Toertocht te Zele op 21-04-2014

Paasmaandagtocht (30-40-45-55 km) van MBC ’t Zonhoekje te Zele op maandag 21-04-2014.
Daags na de toch wel redelijk zware toertocht La Trace d’Hez in het Waals-Brabantse Tangissart, richting Zele voor de paasmaandagtocht van MBC ’t Zonhoekje die ook al een vaste waarde begint te worden op mijn jaarlijkse lijstje. Traditiegetrouw me geparkeerd in de Veldekensstraat op enige afstand van de tent aan de sportterreinen aan Veldeken. De tent was iets anders opgesteld dan vroeger, ik vermoed omwille van een nieuwe grasmat, want het grastapijt van de sportvelden zag er smetteloos groen uit. Het was even drummen omdat op het ogenblik van mijn komst aan de start gemanoeuvreerd werd met een aanhangwagen die een friet- en hamburgerkraampje herbergde dat er ook de vorige jaren present was. Er moeten bij mijn inschrijving al meer dan 400 deelnemers geweest zijn, want deze keer voor mij geen bonnetje van de paashaas voor een chocoladen ei na afloop! Om 9.30 u kon ik van start gaan op deze zonnige paasmaandag. Toen ik vertrok kwam Jari net toe aan de inschrijving, en had ik toen geweten wat ik later zou te horen krijgen, dan had ik even gewacht in plaats van al te vertrekken met de wetenschap dat zijn jongere benen mij spoedig in zouden halen.
Landelijke paden met een mix van asfalt, hard droog zand en sporen doorheen gras brachten me naar de Kammershoekwegel en de Gratiebossen, twee van de buurtwegen met naam. Mooie paden brachten me naar Berlare waar we door de velden en stroken bos geleid werden, ondermeer over het Bareldonkpad op 7,75 km. Op 8 km reed ik voorbij het Donkmeer in Overmere waar de horecazaken ontwaakten en er gepoetst werd om de klanten op deze extra vrije dag in de beste omstandigheden te kunnen ontvangen. Een klinkerwegel leidde met tot aan het recreatiedomein Nieuwdonk alwaar ik een splitsing trof tussen de routes van 30-40 km en 45-55 km. Toen ik er even halt hield kwam Jari toe. Hij was de vorige dagen ernstig ziek geweest en vond het raadzamer zich te beperken tot de route van 30 km. Even geopperd om de route mee te fietsen en er nog een tweede stuk alleen aan toe te voegen, maar uiteindelijk zijn we elk onze weg gegaan. Lang zal het niet duren voor onze wegen nog eens zullen kruisen. 10.10 u.
Assewegen en landelijke baantjes voerden me door het land van Overmere en ik had intussen gemorken dat de richting van de tocht omgekeerd was in vergelijking met de vorige keer. Op 12 km reed ik de sporthal van Overmere voorbij. Ter hoogte van een kapelletje ging het een hobbelige buurtweg, een grasspoor op om op 14 km toe te komen op het grondgebied van Kalken-Laarne. Tot 16 km doorkruiste ik het centrum via iets drukkere straten. Aan de rand van de bebouwde kom verliet ik de drukke Provinciebaan om er een betonpad in te rijden dat deel uitmaakt van een blauwe vaste route. Een zandpad, het Zeypestraatje, leidde me op 17,50 km naar het Peperstraatje in Laarne. Daar stonden ook wagens met fietsdragers geparkeerd en te zien aan de tweewielige passanten was hier een toertocht voor wielertoeristen aan de gang. Op de grens met Wetteren ging het vanaf een drukke steenweg een asseweg in, daarna een stukje door een bewoonde wereld om Wetteren weer te verlaten via een asfaltbaantje doorheen een knap groen landschap. De villaatjes die er aan één kant van de weg gebouwd stonden hadden een mooi uitzicht over de groene velden en bomen. 20,50 km om 11.00 u.
Het asfalt ging over in een asseweg en rijdend doorheen een landelijk open landschap bereikte ik op 21,75 km de omgeving van de Kalkense Meersen. Een asseweg werd gevolgd door een vrij lang keihard grasspoor vol bulten en putten. Het einde ervan liep na een bocht naast een beek en was sterk gehavend met diepe voren en putten. Een landing in het water sprak me niet aan! Ik kwam uit op een betonbaantje waar wielertoeristen en fietsers reden naast de Kalkense Vaart op 24 km van de start. Ter hoogte van de sluis aan de monding in de Schelde ging het linksaf het jaagpad op. Je had er een zicht op de huizen en de kerktoren van het op de andere Scheldeoever gelegen Schellebelle. Ik bereikte De Aard of Het Aardeken en bemerkte daar een eigenaardige constructie in een weide. Meer bepaald het Salicetum van Will Beckers. Een salicetum of wilgenarboretum is een levende verzameling van verschillende wilgensoorten en/of -rassen. Een salicetum is een wilgencollectie of een wilgenbos. Het betreft hier een vlechtwerk van wilgentakken en maakt deel uit van de kunstcollectie Beeldenstroom 2012. Het bizarre vlechtwerk even van nabij gaan bekijken.
Kunstenaar Will Beckers creëerde hier de ultieme combinatie tussen kunst en natuur. Op en rond 15 oude knotwilgen maakte hij een organisch vlechtwerk van duizenden wilgentenen. De komende jaren zullen zoveel mogelijk soorten wilgen ( geslacht Salix) verder vervlochten worden. Vandaar de naam van het kunstwerk 'Salicetum', wat wilgencollectie betekent.
Aan het einde van De Aard bereikte ik de aanlegplaats van het veer over de Schelde naar Schellebelle ter hoogte van het Café De Schelde. Er stond een tent met een infostand van Natuurpunt en een groep mensen stond te wachten om na de passage van een binnenschip op de veerboot te kunnen stappen. Een biker sprak me aan met de vraag of ik die pijltjes aan het volgen was en waar die toertocht dan wel vertrok. Hij had ze onderweg opgemorken en was ze beginnen te volgen. Ik heb hem achteraf nog in Zele aan de tent zien zitten. Waaruit kan worden besloten dat hij daar een hele tijd moet zijn blijven plakken!
Het ging een asseweg op, weer van de Schelde weg, en na de doortocht van een strook bos bereikte ik het gehucht Uitbergen van Berlare. 30 km. Na het passeren van de kerk diende ik een servitude in te slaan en die leidde me naar de plek waar vroeger de bevoorrading stond toen de toer in de andere richting werd gereden. Vorig jaar was daar het splitsingsbord verkeerd opgesteld, waardoor de gegadigden voor de korte toer op de lange rit reden en omgekeerd! Tegen dat ik er arriveerde was dat in orde gebracht. Ooit ontmoette ik er de beruchte Nothing ’s Impossible, de eenbenige biker die samen met enkele handbikers de Mont Ventoux beklom en waarover vorig jaar een knappe reportage werd uitgezonden tijdens een rustdag in de Ronde van Frankrijk. Die kerel is zwaarder gewend dan de Mont Ventoux! Vanaf die plek bereikte ik een baantje dat er naast de Schelde voert. Alle afstanden liepen er weer samen. We verlieten het jaagpad naar een strook bos toe en eens weer in een open landschap diende zich de bevoorrading aan op 32,75 km en exact op het middaguur!
De bevoorrading was opgesteld nabij het Riekend Rustpunt aan de Sluis in Berlare, het vermoedelijk enige mestmuseum in Vlaanderen! Piepklein ter grootte van een kapelletje met vrije toegang. De plek verhaalt ondermeer het vervoer van stedelijke menselijke mest naar de boerenbuiten over de kanalen in lang vervlogen tijden. Ik kwam er Danny tegen in wiens zog ik ooit gereden had en wie ik nadien nog tegenkwam op andere, soms zware toertochten, en op de langste afstanden. Het was sinds de toertocht Afrit 16 van de Brandweer Heverlee op Gasthuisberg geleden dat wij elkaar nog gezien hadden. Nu kon hij vertellen over zijn fietsvakantie in Spanje die hij toen nog voor de boeg had. De bevoorrading werd verzorgd door een groep dames die er best plezier in hadden van bananen te snijden en water om te toveren tot sportdrank. Verder nog lekkere knabbeltjes zoals peperkoek en cake.
Na de stop volgden vanaf het Riekend Rustpunt enkele mooie off-road-paden doorheen een bos naast private domeinen. In dat bos waren zelfs enkele opmerkelijke hoogteverschillen, doch niet voor ons bestemd wegens privé. We verlieten het bos ter hoogte van een Scheldedijk waar we in de diepte naast reden. Even gestopt en boven op de dijk gekropen waar een gloednieuw asfalt fietspad lag. Enkele jaren geleden lagen hier veel omgekapte bomen en was deze plek een echte ravage. Dat moet te maken hebben gehad met het verleggen van dijken voor het zogenaamde sigmaplan voor de Schelde. Dat is de reden waarom het jaagpad ook nu nog op sommige plaatsen onderbroken is. Ik bereikte de rand van de bebouwde kom van Berlare waar iemand van het verkeersbord Berlare-city gemaakt had en reed de Saros-Neringwegel in, een lokale buurtweg. Even vreesde ik dat de parcoursbouwers het speelbosje links lieten liggen, maar we werden er uiteindelijk toch naartoe geleid. Van 37 tot 38 km konden we ons hartje ophalen op het terrein met enkele met bomen begroeide oude zandhopen en op en neer rijden over de zanderige paden die er over de heuveltjes liepen. De plek ligt vlak naast de basisschool met de toepasselijke naam Ten Berge. Na het verlaten van deze speelduintjes kwam er een splitsing tussen de 40-55 km en de 30-45 km op een pleintje aan de Galgenbergstraat te Berlare. Gekozen voor de langste toer die me van hier over assewegen door een open landschap voerde.
Via de Turfputstraat in Berlare bereikte ik op 40 km de Kasteeldreef, dat is een kiezelpad dat vermoedelijk ligt op de plaats waar vroeger de toegangsdreef naar één of ander kasteel zal gelegen hebben. Via straten en enkele bizarre smalle steegjes met oude opgeknapte huizen bereikte ik op 42 km het natuurgebied Berlarebroek. Dat zijn de restanten van oude onder water gelopen turfputten die dateren uit de tijd dat turf werd gestoken als brandstof. Ik kreeg toch nog twee bikers te zien en een derde die zijn fiets op een picknicktafel had gelegd voor het herstellen van een lekke band! 12.50 u. De doortocht van Berlarebroek was kort van duur en beperkte zich tot een wegel recht op recht. Op 43 km reed ik de kasteelhoeve met de opmerkelijke schuur voorbij, eventjes door een villawijk met de nette woningen van meer begoede inwoners en de asseweg Bareldonkstraatje in.
Assewegen en buurtwegen leidden me daarna doorheen een groene omgeving. Op 45,50 km arriveerde ik aan een bekende plek die ik me herinnerde van de voorgaande edities. Meer bepaald de veldwegen tussen de pas omgeploegde velden achter het Berlarebroek. We reden er de lange singletrack in die de grens vormt tussen het bos van het broek en de achterliggende velden. Een bepaald hobbelig spoor dat er nu keihard bij lag. Het viel me op dat de omgeploegde aarde er zeer grof uit zag met een lichtbruine kleur. Geen fijne omgewoelde aarde, maar van die grote brokken kleiachtige grond. 13.00 u. Het ging dan over een pad recht op recht door Berlarebroek om weer uit te komen in de straat. Het pad gaat naar de straat toe even de hoogte in en werd versperd door enkele koppels gepensioneerden op hun zondags fietstochtje die te voet naar boven strompelden. Na een stukje door de bewoonde kern van Berlare ging het op 47 km een grasspoor op dat me voorbij een vijver leidde. In het naastliggende veld stond ik bijna oog in oog met een ranke reiger.
Even later reed ik door een strook bos met enkele buitenhuizen ter hoogte van het Blanquartsveld in Berlare. Linksaf over een stukje beton in het gezelschap van fietsers die daar reden, om dan de asseweg Weepstraat in te slaan, één van de vele onverharde buurtwegen die hier liggen. Daar kreeg ik nog een tweede reiger te zien die opvloog vanuit een gracht. Op 51 km bereikte ik omstreeks 13.30 u de Quote, een landelijke baan in Berlare, en reed er voorbij Den Draver, een restaurant dat er eenzaam in de velden staat. Vanuit een volgende asseweg zag ik een derde reiger tussen de koeien in een weide staan. Toen ik er even halt hield kwam er nog een meisje per bike voorbijgereden. Even later bereikte ik de Waterhoek en reed er voorbij de Taverne Het Veerhuis naast de Scheldedijk. Op deze plek liepen veel mensen rond. Het veer over de Schelde in Berlare-Appels is het oudste in de streek. Het wordt al vermeld in het verdrag van Verdun (843). Het Veerhuis was ook het eerste palinghuis van de streek en één van de filmlocaties van het boek 'de Terleurgang van de Waterhoek' van Stijn Streuvels waar Willeke van Amelrooy als Mira de harten sneller liet slaan. 53 km. Op dit late uur kreeg ik toch nog even het gezelschap van een koppel bikers.
Ik werd richting het jaagpad naast de Schelde gestuurd, eerst over gras en daarna over asfalt. Op het water voer een speedboot die een waterskiester voorttrok. 55,50 km. Een groepje van vijf snelle jongens in identieke pakken stak me er nog voorbij. De laatste veldwegen leidden me opnieuw richting Zele en na het oversteken van de drukkere Keltenlaan bereikte ik opnieuw de tent aan Veldeken. Om 14.00 u en met 57,50 km op het tellertje. Ik had deze keer pech want de man in het hamburgerkraampje was zijn keukengerei reeds aan het proper maken. Geen pakje friet of hamburger meer! Het had me anders wel gesmaakt. Me nog wat te drinken gekocht en buiten in het zonnetje gaan zitten terwijl de mensen van MBC ’t Zonhoekje zo stilaan met de opruim begonnen. Zele is niet het Mekka van de mountainbike, maar ik had me toch aangenaam geamuseerd op deze zonnige feestdag. De organisatie was in orde, de afpijling duidelijk en het parcours zoals we konden verwachten. Pas tijdens het naar huis rijden drong het tot me door dat het de dag nadien weer werken geblazen zou zijn en dat met de rit in Tangissart gisteren en deze in Zele de paasdagen van 2014 weer definitief tot de herinnering zouden behoren.
Jari zorgde voor de route van 30 km op Google-Maps: klik hier!
Voor twee filmpjes van deze toertocht, klik hier: film 1 en film 2 of kijk onderaan!
Het verslag van deze toertocht is ook te lezen op mtb-you.be en op mountainbike.be en op mtbwijzer.be!





Het Salicetum van Will Beckers te Schellebelle door Raf De Graeve
Toertocht te Zele op paasmaandag 21-04-2014 door Gino Goole
Toertocht te Zele op paasmaandag 21-04-2014 door Tom De Moor
















































