Zoektocht naar nietaparaten
verschijnen de eerste exemplaren die om kunnen gaan met een rij van voorgebogen nietjes. De eerste reeks
wordt gelijmd op karton - tegenwoordig zijn ze aan elkaar gelijmd-, maar dat blijkt niet handig omdat het karton
snel beschadigd raakt en de nietjes dubbelslaan. Een metalen kern die nietjes op zijn plaats houdt, kent dat
probleem niet , maar de kracht die de hamer nodig heeft om er een af te breken wordt door weinig mensen
gehaald.
Vanaf 1914 dringen nietapparaten langzaam maar zeker door in het dagelijks kantoorleven. In de beginperiode
kijkt niemand ervan op als er per 500 werknemers maar èèn apparaat beschikbaar is, maar dat verandert snel,
zeker als in 1923 de gelijmde nietjesreeksen hun intrede doen. Ook mechanische verbeteringen verhogen de
populariteit. Sinds 1930 hebben geen ingrijpende wijzigingen meer plaatsgehad. In dat jaar komt een niet-
machine op de markt die aan de bovenkant open kan, zodat het gemakkkelijk is de nietjesreeks erin te laten
glijden. Tot die tijd slingert de ongebruikte rij achter het apparaat aan.





















