Naar de inhoud

Not the Nine 'o clock News

Wat mij frappeerde op mijn favorieten
akke.beakke.be

Gedicht over Mannen (25)

Wat is het heerlijk om een man te zijn
Ik ben een man en dat is een geluk
Ik doe niet hysterisch al heb ik het druk
Ik verspil niet mijn leven met 'wat moet ik aan'
Kan zonder depressie van de weegschaal afgaan
Ik gooi dingen weg, heb geen spullen teveel
En als iets kapot is dan maak ik het heel


Parkeren is makkelijk; gewoon in één keer
En we doen wel hetzelfde, maar ik verdien meer!
Ik ben een man en ik denk logisch na
Ik leef niet op light-drank en drie blaadjes sla
Als ik ergens heen loop, weet ik de weg terug
Ik maak van een olifant in no time een mug


En al deel ik met duizenden vrouwen het bed
Ben ik juist de man, in plaats van een slet
Als ik zeg dat ik klaar ben, dan kunnen we gaan!
En tijdens het plassen kan ik blijven staan!
Ik ben een man ja, dat doet me plezier
Ik word niet dronken van twee glazen bier
Ik weet wat 'buitenspel' is, daarom geef ik een brul
want voetbal is passie en de scheids is een lul


Publiekelijk huilen dat doe ik dus nooit
Hé, ik kan het vangen als iemand iets gooit
En ik hoef niet te baren, dus geen centje pijn
Is het niet geweldig om een man te zijn?

Hoe vind je dit bericht? 1 stem
Geschreven door Donnerwetter om 21:30 Reageer op dit bericht
Reageer op dit bericht

Reageer op dit bericht

Een titel of je eigen website toevoegen

STERKSTE MAN van GENT (24)

(volksliedje)

Is er iemand onder U die me kent

Ewel, 'k ben e kikke, de sterkste man van Gent

Ge moet er gij mij zo kwoalijk niet bezien

Ofwel ik pak U vaste en 'k zit er op met mijn knien.

En om U mijn forcies te tuuge

pakke 'k ik U vaste en ik steek u naar omhuuge

'k loat u vallen en 'k trekke er u weer op

en 'k geef u daar ne klop en nen bok van mijne kop (bis)

 

D'r was overloast in een cirque nen embarras

de sterkste man van Gent die oan 't lutteren was

en ik trokke kikke noar 't theaterken mee veel manieren

'k pakte 'k ik da ventje vaste en 'k begost er mee te zwieren

'k liet hem vallen, trok er hem weer op

en ik gaf hem doar ne klop en nen bok van meine kop (bis)

 

'k Was overloast in den biestenhof gegaan

en 'k woare wa te dichte bij nen olifant goan stoan

iedereen die riep : past toch op of hij bijt

maar ik zei: van da biesteken ben e kikke nie benijt

en 'k begoste 'k ikke oan dat snuiterken te trekken

mijn bloed kwam noar omhuuge en mijn koleire die kwam op

en 'k liet hem vallen, trok er hem weer op

en ik gaf hem doar ne klop en nen bok van mijne kop (bis)

Hoe vind je dit bericht? 11 stemmen
Geschreven door Donnerwetter om 20:53 2 reacties Reageer op dit bericht

OPNIEUW (23)

Maar,
wat lijdt, heeft lief
en Liefde
zal zijn lijden opnieuw beleven,
zijn ondergang weer riskeren.
Het verlies van alles weer verdragen
En nogmaals, nogmaals.
Twijfelend, bang, onwetend,
onbeantwoord.
Steeds opnieuw,
met de duisternis vóór en achter zich
en nog steeds leven.
Nog steeds liefhebben.

(MacLeish)

Hoe vind je dit bericht?
Geschreven door Donnerwetter om 15:15 Reageer op dit bericht

NIETS (22)

Niets blijft duren
Niet de vuren
niet de muren
van het ouderlijk huis
Niet de kinderen in de straat
niet de vrienden, 's avonds laat
Niet de vogels in de bomen
niet de dag die nog moet komen
Niets blijft duren
tenzij die onrust, diep in mij
dat onophoudelijk geruis.

(Gilbert Coghe)
Hoe vind je dit bericht? 3 stemmen
Geschreven door Donnerwetter om 15:11 Reageer op dit bericht

Maartse buien (20)

Nu de lente weer in't land is
roept het werk mij in de tuin.
Wordt het een perk met iris
of een lochting vol ajuin ?

Ik zat er al een tijd te wachten
op een frisse aanval van werklust
en toch, door negatieve gedachten
kwam ik steeds maar niet tot rust.

"Ik zie het niet meer zitten
ik kan er niet meer bij.
Altijd weer dat spitten,
nee, het hoeft niet meer voor mij.

(G.Zwart, tuinman)
Hoe vind je dit bericht?
Geschreven door Donnerwetter om 11:36 Reageer op dit bericht

De Moerbeitoppen ruisten (19)

"De moerbeitoppen ruisten"
God ging voorbij ;
Neen, niet voorbij, hij toefde ;
Hij wist wat ik behoefde,
En sprak tot mij ;

Sprak tot mij in den stillen,
Den stillen nacht ;
Gedachten die mij kwelden,
Vervolgden en ontstelden,
Verdreef hij zacht.

Hij liet zijn vrede dalen
Op ziel en zin ;
'k Voelde in zijn vaderarmen
Mij koestren en beschermen,
En sluimerde in,

Den morgen, die mij wekte,
Begroette ik blij.
Ik had zo zacht geslapen,
En Gij, mijn Schild en Wapen,
Waart nog nabij
 
(Nicolaas Beets)

Hoe vind je dit bericht?
Geschreven door Donnerwetter om 11:22 Reageer op dit bericht

Nie Pleujen (18)

Oas ge nie keunt vliegen, luupt
Oas ge niet keunt luupen, goat
Oas ge nie keunt goan, kruipt
      moar blijf nuutnie stillestoan
      altijd noar omhuuge goan
Oas ge niet keunt lachen, glimlacht -
Oas ge niet keunt glimlachen, zij toch blije -
Oas ge nie keunt blije zijn, zij content -
      moar nuutnie opgeven
      en altijd gaze geven.

Hoe vind je dit bericht? 1 stem
Geschreven door Donnerwetter om 19:26 1 reactie Reageer op dit bericht

Kinderen (17)

Groots is poëzie, goedheid,
schone kunsten
Maar kinderen zijn 's werelds
schoonste gunsten
En bloemen, muziek, maanlicht
en de zon die op z'n hoogst
Teleurstelt als hij niet doet groeien
maar verdroogt

(Fernando Pessoa)
Hoe vind je dit bericht? 1 stem
Geschreven door Donnerwetter om 13:48 Reageer op dit bericht

Voor een dag van morgen (15)

Waneer ik morgen doodga, vertel dan aan de bomen
hoeveel ik van je hield.
Vertel het aan de wind die in de bomen klimt,
of uit de takken valt,
hoeveel ik van je hield.
Vertel het aan een kind,
dat jong genoeg is om het te begrijpen.
Vertel het aan een dier,
misschien alleen al door het aan te kijken.
Vertel het aan de huizen van steen,
vertel het aan de stad, hoe lief ik je had.

Maar zeg het aan geen mens.
Ze zouden je niet geloven,
ze zouden niet willen geloven
dat alleen maar een man , alleen maar een vrouw
dat een mens  een mens zo liefhad
als ik jou.
                                (Hans Andreus)

Hoe vind je dit bericht? 1 stem
Geschreven door Donnerwetter om 20:24 Reageer op dit bericht

Grafschriften (14)

De criticus :
    
Eerlijk gezegd
     hij ligt hier slecht

De gevangene :
    
Mijn enig verlangen is ,
     terug naar de gevangenis

De soldaat :
    
Zo is het inderdaad
     Magere Hein maakte mij Soldaat

De kok :
     
Wat ik vooral betreur
     dat is de geur.

Hoe vind je dit bericht? 1 stem
Geschreven door Donnerwetter om 20:36 Reageer op dit bericht

DE LEZER (13)

Hij reist onder de meest azuren luchten
Voortdurend met de reisgids in z'n hand
Want met die welvoorziene informant
Heeft hij van niets of niemand wat te duchten

Hij leest zich door het mooiste buitenland
Hij leest zijn weg door steden en gehuchten
Hij staat voor de beroemde Brug der Zuchten
En leest: De brug is oud en imposant

Hij moet naar huis toe na een week of drie
De leesbril kan terug in zijn etui
Het dikke boek wordt eindelijk gesloten
Hoe heb je het gehad ? vraagt z'n gezin
Fantastisch, jubelt hij, ik heb genoten
Maar jammer van die drukfout achterin

(Ivo de Wijs)

Hoe vind je dit bericht? 2 stemmen
Geschreven door Donnerwetter om 00:00 Reageer op dit bericht

Doodgaan (12)

"Later, als ik dood ben,
wil ik een hele lange stoet
Iedereen zal huilen,
met een hoge zijden hoed.

Of met een voile voor de tranen
zó vertrekken, lijkt me goed

In alle kranten advertenties,
witte kramen met een lint
Veertig zwarte auto's :
ik was zeer bemind.

Na afloop, taart met koffie, limonade
Want in doodgaan,
ben ik nog een kind..

(A.v.D)
Hoe vind je dit bericht?
Geschreven door Donnerwetter om 08:43 Reageer op dit bericht

ZEEMAN (11)

Mijn vrouw, die met haar armen hoog,
haar benen wijd, rok over rok en juichend
op het uiteinde van de pier zou moeten staan !

Door al het wachten is het juichen haar vergaan,
droog zit ze op haar strozak straks, droog
kijkt ze me aan

Soms duurt het dagen voor ze op wil staan
Ik geef haar eten, drinken, zoete vijgen
mijn eigen hevigheden houd ik in.

Dan komt het wonderbaarlijk smelten
dan gaat zij weer bewegen : lente !

O heilige Maria, juist is zij zacht
juist rusten wij, armen en benen om elkaar heen,
vaar ik weer uit..

(Judith Herzberg)
Hoe vind je dit bericht? 1 stem
Geschreven door Donnerwetter om 17:13 Reageer op dit bericht

Terug naar Tsjernobyl (10)

onderweg terug naar haar betonnen kaartenhuis
beslaan terneergeslagen ogen de ramen
verzacht door volksmuziek op gedempte toon

botst het landschap onder haar vandaan
verborgen achter jaren onkruid en ongeplukt fruit 
zijn daar de deuren als deksel dichtgetimmerd
een breekijzer kraakt de cocon van rustend stof
de holte beantwoordt haar in vertrouwde echo’s

als ze bij slingerlicht de trap en haar voordeur vindt 
overwint ze de drempel waar ooit warmte begon
maar wat nu door een hellestorm lijkt leeggezogen 
en zo is zij

ze vindt niet het portret van toen, van hem, van samen 
ze vindt niet de doorgang terug naar haar wereld
maar zal verder gedroomd leven in nachten zonder slaap 
wachtend op haar tijd 

een voortslepend afscheid

(stephan van der sluys)

Hoe vind je dit bericht?
Geschreven door Donnerwetter om 13:13 Reageer op dit bericht

KLEINE DINGEN (8-9)


Wat is het heerlijk te ervaren,
dat ergens iemand aan je denkt,
en ongevraagd je laat genieten,
van iets waaraan men aandacht schenkt,
een mailtje slechts met weinig woorden,
maar met een inhoud die het doet,
een gedicht, met gevoelens uit het hart geschreven,
waarbij je even slikken moet,
een handdruk of een schouderklopje,
een warme kus over de pc,
een spontane lach, een vriendelijk gebaar,

spontane hulp, een gewaardeerd bezoekje,
het zijn zo van die kleine dingen,
maar "groot" aan waarde voor elkaar

(auteur onbekend)

Hoe vind je dit bericht? 1 stem
Geschreven door Donnerwetter om 09:36 Reageer op dit bericht

ARGENTINIE (6)

 

Kom, luistert arme Belgen, kom luistert brave lien

wat die arme Belgen lijden in de wrede argentien

Daar was in dorp en steden voor ons geen werk niet meer,

d'r was geen werk, geen eten voor vrouw en kindren teer.

Om te blijven uit de schande, verlieten wij ons vaderland

en trokken naar den Argentien met vijftienhonderd man

We kwamen een schip te nemen in die Antwerpse stêe

waar vrouw en kindren weenden als zij zagen er de zee.

Maar die matrozen riepen met hunnen kapitein

Belgen, ge moet niet schrikken, ge zult daar gelukkig zijn

Wij werden in ene kajuit gesteken, waar wij niet horen of zien

dan de brieschende baren en het fluiten van 't machien

Is er een kind halfdood, dat wordt met wreedheid groot

door de wreede matrozen gerukt uit zijne moeders schoot

Als we dertig dagen lank lagen op een houten plank

dan zijn wij aangekomen op 't Argentiensche strand.

In het licht zag men van verre, eene blinkende ster

en het kruis op den toren, de stad van Buenos Aires

Wij wierden daar met veel geweld op vier rangen gesteld

en zo dan weg gedrongen door wildernis en veld.

Als er nu nog mannen vielen van moeite en hongersnood

blijven voor de wilde dieren, wij moeten altijd maar voort.

Ons eten dat we kregen, dat was maar vogelkweek

en water uit de beken, anders krijgen wij daar niets.

Komt luistert arme Belgen, gebruikt beter uw verstand

wilt uit die landen blijven, blijft in Uw vaderland.

Want in den Argentien, is anders niets te zien,

als leeuwen, tijgers, beren en zwarte boze lien.

(volkslied begin 20e eeuw)

Hoe vind je dit bericht? 2 stemmen
Geschreven door Donnerwetter om 19:20 1 reactie Reageer op dit bericht

Meer van Not the Nine 'o clock News

↑ Terug naar de berichten