Sharia


Foto
Universele Verklaring van de Rechten van de Mens
Invoering sharia moet kunnen
DEN HAAG - 12 september 2006.
Het moet mogelijk zijn dat moslims langs democratische weg aan de macht komen; ze moeten dan zelfs ook de sharia kunnen invoeren. Minister Donner zegt dat in het boek 'Het land van haat en nijd', dat morgen wordt gepubliceerd. In een democratie kan een tweederde meerderheid nu eenmaal ingrijpende veranderingen afdwingen, zegt Donner.
In de Kamer is ophef ontstaan over uitlatingen van minister Donner over de sharia. De PvdA, de grootste oppositiepartij, vindt dat de minister te ver gaat. Donner moet de vrijheid van meningsuiting en de gelijkheid van man en vrouw beschermen, vindt de PvdA. De fractie verzet zich zeer tegen de berusting die in de uitspraken doorklinkt. Volgens PvdA-kamerlid Jeroen Dijsselbloem moet de minister van Justitie zijn energie steken in het bestrijden van dit soort opvattingen in plaats van het signaal te geven dat dergelijke ideeën onderdeel zouden kunnen uitmaken van onze democratie. Het Kamerlid Wilders overweegt een motie van wantrouwen als Donner zijn woorden niet terugneemt.
Minister Piet Hein Donner (Justitie) blijft bij zijn uitspraken over de sharia, maar betreurt het dat het beeld is ontstaan dat hij voor invoering van deze islamitische wetgeving zou zijn. Hij zei dat in een reactie op de ophef die in de Tweede Kamer is ontstaan over zijn uitlatingen. ,,Mensen proberen me nu in de mond te leggen dat ik voor invoering van de sharia ben. Dat is niet het geval'', zei hij. De CDA-minister benadrukte dat de sharia in strijd is met de Nederlandse grondwet. Als in het theoretische geval een meerderheid van de Nederlanders die wetgeving toch wil invoeren, moet de grondwet worden gewijzigd. Donner zei dat hij dat altijd zal bestrijden om te voorkomen dat het zover komt.
Donner keert zich tegen de neiging de grondrechten te beperken. Onder anderen het CDA wil partijen die de kernwaarden van de democratie aantasten verbieden. CDA-fractieleider Verhagen wil in de grondwet de mogelijkheid opnemen dat groepen die de rechtsstaat bedreigen en de sharia, de islamitische wet, willen invoeren, hun grondrechten verliezen.


















