
Keizerinnen zijn vroege aardappelen die sinds zeker vier generaties geteeld worden langs de Lekdijk van de grens van Krimpen aan de Lek en Krimpen aan den IJssel tot aan het gemaal (op de grens van Lekkerkerk en Bergambacht).
Voor me ligt het boek:
"Neêrland Plantenschat, of Landhuishoudkundige Flora, behelzende eene beschrijving der onkruiden, vergiftige en nuttige inlandsche planten en der in onzen landbouw gekweekte gewassen"; door H.C. van Hall, hoogleeraar te Groningen Met talrijke afbeeldingen Leeuwarden. G.T.N. Suringar 1854.
Op bladzijde 154 en 155 onder de nachtschadigen beschrijft hij de aardappe, 'ook wel eens genoemd kartoffel of toffel(Overijssel). - Solanum tuberosum.
"In het Westland (Zuidholland) noemt men vooral de
Engelse, glimmers, graafjes, kromhouten, keizerinnen, Pruissen, en wolkammers."
Een teler die in het Westland heeft gewoond vertelde me: "Keizerinnen maken prachtige planten met wel 100 aardappelen aan een stoel(=plant), maar ze worden niet groter dan een knikker." Ik denk dat de professor een kleine verwisseling heeft gemaakt tussen het Westland en de Lekdijk.
Het aardappelras was in elkgeval in 1854 wel bekend.
Overigens beschrijft hij nergens de tomaten in zijn boek.
Op de foto: de heer Burger rooit keizerinnen langs de Lekdijk.
Tegenwoordig worden keizerinnen ook geteeld op ander plaatsen in de Krimpenerwaard en daarbuiten.