.Artikel nr 9
maandag 7 juni 2004
Bij de aanvang van dit artikel moet ik even denken, en er
even bij stil staan ,aan de zo erg veranderde sfeer in de duivenlokalen. Aan de
opmerkingen en commentaren aan het adres van de tegenstrevers.
Zoals overal in de maatschappij is er geen tolerantie meer,
geen sportiviteit,Alleen nog afgunst en achterklap .
Naar mijn gevoel heeft iedereen het recht om zijn duivenspel
in te vullen zoals hij dat zelf wil, het recht om 10 duiven te houden of 500 (als uw beurs dat toelaat )
Ik heb altijd geleerd van mijn ouders dat ge nooit een ander
zijn “rekening “ moogt maken !!
In ons lokaal komen fondspelers met soms 80 a 100 “soepen “
voor arras of clermont, alleen voor de reiskosten.
Dan is de commentaar niet van de poes : “ men zou dat moeten verbieden,
verplichten van ze te spelen enzovoort ……. “
Waarom toch ? Die mens is toch vrij om zijn duiven te leren met het oog op
de verre drachten .
Ten eerste zijn dat meestal van nature, tragere duiven, niet
geschikt om te sprinten
En ten tweede zijn die duiven nog niet klaar voor de strijd!
Ik begrijp die vitessemannen niet die willen profiteren van
die plus – minus 40 extra prijzen
(per 2 –tal ) als er in plaats van plus – minus 100 duiven,
180 duiven zouden zijn ? !!
Als je dan als vitesse
–speler extra duiven kunt klasseren, tussen de 50e en de 90e prijs,
door het feit dat je die fondspelers verplicht om mee te doen, dan is
dat toch niet iets om fier op te zijn.?Wat
brengt dat op ?
Ik ben altijd van oordeel geweest, naar mijn bescheiden
mening, om er te komen in onze sport men verplicht is om de lat steeds hoger te
leggen.
STlLSTAAN IS ACHTERUITGAAN !
-------------------------------------------------------------------------------
Zo had ik zaterdag 29
mei 2004 naast 7 jongskens ook nog 40 jaarlingen mee, die voor de eerste keer
in hun leven kennis maakten met de grote mand ( de bedoeling is grote fond
binnen een paar jaar , maar ik moet ze toch leren hé ?? ! )
Ook hier weer die
commentaren .
De laatste jaren heb
ik nogal veel duiven gehouden ,maar ik hoop dat te kunnen verminderen (momenteel, met jongen en al, schommelt de
bezetting rond de 200 )
Fondduiven moeten
rijpen en de ultieme selectie kan eigenlijk pas gebeuren op 3 –jarige leeftijd
!
En mijn oudste fondmannen zijn nu pas 2 jaar oud …..
---------------------------------------------------------------------------------
na 50 jaar duivenspel stel ik vast dat ik er niet rijk van
geworden ben !
velen zijn geroepen ………
Misschien heeft 50
jaar duivensport mij wel , alles inbegrepen, een 2e woning gekost !
En dan stel ik mij de
vraag of ik met die 2e woning
vee1 gelukkiger zou geweest zijn ?
Ik denk het niet ! want ik heb er door de jaren heen, met
ups en downs weliswaar , veel plezier aan beleefd !
2 jaar geleden, om precies te zijn , op 23 juni 2002, rolde
ik te Jabbeke, een bonvlucht uit Clermont voor jonge duiven op
het was een normale
vlucht en nogal lastig ( snelheid 1300 m
per minuut )
er waren 566 duiven en ik behaalde volgende uitslag
6 – 11 – 32 – 33 – 42 – 73 – 81 – 84 – 86 – 136 – 161 enzovoort
Ik won de eerste aangeduide serie van 3 met 4 , 5 ,
& 6, men sprak van geluk en “ chance
“ maar ik speelde op die vlucht 14 van 16 prijzen en won 5 aangeduide series van drie !!
Ik speelde ook nog
een gratis prijs , een fiets , voor de eerste
aangeduide van 4
De volgende weken ben ik minstens zes liefhebbers
tegengekomen die mij zegden dat ik onnoemelijk veel geluk gehad heb want ……….
Bij de ene hadden ze die fiets verlet wegens niet binnen
gekomen, bij een andere was de
constateur stil gevallen en bij nog een andere ,had men de “ normale “ 4e
getekende een plaats achteruit geschoven wegens de 5e pen gevallen
en ….. hij was daar toch wel zeker !
Ja , met 1 , 2 , 3
& 5 kun je moeilijk aangeduid van 4 winnen.Dat lijkt me nogal evident.
En dan ligt een mens
krom om een mooi resultaat te behalen, soms met weken voorbereiding, en dan
wordt het je nog niet “gejeund “ (gegund )
Daarom vraag ik in
het algemeen , beste vrienden, respect voor de winnaars aub !! want achter
grote prestatie’s schuilen vaak grote
inspanningen !
---------------------------------------
En nu ga ik met plezier terug naar de “dullen hoek “ In een
van de vorige afleveringen heb ik een foto getoond van een samenraapsel van
zelfgebouwde hokken .Ik vond het leuk dat ik op die manier kan tonen wat het
geweest is, maar de vriendschap, de steun, de ambiance, kan ik niet tonen. Ik
doe mijn best om die gezelligheid, dat eenvoudig gelukkig zijn met simpele
dingen ,te beschrijven, maar woorden zijn maar woorden ,en schieten soms te
kort ! Hoe vader zaliger mij hielp met de bouw mijn duivenhok dat ondanks het
feit dat het bijna niets kostte een ideaal hok was ! Ik denk dat ik achter en
boven mijn hok een luchtreserve had van ongeveer 120 kubieke meter !
Dat kleine paradijs situeerde zich aan de zuidkant van de
kerkstraat te Dudzele, thans omgedoopt
tot de st Lenardsstraat ,wegens de fusie met Brugge, daterend van 1970, omwille
van de verwarring tussen al die kerkstraten in de verschillende fusiegemeenten.Die
hoofdstraat heeft langs de zuidkant vier zijstraatjes, die allen , zonder
uitzondering , uitmonden of als je ’t zo wilt noemen, doodlopen in de
weilanden.
Op het einde van die
straatjes kon je bijgevolg genieten van een prachtig uitzicht, een ongerept
natuurgebied. Slootjes, wilgetronken , populieren, bosjes……. Wisselend van
uitzicht naargelang de seizoenen, een paradijs….
Een groot stuk van dat paradijs is kapot gemaakt, omwille
van sociale woningbouw, en de bouw van een
nutteloze mastodont van een feestzaal !
Maar als je iets
verder noordwaarts gaat ,richting Damme, waar de bouwwoede nog niet heeft
toegeslagen,kunt u zich een idee vormen
van hoe het geweest is, want moest je in de verleiding komen om eens een kijkje
te komen nemen, dan kun je een van de mooiste (vergeten ) plekjes van onze
regio aanschouwen !
In de Kerkstraat
woonde de burgerij, de middenstand en de winkeliers, en in de straatjes het
werkvolk.Wij woonden dus in de Truwelstraat, Gerard Gardin in de kerkstraat, en
Raf Verschaeve en Co in de Feverystraat,maar omdat de hovingen, langsachter, in
elkaar liepen als het ware,en aan elkaar paalden, kreeg je dus dat uniek beeld
van duivenhokken, broederlijk naast elkaar,die de “Dullen Hoek “ uitmaakten !
In ons straatje stonden enkele kleine werkmanshuisjes, met
er voor ,van die typische voorhofjes met rozestruikjes of hortensia ‘s, omzoomd
met” bakkertjes “(sleutelbloem ) of ” stinkertjes “(afrikaantjes ) of iets in
die aard.Voorhofjes die op den duur allemaal op elkaar begonnen te lijken wegens het uitwisselen van plantjes en
scheutjes ,door de buurvrouwen, onder elkaar.
Een eigenaardigheid
was dat ons huisje , in tegenstelling tot de andere, haaks op de lengte –as van
de straat gebouwd werd en omdat het tevens het laatste was , hadden wij van uit
onze woonkamer een prachtig uitzicht op het “straatje “
Bij gevolg waren wij bevoorrechte getuigen , en speelden de
gebeurtenissen, zich onder onze ogen af.
Wij zaten als het ware op de eerste rij !Maar soms waren de
gebeurtenissen van die aard dat ze niet voor kinderogen bestemd waren en kregen
wij van ons moeder verbod om door het venster te loeren (echtelijke twisten,
amoureuze toestanden , DRAMA…. )
Eens zagen wij een buurvrouw met haar stervend kind in de
armen in allerijl vertrekken, in de auto van de huisdokter, maar alle hulp kwam
te laat …..
En de rijkswacht kwam ooit aan een ander gebuur melden dat
hun zoon verongelukt was……
In het eerste huisje, rechts, dat haaks op het onze stond woonde Felix en Felix
had ook duiven, maar hij was een “krabber “, kon met moeite prijs spelen !
Zodoende, waar ons voorhofje eindigde, begon het “kiekenperk
“van de Felix, gescheiden door een draad.De kippen hielden alle planten die
door de draad groeiden, mooi kort, en dat was geen probleem want in die tijd
stak dat allemaal zo nauw niet.
Nu zouden zulke zaken
9 op 10 aanleiding geven tot regelrechte burentwisten, zonder uitzicht,
met moord en doodslag in ’t verschiet
Maar goed, in dat kiekenperk, stond ook zijn duivenhok ,met
daaronder het kippehok en zijn werkplaats
Felix was een echte klusjesman.Hij kon ongeveer alles
herstellen en opknappen, van staande klokken, en wekkers tot kleine
polshorloges toe.Trouwens eenmaal een uurwerk definitief verloren, werd dat aan
de Felix bezorgd, het werd gedemonteerd en de stukken konden opnieuw dienen om
andere probleemgevallen op te lossen .
Zoals ik al zei : “er ging niets verloren in die tijd ! “
Dat Felix zijn duiven geen prijs vlogen was niet
verwonderlijk.
Ten eerste zag hij ze te graag, ze kwamen nooit binnen wegens totaal geen honger en
Ten tweede zaten ze ganse dagen op de grond tussen de
kiekens en dat was zeker niet bevorderlijk voor hun gezondheid en bovendien heb
ik ze vaak zien drinken uit de pot van de kiekens, een afgedankte “casserole “
!
En toch had Felix ook
zijn “crack “ Namelijk zijn “ bleken “
Die bleken is er een enkele keer in geslaagd om het Witslag van vader te
kloppen, geen mens die daar kop aan kreeg, maar feit is dat Felix dat wapenfeit
voor de rest van zijn leven heeft gekoesterd en vooral “ verkondigd”
De “ bleken “ vloog dan ook de eerste en het Witslag de
tweede.Ik herinner mij nog levendig dat deze gebeurtenis door vader en zijn
gebuur grondig gevierd werd, vergezeld van de nodige drank en luidruchtige
loftuigingen aan het adres van de 2 kampioenduiven.
Meer nog, toen Felix, moegestreden, de duivensport vaarwel
zegde, drong hij er bij vader op aan om de Bleken een plaats te geven op zijn
kweekhok.
Zeer tegen de goesting van vader trouwens, maar ja , wat
moet een mens allemaal niet doen omwille van de lieve vrede !
Maar het beeld dat mij het meest is bijgebleven van onze gebuur is het volgende :
Zoals meestal bij het “werkvolk” was er geen sprake van sanitair of badkamer!
Deze bezigheden vonden vaak hun beslag in open lucht, ook
bij ons !
Een afdak was al een “luxe”
Van uit onze
huiskamer konden we de Felix zijn “ toilet “ zien maken en de huisgenoten
verwittigden elkaar als het spektakel zou beginnen en “spektakel “ is zeker niet overdreven !
Onze brave man kwam
steeds recht uit zijn slaapkamer naar buiten gestormd, in zijn bloot bovenlijf,
met zijn bretels op zijn knieen hangend, hoofd onder de pomp, met de ene hand
pompend en met de andere hand zich wassend. Proestend en pruttelend en grollend
werd deze ceremonie voltrokken of het nu winter of zomer was, vorst, dooi of
sneeuw
Alleen als het erg koud was kwam daar nog iets bij ,namelijk
een soort indianendans, rond de pomp,afgewisseld met het toepassen van “soldatenvuur “ ( de handen kruiselings over
de borst onder de oksels slaan ! ) tot groot jolijt van het publiek in het nr 3
van de Truwelstraat !
Het was een
onvergetelijk schouwspel .
Over weerstand van
duiven en mensen gesproken,bij ons ging het er niet anders aan toe.
Wij wasten en plasten buiten aan de pomp, in open lucht,
winter en zomer, en ik heb nooit een dokter over de vloer weten komen ! En als we dan toch eens een griepje hadden ,
werd dat opgelost met bruin papier met kaarsevet op je borst, en dan naar bed
met hete melk met honing en meestal waren we na een paar dagen terug op onze “
plooi “
Toen ik 12 jaar was
brak de beruchte A – griep uit , gans mijn klas lag tegen dek, tenslotte bleef
ik alleen over en werd van “ armoede “ ook naar huis gezonden wegens les geven aan één leerling toch ook
niet je dat !
Of was men bang dat
ik TE slim ging worden.Ik weet het niet.Ik had nochtans al een flinke
voorsprong op ,oa het zoontje van de notaris, het zoontje van de dorpsdokter,
van de veearts enzovoort…het zorgde hier en daar wel voor een beetje afgunst
…..
Ik had nl reeds 2-maal een grote opstelprijskamp gewonnen ,
ingericht door het davidsfonds, en na de proclamatie op de 11e juli,
kreeg ik schouderklopjes van de “elite “ en tegen mijn moeder zeiden ze “ dat
ik het nog ver ging brengen ! “ ’t
probleem was dat er geen geld was voor studie’s, en uiteindelijk werd het
vakschool en eigenlijk, de laatste tijd, ben ik tot inzicht gekomen dat het goed was zo.
Wat ben je trouwens met titels en posities, als je niet
gelukkig bent …….
Van de Felix naar Raf Verschaeve is het een kleine stap.Raf
was in de “dullen hoek “ beland door Greta .
Een onschuldige vrijage mondde uit in een trouwpartij (het
is altijd ’t zelfde ) en Raf kwam zich
bij ons vestigen en algauw werd duidelijk dat hij banden had, via zijn broer André,
met de betere vitesse-spelers van st-Andries Brugge, zoals , Adolf van de
kerkchove,de familie Ddhoest, Devooght
en nog een paar anderen
En Raf, afkomstig van st Andries, een vreemde eend in de
bijt , begon prompt met de bouw van een duivenhokje, nogal argwanend bekeken
door de rest van de bevolking, wegens “het ijs nog niet gebroken “ wat later
uitgebreid gebeurd is in het duivenlokaal “ sportwereld “ vergezeld van het onontbeerlijke
gerstenat !
Van dit hokje heb ik heel recent nog een fotootje gemaakt,
zoals je ziet heeft het de tand des
tijds overleeft !
Alleen al de afmetingen al gaven aanleiding tot commentaar
(amper 2,5 meter lang bij 1,5 meter breed ) en het werd nog erger toen het
hokje bevolkt werd met meer dan 30 piepers !
Volgens Gardin en nog anderen zou het onmogelijk zijn om daar op ook maar een prijs te spelen,
vooral Gardin , die zich nogal smalend uitliet over het schamel hokje van de Raf
!
In vergelijking met zijn prachtige duivenzolder was het
schamel bouwsel maar niks !
Zelfs vader schudde het hoofd als hij eens stiekem om het
hoekje loerde, nieuwsgierig naar de activiteiten van zijn nieuwe gebuur.
Ik moet er ook nog bijvertellen dat Raftje zelf , aanleiding
gaf tot roddels, want als men hem eens polste over zijn plannen stuurde hij ze meestal met een kluitje in het
riet !
Ikzelf werd algauw zijn beste vriend.Waarom ? het klikt nu
eenmaal of het klikt niet !
En algauw bleek dat Raf
nog zo dom niet was.We hebben heel veel gepraat over duiven, veel keren tussen
pot en pint, en het waren genoeglijke uren .
Heel in het begin vlotte het niet zo goed met zijn duivenspel.
Wat normaal was,wegens zoeken en tasten naar de gepaste koppelingen en de goeie
duiven, maar geleidelijk aan moest men met de Raf rekening beginnen te houden en dat gaf
aanleiding tot nog meer commentaren omdat men niet begreep dat duiven die een
ganse week zaten te luieren op het dak, de zondag gensters konden slaan !
Het was een feit dat Raf
zijn duiven in de week geen meter trainden, en toen ik hem daar eens tussen pot
en pint ,attent op maakte kreeg ik tot mijn verbazing volgend antwoord “ mijn
duiven vliegen meer dan die van jullie maar niemand ziet het!
Wat was de ware
toedracht ? hij zette ’s avonds laat, als het donker was, het schuifje open en
’s morgens bij het krieken van de dag stormde de meute naar buiten, en vermits
iedereen weet dat duiven ’s morgens vroeg beter trainen, en vooral jonge
duiven,is het niet verwonderlijk dat zij er duchtig de pees op legden .Dat
terwijl de “dullen hoek “ de slaap der rechtvaardigen sliep.
Vader en ik vertrokken net als Raf, voor dag en dauw, naar
ons werk als bouwvakkers en Gardin begon zich als middenstander pas om de
duiven te bekommeren rond 10 uur , omdat hij eerst een handje moest helpen in
de kruidenierswinkel die hij uitbaatte in de kerkstraat.
Zodoende had het gebuurte het spelletje niet door en Raf
deed daar nog een schepje bovenop door de zaterdagnamiddag bij de inkorving,
als er gepolst werd naar zijn vooruitzichten, al zuchtend te verkondigen ,dat
het waarschijnlijk niets zou worden wegens
niet willen trainen.
Ik heb het zelf
genoeg kunnen zien , in alle weer en wind, van ’s morgens tot ’s avonds,zaten
die duiven daar tegen dat dak geplakt, ze zaten als het ware te dromen , maar
de zondag ,beste mensen , dan was het wat anders.De een na de andere op de
valplank , soms met drie , vier tegelijk
Op een keer, van Arras,
(113 km ) stak er op het moment dat de duiven moesten vallen, een plotse mist
op, vergezeld van een kille druilregen, de duiven kwamen er met mondjesmaat
door.Een halve rampvlucht ,zeg maar! Maar bij de Raf was er geen probleem.Hij won de negen eerste …….Blijkbaar
waren ze het “afzien “ gewoon
Vanaf dan was hij definitief ingeburgerd in de kampioenengilde van de “ dullen
hoek “ wegens het RESPECT VOOR DE WINNAAR
En om te bewijzen dat Raf niet van de domste was geef ik een
opmerking uit een van onze memorabele gesprekken weer .
Raftje zei : “ de eerste zonnestralen, Roger,die zijn goud
waard ! “ en ik heb dat onthouden !
Er zit misschien een
tip in ,voor de lezer met weinig tijd, s’ avonds laat het schuifje open !!!
Dat was het voor
vandaag, volgende keer zetten we de kennismaking met het bont gezelschap van de “dullen hoek “
verder. TOT DAN
PS: straks ga ik de aanvoer van leesvoer wat verminderen.
Het is niet dat ik uitverteld ben, maar straks word het lente en ga ik met mijn
duiven op stap en moeder de vrouw krijgt steevast met de eerste warme
zonnestralen , een aanval van een kwaal die nog veel erger is dan de
vogelgriep, Namelijk de “ de lente-grote-schoonmaak- kriebels “Het schijnt dat
vooral vrouwen zeer gevoelig zijn voor deze ziekte die uiterst besmettelijk is en daarom omdat
mijn assistentie vereist is bij een paar delicate operaties zal ik straks om de
14 dagen -3 weken iets publiceren . En na de zomer geven we dan terug volle gas
!
Overigens, sedert de vogelgriep is de conversatie tussen de
kippen er ook niet op verbeterd. Ik had gisteren de kans om zo’n gesprek af te
luisteren…..
Zegt de ene kip “ TOK “ . Antwoord die andere “ ARE YOU
TOKKING TO ME ? “….
Doe oei….
ROGER CASIER