Lier blijft MIJN stad


Voila, dat was het dan. Zondag is er een definitief einde
gekomen aan alle Lierse activiteiten in
verenigingen waar ik mee samengewerkt heb.
Het sportieve luik van Lier 800 (http://www.lier800.be/pages/programma_opening_zondag.php)
was mijn laatste stuiptrekking dat uit
mijn al te kleine hersenpan is ontsproten. Gedurende 15 jaar heb ik mijn
uiterste best gedaan om mijn stad en zij die er wonen te pLezIERen.
Bij AC Lyra (http://www.aclyra.com/)
heb ik, buiten het trainen en motiveren van een hele hoop lopende
medemensen, mijn gangen mogen gaan in
het organiseren van enkele sportieve manifestatie. De bekendste zijn de
“natuurlopen” die voor eeuwig en
altijd mijn mooiste geesteskind zal blijven. Mijn jeugdinitiatief om kinderen
de kans te geven om op woensdagnamiddag van verschillende sporten te proeven,
met de ongelooflijke medewerking van onze meter Tia Hellebaut en onze peter Rik
Ceulemans, was absoluut een 2de hoogtepunt. Spijtig genoeg na één seizoen
moeten opbergen wegens te grote moeilijkheden met mijn gezondheid.
Sportinitiatie geven na een dagje chemo is niet vol te houden.
Ik heb mee aan de wieg gestaan bij de oprichting van de
Lierse
“Fietsersbond”. En ondanks dat niet alle schepenen ons welgezind waren
hebben we toch gedeeltelijk bereikt waar we naartoe willen, nl. de fietser zijn
plaats geven in het Lierse stadsbeeld. Sinds deze legislatuur mochten we zelfs
deel uitmaken van de mobiliteitscommissie, waar het me opviel dat enkelen het
voor het zeggen hadden en niet altijd even open stonden voor kritiek. Maar dat
is misschien eigen aan de mensheid, ieder van ons heeft wel een deel van de
waarheid in pacht.
12 jaar “sportraad” daar kijk ik met een ongelooflijke
voldoening op terug. Een voorzitter en een sportfunctionaris die me steeds
steunden als ik met een nieuw initiatief op de proppen kwam. En ja dat waren er
wel wat. Het tot stand brengen van een dialoog tussen sportraad en
stadsbestuur, alhoewel de meesten ons niet echt een warm hard toe droegen. Het
installeren van onze beide “natuurlooppaden”, waar we de eersten in de
provincie waren en onze schepen me verplichte een interview voor tv te geven.
De sportbeurzen
om de 2 jaar die
ondanks alle moeilijkheden toch tot een gekende, sportieve manifestatie
uitgroeiden. Meewerken aan het bekend maken van onze eigenste sporters door de
organisatie van de
“Nacht van de sport” . Door allerhande eigen
initiatieven zeven maal op het podium gestaan als genomineerde voor de
recreatieve sportprijs van onze stad (en 5-voudig winnaar). Als Liers
bestuurslid terecht gekomen in de provinciale sportraad, maar dat is
één van de weinige vergissingen die ik begaan heb. Deze raad wordt bestuurd
door enkelingen en de rest mag zijn mond eens opendoen maar de belangrijke
beslissingen zijn ondertussen al lang getroffen.
Eén persoonlijk minpuntje de persprijs van de stad die heb ik ondanks alles nooit in mijn handen gehad, maar dit is louter persoonlijk, een beetje arrogant egoïsme is me wel toegestaan.
Mijn ziekte (lymfeklierkanker) heeft me gemotiveerd om
enkele initiatieven
in deze stad te
verwezenlijken, om mensen dichter bij de zaak te betrekken en om er voor uit te
komen dat dit geen ver-van-mijn-bedshow is maar iets waar vroeg of laat ieder
van ons mee geconfronteerd wordt.
Onze jaarlijkse ontbijtjogging (dit jaar nog 152 eters) en mijn éénmalig project “Kunst tegen kanker” hebben me de maatschappij van een andere zijde laten zien. Ja er zijn nog vele mensen die fantastische goed bedoelingen hebben.
En dan de politiek… . Nog nooit aan politiek gedaan en
plots lijsttrekker (bij de vorige gemeenteraadsverkiezingen) worden van de Groene
partij. Het werd een afknapper (niemand van Groen in de gemeenteraad) maar
eentje waar ik met veel plezier op terugkijk. Dan voorzitter
geworden en getracht,
en ik denk ook gelukt, om onze partij op de Lierse kaart te houden. Zeer
frequent kwamen Lierenaars
met hun problemen bij
mij terecht. En steeds heb ik de moeite gedaan om een oplossing te vinden. Tot
men ons van bovenaf (in Brussel, hoeveel keren heb ik rond de tafel gezeten om
tot een oplossing te komen???) verplichte samen te werken met mensen die ik
eigenlijk niet echt kende en mij ook niet als Groen overkwamen. En het meest
frappante was uiteindelijk toen ik ontslag nam hadden we plots een Groene
schepen en was de samenwerking met Sp.a geregeld (iets waar ik persoonlijk
grandioos tegen was, wel met mensen van Sp.a in alle vriendschap rond de tafel
gezeten). Ik moet eerlijk toegeven dat
heeft me geraakt en dat is uiteindelijk ook de hoofd reden geworden waarom ik
in mijn stad met AL mijn activiteiten gestopt ben.
Lier 800 was de kers op de taart, ik zal niemand meer in de weg lopen maar ik zal steeds kritisch blijven toekijken hoe het er in mijn stad aan toe gaat.
Dat er commentaar zal komen daar ben ik me terdege bewust van maar enkel zij die het beter gedaan hebben mogen die leveren. Er zijn volgens mijn zeer bescheiden mening veel gemeenteraadsleden die minder voor onze stad gedaan hebben dan ik.
Ooit sprak een wat oudere man (die ik niet kende) me aan en zei Rony jij staat meer in de krant dan onze burgemeester en het is altijd met positief nieuws.
Voila daar heb ik het 15 jaar voor gedaan.
Het waren 15 fantastische jaren en ik wens al mijn opvolgers veel succes en ik
BEDANK IEDEREEN WAAR IK GEDURENDE AL DEZE JAREN HEB MOGEN MEE SAMENWERKEN.
Val ik nu in het zogenaamde zwarte gat neen belange niet. In mijn, zoals bovenaan vermeld, al te kleine hersenpan zitten nog wel wat uit te werken ideeën. En ik ben ondertussen provinciaal voorzitter van GroenPlus (de 55-plussers) en ook daar heb ik al enkele succesvolle initiatieven achter de rug.
Met mijn eigen sportieve prestaties gaat het niet goed maar ik heb mijn hart verpand aan mijn “Lotgenoten Vlaanderen” en binnen enkele weken lopen we alweer van Parijs naar Rotterdam voor het goede doel.
Groetjes aan iedereen en een duveltje gaan drinken met
mij is altijd mogelijk.
Een interview uit 2008 


(
was voor de bezoekers geopend en de kist
van St. Gummarus staat nu permanent tentoongesteld onder een glazen stolp.


wij terug de wagen in en op weg naar Andenne waar we onze stop- en kijkplaatsen hadden uitgekozen. Onderweg aan belgisisme gedaan, een waals fritje met een vlaams pintje verorberd, was wel lekker.
onze wagen neergezet en een halfuurtje later waren de renners in aantocht. Twee voorop, dan nog eentje en dan de ganse meute in een stevig tempo met de ganse Lotto-ploeg voorop (waarom begrijp ik niet met nog 84 km te rijden maar ja...). Ondertussen kennisgemaakt met één van de kinesisten van de
BMC-ploeg, in het Engels, bleek dat deze heer een doodgewone Vlaming was. Belachelijk natuurlijk. Terug de wagen in voor een doorsteekje van 1,5km naar de Cote de Grogne. Zelfde verhaal 2, 1 en de ganse bende. Na de doortocht van de ganse karavaan, wat zijn al die chauffeurs gekken achter hun stuur, zij denken dat ze alleen op wereld zijn, de auto in en naar Andenne. Een Waalse kroeg opgezocht en de laatste 25 km op tv gevolgd. Met een duveltje en een trappistje wat moet een mens nog meer.







(


voor onze allereerste babyborrel. Wijn, cava niet voor mij maar een fris pintje mocht ook. En hier waren wel voldoende hapjes (plus nog taart). 
want anders had ik misschien nog aan het zoeken geweest waar mijn trein eigenlijk zou vertrekken. Veel succes aan de mensen die toch op zoek zijn gegaan.

Zaterdag gaf Groen! aan iedereen een "Buitenkans" (
