Van toen naar nu - 11


4 augustus 1914
De Duitse troepen vallen België binnen.
Het Belgische nationale gevoel kent een geweldige opflakkering. De Vlaamsgezinden doen in patriottische vervoering niet onder voor de rest van de Belgische bevolking. Het land wordt snel voor het grootste deel bezet. Het Belgische leger trekt zich terug achter de IJzer, waar het tot het einde van de oorlog standhoudt aan de zijde van de geallieerden (o.a. Frankrijk en Groot-Brittannië). De regering vestigt zich achter het front in Le Havre. Koning Albert I verblijft op het stukje onbezet België, in De Panne.
Aanvankelijk zijn alle Belgen het erover eens dat de vooroorlogse twisten moeten wijken voor een samenwerking tegen de Duitse invaller. Deze 'godsvrede' kan niet beletten dat de V.B. al gauw voor onenigheid zorgt. In het bezette land collaboreert een groep Vlaamsgezinden, de 'activisten', met de Duitse bezetter. Aan het front wordt een overwegend Vlaamse legermacht bevolen door een vooral Franstalig officierenkorps, een spiegel van de toenmalige verhoudingen in de Belgische maatschappij. Tegen deze toestand protesteert de Frontbeweging, een groep Vlaamsgezinden, hoofdzakelijk intellectuelen, in het leger. Doordat haar taalklachten nauwelijks gehoor vinden bij de autoriteiten radicaliseert ze en wordt ‘zelfbestuur’ voor Vlaanderen een centrale eis. Zowel aan het front als in het bezette land en in Nederland manifesteren zich Vlaamsgezinden voor wie trouw aan het Belgische staatsverband prioritair is, ondanks hun taalgrieven. Omdat deze aan België loyale Vlaamsgezinden elke samenwerking met de bezetter afwijzen worden ze door hun activistische tegenstanders smalend ‘passivisten’ genoemd.
23 september 1914
Het Duitse burgerlijke bezettingsbestuur, het Generaal-Gouvernement, treedt in functie.
Het is verantwoordelijk voor heel bezet België, met uitzondering van Oost- en West-Vlaanderen dat als frontzone onder rechtstreeks Duits militair bestuur valt.
In de Duitse strategie neemt België een sleutelpositie in. De oorlogsdoelen van de bezetter variëren van annexatie (vooral populair in Duitse legerkringen) tot het verwerven van een blijvende dominante positie in de Belgische staat in geval een compromisvrede via overleg bereikt zou worden (vooral bij het burgerlijke bezettingsbestuur).
Van meet af aan wordt naast deze Belgienpolitik ook een Flamenpolitik gevoerd. De Duitse Rijkskanselier Theobald von Bethmann-Hollweg tekent hiervoor de beleidslijnen uit. Met de Flamenpolitik hoopt de Duitse bezetter de Nederlandssprekende bevolking in België los te weken uit het Belgische staatsverband en aan het Duitse keizerrijk te binden, o.a. door in te spelen op een aantal radicale vooroorlogse Vlaamse eisen zoals de vernederlandsing van de Gentse universiteit en de uitbreiding van de taalwetgeving. De uitvoering van deze politiek is in handen van Moritz von Bissing, Generaal-gouverneur van België. Hij kan rekenen op de steun en hulp van met de Duitsers collaborerende Vlamingen, de activisten.
24 oktober 1914
De anti-Belgische actiegroep Jong Vlaanderen komt in Gent voor het eerst officieel bijeen.
In een geheime beginselverklaring van 27 oktober eist Jong Vlaanderen onder meer de afschaffing van de Belgische staat, de oprichting van het Koninkrijk Vlaanderen, een economische en militaire band met Duitsland, de vorming van een Vlaams leger en de annexatie van Frans-Vlaanderen. Hiervoor hoopt zij op een Duitse overwinning. Dit pro-Duitse standpunt leidt snel tot spanningen, o.a. rond het redactionele beleid van het blad De Vlaamsche Post. In de zomer van 1915 komt het tot een definitieve breuk tussen de radicalen en de gematigden, die de redactie verlaten. De Vlaamsche Post, financieel gesteund door de Duitsers, gaat in mei 1916 ter ziele.
31 december 1914
Het eerste nummer van het dagblad Ons Vaderland rolt in Calais van de persen en wordt onder de soldaten verspreid.
Vanaf eind mei 1915 nemen een aantal radicale Vlaamsgezinden de redactie in handen en vanaf september 1916 wordt Ons Vaderland het officieuze orgaan van de Frontbeweging. Het blad stuit door zijn Vlaams-radicale houding op heel wat tegenwerking vanwege de officiële Belgische instanties. Prominente medewerkers zijn Hendrik Borginon, Jules Callewaert, Frans Daels, Adiel Debeuckelaere, Filip de Pillecyn, Cyriel Verschaeve.
Nieuwe Encyclopedie van de Vlaamse Beweging






















3 reacties op dit bericht
sorry: 't stond er niet allemaal op!
....een kentering in de goeie zin zullen meemaken, laat ons hopen…..
Het Iepers Sint Maartensfeest!!!
Met vol verwachting kloppende hartjes troonden mijn kleinkindjes mij mee naar de Grote Markt in Ieper!
Het eerste wat ik deed was loeren welke vlaggen het Belfort en de hallen versierden!
Dat ik naast de driekleurige vod eveneens toch onze Leeuwenvlag zou zien wapperen, maar van een Vlaamse Leeuwenvlag was niets te bespeuren, zoals ieder jaar!
Sint Maarten was een alom gekend oud Vlaams gebeuren, gepaard aan feestelijke klanken en glunderende kindergezichtjes! Maar onder het geschal en het produceren van verkrachte Sinterklaasliedjes - onder leiding van…? - op een podium zo donker als roet en helemaal niet versierd, moest de Sint tenslotte zijn beurt afwachten tot een rondbollige schepen van ondefinieerbare afkomst zijn ellenlange speech had afgestoken, en zelfs al over de crisis begon te leuteren.
De Sint was zichtbaar inwendig aan ‘ vergaan van ongeduld ‘om op zíjn beurt ook een nietszeggende rede af te steken!
Veel begrijpen kon men er niet van, want blijkbaar was de geluidsinstallatie ook aan vernieuwing toe, crisis nietwaar?!!
Ik herinner mij nog van in mijn kindertijd, hoe het Sint Maartenfeest een gebeuren was waarover weken voordien al gemijmerd en gespeculeerd werd!
Maar van een feest is jaar na jaar helemaal niets meer te bespeuren, enkel één massa volk komt routinematig af op een feestgebeuren dat er geen is!
Ik was en ben woest dat een Vlaamse stad als Ieper, tijdens een Vlaams feest als het legendarische Sint Maartensfeest, het niet eens de moeite vond/ vindt om de Leeuwenvlag buiten te hangen!!
Ik moest noodgedwongen meerdere pogingen wagen om náást de oerlelijke driekleurige vod dat dit apenland ‘siert’ weg te kijken, en gelukkig trokken mijn kleinkindjes mijn aandacht.
Vlamingen van het zuiverste bloed: jullie/wij zullen nog héél erg hard moeten vechten tegen de ‘belgische bierkaai’, tegen de graaiers en de profiteurs, zoals er in Ieper óók veel rondlopen, en dit al decennia lang!!! Een franskiljonse stad die ik reeds als kind nooit anders heb gekend.
Met franstalige opschriften bij de bakker en de slager en dies meer, waar je niet onderdoor kon, omdat Ieper géén Vlaamse stad is, maar een allegaartje van tjeven en andere Vlaminghaters!
Beste oprechte Vlamingen, er is nog héél veel werk aan de winkel, en ik vrees dat enkel onze kinderen en kleinkinderen een kenteringhttp://www.hetvrijevolk.com/index.php?pagina=9653