hielen
Veel woorden de nek breken.
Lang praten zonder dat je er iets wijzer van wordt.
Hij bezit niets ter wereld.
Hij is arm.
kam van een haan.
Een hap en een snap.
Een kat een kat noemen.
Zeggen waar het op staat.
Er komt leven in de brouwerij.
De zaken lopen beter.
Hij licht de hielen.
Hij vlucht.









