Na een tijd van catechumenaat — een tijd van introductie en vorming tot het christelijke leven — vindt op de eerste zondag van de veertigdagentijd de ‘uitverkiezing’ door de Kerk plaats. Die viering wordt voorgegaan door de bisschop. De toekomstige dopelingen worden samengebracht, afkomstig uit alle parochies van het bisdom. Zij worden omringd door hun peters, meters en catechisten, die getuigen van de oprechtheid van de afgelegde geloofsweg.
Tijdens de viering roept de bisschop de toekomstige dopelingen bij hun naam en nodigt hij hen uit om naar voren te komen. Vervolgens schrijven zij hun naam in het register van de toekomstige dopelingen, als teken van trouw aan de ontvangen roeping.
De uitverkiezing herinnert zo niet alleen de catechumenen, maar ook alle gedoopten eraan dat het christelijk leven een antwoord is op Gods roep. Want ook al ben ik als klein kind gedoopt, de roep van Jezus — ‘Kom, volg Mij’ — geldt ook voor mij. En zoals bij de blinde langs de weg in het evangelie (Mc 10), zijn er ook zusters en broeders die mij, naar het voorbeeld van catechisten, peters en meters, omringen en mij zeggen: ‘Heb vertrouwen, sta op, Hij roept je!’ Dit begin van de veertigdagentijd herinnert ons eraan dat het christelijke leven in wezen een antwoord is op een roeping.