ik zag je met haar
Ik zag je met háár
en voor het eerst zag ik haar gezicht,
ik kende haar wel van fotos
en ik zag eens vluchtig haar gestalte,
maar ik zag haar niet eerder in het gezicht.
Ze kijkt ongelukkig en ontevreden,
ondanks dat ze bij joú is.
Ik weet heel zeker, dat ik, alle malen
dat ik naast jou liep, straalde van geluk,
zelfs die keer dat we in de kou over de markt liepen
en ook de keer dat we het ongemakkelijke modderpad
door de duinen bewandelden.
Voor haar doe jij er niet toe, haar maak jij niet gelukkig.
Als je mij mee uit fietsen zou nemen,
zou ik heel de weg naast je strálen,
van geluk en dankbaarheid, dat je met mij ging fietsen
op een mooie dag.......... ik zou strálen van geluk.
Zij fietste naast jou en ze was ongelukkig.
Voor haar doe jij er niet toe.............
Dammie

