rad

Iemand een rad voor de ogen draaien.
Iemand iets wijsmaken.
De kerfstok afdoen.
De schulden afbetalen.
Iemand bont en blauw slaan.
Iemand in elkaar slaan.

rad
Iemand iets wijsmaken.
De schulden afbetalen.
Iemand in elkaar slaan.

geweten
Hij heeft een gezicht als een prent.
Zich ergens niet duidelijk over uitspreken.
Zo duidelijk en klein mogelijk.

schepje
Het een beetje overdrijven.
Dat was een andere afloop dan hij voor ogen had.

lont
Gevaar bespeuren.
Overleggen.
Hij is verschrikkelijk geschrokken.
Iemands plannen doorkruisen.
hijHij gaat over de keuken.
Overmand worden door emoties.
Hij is met een veel jongere vrouw getrouwd.
Er moeten ook gekken zijn op de wereld.
sterkZich heel braaf en netjes gedragen.
Een flinke kerel.
Hij was in de war.
De vraag om binnen te mogen komen.
zotJe moet je niets aantrekken van de verwijten van iemand die er geen verstand van heeft.
Ophouden met dichten.
Hij is een heel slecht mens.
zolen
Iets negeren.
Hij stond voor schut door een hele domme fout.
Iemand berispen.

vragen
Als je iets niet weet kun je het het beste vragen.
De ideeën van iemand anders overnemen die daarentegen jouw ideeën ook overneemt
Water uit de kraan.
Men denkt het eerst aan zichzelf of zijn bloedverwanten.

kant
Zelfmoord plegen.
Je moet tevreden zijn met wat je kunt krijgen.
De ervaren en slimme man werd beetgenomen.

papier
Je kunt van alles op papier zetten; het papier accepteert alles.
Hoe oud je ook bent je kunt altijd nog wel eens iets van iemand anders leren

sleutel
De erfenis niet accepteren.
Er is een broertje bijgekomen.
Hij is in staat om een duit in tweeën te bijten.

vrijheid
voeten
put
Hij is neerslachtig.
Sommige mensen krijgen altijd meer dan een ander.
Hij is heel erg kwaad.


baard
Iemand iets verwijten Iemand iets in de hand stoppen.
Wij luisteren niet naar roddels.

getrouwd
varkens
hond
Je kunt een hond het makkelijkste kunstjes leren als deze honger heeft.

gat
Hij kan niet goed met geld omgaan; hij geeft het overal aan uit.
Iedereen vindt zijn eigen werk / kind het best.
