Column Hugo Camps: Fusie
Ik heb Geert Wilders vaker op een terras in Antwerpen zien zitten. De ene keer is de Mozartkop net iets meer gebleekt dan de andere keer, maar aan de vouw in de broek verandert niets. En aan zijn bruingespikkelde diplomatenschoenen ook niet. De domste schoenen die ik ken: stiksels in de punt. Je ziet hem zitten en je denkt: doe mij maar Fred Bervoets, in zijn eeuwige plunje.
Natuurlijk spreek ik Wilders niet aan, waarom zou ik? Een gecoiffeerde darm kan niet taalgevoelig zijn. Over inhoud kun je het met deze dorpsgek sowieso niet hebben. Dan nog liever Jean-Marie Dedecker: ook schijthuis bij geboorte, maar hij kan tenminste eten.
Wilders droomt nu van een fusie tussen Vlaanderen en Nederland. Hij zegt het zo: "Gebruik het momentum. Vlamingen en Walen zijn elkaar zat. Wij, Nederlanders, hebben meer gemeen met de Vlamingen dan Vlamingen met Walen." Fusioneren, die handel. "Dan hebben we er nog een haven bij: Antwerpen."
Havens zijn fusioneerbaar, maar verwantschap? Volksaard? Koninginnedag? Ajax en Germinal? Bloedworst en saté? De ijdelste filosoof der filosofen, Etienne Vermeersch, heeft daar geen probleem mee. Etienne wil van de Walen af. Waarom denk je? Hij heeft er genoeg van intellectueel grensgeval te blijven. Hij wil wel eens van Europa zijn, toch van Benelux. Karel De Gucht achterna, maar dan met citaten.
De grens in Wuustwezel is een definitieve grens. Er is geen ontkomen aan. Ineens worden auto's fietsen, ineens verschrompelen villa's tot rijtjeshuis. Van filet americain naar bami goreng: wie kan dat opbrengen in één mensenleven? Tussen Claus en Mulisch ligt een autostrade, met tolpoorten van taal en liefde.
Allicht wordt zelfs Wilders ooit islammoe. En: de Europese verkiezingen komen eraan. Dan moet je toch een boodschap hebben voor Brasschaat-Nederlanders. Een soort institutionele verwantschap kunnen suggereren.
Brasschaat: het laatste IJzeren Gordijn.
Hugo Camps
© 2008 De Persgroep Publishing - De Morgen
************************************************************************************************************************
Column Savat van Angeltjes : Fusie
Ik heb Hugo Camps eenmaal meegemaakt in een restaurant te Brussel vele jaren geleden. Toen hij nog net geen hoofdredacteur was van het Belang van Limburg. Hij was op de versiertoer met een van die dames die hun netten bij voorkeur uitwerpen in de Wetstraat en omgeving ; vermoedelijk zat hij hier met een gedumpt exemplaar van Van den Boeynants, dat verblind door woede het eerste het beste mannelijk exemplaar aan haar haak had geslagen. Tweemaal pech dus voor het vrouwtje want Camps op vrijersvoeten is als het verdriet van de dinosaurus als de prooi gaan lopen is. Doe mij maar Eddy Merckx, tegen zijn zin in een vies bordeel.
Natuurlijk sprak ik Camps niet aan, waarom zou ik ? Tussen zijn treurige, misnoegde plooien zag ik zijn oren niet. En mijn taal zou hem niet bevallen : ik spreek normaal Nederlands (met een Antwerpse tongval natuurlijk) en Hugo drukte zich uit in Parmantig Hoogfrans dat kreunde onder de Limburgse notenbalken en doorspekt was met heu’s en haa’s, die jammer genoeg geen voortekenen waren van het biologische spel dat Camps beoogde. De dumpsloerie leek totaal niet onder de indruk van wat zich tegenover haar aan tafel bevond.
Camps kon niet verbergen dat hij aandrong op een fusie tussen het eigen schonkige lijf en de dartele vormen van het vrouwtje. Fusie en seks kan je overal bekomen, maar echte liefde ? Na de nachtmerrie met Camps in de slaapkamer, wacht je het ijselijke ontwaken : wat bevindt zich tussen de verborgen huidplooien bij die man, wat beklagenswaardig gezeur staat je verder te wachten ? En vooral die slepende taal.
Tot de ober richtte Hugo zich natuurlijk ook in het Frans, zoals het een onderdanige jongen uit het bronsgroene eikenhoutgebied past. De man diende onbewogen op, zo’n ober maakt veel mee en stellen die compleet niet bijeen horen, komen zich vaker warm eten om toch iets aan die avond over te houden.
Of de door de plooienman zo driftig begeerde fusie heeft plaatsgevonden, kan mij geen barst schelen. Ik hoop voor hem het beste op dat vlak, want waarom niet genereus zijn voor een medemens die het zwaar heeft in dit leven ? Het moet een ramp zijn in deze wereld Hugo Camps te heten, gezegend te zijn met een groot schrijverstalent en de instelling van een kettinghond te bezitten.
Als deze beschaving tot stilstand komt, zullen de nazaten van Hugo trots mogen beweren : "Onze voorvader heeft er het zijne toe bijgedragen. Kom, het is tijd voor het vrijdaggebed".
Savat van Angeltjes
@ 2008 - La vie en rose
2 reacties op dit bericht
In de forums van DS...
En dan maar mekkeren over de kwaliteitskrant De Standaard, de dienares van de onvervalste en onverdunde democratie. Een bende godeverdomde dhimmis is het, meer niet.
PoCo-gazet De Standaard censureert