dief

Het is dief en diefjesmaat.
Zij zijn beiden even slecht.
Vroeg rijp vroeg bot.
Als je op jonge leeftijd (slechte) dingen hoort en ziet wordt je al snel een slecht mens.
Bij haar kan men een ei in haar gat gaar koken.
Zij is erg bang.

dief
Zij zijn beiden even slecht.
Als je op jonge leeftijd (slechte) dingen hoort en ziet wordt je al snel een slecht mens.
Zij is erg bang.

kaart
Precies doen wat iemand wil.
Het is helemaal gereed.
Hij veroorzaakt zijn eigen ondergang.
De meest urgente noodzakelijke dingen moeten het eerst gebeuren.
Als er gevaar dreigt kun je beter vluchten.
Heel ver.

bijbel
Bijbelse spreuken...
Een spreuk is een kernachtige uitspraak die een levenswijsheid of een
vermaning inhoudt, vooral met een zedelijke of godsdiensdige strekking
Als een vorst naar leugens luistert, worden zijn dienaren onbetrouwbaar
Wie een ander vleit, zet hem een val
Wie alleen op zichzelf vertrouwt, is een dwaas
Wie zich door wijshied laat leiden, ontkomt aan elk gevaar.

prikken
arm
Dat zijn arme mensen met veel schulden.
Er wordt al gegeten aan tafel terwijl er nog iemand moet komen.
Dat is een zware bevalling.
Hij heeft alle lelijke dingen gezegd die in hem opkwamen.
zin
Het is moeilijk om het iedereen naar de zin te maken.
Bemoei je niet met hem.
Hij wijzigt zijn standpunt als hem dat goed uitkomt.

dik
Je kunt maar beter niet te dik zijn.
Roekeloos geld uitgeven.
Kleingeestige mensen zijn snel kwaad.
Hij had meer opgeschept dan hij kon opeten.
Hij wil wel het voordeel maar er niets voor doen.

deksel
Een zorg van iemand wegnemen.
Iets doen dat verboden is.
Iemand bedonderen.
wit
Heel erg wit.
Zij is 18 jaar.
Soms is men tegenover zijn weldoener zo ondankbaar dat deze niet eens gewaardeerd
Dat heeft er niets mee te maken.

oude dag
Hij heeft nog een goed gestel gezien zijn hoge leeftijd.
Ieder wacht het lot waarvoor hij is bestemd.
Als je bang bent om aan iets te beginnen kun je het beter niet doen.
Hij is arm.

tijd
Er is een tijd voor alles
Een mens zonder dromen, is armer dan een mens zonder
geld
Hij/Zij is wijs, die van een vijand een vriend kan maken
Je kunt de zee niet oversteken door alleen maar naar
het water te staren
bijen
zwijgen
Iemand vermoorden.
Ook al werk je nog zo hard je hebt toch altijd een beetje geluk nodig.
Met een derde erbij wordt het gezellig of juist helemaal niet meer gezellig
Dat is een teleurstelling Dat valt op een gansje.
Ondergeschikt zijn aan iemand.
Om beter te worden moet je vaak bittere medicijnen slikken.
voordeel
Hij heeft een klein wondje.
Stroken voor stroken maakt de vogel zijn nest.
Hij heeft genoeg geld om niet meer te hoeven werken.
Dat is een onverwacht voordeel.
woorden
Een goed voorbeeld verdient navolging.
Een bemoeial.
Hij heeft teveel gedronken.
Zij naait zo snel als ze maar kan.
etenEten en drinken kost veel geld.
Hij zat in de problemen.
De tong raakt los.
Als je blijft zeuren krijg je een pak slaag Kinderen die willen krijgen voor hun billen.
alarm
Anderen voor gevaar waarschuwen.
Hij begon zijn verhaal te houden.
Hij kan zijn schulden niet betalen.
Hij pakt zijn meisje af.
Hij heeft nog niet veel geleerd.
koud
Hij toont geen medeleven.
Hij reageert niet meer zo heftig als vroeger.
Iemand helpen.
Daar heb je niets aan.

gezondheid
Je moet altijd op je gezondheid blijven letten.
Heel hoog Zo kom je er niet in al was je de burgemeester van
Iemand liefhebben als het dierbaarste wat hij bezit.
Tegenwerken.
Kijk uit met wat je vertelt want voordat je het weet krijgen de verkeerde personen dit te horen.![]()
ongezien
Je weet nooit wat er kan gebeuren.
Je kunt van kwade mensen geen goede daden verwachten.
Hij is dwars in de omgang.
Je moet niet vallen over de gebreken van een ander want je bent zelf ook niet zonder
