Hallo lieve bloggers en blogsters,
Het is al een tijdje geleden dat ik nog iets aan mijn blog heb kunnen toevoegen. Een of ander mysterieus…
Hallo lieve bloggers en blogsters,
Het is al een tijdje geleden dat ik nog iets aan mijn blog heb kunnen toevoegen. Een of ander mysterieus iets belemmerde mijn blog dermate dat ik het niet kon openen.
Gelukkig heeft mijn zoon Peter, mij uit de problemen geholpen en kan ik mijn ei hier weer kwijt.
En ik zit met een fameus ei.
Het gebeuren van mijn zoveelste diefstal kan ik niet goed meer verteren.
Ik nam een kloek besluit.
"Ik ga er iets aan doen. Als niemand zijn nek durft uitsteken, dan moet ik er zelf maar aan beginnen", zo dacht ik in mijn woede.
Na een heleboel "njets" te hebben geincasseerd van de krantenwereld, vond ik uiteindelijk Het Nieuwsblad bereid om mijn artikel te publiceren, gesierd met een foto die hun fotograaf van me maakte tussen de mooie bloemen van "den botanieken hof".
In dit artikel zet ik mijn standpunt uiteen: de zogenaamde kleine criminaliteit moet strenger worden aangepakt, zodat aan deze plaag een einde kan worden gemaakt!
In deze petitie roep ik alle slachtoffers van de zogenaamde criminaliteit op om hun handtekening op de petitielijst te zetten.
Tot nu toe heb ik enkele mensen bereid gevonden mij te helpen in mijn iniatief en heb ik al een aantal handtekeningen verzameld, maar mensen, er moeten veel meer handtekeningen komen!
Ook mensen die geen slachtoffer geworden zijn, maar die personen kennen in hun omgeving die beroofd zijn, mogen de petitie natuurlijk ondertekenen.
Ik zou zo graag willen dat we weer onbekommerd over de Meir kunnen wandelen en dat alle burgers weer vrij in hun steden en gemeenten kunnen leven.
Zoals de recente gebeurtenissen hebben aangetoond, ontaardt "kleine criminaliteit" in GROTE criminaliteit: het vermoorden van onschuldigen mensen....
Eigenlijk zijn we al te laat in gang geschoten met de leiders van dit land, wakker te schudden..., maar ik geloof dat er nog heel hard geschud moet worden alvorens ze ècht wakker worden!
Men verwijt de leden van het koninklijk huis dat zij geen benul van het volk hebben, dat ze geen voeling hebben met de realiteit, wel, ik geloof dat heel veel ministers ook in een andere sfeer vertoeven dan wij, de gewone mens in de straat.
Ik wil echter wel "kunnen leven" in die straat. Daar betaal ik belasting voor. En U ook! En niet weinig! Sommigen onder ons betalen soms meer dan de helft van hun inkomen aan de belastingen. Heeft men dan niet het recht beschermd te worden door de overheid?
De politie van Antwerpen treft geen schuld. Zij doen hun best, maar ze staan met hun rug tegen de muur! Als men de boefjes gewoon weer los moet laten omdat het strafrecht te laks is, staan de mensen van de politie machtenloos.
Aan Antwerpen, stad met een haven Ik had onlangs een vreemde, ja, een absurde droom: Antwerpen, mijn geliefde stad aan de stroom, men had me…
Aan Antwerpen, stad met een haven
Ik had onlangs een vreemde, ja, een absurde droom:
Antwerpen, mijn geliefde stad aan de stroom,
men had me verbannen uit je beschermende schoot!
Ik mocht niet meer gaan over je oude vertrouwde Leien, niet meer staan bij je Brabofontein,
noch dwalen over je straten en pleinen,
zelfs de Grote Markt was verboden terrein!
Oh, hoe miste ik de Meir en de Keyzerlei
met zijn winkels, boetieks, een statig warenhuis,
en de oeroude straatjes waarin trams gieren en slieren
door scherpe bochten, langs vochtige krochten!
Ik miste de put van Quinten Matsijs,
het Vrijdagmarktje en Het Steen,
waar Lange Wapper dapper
met de handen in de zij
hooghartig neerkijkt op alle Sinjoren
en de talloze toeristen.
In die stad aan de stroom broeien de bordelen
en gloeien de huizen van plezier
naast het bruisend café
met het schuimend bier
dat in koele kelders staat te gisten.
In het hart van die stad aan de stroom
verrijst het stadhuis
met zijn "schoon verdiep"
en ergens in de vele huizen sluimert de kamer
waarin ik met mijn eerste liefje sliep...
Ik miste het grijze plein dat Groenplaats wordt geheten
alwaar Rubens kwistig door de duiven wordt bescheten
maar ook de hoge koepel van het Centraal Station,
den Beerschot en zijn lelijk stadion,
de slanke toren van de kathedraal,
de stompe Boerentoren
de Oudaan met zijn oubollig politiebureau!
Ik miste alles zo!
Ik miste de Jood met zijn hoed
en met zijn ongedesemd brood,
de Turk in zijn witte jurk,
de Marokkaan met zijn leder vestje aan
en te veel gel in het zwarte haar.
Ik miste de negerin met haar zwaar achterwerk,
de mysterieuze Chinees,
de zwijgzame Albanees
de Rus zonder werk
de luidruchtige Arabier
al die mensen zonder papier
en papperassen
al dat volk
al die rassen
levend hier
op een andere manier
en die er toch allemaal
op een zekere manier
bijbehoren!
Maar boven dat al miste ik je haven
waarin een man zich diep wil begraven
als in de vulva van een vrouw!
De haven waarin krachtige kranen
kreunen en steunen
tijdens het laden en lossen
van zeekastelen
rukkend aan zware trossen
van dikgevlochten touw.
Ik miste de geur
van het zilte Scheldewater
dat tegen de sluisdeuren kolkt
vermengd met het zweet van de zwoegende man,
de havenarbeider, de mens die de dokken bevolkt.
Een koppige strijder
een kranenberijder
die er werkt voor zijn dagelijks brood
en zijn toekomst van later!
Ik bad tot alle Goden, Godinnen en heiligen
die er maar bestaan
van Jezus tot Allah
van Mohammed tot Khrisna
van Minerva tot de heilige Maria
die in de harten van alle Sinjoren troont:
"Oh, breng mij terug naar die stad aan de haven,
breng mij terug naar die stad aan de stroom,
daar wil ik leven
daar wil ik gaan
tot aan mijn dood!"
En zie, mijn gebed werd, Goddank, verhoord:
ik ontwaakte op mijn geliefde bankje aan de Scheldeboord!
Sereen besloten ze een punt te zetten achter hun 26-jarig huwelijksleven. Hij omdat zijn hormonen een krachtige dans inzetten bij het zien v…
Sereen besloten ze een punt te zetten achter hun 26-jarig huwelijksleven.
Hij omdat zijn hormonen een krachtige dans inzetten bij het zien van andere vrouwen, maar in de echtelijke sponde daarentegen, samen met hem in een vredevolle slaap vielen.
Zij omdat bij het horen van zijn sleutel in het slot van de voordeur de vlinders in haar buik vleugellam bleven.
Sereen verdeelden ze de inboedel. Het huis keek gelaten toe. Al hetgeen het huis jarenlang met zijn warme en hechte muren had beschermd, verdween. De twee dochters staarden verbaasd, verstomd, naar het leger wordende nest. Flarden van herinneringen maakten zich los, losten zich op in de grijze wolkenlucht, zoals vroeger de knetterende houtsblokken in de open haard.
De oudste dochter ontfermde zich over de hond. De jongste nam de kat.
Aan één van de hoge, van gordijnen ontdane vensters prijkte het bekende schreeuwend rode plakkaat: Huis te koop.
De toekomstige eigenaar zou voortaan de rozen moeten snoeien en de haag bijknippen.
De nieuwe huisvrouw zou met haar ijver de koperen deurklopper doen glanzen in het zonlicht.
Opgetogen en enigszins bedwelmd volgde hij de wervelende dans van zijn hormonen. Er kwam weer kleur in zijn leven en op zijn wangen. Zijn levenslust werkte aanstekelijk en deed zijn carrière pijlsnel omhoog gaan. Een vent die op zijn vijftigste nog de bloemetjes durfde buiten zetten, verdiende promotie....
De cylinderinhoud van zijn wagen verdriedubbelde in snelheid en kracht. De kussens onder zijn zitvlak verdriedubbelde in comfort en zachtheid.
En zij, zij schilderde vlinders. Kleine, tere "witjes". Toen "blauwtjes". Daarna grote bontgekleurde vlinders.
En ze liet zich schilderen. Door jonge, aankomende artiesten. Dromend lag ze terwijl men haar nog mooie rondingen op het maagdelijk doek trachtte weer te geven. Sommigen onder hen mochten meer. Hun ogen en hun handen bevrijdden haar bevroren vlinders. Eerst de "witjes", dan de "blauwtjes", daarna de grote bontgekleurde.
Op een dag werd hij wakker. Hij keek naar de slapende vrouw die zijn bed deelde. Ze was jong en mooi. Met borsten zoals hij ze graag had. Zijn vingers gleden over haar huid. Ze voelde aan zoals hij het graag had. Verbaasd constateerde hij hoe vredevol zijn hormonen zich gedroegen. Eigenlijk was dat al lang zo. Sinds weken? Maanden? Een half jaar?
Hij besloot op reis te gaan. Alleen. De behoefte om alleen erop uit te gaan, drong zich aan hem op. Vroeger gingen zijn ex en hij wel eens naar een klein hotelletje aan zee. Op één van die kleine Zeeuwse eilandjes.
Eén telefoontje volstond. Kamer 14 was gereserveerd.
Op een dag had zij genoeg van de jonge, aankomende artiesten. Ze bedekte haar naaktheid en ging naar haar flatje. Ze zette zich achter haar schildersezel en schilderde haar laatste vlinder al wist ze dat zelf niet. Op het doek danste een grote bontgekleurde vlinder tegen een blauwwitte achtergrond. Het deed haar denken aan de zee. Aan witte wolken boven het Zeeuwse strand. Eén telefoontje volstond. Kamer 15 was gereserveerd.
Hij droeg haar koffer naar zijn kamer. Zij schikte zijn toiletgerief. Later zaten ze samen op het terras en keken naar de zee, naar het strand, naar de wolken. Toen het donker werd gingen ze naar bed en vonden elkaar, sereen, zoals het past voor mensen die elkaar al heel lang kennen. Daarna vielen ze in een vredevolle slaap. Hij, zij, de hormonen en de vlinders.
Uit mijn onuitgegeven bundel met korte verhalen.
Hallo lieve en minder lieve blogsters en bloggers, Ik heb een weekje in Antwerpen gebivakkeerd en ben nu net weer in mijn Moby beland die …
Hallo lieve en minder lieve blogsters en bloggers,
Ik heb een weekje in Antwerpen gebivakkeerd en ben nu net weer in mijn Moby beland die nog altijd op de lugubere parking geduldig op beter weer staat te wachten. Ondertussen zijn de muren van de parking met grafittitekeningen opgesmukt. Tja, ieder zijn meug. Echt mooi kan ik het niet vinden, maar kleurrijk is het wel.
Ik heb vanmorgen les gegeven aan een paar lieve mensen die zich interesseren in de kaarten van de Tarot. We hebben weer uren lang gefilosofeerd over het leven zoals het is en tja, het is niet altijd even gemakkelijk. Ieder mens krijgt zijn levenslessen voorgeschoteld en of we willen of niet, we moeten het voorgeschotelde voedsel wel verorberen en verteren. Maar, dat is een feit, de één krijgt wel eens meer op zijn bordje dan de andere.
Als astrologe en/of kaartlegster hoor je veel verhalen van veel verschillende personen. Van jong tot oud, van rijk tot arm, van ziek tot gezond, van nederig tot belangrijk.
Van toiletjuffrouw tot minister. Dat laatste verwondert U zeker?! Maar het zal niet over mijn lippen komen welke personen dat zijn, want dan zou de magie eindigen. En ik wil juist dat de magie zich nog verdiept, dat de deuren tot het mysterie zich nog verder zouden openen en mijn nieuwsgierigheid nog meer bevredigd wordt....
Als kind, als meisje, als jonge vrouw, kortom mijn heel leven heb ik graag met mijn neus in de boeken gezeten. Ik las en ik lees alles, enfin, bijna alles. Alleen stripverhalen kunnen mij niet boeien. Van Kuifje en Jommeke, weet ik zo goed als niets. Soms probeer ik het wel eens, maar ik ben een lettervreter; ik moet kunnen lezen. Het liefst lees ik psychologische getinte romans of ik verdiep mij in esoterisch/astrologisch gerichte boeken.
Toen ik op een gegeven moment mensen over de vloer kreeg die hun horoscoop wilde laten uitleggen, begon mijn leesdrift een beetje te verminderen. Want, die mensen brachten allemaal stuk voor stuk een verhaal mee. Hun levensroman en ze lieten mij in die levensroman binnen. Je zult het niet geloven, maar die romans zijn nog spannender dan het meest pakkende boek. Wat mannen en vrouwen allemaal denken en doen en hopen!
In het begin kon ik mijn oren nauwelijks geloven. Met rode oortjes luisterde ik naar hun verhalen. Het één nog spannender dan het andere. Er werd tijdens het consult gelachen, gefilosofeerd en er vloeide veel traantjes....Na enige tijd legde ik discreet een zakje met papieren zakdoekjes op de tafel. Die hebben dienst gedaan!
Bij mijn eerste consult, waarbij ik echt niet vermoedde wat er zou kunnen gebeuren, ik was zelf even nerveus als de jonge vrouw die voor mij zat, begon ik spontaan mee te huilen. Tja, dat was natuurlijk niet erg professioneel en ik heb mijn emotionele kant nu wel wat beter onder controle, maar nog altijd ben ik onder de indruk van het verdriet en zielepijn die de mensen met zich meedragen. Meestal kon ik ze weer wat opgemonterd terug in hun levensroman sturen, velen werden vrienden, de ene mens kwam wat dichterbij dan de ander, maar ze waren allemaal mensen die even hun hart voor mij openden.
Op een keer kwam er een mijnheer binnen die ook uitleg wilde krijgen over zijn horoscoop. Na zijn naam te hebben gemompeld, legde hij een bandrecordertje midden op de tafel en zei: "vertel het me maar eens!"
Toch wel een beetje nerveus door zijn kille, zakelijke aanpak van het consult, stak ik van wal en begon aan mijn uitleg.
Doorgaans komt er dan een reactie en komt het gesprek op gang. Dan kan de dialoog beginnen. Hier bleef het bij een monoloog van ongeveer een half uur. Af en toe wachtte ik even, hoopte ik op een respons, maar niets van dat alles. Ik werd echt wel een beetje boos door zijn zwijgzaamheid en van zijn toch wel duidelijke sprekende afwerende houding.
Ik zweeg uiteindelijk ook. Dit was een hopeloos consult. Verspilling van mijn tijd.
Plots sprak hij: "jaja, dat weet ik nu allemaal wel, maar vertel me nu liever iets over mijn kinderen!"
In die tijd ging ik er nog helemaal van uit dat alle informatie uit de door mij getekende horoscoop kwam die ik vooraf een paar uur lang had bestudeerd en waaruit ik mijn kennis dacht te putten. Tenslotte vraagt het zeker een jaar of 5 van studie eer een mens iets van een horoscoop kan interpreteren, want dat vergt heus wel wat meer dan enige kennis van de 12 dierenriemtekens. Het is een grote, diepe psychologische studie, die naar men zegt, moeilijker is dan een dokterstudie....
Langzamerhand heb ik begrepen dat er nog "iets" meer bij moet komen, een zekere intuïtie, een zekere helderziendheid, een zekere helderhorendheid.
Ik had altijd wel geweten dat er iets "raars" aan me was, maar aan die mogelijkheid had ik echt niet gedacht.
Toch werd het die avond wel duidelijk dat behalve de kennis van astrologie er dat "ietsje" meer wel degelijk was.
In de horoscoop stond het vijfde gedeelte, het vijfde huis genoemd, leeg, dat wil zeggen, er staan geen planeetkrachten in, geen Zon, geen Maan, geen Venus, niets, leeg.
Dan wil dat meestal zeggen dat de horoscoop-eigenaar in dat vijfde huis "niet aan het werk moet", er behoeft op dat levensgebied, weinig of niets meer te geleerd te worden. Maar....astrologie is niet zo simpel, er zijn veel valkuilen, en je moet op zoveel aanwijzingen letten, dat het eigenlijk onmogelijk is, 100% zeker te zijn van een horoscoop-gegeven.
Moest dat zo zijn, dan zou ik nu in een (ovaal) kamertje in het Witte Huis zitten!
Maar, ik was geïrriteerd en verloor een beetje mijn zelfbeheersing, dus kwaakte ik eruit: "Mijnheer, U hebt geen eens kinderen, wat wilt U dan dat ik U vertel!"
Verbouwereerd blikte mijn bezoeker mij aan en ik kwaakte verder: "en U bent nooit getrouwd geweest! Dus! Vanwaar die vraag?"
Natuurlijk kun je als mens best kinderen hebben al ben je niet getrouwd, maar ik spreek wel van een jaar of 15 geleden en werd er toen nog iets minder openlijk gesproken.
Enfin, het werd nog een heel geanimeerd gesprek, want ik had de nagel op de kop geslagen en hij was overtuigd geworden dat hij wel bij een redelijk goede astrologe terecht gekomen was.
Want mensen, lieve en minder lieve bloggers en blogsters, er zijn goede bakkers, heel goede bakkers, excellent goede bakkers en je hebt er die nog geen behoorlijk broodje kunnen bakken en zo zit het met alle beroepen. Overal vind je goede en minder goede stielmannen/vrouwen. Wanneer de loodgieter het huis verlaat en de kraan van de afwasmachine lekt nog even hard alstevoren, dan zegt men: "dat was een slechte loodgieter, ik zoek een betere."
Wanneer de astroloog of kaartlegster minder presteert (er zijn inderdaad een heleboel charlatans op de markt!), zegt men: "die mensen zijn bedriegers, oplichters, charlatans;
van heel dat gedoe geloof ik geen zier."
Gelukkig is hedentendage de brandstapel niet meer "in", maar het liefst zou men dan toch die mens op de brandstapel smijten (met alle serieuze astrologen en kaartlegsters erbij),
want het is allemaal ziever!
Waarom een loodgieter of bakker wel slecht mag presteren, hij zit dan waarschijnlijk in een verkeerd gekozen beroep, en zal dan op een gegeven moment door gebrek aan opdrachten wel een andere job gaan zoeken, er geen slechte astrologen zouden mogen/kunnen bestaan, die zitten dan ook in het verkeerd gekozen beroep, daar kan ik met mijn petje niet bij!
Nee. Dit bijzondere beroep zou moeten worden uitgeroeid!
Een beroep dat één van de meest sociale beroepen is, want waar heeft een mens nog een luisterend oor, waar krijgt hij nog eens een schouderklopje, een complimentje? Waar krijgt hij dat duwtje om zich door zijn problemen heen te werken? Waar krijgt hij zicht op het feit dat de problemen misschien bij hemzelf liggen en de hele ellende niet in andermans schoenen moet worden geschoven? Waar krijgt hij inzicht in zijn karakterstructuur? Waar krijgt hij te horen waar zijn sterke punten liggen en waar zijn zwakke? Waar ontmoet hij nog de warmte van een medevoelende en begrijpende mens?
Geloof me, ook psychologen, de psychologen met een offiëel diploma, hebben minder inzichten op de psyche van een mens dan een bekwaam astroloog.
In het verleden mocht een arts zijn beroep niet uitoefenen zonder enige kennis van de 12 dierenriemtypes.....
Maar ja, in deze moderne tijd wordt de oeroude kennis met het badwater weggegooid en ja........het gaat allemaal veel beter. Lees de krant, kijk naar het nieuws, luister naar de mensen om je heen, het gaat inderdaad heeeeeel veeeel beter!
Er heerst vrede, rust, en harmonie in ons landje. En over heel de wereld!
KLACHT Ik leg een klacht neer, maar ik weet niet waar ik met mijn klacht naar toe moet gaan i…
KLACHT
Ik leg een klacht neer, maar ik weet niet waar ik met mijn klacht naar toe moet gaan
ik weet niet waar ik mijn klacht neer moet leggen
de klacht komt uit mijn ziel
de klacht komt uit mijn hart
het is een klacht zonder geluid
zij stokt in mij
en komt mijn keel niet uit!
Het is een klacht zonder klanken
ik kan niets meer zeggen.......
Wanneer en waar is het allemaal ontstaan?
Deze verwarring, deze toestand, deze razernij
van een dolende, gestresseerde maatschappij
waarin mensen nauwelijks nog kunnen bestaan
en elkaar steeds meer naar het leven staan!
Zeg mij, wie wierp de eerste steen
in de visrijke vijver die België heet?
De kringen in de vijver worden groter
de oever is bereikt....
Wie moet ik haten, wie moet ik bedanken
nu leven hier onmogelijk blijkt!
Mijn klacht stijgt op in de stilte
en wordt weerkaatst door de kilte
die de luidkakelende politici achterlaten!
Veel lawaai en weinig wol;
iedereen slaat op hol;
de één beschuldigt de ander.
Hun woordenstroom is als een meander
die uitmondt in de vijver waarvan de kringen de oever hebben bereikt!
Mijn klacht blijft hangen in de lucht.
De rede is vergangen, gevlucht, vergaan....
Er is geen luisterend oor,
noch een aandachtig gehoor....
Iedereen blijft op zijn standpunt staan.
In deze doorgedraaide maatschappij
is er al lang geen plaats meer voor mij!
Ik pak mijn ziel, mijn hart, mijn moed en mijn klacht tesamen
en ik bid: God, help dit arme land.
Dit arme Belgenland!
Amen.
Moeder. Moeder, ik wil terug in je schoot, in jouw…
Moeder.
Moeder, ik wil terug in je schoot,
in jouw beschermende schoot wil ik huilen en schuilen,
want ik ben als de dood
voor de wereld om mij heen!
In foetushouding wil ik in je zijn
met al mijn angsten en mijn pijn.
In jouw schoot word ik weer klein, heel klein....
alleen jouw harteklop,
jouw stem,
jouw adem,
jouw ritme,
jouw en zitten en jouw staan.....
Moeder, ik kan deze wereld niet aan!
In feite wil ik dichten en dromen en denken,
maar in volle galop,
bereed ik het paard dat "Leven" heet;
dat mij genot kon schenken!
Tot ik in volle, dolle vaart
in een duistere greppel van mijn wezen gleed....
Een bliksemschicht,
een flitsend licht,
mensen zonder gezicht:
ik heb op hen een wapen gericht!
Moeder, ik heb paniek gezaaid,
ik heb verwond en gedood,
ik heb een kind van haar fietsje gemaaid!
Haar kleertjes kleurden langzaam rood.
Haat lees ik in de ogen van de mensen om mij heen.
Men grijpt mij vast; zij doen hun werk!
Ik houd mij amper op de been!
Maar ik houd me groot,
ik maak me sterk,
ik trek een ijzren pantser aan
en zet een stalen masker op
zo ziet men niet de angst
die door mijn lichaam raast!
Want voor jouw beschermende schoot,
Moeder,
ben ik, helaas, te groot.
Ik zag die dag het zonlicht voor het laatst:
Ook ik ben dood!