Naar de inhoud

'een heel jaar maart?'

schrijfvloer 02 ~ afgerond, klaar
akke.beakke.be

Archief

329. Bart Somers

te gast bij Wim Helsen, Bart Somers met een tekst van Stefan Zweig

 
           De wereld van gisteren

        We konden kosmopolitischer leven, de hele wereld stond voor ons open. 
        We konden reizen zonder pas of visum, waarheen we maar wilden, niemand vroeg ons naar   
        politieke overtuiging, afkomst, ras of religie. We hadden zeker - dat ontken ik beslist niet –
        een oneindig veel grotere individuele vrijheid, en daar waren we niet alleen op gesteld,
        maar we hebben haar ook gebruikt. Maar zoals Friedrich Hebbel het ergens treffend zegt:
        ‘Nu eens hadden we geen wijn, dan weer hebben we geen glas’.
        Het komt maar zelden voor dat een generatie beide wel heeft;
        als de moraal de mensen vrij laat, dan perkt de staat die vrijheid in.
        Laat de staat ze hun vrijheid, dan probeert de moraal ze die af te nemen.

  Afbeeldingsresultaat voor bart somers

De knop voor de ondertiteling staat rechts onderaan, de =-knop.
Somers in gesprek met Helsen,
https://www.vrt.be/vrtnu/a-z/winteruur/4/winteruur-s4a69/
10min24


Over Bart Somers : https://nl.wikipedia.org/wiki/Bart_Somers
Over Stefan Zweig : https://nl.wikipedia.org/wiki/Stefan_Zweig 

Over het boek : 'De wereld van gisteren' is de projectie van het individuele levenslot op het lot van een hele generatie.
De Oostenrijke jood zocht vertwijfeld naar een nieuw Europa van pacifistische en humanistische signatuur.
In plaats daarvan raakte Europa in de greep van de nazi's, die Zweigs bij miljoenen zo populair geworden werk in het openbaar lieten verbranden.

Over Friedrich Hebbel : https://nl.wikipedia.org/wiki/Friedrich_Hebbel

Geschreven door maart om 05:10 Reageer op dit bericht

328. oma 'k donalds

Een aantal jaren geleden kwamen de kleinkinderen van een zus van LM
voor een namiddag naar hier bij ons omdat er bij Rina thuis besprekingen waren
en daar kon ze de kinderen efkes niet bij hebben. 

De kinderen kenden ons enkel als verre familie, een grootoom en een groottante …
die dan nog op een schip vaarden ook. Het viel tegen dat wij niet op dat schip woonden,
maar de namiddag is toch zonder nog grotere schokken verlopen.
Toen we ze in de late namiddag terug reden naar het huis van hun Oma
vroeg ik of ze blij waren dat ze weer naar Oma gingen.

- Ja, want we gaan hamburgers eten!
- Hamburgers? Bij Oma thuis?
- Nee, bij MakDôNalds.

LM en ik keken mekaar efkes aan.
Rina zou de kinderen toch nooit meenemen naar een hamburgerkot?

- 'k Denk het niet hoor, zei ik voorzichtig, dat Oma graag hamburgers …
- Jawel, want ze zong het liedje.
- Welk liedje?
- Het liedje van Mak-Do-Nalds, klonk het nadrukkelijk en ongedurig van op de achterbank.
- Zing dat liedje eens?

En dan hoorden we : Ôma'k-Dôô-Nalds, Ôma'k-Dôô-Nalds, Ôma'k-Dôôôô-Nalds Klementaajn

Toen we de kinderen afleverden vroeg ik hen het liedje nog eens te zingen voor Oma. 
Rina herkende de melodie van Oh My Darling Clementine,
maar ze moest toch twee keer luisteren eer ze hun 'Oma 'k Dô-Nalds' verstaan had.

Ze kon zich echt serieus houden en als ik me goed herinner heeft ze toen als avondmaal
voor haar zangertjes rundsburgers uit de diepvriezer getoverd.

klank aanzetten, een speciale versie
https://www.youtube.com/watch?v=twRr3ygK3TM 
02min15 

m – HiH-03/2016, bijgewerkt - https://en.wikipedia.org/wiki/Oh_My_Darling,_Clementine#History_and_origins  

Geschreven door maart om 06:29 Reageer op dit bericht

327. Radna Fabias

te gast bij Wim Helsen, Radna Fabias met een tekst van Padgett Powell uit
'De vragende vorm'

 
        Is je moeder overleden en zo ja, zou je dan iets tegen haar willen zeggen?
        Zeg je ooit tegen jezelf: 'Ik ga slapen, ik ben moe'?
        Zit daar niet een alleraardigst liedje in?
        Word je hoe langer hoe onzekerder nu we het einde naderen?
        Heb je genoeg slimme dingen gezegd en zo min mogelijk ondoordachte,
        en heb je ten minste een keer op je strepen gestaan?
        Had je een rustig leven of was je de godganse dag in de benen?
        Geef je jezelf, iemand anders of helemaal niemand de schuld van je fouten?
        Hou je van gladde, gelei-achtige jam of juist van compote met stukjes erin?
        Denk je dat je dom bent? Ben je zeker van jezelf? Gebruik je het woord 'coördinaten'?
        Vind je een glas cognac - walsend, amberkleurig, helder, prikkelend - aantrekkelijk?
        Is er onrust in het paradijs? Hebben wielen plezier? Is liefdadigheid eindig?

  

De knop voor de ondertiteling staat rechts onderaan, de =-knop.
Fabias in gesprek met Helsen,
https://www.vrt.be/vrtnu/a-z/winteruur/4/winteruur-s4a68/ 
10min28

Over Radna Fabias : https://www.nrc.nl/nieuws/2018/08/09/dichter-radna-fabias-ik-ben-ongeschikt-als-rolmodel-a1612585
Over Padgett Powell : https://en.wikipedia.org/wiki/Padgett_Powell 

Over het boek : "De tekst van dit boek is een merkwaardige opeenvolging van louter vragen. Levensvragen, absurdistische vragen,
futiele vragen, psychologische vragen - alles komt voorbij in schijnbare willekeur.
Zo kun je achtereenvolgens worden geconfronteerd met 'Zitten er hiaten in je karakter?',
'Vind je het lastig om de verlangens van zeurderige mensen te weerstaan?' en 'Heb je ooit het anker van een elektromotor gewikkeld?'.

Het vormexperiment is fascinerend en verveelt verrassend genoeg niet. Soms volgt een reeks vragen over een bepaald onderwerp elkaar op,
soms verbergt een vraag een anekdote, soms keren thema's meermalen terug. Powell geeft zo in ieder geval nu en dan de suggestie van samenhang,
en hoewel er zich geen plot ontwikkelt, krijg je langzamerhand wel een beeld van de vragensteller.
De kracht zit voor een groot deel in de formulering van de vragen, en daarvoor verdient de vertaler een groot compliment.
Hij komt met vondsten als: 'Als een stortbui een stortvloed van regen is, is een plensbui dan een plensvloed van regen?'"

Eerste indruk: Fabias is een dame naar mijn hart.
Zelf het ik ook de neiging de dingen kapot te nuanceren en het is een opluchting, een verademing
te vernemen dat ik niet de enige ben die behept is met dit soort behoedzaamheid.

Geschreven door maart om 05:31 Reageer op dit bericht

326. voor PIT

1926 en daarna

Ze werd verliefd, hij speelde klarinet.
Thuis waren ze niet opgezet
met een man die ouder was.
31 en 18, dat gaf geen pas.

Toen namen ze een grote stap,
ze zorgden voor een zwangerschap.
Zij hield zijn leven schoon en net
hij speelde voor haar klarinet.

Het talent van haar muzikant
werd rustig voortgeplant.
Ze kregen kinderen. Drie.
Hij bleef bij de Harmonie.

Die koters waren jong geweld.
Zo werd de piano haast geveld
om wiens beurt het was te spelen.
Want een piano moet men delen.

't Werd tijd voor een eigen instrument
Zo bleef Moeder ook content
besloot de Vader struis
en zo bleef de vrede in het huis.

Hij zag de koters alle drie
als een bijna-dynastie
in een wolk van zacht en mild
zoals gehoopt, zoals gewild.

De oudste koos trompet, helaas.
Zo kon zij iedereen de baas.
Zij wou bij de fanfare,
dat was voor haar het ware.

De tweede wou een saxofoon
Dat is niet zo ongewoon
maar hij koos voor jazz.
Alsof dat het summum was.

Toen de jongste dan mocht kiezen,
ging zij voor 't exquise :
de klank van de schalmei.
Wéér lawaai erbij!

Geen piano, harp, viool ...
Zij beleefden veel meer jool
aan iets dat luid was, grote pret.
Niet voor iets als klarinet.

Geen enk'le van de drie
koos voor Vaders Harmonie.

m – HiH-09/2016, ongewijzigd - https://nl.wikipedia.org/wiki/Schalmei 

Geschreven door maart om 02:37 Reageer op dit bericht

325. Ch. Deborsu

te gast bij Wim Helsen, Christophe Deborsu met Lucas 24, 13-35


17     Jezus vroeg hun: 'Waar loopt u toch over te praten?' Daarop bleven ze somber gestemd staan.
18     Een van hen, die Kleopas heette, antwoordde:
        'Bent u dan de enige vreemdeling in Jeruzalem die niet weet wat daar deze dagen gebeurd is?' (...)

25     Toen zei hij tegen hen: 'Hebt u dan zo weinig verstand en bent u zo traag van begrip dat
         u niet gelooft in alles wat de profeten gezegd hebben?' (...)

28     Ze naderden het dorp waarheen ze op weg waren. Jezus deed alsof hij verder wilde reizen.
29     Maar ze drongen er sterk bij hem op aan om dat niet te doen en zeiden:
        'Blijf bij ons, want het is bijna avond en de dag loopt ten einde.' Hij ging mee het dorp in en bleef bij hen.
30     Toen hij met hen aan tafel aanlag, nam hij het brood, sprak het zegengebed uit, brak het en gaf het hun.
31     Nu werden hun ogen geopend en herkenden ze hem. Maar hij werd onttrokken aan hun blik.
32     Daarop zeiden ze tegen elkaar:
        'Brandde ons hart niet toen hij onderweg met ons sprak en de Schriften voor ons ontsloot?'
33     Ze stonden op en gingen meteen terug naar Jeruzalem, waar ze de elf en de anderen aantroffen,
34     die tegen hen zeiden: 'De Heer is werkelijk uit de dood opgewekt.'

  Afbeeldingsresultaat voor christophe deborsu

De knop voor de ondertiteling staat rechts onderaan, de =-knop.
Deborsu in gesprek met Helsen,
https://www.vrt.be/vrtnu/a-z/winteruur/4/winteruur-s4a67/ 
12min36

Over Christophe Deborsu : https://nl.wikipedia.org/wiki/Christophe_Deborsu
Over Lucas :https://nl.wikipedia.org/wiki/Lucas_(evangelist) 
Over zijn evangelie : https://nl.wikipedia.org/wiki/Evangelie_volgens_Lucas

Geschreven door maart om 02:18 Reageer op dit bericht

324. woestijnzand

rood woestijnzand ~ ergens in de jaren 80, de pre-LM periode

Door de kleur baksteenrood / roestrood hebben we ooit aan boord een klein paniekje meegemaakt.
Het schip vervoerde ijzererts. Een schip met zeven of negen luiken. De luiken zijn gas- en waterdicht afgesloten.
Op een ochtend lag over heel het dek, kasteel inbegrepen, een laag steenrood poeder.
Stof van de lading? Hoe was dat uit de luiken ontsnapt?
En diagonaal verdeeld over het schip? Was er iets met een aantal luikdeksels dan?
Het was een ochtend vol vraagtekens.

De luikdeksels werden gecontroleerd door de 1ste stuur + de capt hemzelve en
de chef mecanicien moest ook mee vermits het vermoedelijk om een defect in de deck-machinerie ging.
De ronde duurde een halve voormiddag. In de tropenzon.

Bij de coffeetime om 10h bromde de bootsman iets als
- Al die galonnen aan dek, dat ze gvd op hun brug blijven. Al die zever voor 'dat beetje' zand!
- Ah? Is het zand? vroeg ik voorzichtig.

Natuurlijk was het zand. 's Nachts aangevoerd door aflandige wind.
Er was helemaal niks mis met de luiken of met de luikdeksels.
Het steenrood/ijzerertsrood stof was gewoon woestijnzand en ongeveer iedereen wist dat.
Behalve de drie die het hadden moeten weten.

Mensenlief, wat hebben dié achteraf theater gemaakt!

m – HiH-05/2017, bijgewerkt - https://nl.wikipedia.org/wiki/Bulkcarrier , Afbeeldingen van bulk carrier 

Geschreven door maart om 03:39 1 reactie Reageer op dit bericht

323. brief 05, aan PIT

Pit is de Pa van mijn Ma.
Hij werd geboren op 08 februari 1894. Hij is overleden op 24 september 1958.
Hij was 13 jaar ouder dan Oma. Waarom ik hem Pit noemde weet ik niet meer.

Dag Pit,

Ik nog eens. De tweede keer deze week.
Jáá, in die rustige eeuwigheid daar ergensis dat storend.
Sorry hoor.

Zijt ge daar nog altijd 64 jaar? Ik hier al 66.

'k Heb over u al wel meer geschreven dan in deze twee brieven, Pit.
Die verhalen waren een beetje geromantiseerd natuurlijk.
Of verfraaid, zo kan men het ook noemen.
Zo lang ik van u maar geen zeemzoete heilige maak mag het hé, verfraaien.
Alles voor de tekst of voor een goed verhaal !
Deed gij dat ook niet een beetje, wat fiorituren links en rechts,
alles voor een goed optreden ?

'k Wou nog iets vragen. Los van de Harmonie.
Over de Gard Sivik aan de Stadswaag. Over jazz dus.

Hebt gij ooit in de Gard Sivik gespeeld?
Heeft Nonkel E ooit in de Gard Sivik gespeeld?
Hebt gelle daar ooit samen gespeeld?
Aan ons Ma heb ik het eens gevraagd en ze had er toen geen antwoord op.

Ik vraag dat nu, omdat de naam Gard Sivik de laatste jaren blijft opduiken.
Zowel de kroeg als het tijdschrift. Een paar jaren geleden bracht een correspondent dat café af en toe ter sprake.
Zo is het begonnen.
Het heeft een tijd geduurd eer mijn cent viel dat ik 'Gard Sivik' als kind al hoorde.
Dat kan maar van bij ulle komen.

De laatste jaren kwam ik de naam regelmatig tegen, in de teksten van WTL oa,
terwijl het café al lang niet meer bestaat en het tijdschrift ook niet meer.
Tot wanneer het huis als kroeg bestaan heeft, weet ik straks misschien.
De gevel laat vermoeden dat het gebouw ooit een pakhuis was.
Nu is het een burgerwoonst.
Hieronder een foto.
Die is niet voor u, Pit.
Gij kunt vanzelf naar dat gebouw, een beetje gaan spoken met uw klarinet.
Niet doen hoor!

                        Gust Gils leeft voort in gevelgedicht     

In dat huis daar achterin, het huis met het trapgeveltje, kwam een klad kunstenaars, dichters en schrijvers.
dat was toen een kroeg hé. Artiesten hebben iets met horeca. En al wat rond hen zwermde kwam daar ook.
Maar allereerst eerst was er de jazz met zijn artiesten.

Vandaar mijn vraag Pit, Gard Sivik, ooit ?

m – HiH-03/2017, bijgewerkt - https://groups.google.com/forum/#!topic/fido.belg.ouwezak/qMuqDWe8w-I ,http://schrijversgewijs.be/contextueel/gard-sivik-1955-1964/

Geschreven door maart om 00:00 Reageer op dit bericht

322. brief 04, aan PIT

Pit is de Pa van mijn Ma.
Hij werd geboren op 08 februari 1894. Hij is overleden op 24 september 1958.
Hij was 13 jaar ouder dan Oma. Waarom ik hem Pit noemde weet ik niet meer.

Dag Pit,
Lang hebben we mekaar niet gekend.
Vier maanden voor Laura geboren werd waart ge weg.
Voor Oma en ma en Tante S en Nonkel E was dat groot verlies.
Oma mocht niet mee naar het kerkhof want dat was toen zo,
de rouwende weduwe zou zich in het graf kunnen storten.
Alsof zij dat zou doen hé Pit.
Haar coiffure zou er maar door in de war gebracht zijn.
En dan die modder.

Tijdens de begrafenis was ik als enige thuis bij haar, ik wist niet eens dat het uw begrafenis was.
'k Herinner me wel dat die dag alles zeer stil verliep. Weinig gepraat en al zeker geen gelach.
En ook dat ik onder de tafel ben gaan zitten omdat Oma zo eigenaardig deed.
Traag rondlopen en de kasten open en toe doen.
Dat was me te vreemd. Onder de tafel dan maar.

Een vraag : weet gij waarom Oma en Ma en tante S
decennia geleden Nonkel E uit hun leven gebannen hebben?
Kunt gij dat zien, van waar ge zijt? Ik hier niet.
En nu is het hier te laat om het te vragen hé Pit.
Oma is weg, Tante S is weg, ons Ma is aan het gaan en
over Nonkel E en zijn gezin weten we niks.
Misschien moet ik eens gaan kijken op Facebook.
Kent ge Facebook? Waarschijnlijk wel. Daarboven kent men alles.

Zelf ken ik er niks van Pit.
En ik denk dat ik dat zo zal laten, dat Facebook en dat dood zijn.
Maar over sterven zou ik meer willen weten.

Na uw vertrek hebben we nog enkele jaren op het kerkhof moeten paraderen,
in onze zondagse kledij. Hebt ge ons toen gezien?
Waart ge daar blij mee? Zijn doden daar blij mee?
Allerzielen vindt ik niet nodig Pit.
En al zeker niet wanneer er vroom over gedaan wordt.
Wat denkt gij ? 't Is maar een vraag hoor.
Gij zijt al lang aan de overkant en wij stervelingen nog niet hé.

Pit, soms denk ik dat ik als levende mijn aandacht en energie
niet moet richten op de doden maar op de stervenden.
Daarmee bedoel ik niet de mensen die liggen te zieltogen,
die zijn in handen van beroepslieden.
Ik bedoel de mensen die vernomen hebben dat hun tijd beperkt is.
Zij zijn wel gaande en staande, maar ze hebben een concrete tijdslimiet te horen gekregen.
In het Engels heet dat een deadline. Grellig woord ineens hé, deadline.
Hebt gij naar het einde ook die momenten van onthechting gekend gelijk IM?

Dag Pit.

PS: Sorry, 't zijn meer vragen geworden dan ik dacht.

m – HiH-03/2017, bijgewerkt

Geschreven door maart om 03:57 Reageer op dit bericht

321. het uitstalraam

de tranen in het uitstalraam

Onderstaande heb ik van horen vertellen, want ik was toen te klein om het me te herinneren.
Het verhaal komt van mijn Moeder, de woorden zijn van mij.

In '55 had ik plots een zusje en dat larf heette Tina. Veel zusje was er niet aan.
Ze kon niet in het zand spelen, ze mocht niet bij mij in bad en als ze weende kon ik nog vertalen ook.

Toch was er iets goed aan, want mijn ma kwam me 's middags uit de kleuterschool halen
(toen mocht dat nog) en dan gingen we naar het Elisabethpark.
Dat zijn de twee stroken groen tussen het Simonisplein en de basiliek van Koekelberg.
Tina lag in een wit-blauwe stoef-landauer en ik liep er naast alsof het park van mij was.

We wandelden in de noordelijke helft, de kant van de Landsroemlaan,
omdat daar in de namiddag zon was. En daar zaten alle moeders op bankjes te kijken
hoe hun oudsten zich misdroegen in de zandbak, terwijl de jongste gewiegd werd
en her en der al een derde op komst was. Het was '55.
De woorden geboorteregeling / gezinsplanning / anticonceptie moesten nog uitgevonden worden
en kinderopvang was onbestaande.  

Tegen het einde van de namiddag trokken de moeders en de kroost huiswaarts.
Het werd ongeveer tijd om aan het avondmaal te beginnen. 
Een aantal moeders stapten richting west, Koekelberg/Jette/Ganshoren.
Een aantal moeders stapte richting oost, Molenbeek, toen nog een gemeente als alle andere.

Richting Molenbeek moet men over het Simonisplein, toen nog een rustig plein met middenstandwinkels.
Een van die winkels verkocht kaders en schilderijen.
In dat uitstalraam stond op kleuterhoogte een schilderij met een kindje dat weende.

                         The Crying Boy, 1950's   Giovanni Bragolin

Iemand van de kinderen had dat ooit gemerkt en het jongetje in kwestie wou in het naar huis gaan
elke dag kijken of het schilderij in de vitrine nog weende. Het weende nog altijd.
Dag na dag weende dat kindje van het schilderij.

De stoep was er niet echt breed genoeg voor het konvooi kinderwagens dat er langs moest en
ongeveer alle kleuters stonden met handen en neusjes tegen het glas.
Om naar iets te kijken dat er eigenlijk niet was.

De uitbaatster kreeg het luidruchtig op haar heupen van die vuile vingertjes tegen haar uitstalraam.
En toen wist ik waarom het kindje op het schilderij weende : in dat huis woonde een héks!

m – HiH-03/2016, bijgewerkt - https://en.wikipedia.org/wiki/The_Crying_Boy , https://en.wikipedia.org/wiki/Giovanni_Bragolin 

Geschreven door maart om 00:00 Reageer op dit bericht

320. brief 03, aan Oma

Aan moederskant hadden mijn grootouders 3 kinderen en 7 kleinkinderen.
Mijn ma was het oudste kind en ik ben het oudste kleinkind.

“Ik heb nog iets te vragen” 

Oma, mijn ma ligt in angsten, ze lijdt.
Wat denkt ge daaraan te doen? Komt ge haar hand vasthouden?
Ze is aan het uitdoven en ze is bang. Een bang kind wil haar moeder.
Waar zijt ge nu?
Ge wou kinderen hé, DOE DAN IETS, het is de moment.

Ik snap niet dat vrouwen die kinderen willen en die kinderen doen geboren worden ook,
achteraf veilig onder de zoden gaan liggen en onbereikbaar zijn
wanneer die kinderen aan hun sterven beginnen,
wanneer die kinderen schreeuwend om hun moeder roepen omdat het sterven zo heftig verloopt.

Oma, mijn levensloop was niet naar uw normen,
maar kinderen op deze wereld zetten is tenminste iets
dat ik niet op mijn geweten heb.
Gij wel.
Daarom: komt ge uw kind nu helpen sterven of hoe zit het?

m – HiH-03/2017, ongewijzigd

Geschreven door maart om 05:28 Reageer op dit bericht

Meer van 'een heel jaar maart?'

↑ Terug naar de berichten