flater

Hij beging een flater.
Hij maakte een hele domme fout.
Door de knieën gaan.
Toegeven aan; zich onderwerpen aan.
Het kind bij de naam noemen.
Zeggen waar het op staat.
Met een metworst naar een zijde spek gooien.
Iets investeren met als doel om er op termijn veel meer voor terug te krijgen.





















