Inhoud blog
  • financiële veiligheid: gouden regels
  • PRIJS GOUD
  • Zilver
  • Wat als de euro faalt of de beurs en de economie opnieuw instorten
  • Overheidsschulden lopen uit de hand

    Aangepast zoeken

    101 motiverende verhalen
    http://beursbeleg.blogspot.com/
    voor slapend rijk worden!
    De beleggingstrends die er in de wereld toe doen
    Leer nu een Online Inkomen op te zetten!
    The Trend is Your Friend
    Mijn favorieten
  • beursbeleg
  • prijsgoud.blogspot.com
  • beursnieuws: beursbeeld
  • """"AANDELEN EN BEURSWEETJES""""
    Allerhande bespiegelingen over de beurs
    22-03-2009
    Klik hier om een link te hebben waarmee u dit artikel later terug kunt lezen.Hoeveel geld is er in omloop: deel 3

    Bij het oprichten van het Europees Systeem (zie deel 2) werden er een aantal richtlijnen opgesteld in het Verdrag van Maastricht. De belangrijkste taak van de ECB is de prijsstabiliteit. De ECB heeft zichzelf opgelegd om de inflatie onder de 2% te houden. Hiertoe hielden ze 2 belangrijke parameters in het oog: de consumenteninflatie en de geldhoeveelheid (M3-inflatieindicator op langere termijn). Dit hadden ze geleerd van de Duitse bundesbank. Verder hadden ze uitgerekend dat een maximale geldgroei van 4,5% goed is om de inflatie onder de 2% te houden.

    Je mag je al de vraag stellen of dit klopt? Kan het niet zijn dat er een evenredig verband is tussen de geldgroei en de inflatie? Laten we eerst de cijfers van de laatste jaren bekijken:

    De geldhoeveelheid op 31/12/2008: (de drie opeenvolgende cijfers zijn de veranderingen in 2006,2007 en 2008)

    chartaal geld= 711 miljard euro (+11%,+8,1%,+13,4%): oktober 2008 alleen was goed voor een stijging van 5%.

    M3=9372 miljard euro (+10%,+11,5%,+7,3%)

    Conclusies van deze cijfers:

    1. Chartaal geld (munten en biljetten) maakt minder dan 10% uit van de totale liquiditeitenmassa (M3).
    2. De stijging van de M3 is veel forser dan de gepubliceerde inflatie (zijn deze juist?)

    Je mag meteen concluderen dat de ECB zich niet aan de afspraak van maximale groei van 4,5% gehouden heeft (de eerste jaren zaten ze gemiddeld aan 7%). Terwijl dit voor de Duitse bundesbank pijler nr.1 was, heeft de ECB blijkbaar (en zeker de laatste jaren) de andere kant opgekeken. De ECB heeft zich vooral gefocust op de consumenteninflatie, die laag is door vooral de goedkope import uit Azië. Je mag er echter vanuit gaan dat de hoge groei van de geldhoeveelheid zich ooit zal vertalen in inflatie. Het is nu éénmaal bewezen dat geldgroei leidt tot kredietgroei en inflatie.

    De dollar:

    Bovenstaande grafiek toont de groei van de geldhoeveelheid gepubliceerd van dollars. U ziet dat het blauw gebied eindigt in 2006. Dit betekent enkel dat de Fed gestopt is met het publiceren van de M3, wegens niet meer relevant. Zo los je natuurlijk ook een probleem op (geleerd van de struisvogels). Het is duidelijk dat het probleem in Amerika vele malen groter is dan in Europa. Het is juist de M3 die aantoont hoeveel krediet er verleend is en is dat nu niet het grote probleem in Amerika? Van zodra ook de ECB stopt met publicatie weet je hoe laat het is. (grafiek van de euro vindt u terug in deel 1)


    >> Reageer (0)
    08-03-2009
    Klik hier om een link te hebben waarmee u dit artikel later terug kunt lezen.Hoeveel geld is er in omloop (2)

    In deel 1 werden 2 groepen voorgesteld: het publiek en de groep van de scheppers, deze laatste zijn best eens nader te onderzoeken. Zij bepalen immers hoeveel geld er in omloop is. Vooral omdat ze geld uit het niets kunnen scheppen, maakt hen verantwoordelijk voor de m3 (totale liquiditeitenmassa) of de hoeveelheid geld.

    12 Hoeveel geld is er in omloop? (2) De scheppers ECB Tower in Frankfurt

    In het eerste deel kon u lezen dat men spreekt over primaire en secundaire banken.

    De secundaire banken (veel spaar- en hypotheekbanken) kunnen nooit meer geld uitlenen dan dat zij zelf hebben gekregen van ander publiek via ingelegd spaargeld (spaarbanken) of via verkochte pandbrieven* (hypotheekbanken). Deze banken doen enkel aan kredietbemiddeling.

    De primaire banken (b.v. KBC, DEXIA, ABN/AMRO, RABO, ING, SNS) zijn de geldscheppende banken, dat wil zeggen dat zij met een zekere kas een grotere girale geldhoeveelheid dan deze kas kunnen maken, via girale kredietverlening. Zij weten namelijk uit ervaring dat de rekeninghouders slechts een klein deel van hun geld in chartale (biljetten of munten) vorm komen opeisen en hebben dus geld ‘over’, waarmee ze een girale “zeepbel” kunnen opblazen, die echter ook niet te groot mag worden in verband met de vereiste liquiditeit ( een bank kan failliet gaan omdat zij niet aan de opvragingen van het publiek kan voldoen).

    De primaire banken willen natuurlijk zoveel mogelijk giraal krediet verlenen om zoveel mogelijk rentewinst te maken. De Centrale Banken houden hen wel in de gaten (blijkbaar zitten er wel veel gaten in die gaten) dat ze niet teveel geld scheppen, in verband met inflatiegevaar. Dit systeem leidt tot fractioneel bankieren: door keer op keer verder uit te lenen op nieuw gecreëerd geld, kan men tot 9X meer geld scheppen dan er oorspronkelijk bestond. Dit geeft te denken hoe de m3 kan aangroeien en hoe onstabiel dit systeem is.

    Een tweede schepper zijn de overheden. In de euro landen is overeengekomen dat elk land zelf zijn munten mag slaan (niet de centrale banken!). De hoeveelheid hangt af van de grootte van het land. Men mag dan ook verwachten dat in België en Nederland na verloop van tijd meer franse en duitse munten te vinden zullen zijn, gewoonweg omdat er van die laatste landen veel meer munten zijn. De totale waarde van deze munten schommelt rond de 20 miljard euro (2008). Munten maken slechts een heel klein gedeelte uit van de M3 en zijn te verwaarlozen.

    De derde schepper zijn dan de centrale banken. De centrale banken drukken de bankbiljetten. De centrale banken beschikken ook over een strategische voorraad van biljetten die nog niet in omloop zijn, maar gebruikt kunnen worden in tijden van nood. Eind 2008 is er ongeveer 763 miljard euro aan biljetten in omloop. Dit lijkt veel maar is slechts een fractie van de M3.

    Eigenlijk moeten we hier spreken over het Euro systeem. Die bestaat uit de ECB en alle centrale banken van de landen die de euro voeren. Die nationale centrale banken zijn niet onbelangrijk. Het zijn deze banken (en niet de ECB) die de bankbiljetten drukken, het geld transporteren, de voorraden beheren en de banken van hun land controleren. Zo is de de NBB (nationale bank van België) verantwoordelijk voor de belgische banken Dexia en Fortis. De NBB heeft Fortis van het faillissement gered door meer dan 100 miljard aan Fortis te lenen, toen in oktober 2008 alle andere banken hun geld uit Fortis terugtrokken. De DNB (de Nederlandse Bank) heeft dezelfde functie voor alle Nederlandse banken. De ECB geeft wel de richtlijnen voor de centrale banken en neemt de eindbeslissing bij de uitgifte van de biljetten. De voornaamste taak van het Euro Systeem is prijsstabiliteit.

    Om u al een idee te geven van de hoeveelheid geld (M3) in de eurozone: het benadert de 10.000 miljard euro. Dat deze stijgend is, is een open deur intrappen. Wat dat voor gevolgen heeft ziet u in deel 3.

    *Een pandbrief is een obligatie die door een hypotheekbank is uitgegeven. De door de hypotheekbank verstrekte hypotheken vormen het on derpandvan de obligatie. En die hypotheken zijn weer gedekt door hypothecair onderpand; vandaar de naam pandbrief.


    >> Reageer (0)
    14-02-2009
    Klik hier om een link te hebben waarmee u dit artikel later terug kunt lezen.Hoeveel geld is er in omloop (1)

    Dit is niet zo eenvoudig te beschrijven. Eerst en vooral moeten  we onderscheid maken in de soorten geld die er bestaan. Tevens komen er een aantal begrippen bij kijken om alles te verklaren. Voor de euro worden drie termen gebruikt:M1,M2 en M3.


    Vooraf moeten we een verschil maken tussen de groep die enkel geld kan verhandelen (gebruikers) en de groep die geld kan scheppen.

    De tweede groep bestaat uit: centrale bankiers: deze kunnen bankbiljetten drukken (de beruchte geldpersen van de Fed en de ECB), de overheden (deze kunnen munten maken) en de primaire banken (deze kunnen giraal geld bijmaken).

    De eerste groep bestaat uit al de rest: u en ik, bedrijven en zelfs secundaire banken zoals pure spaarbanken. Laten we de eerste groep het publiek (public) noemen (slachtoffers [ ]  kan ook) en de tweede groep de scheppers (fraudeurs [ ] zou ook gaan ).

    M1 van de euro is dan al het giraal en chartaal euro geld die bij het publiek zit.

    chartaal geld= alle euro bankbiljetten en euro munten.

    giraal geld= het direct opeisbaar geld die op rekeningen bij banken staat en eigendom van het publiek is (dit zijn de lopende rekeningen waarover je beschikt=overnight deposits).

    Als je de M1 van de EU wilt kennen moet je daar ook de vreemde valuta bijrekenen zoals dollar, CH frank, .... die bij banken gedeponeerd zijn en eigendom zijn van het publiek (cash vreemde valuta hoort daar niet bij, omdat dit niet gekend is).

    Een tweede soort noemen we secundaire liquiditeiten, ook wel bijna-geld of schiergeld genoemd. Bijna-geld omdat je het zonder al te veel verlies kunt omzetten in geld zonder dat banken dit kunnen voorkomen. Hiertoe behoren:

    deposito's met een opzegtermijn tot 3 maanden en  korte termijn deposito's met vaste looptijd tot en met 2 jaar  in het bezit van het publiek. M2 is deze laatste samengeteld bij M1.

    M3 bestaat dan uit M2 met inbegrip van de overige secundaire liquiditeiten (MMF(Money market Fund) aandelen; schuldtitels tot 2 jaar; retrocessie-overeenkomsten).  Deze M3 vormt dan de totale liquiditeitenmassa van het publiek.

    Even belangrijk is: wat behoort er niet tot de  euro M3?

    1. Cash vreemde valuta bij het publiek
    2. aandelen
    3. obligaties en andere pandbrieven
    4. vreemde valuta eigendom van de banken (scheppers)
    5. lange termijn spaargeld (meer dan 2 jaar)
    6. kasgeld bij een primaire bank (scheppers)

    Bijkomende opmerkingen:

    1. Sommige valuta kennen ook nog andere begrippen. Zo bestaat er ook M0 (dollar)=Het totaal van alle fysieke munt, plus rekeningen bij de centrale bank die kan worden uitgewisseld voor fysieke munt. M4 (India)=M3+Alle deposito's bij postkantoor spaarbanken (met uitzondering van Nationaal Spaarfonds Certificaten).
    2. M1,M2 en M3 worden niet bij alle valuta  hetzelfde gedefinieerd. Dit maakt vergelijking tussen verschillende valuta niet gemakkelijk. Toch is dit minder belangrijk: het is vooral de verandering van de hoeveelheid binnen 1 valuta die van belang is (inflatie).
    3. retrocessieovereenkomst(ook bekend als een repo): een kredietnemer kan gebruik  maken van een financiële zekerheid als onderpand voor een lening in contanten tegen een vaste rentevoet.
    4. MMF: Dit is een type beleggingsfonds dat wettelijk verplicht is om te investeren in laag-risico effecten. In vergelijking met andere beleggingsfondsen is het risico dus laag en is het dividend dat betaald wordt min of meer gelijk aan de korte termijn rente.

    In een tweede deel bekijken we wat de gevolgen zijn van veranderingen in de M3 (totale liquiditeitenmassa).


    >> Reageer (0)
    31-01-2009
    Klik hier om een link te hebben waarmee u dit artikel later terug kunt lezen.Obligaties, een veilige belegging?

    In 2008 werden aandelen massaal de rug toegekeerd door de kleine belegger. Spaarrekeningen en obligaties zijn weer hot als belegging. Vooral obligaties worden gezien als de ideale en risicoloze belegging ten opzichte van aandelen. Maar is dit ook zo?

    Mijn mening is dat obligaties iets veiliger zijn dan aandelen. Forse koersdalingen zijn bij obligaties niet aan de orde als u de termijn uitzit. Daar tegenover zullen obligaties nooit het rendement kunnen geven wat mogelijk is met aandelen. Volgende soorten obligaties bestaan:

    Kasbons: Obligaties die worden uitgegeven door banken.

    Staatsobligaties: Leningen uitgeschreven door overheden.

    Bedrijfsobligaties: Leningen uitgeschreven door bedrijven.

    Tot 2008 werd ervan uitgegaan dat Kasbons en Staatsobligaties tot de veiligste beleggingen  gerekend konden worden. Dat ook dit genuanceerd moet worden, hebben we inmiddels geleerd (Lehmann Brothers). Een obligatie is een schuldbewijs voor een lening uitgeschreven door een instelling, meestal over tenminste vijf jaar en waarvoor een intrestvergoeding wordt betaald om dit geld gedurende een overeengekomen periode te gebruiken. Nu er een resem faillissementen plaatsvinden, is ook de obligatiehouder niet zeker dat hij zijn geld terugziet.

    Bij een faillissement komt een aandeelhouder op de laatste plaats. Die is zo goed als zeker zijn geld kwijt. Een aandeelhouder moet zich bewust zijn van dit risico. Wie obligaties heeft, staat ook redelijk achteraan in de rij en dit wordt minder goed beseft. Vooral achtergestelde obligaties (het woord zegt het zelf: men is achtergesteld op andere) zullen meestal niet veel van hun geld terugzien. Maar ook gewone obligaties zijn mogelijks niets meer waard als er onvoldoende geld overblijft. Dus veilig zijn obligaties allerminst.

    Om de veiligheid van obligaties te bepalen bestaan er 2 belangrijke ratingbureaus: Moody's en S&P. Zij kennen een rating toe aan de obligatie. Triple A zijn zeer veilige, C en D zijn zeer onveilige (junk genoemd).  Hoe lager de rating, hoe hoger de intrest zal moeten zijn om beleggers te overtuigen deze te kopen. Hier geldt duidelijk de wet: hoe meer risico, hoe hoger de opbrengst. Het probleem is echter dat deze ratings subjectief zijn. U koopt een triple A obligatie en deze wordt na 2 jaar bvb. gedegradeerd naar een C rating. U kocht dan in volle vertrouwen een "investment grade" obligatie en uiteindelijk blijkt u een "rommel of speculatieve" obligatie in bezit te hebben. Hier heeft u geen controle op: Het ratingbureau kan zich vergist hebben of de marktsituatie kan compleet gekeerd zijn. Zo zijn de ratings voor de o zo veilige banken neerwaarts bijgesteld en zelfs staatobligaties van sommige europese landen als Spanje worden neerwaarts bijgesteld. Ook België staat op de lijst om een herziening te krijgen. Een land als IJsland is failliet en kan enkel met hulp van buurlanden en het IMF aan zijn verplichtingen voldoen. Een ander voorbeeld is Argentinië, die in het verleden gelijkaardige problemen gekend heeft.

    Wie de kleine lettertjes niet heeft gelezen kan nog meer gezien zijn. Zo bestaan er reverse converteerbare obligaties. Deze betekenen dat het bedrijf mag kiezen hoe u wordt terugbetaald: met geld of in aandelen. U ziet van ver wat het bedrijf zal doen als aandelen nauwelijks wat waard zijn als de uitbetaling moet plaatsvinden. In plaats van u zuurverdiend geld te ontvangen, zal u waardeloze aandelen aan uw broek gesmeerd krijgen. Daarom: KOOP NOOIT REVERSE CONVERTIBLES. Meestal zijn deze intresten zeer aanlokkelijk: 10 à 20% zijn geen uitzondering, toch bij een faillissement krijgt u dit nooit te zien, u ontvangt netjes bvb. 1000 aandelen aan ... 0€. Sommige obligaties maken het nog bonter: ze mogen terugbetaald worden in aandelen van zodra het aandeel onder een bepaalde waarde zakt: VERLIES GEGARANDEERD.

    Mijn conclusie is duidelijk: Obligaties kunnen even risicovol zijn als aandelen, terwijl hun rendement veel lager ligt. We zien dan ook nog dat er massaal veel obligaties op het verkeerde moment gekocht worden: als de rentes laag staan. Persoonlijk heb ik nog nooit obligaties gekocht en wellicht zal ik het nooit doen. Geef mij dan maar de real stuff: Aandelen  en laat het uitlenen van geld maar over aan de banken, die zijn daar toch specialist in of niet?


    >> Reageer (0)
    17-01-2009
    Klik hier om een link te hebben waarmee u dit artikel later terug kunt lezen.Speculanten: een vloek of een zegen?

    Als het economisch misloopt, wordt nogal vaak gewezen naar de speculanten. Het is altijd verleidelijk om iemand anders de schuld te geven. De ene keer zijn het de banken, de andere keer de shorters en nogal vaak zijn het de speculanten. Ze allemaal over één kam  scheren en ze als criminelen  bestempelen is wellicht een brug te ver.

    Wat is een speculant? Je kan hem/haar het  best omschrijven als iemand die probeert laag te kopen en hoog te verkopen, daarmee veel winst op zak steekt, maar totaal geen interesse heeft in het product waarin hij handelt. Puur economisch voegt hij geen waarde toe of toch?

    Een mooi voorbeeld van speculatie is de stijging van de olieprijs vorig jaar. Neem volgend voorbeeld:

    Een speculant koopt een futurecontract ter waarde van 100 000 dollar met als economische waarde 1000 vaten olie aan de prijs van 100$/vat. De boot met deze olie is pas vertrokken en is een maand onderweg. Net voor aankomst van het schip stijgt de olieprijs op de internationale markten  naar 115$/vat. De speculant  zal het contract  snel verkopen want hij heeft 15% winst en het laatste wat hij wil, is opgescheept zitten met de olie. Wat er achteraf met de olie en de prijs zelf gebeurt, interesseert hem geen zier.

    Twee dingen worden direct duidelijk: De speculant zorgt voor liquiditeit van de contracten (het is best mogelijk dat het contract diverse keren in andere handen is overgegaan) en hij neemt een groot risico. Voor hetzelfde geld was de olieprijs gedaald (wat ook gebeurd is) en heeft hij een zwaar verlies geleden. Heeft de speculant de prijzen opgedreven? Wellicht wel, want hij haalt de olie tijdelijk uit de markt (zorgt voor schaarste) en verkoopt dan aan een hogere prijs. Hij profiteert dus van een stijgende trend door extra schaarste te creëeren. Deze stijgende trend is echter niet door de speculant gemaakt maar door de reeds aanwezige olieschaarste op dat moment. Hij heeft de prijzen wel mee helpen opdrijven, maar tegen een trendomkeer is ook hij niet bestand.

    Als je de vergelijking naar de gewone beurs doortrekt, doen we eigenlijk allemaal aan speculatie: we proberen  laag in te kopen om met een zo groot mogelijke winst, liefst in een zo kort mogelijke tijd, hoog te verkopen.  Wie heeft er nog altijd zijn eerste aandelen, ooit gekocht omdat hij het goed meende met een bedrijf? Aan de miljoenen dagelijkse transacties op de beurs te zien, zullen dat er weinig zijn. De lijn tussen beleggen en speculeren is dan ook flinterdun.

    Een tweede voorbeeld van een speculatie is het volgende: Nu de grondstoffen laag zijn, vinden veel speculanten het ogenblik gekomen om bijvoorbeeld zink op te kopen. Zij kopen dus wanneer anderen het niet moeten hebben. Ze houden het bij tot de markt weer aantrekt en er schaarste komt. Dan gooien ze hun zink op de markt. Ze voldoen dus perfect aan het profiel van een speculant: laag kopen, bijhouden en hoog verkopen, terwijl het product zink hun niet interesseert. Hebben de speculanten nu niet een fantastisch economisch feit gepleegd? Ze kopen als niemand koopt, ze spelen magazijnier en dus financier, en verkopen als er schaarste is waardoor er meer zink op de markt komt. Zij zorgen dus voor een dempend effect. Als je dan weet dat de markten efficiënt zijn (op ieder moment zijn alle gegevens die verband hebben met het product gekend), dan neemt de speculant een enorm risico door tegen de markt in te gaan. Is deze speculant dan geen onderdeel van de vrije markt economie, meer zelfs is hij dan niet noodzakelijk?

    Men kan natuurlijk niet ontkennen dat er veel criminaliteit verweven zit bij speculatie. Kartels opzetten om schaarste te creëren, valse geruchten de wereld insturen, documenten vervalsen, lobbyen en omkoping bij overheden (grondspeculatie!), de voorbeelden hoor je dagelijks in het nieuws. Hier kan je geen respect voor hebben. Toch wil ik eindigen met dezelfde vraag als in het begin:

    Alle schuld op de speculanten schuiven, is dat geen brug te ver?


    >> Reageer (3)




    E-mail mij

    Druk op onderstaande knop om mij te e-mailen.


    Blog als favoriet !

    Archief per week
  • 26/08-01/09 2013
  • 13/02-19/02 2012
  • 20/06-26/06 2011
  • 12/04-18/04 2010
  • 08/02-14/02 2010
  • 18/01-24/01 2010
  • 28/12-03/01 2010
  • 07/12-13/12 2009
  • 16/11-22/11 2009
  • 09/11-15/11 2009
  • 26/10-01/11 2009
  • 05/10-11/10 2009
  • 28/09-04/10 2009
  • 21/09-27/09 2009
  • 31/08-06/09 2009
  • 24/08-30/08 2009
  • 03/08-09/08 2009
  • 15/06-21/06 2009
  • 01/06-07/06 2009
  • 11/05-17/05 2009
  • 13/04-19/04 2009
  • 16/03-22/03 2009
  • 02/03-08/03 2009
  • 09/02-15/02 2009
  • 26/01-01/02 2009
  • 12/01-18/01 2009

    Laatste commentaren
  • Hallo (valerieke)
        op financiële veiligheid: gouden regels
  • Succes (katrien)
        op Speculanten: een vloek of een zegen?
  • welkom (miekemuis en maatje)
        op Speculanten: een vloek of een zegen?
  • Hallo (steffi)
        op Speculanten: een vloek of een zegen?
  • Mijn favorieten
  • meer artikels

  • Archief per maand
  • 09-2013
  • 02-2012
  • 06-2011
  • 04-2010
  • 02-2010
  • 01-2010
  • 12-2009
  • 11-2009
  • 10-2009
  • 09-2009
  • 08-2009
  • 06-2009
  • 05-2009
  • 04-2009
  • 03-2009
  • 02-2009
  • 01-2009


    Blog tegen de regels? Meld het ons!
    Gratis blog op http://blog.seniorennet.be - SeniorenNet Blogs, eenvoudig, gratis en snel jouw eigen blog!