BAZIEL

Baziel zit op een terasje op de eiermarkt in Brugge Hij geraakt in een gesprek met een Antwerpenaar en een Gentenaar
En van te 't ene komt 't andere geen van de drie wil onderdoen voor de andere
Zegt de Antwerpenaar 'Awel mennekes ik durf van onze Boeretoren springen in een badkuip water
Dat laten ze zich niet zeggen
Twee uur later staan ze in Antwerpen
De man springt naar beneden land netjes in de badkuip en komt er gezwind weer uit
Dat is allemaal niets zegt de Gentenaar
Ik spring van Belfort in een emmer met water
Da's straf zegt Baziel
Alledrie naar Gent en de Gentenaar springt zonder problemen in die emmer
Maar ik he zegt Baziel spring van de Halletoren op een natte dweil
Vanop de grote markt zien ze Baziel naar beneden springen
Komt hij daar toch niet met een verschrikkelijke kwak
die tot op t'zand te horen is neer op die dweil
Alles aan Baziel die kon breken is gebroken
zelf zijn bril
Voor hij van zijn stokje gaat kan hij nog net fluisteren
'Als ik ooit degene die mijn dweil heeft uitgewrongen
in mijn handen krijg
't zal zijn beste dag niet zijn '.





















