vogel

Iets laten schieten.
Iets laten lopen.
Het gouden kalf aanbidden.
Zeer veel hechten aan rijkdom.
De boel is aan kant.
Het ziet er keurig netjes uit.
De peper groeit bij hem op de rug.
Hij wil zijn leven maar niet beteren.
De vogel is gevlogen.
Degene die we pakken wilden is er niet meer.






















