mannetje


Huisje op het ijs
Er was eens een mannetje
Dat was niet wijs
Het bouwde zijn huisje
Op het ijs
't Begon te dooien
't Hield op met vriezen...
Toen moest dat mannetje
Zijn huisje verliezen
mannetje

Huisje op het ijs
Er was eens een mannetje
Dat was niet wijs
Het bouwde zijn huisje
Op het ijs
't Begon te dooien
't Hield op met vriezen...
Toen moest dat mannetje
Zijn huisje verliezen
samenleving
Het is goed om geduldig te zijn.
Je moet als baas zelf toezicht houden want anders wordt je bedrijf verwaarloosd.
Het gezin is de basis van de samenleving.
Het is voor hem heel erg vervelend om te doen.
Ik minacht hem.
Het is een niet te voorkomen ramp.
wegvluchten
Wegvluchten.
Van voren af aan.
Hij past niet binnen de groep.
Hij heeft een trieste bui.
Als je niet wilt werken word je op den duur arm.
sneeuw

Al de grote stille bomen, beuk en eik en els
Dragen om hun hoge leden, elk een witte pels
Door de boslaan gaan mijn voeten, o-zo, o-zo blood’en zacht
Is het niet om voor te knielen, deze stille pracht!
W. de Wijk / A. van Zeilen
veel
Het is heel erg duur.
Je moet niet zelfstandig gaan leven als je daar nog niet volwassen genoeg voor bent.
Tegen de dood is geen kruid gewassen.
Hij is erg dom.
Hij is iemand die moeilijk is in de omgang.
Hij is iemand die je voor alle (rot)klusjes kunt gebruiken.
verkouden
Hij is flink verkouden.
Het is naar het pandjeshuis gebracht.
God ziet alles dus ook de slechte dingen die je doet.
Een hoop ellende.
Heel erg veel eten.
geduld
Iemand die altijd meteen kontant betaalt.
Iemand heel erg aardig vinden.
Hij werd heel driftig.
Voor alles wat je wilt hebben heb je geld nodig.
Als je maar genoeg geduld hebt komt uiteindelijk alles goed.
volgen
De een verwijt de ander iets waaraan hij zich zelf ook schuldig aan maakt
Iemand volgen.
Er zijn altijd wel mensen die het slechter hebben dan jezelf.
Hij doet voorkomen alsof hij slaapt.
Hij is dood.
Niet hetzelfde kunnen als een ander.
geld
Hij is hier met niets aangekomen.
Een auto met diverse kleine gebreken; op maandag (na het uitgaansweekend) gemaakt.
Hij zit zonder geld.
Het is snel weg en onduidelijk waar het gebleven is.
Iemand onomwonden zeggen hoe hij er over denkt.
Hij is te voorzichtig.
chagrijn
Hij is iemand die altijd moppert.
Hij is een erge vrek.
Iets is niet origineel.
Ruchtbaarheid geven aan iets.
Hij is niet goed snik.
winter

auto
Hij vertrok beschaamd.
Iemand aanvallen.
Hij is degene die de nadelen moet ondervinden.
Het moment dat het er echt toe doet.
Dat geld wordt van de ene plaats naar de andere geschoven maar uiteindelijk blijft het bij
Heel erg hard met een auto rijden.
wijs maken
Iemand slaag geven.
Hij heeft te erge dingen gedaan waarvoor hij gestraft dient te worden.
Iemand in de baard varen.
Dat is te ongeloofwaardig.
Iemand verschut zetten.
bijdehand
Door de dingen van te voren goed te overleggen vlot het werk beter.
Iemand veel medicijnen laten slikken.
Hij schrok heel erg.
Het gevaar net hebben kunnen ontlopen.
Hij is erg bijdehand.
kleur
Daar klopte niets van.
Iemand doen beseffen dat hij verkeerd bezig is geweest.
Hij liegt.
Zij bloost ontzettend.
Als het hooi vanzelf naar de wagen gaat dan zijn de
Een politieke richting.
droog
Dat is een saai persoon Dat is een druif uit zijn mond.
Met die zaak kunnen ze maar beter stoppen.
Mei koel en nat koren inhet vat.
Hij is er heel snel bij.
Dat is voor altijd een vijand.
Dat is geregeld.

huis
Dat helpt niet noemenswaard.
Wat de leiding zegt moet worden uitgevoerd.
Hij heeft teveel gedronken.
Hij doet alles om meer geld te krijgen.
Je voelt je thuis toch het meest op je gemak.
spiegelen
Iemand zogenaamd een zware straf opleggen die in de praktijk echter heel erg meevalt.
Een voorbeeld nemen aan een ander.
Ze maken ruzie om niks.
Het is alles of niets.
In tijden van nood moet je gebruik maken van de middelen die je hebt.
Een vrouw hoort thuis (bij het gezin) te zijn.
Hij komt als laatste man aan.
spel
Degene die altijd verliezen met gokken hebben vaak wel een gelukkig liefdesleven.
Dat smaakt erg goed.
Hij is een alcoholist.
Hij is niet rustig.
Hij loopt kaarsrecht.
Iemand die ongeduldig en onrustig is wordt pas rustig als de boel fout is gegaan.
bulten
Niets doen.
Hij is daar lang gebleven.
Een mobiele telefoon.
Niet helemaal gezond zijn.
Iets in het geheim verkopen.
Hij zegt direct wat hij vindt.