – Myriam Corsini

H. Maagd Maria: De allerheiligste Maria is bij jullie, geliefde dochter. Mijn Onbevlekt Hart zal spoedig zegevieren, en Mijn trouwe kinderen zullen met Mij zegevieren. Mijn geliefden, jullie staan ​​op het punt jullie Heer Jezus Christus te ontmoeten; jullie zullen door Hem worden omhelsd en meegenomen naar een andere planeet. De tijd is gekomen dat elke profetie in vervulling gaat. De Heer heeft jullie opgedragen in stilte te wandelen, zonder enige pretentie; God is Degene die de geschiedenis leidt… alles zal geschieden volgens Zijn Woord.

God de Vader: Geliefde kinderen, o jullie die Mij niet zoeken, die Mij niet liefhebben, die ervoor gekozen hebben de god van oneindige ellende te volgen – zie, tot jullie roep Ik al Mijn verdriet uit; jullie lopen op gloeiende kolen zonder dat jullie het doorhebben.

O mensen, jullie zijn verstrikt geraakt in de verlokkingen van Mijn tegenstander – hij die jullie spoedig in zijn ketenen zal slaan en tot zijn slaven zal maken. Verlaat dit verdraaide pad en keer terug naar de weg van het heil; God heeft jullie lief, en als jullie Hem met oprecht berouw om vergeving vragen, zal Hij jullie vergeven. Heb jezelf lief; zoek het heil; zweer de zonde af. De Hemel waarschuwt jullie voor de naderende catastrofe die de aarde zal treffen. Wees niet dwaas! …Sla acht op Mijn oproepen, zodat jullie niet onvoorbereid worden getroffen door de dreigende rampen.

Mijn kinderen – en door jullie eigen vrije keuze niet langer de Mijne… als jullie je niet bekeren, zullen jullie zwaar lijden onder jullie eigen hoogmoed. Wees niet doof voor Mijn stem; Ik ben jullie enige ware goed. Kies ervoor om naar Mij terug te keren voordat het zand in de zandloper het einde van de tijd aangeeft. Voorwaar, Ik zeg jullie: deze generatie zal de vervulling van de profetieën zien; zij zal het einde van een oude geschiedenis en het aanbreken van een nieuw tijdperk aanschouwen. Bereid je voor, o mensen; verlang ernaar binnen te gaan en te genieten van de wonderen die God voor jullie heeft bereid. Keer terug naar de Vader, o mensen; bekeer je! Bekeer je nu!

Dit zijn tijden van keuze, moeilijke tijden; Oorlog zal in elke natie woeden! …Satan krijgt de overhand over de mensheid en drijft haar ertoe de ene ramp na de andere te begaan. Dit is wat Ik, de God van de Liefde, aan jullie moet verkondigen, opdat er in jullie berouw mag ontstaan! De Verlossing roept jullie tot Zich; wees niet hoogmoedig, maar ontvang Zijn Woord met liefde en wees gehoorzaam aan Zijn wil, zodat deze wereld weer tot leven kan komen en opnieuw kan genieten van het Eden dat door jullie zonden verloren is gegaan.

Zuiver jezelf, o mensheid; belijd je zonden; bekeer je!!! Ik heb jullie lief, Ik verlang naar jullie, Ik zegen jullie. God van de Verlossing.

Hoe vind je dit bericht? 2 stemmen
Geschreven door claudia om 17:15 1 reactie Reageer op dit bericht

Mere Christianity van C.S. Lewis

Mere Christianity van C.S. Lewis

In het meesterwerk Mere Christianity (in het Nederlands vertaald als Onversneden Christendom) bouwt de Britse denker C.S. Lewis een stapsgewijze, logische verdediging op van het christelijk geloof. Als voormalig atheïst begint hij niet met dogma's of de Bijbel, maar met de menselijke ervaring.

De kernpunten die Lewis aanhaalt om rationeel tot geloof te komen, zijn op te delen in vier opeenvolgende stappen:

1. Het morele argument: De Wet van de Menselijke Natuur

Lewis begint met de observatie dat mensen overal ter wereld ruziën. Als mensen ruziën, doen ze een beroep op een universele standaard van wat 'fair' of 'juist' is (de natuurwet).

* De objectieve moraal: Net als de wetten van de wiskunde, hebben wij deze morele wet niet zelf bedacht; we ontdekken hem. Zelfs een relatievere denker raakt verontwaardigd als hem onrecht wordt aangedaan.

* Het menselijk falen: Hoewel iedereen het bestaan van deze wet erkent, houdt niemand zich er perfect aan. Dit besef van tekortkoming (of schuld) is volgens Lewis de noodzakelijke eerste stap om de behoefte aan een oplossing te begrijpen.

2. De bron achter de wet: Een Bewust Verstand

Er zijn volgens Lewis twee manieren om naar het universum te kijken: het materialistische beeld (alles is toeval) en het religieuze beeld (er zit een verstand achter).

De wetenschap kan alleen observeren wat het universum doet, niet waarom het bestaat.

De enige aanwijzing die we van 'binnenuit' hebben over het universum, is die innerlijke stem in ons geweten (de morele wet). Omdat die wet ons dwingt om het goede te doen, moet de bron erachter een persoonlijk, bewust en moreel Verstand zijn.

3. Het probleem van het kwaad en de Vrije Wil

Als God goed is, waarom is de wereld dan zo slecht? Lewis legt uit dat God de mens vrije wil heeft gegeven.

Zonder vrije wil zouden we robots zijn. Ware liefde, goedheid en vreugde kunnen alleen bestaan als er een vrije keuze is.

De keerzijde van die vrijheid is dat de mens er misbruik van kan maken. Het kwaad is volgens Lewis geen zelfstandige kracht, maar "bedorven goedheid" (een parasiet op het goede).

4. Het "Trilemma" rondom Jezus Christus (Liar, Lunatic, or Lord)

Dit is het beroemdste theologische kernpunt van Lewis. Hij pakt historici aan die beweren dat Jezus slechts een "groot moreel leraar" was. Jezus claimde namelijk zonden te vergeven en beweerde God zelf te zijn. Lewis stelt dat er logischerwijs maar drie opties zijn:

* Leugenaar: Hij wist dat Hij God niet was, maar bedroog doelbewust de boel. (Dit rijmt niet met zijn hoogstaande morele impact).

* Gek: Hij dacht oprecht dat Hij God was, maar was volkomen krankzinnig (vergelijkbaar met iemand die denkt dat hij een gekookt ei is).

* Heer: Hij sprak de waarheid en is inderdaad de Zoon van God.

Als de eerste twee opties psychologisch en historisch onwaarschijnlijk zijn, dwingt de logica ons om de derde optie te accepteren.

5. Kosmische metamorfose: Van "Maken" naar "Verwekken"

Tot slot legt Lewis uit wat het doel van het geloof is. God wil ons niet slechts een beetje 'beter' of 'aardiger' maken (zoals een paard dat beter leert springen). God wil ons transformeren tot iets totaal nieuws: wezens die delen in Zijn eeuwigheid. Het geloof is de bewuste overgave aan deze transformatie.

Het Trilemma (Leugenaar, Gek of Heer) is een van de meest besproken argumenten uit de christelijke apologetiek.

Hoe ziet C.S. Lewis de stappen om tot geloof te komen

In zijn boek Mere Christianity beschrijft C.S. Lewis de weg naar het geloof niet als een plotselinge emotionele opwelling, maar als een rationeel en logisch proces. Als voormalig atheïst begreep hij de intellectuele drempels als geen ander.

De stappen om tot geloof te komen bouwen volgens Lewis logisch op elkaar voort:

Stap 1: De ontdekking van de morele wet (Het fundament)

* Wat er gebeurt: De mens ontdekt dat er een universele maatstaf van goed en kwaad bestaat (de natuurwet).

Logica: Wanneer we ruziën, doen we een beroep op een standaard van 'fairness' die we niet zelf hebben bedacht, maar die we aantreffen in de realiteit. Deze wet is objectief, net als de wetten van de wiskunde.

Stap 2: De confrontatie met het eigen falen (Het morele tekort)

* Wat er gebeurt: De mens realiseert zich dat hij er niet in slaagt om zich aan deze morele wet te houden.

* Logica: Iedereen vraagt van anderen een bepaald moreel gedrag, maar schiet daar zelf vroeg of laat in tekort. Dit besef van tekortkoming creëert een gevoel van morele schuld en onbehagen. Zonder deze stap heeft het christendom volgens Lewis geen zin; je hebt pas behoefte aan een dokter als je weet dat je ziek bent.

Stap 3: De logische aanname van een 'Verstand' achter het universum

* Wat er gebeurt: De mens zoekt naar de oorsprong van die morele wet.

* Logica: De materiële wetenschap kan alleen observeren wat de natuur doet, niet waarom de natuur bestaat. De enige aanwijzing die we van binnenuit over het universum hebben, is onze innerlijke stem (het geweten). Omdat deze wet ons dwingt tot het goede, moet de bron achter het universum logischerwijs lijken op een bewust, moreel en persoonlijk Verstand (God).

Stap 4: De confrontatie met de historische Jezus (Het Trilemma)

* Wat er gebeurt: De zoekende mens stuit op de historische figuur Jezus Christus en moet een intellectuele keuze maken over Zijn identiteit.

* Logica: Jezus claimde de autoriteit te hebben om zonden te vergeven en beweerde God zelf te zijn. Lewis stelt dat je Hem hierom onmogelijk een "gewone, goede morele leraar" kunt noemen. Er zijn maar drie logische opties (het beroemde Trilemma):

Leugenaar: Hij wist dat Hij God niet was, maar bedroog de mensheid.

Krankzinnige: Hij dacht oprecht dat Hij God was, maar leed aan totale zelfbegoocheling.

Heer: Hij sprak de waarheid.

Als de eerste twee opties historisch en psychologisch onhoudbaar zijn, dwingt de rede de mens om de stap te zetten en te geloven dat Hij de Heer is.

Stap 5: De bewuste overgave (Het geloof in actie)

* Wat er gebeurt: Geloof verschuift van een intellectuele instemming naar een daad van de wil.

* Logica: Geloof is volgens Lewis de deugd die vasthoudt aan wat het verstand ooit als waarheid heeft geaccepteerd, zelfs als je emoties of omstandigheden plotseling iets anders roepen. De uiteindelijke stap is de bereidheid om je eigen ego op te geven, zodat God je kan transformeren van een louter biologisch wezen (Bios) naar een wezen met eeuwig, goddelijk leven (Zoe).

Hoe legt hij het verschil uit tussen menselijke emoties en het intellectuele geloof

In Onversneden Christendom legt C.S. Lewis uit dat het grootste gevaar voor het geloof niet het menselijke verstand is, maar de veranderlijkheid van onze menselijke emoties. Hij stelt dat veel mensen hun geloof niet verliezen door een intellectueel argument, maar simpelweg omdat hun emoties of humeur omslaan.

Lewis trekt een scherp grens tussen deze twee aspecten:

1. Het intellectuele geloof (Geloof als een wilsdaad)

Voor Lewis is geloof in de eerste plaats een intellectuele deugd. Het is de eigenschap van het verstand om vast te houden aan datgene wat je eerder, na kritisch en logisch nadenken, als waarheid hebt geaccepteerd.

* Werking: Als uw verstand eenmaal op basis van bewijzen en logica heeft geconcludeerd dat het christendom waar is, dan is die conclusie een vaststaand feit.

* De ratio: Het intellect verandert niet zomaar van mening, tenzij er gloednieuw, steekhoudend tegenbewijs wordt geleverd.

2. De menselijke emoties (De veranderlijke stoorzenders)

Menselijke emoties en stemmingen zijn daarentegen inherent onstabiel, grillig en afhankelijk van de omstandigheden.

* Werking: Emoties reageren op uw fysieke gesteldheid, het weer, vermoeidheid of de sfeer in een kamer.

* Sabotage: Lewis geeft het voorbeeld van een man die op basis van een goed gesprek of een diepe ervaring rationeel overtuigd raakt van God. Maar een paar dagen later krijgt hij slecht nieuws, of bevindt hij zich in een cynisch gezelschap. Plotseling voelt God heel ver weg. Zijn emoties komen in opstand tegen wat zijn verstand weet dat waar is.

De definitie van geloof volgens Lewis

Lewis definieert de christelijke deugd van het Geloof dan ook als: de kunst van het vasthouden aan dingen die je verstand ooit heeft geaccepteerd, ondanks je veranderende stemmingen.

Hij illustreert dit met een alledaags, praktisch voorbeeld:

Als je besluit om met de boot te reizen, heeft je verstand op basis van feiten geconcludeerd dat de boot veilig is. Maar zodra er een zware storm opsteekt en je zeeziek wordt, schieten je emoties in stress en schreeuwen ze dat je zult zinken. De deugd van het 'geloof' op dat moment is dat je je verstand laat regeren over je angst, en erop vertrouwt dat de boot standhoudt, ondanks wat je maag en emoties je willen doen geloven.

De strijd van een christen is volgens Lewis dus niet een strijd tussen geloof en verstand, maar een voortdurende strijd waarin het intellect (met de hulp van de wil) de rebellerende emoties onder controle moet houden.

Wat zijn de beste citaten uit zijn boek

In Mere Christianity gebruikt C.S. Lewis zijn kenmerkende heldere stijl en messcherpe logica om diepe theologische concepten compact te verwoorden.

Dit zijn de beste en meest invloedrijke citaten uit het boek, gecategoriseerd per thema:

Over het "Trilemma" en wie Jezus is

"Een man die louter een mens was en de dingen zei die Jezus zei, zou geen groot moreel leraar zijn. Hij zou ofwel een krankzinnige zijn — op hetzelfde niveau als de man die zegt dat hij een gepocheerd ei is — ofwel de duivel van de hel. Je moet je keuze maken."

"Laten we toch niet met die betuttelende onzin aankomen dat Hij een groot menselijk moreel leraar was. Die mogelijkheid heeft Hij niet voor ons opengelaten. Dat was ook niet Zijn bedoeling."

Over het menselijk verlangen en God

"Als ik in mezelf een verlangen ontdek dat door niets in deze wereld bevredigd kan worden, is de meest plausibele verklaring dat ik gemaakt ben voor een andere wereld."

"God kan ons niet een geluk en vrede geven los van Hemzelf, omdat zoiets niet bestaat. Er bestaat niet zoiets."

Over trots en het ego

"Er is één ondeugd waarvan geen mens ter wereld vrij is, die iedereen bij een ander verafschuwt, en waarvan vrijwel geen enkele mens beseft dat hij er zelf aan leidt... De ondeugd waar ik op doel is Trots of Zelfoverschatting."

"Trots is een spirituele kanker: het eet de pure mogelijkheid tot liefde, tevredenheid of zelfs gezond verstand weg."

"God is niet jaloers op onze trots omdat Hij zich in Zijn eigen waardigheid gekrenkt voelt; Hij wil simpelweg dat je Hem leert kennen. Hij wil zichzelf aan jou geven, en om dat te kunnen, moet je je eigen ego opgeven."

Over de realiteit van het geloof en moraliteit

"Christen worden betekent niet dat je nooit meer zult struikelen; het betekent dat je elke keer dat je valt, weer opstaat, je fouten belijdt en opnieuw begint."

"Iedereen zegt dat vergeving een prachtig idee is, totdat ze zelf iets te vergeven hebben."

"Geen mens weet hoe slecht hij werkelijk is, totdat hij heel hard heeft geprobeerd om goed te zijn."

Over het doel van de mens

"God is net als een man die een huis verbouwt. Eerst begrijp je misschien wat Hij doet... Maar al snel begint Hij op plekken te beuken die vreselijk pijn doen. Wat bezielt Hem? Het antwoord is dat Hij een heel ander huis aan het bouwen is dan jij dacht. Jij dacht dat je een klein, gezellig huisje werd, maar Hij bouwt een paleis. Hij is van plan om er zelf in te komen wonen.

Inzichten in zijn boek

Over de zin van het universum (De machine en de brandstof)

"God heeft de menselijke machine ontworpen om op Hemzelf te lopen. Hij is de brandstof die onze ziel moet verbranden, of het voedsel dat onze ziel moet eten. Er is geen andere. Dat is de reden waarom het geen zin heeft om God te vragen ons gelukkig te maken op onze eigen manier, zonder ons druk te maken over religie. God kan ons geen geluk en vrede geven los van Hemzelf, omdat zoiets niet bestaat."

Over evolutie en de moderne mens (Het ei en de vogel)

"Het heeft geen zin om gewoon een 'aardig mens' te blijven. We moeten muteren. Het is net als met een ei: het heeft geen zin om gewoon een braaf, fatsoenlijk ei te blijven. Je moet uitgebroed worden of rot worden. Een ei kan niet eeuwig een ei blijven; het moet een vogel worden, of het gaat stinken."

Over bekering en fouten herstellen (De verkeerde weg en de klok)

"We horen tegenwoordig vaak dat we de klok niet kunnen terugdraaien. Maar als de klok verkeerd staat, is het terugdraaien van de wijzers juist de enige manier om weer bij de juiste tijd te komen. Als ik op de verkeerde weg zit, brengt vooruitlopen mij niet dichter bij mijn bestemming. Als je de verkeerde afslag hebt genomen, is de man die het snelst omkeert en terugloopt de meest vooruitstrevende man."

Over bezit en trots (Het kind en de munt)

"Wanneer een kind naar zijn vader toe rent en vraagt: 'Papa, geef me eens een euro om een verjaardagscadeautje voor jou te kopen?', dan zal de vader dat geld natuurlijk met liefde geven. Hij is blij met de intentie van het kind. Maar alleen een volslagen idoot zou denken dat de vader hierdoor een euro rijker is geworden. Zo is het ook met onze goede daden voor God. We geven Hem slechts terug wat Hij ons eerst heeft gegeven."

Over de strijd tegen de verleiding (De soldaat in de storm)

"Mensen die nog nooit echt tegen de verleiding hebben gevochten, hebben geen flauw idee hoe sterk die is. Je ontdekt de kracht van het vijandelijke leger pas als je ertegen vecht, niet als je je overgeeft. Je ontdekt de kracht van de wind pas als je ertegenin loopt, niet als je gaat liggen. Een man die na vijf minuten al toegeeft aan de verleiding, weet simpelweg niet hoe die verleiding er na een uur had uitgezien."

Op pijnlijke plekken beuken?

Dit is inderdaad een van de meest confronterende en herkenbare metaforen uit het werk van C.S. Lewis. Met de woorden "plekken beuken die vreselijk pijn doen" verklaart hij waarom het leven van een gelovige vaak niet comfortabeler of gemakkelijker wordt, maar juist zwaarder lijkt te worden.

Lewis legt hiermee het cruciale verschil uit tussen humanitaire verbetering (gewoon een 'aardiger' mens willen worden) en christelijke transformatie (heiliging).

De betekenis achter het beuken

Wanneer je besluit je leven aan God toe te vertrouwen, heb je daar vaak zelf een bepaald beeld bij. Je hoopt dat God een paar 'lekkages' repareert: misschien wil je wat minder snel boos worden, van een slechte gewoonte afkomen, of wat meer rust ervaren. Je vraagt God om een klein onderhoud aan je 'huis'.

God begint echter aan een totale renovatie. Dat proces doet pijn om drie redenen:

* De fundamenten moeten blootgelegd worden: God pakt niet alleen de oppervlakkige symptomen aan (zoals je gedrag of een kleine irritatie), maar Hij slaat diep in op de wortels van je zonden: je diepste trots, egoïsme en verborgen motieven. Dat voelt als een aanval op wie je bent.

* Sloopwerk gaat voor opbouw: Voordat God iets nieuws kan bouwen, moet Hij oude, vertrouwde patronen en veilige muren die je om jezelf heen heeft gebouwd, slopen. Het verliezen van die (vaak ongezonde) controle en zekerheden is pijnlijk.

* Het doel is groter dan je comfort: Je dacht dat je een bescheiden, gezellige bungalow was. God is echter een paleis aan het bouwen, omdat Hij er zelf in wil komen wonen. Een paleis vereist diepere funderingen, grotere kamers en een veel ingrijpender bouwproces.

Pijn met een doel

Het grote verschil met zinloos lijden is dat dit "beuken" volgens Lewis altijd constructief is. Het is de pijn van de chirurg die snijdt om te genezen, of de beeldhouwer die overtollig steen weghakt om het standbeeld te bevrijden. God is niet wreed; Hij is grondig. Hij neemt geen genoegen met een gecamoufleerd, zondig mens. Hij wil een perfect, verheerlijkt wezen van je maken.

Ik heb gelezen ergens over een gevangenis en muren

Je doelt waarschijnlijk op een van de krachtigste analogieën uit het boek, waarin C.S. Lewis de wereld vergelijkt met een hotel of een gevangenis. Hij gebruikt de gevangenismuur om uit te leggen hoe onze verwachtingen van het leven bepalen hoeveel vrede of frustratie we ervaren.

Het bewuste citaat en de gedachte daarachter luiden als volgt:

Het citaat: Hotel of Gevangenis?

"Als je deze wereld ziet als een plek die simpelweg bedoeld is voor ons geluk, vind je haar onverdraaglijk. Zie haar als een plek voor correctie en verbetering, en het valt reuzemee.

Stel je een groep mensen voor die in hetzelfde gebouw wonen. De ene helft denkt dat het een hotel is, de andere helft denkt dat het een gevangenis is. De mensen die denken dat het een hotel is, zullen het gebouw volstrekt onverdraaglijk vinden (omdat de service slecht is, de muren kaal zijn en het eten tegenvalt). Maar de mensen die weten dat het een gevangenis is, zullen tot de conclusie komen dat het er eigenlijk verrassend comfortabel is."

De betekenis achter de gevangenismuur

Lewis legt hiermee uit dat de zin van ons aardse leven niet "maximaal comfort en geluk" is.

Wanneer we de wereld benaderen als een luxueus hotel, raken we constant gefrustreerd door de 'muren' waar we tegenaan lopen: ziekte, tegenslag, onrecht en de dood. We eisen immers een fijne vakantie.

Zodra we echter gaan inzien dat de wereld een plaats is van geestelijke revalidatie en correctie — een milde gevangenis waarin we gevormd worden voor de eeuwigheid — verandert onze blik volledig. De 'gevangenismuur' is er dan niet om ons te treiteren, maar herinnert ons eraan dat dit niet onze definitieve thuisbestemming is. Tegenslagen worden dan dragelijk, omdat ze deel uitmaken van het louteringsproces.

Had hij ook niet iets met de zon en het niet zien in gevangenschap

Ja, je combineert hier twee heel beroemde concepten van C.S. Lewis. Het gaat om zijn absolute topcitaat over de zon, in combinatie met zijn theorie over hoe de mens in spirituele gevangenschap (of blindheid) leeft.

Het citaat over de zon komt oorspronkelijk uit zijn essay Is Theology Poetry? (en wordt vaak in één adem genoemd met Onversneden Christendom):

"Ik geloof in het christendom zoals ik geloof dat de zon is opgekomen: niet alleen omdat ik het zie, maar omdat ik daardoor al het andere kan zien."

De link met de gevangenschap en het niet zien

Lewis legt dit 'niet-zien' uit aan de hand van een prachtige gelijkenis over een ondergrondse gevangenis. Hij gebruikt dit beeld om te laten zien hoe de moderne seculiere mens (de materialist) naar de wereld kijkt:

* gevangenis: Stel je voor dat iemand zijn hele leven is opgroeid in een donkere, ondergrondse kerker. Hij heeft nog nooit de buitenwereld gezien.

* ekening op de muur: De gevangene heeft op de vochtige gevangenismuur een paar ruwe krijttekeningen gemaakt van golven, bomen en een zon. Omdat hij niets anders kent, denkt hij dat die krijtstrepen op de muur de échte realiteit zijn.

* fout: Als er dan iemand van buiten de gevangenis naar binnen stapt en vertelt over de echte, schitterende oceaan en de echte, stralende zon, lacht de gevangene hem uit. De gevangene wijst naar de muur en zegt: "Dat is onzin, want een echte oceaan past helemaal niet op deze muur!"

Betekenis

Lewis zegt hiermee: de mens die weigert in God of het bovennatuurlijke te geloven, zit opgesloten in de "gevangenis" van zijn eigen beperkte, materiële verstand. Hij probeert de oneindige grootheid van God en de schepping te beoordelen aan de hand van de paar "krijtstrepen" die hij zelf op zijn gevangenismuur heeft getekend (zoals puur wetenschappelijke of materiële wetten).

Pas wanneer je de gevangenis verlaat en accepteert dat de zon buiten schijnt, ontdek je dat die zon niet iets is waar je de hele tijd blind naar moet staren. De zon is hetgeen dat ervoor zorgt dat je al het andere in de wereld pas écht scherp en in kleur kunt zien.

Lewis vindt dat het geloof onze blik op de alledaagse werkelijkheid verandert, hoe ziet hij dat

Voor C.S. Lewis is het christelijk geloof geen abstracte theorie voor de zondag, maar een praktische bril waarmee je op maandagochtend naar de wereld kijkt. Zodra je door de lens van het geloof kijkt, verandert de alledaagse, soms saaie of zware werkelijkheid in een kosmisch slagveld en een goddelijk avontuur.

Lewis legt deze transformatie van onze alledaagse blik uit aan de hand van vier concrete veranderingen:

1. Mensen veranderen in "onsterfelijke wezens"

In het seculiere leven kijken we vaak naar de mensen om ons heen op basis van hun nut, status of politieke kleur. Het geloof verandert die blik radicaal. Lewis schrijft hierover:

Er bestaan geen gewone mensen. De persoon met wie je praat — hoe saai, vervelend of onbelangrijk die op dit moment ook lijkt — is een onsterfelijk wezen dat op een dag zo schitterend kan zijn dat je de neiging zou hebben hem te aanbidden, of zo misvormd dat hij een wezen uit een nachtmerrie is.

Elke alledaagse ontmoeting, elk praatje bij het koffiezetapparaat, is een moment waarop je de ander een klein duwtje geeft richting de hemel of richting de hel. Dit geeft de meest banale sociale interactie een enorme, heilige verantwoordelijkheid.

2. De natuur en materiële dingen worden "wegwijzers" in plaats van eindstations

Voor een materialist is een mooie zonsondergang, een goed glas wijn of een fijne vakantie het hoogst haalbare: een biologisch genot. Lewis zegt dat het geloof je leert dat deze aardse vreugden slechts vage echo's en herinneringen zijn van ons ware thuis (de hemel).

Als je een prachtig landschap ziet, probeert het seculiere verstand dat geluk te 'bezitten' of vast te houden, wat altijd uitloopt op een teleurstelling.

Het geloof leert je om van het moment te genieten als een wegwijzer. De schoonheid zit niet in de vakantie of in de muziek; ze schijnt er doorheen. Aardse schoonheid herinnert je eraan dat je gemaakt bent voor iets groters.

3. Alledaags werk wordt een daad van aanbidding

Lewis verzet zich fel tegen het idee dat religieuze mensen alleen maar in de kerk moeten zitten of vrome boekjes moeten lezen. Het geloof verandert hoe je je werk invult:

Of je nu schoenen lapt, een bedrijf leidt, de straat veegt of een politiek debat voert; als je dit doet met de intentie om Gods waarheid en orde te weerspiegelen, wordt het een daad van aanbidding.

Het resultaat is niet langer gekoppeld aan je eigen trots of succes, maar aan je trouw aan de taak die God je op dat moment in de wereld heeft gegeven.

4. Tegenslag wordt training (Geen zinloos noodlot)

In het alledaagse leven zonder geloof is pijn een brute verstoorder van je geluk (het 'kapotte hotel'). Met de bril van het geloof op, verandert je blik op lijden:

Als je de dagelijkse ergernissen, een moeilijke collega of fysieke pijn benadert met het geloof, zie je het als de beeldhouwer die de overtollige stukken weghakt (zoals het eerdere citaat over het beuken).

Pijn is niet langer zinloos; het is een kans om de deugd van standvastigheid te oefenen. Je bent een soldaat in vijandelijk gebied die getraind wordt voor de overwinning.

Kortom: door het geloof houdt de wereld op een platte, materiële film te zijn. Het wordt een driedimensionale realiteit waarin achter elke deur, achter elk gesprek en achter elk moment van pijn of vreugde de aanwezigheid van God voelbaar is.

Natuurlijk krijgt je leven een doel

Inderdaad, dat is de absolute kern. Zodra je die stap zet, is het leven geen opeenvolging meer van losse, toevallige gebeurtenissen, maar krijgt alles een diepe, overkoepelende betekenis.

C.S. Lewis laat zien dat dit nieuwe doel je op twee manieren bevrijdt in het dagelijks leven:

* Je hoeft het geluk niet meer te 'forceren': Als deze wereld een hotel was, zou elke mislukte dag of elke tegenslag een ramp zijn, omdat je hier je ultieme geluk móét vinden. Nu het leven een hoger doel heeft, mag deze wereld onvolmaakt zijn. Dat geeft een enorme rust.

* Kleine dingen worden groot: Het vegen van de vloer, een vriendelijk woord tegen een lastige buurman of het kalm blijven in een frustrerend tv-debat zijn ineens geen verloren momenten meer. Het worden bouwstenen voor je karakter en daden die meetellen voor de eeuwigheid.

Het is alsof je van een toeschouwer in een chaotische film verandert in een soldaat met een heel duidelijke missie. De omstandigheden kunnen nog steeds zwaar zijn, en God zal soms nog flink moeten "beuken" om het huis te renoveren, maar je weet tenminste waarvoor je het doet.

Gaf hij nog praktische raad?

C.S. Lewis was een zeer nuchtere Brit, en in Onversneden Christendom geeft hij een aantal bijzonder praktische, psychologische adviezen om het geloof en het dagelijks leven leefbaar te houden. Hij begreep dat theorie mooi is, maar dat de uitvoering op maandagochtend plaatsvindt.

Dit is de belangrijkste praktische raad die hij meegeeft:

1. Begin met doen alsof

Een van zijn meest verrassende adviezen is: als je een bepaalde deugd (zoals liefde of geduld) niet voelt, doe dan alsof je het al hebt.

* praktijk: Loop niet te wachten tot je plotseling warme gevoelens krijgt voor een vervelende collega of buurman. Behandel hem simpelweg vanaf nu alsof je echt van hem houdt.

* psychologische effect: Lewis legt uit dat zodra we ons zo gedragen, we al snel ontdekken dat we die persoon gaandeweg echt aardiger gaan vinden. Goed gedrag trekt de emoties mee omhoog.

2. De vuistregel voor liefdadigheid (Geld uitgeven)

Mensen vroegen Lewis vaak: "Hoeveel moet ik nu concreet aan de armen of de Kerk geven?" Lewis weigert een vast percentage te noemen, maar geeft een heel scherpe praktische meetlat:

* praktijk: De enige veilige regel is dat we méér moeten geven dan we gemakkelijk kunnen missen.

* test: Als onze uitgaven voor goede doelen en naastenliefde ons comfort, onze vakanties of onze luxe hobby's niet beperken — als we er met andere woorden in ons dagelijks leven niets van merken — dan geven we te weinig.

3. Hoe om te gaan met 'storingen' in je humeur

Omdat Lewis wist hoe grillig onze emoties zijn, gaf hij een concrete handleiding voor de momenten waarop je humeur inzakt en je plotseling aan alles twijfelt:

* praktijk: Vecht op zo'n moment niet direct met ingewikkelde filosofische argumenten tegen je slechte humeur.

* raad: Zeg resoluut tegen jezelf: "Mijn verstand heeft de feiten al gecheckt toen ik helder nadacht. Dit is nu gewoon een dip in mijn humeur." Richt je vervolgens op je dagelijkse plichten en wacht rustig tot het emotionele weer opklaart.

4. Pak de 'Grote Zonde' als eerste aan

Lewis adviseert om in het morele leven niet te beginnen met details, maar direct de wortel van alle kwaad aan te pakken: Trots.

* praktijk (De spiegel-test): Als je wilt weten hoe trots je bent, stel jezelf dan de vraag: "Hoezeer baal ik ervan als andere mensen mij negeren, niet naar mij luisteren, de show stelen of de baas over mij spelen?"

Hoe bozer je daarvan wordt, hoe groter je eigen trots is. Door dit bij jezelf te signaleren, breek je de macht van het ego.

5. Neem jezelf niet te serieus, maar God wel

Tot slot waarschuwt hij voor een krampachtige, humorloze vorm van religie. Heiligen zijn volgens Lewis geen sombere zuurpruimen, maar juist de mensen met de meeste vreugde en zelfspot. Waarom? Omdat ze hun eigen ego hebben losgelaten. Ze maken zich niet meer druk om hun eigen status, waardoor ze alle ruimte hebben om werkelijk te genieten van God en de naaste.

De Kronieken van Narnia

De Kronieken van Narnia bestaat uit zeven opeenvolgende boeken. Om de theologische analogieën van C.S. Lewis echt te begrijpen, helpt het om de rode draad van de geschiedenis van Narnia te kennen — vanaf de schepping tot het einde van die wereld.

Hier is het hele verhaal, opgebouwd in chronologische volgorde (de volgorde van de geschiedenis van Narnia zelf):

1. Het neefje van de tovenaar (De Schepping)

* verhaal: Twee kinderen uit Londen, Digory en Polly, ontdekken via magische ringen een weg tussen verschillende werelden. Ze komen terecht in een lege, donkere, ongeboren wereld. In de duisternis horen ze plotseling een schitterend lied. Het is de leeuw Aslan die zingend de wereld Narnia schept: door zijn zang gaan de sterren branden, groeit het gras en worden de dieren sprekende, denkende wezens.

* theologische betekenis: Dit is Lewis' visie op Genesis en de schepping uit het niets door het Goddelijke Woord. Het kwaad glipt echter direct mee naar binnen in de vorm van de boze heks Jadis.

2. Het betoverde land achter de kleerkast (De Zondeval en Verlossing)

* verhaal: Eeuwen later, tijdens de Tweede Wereldoorlog, worden vier kinderen (Peter, Susan, Edmund en Lucy) geëvacueerd naar een oud landhuis. Lucy ontdekt in een lege kamer een magische kleerkast die toegang geeft tot Narnia. Narnia is inmiddels overgroeid door een vloek van de Witte Heks Jadis: het is er altijd winter, maar nooit kerstmis.

* crisis: De broer Edmund bezwijkt voor de verleidingen van de heks (het Turkse fruit) en verraadt zijn broer en zussen. Volgens de 'Diepe Magie' van Narnia is het bloed van elke verrader het wettig eigendom van de Heks. Aslan keert echter terug en sluit een geheime deal: hij biedt zichzelf aan in de plaats van Edmund. Aslan wordt door de Heks bespot, gemarteld en gedood op de Stenen Tafel.

* overwinning: De volgende ochtend breekt de Stenen Tafel doormidden. Er blijkt een 'Nog Diepere Magie' te bestaan van vóór de tijd: als een onschuldig slachtoffer vrijwillig sterft in de plaats van een verrader, sterft de dood zelf en staat hij weer op. Aslan verrijst, verslaat de heks en de vier kinderen regeren jarenlang als rechtvaardige koningen en koninginnen over Narnia.

* theologische betekenis: Edmund is de mens die bezwijkt voor de zonde (zoals beschreven in Onversneden Christendom). Aslan die sterft en opstaat is de directe analogie van het kruis en de opstanding van Jezus Christus.

3. Het paard en de jongen (De Beproeving en de Gids)

* verhaal: Dit verhaal speelt zich af tijdens de gouden regeringsperiode van de vier kinderen. De jonge slaaf Shasta ontsnapt samen met een sprekend paard uit het wrede, seculiere buurland Calormen richting het vrije Narnia. Tijdens zijn barre reis door de woestijn heeft Shasta het gevoel dat hij door het noodlot wordt achtervolgd door een angstaanjagende, onzichtbare leeuw. Pas aan het einde ontdekt Shasta dat die leeuw Aslan was, die hem de hele reis in het duister subtiel heeft beschermd en gestuurd.

* theologische betekenis: Dit illustreert Lewis' gedachte dat God al in ons leven aan het werk is als gids en beschermer, zelfs wanneer we Hem nog niet kennen of Zijn aanwezigheid als bedreigend of pijnlijk ervaren.

4. Prins Caspian (De Geloofscrisis en de Kerk)

* verhaal: De vier kinderen worden vanuit een Engels treinstation plotseling teruggeroepen naar Narnia. Daar zijn inmiddels honderden jaren voorbij. Narnia is veroverd door de Telmarijnen, een wreed menselijk volk dat niet in pratende dieren gelooft. De oude verhalen over Aslan worden afgedaan als sprookjes. De rechtmatige jonge troonopvolger, Prins Caspian, gelooft wél in de oude verhalen en start een rebellie. De kinderen moeten hem helpen, maar de grote uitdaging is dat Aslan zich in het begin niet aan iedereen laat zien. Alleen Lucy (met het zuiverste geloof) ziet hem; de anderen moeten haar op haar woord geloven en haar blindelings volgen.

* theologische betekenis: Dit gaat over de 'Schaduwlanden' en spirituele blindheid. Het weerspiegelt de moderne seculiere wereld waarin het geloof in God is weggedrukt en we moeten leren wandelen in geloof, zelfs als we Hem niet direct 'zien'.

5. De reis van het drakenschip (De Transformatie en de Bekering)

* verhaal: Lucy en Edmund keren terug naar Narnia, samen met hun vreselijk irritante en egoïstische neefje Eustace. Ze belanden op het schip van koning Caspian, die op zoek is naar zeven vermiste edellieden.

* transformatie: Eustace haat de reis en denkt alleen aan zichzelf. Op een onbewoond eiland kruipt hij uit pure hebzucht op een drakenschat en valt in slaap. Door zijn hebzuchtige, monsterlijke gedachten wordt hij wakker als een echte, vuurspuwende draak. Pas in die eenzame, pijnlijke gedaante beseft hij wat een vreselijk karakter hij had.

* ontvelling: Aslan verschijnt aan hem in de nacht. De leeuw brengt hem naar een marmeren bad. Eustace probeert zijn eigen drakenschubben eraf te krabben, maar elke keer als er een laag afgaat, zit er weer een nieuwe laag onder. Aslan zegt dan: "Je moet mij het laten doen." Met zijn diepe klauwen snijdt Aslan dwars door de drakenhuid heen — wat Eustace omschrijft als de vreselijkste pijn die hij ooit voelde — en werpt hem in het water. Eustace komt eruit als een schone, vernieuwde jongen met een getransformeerd karakter.

* theologische betekenis: Dit is de exacte uitwerking van het citaat over de timmerman die "plekken beukt die vreselijk pijn doen". We kunnen onszelf niet redden van onze zonden; alleen God kan ons ego wegwassen, en die bekering is pijnlijk maar bevrijdend.

6. De zilveren stoel (Geestelijke Strijd en Standvastigheid)

* verhaal: Eustace keert terug met zijn schoolvriendinnetje Jill. Ze krijgen van Aslan de opdracht om de ontvoerde zoon van prins Caspian te vinden. Aslan geeft Jill vier duidelijke 'tekens' (regels) mee die ze uit haar hoofd moet leren en elke dag moet herhalen.

* strijd: Onderweg, door vermoeidheid en ruzie, vergeten de kinderen de tekens te controleren. Ze worden gevangengenomen in een ondergrondse wereld door een Groene Heks. De heks betovert hen met magisch rooksel en muziek, en probeert hen ervan te overtuigen dat de buitenwereld, de zon en Aslan helemaal niet bestaan: "De zon is maar een verzinsel, een grote lamp," zegt ze. Pas als de moerasganger Puddleglum zijn voet in het vuur trapt om de betovering door de pijn te verbreken, ontsnappen ze aan de mentale gevangenis en bevrijden ze de prins.

* theologische betekenis: Dit is een directe link met het citaat van de zon en de gevangenismuur. De Heks probeert de kinderen te hersenspoelen om te geloven dat de materiële, ondergrondse wereld de enige realiteit is. De tekens van Aslan weerspiegelen de dagelijkse discipline van het gebed en de Schrift om stand te houden tegen ideologische misleiding.

7. Het Laatste Gevecht (Het Oordeel en de Eeuwigheid)

* verhaal: Narnia is in verval geraakt door een valse list: een sluwe aap heeft een ezel een leeuwenhuid aangetrokken en beweert dat dit Aslan is. Dit zorgt voor totale spirituele en politieke verwarring. Het escaleert in een apocalyptische eindstrijd. De trouwe Narniërs verliezen het gevecht en worden door een staldeur gegooid, waarvan men denkt dat het de dood is.

* nieuwe wereld: Achter de staldeur ontdekken ze echter niet de dood of de duisternis, maar een adembenemend, oneindig landschap. De oude, fysieke wereld van Narnia wordt door Aslan definitief opgerold en geoordeeld. De personages realiseren zich dat het Narnia waar ze altijd voor hebben gevochten, slechts een zwakke 'krijttekening' of schaduw was. Het Echte Narnia ligt achter de staldeur. Aslan verandert daar voor hen in zijn ware, goddelijke gedaante (Jezus Christus). De Kronieken eindigen met de mededeling dat dit pas het begin is van het Echte Verhaal, waarin elk hoofdstuk beter is dan het vorige.

* theologische betekenis: Dit is Lewis' visie op het Laatste Oordeel, de Openbaring en de Hemel. Het herinnert de lezer eraan dat ons aardse leven slechts de 'Schaduwlanden' zijn en dat de dood voor een gelovige niet het einde is, maar de overstap naar de echte realiteit buiten de gevangenismuur.

Hoe vind je dit bericht? 1 stem
Geschreven door claudia om 16:43 Reageer op dit bericht

Psalmen

Psalmen

Binnen de bijbelse exegese en de liturgie worden de 150 psalmen traditioneel ingedeeld in een aantal specifieke categorieën op basis van hun literaire vorm, inhoud en het doel waarmee ze geschreven zijn.

Dit zijn de belangrijkste categorieën van de psalmen, gegroepeerd naar hun aard:

1. Psalmen van Klaagzang

Dit is de grootste categorie in het boek van de Psalmen. Ze worden gekenmerkt door een eerlijke, rauwe kreet om hulp in tijden van lijden, ziekte, vervolging of nationale crisis. Meestal eindigen ze wel met een hernieuwd vertrouwen in God.

* Individuele klaagpsalmen: Een persoonlijk gebed om redding uit nood (bijv. Psalm 3, 13, 22).

* Gemeenschappelijke klaagpsalmen: Het hele volk roept God aan na een nationale ramp of nederlaag (bijv. Psalm 44, 74, 79).

2. Psalmen van Lofprijzing en Dankzegging

Deze psalmen focussen op de grootheid, de scheppingskracht en de goedheid van God, of danken Hem specifiek voor een verhoring van een gebed.

* Hymnen / Lofpsalmen: Algemene lofprijzing om wie God is en Zijn macht over de schepping (bijv. Psalm 8, 19, 100, 150).

* Dankpsalmen: Gezongen nadat een crisis is bezworen of redding is ervaren (bijv. Psalm 30, 34, 116).

3. Koninklijke Psalmen

Deze psalmen richten zich op de aardse koning van Israël (uit het huis van David). Ze werden vaak gebruikt bij koninklijke ceremonies zoals een troonsbestijging of een koninklijk huwelijk.

Kenmerken: Ze vieren de koning als Gods gezalfde en representant op aarde (bijv. Psalm 2, 21, 45, 72, 110).

4. Wijsheidspsalmen en Wetpsalmen (Torah-psalmen)

Deze psalmen hebben een educatief en meditatief karakter. Ze lijken qua stijl sterk op het boek Spreuken en contrasteren de levenswandel van de rechtvaardige met die van de goddeloze.

Kenmerken: Ze prijzen de wet (Torah) van God en geven praktische, morele levenslessen (bijv. Psalm 1, 19, 37, 119).

5. Vertrouwenspsalmen

In plaats van een expliciete smeekbede of lofzang, staat in deze psalmen een diepe, rustige vrede en het absolute vertrouwen in Gods bescherming centraal.

Kenmerken: God wordt vaak metaforisch beschreven als een herder, een rots of een burcht (bijv. Psalm 23, 27, 46, 91).

6. Liturgische Psalmen en Pelgrimsliederen

Deze psalmen werden specifiek gezongen tijdens de grote feesten in Jeruzalem of bij het betreden van de tempel.

* Bedevaartsliederen (Psalmen van de opgang): Gezongen door pelgrims die onderweg waren naar Jeruzalem (Psalm 120 t/m 134).

* Sionsliederen: Psalmen die de heilige stad Jeruzalem en de tempel bezingen (bijv. Psalm 48, 84, 87).

Specifieke subcategorieën (thematisch)

Binnen de bovenstaande hoofdgroepen worden er vaak nog drie specifieke theologische subcategorieën onderscheiden:

* Boetepsalmen: Zeven specifieke klaagpsalmen waarin de focus volledig ligt op diep berouw, zondebesef en de vraag om vergeving (Psalm 6, 32, 38, 51 [het Miserere], 102, 130 [het De Profundis], 143).

* Messiaanse Psalmen: Psalmen die (achteraf gezien in het christendom) profetisch verwijzen naar het leven, het lijden en de heerschappij van Jezus Christus (bijv. Psalm 22 [lijden aan het kruis], Psalm 110 [de eeuwige priester-koning]).

* Vloekpsalmen: Psalmen waarin de schrijver God vurig vraagt om rechtvaardigheid en de vernietiging of bestraffing van zijn gewelddadige vijanden (bijv. Psalm 35, 69, 109, 137).

Indeling van alle psalmen

Om een helder en gestructureerd overzicht te krijgen, vindt u hieronder de volledige indeling van alle 150 psalmen ondergebracht in hun specifieke categorieën en theologische subcategorieën.

Let op: Omdat sommige psalmen meerdere thema's combineren (bijvoorbeeld een klaagzang die tevens messiaanse profetieën bevat), zijn bepaalde psalmen in meer dan één categorie opgenomen.

Categorieën van Klaagzang en Smeekbeden

* Individuele klaagpsalmen (Persoonlijke nood)

Psalmen: 3, 4, 5, 7, 13, 17, 22, 25, 26, 28, 31, 35, 39, 41, 42, 43, 54, 55, 56, 57, 59, 61, 64, 69, 70, 71, 86, 88, 109, 120, 140, 141, 142

* Gemeenschappelijke klaagpsalmen (Nationale crisis)

Psalmen: 12, 44, 58, 60, 74, 77, 79, 80, 83, 85, 90, 94, 106, 123, 126, 137

Categorieën van Lofprijzing en Dankzegging

* Hymnen en Algemene lofpsalmen

Psalmen: 8, 19, 29, 33, 65, 67, 68, 93, 95, 96, 97, 98, 99, 100, 103, 104, 105, 111, 113, 114, 117, 134, 135, 136, 145, 146, 147, 148, 149, 150

* Individuele dankpsalmen

Psalmen: 9, 18, 30, 32, 34, 40, 92, 116, 118, 138

* Gemeenschappelijke dankpsalmen

Psalmen: 66, 124, 129

Categorieën van Vertrouwen, Wijsheid en Koningschap

* Vertrouwenspsalmen

Psalmen: 11, 16, 23, 27, 46, 62, 63, 91, 121, 125, 131

* Wijsheids- en Wetpsalmen (Onderricht)

Psalmen: 1, 14, 15, 36, 37, 49, 50, 52, 53, 73, 78, 81, 82, 112, 115, 119, 127, 128, 133, 139

* Koninklijke Psalmen (Aardse koning / Troon)

Psalmen: 2, 20, 21, 45, 72, 89, 101, 110, 132, 144

Liturgische Psalmen en Pelgrimsliederen

* Bedevaartsliederen (Psalmen van de opgang)

Psalmen: 120, 121, 122, 123, 124, 125, 126, 127, 128, 129, 130, 131, 132, 133, 134

* Sionsliederen (Jeruzalem en de Tempel)

Psalmen: 48, 76, 84, 87, 122

Specifieke theologische subcategorieën

Dit zijn thematische dwarsdoorsneden die verspreid liggen over de bovenstaande hoofdgroepen:

* De Zeven Boetepsalmen (Berouw en vergeving)

Psalmen: 6, 32, 38, 51 (Miserere), 102, 130 (De Profundis), 143

* Messiaanse Psalmen (Profetisch over Christus)

Psalmen: 2, 8, 16, 22, 40, 45, 68, 69, 72, 89, 102, 110, 118

* Vloekpsalmen / Imprecatoire psalmen (Vraag om Gods oordeel)

Psalmen: 5, 6, 11, 12, 35, 37, 40, 52, 54, 55, 58, 69, 79, 83, 109, 137, 139, 143

Hoe vind je dit bericht? 1 stem
Geschreven door claudia om 01:00 Reageer op dit bericht

Meer van Levend_geloof

↑ Terug naar de berichten