|
Het is veel te lang geleden dat ik nog eens een dwarsligger van vroeger door het slijk gehaald heb. Of aan het kruis nagelen kan ik ook.
Turkse tolk Gül was het vriendinnetje van Allah, de inspiratiebron van Mohammed en het liefje van Horbert. Dit is een bondige schets van een Turks tolkje dat vroeger werkzaam was in scholen en PMS-centra van de jaren rond de eeuwisseling. Ze was klein en fragiel, en haar kwetsbaarheid was geveinsd. En op jaarlijkse barbecues lustte ze geen varkensvlees. Allah weet waarom.
Overal waar zij kwam in multiculturele en Turkenscholen werd zij onthaald als de Bevrijder die orde kwam scheppen in exotisch gekwebbel, als de Reddende Engel die 'migranten in nood' onder haar beschermende vleugels nam. Zij werd dweperig aanschouwd als een kleurrijke en leerzame toevoeging aan ons alledaagse leven. En zo kwam het dat ze steeds in de wolken leefde, met haar Turkse snoet hoog opgeheven naar de lucht, van superieure verwaandheid.
Achter Gül schaarde zich een koor van migrantenminnende werksters en maatschappelijk werksters - allemaal vrouwen - zij droegen het bruine volkje op handen. Knielen en buigen deden ze bijna om hun verdraagzaamheid jegens de islam te exposeren.
In haar kleine autootje sleepte Gül de hele vrouwengilde mee naar Turkse huishoudens waar d'r ambras was met de kinderen. Met een kwinkslag en in een handomdraai losten ze problemen op zoals spijbelen, huiswerk niet maken, de klas op stelten zetten, te laat gaan slapen, en nog meer van die Turkse onhebbelijkheden.
De conversaties binnen de vier Turkse muren verliepen moeizaam. De Turkse bewoners vonden het nooit nodig om een klein beetje Nederlands te leren. Gül speelde bemiddelaar en zette gezwind het Turkse gezwam om in Vlaams proza met Turkse haren.
|