Naar de inhoud

Geraardsbergen gaandeweg met Marleen De Smet

Geraardsbergse gedachten en gedichten
akke.beakke.be

Sofie, zingen is meer dan zingen












Sofie Vander Heyden, mezzosopraan

 



Sofie, zingen is meer dan zingen

 

 

 

Sofie Vander Heyden is mezzosopraan en benadrukt dat er een duidelijk verschil bestaat tussen een sopraan en een mezzosopraan. Een mezzosopraan zingt even hoog als een sopraan maar heeft een warmere kleur en is minder fragiel én zo is Sofie.

Sofie is gepassioneerd door opera. Voor haar is opera niet enkel acteren en zingen. Als artiest en als luisteraar kan ze er ook haar gevoelens in kwijtraken of terugvinden. Dat doet me meteen denken aan de vibraties die zowel door het woord als door muziek worden opgewekt.

 

Het zangtalent van Sofie werd ontdekt in de Geraardsbergse muziekacademie waar zij klassieke zang volgde bij Angel Geerts en Bruno Dejonghe.

Vervolgens vatte ze haar studies aan bij Zeger Vandersteene aan de Hogeschool te Gent,  Departement Muziek en dramatische kunst, waar zij het diploma “Meester in de muziek, instrument/zang, optie zang” behaalde. Ook neemt zij deel aan Masterclasses in o.a. Brugge, Parijs... Oostenrijk, Duitsland en Nederland bij Yva Barthélémi, en Zeger Vandersteene. In Nederland nam ze deel aan de opera “The death of Klinghoffer” van John Adams te Rotterdam en de opera “Der Zwerg” van Alexander Zemlinsky te Amsterdam. Zij staat op de lijst van zangers van de Vlaamse Opera en werkt momenteel als freelancerkorist bij het Vlaams Radio Koor.

 

Sofie toont met furore dat Geraardsbergen, naast bekendheden in het populaire genre, ook sterk klassiek talent bezit. En terecht mogen we trots zijn als haar prachtig galmende stem, warm van kleur, ons kippenvel bezorgt.

 

Marleen De Smet

Geschreven door Marleen De Smet om 13:18 Reageer op dit bericht

2 reacties op dit bericht

Fran18 februari 2008 om 21:32

Ha lieve Fran,

Helaas... fran, doodjammer vind ik het dat ik niet kon aanwezig zijn tijdens het concert van Sofie. Ik vernam het goede nieuws, zo ook het lof over haar talent. Ik mocht getuige zijn van haar vibraties tijdens een homeArt-tentoonstelling waar zij het beste van zich gaf tijdens een ochtendconcert ten huize kunstenaar Henri-Victor, haar vader. Geraardsbergen heeft talent dat niet enkel knipperlicht maar dat de lampen aansteekt. Fijn dat je reageerde, Fran!
Fran18 februari 2008 om 21:27

Deze reactie werd aanvankelijke geplaatst in mijn gastenboek door Fran

Ik was op het concert dat Sofie gaf en kan je zeggen : het was SUBLIEM !! Mooie klank, buitengewoon timbre ook in die hele hoge noten, een tchniek waar de meesten alleen kunnen van dromen, juistheid (Sofie zingt wat de componist schreef) Ik hoop dat ik haar binnen een paar jaren nog kan gaan beluisteren, als haar stem het hoogtepunt van volwassenheid heeft. Het was een feest! mede door de celliste en de ofiepianiste. Ik heb aan Sofie gezegd dat wij meer van dat moois willen. We wensen haar een mooie verdere zangcarrière en wachten met ongeduld op "Wagner". Maar nauurlijk eerst op de "Baby". die ongetwijfeld muzikaal zal zijn. Dag Marleen! Groetjes van Fran.
Reageer op dit bericht

Reageer op dit bericht

Een titel of je eigen website toevoegen

voorpret


173113-56364f8ddcc2e6d012e1105c5f78e5c6.jpg 


 

voorpret

 

 

Nog voor de Sint zijn hielen heeft gelicht,

Toont de Kerstman zijn gezicht…

 

De voorpret voor het feest van onze herder

Rekt men zo steeds verder…

 

Of het ons nu wel of niet pleziert

De winkels worden steeds eerder groen versierd…

 

Wanneer wij zo steeds verder gaan

Komt de Kerstman straks in zwembroek aan…

 

Dit alles moet de voorpret verhogen

Daarna heeft de commercie haar schaapjes op het droge…

 

Men bespeelt de consument

En wil van hem zijn laatste cent…

 

Zo liggen al achter de ballen en de stallen

De attributen voor het knallen…

 

En ieder jaar weer

Verknalt men steeds weer meer…

 

Zo wordt de voorpret steeds gestimuleerd

En de consument gemotiveerd…

 

Het feest te vieren naar behoren

Of er nu wel of niet een kindeke is geboren…

 

© Dirk

  

Geschreven door Marleen De Smet om 00:00 Reageer op dit bericht

Uitgebazuind...

161278-f46594df3029e6fb9208b20a36a00571.jpg 
Foto: © Gaby Desmyter

 

 

Uitgebazuind…

 

 

Uitgebazuind het licht.

Twinkelgroen tot in de poriën

Van de parelknikkers.

 

In ons novembert

Het vuurrood van zomerzaligheden

Die winterwakkerblijven.

 

Als straks ook dat licht verdrinkt

In de langste nacht

Weet dan dat ik je

Tot klaarte wezen wil.

 

© Gaby Desmyter

 

Geschreven door Marleen De Smet om 00:00 Reageer op dit bericht

De stilte van Albert Schrever is een zeldzaam kruid valt voor een tweede keer in de prijzen






(Bovenstaande foto van Albert Schrever is eigendom van fotograaf Marc Colpaert en mag dus niet zonder toelating worden gedownload. Een klik op de foto leidt naar www.editiepajot.com waar vervolgens de aankondiging van de Galmaardse dorpsdichter kan worden gelezen via de knop ‘Galmaarden’.)


 

Het gedicht "Stilte" waarmee de gemeente Galmaarden eerder dit jaar de titel "Dorpsdich­ter Galmaarden" toekende aan Albert Schrever, viel voor een tweede keer in de prijzen. Lees verder.


"De ouderen onder ons herinneren zich pater Hilarion Thans (Maastricht 1884-Lanaken 1963) als een begenadigd literator die bij menige jongeling in de eerst helft van de vorige eeuw de belangstelling voor de schone letteren deed groeien.

 

De Hilarion Thansprijs is een tweejaarlijkse wedstrijd voor poëzie die de gemeente Lanaken organiseert en die open­staat voor drie leeftijdsgroepen: jongeren tot 12 jaar, jonge­ren tot 18 jaar en volwassenen. In totaal werden 192 gedichten ingezonden uit heel Vlaanderen o.m. uit Bottelare, Brakel, Deinze, De Pin­te, Etik­hove, Gent, Heule, Kortrijk, Lotenhulle, Sint-Ni­klaas, West­kerke... Een achtkoppige jury nomineerde eerst 53 inzen­dingen waarna ze op 4 september uit elk van de drie groepen de drie laureaten aanduidde.


Toen Albert dit voorjaar het reglement van de wedstrijd op internet las besliste hij zijn gedicht "Stilte" in te zenden waarmee de gemeente Galmaarden hem eerder dit jaar de titel "Dorpsdich­ter Galmaarden" toekende.


De prijsuitreiking vond plaats dinsdagavond 28.10.08 in de welgevulde  Museumkerk van Oud-Rekem (Lanaken).

Minister Marino Keulen reikte de prijzen uit aan de volwassenen:
3. Vera De Brauwer (Etikhove),
2. Tineke Vande­broucke (Westkerke) en
1. Albert Schrever (Geraardsbergen).

Twee van de drie laureaten komen dus uit onze provincie; de derde uit West-Vlaanderen.


Onder de 53 genomineerden komen er een behoorlijk aantal (overwegend dames) uit onze provincie:
Y­erna Van Den Dries­sche (Bot­tela­re),
Lut Maes (Brakel), Martine Carrette (Deinze),
Wouter Steyaert (De Pin­te),
Erika De Sterc­ke (Gent),
Inge Schiete­catte (Gent),
Ann Langeraet (Lo­tenhul­le),
Ludo Colman (Sint-Nik­laas) en
Els Van Haute (Zwijn­drecht).


Albert werd schriftelijk op de hoogte gebracht dat hij tot de drie laureaten behoorde maar het was pas tijdens de prijsuitreiking dinsdagavond in de fraaie Museumkerk dat hij te horen kreeg dat zijn gedicht de eerste prijs haalde. Een saxofoonensemble luisterde de plechtigheid op. Gastspreker minister Keulen sprak zijn tevredenheid uit over de grote belangstelling van onze Vlaamse provinces voor de Hilarion Thanspoëziewedstrijd."

Nogmaals gefeliciteerd, Albert!



De stilte van Albert Schrever is een zeldzaam kruid

 


“Taalkundige, Albert Schrever, uit Geraardsbergen werd verkozen tot dorpsdichter van Galmaarden.


Met zijn gedicht “Stilte is een zeldzaam kruid” liet hij elf mededingende poëten achter zich. De gemeente Galmaarden verwacht van haar dorpsdichter dat hij vier gedichten per jaar schrijft over impressies die hij opdoet tijdens zijn wandeling door deze mooi glooiende plek in het "soete Brabant" die net over de grens van de provincie Oost-Vlaanderen ligt.
“ Dat meldt het weekblad van Zuid- Oost-Vlaanderen De Beiaard.

 

“Een gelegenheidsdichter ben ik,” antwoordde Albert Schrever,  nadat ik hem feliciteerde, “ik beschouw me als een poeta-faber: een dichter die echte arbeid verricht, die iets maakt, schept, creëert. Wist je dat het Griekse woord "poeiteis" (poëet) afkomstig is van het werkwoord "poein = maken". En in het Middelengels is het werk "Lament for the makaris" bekend, klacht om de maker (= de dichter)?”


Dat is straffen toebak. Het verraste mij vooral omdat ik voorheen nooit stilstond bij de afkomst of de betekenis van het woord poëet. 


Voor Albert Schrever is en blijft dichten een ambacht. Voor mij is Albert Schrever een stille, bescheiden dichter. Het gedachtegoed in zijn gedicht is het helend kruid dat door de zorgvuldig en toegankelijk gekozen woorden en met het ritme in de elegante eindrijm de lezers meteen aanspreekt.

 

De titel is origineel, zelfs prachtig. Stilte is een zeldzaam kruid als je bedenkt dat de meeste kruiden beschikken over geneeskrachtige eigenschappen.


Vanaf de beginregels neemt hij de lezer bij de lurven door een vraagstelling die tot nadenken stemt. Bestaat echte stilte (nog)? Zo ja, hoe luid is stilte? Is ze oorverdovend stil omdat je na heel wat poeha je eigen hart in je oren hoort bonzen? Of vereenzamend zwijgzaam of juist heel heilzaam? Stilte is een kruid dat voor elk individu en mits een aangepaste dosering voor opheldering zorgt in hoofd en hart en juist dat verduidelijkt Albert Schrever op een bescheiden manier in de slotregels. De allerlaatste regel is niet echt nodig, daar het enkel een herhaling is van wat in de laatste strofe wordt geschreven. Maar goed, hiermee werd een niet onbelangrijke klemtoon gelegd. En weer ben ik trots als een rots op een Geraardsbergenaar als hij.


Publicatie van Albert Schrever: “Geraardsbergen - zijn taalgebruik & taaleigen” - 2004. 

 
 

Laatst schreef ik:

 

Wat is het geluid van stilte?

 

Elk geluid ontstaan uit stilte verdwijnt er weer in

zoals bij dageraad en avondstond vanuit de verte

het geluid wegsterft van een maanblaffer, een hond.

 

© Marleen De Smet

 

 

Hieronder lees je –met toelating van Albert Schrever- zijn winnend gedicht.

 



 

Ohne Stille wäre das Leben ein Irrtum

(zonder muziek zou het leven een vergissing zijn)

naar F. Nietzsche 1844-1900

 

Stilte is een zeldzaam kruid

 

 

Al jaren stel ik me de vraag

of echte stilte wel bestaat.

En daarenboven wist ik graag:

Is daar wel iemand mee gebaat?

 

Ook zou ik willen weten

of stilte ergens hoorbaar is

en of je haar kan meten

en vatten in een beeltenis.

 

Moeten we haar slechts gaan zoeken

waar lawaai afwezig is?

Of schuilt ze in verlaten hoeken

tussen licht en duisternis?

 

Een antwoord op die vragen

kan niemand je ooit geven.

En wie dat toch wil wagen

zal zoeken... heel zijn leven.

 

Stilte is een zeldzaam kruid

dat nooit of nimmer zal vergaan.

Ze is muziek zonder geluid

en brengt zelfs rust in een orkaan.

 

Ik denk -maar kan 't bewijs niet geven-

dat stilte een sterk voedsel is

vol kracht en ook vol leven...

En daar ligt haar beteke­nis!

 

Stilte is een voedzaam kruid…

 

© Albert Schrever

Geraardsbergen - Galmaarden 21.11.07



Geschreven door Marleen De Smet om 00:00 Reageer op dit bericht

Geraardsbergse kunstenaar Rudy Baeten samen met burgemeesters tegen alle vormen van geweld


 121310-dfb137c26696c59a0a11653ec1a6e656.JPG 

 

Rudy Baeten samen met burgemeesters
tegen alle vormen van geweld

 

 

Op 23 september 2008 werd in het stadhuis van Geraardsbergen officieel een gipsafdruk van een hand, beschilderd door kunstenaar Rudy Baeten, aan burgemeester De Chou overhandigd. Deze overhandiging kadert in de actie “70 burgemeesters tegen alle vormen van geweld”. Inmiddels groeide het aantal burgemeester tot maar liefst 85.

Dit project, een idee van de Merelbeekse kunstenaar Enca Caen, wil een halt toeroepen aan het zinloos geweld waarmee we elke dag worden geconfronteerd. Alle burgemeesters die het project steunen, krijgen van Caen een hand in gips die ze vervolgens door een plaatselijke kunstenaar laten bewerken.

 

De eer viel dus te beurt aan de Geraardsbergse kunstschilder Rudy Baeten die me vervolgens uitnodigde daarover iets te schrijven. Na het observeren van het beeld puurde ik daaruit het thema ‘kindermishandeling’.

 

De bezieler, Enca Caen, wil naar de media toe echter op de achtergrond blijven. Daarom werd de internationaal gerenommeerde kunstenaar Martin Uvijn –geen onbekende voor zowel Rudy Baeten als voor mij- naar voor geschoven als ambassadeur van dit project. De eerste hand werd overigens door Martin Uvijn beschilderd voor de gemeente Merelbeke.

 

In april 2009 volgt er een grote tentoonstelling met ‘alle handen’ van de deelnemende gemeenten. Voorkomen dat de maatschappij zich niet meer druk maakt om geweld is het uitgangspunt voor het stadsbestuur van Ieper.

 

 

 

 

hoelang nog

 

 

ineengedoken

in een donkere hoek

zit een kind met armen

rond opgetrokken knieën

 

blauw

 

het wiegt zwellingen

uit de onderrug

het hoofd hamert tegen de muur

kaboem, kaboem

 

hier stopt

het afrossen en gegil

maar begint de wraakroep

stil in dezelfde koele hoek

 

huilen doet het niet

wil het niet meer

het vreest

de opgeheven hand

 

de stampende voet

die weer en meer

de wapens

trekken doet

 

steenrood

 

de val op de keldervloer

de dreunende deur

de fatale klik in het slot

het dovend licht en

 

neen, dat misselijk gevoel

van honger en haat

vergeet het niet

vergeet het nooit

 

hoelang nog

krijgt

het

geen naam

 


Geweld kwelt


 

U hebt twee handen, ik heb twee handen. Zij hebben rechten en plichten. Wat doen wij ermee?

Handen beminnen maar mishandelen evenzo en in het laatste geval groeit uit een onschuldige kinderhand een vuist, een hakbijl, een moordwapen. In sommige landen zijn kinderen geen kinderen meer, maar soldaten of wandelende bommen met de belofte dat ze de zevende hemel zullen zien. Oh jawel, ze zien het licht, maar dat is het explosieve vuur van de hel.

Andere kinderen sterven van ontbering of worden een slachtoffer in de klauwen van het prostitutienet. Er rijzen geen vragen meer rond rooddoorlopen ogen in vale gezichten. Ze kwijnen weg als straatvuil verdoken in een of andere gure buurt.

 

Er bestaat nochtans een verdrag dat handelt over de rechten van het kind. Daarin staat dat kinderen die in staat zijn hun eigen mening te vormen over zaken die hen aangaan, het recht hebben die mening te uiten zonder schrik of wantrouwen; dat elk kind recht heeft op zorg, op veiligheid en bescherming tegen uitbuiting en oorlogen. Door deel te nemen aan het project “zeventig handen voor vrede” helpt Rudy Baeten de verwaarlozing van kinderen onder de aandacht te brengen.  


Laat ons daarom samen met Rudy de bontgekleurde aardbol aan de kinderen opdat zij er minstens voor een dag mee spelen. Laat ze zorgeloos schateren ver weg van wat hen kwelt. Geef hen de kans dat te vergeten wat hen heeft geveld.
Onze handen zijn kelken waarin vingers als bloemblaadjes openbloeien. De strijd tegen elke vorm van geweld strijkt neer in onze handpalmen.

 

Wat doen wij ermee? Waarvoor beweegt een kinderhand zich?

 

De eerste hulpkreet viel al lang geleden maar het laatste wordt pas gehoord als het lijfje reeds is gebroken door de innerlijke schreeuw.

Die schreeuw moeten wij een stapje voor zijn. Dan hebben we een punt waarna een nieuwe zin begint: de zingeving aan de roep van een kind dat zich nu in de hemel bevindt.

 

MarLeen De Smet

Geschreven door Marleen De Smet om 00:00 1 reactie Reageer op dit bericht

De eerste de beste

 


137187-78ed2feb3389a103f1ed452f605be018.jpg 


 


 

De eerste de beste


 

 

Twee verliefde lievelingen

Van heel veel

Van zeer veel

Dievelingse genietingen

Twee verliefde zielen

Van heel veel

Van zeer veel

Schielijke genietingen

Lichtjes gestolen

Ook wat verholen

Lichtjes in d'ogen

Schijnen schitterend

Blinken glitterend

Stralen strelend

Strelen stralend

Haast helend

Herhalend verhalend

Wat geweest was

Niet min maar minnend

En

Veel te vroeg vervaagd

En

Veel te vaak belaagd

Door verleden leven

Door geleden leed

Door wreed geleden leed

Door wreed verleden leed

Door vreemd geleden leed

 

    ....en nu....

 

De cirkel rond

Onze cirkel rond

Onze ronde cirkel rond

Doe 't de wereld kond

Hecht en heel die wond

 

De eerste en de beste

De eerste de beste

Mijn eerste de beste

Mijn eerste mijn beste

Mijn onvoltooide symfonie

Mijn allermooiste melodie

Mijn mooi getooide minne

Mijn minzame minne

Mijn mijmer

Mijn muze

Mijn orchidee

In mijn melopee

 

 

© Wim Paul De Clercq


  

Geschreven door Marleen De Smet om 00:00 Reageer op dit bericht

herfst


136802-8bdebab9aba0801e489c85fc5759e3e5.jpg

 


herfst

 

 

vliegjes zwermen in

een windballade een luchtballet,

ik strek de armen, hef een hiel

en wentel in cirkels

van een pirouette

 

lage zon legt koperlagen

in kruinen, ik krijg vleugels

en in het wieken camoufleert

het volleerde goud

het grijs van de dagen

 

het spreekt voor zich

herfst legt niets uit

als zomer napraat

hij schakeert onkruid

tot stoepbloemen van de straat

 

© Marleen De Smet

 

Geschreven door Marleen De Smet om 00:00 Reageer op dit bericht

Dirk spreekt voor zich...


112634-56364f8ddcc2e6d012e1105c5f78e5c6.jpg  


 

Ik voel me goed

 

 

Mens ik leef,

Ik huppel en spring door de dag

Mijn ogen twinkelen

Een glimlach…

Ik steek het tranendal over

Ik zit vol vertrouwen

Laat verdriet achter me liggen

Ik kan liefhebben en houen…

 

De zon breekt elke dag door

Elke wolk heeft een gouden rand

Koester elke goede herinnering

Neem me vast, geef me een hand…

 

Hier sta ik op dit kleine stukje aarde

kijk naar de sterren, doe een wens

adem de lucht van de woeste zee

ik ben een gelukkig mens…

 

© Dirk

 

Geschreven door Marleen De Smet om 00:00 Reageer op dit bericht

Zoete zomerzoen


112627-5a6a207721d0ecb994f0ec37e286c816.JPG 
 

 

Zoete zomerzoen

 

 

Eilanden weilanden

Oneindige einder

Eindeloze droom

Tomeloze droom

Koude zee

Zilte zee

Zoute zee

 

Samen zinken     in de zilte zee

Samen zinken     in de kille zee

Samen zinken     in de kilte van de zilte zee

Samen zinken     in de wilde kilte van de zilte zee

Samen zinken     in de koelte van de zoute zee

Samen zinken     in de koelte van de koude zee

Samen zinken     in de zoete koelte van de zoute zee

 

Wandelen wil ik        met jou

Dwalen wil ik            met jou

Dwandelen wil ik       met jou

 

Op het strand

    Op het natte strand

        Op het natte zand

            Op het zanderig strand

 

Terug wil ik ons herrijzen uit die ijzige wijzige zee

 

De zee

            De zon

                        Isis en Osiris

 

't Strand als zand ademt de zee in

't Zand als strand ademt de zee uit

 

 

© Wim Paul De Clercq

 

Geschreven door Marleen De Smet om 00:00 Reageer op dit bericht

De Onkerzeelse kerkhofmuur



106593-f38161ad829a754d1e5b242c25a2957a.jpg

(rij vooraan, van links naar rechts
: voorzitter Daniël De Ron en de winnaars
Mireille Berkenbosch, vertegenwoordiger van Christiane Desitter en Arlette Delvoy)




De Onkerzeelse kerkhofmuur

 

drie nieuwe gedichten sieren de kerkhofmuur van de Geraardsbergse deelgemeente Onkerzele

 

 

“De beroemde dichter Johann Wolfgang von Goethe zal nooit hebben geweten dat één van zijn gedichten ooit op de kerkhofmuur van Onkerzele zou prijken. Veel minder nog dat hij enkele jaren later daar het gezelschap zou krijgen van drie Oost-Vlaamse dichters,” schrijft Daniël De Ron (voorzitter van de Onkerzeelse kerkraad) in het voorwoord van de verzamelbundel van de deelnemende dichters. En hij gaat verder:

 

“Toen de kerkraad Sint-Martinus Onkerzele twee jaar geleden een gedichtenwedstrijd uitschreef, hadden wij geen flauw vermoeden hoeveel respons we zouden mogen verwachten. Groot was onze verbazing én tevredenheid dat we héél wat inzendingen mochten ontvangen.

 

De jurering was niet eenvoudig. De kerkraad liet zich daarom bijstaan door enkele mensen die zich beter thuis voelden in poëzie en Nederlandse taal. Uit hun selectie kozen we dan de drie gedichten die nauw verbonden waren met de onmiddellijke omgeving.”

 

De winnaars:

 

Christiane Desitter met “Rust”

Arlette Delvoy met “Stilte”

Mireille Berkenbosch met “Ode aan de lindebloom”.

 


Het is helaas niet mogelijk de gedichten zonder de toelating van de kerkfabriek op de blog te publiceren.

MarLeen

 

 

Geschreven door Marleen De Smet om 00:00 Reageer op dit bericht

Urbain De Gelas schrijft zoals hij spreekt


87782-0ac71e1d59beb1ee3b60b825a798f501.jpg


In de schaduw van het dikke lover

van struiken en bomen

zitten de vogels over de voorbije

winter na te dromen.

 

 

 

Urbain De Gelas schrijft zoals hij spreekt

 

 

 

Urbain mag dan voor velen een onbekende zijn, voor mij is hij dat helemaal niet. 17 was ik toen ik voor het eerst de rustige man ontmoette. In zijn meubelzaak, die hij destijds runde aan de kerk te Deftinge, was iedereen welkom. Hij ontving je met een lach en bood je een pintje of een koffie aan.

 

Inmiddels verhuisde Urbain naar Geraardsbergen. Hij praat traag en graag en filosofeert. Geen mens die hem niet begrijpt. Hij geniet van elk moment en nog liefst van grappen en grollen. Nooit kon ik vermoeden dat achter zijn fruitige humor een portie dichterlijke ernst verscholen lag.

 

Urbain geniet van wat hij schrijft. Neen, voor hem geen hoogdravende woorden noch het forceren van gedachten. Hij blijft zijn eenvoud trouw en schrijft zoals hij het je zou willen vertellen. Zo ook zijn streektaal. Let op de Vlaamse ‘ge’.

 

‘Urbain, ge zij ne crack, ‘k wiste kik nie da ge zo veelzijdig waart. En ’t is waar: wie weinig spreekt, zal ni zeveren. Een onuitgesproken woord draagt sowieso de kracht van een veelzeggende blik.’ 

 

 

De zon

 

 

’s Morgens als ge ontwaakt,

straalt de zon al door het raam.

Ze is al begonnen aan haar dagtaak,

ze doet gras en korenvelden groeien

en laat de rozen bloeien.

In de schaduw van het dikke lover

van struiken en bomen

zitten de vogels over de voorbije

winter na te dromen.

De fazant met haar kroost

zoekt miereneitjes aan de rand van het bos,

met een oog uitkijkend naar de vos.

Tegen de avond wordt de zon weer moe

en doet zoals de mens haar oogjes toe.

 

© Urbain De Gelas

Geschreven door Marleen De Smet om 00:00 Reageer op dit bericht

herinneringen tussen de oevers


76517-704f013d4462fdaf128e380d5ec876b5.jpg


herinneringen tussen de oevers

 

 

daar waar mijn herinneringen drijven

in kleine beken door mijn dorp

daar ging ik vroeger vissen

naar avontuur en rust

 

tussen beddingen met fluisterende populieren

hollen de jaren de oevers uit

en breed monden ze uit

in stromen vol verhalen

 

maar soms staan ze droog

en ziet men nog juist graten

wachtend naast dikkoppen

tot sluizen openen

 

niet wetend of ik halverwege ben

turend naar vroeger

waar het verleden nog helder stroomde

golvend rimpelend tot vandaag

 

© chauffeurke

Geschreven door Marleen De Smet om 22:04 Reageer op dit bericht

Freya's haren & Wim Paul De Clercq


74684-5a6a207721d0ecb994f0ec37e286c816.JPG

…

stille stad en natte nacht

Freya’s haren oh zo zacht.

…

 

© Wim Paul De Clercq

 


 

Freya’s haren…

 

 


“Adembenemende verschijning” titelt De Beiaard, het weekblad van Zuid-Oost-Vlaanderen.

 

“Jaren geleden kwam ik terug van een voorstelling in ’t stad,” mailde Wim mij.

“Het was winter, februari, koud en regenachtig. Ik was helemaal alleen, keerde huiswaarts doorheen de binnenstad. Ik was een verkleumd, een beetje eenzaam, een beetje overmand door dichterlijke tristesse tot van achter de straathoek plotseling een adembenemend verrukkelijke verschijning opdook. Een jonge dame met lange blonde haren: een magisch moment. Onze passen vertraagden en stil en traag kruisten onze wegen en heel even was er dat moment van intens en veelzeggend oogcontact. Heel even stonden we stil: geen woord werd gewisseld, geen daad gesteld. We vervolgden beide onze wegen.”

 

Thuis gekomen vatte Wim dit unieke, magische moment in volgende woorden:

 

 

kilte stapte stilte stad

tred betrapte trieste straat

stille stad en natte nacht

en doelloos lopen

want niemand op mij wacht

 

Freya’s haren oh zo zacht

bevangt mijn hart en onverwacht

zingt de wind en lacht de nacht

 

© Wim Paul De Clercq

 



 

Beste vriend Wim,
 
Tijdens een intens moment van schijnbare verlatenheid ontmoet poëzie haar zielsgenoten. Of is het: krijgt poëzie een ziel?

Freya was een vreemde en blijft een vreemd. Poëzie is vreemd en blijft vreemd. Freya werd poëzie.

 

Het gedicht is ritmisch en zingt door de alliteraties ‘kilte, stilte/tred, trieste straat, enz..., hoor de 'i' en de 't'.

 

Ik zou het op prijs stellen als je hierop reacties zou ontvangen. Ik werp een stok in het hoenderhok door me te wagen aan een pietluttige opmerking waardoor je gedicht geenszins aan kracht zal inboeten. In de eindregel van de eerste strofe wringt het ietwat: “want niemand op mij wacht”. Ik zou opteren voor:

want niemand die op mij wacht

 

of

 

want niemand wachtte op mij.

 

In het laatste geval blijft je eerste strofe in de verleden tijd (flashback) wat m.i. prima is.

 

De twee strofe mag heerlijk in de tegenwoordige tijd want die gedachte blijft hangen in het nu.


Vergeef me de opmerking. Wees verrast dat ik het doe want dat betekent dat ik hét de moeite waard is. Jij begrijpt het wel.


Mijn felicitaties, Wim!

 

MarLeen

Geschreven door Marleen De Smet om 08:25 2 reacties Reageer op dit bericht

Arlette Vanderstocken: letters werken als een magneet...


69435-796b8c8ba291a8aa34ad7d46311bfb8c.jpg



Arlette & dochter Jolien

 

 

 

Fragmenten uit

 

De kunst van het woord

 


Frons tussen de ogen

schrijft hij over wat hem beroert,

bezielt, raakt, ontroert,

hem kwelt,

liefde en geweld.

 

Het vlot bijwijlen

soms met kunst en vliegwerk,

zoeken naar het juiste woord

want kunst gaat om brood,

met beeldspraak,

zijn geesteskind geboren.

 

© Arlette Vanderstocken

 

 

 

Arlette Vanderstocken

 


Arlette Vanderstocken werd geboren op 22 november 1960 en groeide op in Moerbeke. De lagere school volgde ze in het  Sint-Catharinacollege dat toen nog naast het MPI te Viane gevestigd was. Daarna vertrok ze op internaat naar het Sint-Vincentiusinstituut te Deftinge, waar ze haar Sociaal-technisch diploma behaalde.

 

“Nederlands is altijd mijn beste vak geweest,” zegt ze, “en tijdens mijn jeugdjaren heb ik veel gelezen.Toen ik las vergat ik alles om mij heen. Op internaat werden de lichten  om 22 uur gedoofd maar ik las dikwijls tot middernacht met zaklamp onder de lakens opdat de zusters niets zouden merken. Het gevolg was dat ik ’s ochtends hoofdpijn had.”

 

Toen Arlette bijna 20 jaar was ontmoette ze haar man Stefaan. 5 jaar later werd haar zoon Jeroen geboren en 6 jaar later haar dochter Jolien. Gedurende 25 jaar woonde ze in Viane tot ze 2006 verhuisde naar mijn oude roots, Moerbeke.

 

Eind 2005 werd echter haar dochter zwaar ziek. Haar leven hing aan een zijden draad. Meer dan een jaar waren ze dag en nacht samen en kregen een hechte band. Nu gaat het gelukkig beter met haar en is zij fier op haar 2 kinderen die zich ontplooiden tot sociale en meevoelende jonge mensen.

 

Na de ziekte van Jolien schreef Arlette een gedicht en ging beseffen dat schrijven therapeutisch werkte. Door toedoen van een goede vriendin nam ze deel aan de poëzievoordracht op het werk en nam ook deel aan de gedichtendag georganiseerd 2008 in Geraardsbergen. Zo is de bal gaan rollen en kreeg ze de microbe stevig te pakken. Het werkte aanstekelijk want ook haar dochter kreeg de smaak te pakken.

 

Letters werken als een magneet. Tijd om haar te vervelen is er dus niet, temeer ze na de ziekte van haar dochter besefte dat het leven niet uit werken alleen bestaat. Ze leerde genieten van de kleine dingen die het leven zo mooi maken en hun bestemming vinden op papier.

 

 

Lava

 

 

Het borrelt in mij.

Rusteloosheid verstoort mijn slaap.

Boosheid, angst,

zitten aan mijn ziel

te knagen.

 

Lava vloeit tergend langzaam

door mijn aderen,

hitte verschroeit mijn ziel,

rook beneemt mij de adem.

 

Ik stik.

Vecht tegen de lavastroom

die mij verplettert.

De hitte wordt ondraaglijk.

 

Uitgebarste vulkaan.

 

Emoties exploderen,

gevoelens slaan op hol,

tranen banen zich een weg

over mijn wangen.

 

Gebluste brand,

ogen roodomrand,

door zilt doordrongen,

tranendal bedwongen

 

Bevrijding,

afgeblazen stoom.

Het is als een droom.

De opstand is gesmoord.

 

© Arlette Vanderstocken

Geschreven door Marleen De Smet om 00:00 Reageer op dit bericht

Ontmoeting

 


65663-56364f8ddcc2e6d012e1105c5f78e5c6.jpg 


Ontmoeting

 

 

Waar zielen elkaar ontmoeten

Is waar bergen uit de grond rijzen

Is waar zeeën het land strelen

Is waar de avondzon staat te kijken…

 

Voor eeuwig raken ze verwikkeld

Verstrengeld in elkaar

Een deel van ieder ander…

 

Waar zielen elkaar ontmoeten

Is waar leven begint…

 

© Dirk

 

Geschreven door Marleen De Smet om 00:00 Reageer op dit bericht

Twee Geraardsbergenaars worden Meesterdichters van de Lage Landen bij de zee



... voor even alle bescheidenheid laten varen...

MarLeen


58005-dec0d65c3ec2e4b8c0acf7509539a22a.jpg 

Dichter/schrijver en voorzitter '50 Meesterdichters...' Thierry Deleu.
http://www.geletterdemens.blogspot.com 
 


De 50 Meesterdichters van de Lage Landen
bij de zee

onder het voorzitterschap van Thierry Deleu

Zandzeggelaan 18-102

B-8670 Oostduinkerke (België)

GSM: 0478/745498

E-mail: thierry.deleu@skynet.be

 



Toch even een overzicht



Aanvankelijk

 

“De 50 Meesterdichters van Vlaanderen” werd gesticht begin 2000 op initiatief van “The Order of the Razorblades” (“De Orde van de Scheermesjes”), de eerste online ridderorde in Vlaanderen en Nederland. Het idee kwam van enkele “geridderde” dichters.

Het initiatief beantwoordt aan de wens van talrijke dichters, die de essentiële waarden van hun creativiteit willen veilig stellen: de kwaliteit van hun gedichten, het respect voor elkaar en een welkome promotie van hun poëzie.

 

Nu

 

Toen echter ook dichters uit Nederland belangstelling toonden voor het initiatief, werden er gesprekken gevoerd over de wenselijkheid van een uitbreiding tot “de Lage Landen bij de zee”. Na overleg werd deze optie genomen.

 

“De 50 Meesterdichters van de Lage Landen bij de zee” werd een feit.

 

 

Wie zijn zij en wat zijn de modaliteiten

 

Het aantal werkende leden “Meesterdichters” werd vastgesteld op maximum 50 leden.

Het zijn (in alfabetische volgorde en niet volgens de datum van hun selectie waarvan twee Geraardsbergenaars in vetgedrukte tekst):

 

Marcella Baete

Bert Bevers

John Brookhouse

Marc Bungeneers

Gunnar Callebaut

Martin Carrette

Greta Casier

Frans Claus

Jeannine Debbaut

Frans de Birk

Lidy De Brouwer

Pierre Declerck

Leni De Goeyse

Jenny Dejager

Marleen De Smet

Thierry Deleu

Luc Demiddele

Ferre Denis

Gwen Deprez

Astrid Dewancker

Germain Droogenbroodt

Fernand Florizoone

Ludo Geloen

Hejatomsma

Patricia Lasoen

Paul van Leeuwenkamp

Frédéric Leroy

Cathy Mara

Mark Meekers

Peter Motte

Edith Oeyen

Ruud Poppelaars

Eric Rosseel

Annmarie Sauer

Maurits Sterkenburg

Pien Storm van Leeuwen

Ina Stabergh

Annemieke Steenbergen

Jet van Swieten

Henri Thijs

Annette van den Bosch

Guy Vandendriessche

Yerna Van Den Driessche

Eric Vandenwyngaerden

Jozef Vandromme

Jan Van Loy

Dirk Vekemans

Katelijn Vijncke

Pom Wolff

Peter Wullen

 

Om tot “Meesterdichter” te kunnen worden benoemd dient er onherroepelijk een periode als “solliciterende Meesterdichter” te worden doorgemaakt. Die periode omhelst één jaar.

De titel van “solliciterende Meesterdichter” wordt verleend aan dichters die minstens drie gedichten hebben gepubliceerd in een tijdschrift/e-zine of bloemlezing, ofwel gelauwerd of geprijsd werden in de Lage Landen.

“Razor’s Edge Editions” stelt een jaarboek in het vooruitzicht, met als ondertitel “De 50 Meesterdichters van de Lage Landen bij de zee”. Vermits de “solliciterende Meesterdichters” pas en precies na één jaar “Meesterdichter” worden (de proefperiode), kan die bundel ten vroegste één jaar na de geselecteerde 50ste “solliciterende Meesterdichter” verschijnen.

 

 

Wij zijn zo ver!

 

 

INTERNATIONAAL NEDERLANDSTALIG DICHTERSGENOOTSCHAP

DE 50 MEESTERDICHTERS VAN DE LAGE LANDEN BIJ DE ZEE

 

STELT HET EERSTE JAARBOEK VOOR

 

HOE DE DICHTER ZICH EEN WEG GESELT TEGEN WIND


op woensdag 3 december 2008, om 16.30 u., in de raadzaal van het

 

Waar en wanneer:


Gemeentehuis van Koksijde

Zeelaan 303

8670 Koksijde

 

Programma:

 

16.30 u.  Verwelkoming door burgemeester Marc Vanden Bussche

16.45 u.  Voordracht gedichten door Ilse Chamon, woordkunstenares

17.20 u.  Kort referaat over “De kleine auteur in de grote wereld van de (Nederlandstalige) literatuur” door Thierry Deleu, auteur

17.45 u. Overhandiging van de jaarboeken + receptie aangeboden door het gemeentebestuur van Koksijde.

Geschreven door Marleen De Smet om 00:00 Reageer op dit bericht

Albert Schrever galmt een woord



51187-a1cc31fdc41db4158098bb3fcb33cc19.JPG

Albert Schrever

 


 

Albert Schrever galmt een woord


Galmaardse dorpsdichter



Toen ik op Pinkstermaandag op de radio hoorde dat de Sint-Pie­terskerk de voorbije nacht volledig in de vlammen was opge­gaan was ik er, zonder het goed te beseffen, een gedicht over aan 't schrijven.

Als dorpsdichter voel ik me nauw betrokken met wat in Galmaarden gebeurt en, uit onweerstaanbare drang, moest ik het drama verwoorden.


 

51187-1f265a8f6f1ec7dae15ec94ceb404568.jpg

(Bovenstaande foto is eigendom van fotograaf Marc Colpaert.)



 

Het Inferno van de Sint-Pieterskerk

 

 

Pinkstermaandag werd een zwarte dag

voor Galmaarden en zijn kerk.

Het vuur had echt voor niets ontzag

en verslond genadeloos dit mensenwerk.

 

Zevenhonderd jaar belangloos werk

verdween in minder dan twee uur.

Enkel de buitenmuren bleven sterk:

de rest verschroeide in het vuur.

 

Orgel, meubels en altaren

verdwenen in de vlammenzee.

De brand was echt niet te bedaren:

hij sleurde zelfs de klokken mee.

 

Hoeveel geslachten vierden in dit gebouw

de pieken in hun kerks bestaan:

van doopsel, communie en trouw

tot ze er uit dit leven zijn gegaan?

 

De relieken van het Heilig Kruis

al eeuwen in de kerk bewaard

trotseerden er het hels gedruis

en werden uit de brand gespaard.

 

Zal de kerk weer uit haar as herrijzen

in haar schoonheid van weleer?

Dan zullen we de Hemel prijzen

in een lofzang tot de Heer!

 

© Albert Schrever

Geschreven door Marleen De Smet om 00:00 Reageer op dit bericht

Zintuiglijk avontuur


50384-043ad44908ab9a268c2525b93ac4c16f.jpg 




Zintuiglijk avontuur



Samengepakt in rechtover elkaar staande duozitjes worden de reizigers door de verzengende hitte gespoord. Er hangt een broeierige hitte in de wagon waardoor de tocht beslist niet zonder bezwaren verloopt. En toch lijken de passagiers windstille levens beschoren. De trein zwiept pijlsnel door het Vlaamse landschap waar verschroeide graskanten als een bruin lint voorbijglijden. Een onweerstaanbare neiging naar het scheppen van een luchtje onder de blauwe hemel voert me naar exotische oorden. Maar twijgentakken met daarin het hinderlijk spelend licht brengen me terug naar waar ik me bevind.

 

Door het monotoon maar vertrouwd cadansen over de rails gapen enkele slaperigen als koeien naar elkaar. Mijn overbuur naast het raam -een boom van een vent- doch ietwat te kort afgezaagd, is inmiddels ingeslapen. Het zweet parelt langs zijn neus in zijn snor en kwijl sijpelt in zijn baard die als een sjaaltje om een laagje halsvet ligt. Met gekruiste armen zakt hij onderdoor. Naast hem zit een lezende dame, blootsbeens met melkwitte borsten. Na elke bladzijde die zij omslaat, wipneust zij haar afzakkend kettingbrilletje op de juiste plaats. Ik slaap niet, ik lees niet, maar observeer en noteer alles wat zich rondom mij afspeelt met een innerlijke wanhoopskreet een passend woord te vinden. Een briesje door het halfopen venstertje hindert een donkerharige furie met een middelvinger. Uitgebroed op de zonnebank verzoekt zij met een spervuur van woorden het venster te sluiten. Een sirene op poten zo lijkt het mij.

“Rails worden stevig door de dwarsliggers,” mompel ik naar de lezende dame, terwijl ze bedenkelijk in mijn richting staart.


Snerpend ritsen de wagons door de wissels. Mijn overbuur ontwaakt en met een oogopslag als van een roofdier loenst hij naar mijn boezem. Hij rekt zich, buigt voorover en leunt op het tafeltje dat ons scheidt. Ongeremd probeert hij mijn geschrift ondersteboven te lezen. Geraffineerd trek ik mijn bloesje wat hoger en schrijf verder: “hij moest eens weten… de gluiperd geeuwt luidruchtig. Zijn opengesperde bek blaast een zilte zeelucht in mijn gezicht. Help, het venster is dicht!”

 

Als hij tenslotte houterig rechtveert, merk ik dat zijn buik zich een weg naar buiten vreet. Luttele seconden later stopt de trein bruusk en met heel zijn reutemeteut wordt de overbuur weer in zijn hoek geworpen. De lezende dame wipt een standje hoger en knipoogt. Hij verontschuldigt zich niet als hij de trein verlaat, maar bromt binnensmonds in de overtuiging dat mijn oren alleen maar mijn gezicht omlijsten.

 

Het geschal van een binnenrijdende trein aan de andere kant van het perron boort door de lucht en trekt mijn aandacht. Ik kijk naar buiten. De lichtsterkte drukt mijn ogen dicht en turend schuift mijn blik over het perron dat door drommen mensen een benepen sfeer uitademt. In de hoop door een toeval of een verdwaalde passant te worden geïnspireerd, kijk ik roerloos door het venster in de tegenoverstaande trein. Ik observeer weer en het peinsparcours begint.

 

Ogen priemen op mijn voorhoofd, ik voel me bekeken. Een man aan het venster? Of is het een vrouw? Ik geef me het voordeel van de twijfel en kies voor haar.

Ik knipper met mijn ogen. Zij lijkt wel versteend, een standbeeld, gesculpteerd met strakke lijnen, haast vormeloos. Ik blijf star in haar richting kijken. Zij verpinkt niet, ik evenmin. Haar hand ondersteunt onmiskenbaar haar zware hoofd. Waaraan denkt zij?

 

Aan de overkant van het perron ziet ook zij een gedaante als een beeldhouwwerk zonder contouren. Zij staart strak naar de trein aan de overkant. Zij beweegt niet, de andere evenmin. Haar hand torst duidelijk de hele aardbol. Waaraan denkt zij dan?

 

Behoedzaam etaleer ik mijn pen op het tafeltje en vraag me af of zij een schim is. Misschien is zij een creatie van de zakkende zon. Zal ik toetsen naar een teken van leven, stiekem mijn wijsvinger opsteken of toch maar een paar vingers bewegen, een handzwaai? Nee, niet doen. Zoiets doe je niet naar een onbekende. Wat als zij dan toch een schim is, wat dan? Ik schuif mijn terughoudendheid aan de kant en maak toch maar een hoekig gebaar, terzelfdertijd doet de vrouw dat ook. Onverschrokken recht ik mijn rug, mijn houding staat niet in verhouding met wat ik wil bereiken. Mijn gebaar is zo doorzichtig dat de drang naar dominantie er zo doorheen schijnt. Ik vertrek geen spier meer. Zou zij aan de overkant er ook zo over denken?

 

Het heeft er alle schijn van dat ook zij met haar schaamteloosheid koketteert. Pfff, ja ze wuift en dan! Voor de rest beweegt ze geen krimp. Het is haar aan te zien, met een blik vol onbestemde zorgelijkheid, een beetje zoals je iemand aankijkt die na een lange periode van rouw of ziekte weer in het openbaar verschijnt. Wat wil zij? Ik zou ik niet zijn, ik wuif terug.

  

Ik trotseer haar blik, vragend, vrezend, verzoekend en grinnik als antwoord op haar gebaar. Zij grinnikt ook. Zijn wij gelijkgestemden? Is een treinreis dan toch een beetje avontuur? In een voortdurende stroom van waarnemingen wacht ik in alle rust op wat komen gaat.

 

De trein ontkoppelt en verplaatst zich een meter. Door de schaduw die er overheen glijdt, valt het doek. Het verblindend zonlicht verdwijnt, de vrouw verschijnt. Ik buig me naar haar toe met een uitdrukking van inzicht, mijn neus platgedrukt tegen het venster. Zij doet mij na! Het is geen zicht. Wij kijken elkaar aan, schieten tegelijk in een lach, schrikken samen en plots… niets meer. Het niet meer bewegen, de stilstand…, iets flitst door mij heen en zoals in een ogenblik van verheldering besef ik dat ik naar mezelf keek als naar een protserig monument dat telkens werd teruggeworpen in een weerspiegeling van vensters, niet meer en niet minder dan dat.

 

© Marleen De Smet

Geschreven door Marleen De Smet om 00:00 4 reacties Reageer op dit bericht

Ann in lichterlaaie...


44029-ecc278167edd858f7da20b7f574291e5.JPG

Anneke, ik fotografeerde je stiekem...



licht

 

zo dichtbij

niet te vangen

ernaar zoeken

 

in de ogen is de schijn

 

plots bij nacht

de donkerste rit

van het bestaan

 

een vloed als room

zacht als perzik

niets meer voelen

zwemmen in wit water

als tijd heelt en licht vergeet

begint alles weer

 

© Ann Dhaenens

 

 

 

Ann in lichterlaaie

 

 

Als er een goed- of luidlachs dametje is waarvan ik denk: zij weet wat ze wilt, dan heb ik het over Ann Dhaenens.

 

Jaren terug leerde ik Ann kennen… en nu moet ik flink nadenken… tijdens een kunstenaarsvergadering van Home Art. Daarna deelden we een tijdje dezelfde trein in dezelfde wagon met bovendien de gedeelde rust. Zij oogt vriendelijk, spontaan, mooi ontspannen, toegankelijk en is ruimdenkend in de breedste betekenis van het woord.

 

Waarom ik haar bewonder? Omdat zij het gevoel geeft dat je rustig jezelf mag zijn. Maar niet alleen dat. Er is meer, zij heeft het hart op de juiste plaats en betuigt openlijk haar liefde voor mens, dier en kunst. Zij is een expressieve kunstenares in hart en nieren. Haar ideeën sprankelen en krijgen een plaatsje in haar ietwat excentrieke schilderijen of tekeningen die ze heel af en toe illustreert met gedichtjes van eigen hand. 
 

Ann werd geboren op 17 mei 1963 te Beernem. Het was in 1986 dat ze zich vestigde in Geraardsbergen om uiteindelijk te verhuizen naar Lierde… naar juist die straat die ik jaren terug verliet maar levenslang meedraag, naar juist dat huis waar ik als kind speelde met de kinderen des huizes. Haar atelier dat het imago van Ann en haar echtgenoot Geert uitstraalt in het landelijke Lierde is het verlengde van… haarzelf.

 

Zin in een bezoekje aan haar atelier (doe eerst een belleke of mailtje) of haar website?

 

Opstaldries 39

9572 Sint-Martens-Lierde

Tel.: 055/42.34.13

GSM: 0496/230.847

ann.dhaenens@skynet.be

www.anndhaenens.info

 



 

den Oudenberg en de Dender

 

 

blub blub

zegt de vis.

blub blub

doet de Dender

in november en december.

  

huizen in en aan het meer

in november en december

aan de Dender.

 

in de lucht

zweven

’s zomers

warme velden

stille wind

gezoef, geritsel,

alleen buiten,

droge geluiden

op de flank

van een reus.

 

’s winters nat

in het dal

kil en koud

als de dood!

rap weer droog

tot de grond

voor ons oog

scheurt en droogt!

 

’s winters, ’s zomers

in het dal

van de Dender

bovenal!

 

© Ann Dhaenens

 

Geschreven door Marleen De Smet om 00:00 Reageer op dit bericht

applaus (met dank aan Steven en Ben)

 21969-809bfb59c365aed2eb8c0f439020be04.JPG

© Ben Lanoot

 

 


applaus

 

 

Half mei vroeg Steven De Schuiteneer, webmeester van Spoorvreter (reizigersverhalen tussen Geraardsbergen en Antwerpen ), of ik een gedicht wilde schrijven bij een foto van Ben Lanoot.

Beeld en woord zijn soms onlosmakelijk met elkaar verbonden en zijn te vergelijken met een stomende relatie. Maar deze keer werd het een kunstzinnige driehoeksverhouding die omwille van de samenwerking een ‘U’ verdient.

 

De twee mannen werden deels getuige van hoe een gedicht ontstaat. Ik maakte een uitzondering en betrok hen vanaf de ruwe schets tot op het moment dat ik het spoorvaardig vond.

 

De dag nadat ik het gedicht aan beide treinfanaten bezorgde, ontmoette ik Steven aan het station van Geraardsbergen. Het was een aangenaam treffen waarbij we in een paar minuten heel wat wilden vertellen. Dacht Steven dat wat Ben me mailde? Ik citeer:

 

‘Een teken dat je toch een beetje gebeten bent door de diepwortelende spoorwegmicrobe waartegen geen enkel antibioticum helpt, of is het de onmetelijk grote drang om die oude dampende zuchtende kolenverslindende vuurvreter in die o zo rustige omgeving in een paar zinnen te verstenen? De woordcombinatie loco-motief is origineel.
Je speelt meer in op de loc zelf en de hieraangekoppelde capaciteiten:  sterk, betrouwbaar.

Bovendien vergeet je het menselijke aspect niet: één met de machinist, om zo een echte levensnoodzakelijke symbiose te bereiken, nuttig voor het spoorwegvervoer. Geen menselijke handelingen vormen deze machine om tot een roestige waterketel zonder macht.’

 

Ik zuchtte toen ik dat las en dacht: ‘Wat schrijft die man prachtig en hoe sterk weet hij een gedicht te ontleden!’

 

Ik citeer verder:

 

‘Applaus heeft een sterk functionele realistische inhoud meegekregen overgoten met een flinke scheut vertedering (vogels die applaudiseren; de bomen die wuiven etc.), wat erin
gaat als een vers broodje met ambachtelijke hesp. Let wel, een plat overgeromantiseerd gedicht à la 'o zalige stoomloc, koningin der machines badende in uw heilig vuur dwepend met rijtuigen op een goudkleurige avond in een met rozengeur gevulde lucht' wordt bij mij direct van de rails geduwd en ontdaan van zijn wielen!

Stoerheid: ik ben wie ik WAS maakt het gedicht krachtig en geen rozenblaadje.Het hoort wel bij zo een stoomloc.’

 

Dank je wel, Ben en Steven!

 

Bekijk alvast de site van Ben Lanoot en Steven De Schuiteneer (http://spoorwegknooppuntfgra.be)


En nu de rails op.

 

applaus

 


raspend roest de prikkeldraad

in contrast de gladde vaart

van het glimmend groen

neen, niet het groen van de bomen

de bomen, zij reiken elkaar

de takken om de terugkeer,

het weerzien, het weleer

 

gebeiteld in het beeld

schalt de loco zijn motief

ik-ben-wie-ik-was

nooit van het spoor afgeweken

in beweging onherroepelijk

geliefd en wezenlijk

 

en als stro vat het stalen ros

vuur in de strijd tegen tijd

geen aarzeling die zich

een moment van zwakte toemeet

slechts rookpluimen rangeren

in de verte het zwoegzweet

 

van de machinist ’s nachts slipslapend

in de bedding van het spoor

hij labeurt overdag met lijf half ontbloot

het niet ontkomen aan de volharding

van de ijzeren weg

 

hoor hoe snelheid boort

door de geluidsmuur van stoom

hoor hoe elke vogel applaudisseert

hoog aan de hemelboog

 

© Marleen De Smet

 

Geschreven door Marleen De Smet om 00:00 Reageer op dit bericht

Meer van Geraardsbergen gaandeweg met Marleen De Smet

↑ Terug naar de berichten