Naar de inhoud

'een heel jaar maart?'

schrijfvloer 02 ~ afgerond, klaar
akke.beakke.be

Archief

016. BBQ & wesp

het BBQ seizoen is officieel achter de rug, maar toch kon het efkes nog

een nieuw huis, dat moet gevierd, met tuin en oprit gans versierd
omdat het nu nog kon, oktober gaf toch nog wat zon
het werd lam en ook merguez, we waren met een stuk of zes
er was een kok, een echte, ze had heur haar in vlechten
ze droeg een grote rode schort, en ze nam een glaasje port
op tafel kwam als fles een paar frisse Chardonnays

er was ook een klein buffet -zomaar voor de pret-
met rauwkost, fruit en sla, een kleurenbeeld van ohlala
vlees en groenten op het vuur op, de wijn was koel en puur
het leven was een feest, en toen kwam het eerste beest

er kwamen wespen aangesnord, ze doken naar ’t glas port
die met haar vlechten schrok, en nu mikten z’op de kok
en op het fruit van heel ’t buffet, de kok zij was ontzet
er was chaos en ellende, het buffet was plots een bende
fruit en groenten helemaal verspreid, gegil - geroep - gebleit

en op de grond een artisjok
de kok werd afgevoerd in shock

m – HiH-11/2016, bijgewerkt

Geschreven door maart om 00:00 1 reactie Reageer op dit bericht

015. kokerellerij

"Ze zeggen dat alles op zijn tijd komt, en dat zal zo wel zijn ook,
maar waarom kom het dan vaak zo ongelegen" van P²

Dat denk ik ook soms: "Moet dat NÚ ?"  Alles op zijn tijd is zo dikwijls niet 'mijn' tijd. 
Die voormiddag hadden we weer zo’' ongelukkige samenloop van omstandigheden.
'k Was bijna in slaap geraakt, de bel gaat. Het was de buurvrouw van beneden die iets kwam brengen.
Voilà, 'k was klaarwakker natuurlijk. Weg was de vaak. En dat is voor de rest van de dag zo gebleven.
Moe genoeg, maar geen vaak.

Als de buurvrouw in de namiddag gekomen was, zou er geen probleem geweest zijn.
Maar dat kon zij niet weten natuurlijk, dat ik nog moest slapen.
'k Weet zelf amper wanneer ik zal slapen. Wanneer de vaak zich aankondigt. Alles op zijn tijd.

---

Gisteren had LM osso buco gemaakt, volgens een recept van het Net. 
Het was rundsschenkel, maar dat maakt niet uit, zo lang er maar een gat zit in de osso hebben we een buco.
Hij kwam tamelijk ongerust vragen om te proeven, vond ik het vlees niet wat taai?
Volgens de bereidingswijze was hij nochtans op schema wat de gaartijd betrof.
'k Heb hem al honderd keer verteld dat die gaartijden een richtlijn zijn, geen evangelie,
omdat elke gebruiker met de eigen kookplaat & kookpotten werkt,
en dat zijn gegarandeerd andere dan die van de auteur van het recept.
Gaartijden worden aangepast aan het eigen keukenmateriaal
EN MEN NOTEERT DIE TIJDEN voor later gebruik. Wat LM blijkbaar de vorige keer weer niet gedaan had.

Hij zou nog een half uur 'bijgeven'. En toen bleek een tweede verlenging van een halfuur nodig.
Hij vroeg zich af hoe dat kwam. Zucht, hoe dikwijls nog?:
een andere warmtebron dan het recept van 't Net + ander kookgerei betekent
éigen gaartijden hanteren. En die noteren!

Soms vraag ik me af hoe iemand die het dagelijks beleid voerde over een machinepark van vijf verdiepingen
zich zo onzeker kan voelen in een kombuiskeukentje van een doorsnee appartement.
Hij kent toch iets van metalen en van dinges, van warmtebronnen.
Inox is geen gietijzer en een gasvlam is geen warmeluchtoven.

Daarop bleef hij in de keuken staan. Om de vlam te bewaken.
Daar blijven staan verandert niks aan de garing, en dat hij moest gaan zitten met zijn zere knie.
Maar hij wou de vlam blijven zien. Heroïsch. Want hij moest ze bewaken. Olympisch.

De osso buco was geslaagd. Een grandioos resultaat.
Hij was blij dat het vlees zo mals was, hij was blij dat ik het lekker vond,
hij vond het zelf ook heel lekker, hij zat te smikkelen en te knikken en
ik was zo blij dat hij zo blij was, dat hij zoveel voldoening had van zijn werk.

Hij spreekt al over diezelfde bereiding in de oven. Dan in de gietijzeren pot.
Wéér andere gaartijden. Wéér gedoe en getwijfel en gedrentel in de keuken. 
Maar dat zien we dan wanneer het zover is. Alles op zijn tijd, zei iemand zojuist.

m – HiH-10/2016, herwerkt -

Geschreven door maart om 00:00 Reageer op dit bericht

014. Russen in Egypte

dapper of roekeloos?

                               0_8e7fe_7a1b043c_XXL.jpeg

Een paar jonge Russen beklommen een Egyptische piramide, geraakten tot de top en
maakten daarboven een paar adembenemende foto’s, met een fonkelend stinkend Cairo op de achtergrond.
Was het driestheid? 
Want piramide-klimmen wordt er niet bepaald, eh … aangemoedigd. Integendeel.
Dus vastberaden kan men ze wel noemen, die jonge gasten.                   

                      0_8e7fd_7feb74f7_XXL.jpeg

En toén, toen zetten de snuggere jongens de foto’s op het Net.
Gewoon voor ’t geval het Egyptische gezag hen eventueel misschien zou willen arresteren …  
alle foto’s t/m n°10, daarover gaat het: http://raskalov-vit.livejournal.com/131308.html 
efkes kijken naar een particulier initiatief.

m  – EZW-10/2013, bijgewerkt

Geschreven door maart om 00:00 Reageer op dit bericht

013. vliegjes

fruitvliegjes >< eendagsvliegjes

'k Vroeg me af of fruitvliegjes eendagsvliegjes waren. Neen! zegt het Net. Het zijn twee verschillende beestjes.
De fruitvlieg heet voluit Drosophila melanogaster en heeft van ei tot einde een levensduur van 11 à 14 dagen.
                   
                                                


"Je laat een banaan iets te lang liggen op de fruitschaal en ineens zijn ze daar: fruitvliegjes.
Maar het zijn niet de vitamientjes waar ze op af komen; het is de alcohol in het overrijpe fruit."

een zeer korte, zeer duidelijke tekenfilm, klank aan :
https://www.youtube.com/watch?v=a04Y4oHikG0
01min14

De eendagsvlieg heet Hafte, (orde Ephemeroptera, eh, jawel!)

                                                Afbeeldingsresultaat voor eendagsvlieg

en zou als volgroeid insect een paar uren tot één dag leven.
Bomans beschreef dit al: Anna, het leven van een eendagsvlieg.

-----

Op het afdakje boven de keuken lag een ei.
Ach…. wat een klein eitje was dat!
Het was nog veel kleiner dan een speldeknop…

Net op dat moment ging het eitje open en kwam er een heel klein beestje naar buiten.
Een eendagsvlieg.

“Dit is een kostbare dag” zei Anna, want zo heette de eendagsvlieg,
“vandaag moet ik groot worden, mij verloven, trouwen, kinderen krijgen, en …..sterven.
Vanavond om acht uur moet alles gedaan zijn.
Ik voel mij wel een beetje moedeloos met zoveel dingen voor de boeg.
Maar wie niet waagt, die niet wint.”

Zij sloeg haar vleugeltjes uit en zweefde moedig over de zonnewijzer.
Hier kwam zij een nette heer tegen.
Hij was al wel wat oud, zeker een halve dag, maar hij zag er nog goed uit.
Anna vond hem zelfs knap.
En hij was zo discreet!

“Ach mejuffrouw….,” sprak hij haar aan.
Anna bloosde.
“Ik ben net geboren”, zei ze.
“Kom, kom, ” ging de heer wat ongeduldig verder,
“Wij moeten onze tijd niet verpraten, juffrouw. Ja of nee?”
“Ja,” fluisterde de kleine Anna.
Zij omhelsden elkaar vluchtig en wandelden wat tussen de andijvie.
“Is dit nu het huwelijk”? vroeg Anna.
“Ja, dit is het,” zei de heer, die Simon heette. “Het is nu half tien, ” zei hij.
Hij werd bleek en gaf Anna een kus.
Toen ging hij op zijn rugje liggen. Zijn pootjes in de lucht.
Hij was dood.

Anna was meer verbaasd dan bedroefd.
Het liefst had zij haar gezichtje in het zand gestopt en flink uitgehuild,
maar dit paste niet bij een vrouw van middelbare leeftijd.
Want dit was Anna nu geworden.
Zij was wat gegroeid en had een bredere kijk op het leven gekregen.
Zij stond hierover na te denken toen haar broertjes voorbijkwamen:
in de schaduw geboren, waren zij wat later op de wereld gekomen.
Anna bleef op een afstandje naar het uitkomen van de andere eieren kijken.
“Het leven,” sprak zij, “het leven, beste jongelui, is een snelle desillusie.
Tempo! Tempo! meer wordt er niet gevraagd."

Maar de kleine eendagsvliegen antwoordden niet eens.
Zij spreidden hun vleugeltjes uit en vlogen rechtstandig naar de zon.

Nu schepte Anna ook moed.
Ze sprong op en vloog over het duivenhok; daar ontmoette zij haar tweede man.
Hun kennismaking was zakelijk, romantiek was belachelijk op die leeftijd.

“Bent U al eens getrouwd geweest?”

Jawel,” antwoordde Anna, “het was een heel net huwelijk.
Maar hij is overleden. Het is al lang geleden.”
“Goed. Ben U in voor een tweede huwelijk”?
“Met wie?”, vroeg Anna.
“Met mij”.
“Oh jawel,” sprak Anna. En hiermee waren zij getrouwd.
Neen, korter kan het niet. En toch is dit een lange verkering voor een eendagsvlieg.

Was het een gelukkig huwelijk? Neen.
Zij vermoedde dat hij betrokken was bij een zwendel-affaire in miereneieren.
Maar er waren geen bewijzen.
Hij werd echter betrapt bij het smokkelen van een stukje paardemest en werd verbannen.
De wet is streng.
Anna treurde niet; zij legde een paar honderd eieren in de kelk van een primula
en liet zich toen drijven op de wind.
Hoger en hoger ging het. Het was zo zalig, dit zorgeloze drijven … 

Plots voelde Anna zich moe, heel moe.
Snel spreidde zij haar vleugels uit en daalde. Zou dit het einde zijn?
De tranen schoten haar in de ogen; zij dronk wat water uit een koolblad en dutte even in.
Toen zij wakker werd was de zon groot en rood.
Alle dingen in de tuin waren stil en oud geworden.
Ook Anna was een oude vrouw.
Zij liep langzaam over het koolblad heen en weer en ging toen op de rand zitten.
Van hier af kon zij de zon zien ondergaan.
Anna zuchtte, en staarde over de bladrand naar beneden, op het leven onder haar.
Slakjes, kevertjes, torretjes, van alles repte zich haastig voorbij, naar huis.
Het was een vallen en opstaan, klimmen en dalen, gedrang en beweeg.
Alleen Anna bewoog niet.
Zij was dood.

'Anna' van Godfried Bomans uit zijn boek Sprookjes, 1962 

m – HiH-10/2016 - https://nl.wikipedia.org/wiki/Bananenvlieg , https://nl.wikipedia.org/wiki/Haften , https://nl.wikipedia.org/wiki/Godfried_Bomans#Enkele_anekdotes

Geschreven door maart om 00:00 Reageer op dit bericht

012. succes & zweet

Wil je iets bereiken zal je er voor moeten werken,
want meestal geen succes zonder zweet. van P²

Persoonlijk zou ik in die  regel zetten : geen resultaat zonder zweet. 
Succes is in mijn ogen een vies woord geworden.
Ooit kon men een geslaagd resultaat een succes noemen.
Nu is het woord succes naar mijn gevoel gekaapt door de socialites.
Kardashian, Paris Hilton & consoorten hebben het woord succes besmet.
Daarom ben ik terug geschakeld naar het woord resultaat.

Ook al was dat curry-recept van LM een succes, ik kan het woord niet meer gebruiken en
ik gebruik resoluut 'resultaat'. De curry was lekker, dus : knap resultaat.
Uitbundiger dan dat doe ik voorlopig niet meer. Succes mag weg.

Daarom verander ik het Overdenksel voor mezelf : geen resultaat zonder zweet

Ow, wachtwa. Zweet?
Wij zijn senioren, waarom zouden wij ons nog in het zweet werken?
Dat is slecht voor de bloeddruk en gevaarlijk voor van alles en nog wat.
Niks van, geen denken aan. Inspanningen, tot daar aan toe.
Maar zweet? Tarára. Hoogstens het woord inspanning, geen resultaat zonder inspanning
 
Ziezo, nu kan ik mij verzoenen met de dag die moet komen.
m  – HiH-10/2015, bijgewerkt

Geschreven door maart om 00:00 Reageer op dit bericht

011. een diva

reglement >< principe ~ 2000, waarschijnlijk vroeger

We zaten op een vlucht met Air France, een korte vlucht,
het karretje met taksvrije koopwaar was pas voorbij en we gingen zo ongeveer landen.
Ineens een bekend aroma: tabak. Iemand had een sigaret aangestoken.
Twee rijen voor ons, aan de overkant van het gaaanpad, zag ik rook omhoog kringelen.
Zelf was ik ooit een verstokt rookster, maar waar roken niet mag, mag het niet. Simpel.

Roken in een vliegtuig mag al vele jaren niet meer. De hele wereld weet dat wel ondertussen.
Op welke planeet had dat uilskuiken al die jaren gewoond?
Ik rekte mijn hals om te kunnen zien wie de hooligan was die het rookverbod negeerde. 
Tot mijn verbazing was het geen jeugdige provocerende dwarskop maar
een dame tussen vijftig en zestig. Een elegante Française.
Iemand van wie men zou verwachten dat zij haar wereld wel kent.

De meeste passagiers had ondertussen het tabak aroma opgemerkt.
Er werden hoofden gedraaid en het werd stil in het vliegtuig. Heel stil. 
De stewardess kwam toegesneld en vroeg zeer beleefd aan de mevrouw of zij die sigaret wilde doven.
De mevrouw weigerde. Categoriek en uit de hoogte.

De stewardess zei iets over reglement.
De mevrouw wuifde dat weg met een elegant gebaartje en met het argument dat
zij, mademoiselle la stewardess, haar die sigaretten zojuist zélf verkocht had en
als Air France niet wil dat er aan boord gerookt wordt,
moet Air France maar geen sigaretten verkopen aan boord.
"Voilà. C'est par pricipe" besloot ze met een triomfantelijk lachje.

Nu ging het niet meer over wie gelijk had, maar over wie gelijk zou halen,
het Reglement of een zelfgewrochten Principe?
De situatie had de algemene belangstelling en de mevrouw beleefde daar zichtbaar genoegen aan.
De stewardess zat met de toestand verveeld. De mevrouw genoot.
De stewardess keek naar achter, in haar ogen duidelijk een vraag om versterking.

Een steward kwam haar te hulp en vroeg in nog hoffelijker bewoording aan
de mevrouw of zij haar sigaret wilde doven.
Weer een gedecideerde weigering.
En weer met het argument: als Air France niet wil dat er aan boord gerookt wordt
moet Air France geen sigaretten verkopen aan boord.
En vermits Air France wél sigaretten aan boord verkoopt,
mogen die sigaretten gerookt worden aan boord. Voilà. Simple n'est-ce pas!
"En wat denkt u nu te doen, mij buitenzetten?" voegde ze er met een superieur lachje aan toe.

De purser (chief-steward) kwam erbij.
"Mevrouw, u kan toch ook wachten met roken tot u het vliegtuig verlaten heeft" stelde hij glimlachend voor.
Nee, want die sigaretten waren haar AAN BOORD verkocht, dus zou zij roken AAN BOORD.

"En u vind, omdat u ze hier gekocht heeft, dat u hier ogenblikkelijk en ter plaatse moet roken?"
Já, dat vond zij, want dat sprak vanzelf!
En ze keek eens genadig rond alsof ze wel wist dat de rokers onder ons
haar in stilte bijvielen. Zij was immers onze woordvoerster.

"Mevrouw, zei de chief-steward iets luider - hij richtte zich nu tot het hele compartiment -
als u bij de apotheker een condoom koopt,
is het dan ook om het ogenblikkelijk en ter plaatste te gebruiken?"

Gelach - Geschater - Gebulder. En applaus.
De opmerking van de chief-steward werd naar voren en naar achter doorgegeven aan
degenen die te veraf zaten om ze gehoord te hebben.
Het gelach trok door het vliegtuig als een golf door een zwembad.
Hier ging de golf liggen en daar nam ze opnieuw een piek. En dan terug.
Hier opnieuw handgeklap. En ginder nóg eens!

De mevrouw - ineens véél minder hautain - doofde haar sigaret,
snauwde weinig elegant iets over ‘onbeschaamdheid’ en
ging verongelijkt het landen zitten bekijken.

Met dat kunstgreepje had de chief-steward had de situatie in orde gekregen.
Niet met redelijkheid, want de dame was van bij het begin al niet
van plan geweest naar rede te luisteren.

Bij het uitstappen kreeg het cabinepersoneel meer vriendelijke begroetingen dan anders,
een paar mensen staken hun duim op in het langsgaan en
de twee mensen vóór mij gaven de chief-steward een hand.
Op de loopbanden werd nog nagepraat.
Zelfs toen we bij de bagageband stonden werd het voorval nog besproken.
De mevrouw had nog steeds veel belangstelling.
Maar zo te zien was ze daar allang niet meer blij mee. 

Een mooie bontjas. Met daarin een eenzaam mensje.

m  - EZW-02/2004, HiH-10/2014, bijgewerkt

Geschreven door maart om 00:00 Reageer op dit bericht

010. krengetje ?

bladeren horen ritselen

De herfst maakt iets wakker in mij.
Het was in de kleuterschool en er lagen herfstbladeren, zoals nu.
Die bladeren konden ritselen.

In dezelfde klas zat een jongetje die een zus had
ergens in een hogere klas en dat meisje had een eigen springkoord.
Ik niet. Waarschijnlijk was ik nog te klein daarvoor.

Ik knuffelde en kuste dat broertje zowat plat tot hij hulp ging zoeken bij zijn zus.
Dan volgde ik hem aan een slip van zijn schort tot bij zijn zus.
Zij verloste haar broertje van mijn attenties door haar springtouw te lenen en ik
ging dan het touw door de herfstbladeren trekken omdat ik ze wou horen ritselen.

Eigenlijk was dat gekus puur stalking, gijzeling en afpersing tegelijkertijd. 
En toch hebben ze mij daar losgelaten.

Was ik toen een kreng? Tja, misschien wel hé. Dat ik toen al een jongeman van drie of vier achterna zat om
van zijn familie een afkoopprijs te bekomen … uitgekookt.

Zelf herinner ik me daar niks van, van dat kussen.
Enkel van het springtouw en de knotsen die ritselden in de bladeren. 

                               springtouw.JPG 

Op een dag kwam ik met het springkoord thuis.
Zoiets vroeg om uitleg natuurlijk. Niet terug gegeven na de speeltijd?
Mijn Ma en Zuster Jozefa hebben dan uitgevist van wie het touw was, en
hoe dat heeft kunnen gebeuren. Het verhaal dook jaren later soms nog op.

In de versie van mijn Ma was het sprinttouw de afkoopprijs, opdat ik het broertje met rust zou laten.
In mijn versie was het koord een beloning, omdat ik het broertje toch zoveel kusjes gaf.

Thuis gaf ik Tina ook veel kusjes. Dan was ik een lief meisje en kreeg ik een aai over mijn bol.
Waaruit volgt => kusjes geven is lief én => wie lief is mag met het springtouw door de bladeren ritselen.

Achteraf bekeken zal de versie van mijn ma wel de juiste zijn … soms hebben moeders gelijk hé.

m  – EZW-12/2012, HiH-10/2015 – foto = http://www.museumkontich.be/Sprokkels/ArmoeTroef.htm  

Geschreven door maart om 00:00 Reageer op dit bericht

009. formol

over de stank van haar eigengerechtigheid

Een practicum werd op school toen nog een praktijkles genoemd.
Voor onze klas stonden geen regelmatige praktijklessen op het programma.
We kregen wel les biologie in het biologielokaal, in 't biokot.

Daar stonden tussen twee glazen wanden, tussen het lokaal en de gang
een verzameling bokalen vol verbleekte dieren op 'sterk water', op formol.
De geur was er tamelijk uitgesproken, maar na een paar minuten merkte men die niet meer,
zoals we de zurige lucht van het scheikundelokaal ook niet meer merkten na de eerste 5 minuten.

Op een dag besloot de lerares biologie dat het toch tijd werd voor een illustratie
en ze kondigde de vivisectie van een kikker aan.
En dat we allemaal naar voren konden komen om te kijken wat en hoe.
Toen de kikker open gespeld lag en ik al die orgaantjes zag kloppen en doen
vroeg ik luidop : 'Waarom? Daar bestaan toch prenten over?
Met welk recht?Dit is iets gelijk die Mengele, dit soort dingen.'
Want ik had al eens iets gelezen over die geflipte kwiet zijn afgrijselijkheden tijdens WOII.

'Als het u niet aanstaat kunt gij het lokaal verlaten' deed ze hooghartig.
Wat ik letterlijk opvatte, wat ik zag als een toestemming en ik ging op de gang wat bekomen. 
'k Was opgelucht dat ik daar op de vensterbank kon gaan zitten
en dat het vensterglas koud was want ik voelde me heel flauwtjes.
Er begon iets te dagen.
Hoeveel vivisecties gebeuren er tijdens de opleiding van een leerkracht biologie?
Van alle leerkrachten biologie in België? Van alle leerkrachten biologie in de wereld?

Bij die gedachte voelde ik mijn bloed wegtrekken en werd ik misselijk.
Rennen naar de toiletten, ik heb het gehaald.
In het terugkomen kruiste ik de directrice die daar liep te wapperen.
Ze keek wel maar ze vroeg gelukkig niks. Dat mens kon ik er niet nog eens bij hebben.

Vanaf die dag werd ik al wee van de geur van het lokaal (formol).
Later ook bij het zien van de deur van het lokaal en uiteindelijk ook bij het zicht van de lerares zelf. 
Voer voor Pavlov was ik toen. 
Formol, gelukkig ben ik later dat product niet meer tegen gekomen.

m – HiH-10/2016 - https://nl.wikipedia.org/wiki/Formaldehyde , https://www.scientias.nl/dokter-jozef-mengele-de-engel-des-doods/, https://nl.wikipedia.org/wiki/Vivisectie

Geschreven door maart om 00:00 Reageer op dit bericht

008. de kaasplank

1986 (de pre-LM-periode)

Die kaptein was een beetje een elitair mens.
Zo’n heer met een zijden halsdoekje in de openstaande kraag van zijn hemd.
Hij voerde aan tafel conversaties over Florence en musea
en andere uitgelezen onderwerpen, een gesprek onder heren waardig.
Alleen waren zijn tafelgenoten niet zozeer heren die kwamen tafelen,
zij waren hardwerkende mannen die van hun maaltijd wilden genieten
want de maaltijd betekent vrije tijd en een moment van rust.
Eventueel wat loos gebabbel erbij, maar niet elke dag gesprekken over kunst en cultuur.

Bij momenten kwam er weinig reactie op de onderwerpen van de kaptein.
Soms stokte zijn monoloog en dan had ik oprecht medelijden met hem.
Hij moest niet op een vrachtschip varen, hij zou een cruisekaptein in de Middellandse zee moeten zijn.
Daar zou hij dan de tafelgasten onderhouden over Cartagena en Venetië.
Zo zag ik het, want over de kolenterminal in Tubarão waar we gingen lossen,
vallen weinig culturele weetjes te vertellen.

Op zondagavond werd er wijn geserveerd aan tafel.
Mijn eerste zondag aan boord was er witte wijn voorzien.
Ik vroeg aan de chef steward/kok waar ik de ijsemmers kon vinden.
Volgens hem waren er geen ijsemmers aan boord, hij had al eens gezocht.
Maar de flessen liggen sinds gisteren koud hoor, zei hij.
'k Kreeg de sleutel mee om in de locker te gaan zoeken, nee, in de rekken geen ijsemmer te vinden.
'k Ging de sleutel terug brengen en zei dat ik eens in het magazijn ging kijken,
misschien stonden ze daar? De chef dacht van niet maar ik kon altijd eens rondkijken.

Geen ijsemmers te zien, maar wat stond daar onderaan de rekken, zeevast gezet?
Een stapel witte lege haring-emmertjes! Die van 40 stuks. We waren gered.
Etiketten eraf, handvat eraf, een bord met serviette eronder, serviette erop en we hadden ijsemmers.

De kaptein was in de wolken met de ijsemmers en hij vond ze helemaal niet camping
want een plastic ijsemmer is nog altijd beter dan geen ijsemmer.
Toen hij ze op de tafel van de officieren ook zag staan, complimenteerde hij mij.
Zijn tafelgenoten zwegen en de dag erna vertelde de chef steward me vanwaar die donderwolken.
Ze vonden me een mouwveegster, met mijn ijsemmertjes.
Kermille.
Een mens doet moeite om de tafels wat afwerking te geven en dan is men een mouwveegster …?

Bleek dat 'die met zijn fijne manieren' al eens naar ijsemmers gevraagd had,
en die waren er niet,
en dan kom ik wat gedienstig doen met haring-emmertjes.
Mouwveegster dus. In scheepsjargon bestaan daar lelijker woorden voor, maar die zet ik hier niet.

Op donderdag werd er na het avondeten de kaasplank aangeboden.
Ik was bezig in de mess en de chef gaf de kaasplanken door,
een voor de officieren, een voor de kapteinstafel.
- Deze is voor de kapteinstafel, zei hij.
- Dat zie ik aan de hoeveelheden. Maar geen Hervekaas voor de kapteinstafel, klopt dat?
- Ja, dat is hier al wat geweest, zuchtte hij. Den ouwe wil geen Herve op de kaasplank, want Herve stinkt.
- En vinden die anderen dat ook ?
- Néé, de 1ste stuur en de chef mécanicien zijn zot van Herve. Dat is het juist.
  Maar den ouwe wil geen Herve op de plank zien.

Oelala, er gebeurde aan die tafel veel meer dan ik zag of kon merken.
Ik nam twee ondertassen, paste daarop twee glazen dessertkommetjes ondersteboven
en we hadden stolpjes. Dit model, maar dan ondersteboven :

                          Image 
- Wil de marco (marconist) ook Herve?
- Nee, die doet mee met den ouwe natuurlijk, dat ventje is de mouwveger van de kaptein.
- …. ? véél meer dan ik zag of ik kon merken.

We hadden twee kaasstolpjes, ik sneed een Hervekaasje in twee
en onder hun stolpjes zette ik de helften mee op de plank. De chef zag me doen.

- Daar trekt gij uw plan mee hoor. Ik wil geen ambras.

Toffe baas was die chef steward, ik stond er alleen voor met de Herve,
terwijl we voor reparaties van mankementen in zijn keuken en in de bewoning
toch eerder de chef mécanicien en de 1ste stuurman nodig hadden dan de kaptein.
Men kon dié twee mannen maar beter tevreden houden.

Na de hoofdschotel zette ik de kaasplank tussen de Marco en de kaptein
en werd de kaptein nu niet wat bleek boven zijn gentlemensjaaltje?

- Mevrouw … zei hij. Die kaas …
- Die kaas is afgedekt kaptein, stolpjes.

Ik nam de twee schoteltjes met stolpje van de plank en zette ze
naast het bord van de chef Mécanicien en van de 1ste stuur.
Hun gelaat lichtte op. Een glimlach tot achter hun oren.
En of er nog stokbrood was. Natúúrlijk was er nog stokbrood, hier is een extra mandje.

- Mevrouw …, -de kaptein weer, onze heer met smaak- vindt u niet dat Herve stinkt?

Hij sprak niemand aan met de voornaam, en aangezien ik geen rang had was het ‘mevrouw’.

- Nee kaptein, Herve heeft een aroma, heeft een uitgesproken geur. Stank is totaal iets anders.

Man, ik kuis een aantal toiletten aan boord, wilt ge écht weten wat ik stank noem?

De chef Mécanicien en de 1ste stuur aten met smaak hun eigen royale portie kaas.

Die dag was ik gered door het aroma / de geur van Herve.
Ik had er twee sterke bondgenoten bij én, voor de rest van mijn contractperiode
was ik van de smet van mouwveegster vanaf. Ook toen de voorraad Herve al lang op was.

m – HiH-10/2016, bijgewerkt

Geschreven door maart om 00:00 2 reacties Reageer op dit bericht

007. rolschaatsen

in de keuken sport men niet

Niet voetballen of basketten in huis. En ook niet rolschaatsen,
daar komen ongelukken van zoals : de tomaat die wou schansspringen …

                   skitchen

Hier nog zo ene die zijn leven beu is : een paprika op de rand van een rokende vulkaan!

                   skitchen

En nog ene: een eierkop op de rand van een geiser!

                  skitchen

Besluit, sporten doet men niét in de keuken.

m – EZW-10/2014, bijgewerkt – voor meer : http://www.benoitjammes.com/kitchen-skate

Geschreven door maart om 00:00 Reageer op dit bericht

Meer van 'een heel jaar maart?'

↑ Terug naar de berichten