Naar de inhoud

Actieve senioren

Leren, fun en fit
akke.beakke.be

Archief

Basiliek Koekelberg (Brussel) 100 jaar

 

De basiliek van Koekelberg viert in 2005 zijn honderdste verjaardag. Het was koning Leopold II (1835 – 1909) die op 12 oktober 1905 daarvoor de eerste steen legde op de heuvel van Koekelberg.
Hij wilde een tegenhanger laten bouwen van het Justitiepaleis. Hij had in zijn gedachten  een Sacré Coeur (Parijs) in Brussel. Hij wilde een zeer grote kerk. En zo geschiedde: Koekelberg is de 5de grootste kerk ter wereld. De basiliek van Sint - Pieter, la Basilica de San Pietro, is de grootste kerk van de christelijke wereld. Op de vloer staan de afmetingen van de andere grote kerken. Voor België is dit de basiliek van Koekelberg en de kathedraal van Antwerpen. 
http://users.pandora.be/siti4/Rome/s2.htm#a1

Het bouwen duurde lang, zeer lang. Het begin al met de funderingen: die werden pas

in 1909 gelegd. Na de dood van Leopold II (1909) waren er nog meer vertragingen..

De basiliek werd voltooid in 1970 ook dank zij de bedelacties bij de gelovigen.
Elke week trekt deze kerk nog een 600 tal gelovigen aan. De basiliek biedt onderdak in de kelders aan heel wat verenigingen en is zo een echt polyvalent gebouw. De eigenlijke naam van de basiliek is Nationale Basiliek van Heilig Hart.

De laatste jaren groeide de interesse voor dit meesterwerk van de art deco-architectuur.
De architect was Van huffel, een collega van Henry Van de Velde.

Afbeeldingen: typ Koekelberg in Google – Afbeeldingen.

Geschreven door siti4 - georges de corte om 15:15

Nat spreken zoals de Vesuvius

Zaterdagmiddag 15 oktober 2005: receptie voor een huwelijk in openlucht. Prachtig weer, plezante babbel, lekkere hapjes en drankjes. Ik discussieerde met mijn buurman met halfvolle mond. Ik zag dat er enkele moleculen van het hapje op het jasje van mijn gesprekspartner terecht kwamen. We kenden elkaar zodat ik dit vlug kon afvegen en met mijn excuses.
Een dame in ons groepje zei tegen me: Ja, dat is nat spreken. Ik had nog nooit gehoord van deze uitdrukking. Nat spreken in de betekenis van met speeksel in de mond spreken, zodat er soms wat ‘gespuugd’ wordt.

’s Avonds zocht ik dit op met Google. De oogst was eerder mager. Er stonden enkele verwijzingen, vooral in relatie met tandzorgen en overmatige speekselsecretie.
Toen ik dit later vertelde aan mijn schoonzoon, zei hij dat hij een leraar had die nat sprak. Hij had als bijnaam de Vesuve, van de vulkaan.
Hartelijk gelachen en ik kon antwoorden zonder nat te spreken.

 

Geschreven door siti4 - georges de corte om 14:01

Begraafplaatsen: D.O.M en R.I. P.

De afkorting D.O.M.zie je niet enkel op de likeur Bénédictine (zie vorige item), maar  vooral op de grafstenen in en naast de kerken.

De afkorting D.O.M. is voluit: Deo Optimo Maximo.Letterlijk: Naar God, de Beste, de Grootste. Dit betekent dat de afgestorvene nu (hopelijk) bij de heerlijkste opperste God is.
D.O.M. is minder populair en gekend dan R.I.P. = Requiescat In Pace. In de volksmond: recht in ’t putteke.
Een zeldzame keer zie je op de grafzerken Deo optimo spiritum dedit, vrij vertaald: Hij gaf aan God, de Allerhoogste, zijn geest.

Enkele afkortingen kennen, is de moeite waard als je graven bezoekt in de periode rond Allerheiligen – Allerzielen. Sommigen bezoeken begraafplaatsen uit interesse, om iets te leren over de voorbije tijd en over de personen die daar begraven zijn.
Begraafplaatsen behoren tot het cultureel erfgoed. Sommige graven zijn beschermde monumenten in een bepaalde regio. Een speciale stemming heerst op de soldatenkerkhoven.
Grafmonumenten van de farao’s en praalgraven behoren soms tot het werelderfgoed. Hoe en waar de mensen begraven werden, zijn belangrijke kenmerken in de studie van de evolutie van de mens.

Voor een overzicht van de letterafkortingen op begraafplaatsen: http://www.begraafplaats.org/info/clipart/symbolen/letteren.htm

Geschreven door siti4 - georges de corte om 08:57

Bénédictine en D.O.M.

Onlangs kreeg ik een zoet likeurtje: Bénédictine.

Dit was een tijdje geleden dat ik dit nog had gedronken. Als ik een zoete likeur koop, is dit meestal Elixir d'Anvers. Maar een ander likeurtje lust ik ook wel eens graag. Om te vergelijken.
Op de rondbuikige flessen Bénédictine prijkt de afkorting D.O.M. Ik vroeg me af waarvoor deze letters stonden. Nadien vlug opgezocht in Google. D.O.M. staat voor Deo Optima Maximo: aan de volmaakt goede en hoogste God. Wat had je van paters anders verwacht? D.O.M. zie je vooral op grafzerken binnen en buiten de kerken in onze streken. Daarover lees je meer in een volgende bijdrage.
Bénédictine bereidt men in het klooster te Fécamp (Normandië) vanaf het begin van de 16de eeuw. Het geheime recept (met kruiden….) wordt slechts aan drie mensen per periode door gegeven. Dit is ook het geval met Elixir d'Anvers.

Je kunt de productie van Bénédictine  bezoeken in Fécamp. Fécamp is een leuk stadje om in te wandelen en om er een dagje te logeren. http://www.fecamptourisme.com/
Documentatie: ga naar Google.
Envergeet ook niet Google - Afbeeldingen:typ Fécamp Bénédictine http://images.google.be/images?q=f%C3%A9camp+b%C3%A9n%C3%A9dictine&hl=nl&btnG=Afbeeldingen+zoeken

 

Geschreven door siti4 - georges de corte om 20:17

La drôle de guerre: De schemeroorlog in de Tweede Wereldoorlog

Heel wat herinneringen gaan terug naar de periode 1939 - 1945. Ouderen (volgens het besluit van de Vlaamse Regering van 2 september 2005 over de Vlaamse Ouderenraad zijn dat personen vanaf 60 jaar)  spreken van voor, tijdens en na de oorlog. Monumenten, herdenkingen en de media verwijzen naar die periode. Holocaust, atoombommen, leed en ontbering, concentratiekampen, collaboratie en verzet, moed, lafheid, berusting, overlevingsdrang… zijn er elementen van.

Af en toe las ik over la drôle de guerre. Ik wist dat die uitdrukking verband hield met de periode vlak voor de Duitse inval in België, Frankrijk, Nederland… maar hoe de vork precies aan de steel zat, had ik het raden naar.
Als digitale reddingsboeien gebruikte ik: Google en Wikipedia. In Wikipedia vond ik eerst een klein artikel in het Frans http://fr.wikipedia.org/wiki/Dr%C3%B4le_de_guerre dat die periode eenvoudig en duidelijk situeert. Eenvoud en duidelijkheid zijn, naast betrouwbaarheid, de belangrijkste kenmerken van deze vrije, digitale encyclopedie.

Het is de periode tussen 3 september 1939 met de oorlogsverklaring door Frankrijk en het Verenigd Koninkrijk aan Duitsland en 10 mei 1940 met de Duitse invallen in West-Europa.
Na wat surfen vond ik dat de Nederlandstalige editie van Wikipedia daarover ook een apart artikel had met als ingang schemeroorlog  (ik kende dit woord niet...) http://nl.wikipedia.org/wiki/Schemeroorlog

De Engelsen spraken van de Phony War (nep-oorlog), de Duitsers van de Sitzkrieg (zit-oorlog), de Fransen van drôle de guerre (schertsoorlog) en in het Pools dziwna wojna (rare oorlog).


De naam drôle de guerre werd gegeven door een Franse  journalist en verwees naar de troepen die in hun versterkingen (forten, bunkers, kazernes…) wachtten op het offensief dat moest komen en niet kwam. Er was een staat van oorlog maar de soldaten vochten niet. Ze dienden te wachten, eindeloos te wachten. De Fransen zaten in de ligne Maginot en de Duitsers in de Westwall of Siegfried – lijn. De propagandamachines waren volop bezig met Goebbels in Nazi-Duitsland en Giraudoux in Frankrijk.

Pas in 10 mei 1940 bij de Duitse invallen in West-Europa hield dit lange wachten op.


Voor afbeeldingen surf naar Google – Afbeeldingen en typ la drôle de guerre. Men zal je willen sturen naar un rôle de guerre maar gaat daar niet op in.


Voor een algemeen overzicht van de Tweede Wereldoorlog:
http://nl.wikipedia.org/wiki/Tweede_Wereldoorlog

Geschreven door siti4 - georges de corte om 09:46

Jan Van Rompaey 65 jaar en uitlachtelevisie

Nu ik ook 65 en op pensioen ben (aan de universiteit heet dit stijfdeftig emeritaat) ben ik gevoeliger worden voor mensen en BV’s die in dezelfde fase zijn. Zo bijvoorbeeld volgde ik een aantal interviews met  Jan Van Rompaey 65 jaar, de man van Echo, Superjan en binnenkort Lotgenoten.
In een interview in De Standaard (zaterdag 1 oktober 2005)  trof me zijn standpunt over ‘uitlachtelevisie’. (p.s. Google geeft 68 verwijzingen voor uitlachtelevisie).
Ik haal twee zinnen uit dit interview aan “Mensen worden in een fuik gelokt, waardoor ze meer van zichzelf prijsgeven dan ze eigenlijk willen. TV-makers gaan nu veel subtieler, zelfs perfider te werk om uitlachtelevisie te maken.”

Bij Jan Van Rompaey geen uitlachtelevisie, wel wat ironie en bovenal eerlijke beangstelling voor de gewone man.

Ik heb vaak gelachen met stukjes uit Echo en genoten van zijn live optredens. Af en toe leefde ik echt mee: mijn gevoelens en gedachten in interactie met Jan Van Rompaey en het publiek. Daarvoor hoefde ik niet te bellen of op een knop te drukken. Je kunt perfect meeleven en interactief zijn zonder dat er onmiddellijk antwoordpercentages op het scherm verschijnen. Want vaak geeft dit een valse indruk van objectiviteit. En ben je zo in de fuik gelokt van pseudo-objectiviteit.

Geschreven door siti4 - georges de corte om 10:01

Radio Veronica - Herinneringen

 

Onlangs kreeg ik een afscheidsviering op de Universiteit Antwerpen. De voorzitter van de UA, Prof. Dr. Alain Verschoren, speelde in op het thema van deze viering: Herinneringen, senioren en ouderen. Hij haalde herinneringen op aan Radio Veronica…

“Ik weet niet of sommigen onder u zich Radio Veronica nog herinneren? Radio Veronica was een commercieel radiostation dat tussen 1960 en 1974 op halflegale of halfillegale wijze vanuit de Noordzee uitzond, van op het schip “de Norderney”. Zonder zendvergunning, maar met een massa reclameboodschappen. Men noemde dat toen, in de jaren zestig en zeventig een piratenzender. Het jaar dat Radio Veronica door de Nederlandse wetgeving het verbod kreeg om nog verder uit te zenden, 1974, dat was toevallig ook het jaar dat ik zelf, als studentje, startte aan de toenmalige UIA (Universitaire Instelling Antwerpen - nu: Universiteit Antwerpen). Waarom vertel ik u dit? Wel omdat Radio Veronica al die jaren de slogan “Jong en Dynamisch” gebruikte om zichzelf te promoten, een slogan die ik, in dat verre 1974, eveneens perfect toepasbaar vond op de prille UIA. De UIA was toen een enorme voorloper binnen de universitaire wereld: Onderwijs in kleine groepen, keuzevakken bij de vleet (soms zelfs iets te veel), computerklassen, zelfstudie (begeleide zelfstudie, welteverstaan), papers (“werkjes”, zoals wij ze toen noemden), i.p.v. klassieke examens. net zoals permanente evaluatie en tal van alternatieve onderwijsvormen, die we thans allemaal aan het heruitvinden zijn.
Dat “Jong en Dynamisch” gold overigens des te meer voor het toenmalige Departement Didactiek en Kritiek” en hun lerarenopleiding: een team van jonge, enthousiaste professoren en in plaats van de 10 uur theorie en de 3 proeflessen elders (ik overdrijf misschien een heel klein beetje), kregen wij een echte, volledig uitgebouwde en onderbouwde opleiding, met als gevolg dat de beste leraren en leraressen in het Vlaamse land, en dat zal u niet verwonderen, bescheiden als we zijn, uit Antwerpen kwamen. 

…

Wat er ook van zij mag ik je hierbij, beste Georges, als afsluiter nog vele jonge en dynamische jaren toewensen. Het ga je goed.”

Geschreven door siti4 - georges de corte om 09:52

Dorpsleven: Bezzen, pruimtabak en snuif

Mathilde 64 jaar:

Leren op school gebeurde met vraag en antwoord. Zo bijvoorbeeld:
'Hoeveel inwoners telt ons dorp?' Voor mijn toekomstige man van hetzelfde dorp was het juiste antwoord: 'Ruim 900'. . Ik was enkele jaren jonger en ons antwoord was: ' Bijna 1000'.
Het woord 'ruim' heeft een enorme indruk op mijn man nagelaten. 'Bijna’ vond ik ook zo'n indrukwekkend woord. Beide woorden klonken wel mooi en geleerd.

In mijn dorp was er een sfeer van verbondenheid. De beste illustratie daarvan was het 'bezzen': (buurten)  in de zomerse dagen. De mensen, eigenlijk de mannen, kwamen 's avonds bij elkaar zitten buurten ergens tegen een gevel van een huis. Ze zaten op hun hukken, op de grond of de verharde stoep als die er was, sommigen hadden hun stoel bij.
Zo was dit aan ons huis. Ze babbelden over alles en nog wat. De dorpspolitiek werd er uiteen gedaan en alle nieuwtjes van het dorp kwamen er te berde. Ze vertelden de belevenissen van de dag.
Eens de TV de huiskamer is binnengekomen, is dat soort buurten verdwenen met het gevolg dat er een aardig stukje spontaan sociaal contact verloren is gegaan.

In ons dorp snoven sommige oudere vrouwen. Dit verminderde heel sterk omdat de jongere vrouwen dit maar vies vonden. Door de snuif liep je er vaak bij met een bruine neus.
Mannen pruimden vaak: ze kauwden op speciaal geprepareerde tabak, de pruimtabak. Geregeld spiekten ze dan een straal bruin sap uit. Als kind vonden we dit vies. Wat nog viezer was dat ze de sjiek spaarden door ze te plakken op een kale plek op hun hoofd. 
We hadden op het dorp een pastoor die tijdens de mis vaak begon te snuiven. Ze noemden hem dan ook Pastoor Snuif.

Geschreven door siti4 - georges de corte om 09:11

Kinderspelen

Herman 71 jaar:

Ik bracht mijn jeugd door in een dorpje in de Kempen. We speelden van 's morgens tot 's avonds buiten, heel het dorp rond. Onze kinderspelen waren onschuldig: zeepbellen blazen, een vlieger oplaten, ... We hadden geen gesofistikeerd speelgoed.
Daarnaast speelden we deugnietje: belletje trek, blaaspijpen met vliertakken. Spannend was eksters of kauwen vangen en ze leren spreken, vogeleitjes roven uit nesten, portemonnee trek: een klein zwart portemonneetje op de grond leggen met eraan een touwtje onder zand. Wij zaten achter een struik om het vlug naar ons te trekken als iemand het wilde oprapen.

In de tijd van Driekoningen deden we aan sterzingen, en in bietenoogst zochten we grote bieten uit waarvan we het vruchtvlees uithaalden en er een kaarsje instaken?. 's Avonds liepen we ermee rond, of we plaatsten die op de vensterbank om wat schrik aan te jagen.
In de oorlog speelden we 'oorlogje': marcheren, schieten naar elkaar; bombarderen. Of we speelden 'paardenkeuring'. De Duitsers keurden de paarden in onze streek: de sterkste werden opgevorderd. Dat speelden we na. We speelden ook graag 'oorlog'. We marcheerden dan door het dorp, zingend of we verdeelden ons in twee kampen en vochten met stokken als geweren; wie aangeraakt werd was dood.

Plezant dat dàt allemaal was.
Geschreven door siti4 - georges de corte om 09:02

De vlucht: WO II


In de 1939 was er een speciale stemming thuis. België had gemobiliseerd: mannen werden opgeroepen naar de kazernes. De jongeren vanaf 16 jaar dienden te vertrekken naar Engeland  om opgeleid te worden tot soldaat. en de tegenaanval op de Nazi-duitsers te voeren. Veel van onze jongens zijn naar Zuid-Frankrijk vertrokken en zijn ingescheept naar Engeland. Engeland was toen al in oorlog met Duitsland. Maar Duitse legervliegtuigen voerden vanaf bepaald moment bombardementen uit op  deze boten.  Bij ons thuis in de Antwerpse Kempen logeerden twee Belgische soldaten uit het verre West-Vlaanderen, van Roeselare, twee broers, zonen van een rijke boer. Ze vertelden ons dat we dit een veilig oord was, veiliger dan onze streek.en dat we gerust naar hen mochten komen. Ze hadden nog een huisje leeg staan. Mijn ouders luisterden aandachtig en toen viel het grote, vreemde woord: de vlucht. Mijn vader, een groothandelaar, besloot op de vlucht te gaan. Moeder deelde het ons mee, ik weet nog goed waar precies in de keuken. Als jongetje van vijf flitste  De vlucht naar Egypte door mijn hoofd. Ik kon niet vermoeden wat de vlucht van mijn ouders betekende. Het werd me langzaam duidelijk: mensen gingen lopen (vluchten) voor 'den Duits', naar Vlaanderen, naar Frankrijk.  
Wij vluchten met een gehuurde vrachtwagen met heel ons hebben en houden naar Roeselare. Moeder laadde nog enkele Ardeense hespen (hammen) in. Onderweg passeerden wij de vluchtelingen, de meesten met kar en paard, anderen per fiets of te voet. Allemaal richting Frankrijk.  
In Roeselare 'installeerden' we ons in het huisje van boer De Dobbelaere. Vader bleef echter niet, hij reed 's anderendaags terug om op het huis en zijn groothandel te passen. Maar ons Kempisch dorp lag nooit in de gevarenzone: geen bombardementen, geen
gevechten. In het 'veilige' Roeselare was het wat anders. Daar zaten we in het volle gevaar. De Duitsers bombardeerden enkele fabrieken. En wij 's nachts het huis uit, in volle vlakte zouden we veiliger zijn.
Na een tijd keerden we terug naar huis. De oorlog was volop bezig zijn, de Duitsers hadden het land bezet.
Als jongetje vond ik de oorlog spannend en niet zo gevaarlijk. Het moment dat me het meest schrik aanjoeg was toe de Duitsers  onze buurman Janneke (Jeanke) op straat aanhielden. Ze aanzagen hem als een jood. Janneke was klein van gestalte, liep wat gebogen met kromme rug en had een lange baard. Mijn vader kwam tussen en kon de Duitsers overtuigen dat hij geen Jood was. Jannekes leven was gered!
(Herman W., 71 jaar).



Geschreven door siti4 - georges de corte om 08:38

Meer van Actieve senioren

↑ Terug naar de berichten