vervolg van 11/2 Google alerts
… stijve zinnen
Katrien Colman toont aan dat een aantasting van de
executieve functies ook gevolgen heeft voor het taalvermogen. Zo kan aantasting
van de executieve geheugenfunctie ervoor zorgen dat de patiënt een ingewikkelde
zinsconstructie niet meer doorziet: voor hij het einde van de zin heeft
bereikt, is hij het begin ervan vergeten. Aantasting van de flexibiliteit zorgt
ervoor dat de patiënt moeite heeft van onderwerp te veranderen, ook als daar
wel een duidelijke aanleiding voor is. Door aantasting van het vermogen
gestructureerd te werken, wordt het moeilijk zinnen grammaticaal correct samen
te stellen.
Afasie: ander probleem
De taalproblemen van Parkinsonpatiënten worden wel vergeleken met die
van afasiepatiënten. Veelal ten onrechte, zo laat het onderzoek van Colman
zien. Afasie, bijvoorbeeld ten gevolge van een infarct, kan het grammaticaal
vermogen zélf aantasten, waardoor de patiënt een werkwoord niet meer kan
vervoegen. De patiënt kan dan bijvoorbeeld het voltooid deelwoord ‘gelopen’
niet meer vormen uit de infinitief ‘lopen.’ Bij Parkinsonpatiënten is niet dit
specifieke grammaticale vermogen aangetast, maar een onderliggende executieve
functie. De patiënt is dan in principe wel in staat een voltooid deelwoord te
vormen, maar komt daar in sommige situaties toch niet uit – bijvoorbeeld omdat
hij de zin niet meer kan overzien












