Als ik de LIEFDE niet had...
Al had ik de gave om te profeteren en doorgrondde ik alle geheimen, al bezat ik alle kennis en had ik het geloof dat bergen kan verplaatsen –
had ik de liefde niet, ik zou niets zijn.
Als ik de LIEFDE niet had...Al had ik de gave om te profeteren en doorgrondde ik alle geheimen, al bezat ik alle kennis en had ik het geloof dat bergen kan verplaatsen –
had ik de liefde niet, ik zou niets zijn.
Woorden
van de heilige PETRUS

ACHELSE KLUIS
DAAR HEB IK HEEL MOOIE HERINNERINGEN AAN ZOWEL MET DE MEDEBRROEDERS, DE GASTEN,
DE WIJDSE NATUUR, MAAR EVENZEER AAN HET AVONDGEBED IN DE KAPEL


MOEDGEVEND
OP DE VERJAARDAG VAN MIJN DOOPSEL

In de oudste lagen van mijn zielIn de oudste lagen van mijn ziel,
waar hij van stenen is gemaakt,
bloeit als een gaaf, ontkleurd fossiel
de stenen bloem van uw gelaat.
Ik kan mij niet van u bevrijden,
er bloeit niets in mijn steen dan gij.
De oude weelden zijn voorbij
maar niets kan mij meer van u scheiden.
M. Vasalis (1909–1998)
Mooi op mijn verjaardag!
EmmausEmmaus
'Heer blijf bij ons, de zon gaat onder.'
Wij boden dan het avondbrood
den vreemden man, die langs de baan
met ons was meegegaan.
En wijl hij, 't zegenend de oogen sloot,
gebeurde het: Zijn aangezicht
verklaarde in een hemelsch licht,
waarin hij plotseling verdween
Dit was het wonder.
Wij stonden weer alleen,
doch vouwden blij onz' handen.
Het was alsof Hij door ons heen verdween
en t licht in ons is blijven branden.
Blijf zoo in ons, o Heer, de zon gaat onder!
Felix Timmermans (1886-1947)
Er is iets in de dingenEr is iets in de dingen dat ontroert :
Het is de schoonheid niet der bloemen,
noch het glanzen van een blad, noch 't roepen
van de roerdomp in de nacht. Het is
daarin, maar ook daarachter en daarboven
en daaronder, dieper in de grond, die
warm en geurig is als versgebakken brood.
Het zijn de sappen die onzichtbaar blijven,
diep in de wortels en het hart waarin het
leven roert. Het zijn de klanken en geluiden
die een kind kan horen als het zijn oor
te luistren legt dicht aan de grond. Het is
het trillen van de wingerdrank wanneer uw
hand haar aanraakt, en het beven van de
kever op het blad, dat groeit en zwelt.
Het is het dons der distelbloemen en de
pijn der wonden die uw vlees doorsplijt.
Het zijn de tekenen van Gods aanwezigheid.
Pieter G. Buckinx (1903-1987)
Dank U, Vader van ons levenDank U, Vader van ons leven
en ons zozeer toegewend
dat U, eeuwig, hoog verheven,
elk van ons bij name kent.
Dank U, dank U, Heer der Heren,
dat U onze Vader bent.
Dank U, Christus, met ons lijden
en de dood zozeer begaan,
dat U ons daarvan bevrijdde
met een mensenlichaam aan.
Dank U, dank U, Jezus Christus,
broeder-God in ons bestaan.
Dank U Geest, voor alle gaven
aan ons hart en ons verstand;
die ons hoop geeft op de haven
van ons ware vaderland.
Dank U, dank U, Geest van liefde,
voor het vuur dat in ons brandt.
Michel van der Plas (1927 – 2013)
Te Deum – een lofzang voor alle tijden
U, God, loven wij.
U, Heer, prijzen wij.
U, eeuwige Vader,
eert heel de aarde.
Tot U roepen alle engelen,
tot U de hemelen en alle machten.
Tot U roepen Cherubijnen en Serafijnen,
die zonder ophouden zingen:
Heilig, heilig, heilig de Heer,
de God der hemelse machten.
Vol zijn hemel en aarde
van uw grote heerlijkheid.
U looft het roemvol koor der apostelen,
U het lofwaardig getal der profeten.
U looft de blanke stoet der martelaren,
U prijst de heilige kerk over heel de aarde:
U, Vader, onmetelijk in majesteit
U, eniggeboren Zoon, waarachtig en hoog verheven,
U, Heilige Geest, de Vertrooster.
Gij, Christus, Koning der glorie,
Gij zijt de eeuwige Zoon van de Vader.
Gij, die om de mens verlossing te brengen,
geen vrees hebt gehad voor de schoot van de Maagd.
Gij, die de prikkel van de dood hebt overwonnen
en voor de gelovigen het hemels Rijk hebt geopend.
Gij zit aan Gods rechterhand in de glorie van de Vader,
Gij zult als rechter komen, zoals wij geloven.
U dan smeken wij: kom uw dienaars te hulp,
die Gij door uw kostbaar bloed hebt gered.
Laat ons geteld worden onder uw heiligen
in de eeuwige heerlijkheid.
Red, Heer, uw volk en zegen uw erfdeel,
hoed hen en draag hen voor immer.
U willen wij prijzen, iedere dag,
uw Naam verheerlijken voor altijd.
Wees genadig, Heer,
spaar ons deze dag voor de zonde.
Ontferm U over ons, Heer,
ontferm U over ons.
Laat uw barmhartigheid neerdalen over ons,
zoals ons vertrouwen uitgaat naar U.
Op U, Heer, is onze hoop gevestigd,beschaam ons niet in eeuwigheid.

Bij Jezus op vakantie gaan"Kom, we zijn weg", zei Jezus.
En Hij voer met zijn leerlingen
het meer over
naar een eenzame plek
om daar alleen te zijn
en wat uit te rusten...
Jezus' voorstel om vakantie te nemen
is heel bescheiden.
Alsof Hij wilde zeggen:
verwacht daar ook niet alles van.
Vakantie is geen wonderrecept
dat plotseling alles herstelt en alles geneest.
Vakantie is maar een koffer,
alles hangt af van: wat stop je erin?
"Kom, we zijn weg!'
De zorgen, de drukte en de eentonigheid
van het alledaagse werk achter je laten.
Een andere plek opzoeken:
vertrouwd of onbekend,
maar altijd verfrissend splinternieuw.
Geen mierenhoop van mensen
waar iedereen weer niemand is.
Een plek
waar je de ander van ver ziet aankomen,
waar je alleen bent
en ruimte vindt om er voor elkaar te zijn
in een verhaal zonder woorden.
"Kom, we zijn weg", zegt Jezus,
"vakantie is een tijd
om ook eens dicht bij Mij te zijn."